zoek artikels

Volg ons!

Facebook Instagram Youtube Myspace Myspace

Se connecter

Onze partners

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte door je te abonneren op onze nieuwsbrief !
Please wait
Sam De Rijcke

Sam De Rijcke

Een beetje een gemiste kans voor het Britse Swedish Death Candy. Hoewel de band duidelijk iets in zijn mars heeft, jagen ze vanavond hun mix van stoner en retro-hardrock te luid, te hard en te haastig door de speakers. In het najaar 2018 zagen we hen nog een lekker concertje geven op Desertfest, maar nu was het allemaal iets te gejaagd en te chaotisch. Toch merken we hier nog genoeg fijne momenten om Swedish Death Candy niet te moeten afschrijven. Wij hebben trouwens ook altijd genoten van hun titelloze debuutplaat en we blijven benieuwd naar het vervolg dat er heel binnenkort zit aan te komen.  

Het is nog niet zo gek lang geleden dat wij in de Brusselse AB met open mond stonden te genieten van All Them Witches, dus als deze geweldige band een klein jaartje later weer het land doorkruist dan zijn wij er terug als de kippen bij.

Inmiddels is er ook één en ander veranderd. De keyboardspeler is uit de band gestapt en voortaan gaat All Them Witches als trio door het leven. Zeg maar gerust powertrio, want de nieuwe veldbezetting heeft duidelijk zijn impact op de sound. Met het verdwijnen van de keyboards is er wat aan subtiliteit verloren gegaan en is er extra power in de plaats gekomen. De gaten die de weggelopen orgelist heeft achtergelaten worden vakkundig opgevuld met kloeke gitaarakkoorden en dito solo’s. Laat het ons zo uitdrukken : The Doors zijn de deur uit, Jimi Hendrix zet nu ook zijn tweede voet binnen. Gitarist Ben McLeod staat meer dan ooit duidelijk centraal in het totaalplaatje, hij is het speerpunt waarrond alles zich afspeelt. Toch is McLeod niet het type guitar-hero à la Slash of Joe Bonamassa. Hij bezondigt zich niet aan wijdbeens gesoleer of bijhorende smoelentrekkerij, hij laat gewoon zijn instrument spreken en dat levert magie op per lopende meter.
De songs hebben wat ingeboet aan finesse, maar ze klinken rauwer, harder en potiger. Het gejaagde “Fishbelly 86 Onions” en het stonermonster “When God Comes Back” beuken er harder in dan ooit.
Als er wat gas wordt teruggenomen dan is de blues nooit veraf, en die heeft een extra adrenaline injectie gekregen. Er is alom kippenvel te bespeuren bij het dreigende “Diamond” en vooral bij die fenomenale lange blues “Harvest Feast” waarin McLeod alle kanten van het bluesspectrum verkent.
Er zijn zo wel meer van die momenten waarin All Them Witches hun songs doen openscheuren en een nieuwe weg laten inslaan, maar nergens verliezen ze het spoor. Dat is wat hen zo sterk maakt, het lijkt soms alsof ze staan te jammen en ter plekke de songs uitvinden, en steeds resulteert dit in een buitengewone sound waarin alle puzzelstukjes perfect in elkaar passen.  

Net als in de AB vorig jaar mag het immer schitterende “Blood and Sand/ Milk and Endless Waters” met een minutenlange sublieme uitvoering het feestje afsluiten. Beter dat dit kan het niet meer worden. Gans de setlist ligt trouwens dicht bij deze van het AB concert, maar toch krijgen we hier een heel ander All Them Witches te horen en te zien. Wederom fantastisch maar verdomd steviger.

