logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
The Wolf Banes ...

Daan

Daan – Daan blijft Daan!

Geschreven door

Daniël ‘Daan’ Stuyven, tegen wil en dank is en blijft hij het enfant terrible van de Belgische muziekscène. Soms begrepen, maar nog vaker onbegrepen. Een artiest die nog steeds scoort en één van de weinige Vlaamse rockiconen die mag en kan zeggen dat hij in de grote concertzaal van de Vooruit mag staan. Daan is Daan, en maakt het zichzelf en zijn publiek niet gemakkelijk. Menig artiest zou voor een greatest hits-set gaan. Niet hij, wel bracht hij (weliswaar in een compleet andere volgorde) integraal zijn laatste album ‘Nada’, aangevuld met zes bisnummers (en zelfs niet eens de gekendste). “Het is keer iets anders”, mompelde Daan toen hij het podium verliet. Anders is het minste wat je kan zeggen, het gaat nu eenmaal over Daan Stuyven!

Er is al veel geschreven over ‘Nada’, maar voor wie het nog niet zou weten, de laatste plaat is er één waarop Daan teruggrijpt naar de essentie: muziek maken. Eventjes had Daan genoeg van het rock ’n rollcircus en snapte als geen ander dat de hobby van toen bijna een pure industrie was geworden. Gedegouteerd trok hij zich terug van dit alles en het was tijdens een trip naar Catalonië met fotograaf Peter De Bruyne dat de muzikant zichzelf herontdekte, en een nieuwe Daan was geboren, zowel op plaat als op muzikaal vlak.
Reeds van in het begin van zijn carrière speelde Daan graag met uitdagende rock ’n roll-poses. Dat was in Gent niet anders, zo zou hij pas in de helft van zijn set zou hij zijn zwarte zonnebril afzetten of liet hij zich in pure Iggy Pop-stijl neervallen. Weinig contact met het publiek, af en toe eens een “Bonsoir” mompelend, maar meer moest niet. Muziek hoeft geen bindteksten, zeker niet wanneer het ingestudeerde promopraat is. Daan was Daan, zelfzeker en dat was zoals steeds bij hem te nemen of te laten. Wij namen het graag, want wat de zanger-gitarist bracht was betoverend.
De set werd geopend met het instrumentale “Fermavida”. Daan op zijn donkerst, het leken wel bijna drones te zijn. Intieme luisterliedjes over opgekropte gevoelens, dingen des levens (zoals “Friend” die hij op zijn eigen tedere wijze aan zijn bandleden opdroeg). Wel gebracht met een rock ’n roll-sfeer, maar mijlenver weg van de new wave-invloeden die van hem bijna twee decennia terug een ster maakten. Wie dit had gehoopt om te horen, kon zich maar beter naar de bar reppen en wachten tot het slotlied “Bala Perdida” uit de boxen knalde. Plotseling werd Daan, geholpen door drumster Isolde Lasoen, een Italo Disco-ster. Aan decadentie geen gebrek, evenmin aan talent.
En dat was het dan. Daan verliet het podium, maar hij kwam terug. Die zes bisnummers weet je wel. Geen “Victory”, “Housewife “ of “The Player”. De keuze zegde genoeg, deze artiest houdt misschien wel van zijn vroegere werk, maar Nada is een ommekeer, en dus moet je niet meer naar de golden oldies teruggrijpen.
De bisronde werd op gang getrokken door “Brand New Truth” uit ‘Manhay’, de start voor de oude dingen zoals Daan ze zelf omschreef, werd hiermee gegeven. “Decisions” volgde, en daarna “La Vraie Decadence”, een song die Stuyven ten voete uit beschrijft.
Het merendeel van het publiek had het intussen door dat er slechts drie songs nog zouden volgen, de meester had het immers alvorens te beginnen het aantal zelf aangegeven.

