logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
The Wolf Banes ...

Civilian

The Second

Geschreven door

Opnieuw een talentvolle band van eigen bodem!  Dat is de conclusie die wij maakten na het beluisteren van ‘The Second’ van Civilian.  Hoewel dit na ‘Wake Up Call’ al het tweede full album, is het voor ons een eerste, fijne kennismaking met dit vijftal uit Hasselt. 
Civilian omschrijft hun sound zelf als new age hardrock en die term is best wel goed gekozen. Het kwintet brengt een catchy, groovy mix van hardrock, metal,rock en grunge en voegt daar bij momenten een lekker punksausje aan toe.  
Bovenal zitten de diverse songs op ‘The Second’ goed in mekaar, blijven ze snel hangen en zijn ze zeer  meezingbaar.  Opvallen deden allereerst de snelle opener “Zusammen” en  voetenstamper “Love In The Moshpit”. 
Excellent is ook  het donkere rocknummer “Wrong Side Of The Tracks” met een hoofdrol voor de prima strot van Mark Van Luijk.  Verder is er het dreigende “Break The Chain” die door de heerlijke riffs en het schitterende refrein  onze favoriet op dit album  is.  Titelnummer  “The Second” moet dan weer het kortste nummer zijn dat ooit op een plaat is gezet.  
Tenslotte geven we nog een vermelding aan “Digging A Hole” dat verwijst naar onze favoriete band Alice In Chains, voorwaar geen slechte vergelijking. 
U leest het, dit is een prima plaat die de aandacht verdient van iedere rechtgeaarde hardrockliefhebber. 
Meer info over Civilian vind je op http://civiliantheband.be .

Die Antwoord

Die Antwoord - Feest met een welgemeende Fok!

Geschreven door

Wie zaterdag afgezakt was naar de Lotto Arena in Antwerpen, wist dat hij daar niet moest zijn voor keurige prentjes en welgemanierde teksten. Als je de videoclips van de groep kent, weet je dat je een stevige maag moet bezitten om ze uit te kijken. Maar toch heeft Die Antwoord een zekere aantrekkingskracht.
Die kracht bracht veel mensen op de been, want de zaal leek zo goed als uitverkocht. Allemaal gelijkgezinden, allemaal klaar om eens goed tegen de schenen van de beschaving te stampen.

Faisal was er op het laatste moment nog bijgehaald als support act, en het was zeker een opwarming die kon tellen.

Die Antwoord - Daarna kon het aftellen naar de Zuid-Afrikaanse rap-ravers beginnen. Met muziek die recht uit een horrorfilm kwam, werd de spanning drastisch opgedreven. In een donkere zaal zien we enkel de afbeelding van Leon Botha, de Zuid-Afrikaanse kunstenaar uit de videoclip van ‘Enter The Ninja’ en de oudste progeria-patiënt ter wereld.