All Them Witches speelt dit jaar ook op Rock Werchter. Zij behoren daar tot één van de zeldzame bands die nog aanspraak kunnen maken op de ‘Rock’ in de naam van dit mainstream popfestivalletje. Mocht u daar toevallig naartoe gaan.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

zaterdag 13 april 2019 20:20

Daughters - De waanzin nabij

Hoezeer kan een mens opgaan in zijn act ? Weinigen die het meer uitgesproken doen dan Alexis Marshall, de maniakale frontman van Daughters. Tot bloedens doe gooit hij al zijn frustraties er uit. Marshall is een attractie op zich, woest, agressief en frontaal. Hij gaat tekeer en predikt als een jonge Nick Cave ten tijde van The Birthday Party, toen die nog stijf stond van de drugs. Waarmee we niet willen suggereren dat Marshall een addict is, die kerel is gewoon zo gek menen wij, de waanzin nabij.

Marshall lijkt voortdurend een gevecht aan te gaan met zichzelf en vooral met zijn microfoon. Het ding wordt gegeseld en compleet misbruikt, het lijkt wel of Marshall het letterlijk wil opvreten. In zijn razernij wordt hij geruggesteund door een geweldige band. Daughters klinken verschroeiend hard, gemeen, apocalyptisch en gevaarlijk. Noem het noise rock of industrial hardcore voor ons part, je zal de sound van Daughters toch nooit echt kunnen omschrijven, want dit is iets uniek. Het beukt er hard in en laat je niet meer los. Alsof The Jesus Lizard en Swans het in de boksring opnemen tegen Converge en Unsane, waarbij alles is toegelaten. Feit is dat dit de meest frontale noise-band is die we het laatste jaar mochten aanschouwen. Het geweldige album ‘You Won’t Get What You Want’, zonder meer één van de beste platen van 2018, gaf het al aan, dit is geen wandelingetje in het park, wel een mokerslag pal op uw bakkes.
De band weet ook maar al te goed dat het laatste album hun pièce de resistance geworden is. Het staat dan ook centraal vanavond en wordt er quasi helemaal doorgejaagd. En dit met een ongeziene bezetenheid en furie. “The Reason They Hate Me” barst open als een overrijpe steenpuist, “Satan In The Wait” broeit en brandt uitzinnig, “Less Sex” is Nine Inch Nails in het gekkenhuis en afsluiter “Ocean Song” is een genadeloze bloedzuiger die zich in onze hersenpan vastbijt om nooit meer los te laten.

Een vol uur worden we werkelijk overrompeld door de striemende en zinderende furiositeit van Daughters. Dit is één van de meest waanzinnige bands die we ooit aan het werk zagen.

Organisatie: Botanique, Brussel

dinsdag 02 april 2019 18:05

Young Widows - (te) kort en krachtig

We werden niet bepaald verwend vanavond. Vooreerst moesten we de schabouwelijke vertoning van de support act Thot doorstaan en daarna hield Young Widows het met amper drie kwartiertjes toch wel heel kort.  

Laten we u eerst even Thot voorstellen, en moge dat de laatste keer zijn. Een vijfkoppig gezelschap uit Brussel, en dat waren al minstens twee koppen te veel. Bij de eerste noten leken we nog een zweempje van The Soft Moon te herkennen, de frontman toverde immers wat verstoorde noise en echo’s uit zijn gitaar. Dit kon best wel interessant worden, dachten we toen. Maar we waren er snel aan voor de moeite, want van zodra de kerel aan het zingen sloeg ging het danig mis. De zang was, hoe zouden we het noemen, nogal beschamend. Wij werden algauw overmeesterd door een gevoel van ergernis die we de ganse set niet meer kwijtspeelden. Het werd nog erger toen ook één van de twee dames in de band haar strot opentrok. De jongedame zag er misschien wel bevallig uit maar haar vocale capaciteiten waren deze van een ekster met een zware keelontsteking. In hun bio op vi.be (jawel, wij maken steeds flink ons huiswerk) lazen wij al iets in de trend van ‘passionele zangpartijen’ en -hou u vast- ‘een Bulgaars koor’. Ook in Bulgarije leven er eksters.
Muzikaal ging het ganse zootje ook helemaal nergens naar toe. De band had een koffer noise meegebracht maar geen songs. Resultaat : een ongeregelde brij waar zelfs een rioolrat haar eigen jongen niet in terug vindt. Geen wonder dat zo een beest dan begint te janken.