Eigenzinnig, maar met klasse bracht hij “Everglades”, “Icon” en “Exes”. Het publiek werd naar huis gestuurd met een vreugdesprong van de meester zelf. Vol eerbied wierp hij een kus toe naar zijn publiek. Daan stond er, maar ook een kerel die alleen maar naar zijn eigen stem in zijn hoofd wil luisteren. Zo hebben we ze graag, gewoon omdat zoiets vaak tot genialiteit leidt.

Met dank aan Luminousdash.com http://www.luminousdash.com

Organisatie: Democrazy, Gent

 

Real Estate

In Mind

Geschreven door

Wat is er veranderd met het nieuwe album ‘In Mind’? Om te beginnen was er het vertrek van lead gitarist en singer/songwriter Matt Mondanile die zijn focus meer op zijn band Ducktails wil houden. Heeft dit vertrek een invloed gehad op hun geluid en hun songs? In feite niet echt. Het typische geluid van Real Estate is gebleven. Nieuwkomer Lynch legt wel subtiel zijn stempel op het gitaarwerk maar het ligt in het verlengde van wat de band al jaren deed. Goed nieuws dus voor diegene die hen al langere tijd volgen.
We krijgen 11 indierock/pop songs bestaande uit fijn gitaar- en baswerk, ondersteunende drums en een dromerige zang van Martin Courtney. Fijne songs zijn afsluiter “Saturday” vanwege zijn iets andere opbouw, het door Alex Bleeker gezongen “Diamond Eyes”, “Serve The Song”, “Stained Glass” en opener “Darling” die als single werd gekozen. Het album werd geproduceerd door Cole M.G.N.
‘In Mind’ doet mij soms een beetje denken aan hun puike album ‘Days’ uit 2011. Het haalt bijna hetzelfde niveau. ‘In Mind’ bestaat deels uit songwerk dat we kennen als typisch Real Estate en daarnaast is er ook nog ruimte om in een aantal songs op een subtiele wijze wat andere elementen in te steken. Dat houdt het album boeiend maar zorgt er ook voor dat er een soort van tweespalt in het album zit.
‘In Mind’ is weliswaar geen meesterwerk geworden maar wel een aardige en aangename indie-plaat die ik persoonlijk hoger inschat dan hun voorganger ‘Atlas’.

Sólstafir

Berdreyminn

Geschreven door

‘Berdreyminn’ is een nieuwe stap in de evolutie van Solstafir. Waren de eerste albums een mengeling van metal en postrock met toen zelfs wat blackmetal, dan brengt de IJslandse band vandaag een nieuw geluid met mysterieuze melodieën, psychedelische uitbarstingen en een onderstroom van classic en hard rock. De muzikale verwijzingen naar de metal die ze eerder brachten, zijn nog slechts subtiel aanwezig.
Maar Sólstafir is nog altijd geen AC/DC geworden. Ook deze rock- od postmetalvariant van Sólstafir is dooraderd met het donkere en mystieke van de IJslandse cultuur. De sneeuwlandschappen en de zwarte kusten worden bijna tastbaar in tracks als “Isafold” en “Hula”. Om de emoties van de songs ten volle te kunnen naar voor brengen, werden de genregrenzen volledig genegeerd. “Nárós” had muzikaal van De Brassers kunnen zijn en past in het doemdenkende muzikale straatje van de jaren ’80 waar ook bv. Preoccupations (het vroegere Viet Cong) al eens naar teruggrijpt.
Melancholie voert vaak de boventoon, zoals in “Hvít Sæng”, dat donker en duister begint en dan openbloeit tot – dan toch - een echte metaltrack, of in “Dýrafjörður”. Hier staat Sólstafir wel mijlenver van wat ze op vorige albums brachten. Soms neigen de songs zelfs naar luisterpop.
‘Berdreyminn’ is de weerslag van het zoeken naar een nieuwe richting en dat op zich verdient al respect. Dat die nieuwe richting nog niet altijd even goed uit de verf komt, zullen de fans erbij moeten nemen.
Als deze IJslanders nog enkele albums mogen maken, zal het telkens nog duidelijker worden waar de weg van Sólstafir naartoe leidt en zal op dit album misschien teruggekeken worden als het kompas waarmee de lijnen werden uitgezet.
Als elke zoekende band een pareltje als ‘Berdreyminn’ zou afleveren, …

