logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
Gavin Friday - ...

Lords Of Altamont

Lords Of Altamont - Casino goes rock’n’roll (from outher space)!

Geschreven door

Lords Of Altamont - Casino goes rock’n’roll (from outher space)!
Lords Of Altamont
De Casino
Sint-Niklaas
2017-12-13
Hans De Lee

Heel divers avondje rock’n’roll daar in Sint-Niklaas, op vrijdag de 13de!  Met 3 bands die op zeer uiteenlopende wijze het beste van zichzelf gaven en elk op hun manier het etiket ‘rock’ een aparte invulling bezorgden.


De gedurfde affiche had jammer genoeg niet de verhoopte massa naar de Casino gelokt.  De zaal was amper voor de helft gevuld.  Bij aankomst was opener Manngold al stevig van jetje aan het geven.  Het binnenlands gezelschap, opgericht in 2008, bestaat uit een verzameling ras muzikanten die hun strepen ook al verdienden in tal van andere interessante bands.  Meest gekend is allicht gitarist Rodrigo Fuentealba, actief bij ondermeer Fifty Foot Combo, Gabriël Rios, Arsenal, enz. 
De heren spelen een explosieve, instrumentale en rauwe mix van psychedelische rock met veel groove en ballen.  Hier en daar een snuifje blues, een scheut vintage (garage) rock en een weinig punk en je komt tot de krachtige sound van Manngold.  Opmerkelijk en vrij uniek zijn de dubbele drums.


Galactic Empire is een heel ander verhaal.  Dit opvallend 5-tal haalde het een tijdje geleden in zijn hoofd om de muziek van Star Wars in een pittig symfonisch rock en prog metal jasje te steken.  Net als Manngold volledig instrumentaal maar live met de nodige show elementen, toepasselijke outfits (Darth Vader en Stormtroopers met masker) en spacy stemmen en gimmicks tussen de nummers door.  Heel vermakelijk voor even en vermoedelijk een fijne ervaring voor echte die hard Star Wars fans, die zeker aanwezig waren in de zaal gezien de talrijke t-shirts die verwezen naar de films, maar niet evident om gans de set te blijven boeien en de aandacht van het publiek vast te houden. 
Nummers als “Main Theme” en “Imperial March” klinken nog wel verrassend cool en behoorlijk heavy, doch na verloop van tijd brengt de set iets teveel van het zelfde en gaat het, wat mij persoonlijk betreft, al vlug vervelen.  Leuke poging en geslaagd entertainment maar het idee is volgens mij toch iets te beperkt om op langere termijn potten te breken.


Het was vooral uitkijken naar de oerrockers van Lords Of Altamont.  De band uit Los Angeles kwam in een uitgebreide Europese tour hun nieuwe CD ‘The Wild Sounds of Lords of Altamont voorstellen en deed daarbij gelukkig ook ons land aan!  Frontman Jake Cavaliere en zijn gevolg brachten een geweldige pot intense garage rock met hier en daar een ferme psychedelische inslag.  Je hoorde duidelijk de sound van bands als The Cramps, The Stooges en The Fuzztones terug bij de Lords en in mindere mate ook wel wat invloeden van The Rolling Stones, Motorhead en andere rockiconen.
Het geheel vormde een heerlijk broeierig concert waarbij Cavaliere zoals gewoonlijk uitbundig tekeer ging op zijn onverwoestbaar Farfisa orgel en het publiek constant betrok bij zijn performance en zijn band.
Openers “I said hey” en “Death on the highway” van de nieuwe CD zetten meteen de toon en kondigden een intens uurtje ongepolijste maar catchy rock’n’roll aan van de bovenste plank!  In navolging van de band zelf kwam het aanwezige publiek eindelijk in beweging en werden vooraan het podium plots meer lederen jekkers gespot dan t-shirts van Star Wars. 
De heren van Altamont hadden zichtbaar zin in een feestje en vuurden in een rotvaart hun songs de zaal in.  In de set zaten enkele nieuwe nummers van de 6de schijf die in de loop van oktober uitkomt.  Het nieuwe werk klonk weliswaar heel vertrouwd qua sound maar toch veelbelovend en fris!  Het nummer “Evil (is going on)” mag hiervan een geslaagd voorbeeld zijn.  Toch waren het logischer wijs vooral de oudere nummers die voor de meeste respons zorgden en die geregeld de boel op stelten zetten.  Hoogtepunten waren ongetwijfeld “Get in the car” en “Live fast” zowat de lijfliederen van de Lords en duidelijke de favoriete songs van de opgekomen fans.  Tijdens “FFTS” ging zanger en opperlord Cavaliere letterlijk het publiek opzoeken en nam hij zelfs zijn orgel mee in de front.  Het betekende meteen het einde van een knappe set onvervalste en onversneden rock’n’roll!

