logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

dEUS - 19/03/20...
Hooverphonic

Waar Is Ken?

Waar Is Ken? – Trukendoos in Klank en Woord

Geschreven door

De zoetgevooisde , melancholiche electropop van het uit Izegem afkomstige Waar Is Ken? wordt sterk ontvangen .In een goedgevulde AB Club kwam het kwintet z’n tweede cd ‘Rafelrand’ voorstellen, die het twee jaar eerder verschenen ‘Dwaaltuin’ opvolgt  . Een pak elektronische apparatuur , keys , een diepe bas , een verdwaalde blazer bepalen een pastelachtig klankenspectrum , dat warm , teder klinkt .Toon Bosschaert is de man achter de knoppen die het raamwerk aflevert  . De dromerige , breekbare zang van Marlies Dorme en de grommende fluister/zegzang van Geerwin Vandekerckhove geven zeggingskracht .

Een impressionistisch kader trekken ze op, een speciale, mysterieuze droomwereld creëren ze door subtiele , spaarzame geluidjes , grooves en vibes . Fris en zacht klinkt het. Het zijn schone liedjes die een relaxte , aangename , chillende aanpak induceren en verdwalen in een roes. 
Waar Is Ken? heeft ergens een link met andere Nederlandstalige woordenkunstenaars en -wonders als Madou , Wim De Creane, Boerenzonen Op Speed, De Mens , Bart Peeters, Luc De Vos als Neerlands Hoop, MAM, Spinvis en de muzikale elektronica moves van Air en de semi-akoestische inslag van Lemon .
De band krijgt een sterke airplay op Radio 1 , maar verdient dat ietsje meer . Ook al straalt de groepsnaam een ‘je cherche donc je suis’-attitude uit, ook de visuals doen dit door  hun Pacman doolhof . De single “Woordenstroom” toont dit aan, ondersteunt de sobere als brede aanpak en wordt gedragen door de afwisselende zangpartijen. Het nummer krijgt nog wat meer elan door de  vocoderzang van Geerwin , die op z’n beurt Peter Frampton oproept. Net ervoor opende “Stadstuin” , reikte ons de hand met hun sfeervolle , aangename electropop.
In de vijfenveertig minuten durende set , ervaarden we een  verbondenheid en bleven de songs  tussen de oren hangen. . Het nieuwe album heeft een paar wonderbare singles als het dansbare “Chique” dat ‘fantastique’ klinkt door de aanstekelijke, dansbare ritmes en het intiem ingetogen “Hemelwater” dat door Marlies op piano/keys zo goed als alleen werd gezongen en gespeeld.
Waar Is Ken? flirt met stijlen , “Banksky” is eentje met de poëtische raps van Brihang; en op het opbouwende , variërende “Atlas” hoor je world/afro reggae met Eduard Buadee , die dit jaar met (het terug opgehoeste) Skyblasters hun 30 jaar jubileum viert. Schitterend ! Letterlijk had je een ontluikend lente gevoel , verwondering waar de donkere dagen uitgewuifd worden;  je geniet van de kleine dingen , de natuur die stilaan wakker wordt. Een soort onthaasting met sobere , elegante songs die zich een weg banen en dwarrelen als blaadjes rond, over ons heen , “Wonderling” , “Wimperzoen” , “Mirakelmaker” en “Sluimerdans”  klonken als een trukendoos in klank en woord! Oudjes “Komaf met Kafka” en  ‘Badpak zijn die andere twinkelende , extraverte songs, die de dansspieren aanspreken .
Tot slot kregen we met “Grasgewijs” een erg mooie afsluiter die de ingehouden als groovy kant van de band verbond .

Een handvol concerten zijn voorzien . De zoektocht naar Ken omarmt gelijkgestemden in de AB Club en is ‘Fantastisch’ op z’n Eva De Roovere . Een must-see!

Organisatie: Ancienne Belgique , Brussel

Meuris

Meuris – Tussen ervaren entertainment en herboren anarchie!

Geschreven door

Voor een vijftiger die ooit dacht (of althans hoopte) dat de wereld ooit wel de goede richting zou uitgaan zijn het vandaag meer dan harde tijden. Voorbeelden bij de vleet, een frontpagina van de krant meer dan genoeg om te beseffen dat het idealisme van toen (als dat al bestond) niet meer dan restanten vol angst en ellende voorstelt.