Snel naar Young Widows dus. Fantastische band, maar aan de magere opkomst te zien zijn er maar weinigen die dit weten.
Zoals eerder gezegd, een korte set. Te kort, absoluut. Maar wel krachtig en furieus. Young Widows liet ons proeven van hun snerende post-hardcore die ergens het midden hield tussen Girls Against Boys, The Jesus Lizard en Metz. Met de immer dreigende basgitaar, de droge drums en de striemende gitaar die daar dwars doorheen sneed, brouwden Young Widows een bijzonder krachtig en gevaarlijk mengsel. Het soort powertrio waarbij de leden elkaar perfect aanvullen zeg maar, met een kenmerkende, vaak harde totaalsound als gevolg.
De band had niet echt nieuw werk voor te stellen, wel een kersvers compilatie-album met nogal wat eerder onuitgegeven materiaal. De plaat heet ‘Decayed : Ten Years of Cities, Wounds, Lightness and Pain’ en is een knappe weergave van de kracht, furie en energie die het trio in de loop der jaren heeft voortgebracht.
Dat vertaalde zich op het podium naar een strakke, stomende sound waarbij Young Widows steeds gedrevener en potiger uit de hoek kwam. Vandaar een beetje onze ontgoocheling, het trio leek steeds beter op dreef te komen en op het moment dat zowat iedereen voelde dat hier een heuse apotheose stond te gebeuren, hielden de heren er doodleuk mee op. Balen was dat.

Maar goed, hetgeen we op ons bord kregen was straf en potig genoeg om te mogen vaststellen dat Young Widows een verduiveld snedig bandje is. Maar de volgende keer mag het iets meer zijn.

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set in de Magasin 4, Brussel , één dag eerder
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/young-widows-30-03-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/thot-30-03-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/shoeshine-30-03-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/pink-room-30-03-2019

Organisatie: Kreun, Kortrijk

donderdag 07 februari 2019 18:22

Blood On The Street

Dit ongure veteranenduo is eigenlijk nooit echt vanuit de Belgische noise underground scene naar boven geklauterd. De heren ramden nochtans al met zijn tweetjes in de primaire bezetting drums/gitaar lang voordat The White Stripes of The Black Keys dat hip gemaakt hebben.
Sedert einde van de jaren negentig dropt Vandal X om de zoveel jaren een plaat, en dat zijn stuk voor stuk ruwe en venijnige kopstoten. Veel zijn er echter nooit van over de toonbank gegaan wegens te ruig, te wild, te roodgloeiend of weet ik veel wat. Maar dat hebben de heren nooit aan hun hart laten komen, als ze maar op hun geliefkoosde manier flink konden doorrammen. Hun tomeloze energie heeft zich altijd geuit in compromisloze en eigenzinnige noise-rock die niet gemaakt is voor gevoelige oren, laat staan de radio.
Het constante verblijf in de noise-underground heeft hen wel een cultstatus opgeleverd die tot op vandaag standhoudt. In hun lange carrière hebben ze ook al een paar ommetjes langs Pukkelpop gemaakt (in de tijd dat het nog een echt alternatief festival was) en zijn ze onder andere met Mauro Pawlowski en Steve Albini de studio in getrokken.
Wie het duo al ooit eens live aan het werk gezien heeft weet dat het er steevast loeihard, pokkenluid en behoorlijk wild aan toe gaat, en dat er hoegenaamd geen tijd is voor adempauzes. Vandal X op een podium, dat is razernij in het kwadraat.
Wel, we hebben goed nieuws voor u : Vandal X heeft een nieuw album uit, en ze maken nog evenveel pokkeherrie als voorheen. Deze keer hebben ze onderdak gevonden bij Consouling Sounds, het opvangtehuis bij uitstek voor lawaaimakers met destructieve neigingen.
Daar mogen ze zoveel keet schoppen als ze willen, en dat doen ze naar hartenlust. We stellen vast dat dat Vandal X met deze plaat nog verder is opgeschoven richting metal, maar dan vooral metal van het gortige soort, gekruid met een scheut bijtende hardcore.
De titelsong “Blood On The Street” opent veelzeggend met wat geruis en beukt dan genadeloos de deur in met een loodzware riff, het klinkt log en vooral heavy en het flirt met doom-metal. De massieve power van “Be The One” en “I Am A Ghost” hunkert naar het smerigste van Torche en in “Patient Zero” wordt de heavyness zo grof uitgesmeerd dat het lijkt alsof Ufomammut bij het feestmaal is komen aanschuiven.
Een absolute pitbull-motherfucker van een song is “I Do Remember 9-14-17”, een helse bom die alles moordlustig openscheurt. Klinkt als het gemeenste van Fucked up.
En zo gaat het duo naarstig door, het album bevat evenveel rustpunten als er okapi’s in de Schelde zwemmen.
Met ouder worden heeft Vandal X absoluut niet aan explosiviteit of brutaliteit ingeboet. Integendeel, dit is nog steeds van het scherpste wat er qua noise-rockbands in België te vinden is.