De toegift bestond uit 3 typische Altamont knallers waarbij, na gouwe ouwe afsluiter “Cyclone”, de heren definitief backstage verdwenen om de volgende dag alweer in Parijs hun circus op te zetten.

Jammer van de matige publieke belangstelling want het laatste optreden was werkelijk top!  Misschien schrok de combinatie van de 3 (te) verschillende bands toch iets te veel af voor sommige twijfelaars.  Een gemiste kans of een weloverwogen beslissing?  Who cares?  Ik heb er alvast van genoten!  Thanks DC Rocks!

Pics homepag Fie Luyckx

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Pale Grey

Pale Grey - Diepgravend samenspel

Geschreven door

Pale Grey - Diepgravend samenspel
Pale Grey
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2017-10-13
Julie Heyvaert

Gisteren bracht Pale Grey hun nieuwe album ‘Waves’ uit, wat ze in de AB Club kwamen vieren met een releaseshow. Wij gingen kijken, en hoorden een band die live hun album met gemak overstijgt. Vergelijkingen met The Notwist, Electric Guests of Girls In Hawaii mogen in de toekomst achterwege blijven. Pale Grey is de naam waarmee anderen vergeleken mogen worden.

Voorprogramma van dienst was Mortalcombat, een splinternieuwe groep van twee weken oud. Sarah en César, die ooit nog deel uitmaakte van BRNS, speelden beiden bij Italian Boyfriend, maar besloten dat het tijd was voor iets nieuws. Italian Boyfriend even op pauze dus, en het duo legde zich toe op Franse electropop. Hun eerste EP, ‘Vacances en France’, komt uit in februari 2018. In de tussentijd spelen ze hun verse nummers live. De AB Club was hun tweede optreden so far, en daar waren zij alvast gelukkiger mee dan wij dat waren. Had niemand uit het publiek de band al roepend op het podium onthaald, hadden wij het verschil niet gehoord tussen de achtergrondmuziek die speelde en de eerste tonen van Mortalcombat. De synthmelodietjes klonken allemaal iets te eentonig, en Sarah’s stem miste wat aan kracht. Het waren de nummers waar ze een drumbeat aan toegevoegd hadden, die voor schwung zorgden. Het klonk fijn, maar mocht muzikaal wat inventiever wat ons betreft.

Waar Pale Grey’s album ‘Waves’ meer iets weg heeft van een kabbelende beek, klonken ze live nu eens als een woeste oceaan, dan als een kalme zee. Daarop zeilbootjes die door de wind aangedreven over de golven kliefden. Beginnen konden de Luikse mannen niet beter doen dan met “Ghost”. Even leek het alsof we ook in het Sportpaleis bij grootmeester Nick Cave stonden, met een dramatische piano en een stem van zanger Gilles die klonk alsof hij een hele dag op een dieet van teer had geleefd. Diep, rauw, theatraal en meeslepend. We hoorden de mosterd van Girls In Hawaii en even meenden we zelfs Sigur Rós te ontwaren. Pale Grey speelde duidelijk al veel samen en het voelde alsof ze helemaal op elkaar waren ingespeeld. De nummers werden live stuk voor stuk naar een explosievere versie van zichzelf gestuurd, met harmonieuze samenzangen waar de basstem van Gilles in “Shame” nog mooier naar voor kwam.
De zaal, waar duidelijk heel wat vrienden aanwezig waren, kregen ze vlot klappend mee op “Blizzard” en het Goose klinkende “Hunter”. De ‘nananana’ op “Late Night” werd instemmend meegezongen. Veel knikkende hoofden bij dat laatste nummer. Ze hadden ons overtuigd, met een set die een strakke vaart hield en ons deed zweven. Hun album was wel oke, maar live overspoelden ze dat met verve. Een extreem dankbare band die we in de gaten moeten houden. Op 4 december bijvoorbeeld. Dan spelen ze gratis in het Depot Café. Ga ze checken en laat je meevoeren met een imaginaire wind in je haren.