Tot spijt van wie het benijdt, hield Stijn Meuris de afgelopen maanden niet zijn mond, niet dat hij dat vroeger deed. Gewoon omdat iemand het moest doen. Daarom schuimde Meuris de Belgische zalen af met zijn uitverkochte ‘Tirades’. Niet omdat hij zich plots als een Geert Hoste zag (neen, gelukkig niet!), wel omdat er in hem nog dat klein stukje hoop zit dat hem toefluistert dat de mens zichzelf nog wil redden van de kapitalistische apocalypse die van zijn medemens niet meer dan een cijfer uit statistieken maakt.
‘Vigilant’, het lievelingswoord van de Antwerpse burgemeester (dixit Meuris) is het muzikale vervolg op zijn tirade. Meuris klonk nooit zo verbitterd, nijdig en melancholisch als voorheen.
‘Vigilant’ is tegelijkertijd ook een muzikale bevrijding voor Stijn Meuris. Eerlijk is het geenszins, maar het Limburgse rockicoon snapt zelf maar al te goed dat hij zijn songs niet meer hoeft te schrijven voor de radiojongens. Mensen vallen toch dood of vervallen in razernij, en dus kun je lekker je eigen gang gaan. Of zoals Stijn het in de AB Club zelf stelde: “het zijn songs waarvan wij vinden dat ze de ideale singlekeuzes zijn”.
José James moest zijn concert in de grote zaal annuleren, en daarom (alweer dixit Meuris) hadden we het kot van de AB voor ons alleen. Een concertzaal waar zeer veel over te vertellen valt (zelfs over de wc’s), al was het maar een plaats waar Meuris bijna jaarlijks heel zijn carrière lang stond/staat. We hebben het over het podium natuurlijk…
Steeds zichzelf bewijzend, hoewel het gisteren meer dan ooit op het betere luister(rock)lied met een sympathieke middelvinger leek. Beter dat dan je sherry drinken en ondanks de wereldbrand pretenderen dat er niets aan de hand is, niet waar mijnheer Meuris?
De vraag was hoe Stijn de zwaarmoedigheid van zijn laatste plaat op een podium zou brengen. Simpel, en effectief! Geruggesteund door bassist Bart Van Lierde (de enige die het oeuvre van Slayer akoestisch kan spelen, alweer dixit Meuris), gitarist (soms pianist) Dave Hubrechts, drummer Antoni Foscez en Kris Delacourt gewoon zichzelf wezen.
Stijn begon op veilig, “Als ik ’s nachts door Veerle rijd”, één van die vele Noordkaap-songs waar een normale mens het koud (of zo je het wil) warm van krijgt. Na Noordkaap, kwam Monza, gewoon omdat deze periode te goed is om te vergeten. “Naar Men Zegt” werd de tweede song uit een set van (!) 22 (LUISTER)liedjes.
Zo wat alles uit ‘Vigilant’ werd gespeeld, behalve het imposante “Maraboet” of de gezellige rocker “Als Lemmingen”. Wel “Truckstop”, al was het maar omdat Limburg niets anders dan lange steenwegen heeft (ondertussen weet je wie het gezegd heeft), “Fonkeling” (omdat het één van de weinig mooie woorden is), “Oud-Links” (al was het maar omdat het, slik, waar is) en “Vigilant”, een song die minstens even nijdig klinkt als “Gigant”…en dat zeggen we niet eens omdat de schrijfwijze van de woorden bijna identiek is.
Stijn zorgde tevens voor de crowdpleasers, de disco expresso van het onweerstaanbare “Bimbo Van Het Jaar” (nooit gedacht dat Stijn van Italo Disco hield), het altijd even mooie “Panamarenko” en “Van God Los” dat uitmondde in een eerbetoon aan zijne purperen hoogheid door er op een ongebruikelijke, grappige en uiteraard op Meuris-achtige wijze de ‘woo-hoo’s’ van “Purple Rain” aan te breien.
Het hoogtepunt was wat ons betreft op “Vigilant” na (we houden nu eenmaal van mannen die hun ziel uitkotsen, gewoon omdat kots je ziel wit wast) samen met een (op de tekst na) onherkenbare, meer aangrijpende versie van “In De Rij Voor Soep”. Zo waar beter dan het origineel.

