logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
dEUS - 19/03/20...

Exit Verse

Exit Verse - Eenvoudig gitaarvernuft voor een wel zeer select publiek

Geschreven door

Geoff Farina zal steeds door het leven gaan als een cultfiguur, een uiterst begaafde gitarist gevrijwaard van elke vorm van vedetten-allures. Zijn vorige band Karate zal bij enkelen wel een belletje doen rinkelen, maar de wereld heeft nooit aan zijn voeten gelegen. Met Karate maakte hij een stel mooie plaatjes waarop hij zijn gitaartalent etaleerde in sobere songs en zonder enige vorm van macho gedrag. Hij heeft de gitaarstiel veeleer geleerd door naar plaatjes te luisteren van Tom Verlaine in plaats van pakweg Van Halen. Na jaren achter de schermen te hebben vertoefd, is hij nu plots terug boven water gekomen met zijn nieuwe band Exit Verse én met een verse plaat waarop hij iets steviger rockt dan tevoren, maar waar alweer de heldere en efficiënte eenvoud van zijn gitaar de toon voert. Maar hoe cult kan je zijn ? zodanig cult dat er bijna geen mens komt opdagen ? Helaas was het zo, hier stonden amper een paart tientallen geïnteresseerden in de zaal, Farina verdiende dat niet, en de sympathieke 4AD ook al niet.

Nu goed, de drie bedreven muzikanten van Exit Verse lieten het niet aan hun hart komen en deden een uur lang hun ding, en dat zorgde voor een set puike songs met prachtige uit-de-losse-pols gitaarsolo’s van Farina. Ondanks de magere opkomst kreeg de band een warme en respectvolle respons en dat was al heel wat, want van een uitbundige menigte kon je moeilijk spreken. De sound van exit Verse leende zich trouwens niet tot overenthousiaste uitspattingen. Net als op hun fijne plaatje stond Exit Verse hier degelijk, spontaan en fijntjes te musiceren, maar uitzinnige rock’n’roll taferelen waren niet aan hen besteed. Gewoon eenvoudige indie-rock gespeeld door een stel ervaren en fijnbesnaarde rotten, meer moet dat soms niet zijn. Maar de volgende keer toch liever voor wat meer volk.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

The Posies

The Posies willen geen nostalgie, maar dat wou het publiek wel

Geschreven door

De Nijdrop was goed volgelopen met een ouder publiek voor The Posies. Het is dan ook al bijna 20 jaar geleden dat The Posies op hun hoogtepunt stonden met ‘Frosting on the beater’ (1993) en ‘Amazing Disgrace’ (1996). Wij volgden ze nog met ‘Success’ uit 1998, maar daarna verloren we ze toch een beetje uit het oog. Jon Auer en Ken Stringfellow wonen nu beiden in Frankrijk en niet meer in Seattle, en zijn bezig aan een nieuw album, het vervolg op ‘Blood Candy’ uit 2010, dat wisten ze ons toch te  vertellen. De rest van de band die wonen nog in Amerika, dus het werd vanavond een duo-bezetting voor The Posies. Laptop en keyboard moesten voor de begeleiding zorgen, maar dus geen bas en drums, wat betekende dat de headbangers er aan waren voor de moeite: het optreden zou meer een live radio-sessie worden voor een groot publiek.
The Posies beloofden om oude songs in een nieuw jasje te steken en ook een hele hoop nieuwe songs te brengen. Ken Stringfellow sukkelde vanavond met een verkoudheid, maar behalve dat de man tussen de nummers door thee dronk, was daar eigenlijk weinig van te merken, ook al omdat Jon Auer het grootste deel van de zang voor zijn rekening nam.