donderdag 07 februari 2019 18:10

See Me In Synchronicity

Solo momentje van Ian Clement, het middeltje om zijn persoonlijke frustraties en demonen kwijt te kunnen, ver weg van de gloeiende versterkers van Wallace Vanborn. Naar het schijnt worstelt Clement met nogal wat innerlijke kwelgeesten, maar de plaat is niet zo donker geworden als men op basis daarvan zou durven vermoeden. Dit is niet Mark Lanegan in een diepe grafkelder, maar gewoon een songwriter die een hoop innige en bekoorlijke songs uit zijn gekwelde ziel heeft geperst.
De songs en de vibe doen ons bij wijlen sterk denken aan Flying Horseman. Het zijn fraaie verstilde rocksongs die nergens uitbarsten, maar wel af en toe een uitgelaten gitaar in het universum droppen. Clement’s warme stem neigt al wel eens naar Stuart Staples en Bryan Ferry. En dat komt zijn songs goed uit, want die zijn niet gemaakt om de wilde haren in het rond te laten waaien. Het zijn ingehouden pareltjes, die met finesse en passie zijn ingepakt door een stelletje bekwame muzikanten die perfect weten waar en wanneer ze zich moeten inhouden.
‘See Me In Synchronicty’ is misschien wat te clean, maar het is vooral een mooi plaatje dat gevuld is met vernuftige songs die elk een leventje op zich lijden.

donderdag 07 februari 2019 22:09

Witness the Legitness

Nu Ian Clement zijn band Wallace Vanborn voor onbepaalde duur in de diepvries heeft gestoken, is er wat meer tijd voor iets anders. Terwijl hij solo als singer/songwriter met gevoelige songs door het land trekt, haalt hij elders terug de sloophamerriffs boven. Dit met het nieuwe bandje The Very Very Danger. De sluizen gaan wagenwijd open en er worden schuimbekkende vuile riffs doorgejaagd. Er zit bovendien ook flink wat gekte in het geheel verpakt en dat maakt het er alleen maar interessanter op. Het klinkt bij momenten alsof Triggerfinger koud in de reet wordt gepakt door Raketkanon.
Voor de riff van opener “G.G AFK Noob” is men nog wel even leentje buur gaan spelen bij Rage Against The Machine, maar dat zien we door de vingers. Daarna gaat het met de uit zijn voegen gebarsten riff-punk van “Lite My Litah” echt hard. Ook “Tesla Spoil” lijdt aan hondsdolheid, een ultra smerige klomp van een song die met een kwak tegen de muren uiteenspat. En “Watashi To Kite” komt rechtstreeks uit de Japanse psychiatrie. Prettig gestoord, psychotisch en compleet in de war.
‘Witness The Legitness’ duurt amper een half uurtje. Wel een half uurtje feesten met het schuim op de mond.

zaterdag 16 maart 2019 21:59

Rumours - Elektronica in het theater

Een beetje een buitenbeentje om te beginnen. Frankie Traandruppel, alias Lee Swinnen, kwam een handvol goudeerlijke ruwe songs spelen op zijn elektrische gitaar. Buiten het jatten van een songtitel had zijn muziek verder overigens niks te maken met de claustrofobische klanken van het legendarische Suicide.
Swinnen bewees dat hij ook zonder de wilde garagesound van Double Veterans of Tubelight best wel doorleefd kon uit de hoek komen. Maar of zijn act paste in het totaalplaatje van de avond ? daar moeten we een volmondig neen op antwoorden.