Meuris balanceerde in Brussel uitstekend tussen ervaren entertainer en (her)boren anarchist, iemand die koos tussen durf (‘Programma 96’ en ‘Omerta’) en toegeving zoals met een megafoon door de zaal rennen met de afsluiter “Ik Hou Van U”. Al was het maar om de mensen er op te wijzen dat je ‘Vigilant’ kan kopen, doen!

Met dank aan Luminousdah.com  http://www.luminousdash.com

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Bettie Serveert

Damaged Good

Geschreven door

Het Nederlandse Bettie Serveert bracht ‘Damaged Good’ reeds vorig jaar uit, maar ter gelegenheid van de Record Store Day komt dit album uit op vinyl bij het Amerikaanse Schoolkids Records. Reden genoeg om het alsnog te bespreken.
Damaged Good’ is een Betties-album pur sang. Misschien niet zo verrassend als debuut ‘Palomine’ in 1992, want een band kan het publiek ook maar één keer van z’n sokken blazen, maar nog altijd fris, dynamisch en lekker weerbarstig.
Dit elfde album laat de band in al zijn bekende facetten horen en bevat een paar pareltjes die alleen deze band kan inblikken. “Brother in Loins” is daar een mooi voorbeeld van: een leuke baslijn, gitarist Peter Visser die slechts tegen het einde van het nummer helemaal loos gaat en daarover zangeres Carol van Dijk met haar uit duizenden herkenbare stem.
Andere instant Bettie-klassiekers zijn de felle single “B-Cuz”, het heerlijke “Unsane” en “Digital Sin (Nr 7)”. Die laatste is een song waar je al snel hele reeks adjectieven voor nodig hebt als je die wil omschrijven, te beginnen met post-apocalyptisch, episch en psychedelisch. Dat geweld wordt afgewisseld met tragere, ingetogen nummers als “Brickwall” en “Mouth Of Age” en het tussen rocken en dromen schipperende “Whatever Happens”.
De Betties krijgen op ‘Damaged Good’ ook nog hulp van collega-oudgediende Peter te Bos van Claw Boys Claw, die meezingt op “Love Sick”, en professor Nomad die “Never Be Over” mee kleur geeft. Niet dat dat nodig was om van ‘Damaged Good’ een interessant album te maken, want Bettie Serveert speelde met hoorbaar plezier en zin deze nummers in. Na 25 jaar misschien iets bezadigder, maar het vuur van deze Nederlandse gitaarrockband brandt nog hard. We zijn nog lang niet af van Bettie Serveert.

Union Jack

Supersonic

Geschreven door

De Franse skapunkband Union Jack timmert al 20 jaar aan de weg. Ondanks rake teksten in fout- en accentloos Engels reikt de bekendheid van deze band nog niet tot in België. Dat is jammer, want deze band heeft best wel wat te bieden. Bij momenten komen ze in de buurt van Janez Detd, Smash Mouth en Rancid.
De twintigste verjaardag van Union Jack wordt gevierd met het nieuwe album ‘Supersonic’, met daarop een intro en dertien nummers. Het album heeft minder ska-invloeden dan op vorige albums en dat is spijtig, want daar zijn deze Fransen heel goed in, zo blijkt uit “Oh Boogie” en “The Globe”. In de plaats krijg je meer rechttoe-rechtaan-punk die geworteld is in de begindagen van de UK Subs, The Adverts, The Undertones en The Descendents, maar evengoed meegegaan is met de gladdere, meer Amerikaanse punkrock van Good Riddance, Green Day en (de vroege) No Doubt.
Union Jack speelt opgejaagd, retestrak en toch gladjes. Het enige wat deze band ontbeert, zijn meezingbare refreinen. Zanger Tom Marchal en bassist Rude Ben wisselen elkaar af als zanger, wat voor genoeg variatie zorgt om elk nummer spannend te houden. Gastmuzikant Rev. Tom Frost geeft een paar nummers een extra rockabilly-toets met zijn staande bas en orgel. Voor wie eens lekker wil meebrullen, zijn er “Wordaholic” en “Purple Pride”. De andere hoogtepunten zijn “Boomerang”, (met een heerlijk huilende gitaar), het furieuze “Don’t Look Back”, het rauwe “Bones” en het radiovriendelijke “Human Zoo”.
‘Supersonic’ is voer voor fans van Rancid, Janez Detd en Reel Big Fish.

https://www.facebook.com/badska/

Theme Park

Is This How It Starts?