Ze begonnen er aan met een rist aan powerpopklassiekers zoals “Throwaway”, “Earlier than expected”, “World” , “Definite door” en “Burn and shine”, een mooie bloemlezing uit “Frosting on the beater” en “Amazing disgrace”, waarbij opviel hoe goed de stem van Jon Auer nog altijd is. Net toen we dachten dat we vertrokken waren voor een memorabel concert, kwam de band af met hele reeks nieuwe nummers, met hier en daar een popparel, maar toch veel songs die niet echt bleven hangen. De liefhebbers van de hardere rock trokken zich terug naar de toog, bestelden een goeie trappist en begonnen bij te praten, wat de intimiteit van het concert niet ten goede kwam, en onze aandacht verslapte, ook omdat Auer en Stringfellow ruim de tijd namen om de gitaren te stemmen tussen de nummers door.
We schoten terug wakker naar het einde van de set, toen de oude nummers weer van stal gehaald werden: “Lights out”, “Flavor of the month”, “Ontario”, “Start a life” en “Please return it”,dat een elektronisch remix jasje aangemeten kreeg uit de kleerkast van Falco’s “Jeanny”.  
In de bis werd Holly, het voorprogramma van de band, op het podium geroepen voor meer eightiesrevival a la Supertramp en werden we getrakteerd op “Dream all Day” en “Solar sister” in een elektronische remix.

Het was The Posies duidelijk niet om nostalgie te doen, het publiek dacht daar echter anders over. De oplossing voor The Posies: schrijf een nieuw album met enkel maar killers en geen fillers, of strooi de oudjes meer egaal door de hele set. Wie The Posies nog eens headbangend wil zien, moet deze zomer naar Spanje, want daar spelen ze op een festival in originele bezetting, en zullen ze wellicht een stuk steviger uit de hoek komen. Wie vooral de zangharmonieën kan smaken, had een goed concert achter de kiezen in de Nijdrop, de rockers bleven een beetje op hun honger zitten en gooiden het daarop maar in de drank, iets wat we eerder dit jaar ook al zagen bij het concert van Grant Lee Phillips van Grant Lee Buffalo.

Organisatie: Nijdrop , Opwijk

And So I Watch You From Afar

And So I Watch You from Afar - De meest explosieve post-rock aan deze kant van het heelal

Geschreven door

Post-rock begint stilaan een beetje een belegen term te worden. Te veel bands trachten er hun weg in te vinden en op de duur zien we het bos door de bomen niet meer. Voor het gemak, en om een kind een naam te geven, wordt het Noord-Ierse And So I Watch You From Afar ook altijd in een post-rock vakje geduwd. Als u hierin wil volgen, is dat OK voor ons, maar gelieve hen dan wel te plaatsen aan de meest vinnige en energieke kant van het genre, daar waar bijvoorbeeld Russian Circles ook vertoeft.

ASIWYFA hun gloednieuwe plaat ‘Heirs’ is er alweer eentje waarop de groep bewijst dat ze niet stilstaan, er wordt wederom heftig tekeer gegaan maar net als bij de voorganger ’All Hail Bright Futures’ zit er ook wat borrelende elektronica tussen het gitaargeweld vermengd, wat hen dan weer in de buurt brengt van 65daysofstatic. Sedert die plaat zijn er ook al wat vocals aan hun sound toegevoegd, deze doen in de eerste plaats dienst om de boel nog wat meer op te hitsen, en live werkt dit perfect, getuige het vurige enthousiasme in een aardig volgelopen VK.
De bruisende binnenkomers van de nieuwe plaat, “Run Home”, “These Secret Kings I Know” en “Wasps” zijn ook de songs die hier het vuur aan de lont mogen steken. Al gauw staat de boel in lichtelaaie, een overactief en in het rond springend ASIWYFA gaat hier zo intens, fel en luid te keer dat wij geen tijd hebben om te ademen, de band laat dan ook nog eens quasi geen ruimte tussen de songs zodat wij niet anders kunnen dan ons laten meegaan op deze razende rollercoaster. Hebben wij geen probleem mee, het is gewoon heerlijk hoe die ziedende gitaren steeds weer uit hun voegen barsten en er een tomeloze energie op nahouden. De zeldzame momenten waarop de band eens inhoudt zijn er dan wel echt om stil van te worden. “Tryer, You” van de nieuwe plaat is er zo eentje om kippenvel van te krijgen, hier menen we bij momenten Mogwai in te herkennen, maar die worden dan wel op tijd en stond een geut straffe chillipeper-extracten in de aderen gespoten.
Qua podiumgekte en energie kunnen we ASIWYFA hun live act inderdaad op dezelfde hoogte van 65daysofstatic plaatsen, diezelfde gekheid, dynamiek en hyperactiviteit. De bandleden gaan allen volledig op in hun act, het lijken vier ontspoorde ADHD’rs die zich geen seconde stil kunnen houden. Dit gaat echter niet ten koste van hun talenten, want wat muzikale klasse en gitaarvernuft betreft vallen wij hier van de ene verbazing in de andere.
De elektronische tinten van de laatste twee platen zijn live wat naar de achtergrond geschoven, er zijn geen synths of keyboards te bespeuren, alleen maar brandende en constant openbarstende gitaren. Daardoor wordt de power nog een paar graden de hoogte in gestuwd, en vooral tijdens oudere songs als “A Little Bit Of Soildarity Goes A Long Way” en het weergaloze  “Set Guitars To Kill” (die titel alleen al) gaat het kot volledig uit zijn dak.
Ook de effectenpedalen draaien overuren, ASIWYFA gebruikt die gretig om er het ene moment een ziedende geluidsmuur mee te vormen en het andere moment dan weer een verstilde sfeer mee te creëren die dan uiteindelijk toch weer uitmondt in een briesende apotheose.
Deze band mag dan al sterke platen maken, het is pas live dat ze echt openbarsten en hun niet aflatende geestdrift volledig tot ontplooiing laten komen. Nog nooit hebben wij in het genre een band meegemaakt die zo krachtig, opwindend en overdonderend hun songs op het publiek afvuurt als And So I Watch You From Afar.