Pallbearer

Heartless

Geschreven door

Mocht u iemand zijn die zijn metal liever loodzwaar dan snel heeft, die een allesverpletterende tank verkiest boven een flitsende sportwagen en die de gure winter graag doorkomt met lijvige platen van Windhand, Neurosis en Electric Wizard, … dan is Pallbearer een band naar uw hart. ‘Heartless’ is het derde album van dit viertal uit Arkansas, en het is hun meest dynamische en avontuurlijke tot op heden.
‘Heartless’ schittert met harmonieuze sludge-metal waarbij de vocals niet geschreeuwd of gebruld maar effectief gezongen worden, ’t is eens iets anders. Let wel, dit is nergens melig en dit is hoegenaamd geen plaat om uw salonfeestjes mee op te fleuren. Pallbearer klinkt nog steeds zwaar en gevaarlijk, al is er sedert het al even fantastische ‘Foundations Of Burden’ wat meer melodie en variatie in hun doom-metal geslopen. De sound is geëvolueerd maar de brute kracht van zijn voorgangers is daarbij niet achterwege gebleven. De bulldozer dendert nog steeds gestaag door maar het toerental wordt al eens teruggeschroefd en verstilde passages komen de kop opsteken.
‘Heartless’ is met name een dik uur lekker wegdromen met de beste slow-motion metal verpakt in 7 indrukwekkende knoerten van songs.
In een krachtige maar genuanceerde buffelstoot als “Thorns” wordt de logge sound afgewisseld met enkele rustige Metallica extracten en zelfs Tool komt hier geregeld boven de horizon stijgen. Ook “Lie Of Survival” komt uit de startblokken als een kippenvalballad van Metallica, waarop iets verder de logge riffs komen aanrukken en vervolgens de leadgitaren heerlijk over het eerder aangerichte slagveld glijden.
Het pronkstuk is echter het elf minuten lange “Dancing In Madness”, met een intro die als het ware van Pink Floyd kon zijn en een vervolg waarin zware riffs en glooiende leadgitaren door zwaar moerassig gebied trekken terwijl de dichte mist onverbiddelijk blijft hangen. Ook afsluiter “A Plea For Understanding” is zo een wonderlijke trein der traagheid, een langgerekte trip op halve snelheid doorheen een dor en onherbergzaam landschap. Een song waarin forse kracht en finesse het perfect met elkaar kunnen vinden, en dat is eigenlijk heel de plaat zo.

Geen idee wat dit album met u doet, maar ‘Heartless’ heeft bij ons in ieder geval een verslavende werking op brein en ledematen. Hoe meer we de plaat opzetten, hoe sterker ze ons in de oren klinkt en hoe dieper ze onze hersenpan binnendringt. Pallbearer heeft een onvervalste klassieker afgeleverd.