Geen idee in wiens brein het eerst was opgekomen, maar het idee om Rumours in de prachtige Gentse Minardschouwburg te laten aantreden bleek een voltreffer. Te meer daar men ook de ruimte achter de coulissen in het totaalconcept mee had opgenomen. Zo leek de band in een heuse club te spelen met een driedimensionale lichtshow achter hun rug. Die lichtshow was naar het schijnt voor een deel overgekomen uit de Kompass Club. Die hadden ze daar toch niet meer nodig na die bedenkelijke stunt van de kersverse Gentse burgemeester Matthias De Clercq. Die oetlul heeft zich met het sluiten van de club al meteen onsterfelijk belachelijk gemaakt. Zijn burgemeesterschap is nog maar net begonnen en bij de Gentse jeugd heeft hij het al volledig verkorven.
Maar goed, terug naar de orde van de dag.
Tweede geniale idee van de avond was om het concert te laten beginnen met de apocalyptische klanken van Mattias De Craene. Hij deed in de verte iets onheilspellends met allerlei instrumenten, en dat op een ontspoorde beat van dreigende jungle-drums, alsof er ergens elk moment iemand zou geofferd worden in de stomende kookpot van een stel losgeslagen kannibalen.

De bevreemdende set van De Craene ging vloeiend over in de elektronica van Rumours. En die elektronica kwam veel sterker tot zijn recht dan op het overigens ook niet onaardige album ‘Megamix’. Hier in de heerlijke Minard leek alles op zijn plaats te vallen, de vocals, de vibe, de lichtshow en de vloeiende klanken die de band uit de synthesizers en keyboards haalde.
Eén en ander zorgde ervoor dat het bij momenten wel heel indrukwekkend en intens was. We bespeurden op de rustige momenten af en toe het mysterieuze van Portishead, elders dan weer de  licht zwevende dansbare klanken van Bonobo of Floating Points. Op zijn stevigst creëerde Rumours zelfs een soort bezwerende industrial techno-sound die met de forse uithalen van zangeres Hannah Vandenbussche vaak tot een stomend hoogtepunt uitgroeide. Vandenbussche stuwde met haar innige stem, die een gothic tintje had, de songs naar een hoger universum. Als wij het hier over een gothic tintje hebben, versta ons dan niet verkeerd. Dit was heus geen fuckin’ Within Temptation, denk eerder aan Chelsea Wolfe die zich in een bedje van synthesizers wentelt.
Op de plaat was de kracht van dit collectief ons nog niet helemaal opgevallen, maar live kwam het allemaal veel sterker uit de verf. Kortom, Rumours is wederom het soort band die je live aan het werk moet zien om er ten volle te kunnen van genieten. En op een toplocatie als de Gentse Minard was dat al zeker het geval.  

Knappe show, en vooral een knap totaalgebeuren.