Ism Dansende Beren www.dansendeberen.be

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Nick Cave

Nick Cave & The Bad Seeds - Zo puur en intens dat het pijn deed

Geschreven door

Nick Cave & The Bad Seeds - Zo puur en intens dat het pijn deed
Nick Cave & The Bad Seeds
Sportpaleis
Antwerpen
2017-10-13
Sam De Rijcke

Op voorhand waren wij er nog niet echt gerust in. Hoe zou de intimiteit en de breekbaarheid van het aangrijpende laatste album ‘Skeleton Tree’ een kille en bombastische concertarena als het Sportpaleis kunnen doorstaan ?

Cave nam alle twijfels weg door al meteen met drie diepgravende songs van ‘Skeleton Tree’ van start te gaan en daarmee het volledige Sportpaleis de adem af te snijden. Muisstil werd het in de zaal, zo een innige stilte hadden ze in die gigantische concertzaal nog nooit meegemaakt. Vooral “Magneto” was o zo mooi en ontroerend dat de tranen al meteen de kop kwamen opsteken. Nick Cave zocht de aanrakingen met zijn publiek op en legde zijn volledige ziel en overgave in de beklijvende songs uit dat pakkende album. Wij hadden Cave al eerder de ziel uit zijn lijf weten spuwen in een hele resem voorgaande concerten, maar nog nooit zo heftig en hartbrekend als vanavond.
Na de derde song was het duidelijk, iedereen die hier aanwezig was zou getuige zijn van iets unieks, legendarisch, treffend en groots.
Met een fenomenaal “Higgs Bosson Blues” trad Cave een eerste keer uit de zone van de intimiteit om zijn demonen de vrije loop te laten gaan. Mede door de geniale gitaar van partner in crime Warren Ellis was “Higgs Bosson Blues” van een onbereikbare puurheid en schoonheid. En dan deed een verzengend “From Her To Eternity” het vuur nog meer oplaaien, de primitieve rauwheid ging door merg en been, de song barste uit in een geweldige opzienbarende poel van noise. Hebben we “From Her To Eternity” ooit eerder zo vernietigend vertolkt weten worden ? Ik dacht van niet. De dreiging van het onvermijdelijke “Tupelo” zette die bloedstollende teneur verder. Net als je dacht dat dit gewoon niet meer overtroffen kon worden kwam Cave met een grandioos “Jubilee Street” opzetten, zo intens en mooi dat het haast pijn deed, en wederom met een sublieme Warren Ellis in een hoofdrol.
Als geen ander wisten Nick Cave & The Bad Seeds de ganse avond op zo een wonderlijke manier intense emotie en rauwheid bij mekaar te brengen.
De emoties kregen terug de vrije loop met “The Ship Song”, met een aangrijpend “Into My Arms” en een tot tranen toe bewegend “Girl In Amber” dat werkelijk héél, maar dan ook héél diep ging.
Nog zo een klepper waarin Cave tot bovenaardse proporties uitsteeg was de ultieme klassieker “Red Right Hand” die tegelijkertijd, heftig, passioneel en extreem explosief was.
De duivel kwam zich nog eens bemoeien in een zinderend “The Mercy Seat” en Cave groef terug tot bloedens toe in zijn diepste ziel met “Distant Sky” en “Sketelon Tree”. Er waren haast geen woorden meer voor zoveel pijn, schoonheid en vertedering.
In de bisronde spoorde Cave zijn publiek aan om actief deel te nemen aan “The Weeping Song”, nooit gezien in Caveland. De door het noodlot getroffen zanger zocht duidelijk troost in zijn publiek en hij kreeg daar ongelooflijk veel voor terug. Een schare fans mocht zelfs mee het podium op voor een geniale versie van de moordsong (en dat is letterlijk te nemen) “Stagger Lee” die hier voortdreef op een even geniale als simpele baslijn van Martyn Casey.
Cave ging eruit uit met “Push The Sky Away”, hij had ondertussen al een goddelijke status bereikt en het leek of ie effectief in staat was om de hemel te verplaatsen en er ondertussen zelf de hoogste troon te gaan bestijgen.