Mayra Orchestra

Oracle

Geschreven door

Het Nederlandse Mayra Orchestra is in België nog een nobele onbekende. Je zou deze band kunnen omschrijven als een kruising tussen Tori Amos en (de vroege) Genesis of tussen Within Temptation en Enya. Verwacht bij deze prog-pop geen overdaad aan elektrische gitaren. Die zijn hier ingeruild voor violen, een hoorn, een trombone en een harp.
‘Oracle’ is reeds het tweede album van Maartje Dekker en Christiaan Bruin, de spilfiguren in Mayra Orchestra. In 2013 maakten ze reeds ‘World Of Wonder’. Met ‘Oracle’ gaan ze verder op de ingeslagen weg: dromerige en mooi in laagjes opgebouwde popmuziek met een paar new age-elementen. Het verhaal gaat deze keer over het mysterieuze figuurtje Tahti dat op zoek gaat naar het paradijs dat het in zijn/haar dromen heeft gezien. Elk nummer is een deel van het verhaal, maar evengoed een verhaal op zich. Dankzij het knappe artwork kan je je ook een beeld vormen van de protagonisten in het verhaal.
Bij de eerste nummers, van “A New Skin” tot “Into Your Heart”, ligt de nadruk op lichtvoetige pop met de nadruk op klassieke instrumenten. Vanaf “Edge Of The World” wordt de sfeer dreigender en donkerder, met meer drums en – dan toch – af en toe eens een elektrische gitaar op de voorgrond. Dit deel levert de meeste kleppers op: “Rulers” is prog van de zuiverste soort en in “The Other Side” zit een bijna tastbare droefheid. Andere hoogtepunten zijn het bitterzoete “Everything In Its Place” en “Stormhorses”.
Dit ‘Oracle’ is een mooi opgebouwd paradijsje met de krachtige stem van Maartje Dekker als middelpunt. Voor prog-pop bestaat misschien nog geen groot publiek, maar als één band hierin verandering kan brengen, dan wel Mayra Orchestra.
https://www.facebook.com/MayraOrchestra/?fref=ts

An Pierlé

Cluster

Geschreven door

Toen ik deze release in mijn handen kreeg moest ik erover denken dat An Pierlé toch al een tijdje meedraait sedert ze enige bekendheid verwierf met haar cover “Are Friends Electric?” van Tubeway Army. En inderdaad die cover dateert al van 1996. Time flies…
‘Cluster’ is, enkele samenwerkingen en soundtracks buiten beschouwing gelaten, haar zevende album en komt vrij snel na ‘Arches’. Net zoals op’“Arches’ staat het kerkorgel terug vrij centraal in haar muziek. Maar ze overheerst nooit. Ook de percussie is hier heel goed uitgewerkt. En haar instrumentaria staat ten dienste van de song.
Het is dus een soort vervolg geworden op ‘Arches’. Opener “Golden Dawn” is ook de eerste single uit ‘Cluster’. Een sfeervol, warm en gevoelig nummer. Met de nodige melancholie in de stem. Met een mooi refrein dat het nummer naar een hoger niveau trekt. “Huntifix” brengt weemoed, moedeloosheid en pijn. Het album heeft een vrij traag tempo en laat de nummers geduldig openbloeien zoals in “We Gravitate” of “Sovereign” waar je denkt dat ze helemaal zal stilvallen. Het is alsof een paard een koets trekt en ten einde zijn krachten is. “Road To Nowhere” is geen cover van Talking Heads maar is een zwaarmoedig en intens nummer geworden. Wel mooi uitgewerkt.
In totaal telt ‘Cluster’ acht songs. Afsluiter “Monkey” is vrij hoog gezongen en is de meest speelse track uit het album. Maar vergis u niet want lichtvoetig wordt het niet.

‘Cluster’ is een volwassen, gevoelig en vrij donker album waarmee ze nog eens haar kunnen bevestigd. Een klein pareltje dat vooral luistermuziek bevat en dat vrij ver van haar debuutsingle “Are Friends Electric” staat.

God Damn

Everything ever

Geschreven door

God Damn is een duo uit Wolverhampton en komt aandraven in de voetsporen van Royal Blood, Death from above 1979 en Japandraoids . Tja, we zitten hier dus met een energiek duo die een rits songs op bedreven , felle wijze brengt. De tempowissels maken er een boeiend geheel van , een strak , snedige sound is het, geïnjecteerd van een dosis noise . Het lijkt erop dat ze de hulp inriepen van Ty Segall. “Violence” is een pareltje. Af en toe wordt gas terug genomen , en met een song als “Oh no” klinkt het duo poppier en sfeervoller . Het kan, mag, het geeft het duo meer body en volwassenheid . Fijn plaatje.