Het publiek leefde gespannen mee en ging al meteen wild toen dj Hi-Tek het podium opkwam. Dj Hi-Tek is een boom van een kerel, altijd gemaskerd en meteen dreigde hij met “Dj Hi-Tek will fuck you in the ass.” Van een binnenkomer gesproken. Dat zette meteen de toon voor de vuilgebekte hiphop die nog moest komen. Misschien was hij net iets te enthousiast, want hij pompte een  bas door de zaal, waarvan je maag overhoop ging. Een boodschap van de dj dat er niet met hem te sollen viel? Mogelijk.
In een wit decor dat beklad was met kindertekeningen moest het allemaal gebeuren. Op de beats van “Fok Jullie Naaiers” kwamen Yolandi en Ninja in hun oranje XL-joggingpakken het podium op. Meteen daarna kwam “Wat Kyk Jy?”. Ninja hield de opwarming al snel voor bekeken en sprong al tijdens het tweede nummer in het publiek. Het licht ging weer uit en Yolandi en Ninja maakten plaats voor twee dansers wiens outfits deden denken aan de witte kapmantels van de Ku Klux Klan. Wat volgde was “Rat Pack 666”, het eerste nummer dat ze brachten van op hun recentste plaat ‘Donker Mag’. Ondertussen was je op de videowall getuige van een ware ratteninvasie, niet voor doetjes dus.
Na een kort overleg met Dj Hi-Tek mochten we even het achterwerk van Ninja aanschouwen (het publiek vooraan had trouwens het privilege om daar de hele avond naar te kijken). En als Ninja vraagt aan de dj voor een andere beat, dan weet je dat het tijd is voor “Fatty Boom Boom”, de hoogmis van Yolandi’s  “Yippee Kai-Yay Mudda Fuckah!” Na “Girl I Want to Eat U” verdwenen de twee weer voor een korte pauze waarin de twee danseressen het beste van zichzelf gaven op de bassen van Dj Hi-Tek.
Uit de video die speelde op de achtergrond kon je al afleiden wat het volgende nummer zou zijn. De twee hadden hun oranje joggingpakken ingeruild voor een luchtigere outfit en op de t-shirt van Ninja stond ook de titel van het nummer dat volgde: “Ugly Boy”. Op het einde van het lied stond Ninja een beetje te flikflooien met de danseressen, waarop ze zijn kleren uittrokken. Hierop sprak hij voor de eerste keer het publiek aan, in het Zuid-Afrikaans nog wel. Hij vond het tof dat we een beetje dezelfde taal spraken. Dit mondde uit in een kort a capella-moment van “Raging Zef Boner” om uiteindelijk uit te barsten met “Rich Bitch” waarin Yolandi glansde in haar gouden glitterpakje. Tussendoor was ook nog eens een luchtpopje gelanceerd met een gigantische erectie - omdat het oog ook wat wilde.
Dit was volledig Yolandi haar moment. Spelend met het licht ging ze van “Cookie Thumper” naar een stukje uit “I Don’t Dwank” dat ze rapte zonder muziek, héél indrukwekkend.
Maar het echte feestje moest toen nog beginnen. Ninja voegde zich opnieuw bij het gezelschap, gehuld in een pitbullmasker: “Pitbull Terrier” was op weg. Dit was duidelijk waar het publiek op gewacht had. De hele zaal ging helemaal wild en Ninja zag dat het goed was. Met een stevige aanloop liep hij naar het publiek en sprong hij in de massa. Yolandi trakteerde ons daarna nog op wat “fine African ass” op de tonen van “$copie”. Nu was er absoluut geen stoppen meer aan. Met “Baby’s on Fire” en “I Fink ur Freeky” stonden ze zelfs tot in de hoogste tribunes recht. Wat. Een. Sfeer.
Het verbondenheidsgevoel was op zijn hoogtepunt toen we met z’n allen ‘Fuck the Rules’ begonnen te roepen tijdens “Happy Go Sucky Fucky”. De boodschap was duidelijk. Ninja ging nog voor een laatste keer het publiek in, deze keer om echt te gaan crowdsurfen. Hij was net op tijd terug voor een slotoffensief op “Never Le Nkemise 2”. De podiumbeesten knielden voor het publiek en verlieten op een waardige manier het podium. Maar!
Maar eerlijk, we zaten nog een beetje op onze honger, en dat wisten ze maar al te goed. Onder het mom ‘save the best for the last’ brachten ze een bisnummer om u tegen te zeggen. “Enter the Ninja” blijft hun stokpaardje en het was dan ook puur genieten. Bij wijze van afscheid hadden ze voor ons nog de boodschap “Be Happy!” En dat waren we zeker en vast!

Die Antwoord creëert een wereld waarin kinderen, criminelen en mindervaliden samenkomen. Er mag dan wel een kantje af zijn van het Zuid-Afrikaanse duo, ze brengen alles met overtuiging. De energie van Yolandi en Ninja is oneindig. Het was een waar genoegen om hier aanwezig te zijn.