Nick Cave & The Bad Seeds waren buitenaards.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/nick-cave-13-10-2017/
Organisatie: Live Nation

Angus & Julia Stone

Angus and Julia Stone - Every night we play, is a lucky night

Geschreven door

Angus and Julia Stone - Every night we play, is a lucky night
Angus and Julia Stone
Vorst Nationaal
Brussel
2017-10-12
Jolijn Sabbe

Dat Angus and Julia Stone terug zijn met een nieuw album, is ondertussen geen nieuws meer. Het Australische duo dat vorige maand ‘Snow’ aan het grote publiek voorstelde, is nu klaar om de concertzalen te veroveren met hun vers gemaakte nummers. Ze kondigden in juni aan dat ze een nationale tour zouden houden, en dat deden ze snel. Al in september stonden ze op het Brisbane Festival hun nieuwe werk op het publiek af te vuren. Ze hebben nog een hele weg te gaan en kozen gelukkig ook België uit om hun passie mee te delen. Met enkele bescheiden pasjes, lieve woordjes en mooie lachjes, was het moeilijk om geen sympathie voor ze te hebben.

Het publiek werd opgewarmd door Isaac Gracie. Een Londense zanger die onder het genre alternatief of indie wordt geplaatst. Hoewel de jonge man veelbelovend was, werd hij door het publiek niet goed ontvangen. Zijn breekbare nummers zouden het best tot zijn recht komen bij een stil publiek, wat helaas niet het geval was. Niet veel mensen voelden de nood om te zwijgen of ook maar te doen alsof ze luisterden. Toch bleef de jongeman zeer vriendelijk en beleefd. Hij toonde zelfs enige appreciatie voor de mensen die wel de moeite deden om te luisteren. Want gelijk hadden ze. Isaac mag zeker nog meer van zich laten horen. Misschien eens niet als voorprogramma.

Dan was het tijd voor de act waarvoor de mensen dus echt gekomen waren; Angus and Julia Stone. Het werd meteen wat stiller in de zaal en zij slaagden er wel in om de aandacht naar zicht toe te trekken zonder al te veel moeite.
In de achtergrond was een arend te zien met gespreide vleugels en verlichte ogen. Een opmerkzaam beeld dat gedurende het hele concert aanwezig bleef. Ook de zee in de achtergrond fascineerde veel mensen.

Starten deden ze met het nummer “Baudelaire” uit hun nieuwe album. De lichten werden gedoofd en eerst was enkel Julia zichtbaar. Vervolgens viel Angus in en zongen ze in koor ‘Your House, my house..’ Woorden die de rode draad vormen doorheen hun album. Er werd veel gewerkt met herhaling, wat aanstekelijk is. De woorden blijven hangen en mensen kunnen ze ook spontaan meezingen.
Vervolgens bleven ze in het thema Snow met het nummer “Make It Out Alive”. Een nummer dat begint met een gedicht, voorgedragen door Angus. Het nummer heeft dus een betrekkelijk lange intro, maar dat stoort de meeste mensen niet. Dit nummer geeft hints naar zijn andere project Dope Lemon, dat wat meer psychedelisch is en waarvan hij verder in het concert een nummertje bracht. De afwisselingen tussen Angus en Julia vloeien mooi in elkaar over. Het zal ook niemand verbazen dat de twee broer en zus zijn, aangezien ze zo afgestemd zijn op elkaar. Ze zijn verbonden door een bloedband en soms zou je haast durven denken dat ze op hetzelfde tempo ademen. Ook de lachjes die ze met elkaar delen zijn vertederend om te zien.
De achtergrond veranderde constant gedurende het concert. Terwijl we eerst een bos in volle bloei zien voorbijvliegen, krijgen we een tijdje later datzelfde beeld, maar dan met takken vol sneeuw. Het is duidelijk dat ze de natuur echt wilden betrekken en dat ze er zich nauw mee verbonden voelen. Wie goed oplet ziet de vier seizoenen steeds terugkeren. Ook voor het schrijven van het album hebben ze zich teruggetrokken in de natuur om inspiratie en rust te vinden. Dat wordt heel mooi weerspiegeld in het concert dat ze gaven.
Eén van de hoogtepunten was het nummer “Chateau” waarbij het publiek enthousiast begon mee te klappen en de sfeer wat meer uitgelaten werd. Toen Angus zag dat het publiek gebruik maakte van hun smartphone bij dit nummer om licht te geven, verzocht hij het publiek om dit opnieuw te doen alvorens ze hun meest bekende nummer “Big Jet Plane” zouden spelen. Angus vertelde dat ze er heel blij van werden om alle lichtjes te zien schijnen naar hen. Hier zit dan ook een stiekeme verwijzing naar de lyrics ‘You spend everyday shining your light my way’ in.