Geschreven door

Dit Londens trio heeft met ‘Is This How It Starts?’ een uiterst goed in het gehoor liggend en dansbaar album in elkaar geknutseld. Na de korte instrumentale opener van het album krijgen we met “You Are Real” een song met een oorwormpje in het refrein en waarvan je zin krijgen om te bewegen. Zo ook voor tracks zoals “Dancing With The Other Girls” of “I’ll Do Anything”. “10AM” is een ingetogen en melancholische track die klinkt als een jaren-80 popsong. Theme Park verrast ons met een helder en levendig geluidstapijt, dansbare ritmes en een arsenaal aan synthsounds.
Het is een album geworden over opgroeien, de wereld in perspectief zien en over het verschil tussen het leven in realiteit en online. Voor wie geen behoefte heeft aan hun boodschap blijven er 12 leuke en pakkende popsongs over; waar het plezierig naar luisteren is.
Wie hen ook eens live wil zien kan hen gaan bekijken in september in België en Nederland (Paradiso). Verkrijgbaar in de meest gangbare muziekdragers en met als bonus een live-cd.

Bastille

Wild World

Geschreven door

Het is al snel gegaan voor het jonge Britse Bastille . De band heeft nog maar twee platen uit en is in die paar jaar uitgegroeid tot een supergroep. Ze hebben hét met hun toegankelijke, melodieuze synthpop  en sterke live reputatie . Die live reputatie is eerlijk gezegd sterker dan het plaatwerk . Ze hebben hét door hun betrokkenheid , enthousiasme en uitstraling die tekenen voor samenhorigheid en positivisme .
“Pompei” , “Things we lost in the fire” , “Laura Palmer” en de titelsong “Bad blood” werden vier classics , op de tweede is dit met “Good grief”  en “Warmth” . “Power”, “Send them off!”  en “Snakes” bengelen er nog wat aan . Het ander materiaal is meer van hetzelfde en moet het meer hebben van een stevige boost .
De songs zijn onschuldig en bereiken een breed publiek door  de kleurrijke, bombastische sound , toegegeven,  nergens te zeemzoeterig of kitscherig. Kauwgomballenpop, met Coldplay allures, die uiterst gezellig, warm aandoenlijk klinkt .
Bastille brengt muziek en ontspanning met een zeker entertainment en happy feelings gehalte.

Allah-Las

Calico review

Geschreven door
Allah –Las moet het zo niet hebben van moderne snufjes . De uit LA afkomstige formatie is een retrobandje pur sang en draait graag de klok terug naar die westcoastpop  van de jaren 60 en voegen er aangename surfgitaartjes , psychedelica riedels en 70 s retro aan toe .

Twaalf songs in nog geen vijfendertig minuten , leuk dus, dit betekent dat het aangenaam , relaxt wordt gehouden door die twinkelende gitaarakkoorden, dromerige, groovy tunes , huppelende drumritmes en de kenmerkende rock’n’roll sound.
We ervaren wel dat de elektronica wat meer ingang vindt in de nummers . Allah-Las zet iets verder van wat vroeger populair was en best niet vergeten wordt.

How To Dress Well

Care

Geschreven door

Op de vorige platen van Tom Krell , het alter ego van How to dress well, kregen we een gelaagd indie geluid , omgeven van r&b, postdubstep , trippop en orkestratie , in een evenwichtig geheel van akoestische en elektronische arrangementen.  Zijn karakteristieke , licht galmende falsetto stem geeft zeggingskracht. Zijn emotionele leefwereld wordt verhaald, ook op de nieuwe plaat , die muzikaal wordt verwoordt in compacte , dromerige , mooi uitgediepte songs , vanuit verschillende invalshoeken . Er is nagedacht en het materiaal zit subtiel in elkaar en heeft een (glossy) randje. Minder weird en beduidend toegankelijker .  Het onderstreept zijn productionele eigenzinnigheid en persoonlijkheid . ‘Care’ , het werkt helend goed!