Dit, beste mensen, is de meest hete en kolkende post-rock die u zich kan voorstellen.
Wie vindt dat post rock een beetje duf en saai zou zijn, moet hier maar eens naar gaan kijken. De ultieme brainwashing !

Organisatie: VK, Sint-jans Molenbeek

Belle & Sebastian

Girls in peacetime want to dance

Geschreven door

De uit Glasglow opererende band rond Stuart Murdoch is al een goede twintig jaar bezig en probeert zoveel mogelijk breed de indiepopscene te bespelen . Op deze nieuwe hebben ze er een discokitsch aan gegeven .
Rode draad blijft natuurlijk de dromerige uitvalsbasis , en dat levert een reeks fijne , emotievolle songs op, die een lentegevoel ademen . De songs zijn sfeervol , zwierig , groovy en aangenaam . Op de single “The party line” en het zeven minuten durende “Enter Sylvia Plath” mag er zelfs gedanst worden; ze zijn niet vies van wat Pet Shop Boys- tunes. De titel ‘Girls in peacetime want to dance’ wordt hier alle eer aangedaan.
Belle & Sebastian overtuigt niet steeds op de nieuwe , maar de melodielijn is en blijft iets opvallends mooi en schoon. 

Archive

Restriction

Geschreven door

Het Britse Archive, gecentraliseerd rond het duo Darius Keeler en Danny Griffith, blijft creatief bezig; nog geen jaar na ‘Axion’ is er al nieuw werk , die terug gaat naar de Archive basis , een apart en uniek geluid van symfonische rock en triphop, die bombast en theatraliteit niet schuwen .
Een aanhoudende spanning ervaren we door de lagen repeterende, wisselende als zalvende , forsere  ritmiek. “Kid corner” en “End of our days” zijn twee puike songs . Af en toe kan er wat rust ervaren worden door de pianotunes in “Half built houses” en “Greater goodbye”, maar in de songopbouw is er de donkere klankkleur en de broeierige, dreigende sounds , die eroverheen zweven.
Heerlijk wegdromen en huiver blijven de centrale thema’s . Archive weet na al die jaren nog steeds te overtuigen en is een must see. Checken dat materiaal van Archive!

Slipknot

5: The gray chapter

Geschreven door

Deze metal band uit Iowa klinkt met de jaren melodieuzer , minder prettig gestoord , en behouden als status hun olievaten en maskers van vroeger .
Ze klinken als vanouds  krachtig , hard ; tribal drums en scratches vullen aan , maar ze denderen , donderden en pompen minder . De songs zijn toegankelijker , zijn aanstekelijk en mooi uitgekiend.
Hun materiaal is in het gebalde , harde genre gelaagd, goed gemusiceerd , en kan zelfs radiovriendelijk zijn . Venijnige, gedreven ‘old skool’ horen we op een “AOV” en “Cluster”; “The devil  in I” en “If rain is what you want” zijn op hun beurt aangenaam luistervoer voor de doorsnee rocker .
Slipknot brengt oud , nieuw samen en scoort nog steeds op die manier!