Angus and Julia Stone slaagden er tijdens het concert langzaam maar zeker in om het hele publiek in hen te laten geloven. De manier waarop ze dat deden was zo oprecht en warm, dat voor onverschilligheid geen plaats was. Het zijn zonder twijfel twee zeer lieve en zachte mensen die hun goede intenties op de wereld willen afvuren. Ze brachten een boodschap van liefde en vrede zonder dat echt op die manier te verkondigen. Of hoe muziek en twee mensen een verschil kunnen maken in de wereld.

Setlist: Baudelaire - Make It Out Alive - Cellar Door - Heart Beats Slow – Chateau - Wherever You Are – Bloodhound - Private Lawns - Who Do You Think You Are - Uptown Folks (Dope Lemon) - Nothing Else - Big Jet Plane - For You - My House Your House – Snow
Bis: Oakwood - Harvest Moon – Soldier

Ism Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Live Nation

STUFF.

STUFF. plays Howard Shore - STUFF. waardige mandataris voor Film Fest Gent & Howard Shore

Geschreven door

STUFF. plays Howard Shore - STUFF. waardige mandataris voor Film Fest Gent & Howard Shore
STUFF.
Vooruit
Gent
2017-10-11
Gerrit Van De Vijver

Dat het Film Fest Gent soms gedurfde , controversiële en niet alledaagse keuzes durft maken, is lovend. Net als dit jaar met de openingsfilm Insyriated, begint het audiovisuele deel van het FFG ook met een niet voor de hand liggende keuze. STUFF. plays Howard Shore. De zaal Vooruit Gent was hiervoor de ideale locatie, met z’n nodige grandeur.

STUFF. scoorde al veel lof op het Gent Jazz Festival, en begint naam te maken. Zodoende werden ze aangesproken door het FFG om samen iets uit te werken. Het leidde tot deze kruisbestuiving van clips uit films van David Cronenberg en de eigen interpretatie van STUFF. , gegeven aan de muziek van Howard Shore. De clips werden geprojecteerd op 4 schermen, een creatie van Bart Moens en Frederik Jassogne , en ook op de podiumvloer, wat de coherentie nog groter maakte. Ook het 5-tal zit lekker compact, op amper 12 m2.
En ook hier , alweer, geen voor de hand liggende keuze. Men kon gaan voor het populaire genre à la ‘Lord of the rings’, ‘The Hobbit’ of  ‘Silence of the lambs’.
Neen, men ging graven in het vroegere, donkere werk van D. Cronenberg. Men kwam uit bij o.a. ‘Eastern promises’, ‘Scanners’, ‘Videodrome’, ‘The fly’, ‘eXistenZ’, ‘Crash’, ‘A dangerous method’.

De vijf muzikanten: drummer Lander Gyselinck, toetsenist Joris Caluwaerts, turntablist Menno, bassist Dries Laheye en EWI-saxofonist Andrew Claes gingen op voorhand elk aan de slag in hun rayon, en legden elk hun eigen accenten. De symbiose van de 5 bandleden is waarlijk niet te onderschatten.
Daar de muziek van H. Shore barst van ritmeveranderingen, pauzes, nuances en subtiliteit , was het toch een huzarenstuk om dit ten berde te brengen.
Maar STUFF. vond het ideale synergisme tussen de werking van de beelden en de nadruk op hun eigen spel. De timing zat zelfs zo perfect dat men zou kunnen aannemen dat de beelden voor hen zijn gemaakt. Een schoolvoorbeeld hiervan was de vechtscène (Eastern promises) van Viggo Mortensen , in zijne pure , jawel, waar men vol meegaat in het gevecht, en dan heel mooi de sound laat uitsterven en het gevecht wordt afgemaakt en er zelfs even een lachsalvo opstijgt. Met enige vertwijfeling bij sommige : kan dit wel?
Het werk van STUFF. wordt regelmatig gelinkt aan improviseren, maar nu waren er restricties. Het oeuvre van H. Shore werd met veel gevoel gebracht. STUFF. speelt geen muziek, ze ‘belichamen’ muziek. Met het gehele lijf worden de instrumenten bespeeld, snaren en cymbalen ‘geaaid’. Als publiek kan je de muziek makkelijk percipiëren, want je wordt constant getriggerd.
Ondanks de relatieve onbekendheid bij het grote publiek, wat het een unieke gelegenheid maakte voor de echte STUFF.-fans, was het een moedige EN juiste beslissing van het Film Fest Gent om deze partnership aan te gaan. Het out-of-the-box denken verklaard waarom het Film Fest Gent steeds in omvang toeneemt en het succes exponentieel groeit. H

