logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
dEUS - 19/03/20...

Primal Scream

Primal Scream verkoopt ons een lel van jewelste

Geschreven door

Primal Scream verkoopt ons een lel van jewelste
Primal Scream
De Roma
Antwerpen
2017-06-16
Lode Vanassche

MannGold zien er niet uit als de grootste fuifbeesten, maar ze spelen wel mokersgewijs de grootste pareltjes progrock. Twee drummers en bas sturen bij momenten loodzware instrumentaaltjes die vaak aan de gelaagdheid van Mogwai en Godspeed, overgoten met een , hoe paradoxaal ook, een Stooges of MC5 sausje. Hou deze knapen in het oog, ze verdienen grotere podia.

‘And now, for something completely different’: Primal Scream. Drummer Bobby Gillespie verlaat in 1984 The Jesus And Marychain om zelf met de Stone Roses gitarist Duffy de hort op te gaan. De rest is (wereld)geschiedenis. Wat kan je life verwachten van een groep die gospel, psychedelica, rock, R&B, funk, punk en electro speelt? Veel dus. En ze hebben met verve een mix van dit alles gebracht, met een opeenvolging van hoogtepunten en crowd pleasers.
Er wordt uit verschillende vaatjes getapt en daar is voor alle duidelijkheid niets mis mee. Booby weet al lang dat het warm water is uitgevonden en koos voor een basic Scream opstelling. Bas, toets, gitaar en zang. Kwatongen beweren dat ze na een optreden in de Melkweg in Amsterdam vaak niet meer te pruimen zijn door de inname van een buslading leuke substanties, maar daar viel in de Roma niets van te merken.
De bloedvorm werd alras getoond met opener “Swastika Eyes”. Gevolgd door een zorgvuldig uitgekozen playlist uit hun complete repertoire. Wie verwachte dat ze integraal hun laatste ‘Chaosmosis’ gingen spelen, was eraan voor de moeite.  Als een ware volksmenner  laat Zijne Eigenzinnigheid onder andere “Jailbird” , “Slip inside this house” op  het publiek los. Het nieuwe “Feeling Like a Demon Again” past perfect in het rijtje. Met een potige versie van “Get Your Rocks off” kan het Oerschreeuwfeest niet meer stuk. En dan het moment…… ‘ Just what is it that you want to do? Well, we wanna be free, we wanna be free to do what we wanna do. And we wanna get loaded and we wanna have a good time. And that's what we're gonna do (away baby, let's go). We're gonna have a good time, we're gonna have a party  “Loaded”: Daarvoor alleen heb je een arm veil.

Tevens mochten we een ijzingwekkend goede rockversie horen van hun gospel klassieker  “Movin’ on Up”. De definitieve knock out is er met “Come Together”, een oproep tot eeuwige ongehoorzaamheid tegen over het systeem.

Organisatie: De Roma, Antwerpen

 

The Afghan Whigs

The Afghan Whigs - Scherper dan ooit

Geschreven door

Qua revival van de nineties gitaarrockgroepen werden we al wat verwend de laatste tijd. Amper een week na de fantastische doortocht van Buffalo Tom was het nu de beurt aan The Afghan Whigs om te schitteren in de AB. In tegenstelling tot Buffalo Tom, die uitvoerig de 25ste verjaardag van hun meesterwerkje ‘Let Me Come Over’ kwamen vieren, was het concert van The Afghan Whigs minder op nostalgie gericht. De band had daar een goeie reden toe, er moest een nieuwe plaat ‘In Spades’ worden gepromoot. Daar hadden wij niks op tegen want ‘In Spades’ is een bijzonder sterk werkje, evenals ‘Do The Beast’ van drie jaar geleden, waaruit hier trouwens ook uitvoering werd geput. In de periode voor ‘Do The Beast’ leken The Afghan Whigs trouwens 16 jaar van de aardbol verdwenen, maar alle goeie dingen komen vroeg of laat terug boven water. En of ze terug zijn ! we zullen het geweten hebben.