Organisatie: Schmink vzw

donderdag 31 januari 2019 16:14

Elsewhere Bound

Toch alweer het vijfde studio album van deze Vlaamse bluespurist, ondertussen al een begrip in Belgische blueskringen. Op zich is dat ook maar een klein wereldje met een beperkte historiek natuurlijk, maar toch. In ons Belgenlandje zijn er dan ook nooit katoenplantages geweest, de blues beperkt zich hier eerder tot een cafégebeuren, maar dan wel bij voorkeur in een bruine kroeg.
Het minste wat je van Tiny Legs Tim kan zeggen is dat hij niet in cirkeltjes blijft draaien. Met ‘Elsewhere Bound’ heeft den Tim het over een andere boeg gegooid. Uiteraard blijft hij binnen de paden van de blues, maar die liggen zoals u weet soms nogal ver uit elkaar. Tim heeft deze keer zijn blues wat meer aangekleed en er wat toeters en bellen aan gehangen. Maar gelukkig nergens te veel, het is geen kerstboom geworden. Tiny Legs Tim laat zich uitvoerig begeleiden door een horde doorwinterde muzikanten waardoor zijn blues misschien niet meer zo puur klinkt, maar wel avontuurlijker. Vooral een stel blazers brengen de schwung erin, en we bespeuren ook hier en daar wat latino percussie die voor een zuiders tintje zorgt. Klinkt het gek als wij al eens aan Los Lobos moeten denken ? Check.
Waar Tiny Legs Tim zich met zijn vorige platen meer op uw ziel richtte, heeft hij het nu meer op uw heupen gemunt. Er mag met name al eens gedanst worden op de blues, en dat is dikwijls het geval op ‘Elsewhere Bound’.
Maar bovenal schittert TLT toch maar weer met zijn subtiele gitaarspel, waarin John Lee Hooker nooit ver weg is. En natuurlijk ook met zijn gepassioneerd songschrijverschap, want er staan toch weer enkele pareltjes van het zuiverste water op dit album.
Dat maakt van ‘Elsewhere Bound’ een mooie aanvulling in het stilaan indrukwekkende repertoire van een kerel die 100% is opgetrokken uit Vlaamse kleigrond, al heb je dikwijls het vermoeden dat daar wat diep zuiders bloed recht vanuit de Mississsippi Delta door stroomt.

Het album wordt de komende weken voorgesteld in De Singer Rijkevorsel (22/02), AB Brussel (01/03), De Roma Antwerpen (08/03), Casino St Niklaas (28/03), 4AD Diksmuide (29/03) en Handelsbeurs Gent (14/05).

Je houdt het niet voor mogelijk, een bende schuchtere piepjonge gozers die de meest waanzinnige, tintelende en frisse rock van het moment spelen.
Je kent ze wel, de uitdrukkingen die voornamelijk van de opgefokte Britse pers komen : “The best band you never heard of in your life”, “The next big thing”, en weet ik veel wat nog allemaal. Maar godverdomme, deze keer is het voor geen cent gelogen.
Er zit geen nochtans enkele marketingcampagne achter, Black Midi heeft nog niet één noot op plaat geperst, voor zover wij weten hebben ze zelfs nog geen platenlabel. U zal ook tevergeefs op zoek gaan in Spotify, er valt nergens wat te streamen.

Wat er wel te vinden is op het internet is een geweldige sessie bij het befaamde KEXP live, hét platform voor elke getalenteerde band die zich in het indie-wereldje een weg wil banen. En met die geweldige KEXP live sessie is de bal aan het rollen gegaan. Check het meteen op You Tube en stel vast wat voor een buitengewone en excellente band dit is.
Hebben wij ook gedaan, en als de bliksem zijn we vertrokken naar Lille, waar Black Midi in het clubzaaltje van l’Aéronef hun wonderlijke klasse bovenhaalt. Dit zijn jongens die een unieke sound hebben gedistilleerd uit het beste van Fugazi, Slint, Ought, Pere Ubu, Television en Sonic Youth. Het prikkelt, het stuitert, het gutst en het klotst, maar het klinkt fantastisch. De spontaniteit, de bezieling en klasse waarmee de jochies hun instrumenten beroeren is ongezien. En die drummer ! check die gast, gewoon uitzinnig. De kerels gaan volledig op in hun set, communicatie met het publiek is nul komma nul. Vinden wij niet erg, want dit is voor één keer geen Britse arrogantie of de zoveelste PR stunt, maar gewoon de beste manier voor een clubje bescheiden jonge gasten om zich uit te drukken.
De muziek spreekt voor zich, de rest is bullshit.

Een klein uurtje volstaat om ons te overtuigen. Dit is de toekomst van de Britse rock.