Organisatie: Live Nation

Howe Gelb and Grant Lee Phillips

Howe Gelb & Grant Lee Phillips - Unieke Belevenis

Geschreven door

De prettig gestoorde en licht legendarische voorman van wijlen Giant Sand, Howe Gelb, en de minzame en niet minder legendarische voorman van Grant Lee Buffalo, Grant Lee Phillips, zijn beste vrienden en gaan al een poos samen de hort op. De combinatie van deze twee breinen resulteert dus in een heus avontuur voor de fans van twisted Americana. En zo geschiedde in de fantastisch mooie zaal Harmonie te Oudenaarde. Een schare uitgelezen fans kon met volle teugen genieten van de peetvader en crooner van alt country Gelb en singer songwriter Grant. Kippenvel wanneer ze elk alleen spelen, vonken wanneer de partners in crime samen op het podium staan.

Howe Gelb schuwt de humor niet en slaat de toetsen aan met een welgemeende ‘Leave your face on’ (geen nummer). Zijn warme stem brengt schwung afgewisseld met stiltes en vooral rakende teksten met allerlei knipogen naar andere nummers. Zo sluipt stiekem “House of the rising sun”  binnen in een eigenzinnige interpretatie van “Summertime”. Gevolgd door een sarcastische visie op “What a wonderfull world”. Op het zesde nummer neemt hij de zessnaar ter hand, pulkt Ravi Shankargewijs enkele noten uit om te groeien naar een heerlijke warme stampende blues. Welcome in ‘his’ world. Zelf relativerende humor troef en een fantastische communicatie met het publiek.

Na een klein uur wordt Grant aangekondigd voor wat zij een mash up noemen, en wat ik ongetwijfeld een climax betitel.  Na een absoluut kipversie van Lou’s  “Pale blue eyes”  begint Grant er dus alleen aan. Pure akoestiek met zijn wereldhitje “Fuzzy” en nog een resem sterke songs slaan het publiek met verstomming. Grant Lee teert op zijn voormalig Buffalo-succes en Gelb teert op zijn extraverte eigenzinnigheid.

Een gezamenlijke bisronde is er ‘to penetrate your dreams’ en Howe’s diepe croonerstem brengt onder  andere “King of the road”. De absolute eer wordt aan Grant gelaten met een heuse honkey tonk. Neen, niet Stones, maar Elvis. Ei zo na moesten ze Gelb het podium afsleuren, figuurlijk dan. Ze vonden achteraf ook heel snel de weg naar de toog. Puike heren, die legendes.

Pics homepag Pieter Verhaeghe (Motherlovemusic)

Organisatie: Harmonie, Oudenaarde

James Bay

James Bay – Klaar voor de Grote Doorbraak …

Geschreven door

Met het nieuwe jaar heeft de Bota al meteen een beloftevol sing/songwriter kunnen strikken. De jonge Britse James Bay brengt pas in maart z’n debuut ‘ Chaos & the Calm‘ uit; de paar EPs en vooral de single “Hold back the river” brachten hem terecht in de spotlights . Inderdaad,  een nummer met een sober sierlijke, elegante ritmiek en opbouw , ondersteund door z’n indringende , lichthese, emotievolle vocals .
Een sympathieke gast , een folky troubadour op z’n akoestische gitaar , net als een Angus Stone,  met de lange haren en hoed op . Nog geen baard , daarvoor is z’n sing/songwritersgehalte iets te groot tav de folky/psychedelica tunes .
Hij werd bijgestaan door een tweede man  op piano; die verder aanvult met footticks en allerhande subtiele geluidjes om de songs wat meer elan en draagkracht te bezorgen.
Vooral jong vrouwvolk was present vanavond, in een volle Rotonde,  om hun idool te horen, die de Brit award critics’ choice 2015 wegkaapte , in navolging van o.m. Adele – Florence Welch – Tom Odell en Sam Smith .