The Afghan Whigs stonden immers scherper dan ooit en speelden bij momenten snoeihard. Na een fijnzinnige intro “Birdland”, met enkel Greg Dulli in de hoofdrol, trok de band bijzonder fel van leer met een verschroeiende aanvangsronde met “Arabian  Heights”, “Matamoros”, “Honky’s Ladder” (het eerste oudje ) en “Light As A Feather “. Bij momenten werd hier een geluidsmuur met maar liefst 4 gitaren opgetrokken, geen moment van ademruimte werd ons gegund. En dan kwam die fenomenale muilpeer “Debonair” er al aan. De AB kookte over, en het was verdomme al zo warm. “Debonair” was trouwens één van de twee songs die uit hun meesterwerk ‘Gentlemen’ werden gehaald. Die andere was een uitzinnig “Fountain & Fairfax” dat stoomde als een ontketende The Who in hun jongste jaren. Had u ons op voorhand gezegd dat The Whigs maar twee songs uit het onevenaarbare ‘Gentlemen’ gingen spelen, wij zouden met een serieus pruilmondje naar Brussel getrokken zijn. Maar jeetje, hebben zij dat met verve opgelost. En dat vooral door de sterkste momenten uit hun twee recente albums (“Algiers”, “Demon In Profile”, “Into The Floor”,…) uit te strooien tussen een hoop onvervalste klassiekers als “John The Baptist”, “Sometin’ Hot” en “Going To Town”.

De bisronde was er ook eentje om van te smullen. Na de verrassende Faces cover “Ooh La La” pakten The Whigs uit met een krachtig en fel rockend “Parked Outside” en een intens “Summer’s Kiss” om er dan met de gevoelige snaar van “Faded” op een briljante manier uit te gaan. Het kon misschien ook wel een beetje van de warmte zijn, maar wij waren hier serieus aan het smelten.

The Afghan Whigs stonden vanavond met één been in het heden en met één in het verleden. Beide benen waren in topconditie.

Ook vernoemenswaard was Ed Harcourt, die al een pak soloplaten uitheeft , maar nog steeds in de vergetelheid bezig is , zo blijkt. Solo of met een violist bracht hij enkele innemende songs , haalde hij eens fors uit met gitaar of experimenteerde hij in een klankenspectrum. Na de set vervoegde hij een goed kwartier laten de heren van The Afghan Whigs.  

Organisatie: Live Nation

Real Estate

Real Estate - Soundtrack voor een luie zomeravond

Geschreven door


Met ‘In Mind’ blikte Real Estate, een jong vijftal uit New Jersey, dit voorjaar al hun vierde plaat in die weinig nieuws laat horen dan op haar voorgangers. Live heeft dit zo zijn voor- en nadelen. In het beste geval sleuren ze je mee in een langgerekte muzikale trip waartoe hun licht psychedelische sixties Westcoast sound à la The Byrds en The Grateful Dead, of recenter, Teenage Fanclub en The Shins, zich prima leent.  In het andere geval dreigt al vlug verveling toe te slaan. Dat gebeurde die avond helaas net iets te vaak om van een volledig geslaagd concert te kunnen spreken.

De Orangerie was nochtans goed gevuld voor een groep die tot dusver nog op weinig noemenswaardige concertagenda’s of festivalfiches in ons land mocht prijken. We vermoeden dat de doorgaans positieve reviews die in de blogosfeer over deze band circuleren daar voor iets tussen zitten. Louter instrumenteel vonden wij Real Estate op zijn sterkst, en dat niet alleen omdat Martin Courtney niet meteen de meest charismatische frontman is die er dezer dagen rondloopt. De uitgesponnen melodieuze gitaarsolo’s op nummers als “Darling”, “Talking Backwards” en publieksfavoriet “Had To Hear” werden in de zaal op beleefde herkenningsapplausjes onthaald. Maar er was ook voldoende gelegenheid om zachtjes weg te mijmeren op het tragere, oudere werk als “Easy “ of “Green Aisles”. 

Al bij al een aangename soundtrack dus bij een luie, warme zomeravond. Als het zo blijft zomeren gaan wij hun albums nog vaak draaien thuis.