Nao

For all we know

Geschreven door

Uit Nottingham debuteert de 28 jarige Neo Jessica Joshua aka Nao . Een uur lang hotsen we op de grooves van een reeks verslavende popsongs . Invloeden uit de P-Funk, soul , r&b met elektronica, drum’n’bass , dubstep en diepe basstunes worden geïntegreerd en maken de sound uitermate boeiend . Prince, George Clinton, Chic, Chaka Khan , Erykah Badu, FKA Twigs en Burial borrelen op .
Mura Masa klopte zelfs bij haar aan en “Firefly” werd een bescheiden hitje . Haar stem kan alle richtingen uitgaan, zacht zalvend , laag , diep , piepend, hoog . Op het album wisselt ze in uptempo en rustige nummers , zijn er een paar interessante samenwerkingen met Abhi Dijon, A.K. Paul en vinden we een handvol pareltjes in het genre als “Get to know ya”, “Inhale exhale” , “Adore you” , “Bad blood” en “Fool to love”.
Dit is dampende muziek die zonnige oorden opzoekt , tot de verbeelding spreekt en de dansspieren durft te prikkelen .

King Creosote

Astronaut meets Appleman

Geschreven door

King Creosote is het alter ego van Kenny Anderson, uit Schotland . Muzikaal te situeren binnen de sound van Noah & The Whale en And Monsters & Men . In z’n totaliteit past de  sound binnen het plaatje van intens broeierige, spannende melodieuze folkrock , in finesse en subtiliteit uitgewerkt.
Er zijn een rits sfeervolle nummers als “Faux call”, “Betelgeuse” en “Love life”, die lieflijk ontroeren. Een handvol songs onderscheiden zich , opener “You just want” en bijkomende track “The long fade” zijn boven de zeven minuten en intrigeren door de repetitieve , opbouwende ritmiek , de lichte galm en de (dromerige) geluidjes . “Peter rabbit tea” is een kinderliedje en “Surface” is er dan eentje, die overstijgt door de doedelzakgeluidjes . De vrouwelijke vocals vullen mooi aan.
We krijgen een sterk album door diepgang in de melodie en een sterke spanningsopbouw.  Eerlijk gezegd, overtuigend wat deze artiest brengt, die hier bij ons nog  geen enkele respons heeft verkregen …

Dirk Da Davo

Protest (EP)

Geschreven door

Velen, vooral uit de zwarte scene, zullen Dirk Da Davo kennen als de medeoprichter van het onlangs ter ziele gegane The Neon Judgement. De EP is de opvolger van ‘Where Even Angels Fall’ uit 1986. Het heeft dus wat tijd gekost… Maar sedert het stoppen van The Neon Judgement heeft Dirk dus inspiratie en tijd gewonnen. Hij heeft ook hiernaast nog een project opgestart: 3DFLY, een samenwerking met ene Make Makena.
Is de ep erg verwant aan The Neon Judgement? In feite niet. Natuurlijk hoor je wel dat Dirk Da Davo in deze band zijn aandeel heeft gehad maar voor deze EP heeft hij er toch zijn eigen ding van gemaakt zijnde: dansbare electro. Het staat iets dichter bij zijn ander project Neon Electronics. Vooral de track “The Brave” dat vrij donker klinkt. Opener “Go Slo” is wat lichter en speelser. Het heeft ook een vrij catchy refrein. “Cold Heart” is een aangename track dat allerlei wave en electro invloeden bevat. “Deny It” begint haast als een Human League-track en is een sterk en catchy nummer. Daarnaast heeft Dirk Da Davo voor interessante lyrics gezorgd die de EP de logische titel ‘Protest’ heeft meegegeven.
Dirk Da Davo bewijst met ‘Protest’ dat er nog leven na The Neon Judgement is. Een fijne  EP.

Pagina 446 van 966