Het leven kan hard zijn als je naar Brussel rijdt , er 45 minuten over doet en de set in dezelfde tijdspanne is gedaan . Tja , het 24 jarig jong talent heeft nog niet meer materiaal dan dat! In de spaarzame , beperkte bezetting kregen we 10 songs , die een dromerig karakter en een zekere gevoeligheid hadden .
Hij was onder de indruk van de pittoreske Rotonde en hoopt dat hij zeerzeker nog mag terugkomen , hier of in de grotere zaal. Zoals de muzikale carrière nu loopt, kan het net als bij Odell of Ezra een ‘rising push’ krijgen , wat hem naar de AB kan brengen .
De eerste twee songs “Craving” en “Fire” toonden al de finesse, subtiliteit , ingetogenheid en puike melodielijn aan , een sobere , intieme start , een crecendo opbouw en de lichte explosies. Een speels, ongedwongen , spontane aanpak . De vrouwenhartjes sloegen al iets sneller op die liefdes -/verlatingssongs,  “If you ever (be in love)” of  “Running, die zijn stemcapriolen benadrukt.
Ook solo kwam hij meer dan goed weg . Het was muisstil op “Scars” en “Let it go” , één van de doorbraak singles; iedereen liet zich meedrijven op de essentie en puurheid van zijn gitaarspel – getokkel en de ingenomen vocals .
De persoonlijke indrukken , de liefdesperikelen en gevoelens dragen bij tot zijn songschrijven. Breder ging het opnieuw met de afsluitende reeks “Move together”, “Hear your heart” en “Need the sun”, één van de eerste nummers die hij schreef.  
Natuurlijk hield hij het meer extraverte “Hold back the river” tot het eind . De uptempo’s door de foottics en het slepende, snedige gitaarspel zorgden voor de nodige smileys en brachten de Rotonde in beweging.

Net als veel debuterende sing/songwriters spreidt deze jonge Brit zijn talent tentoon , vol overgave en vakmanschap om z’n muzikale carrière zo goed mogelijk uit te bouwen . Die Award is alvast mooi meegenomen.
Hier zagen we hem aan het werk in een klein zaaltje , waar hij de meisjesharten moeiteloos veroverde …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/james-bay-21-01-2015/
Organisatie: Botanique, Brussel

Eurosonic - Noorderslag 2015 - The European Music Conference and Showcase Festival


Eurosonic-Noorderslag 2014 - The European Music Conference and Showcase Festival – 14 -17 januari 2014, Groningen –
Overzicht EUROSONIC 15-16 JANUARI 2015

Naar jaarlijkse gewoonte was Groningen tussen 15 en 17 januari 2015 weer the place to be om de groepen van morgen te ontdekken. Dit jaar hadden de meer dan 41000 muziekliefhebbers keuze tussen 345 acts. De 29ste editie van het showcase festival trok een recordaantal van 3900 muziekprofessionals uit de hele wereld. Focusland IJsland vaardigde een delegatie af van maar liefst 19 bands. Niet mis voor een land met een bevolkingsaantal zo groot als pakweg de stad Utrecht. De voorbije edities leverde ontdekkingen op als Ásgeir, Coely, George Ezra, Hozier, Jungle, Milky Chance en nog veel meer.

Organisatorisch verliep het even gesmeerd als anders, al was het artiesten- en persdorp verhuisd van de Oosterpoort naar het Ebbingekwartier, iets buiten het centrum. Temperaturen zoals op een zomerfestival kan je natuurlijk nooit verwachten in januari. Maar dit is juist de charme van Eurosonic: van de vriestemperaturen buiten een gezellige kroeg induiken en onderweg een bak kibbeling scoren. Of een eierbal uit de muur, smaken verschillen. Om tot slot alles door te spoelen met een glas Zundert.

Donderdag 15 januari 2015
Hoewel Mammut uit gastland IJsland al meer dan 10 jaar actief is (sinds 2003 onder de naam ROK, sinds 2004 als Mammút) en al 3 CD's op het actief heeft, zijn ze nog vrij onbekend in de rest van Europa. In eigen land won de groep vorig jaar op de IJslandse Music Awards drie prijzen (beste album, beste song en beste album cover). De drie frontdames vormen de kern van de groep en worden geflankeerd door een drummer en een gitarist. De meeste nummers worden in het IJslands gebracht waarbij de manier van zingen nog het meest de stempel van Björk draagt. Denk daarbij aan schreeuwerige uithalen die overgaan in de gitaar. De theatrale bewegingen van frontvrouw Katrína Kata Mogensen doen vermoeden dat het best verscheurende teksten moeten zijn. Hoewel de zaal halfweg begon leeg te lopen, vonden we deze melodieuze postpunk best onderhoudend.