opelijk krijgt dit een vervolg. STUFF. is zeker sterk genoeg om zelfs alleen een soundtrack te dragen, hun verscheidenheid is alvast een grote troef. Ondanks muziek van ‘The fly’, dit zijn géén ééndagsvliegen
Al jaren spreekt men van de toenemende groei van de Belgische cinematografie, maar met deze groep kunnen we een breder aspect aanspreken en kunnen ze meehelpen aan het expanderen van het succes van de Belgische filmindustrie.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/stuff-11-10-2017/

Organisatie: Film Fest Gent (ism Vooruit, Gent)

Tamino

Tamino – Het Tamino-gen

Geschreven door

Tamino – Het Tamino-gen
Tamino
Ancienne Belgique
Brussel
2017-10-11
Hilde Snauwaert

Gehypnotiseerd toekijken, volledig stil. Bij iedere zucht, kreun of oprecht dankwoord van de artiest beginnen gillen. Bij dat ene liedje “Habibi” alles van begin tot eind filmen, ook al is er geen ruimte om je arm op een deftige manier omhoog te steken, zo veel volk is er in de uitverkochte concertzaal. De blauwdruk van de gemiddelde concertganger bij het optreden van Tamino in de Ancienne Belgique. En ik ben er niet één van …

Toegegeven, Tamino kent een weergaloze en pijlsnelle evolutie. 2017 werd goed op gang getrokken met een podiumplaats in De Nieuwe Lichting, en deze zomer een met vijf sterren bejubeld concert op Pukkelpop en ronkende recensies bij de pers. Er was sprake van ontroering, verleiding, een optreden van onschatbare waarde, een begeesterd publiek.
Toegegeven, Tamino kent zijn métier. Hij heeft een dijk van een stem, waar hij enorm mee kan uithalen. De toetsenist en drummer maken het plaatje van muziekambachtschap af. De muziek is kwalitatief, zit simpel en goed in mekaar. De reactie op het publiek bij de begintonen van “Cigar”, de derde in de set, is overweldigend. Vooral in dit liedje tast hij heel diep naar de innerlijke demonen van de concertgangers.
Toegegeven, Tamino heeft charisma. Bij iedere gestamelde dank je, stuntelige anekdote of het ‘what the fuck’-zinnetje waarbij de artiest nog altijd verbouwereerd bij zijn populariteit staat te kijken, het publiek vindt het geweldig. En lokt ook reacties als “Mocht hij mijn leeftijd hebben…” uit.
En ik was vooral content dat ik het laatste zitplaatsje kon bemachtigen. Want een uur Tamino is lang, zeer lang. Er komen vijftien liedjes aan bod, telkens geënt op hetzelfde principe : piano of gitaar of drum begint, en Tamino vlug aan met lange kreten en simpele teksten, en (veel te) veel serieux. Het herhalingseffect speelt na een kwartier parten en begin je rond te kijken naar de andere concertgangers. En zie je iedereen zeer gebiologeerd staren naar Tamino en genieten van zijn muziek.

Ik denk dat het een gen moet zijn : ofwel heb je het voor hem, ofwel ben je gewoon blij dat je het concert tenminste zittend kan uitzitten.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

The Cribs

24-7 Rock Star Shit

Geschreven door

Voor The Cribs lijkt het maar niet te willen lukken in België. Ze kwamen net als de Kaiser Chiefs in de slipstream van Franz Ferdinand en Bloc Party met veel branie en lef naar Europa om eigenhandig de poort naar het grote succes open te breken. In 2005 speelden ze samen met de Kaiser Chiefs een double bill in de Brusselse Botanique. De Chiefs hadden net hun eerste radiohitje met “Oh My God”, maar het hebbedingetje van de avond voor het handvol geïnteresseerden was een gratis vinylsingle waarop de Cribs en de Chiefs een nummer van elkaar coveren. Daar vang je vandaag op een gespecialiseerde website al snel 50 euro voor. Hun nieuwe album (‘24-7 Rock Star Shit’) kan je downloaden voor een fractie daarvan.