Organisatie: Botanique, Brussel

The Narcotic Daffodils

Summer Love

Geschreven door

The Narcotic Daffodils uit het Brusselse hebben hun derde album, ‘Summer Love’, uitgebracht bij het Antwerpse Starman Records. Ze weten de tijdsgeest van die zomer van de liefde perfect te vatten in licht verteerbare, psychedelische pop voor liefhebbers van Shocking Blue en Middle Of The Road. Ook Jefferson Airplane, Iron Butterfly en Buffalo Springfield zijn nooit ver weg. Maar er zijn ook nog wat werkpuntjes.
Bezieler Simon Rigot (die je misschien nog kent van newwaveband Berntholer en hun culthit “My Suitor” en later van Les Cactus met o.m. Perry Rose en Dirk Schoufs) richtte The Narcotic Daffodils op in 2009. Na twee albums verlieten drie leden de band en moesten vervangers gezocht worden. Met drie nieuwe, jonge muzikanten (Maria op gitaar, Luna op orgel en zang en Arne op drums) brengen ze op zes nummers een fijne en heel aanstekelijke mix van  psych, acid en bluesrock. De nieuwelingen moeten nog een beetje groeien in hun rol in de band, maar met wat meer podium- en studio-ervaring komt dat goed.
Op het vorige album hadden ze hun sound een moderner jasje aangemeten, maar op dit derde album keren oprichters Simon Rigot (sitar en keyboards) en bassist Flupke terug naar de psychedelische pop en rock. De band haalde voor dit album zijn inspiratie opnieuw uit de wilde jaren ‘60, een tijd waarin alle experimenten mogelijk waren, van de flower power, de seksuele revolutie  en het leven in communes tot de invloed van Indiase muziek, psychedelische bluesrock  en breed uitwaaierende Hammond-orgels.
De sfeer en de composities zitten alvast heel raak. Alleen laat de band punten liggen inzake de teksten. In de sixties hadden liedjes toch vaak een verhaallijn en die ontbreekt hier meestal. Ook de productie en geluidsmix kunnen beter, of het moet zijn dat die moeten bijdragen aan het retro-garagesfeertje. Maar er zijn genoeg momenten dat alles juist zit. Het lang uitgesponnen “Atomic 53” doet een beetje denken aan de vroege albums van Fleetwood Mac (Black Magic Woman, Albatross) en aan The Fifth Dimension en daarmee zitten The Narcotic Daffodils toch al zeker in het juiste tijdvak.
‘Summer Love’, de track dan, opent met een prachtig Hammond-geluid dat op zich alleen al de hele song overeind houdt tot aan de psychedelische outro. Ook “Naturally High” teert hard op het geluid van de keyboards.
“Guardians” is een straffe track met heel uiteenlopende ingrediënten: rock, acid, garage, fuzz en zelfs een beetje punk. “Hypnotized” is zonder meer de leukste en interessantste track op dit album. Hier zit alles juist.
“Bruxelles” is een beetje een buitenbeentje op dit album en niet alleen omdat hier niet in het Engels gezongen wordt, maar in het Frans en in het Nederlands. De verstaanbaarheid kon beter, vooral omdat deze song wel iets te vertellen heeft. Zoals de titel laat vermoeden is het een ode aan de stad Brussel, met als ruggengraat de haltes van belangrijke metro- en tramlijnen. Dit guitige lied sluit ook minder aan bij het psychedelische van eind jaren ’60 zoals de andere songs en past eerder bij het begin van de sixties, bij de jonge France Gall en Françoise Hardy.
Echt een instant hit of een spontane meezinger scoren The Narcotic Daffodils niet op ‘Summer Love’. Het is wel een ideaal plaatje voor in de auto, deze zomer op weg naar het zuiden van Frankrijk of naar Italië. Ook festivals en broeierige muziekcafés kunnen met deze band hun voordeel doen.

Info
http://vi.be/thenarcoticdaffodils

Sound Storm

Vertigo

Geschreven door

We zijn al halfweg 2017 maar kregen hier een album dat sedert December 2016 uit is. Na de nodige interne wissels lijkt deze Italiaanse band terug op cruise snelheid te zitten. Voor het geluid werd beroep gedaan op Joost Van Den Broeck (Epica, Ayreon, Xandria…). Er werd dus niets aan het toeval overgelaten.
Het album klinkt vol en stevig. ‘Vertigo’ is een soort van conceptplaat dat zich in de Victoriaanse tijd afspeelt en losjes gebaseerd is op verhalen van Dante. Dit is te merken aan de klankkleur van het album. De muziek is tevens vrij theatraal opgebouwd en de klassiek klinkende backings en achtergrondkoren versterken dat nog.
Er is veel te ontdekken in de tracks: luister maar eens naar alle details in bijv. “Metamorphosis”. Talrijke twist and turns, koortjes, piano en gitaarsolo’ kleuren de song. De zang klinkt karakteristiek en Fabio heeft soms een wat benepen stemgeluid. Maar over het algemeen valt er niets negatiefs over te zeggen. Ook in de negen andere tracks krijgen we al deze elementen te horen: veel bombast, fijne details en krachtig gitaar- en percussiewerk.