Taxiwars

Taxiwars

Geschreven door

Onze muzikale duizendpoot en nationale trots heeft nooit zijn liefde voor jazz en Beefheart onder stoelen of banken gestoken. Herinner u “Theme from Turnpike” en Barmans compilaties voor Blue Note en Impulse. Onze eeuwige hyperkineet heeft dus ook even tijd gehad om naast zijn zevenhonderd andere projecten Taxiwars op te richten. Wat een heerlijke naam, uit ‘Taxi War Dance’ van Count Basie uit 1929.  Het is niet frontman Tom Barman met een jazztrio als rugdekking - saxofonist Robin Verheyen, contrabassist Nicolas Thys, drummer Antoine Pierre, maar een heuse en (h)echte band.
Met de typische lichte arrogantie zorgt  Barman voor gedreven en gekunstelde zanglijnen  -luister naar zijn Kermit-de-kikker op “Questionsong”-  om je meteen naar de strot te grijpen. Het speelplezier druipt  er zo wat af. Vooral saxofonist Robin houdt de boel bij elkaar.
De nummers zijn eerder kort, maar zeer energiek en krachtig. En nu eens parlando, dan eens zingen en nog eens met stemvervorming deed je al snel vermoeden dat Don Van Vliet wel degelijk gereïncarneerd is.
Zonder Barman staat bijvoorbeeld ook het instrumentale “Your Soul or Mine” als een huis. Deze vrolijke, tijdloze en zeer hippe freejazz van Taxiwars zal ook wel aarde aan de dijk brengen. Er wordt danig geïmproviseerd en gegrooved dat stilzitten of onbewogen blijven uitgesloten is. En Taxiwars blijft heel subtiel zijn grenzen bewaken. Ze gaan niet overdreven improviseren en durven wel eens flirten met kitsch. Getuige hiervan het zwierige “Lets get killed”.
Onze kettingroker is met dit project in zijn nopjes en er hangt zeker een vervolg in de lucht. We kunnen dus  enkel maar hopen dat Tom en Co het niet bij een eenmalig project houden. Vlaanderen heeft nu ook zijn Jules Deelder.
Beste Tom Barman, vergeef me mijn grootsheidswaanzin en sta me toe u een tip te geven: zet alles wat je met dEUS gemaakt hebt opnieuw op plaat met uw jazzband Taxiwars en je zal verdomme veel potten breken.  

Seasick Steve

Sonic Soul surfer

Geschreven door

Sedert de doorbraak op zijn ouwe dag blijft Seasick Steve met de regelmaat van de klok nieuwe platen maken. Zijn laatste wapenfeit heet ‘Sonic Soul Surfer’ en de 74 jarige ouwe makker surft er verder op de gekende formule, rauwe blues en boogie gebouwd op de erven van John Lee Hooker en met af en toe een tedere ballad er tussenin.
Dat er weinig evolutie zit in de sound is in zijn geval alleen maar goed nieuws. Hij heeft hoegenaamd geen pogingen ondernomen om zijn blues op te schonen en blijft spelen op rammelbakken van gitaren die hij zelf met een hoop schroot in elkaar heeft geflanst. Aan de spontaniteit die uit deze plaat sprenkelt merken we dat Seasick Steve er nog heel wat plezier aan om de blues te verkondigen. Ons zal hij er in ieder geval niet mee vervelen, want hoezeer deze sympathieke baardmens ook blijft wandelen op de geijkte bluespaden, zijn songs komen steeds fris en potig voor de dag. Dat komt omdat die in zijn geval altijd rechtstreeks vanuit de onderbuik komen en niet uit één of ander berekend brein.
Wij zouden zelfs durven stellen dat deze ‘Sonic Soul Surfer’ één van zijn sterkste werkjes is, omdat er een handvol venijnige en straffe boogierockers opstaan (“Roy’s Gang”, “Sonic Soul Boogie”, “Barracuda ‘68”,…) waarin Steve zijn gitaar lekker smerig laat rammelen. Daarnaast kan de rustige swamp-blues van “We Be Moving” en vooral “Your Name” zich meten met het beste van Tony Joe White. Steve kan ook het op zijn akoestische eentje, het album eindigt heel stilletjes met een fraaie ballad, het veelbetekenende “Heart Full Of Scars”.
Seasick Steve is nog zo een trouwe kerel die de blues in de vingers, het hart en de nieren heeft en hij heeft geen virtuoze gitaaruitspattingen nodig heeft om dat aan de wereld te bewijzen. Moge hij nog lang plaatjes als deze ‘Sonic Soul Surfer’ maken.