Veel muzikale overeenkomsten tussen 'Sea Change’, de memorabele classic waarop Beck zijn gebroken hart uitstort en het gelijknamige hippe koffiebar trio (met obligate Apple laptop uiteraard) uit Oslo moeten niet direct gezocht worden. Tenzij misschien een zekere aanleg voor tristesse en weemoed. Tot halverwege de set bleven de blonde lokken van de jonge zangeres goed verborgen onder een zware cape. De futuristische dreampop gaf zich niet minder gemakkelijk prijs. Bijster origineel klonk dit evenmin binnen het elektronische universum dat al goed bevolkt wordt door zielsverwanten als Grimes en Purity Rings. De elektronische drumpads brachten een zekere swung in de set, maar echt beklijvende songs kregen we van Sea Change (nog) niet te horen.

Het Belgische mannentrio van Pomrad had voor de gelegenheid hun outfit uit dezelfde kleerkast gevist: zanger aan de keytar in het rood, gitarist in het geel en drummer in het blauw. Hoewel frontman Adriaan van de Velde een jazzopleiding aan het conservatorium achter de rug heeft, springt Pomrad qua genre met alle gemak van 80's funk over naar 90's hip hop. Af en toe klinkt er zelfs dub step door. Ondanks de vele samples blijft de live reputatie van Pomrad moeiteloos overeind. De special effecten uit de talkbox en de synthesizer die klanken voortbrengt die nog het meest aan ruimtegeluiden doen denken, zorgen voor een eclectische mix. Pomrad is Netsky meets Daft Punk meets hip hop meets Hudson Mohawke. En meer was er niet nodig om de sfeer er goed in te krijgen bij het publiek.

Wie dacht dat de Estlandse muziekscène enkel bevolkt wordt door alcoholische hair metal bands verdwaald uit het noorden mocht bij Odd Hugo rap zijn vooroordelen opbergen. Poëtische, indringende samenzang van twee charismatische frontmannen, vakkundig en subtiel gebrachte dessert folk arrangementen en trompetten uit de Calexico en Giant Sand stal,… tijdens Odd Hugo waanden we ons eerder verloren gelopen in een kurkdroge woestijn waar het gevaar van slangen en schorpioenen constant op de loer ligt. Odd Hugo bleef ons intrigeren en verbazen tot het eind van de set. Wie reikhalzend uitkijkt naar een nieuwe plaat van Beirut kan zich tussendoor laven aan songs als “Kissing in The Falling Rain” en “Mumblewalk” die een doorbraak potentieel buiten de Baltische staten verbergen.

De Letten van Carnival Youth stonden zo fier als een gieter op het Mutua Fides podium te blinken. Geheel terecht, want dit viertal had op piepjonge leeftijd al enkele knappe indie pop songs met leuke hooks en catchy refreinen in de vingers. Gekoppeld aan een gezonde dosis charisma en zelfvertrouwen maakte deze band ons benieuwd naar wat de muziek scene in en rond Riga nog zoal te bieden heeft. Op de opzwepende afsluiter “Never Have Enough” werd het publiek zelfs aangemoedigd tot uitbundig meezingen. Waar ze tot hun eigen verbazing nog in slaagden ook. Carnival Youth maakte een goede indruk op Eurosonic en hun honger lijkt na de passage in Groningen nog zeker niet gestild.

Deze Ieren uit Dublin, ooit begonnen als straatmuzikanten, kenden de voorbije jaren een gestage groei en zijn in hun thuisland al lang een gevestigde waarde. 2014 was een heus topjaar voor The Riptide Movement: hun derde album ‘Getting Through’ scoorde een nummer 1 in de Ierse hitlijst, ze stonden op Glastonbury en speelden oa. in het voorprogramma van The Rolling Stones in Hyde Park. Verder sleepten ze een nominatie voor The Choice Music Prize in de wacht (jaarlijkse muziekprijs voor beste album uit Ierland) – net zoals Hozier by the way. De vierkoppige rockband was in Groningen uitgebreid met twee trompettisten en twee vrouwelijke backing vocals. De mondharmonica gaf het geheel een country sound. Het publiek werd op z'n wenken bedient met als hoogtepunt de oorworm “You and I” en als afsluiter de hit “All work out”.