‘Vertigo’ klinkt krachtig en vol. Soms als een subtiele pletwals. Ze hebben vijf jaar de tijd genomen voor hun opvolger en ze hadden intussen de nodige personeelswissels. Aan het resultaat te horen is het de moeite waard geweest om zolang te wachten.

My Own Ghost

Life On Standby

Geschreven door

De Luxemburgse band My Own Ghost heeft haar tweede album uit. Een album dat wat radiovriendelijker en minder metal klinkt dan hun debuut ‘Love Kills’. Rock met elektronische ondersteuning en een vocaliste in de vorm van Julie Rodesch. Ze presteert over het algemeen heel goed en zorgt voor de melodische noot in de songs. Maar dat is al meer detailkritiek. De songs zijn over het algemeen sfeervol en met melodisch gitaarwerk. Opvallend is “The Night I die” die de akkoorden van Chris Isaac zijn “Wicked Games” als uitgangspunt neemt. Het is dus geen cover geworden maar eerder een vertrekpunt. Een mooie ballad. “Hope” is een mooi opgebouwde ballad dat het vooral van de zang en de synths moet hebben. Net als “If I Stay” dat als een donkere elektro track klinkt. Ook enkele meer uptempo nummers zijn erg geslaagd: “Don’t Say You Love Me”, “Everytime I Break” of opener “Life on Standby” (mooie gelaagde vocalen).
My Own Ghost heeft een album gemaakt dat licht verteerbaar is maar toch kwalitatief genoeg is om er genoeg luisterplezier aan te beleven. Het zal niet eenvoudig zijn om op te vallen tussen de resem releases maar de stem en elektronische toets zijn hun pluspunten hiertoe.

Ellen Allien

Nost

Geschreven door

Zeggen dat techno tot één van mijn favoriete muziekstijlen behoort , zou gelogen zijn. Maar als het om uitdagende releases zoals deze gaat ben ik wel één en al oor. Ellen Allien behoort immers tot de muzikale subcultuur in Berlijn. Daar heeft ze bijgedragen tot de ontwikkeling van het genre in deze grootstad.
Met ‘Nost’ presenteert ze haar zevende solo album. ‘Nost’ vloeit voort uit de term nostalgie en wil een beeld van de ondergrondse clubscene vertegenwoordigen of uitdragen. Je krijgt op de openingstrack “Mind Journey” een donkere, futuristisch en dystopisch klinkende soundscape te horen. De ritmes zijn repetitief en wekken een gevoel van trance op. Op de volgende song “Innocence” komt de dansvloer meer in beeld. Op “Jack My Ass” schakelt ze nog een versnelling hoger en kunnen we nu niet meer stil zitten op onze stoel. Zo krijgen we dus negen tracks voorgeschoteld.
Op ‘Nost’ presenteert Ellen Allien ons kwalitatieve tracks die allen vrij repetitief, dystopisch en dansbaar klinken. Ze slaagt er goed in om een clubgevoel uit de grootstad op te wekken met haar muziek. Dit is dan ook techno van de bovenste plank. Uitstekend DJ materiaal.

Until Rain

Inure

Geschreven door

De bandnaam doet wat denken aan een gothic band maar niets is minder waar. Until Rain is een Griekse prog metal band. We moeten wel toegeven dat ze met  ‘Inure’ de donkere kanten van de band verkennen. Ook kunnen we meegeven dat de nieuwe zanger hier zijn opwachting maakt. Cons Marg (bekend van zijn werk met Arjen Lucassen’s Epic Rock Choir) zijn stemgeluid past uitstekend bij de ietwat donkere insteek van het album. Het album werd gemastered en gemixed door Daniel Cardoso van Anathema.
Hun muziek is een mix van verschillende stijlen in een progressief jasje gegoten. Maar het wordt nergens te ingewikkeld of te vergezocht. Naast allerhande metal, avant garde en soms zelfs death metal invloeden heeft men erover gewaakt dat de songs voldoende melodie en variatie bezitten. De meeste songs zijn vrij traditioneel opgebouwd. De single “Because Something Might Happen” en het titelnummer “Inure” vormen tussen de rest een beetje een uitzondering vanwege hun lengte (respectievelijk 9 en 11 minuten) en vormgeving. Beiden zijn echte prog tracks. Mooi opgebouwd en met veel variatie. Soms hoor je ergens wel de invloed van Cardoso zoals in de sfeervolle ballad “This Fear” waar het begin wat refereert aan de werkwijze van Anathema. Zo ook in “Tearful Farewell” dat een gelijkaardige uitwerking meekreeg. Mooi baswerk trouwens in deze song.
Until Rain heeft met ‘Inure’ een stap voorwaarts gezet. De songs zijn meer to-the-point, hebben veel details om te ontdekken en de nieuwe zanger heeft fantastisch werk afgeleverd. Uitstekend schijfje met mooi en verzorgd artwork.