Organisatie: Aéronef, Lille

Marc Ribot is een eigenzinnig, dwars en briljant gitarist die niet in één hokje is onder te brengen. In zijn indrukwekkende carrière heeft hij zich ingelaten met jazz, blues, wereldmuziek, avant-garde en striemende rock, maar dat altijd op zijn eigen onconventionele wijze. Geregeld ging hij aan de slag met grote en al even eigengereide artiesten als John Zorn, Tom Waits, John Lurie, David Sylvian en Elvis Costello, om er maar enkele te noemen. Hoe uiteen liggend de diverse genres die hij speelt ook mogen wezen, zijn unieke gitaarstijl is altijd te herkennen en is nergens minder dan subliem, ook al klinkt die vaak heel hoekig, chaotisch, schots en scheef.

In Ceramic Dog vormt Marc Ribot een virtuoos trio met drummer Ces Smith en bassist Shazad Ismaily. Het zijn allen uitmuntende muzikanten die een geschiedenis hebben in de jazz maar zich ook al met volle goesting hebben gestort op tegendraadse rock. Daarin bespeuren we niet toevallig één constante : alle drie hebben ze samengewerkt met het legendarische jazz enfant terrible John Zorn. Dan weet je sowieso al dat we hier geen alledaagse cleane deuntjes moeten verwachten.
Ongeacht de muzikale achtergrond van deze voorname muzikanten is Ceramic Dog wel duidelijk hun rock project, eentje waarin virtuoos gemusiceerd wordt op een dwarse en vaak snerende wijze. Met zijn drieën hebben ze onder die naam al 3 albums uitgebracht waaronder het kersverse en alweer even geniale als intense ‘Yru Still Here’ waaruit vanavond rijkelijk geserveerd wordt. En zoals het een trio met stevige wortels in de jazz betaamt, wordt hier fel geïmproviseerd en sterk afgeweken van de albumversies. Ribot’s songs leiden op een podium een leven op zich en begeven zich naar oorden waar ze in de studio nooit geraakt zijn. Wat de heren aanvangen met “Pensylvainia 6 6666” is waanzinnig, vanuit een Cubaans aanstekelijk ritme komen we plots in een splijtende gitaarsolo terecht. Ook de titelsong van de laatste plaat “Yru Still Here” is een ongeslepen diamant die vanuit een wonderlijke akoestische gitaarintro open groeit tot een luide en hevig rockende apotheose. Een korte song op de plaat, maar een ware eruptie van tegen elkaar opspattende instrumenten in zijn lange live versie.
Het trio beperkt zich trouwens niet enkel tot het Ceramic Dog materiaal, zo krijgen we bijvoorbeeld verkapte maar geweldige versies van “The Big Fool”, “John Brown” en “We’ll Never Turn Back”, dingen uit Ribot’s laatste solo album ‘Songs Of Resistance’, waarop de meester in combinatie met een indrukwekkende reeks special guests geheel eigen interpretaties brengt van oude protestsongs. 
Wat het trio hier vanavond presteert, is tegelijk virtuoos, tegendraads, dwars en geniaal. Ribot is een gitarist die er absoluut de scherpe kantjes niet af schuurt. Integendeel, hij zoekt het experiment op en laat zijn gitaar bij momenten onbegrensde noise uitstapjes maken om ze dan te laten terugkeren naar verstilde kippenvel-passages. Zijn kompanen volgen hem daarin met branie, ze klinken al even virtuoos zonder daarbij te vervallen in ego-tripperige solo uitstapjes. Vooral Ces Smith is geniaal, een drummer waar de klasse met liter van afdruipt.

Dit is wel degelijk een rockconcert, maar dan gespeeld door een stel muzikanten die hun wortels in de jazz hebben. En dat hoor je, dat zie je, dat voel je en dat ervaar je. Die jazz toets manifesteert zich vooral in de spontaniteit, de virtuositeit en de improvisaties. Hier is immers een stel muzikanten bezig die samen voor een volstrekt uniek geluid zorgen en daar op het podium sublieme dingen mee aanvangen die ze op voorhand niet hadden afgesproken. Magie noemen ze dat ook soms.

Marc Ribot’s Ceramic Dog - Virtuoos en weerbarstig
Marc Ribot
Handelsbeurs
Gent

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

Pagina 2 van 94