Het muzikale equivalent van pure razernij. Meer dan een gitaar en een drumstel had Fossils, een noise rock duo uit Kopenhagen, niet nodig om een verpletterende wall of sound op te trekken waarin punk en metal volledig inwisselbaar leken. Bijzonder stevig dus, maar nooit rommelig en inzake complexiteit zelfs eerder richting hardcore/straight edge neigend. Geen enkel nummer klokte af boven anderhalve minuut, maar rustpauzes tussendoor vielen er nauwelijks te noteren. Na ongeveer 10 songs kondigde de zanger met een zweem van trots aan dat ze halverwege de set beland waren. Wie dringend op zoek is naar een meer gespierd underground alternatief voor Royal Blood moet Fossils beslist ontdekken. Op eigen risico wel te verstaan. Want na de set was het voorzichtig richting uitgang laveren tussen een slagveld van gescheurde trommelvliezen op de vloer.

Jett Rebel (echte naam Jelte Tuinstra) uit Nederland werd aangekondigd als “Alle jongens willen hem zijn, alle meisjes willen bij hem zijn”. De androgyne frontman had dus een reputatie waar te maken. En inderdaad, hij betrad het podium als een tieneridool, zonnebril op (maar niet voor lang, het was immers rond middernacht), lederen jasje (ook niet voor lang, hij had zijn begeerlijk lijf te tonen) en hij bespeelde het publiek met seksuele allusies en bewegingen. Oppervlakkig individu? Niets van, een gitaarvirtuoos! Van de opener “Tonight” tot het laatste nummer, met en passant nog een ode aan zijn held met het opschrift ‘Brian Wilson is my God’ op zijn t-shirt. Op het einde volgde zowaar nog een oproep tot verdraagzaamheid. Die was waarschijnlijk wel gemeend, maar bleek het publiek toch wat te verrassen.

Met IJsland als gastland creëerde Eurosonic 2015 als vanzelf hooggespannen verwachtingen. Zit er geen nieuwe Sigur Rós tussen? Een band die lak heeft aan conventies, laat staan anderen na aapt, maar liever een eigen universum creëert? We hebben niet alle inzendingen kunnen bekijken, maar Low Roar zat waarschijnlijk het dichtst in de buurt. Geen strijkstok postrock, maar toch even intens en out of this world. Akoestische gitaar, drums, spaarzame subtiele elektronische arrangementen en een kippenvel stem… meer had dit trio niet nodig om ons te betoveren met hun epische grandeur. De magistrale climax op “Dreamer” deed naar adem happen en “Easy Way Out” had het debuut van Other Lives nóg tijdlozer doen klinken. Wat een zonde dat Low Roar (nog) een nobele onbekende is in onze contreien. Dringend verzocht dus op een schemerig Belgisch podium!     

De jonge snaakjes van Urban Cone recycleerden hippe acts als MGMT en Daft Punk net iets té gretig. Die psychedelische orgeltjes en stemmetjes, zonder de toegankelijke pop regie die zo typerend is voor thuisland Zweden uit het oog te verliezen. Die vette disco baslijntjes die around the world fel gesmaakt worden. Het jeugdige, blonde charisma dat niet veel moest onderdoen voor de jonge Duran Duran en dat niet enkel het vrouwvolk maar ook sommigen onder het mannenvolk gemakkelijk ophitst. Succes ligt ook buiten Scandinavië in het verschiet voor Urban Cone, maar wij hebben al originelere laat staan meer beklijvende muziek uit deze contreien horen overwaaien.

Vrijdag 16 januari 2015
Kaleo
slaagde erin om de Grand Theatre al van bij het begin van de avond volledig te doen vollopen. Dat het debuut van deze IJslanders volgens de presentator binnenkort meteen bij het major platenlabel Atlantic Records zal verschijnen maakte de verwachtingen er niet bepaald kleiner op. Aanvankelijk werden die ook ruimschoots ingelost. Op opener “All The Pretty Girls”, dat vocaal dicht aanleunde bij de fenomenale James Vincent McMorrow, werd de zaal meteen muisstil. Geen geringe prestatie in het luidruchtige Holland dat op dat moment nog massaal aan het inpilsen was. Helaas schakelde Kaleo daarna over op een weinig geïnspireerd blues rock genre waarvoor Kings Of Leon de neus zou ophalen. Van pure verveling gingen we vlug ander oorden opzoeken.