Temples

Temples - Sterk gebracht, maar geen wauw-effect

Geschreven door

De psychedelische band Temples kwam hun tweede studioalbum genaamd ‘Volcano’ aan het Belgisch publiek voorstellen. De Britten in hun strakke broek brachten een sterke show met nieuwe en oude nummers, maar een flabbergasted-gevoel bleef wel weg.

Netjes op tijd begon de band aan het concert in het uitverkochte Botanique. Met hun nieuw album ‘Volcano’, dat uitkwam in maart van dit jaar, brachten ze de vertrouwde Temples-sound terug: psychedelisch, dromerig en poppy. De band haalde naar eigen zeggen invloeden van de jonge jaren van Pink Floyd, David Bowie en King Krimson. Ook de sound van The Verve was een belangrijk potje mosterd. Je waande je dan ook ergens in de jaren ’60 tijdens het anderhalf uur durend optreden. Met af en toe een bedankje in het gebrekkig Frans hielden ze contact met het publiek, dat doorheen de show vrij rustig was. Met nieuwe kleppers als “(I want to be your) mirror” en “Mystery of pop” wisten de mannen het publiek wél mee te krijgen. Ook op de melodieën van hun grootste hit “Shelter Song” ging iedereen los, maar voor de rest waren er dus weinig sparks.
De reden daarvoor is dat de nieuwe nummers allemaal wat op elkaar lijken, waardoor je soms moeilijk een onderscheid kon maken (“hebben ze dat net niet gespeeld?”). Daarboven bleef de climax ook weg. Je bleef wachten op iets nieuws, iets beters,  maar het bleef gemiddeld. Je hoorde weinig variatie. Dat die jongens muziek kunnen maken, daar moet men niet aan twijfelen. Er bovenuit springen is echter een ander verhaal.
De songs werden wel foutloos gespeeld en de stem van zanger James Bagshaw was live zelfs nog beter dan op de plaat. Genoeg voor een score van 7,5/10. Ook Dour kondigde recent aan dat Temples dit jaar optreedt op het festival.

Hopelijk kunnen de mannen dan wel zorgen voor een wauw-effect. Tweede keer, goede keer?

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/temples-18-04-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/creatures-18-04-2017/
Organisatie: Botanique, Brussel

Ramona

Ramona

Geschreven door

De Nederlandse Ramona Verkerk brengt het debuutalbum van haar band Ramona uit bij het Belgische Starman Records. Ze laat zich begeleiden door een reeks Vlaamse dames: Hanne Torfs van School Is Cool, Juno Kerstens van Mira, Anke Verslype van Roxie Horse en Naima Joris van Isbells. Voor de arrangementen kreeg ze hulp van Annelies Van Dinter van Echo Beatty. Zo kan je al ongeveer inschatten welke richting Ramona uitgaat: in popliedjes verpakt drama en dromerige, akoestische singer-songwritermuziek. Toch zitten er genoeg weerhaakjes aan dit debuut om de gemiddelde rock-fan te plezieren.
Bij momenten komt Ramona in de buurt van Joni Mitchell, Feist, Kurt Weil of een brave Kristin Hersh. Die invloeden deed ze op toen ze op de Toneelacademie van Maastricht wegens ‘te anarchistisch’ doorverwezen werd naar de afdeling Kleinkunst van Studio Herman Teirlinck in Antwerpen en daar bleef hangen.
Voor echte rockers zal dit misschien wat braaf zijn. Een aantal liedjes schreeuwen gewoon om strakke, harde drumslagen van bv. Isolde Lasoen (op “Blackbird”) of een scheurende gitaar van bv. Anne-Sophie Ooghe van High Hi (op “Pirate”). Dat komt misschien nog op een volgend album, maar ook dit eerste album heeft al enkele pareltjes.
Ramona wisselt op dit debuut bijna-vrolijke liedjes af met brokken donker drama, maar telkens verpakt in schijnbaar lichtvoetige en breekbare indie-folk-pop. Soms doet de dromerige meerstemmigheid een beetje denken aan This Mortal Coil, zoals op “Demons” en “Wolves”, maar op “On My Own” en zeker met een piano erbij, zoals op “Fool” en “Deer”, zit ze meer in het straatje van Agnes Obel.
Te anarchistisch is dit album al zeker niet. Een fijne ontdekking dan weer wel.

http://vi.be/ramona

Pagina 448 van 966