Slayer

Slayer - Slayer maakt van de AB een echt hellegat!

Geschreven door


Op een doordeweekse dag stonden  thrash iconen Slayer geprogrammeerd in de Ancienne Belgique. Dinsdag 13 juni stond al een tijdje lang vastgepind in mijn agenda, want voor mezelf was het lang geleden dat ik deze Amerikanen nog eens in een zaal aan het werk zag. Meestal stonden ze paraat op het hoofdpodium van een festival, maar een zaalshow is altijd net dat ietsje anders…en in dit geval beter, met de hoofdletter B!

Aftrappen deden ze met de intro (“Delusions of Saviour”) van hun nieuwe plaat getiteld ‘Repentless’, gevolgd door de uitbarsting van het titelnummer zelf. En live klinkt dit nummer als een echte pletwals…geen haan die erachter kraait dat dit woord zelfs geen betekenis geeft. De massa begon te zwalpen van voor naar achter en het uitverkochte AB barstte net niet uit zijn voegen. Vocaal gezien klonk Tom Araya als een opgefokte buldog met in zijn kielzog de gierende gitaar van kletskop Kerry King, beide dus de grondleggers van deze band.
Er werd vlotjes gependeld tussen ouwe hitjes waaronder “The Antichrist” met de vloeiende riff , “Mandatory Suicide”, het razende “War Ensemble” die ongetwijfeld voor de nodige kneuzingen zorgde vooraan het podium, en niet te vergeten “Born of Fire”, die alle kelen deed meebrullen.
Slayer klonk strak, het geluid was van uitermate hoog niveau (eat that Sportpaleis) en de muzikanten speelden allen top. De Amerikanen hadden bloed geroken en duwden het venijn wat dieper met songs “Postmortem”, “Dead Skin Mask” en “Chemical Warfare”. Ik moet uiteraard niet wijzen op het feit dat de boel pas ontplofte tijdens krakers “Seasons in the Abyss”, “South of Heaven”, het wervelende “Raining Blood” met de gitaar riff op kruissnelheid  en de zaal die rood kleurde, en absolute smaakmaker “Angel of Death” die door een bomvolle zaal werd meegebruld.

Slayer deed waarvoor ze getekend hadden, Brussel een echt hellegat maken (je hebt gelijk Trump) en deze geslaagde avond zal bij menig mensen lang blijven nazinderen. Ik ben fan van doordeweekse optredens en zeker van deze kwaliteit!  Thrash till death Disciple!!

Organisatie: Live Nation

Yadayn

Adem

Geschreven door

Een album met titels die aan onze zintuigen refereren: “Hoor”, “Adem”, “Voel”… Dan kan je al een beetje verwachten wat voor soort muziek je zal te horen krijgen. We krijgen relaxte, soms wat etherische en eclectische muziek. Gecomponeerd door multi-instrumentist Gowaart Van Den Bossche. Het grotendeel van de songs bestaat uit een akoestische gitaar aangevuld met synths, veldopnames, ukelele etc... .
Zijn album is opgevat als twee suites (A en B) die je als één trip beluistert i.p.v. als afzonderlijke tracks. Het overgrote deel werd opgenomen in de hall van een ontmantelde telefooncentrale. De rest werd opgenomen in het huis van zijn grootmoeder.

Qua genre kan je het misschien omschrijven als een soort neo-folk. Een soort rustpunt in een haastige maatschappij. Het klinkt organisch en soms wat repetitief. In elk geval maakt Yadayn indruk met ruimte, kalmte en doordachtheid.
‘Adem’ zou een soundtrack zijn voor een film kunnen zijn. Een film bijvoorbeeld over iemand die in Alaska woont of op de prairie om maar iets te zeggen. Een film met weinig dialoog maar veel gevoel. Aan u om te ontdekken of dit je ding is.

Pagina 439 van 966