Isaac Delusion verwierf in thuisland Frankrijk al enige bekendheid sinds hun EP “Midnight Sun” uitkwam in 2012 en toerden al rond in de Verenigde Staten en (verrassend) India. In Groningen tonen ze dan ook de nodige podium présence. De dromerige electropop van het Parijse duo is een symbiose van de electro- en hip hop wereld van Jules Paco (aan de synthesizer) en de voorkeur voor folk singer-songwriters van zanger Loic Fleury. Aphex Twin meets Elliot Smith zeg maar. Het meest kenmerkende hierbij is echter de kopstem van Fleury. Dit geeft een ietwat ijl karakter aan de zangpartijen, die lijken te zweven boven de soms nerveuze ritmes. Het centrale duo werd in Groningen versterkt door Nicolas aan de bas en Bastien aan de mengtafel.

Bilderbuch was één van de groepjes die getipt werden door meerdere radiostations als must see act. Nog vóór het concert begon rolden ze dus al vlotjes over de tongen. Soms in het Engels, dan weer in het Duits, maar altijd even aanstekelijkheid. Bilderbuch leverde topentertainment eerste klas af. Wars van enige pretentie. Een band met een eigen, grappige smoel ook. David Byrne, Kanye West en Hot Chip zijn niet meer dan vage aanknopingspunten. Zo mogen er gerust wat meer op een podium staan. “Maschin”, “OM” en “Soft Drink” klonken even arty als banaal en toverden de volgepakte Vera rockbunker om tot één brede glimlach. Tegen alle vooroordelen in promootte Bilderbuch thuisstad Wenen als een anarchistische plek waar humor en excentriciteit hand in hand gaan. Of zoals de Süddeutschen Zeitung over deze band zei: “Diese Musik ist geil, weil sie geil ist. Man muss das hören".

De fans van het Eurovisiesongfestival hebben de Finse jongens van Softengine in 2014 zien passeren met het nummer “Something better”. Dat leverde Finland een verdienstelijke elfde plaats op en de band een platenlabel bij Sony. Hoewel ze al van 2011 samen spelen, kwam het eerste album ‘We created the World’ pas in 2014 uit. Blijkbaar was dit een springplank naar meer bekendheid, want ondertussen is de band genomineerd voor een “Nieuwkomer van het jaar”-award en kunnen ze nog een “Band van het jaar”-award binnenrijven ook. Hun alternatieve poprock, met synthesizer en samenzang, klinkt eenvoudig en licht verteerbaar maar het strakke tempo van de meeste nummers staan garant voor een boeiend optreden.

Nog voor ze een noot gespeeld hadden in Groningen, was de eerste prijs al binnen voor de Belgen van Oscar and the Wolf: die voor de langste wachtrij van het festival. En het was alsof zanger Max Colombie wist aan welke hoge verwachtingen hij moest voldoen: glitterpak aan en van bij het eerste nummer sensueel dansend. Zoals hij zelf eerder toelichtte staat de bandnaam voor twee personages: Oscar is licht en poëtisch, zijn alter ego de Wolf is de sombere kant, die de eenzaamheid opzoekt. Een dualiteit die tijdens de set terugkeert, zoals de afwisseling tussen het vlotte “Strange entity” enerzijds en het mysterieuze “Joaquim” en “Undress” anderzijds. En dan, uit het niets, was daar een hip hop fragment uit “Be Faitfull” van Fatman Scoop, gevolgd door een stukje “Jenny from the block” en een herwerkte versie van “Freed from desire”. Het zou een magistrale opbouw blijken naar “Princes” als afsluiter, op sensuele en bijna mysterieuze wijze gebracht en waarschijnlijk een van de hoogtepunten van het festival.