Faith No More

Sol Invictus

Geschreven door

Wie we daar hebben, Faith No More, 18 jaar na hun laatste wapenfeit ‘Album Of The Year’ terug uit de doden opgerezen. Niet dat het creatieve brein van oppergod Mike Patton al die jaren heeft stilgezeten. De man heeft zich onder meer ingelaten met noise-jazz (samen met John Zorn, de vreemdste vogel uit de jazz wereld), Italiaanse soundtrack muziek (‘Mondo Cane’), compleet geschifte metal (Fantomas en Tomahawk) en nog een hele resem andere projecten. Het is haast niet bij te houden waarin hij overal zijn neus heeft gestoken, maar als er één man is die alle uithoeken van het muzikale universum heeft verkend, dan is het Mike Patton wel.
En nu is hij terug op het oude nest gekomen. Dat was eigenlijk al een tijdje zo, Faith No More werd de laatste jaren terug op enkele openluchtfestivals gespot, maar daar was vooralsnog geen nieuw werk van gekomen. Tot nu dus. We kunnen de fans van het eerst uur geruststellen, dit is vintage Faith No More en er staan genoeg sterke songs op ‘Sol Invictus’ om van een krachtige comeback plaat te spreken, al zullen ‘The Real Thing’ en ‘Angel Dust’ altijd wel ongenaakbaar blijven.
Faith No More komt hier met de gekende ingrediënten aanzetten, sterke melodieën, vinnige keyboards, vlijmscherpe metalriffs, gewiekste tempowisselingen, een portie uitgelaten gekheid en daarbovenop de bijtende vocals van Patton. Een paar songs mogen we bijschrijven in het grote Faith No More Classics boek, met “Superhero” als onze favoriet, die song heeft al het magische in zich wat deze band groot maakte. Enkel afsluiter “From The Daed” valt een beetje uit de toon, het is zo een typisch schaamteloze slijmballad zoals die al wel eens eerder voorkwamen op hun platen, ook dat is dan weer typisch Faith No More.
‘Sol Invictus’ is een geslaagde comeback plaat en eentje die onze honger naar een Faith No More concert fel aanwakkert.
Is dat ook uw gedacht, dan zal u moeten naar Graspop gaan, want dat is voorlopig de enige FNM live gig die in België gepland werd.

Villagers

Darling Arithmetic

Geschreven door

Op het vorige album, het prachtige ‘Awayland’, was duidelijk een band te horen die de breekbare songs van Conor J.O’Brien heel sierlijk wist in te kleuren. Op ‘Darling Artithmetic’ heeft O’Brien die stijlvolle aanpak terug afgeschud, hij heeft de muzikale inkleding tot een minimum teruggedrongen en is uitgekomen bij een stel intieme en goudeerlijke akoestische liedjes, ruwe pareltjes die voor zichzelf spreken. Maar hoe mooi zijn liedjes ook mogen klinken, wij missen toch een beetje dat avontuurlijke van ‘Awayland’.
Door zijn eigen universum te beperken heeft O’Brien ongewild ook de sterktes van de daarop gecreëerde sound geëlimineerd. Misschien was dat ook wel zijn bedoeling en verdient dit nieuwe album het niet om met zijn voorganger vergeleken te worden, maar wij konden het weer eens niet laten.
‘Darling Arithmetic’ is gewoon een andere plaat geworden, ook een mooie trouwens, maar niet zo begeesterend en pakkend als ‘Awayland’, en daardoor blijven wij een beetje met een hongergevoel zitten.

Pagina 537 van 966