De Kaiser Chiefs is het sindsdien voor de wind gegaan. Hun albums verkopen nog steeds goed, al blijven de hits nu even uit, maar ze spelen bij ons nog in de grote zalen en op de grote weides. The Cribs hebben daarentegen – althans in ons land – niet dat pad kunnen volgen. Pukkelpop heeft deze drie Britse broers nog drie keer naar Kiewit gehaald, maar echt memorabel waren die passages niet. Belgische zaalshows voor The Cribs zijn nog schaarser. Het Depot heeft hen één keer naar Leuven gehaald en ze deden het voorprogramma van Franz Ferdinand in de Lotto Arena in Antwerpen. Verder dan een halve radiohit (“Men’s Needs”) zijn ze hier niet geraakt.

Dat is best jammer. The Cribs is een prima rockband met een stevige livereputatie. Ze brengen een smerige Britpoprock die moeilijk te vergelijken valt. Een beetje als de Libertines of (de oude) Bush, maar dan harder en vuiler, meestal zonder dat het echt punkrock wordt. Ze zaten bij hippe labels als Wichita en bij majors als Warner en Sony voor de distributie.

In andere landen lukt wel (bijna) alles voor The Cribs. Ze spelen wereldwijd de grootste festivals (Lowlands, Rock Am Ring, Sziget, Lollapalooza, Reading, Fuji Rock, Glastonbury,  …) en hebben zich steeds weten te omringen met goed volk. Zo was Johnny Marr van The Smiths een paar jaar het vierde lid van de band. Lee Ranaldo van Sonic Youth kreeg een gastrolletje op hun derde album. Legendes als Edwyn Collins, Nick Launay, Rick Ocasek, Alex Kapranos, Andy Wallace en Steve Albini hebben hun albums geproduced en gemixt. De meesten polijsten de ruwe kantjes van The Cribs weg, wat hen commercieel succes opleverde. Alleen Albini zette die ruwe kantjes extra in de kijker op album nummer 5, ‘In The Belly Of The Brazen Bull’. Hij mocht opnieuw aan de slag voor hun jongste, zevende, album.

’24-7 Rock Star Shit’ opent met een veeg gitaardistortion, als was het maar om duidelijk te maken dat Steve –back-to-basics- Albini aan de knoppen zat bij de opnames. Naar Albini’s gewoonte werd de hele zwik in amper vijf dagen ingeblikt. Oorspronkelijk zou het een EP worden met vijf punksongs die niet op Brazen Bull geraakt waren, maar waar de fans wel pap van lusten tijdens de liveshows. Uiteindelijk hebben ze er toch maar een album van gemaakt.

De broertjes Jarman doen op dit album hard hun best om nog steeds relevante indierock te maken, maar een aantal tracks klinken tam en lusteloos op een manier waar Oasis vroeger wel mee weg kwam. De magie van de begindagen van The Cribs komt de kop opsteken in een paar nijdige, rauwe noiserockers als “Partisan”, “In Your Palace” en “Year Of Hate” en in een klagerig en wel heel traag nummer als “Dead At The Wheel” en de akoestische ballad “Sticks Not Twigs”. Maar echt betoveren lukt niet het hele album en punk is het ook niet helemaal. Een slordig huwelijk tussen Bob Mould’s Sugar en The Melvins, met The Vaccines en Teenage Fanclub als getuigen, daarmee kom je misschien nog het beste in de buurt.

Voorlopig promoten ze dit nieuwe album enkel live in de VS, Mexico en de UK. Jammer, want deze noisevariant van The Cribs zou hier wel eens heel populair kunnen zijn bij de fans van Brutus en Cocaine Piss.

 

Steven Wilson

To The Bone

Geschreven door

Steven Wilson, de voormalige frontman van de progband Porcupine Tree, is een purist en een perfectionist, iemand die muziek maakt met behulp van microscoop en waterpas. Hij sleutelt eindeloos aan zijn platen tot alles perfect zit. Naar zijn normen toch, want wanneer iets perfect zit voor een virtuoos of precisiemens als Wilson is het voor ons dikwijls al lang naar de kloten, wij zijn bijvoorbeeld ook geen fan van de nieuwe van Roger Waters.
Wilson is met dit nieuwe album opgeschoven van progrock naar progpop en heeft zich gericht op compacte harmonieuze songs die deze keer niet persé 10 meer dan minuten moeten duren. Op ‘To The Bone’ zijn uiteraard een hoop muzikale hoogstandjes te vinden, maar in zijn zoektocht naar uitgebalanceerde melodieën en gestroomlijnde pop is Wilson toch wel een paar keer zwaar over de slijmbalgrens gegaan. Met de platte commerciepop van “Permanating” bijvoorbeeld lonkt hij zeer nadrukkelijk naar de hitparade en zelfs naar de dansvloer, dit klinkt als The Scissor Sisters, maar dan zonder de humor.
De dingen waar progrock-fans doorgaans op kicken, namelijk epische rocksongs met vaak lange virtuoze uitweidingen, zijn hier ver te zoeken. De virtuositeit is evenwel nog steeds aanwezig, maar die zit in een keurslijf van beknopte en te cleane songs gewrongen. Wij vrezen dan ook dat de Porcupine Tree fans die nog aan boord waren nu wel definitief zullen afhaken, tenzij ze zich nog hardnekkig vastklampen aan die ene lange track “Detonation”, eentje waarin Wilson nog eens met verve het brede spectrum van de progrock bewandelt.
Wilson zal zelf niet wakker liggen van de verloren fans, hij heeft zijn pijlen duidelijk op andere doelen gericht. We wensen hem veel succes, maar wij zoeken liever andere oorden op.

Steven Wilson concerteert op 09/03/2018 in de AB, breng een comfortabel kussen en een dekentje mee.

W.I.L.D.

Purgatorius

Geschreven door

De Franse Trash-Death metal band W.I.L.D. bestaat sedert 2004 en brengt met ‘Purgatorius’ hun vijfde langspeler uit. Na de instrumentale intro “A Start That Isn’t One” krijgen we met de eerste drie/vier songs snedige trash metal voorgeschoteld. Snedig en uptempo. Een solide ritmesectie als basis voor het gitaarwerk en de zang. De vocals van zanger Jérôme Thilly bestaat uit donker gegrom dat wel past bij de sfeer van de muziek. Op “Trapped” beginnen iets rustiger om daarna het tempo iets op te trekken. Deze track is ook iets melodieuzer dan de voorgaande tracks. Dat uit zich in iets cleanere zang en een melodieuzer gitaarspel. De song is even sterk als de rest maar wijkt hierdoor wel een beetje af van de andere nummers. “An End That Isn’t One” sluit het album, net zoals het begon, instrumentaal af.
“Purgatorius” is gewoon een heel degelijk Trash metal album. Ze zijn goed in wat ze doen zonder veel franjes en tierlantijntjes erom heen. Het toont tevens aan waarom ze reeds talloze supports voor bands als o.a. Carcass, Textures, Hate, Kronos en Entombed hebben mogen doen.

Oscar & The Wolf

Infinity

Geschreven door

De omhooggevallen ijdeltuit Max Colombie heeft een nieuwe plaat gemaakt, ‘Infinity’ heet het vehikel en ‘t is een lauwe mossel met een strik er rond. Net als de vorige plaat ‘Entity’ staat het ding vol met pathetisch geneuzel, hoogdravend theatraal gezwam en kitscherige nichtenpop met beperkte houdbaarheidsdatum. Het gezanik wordt af en toe ondersteund door enkele hippe beats die de fans naar de dansvloer moeten drijven. Goede songs daarentegen zijn ver te zoeken, net als de bandleden blijkbaar. Oscar And The Wolf zou eigenlijk een groep moeten zijn, maar in alle voorbeschouwingen, artikels, interviews en recensies gaat alle aandacht naar de poseur Colombie en wordt er met geen woord gerept over eventuele andere groepsleden. Kun je nagaan wie er achteraf met de centen zal gaan lopen. Ook de hoes laat duidelijk blijken dat het hier maar om één figuur draait, doch het album zelf laat eens te meer uitschijnen dat er achter die egotripper weinig of geen talent schuilgaat.
Colombie zweeft nu nog weelderig op zijn wolkje van succes waar hij blijft smullen van de grenzeloze aandacht van een kritiekloos Vlaams publiek. Dat hij er nog maar een beetje van geniet, want echt lang zal het niet meer duren eer zijn luchtbal doorprikt wordt, en dan is het voorgoed voorbij. Oscar & The Wolf is de Lernaut & Hauspie van de popmuziek.
Dat Het Sportpaleis op 27 en 28 oktober alweer volledig overstag zal gaan, daar twijfelen we niet aan. Maar dat is ook zo bij K3.

Pagina 423 van 966