De IJslandse reïncarnatie van Bauhaus en Joy Division. Deze dark wave omschrijving van Fufanu prikkelde, maar schiep ook hoge verwachtingen. Veel te hoog, bleek al vlug. In de gitaren zat diezelfde angstige, uitzichtloze early eighties galm en het bandlid dat aan de zijkant de synths liet zoemen leek weggelopen uit The Cure. Maar toch bleef het saaiheid troef in de zaal. Blijkbaar had Fufanu nog niet ontdekt dat de beste new wave bands met diepe wortels vertakt zijn in de punk. En daar live volop gebruik van maken om een energieke en opwindende show te brengen. Dat de jonge zanger er eerder uitzag als een blonde koorknaap dan als een suïcidale neuroot speelde binnen dit genre evenmin in hun voordeel. Nooit wist Fufanu de set naar een hoger niveau te stuwen, tot grote gelatenheid van het publiek.

De vier Luxemburgse punk rockers van Versus You timmeren al tien jaar en vier albums aan de weg en er lijkt nog lang geen sleet op te zitten. Als hun inspiratie vermelden ze 90's punk in het algemeen en Chicago- en Berkeleypunk in het bijzonder. Veel zwart op het podium dus en een zanger met het stemgeluid van een rasp en een halsslagader chronisch onder druk. Normaal is er op de akoestiek niets aan te merken in Groningen, maar hier kon het zaaltje eronder meegenieten. Jammer dat we geen oordopjes voorzien hadden. Net toen we vonden dat deze jongens zichzelf best wel au serieus nemen, weerklonk de kreet: “This one is for Tom Petty!”. Jeugdsentiment of Luxemburgse humor, wie zal het zeggen?

Bohemien maatpakken, moderne haarsnits en beleefde manieren. Het Britse The Slow Show scoorde zeer hoog in het lijstje ‘stijlvolste acts’ editie 2015. In het lijstje ‘beste acts tout court’ eveneens. Opener “Dresden” was meteen een visitekaartje van jewelste. Een song die langzaam opgebouwd werd ronde de prachtige, diepe baritonstem van zanger Rob Goodwin en uitmondde in een hemelse climax van koperblazers die onder de hoge gewelven van de sobere AA kerk prachtig weerkaatsten. Qua topakoestiek onevenaarbaar. De Slow Show leek zich goed bewust van dit privilege en dankten de organisatoren trouwens uitbundig voor deze unieke setting.  Het vervolg van de set werd nóg beter. De grote schare fans van The National en Tindersticks mogen reikhalzend uitkijken naar de debuutplaat van The Slow Show op 9 maart 2015.

Carmen Villain had als doel dromerig te klinken, maar het effect was  eerder slaperig. Als je eventjes wou uitblazen tijdens een uitputtende Eurosonic marathon kwam de slowcore shoegaze van dit engelachtige blondine duo uit Noorwegen echter niet ongelegen. Geen easy listening nochtans, meer impressies dan afgewerkte songs, weinig tot geen interactie met het publiek en luid, bij wijlen oorverdovend zelfs. The Velvet Underground en My Bloody Valentine moeten ongetwijfeld de favoriete bands zijn die Carmen Villain het liefst afspelen in hun knus ingerichte huiskamertjes. Een echte doorbraak lijkt er niet meteen in te zitten en was wellicht ook niet de bedoeling, maar één of ander artistiek concept zat er alleszins achter. Vraag ons alleen niet welk.

De vier Deense hardrockers van Förtress stonden op het podium in bloot bovenlijf vol tatoeages. Tot daar niets nieuws onder de zon. Dat de drummer alleen een zwarte slip aan heeft, doet bij sommigen al een belletje rinkelen. Als ze dan beginnen overacten en te grimassen weet je: deze band steekt lekker de draad met zichzelf en de hele hardrock scene. Los daarvan, wat de sound betreft, komt Motörhead het dichtst in de buurt. Lange gitaarsolo's, energieke riffpartijen aan een vaart die je hoofd geen nanoseconde rust laat.

Organisatie: Eurosonic – Noorderslag

Stiv Cantarelli and The Silent Strangers

Banks Of The Lea

Geschreven door

Italië is nu niet bepaald het meest sexy land als het op rock’n’roll aankomt, maar de lekker gortige  rock die dit deze band afvuurt weet ons toch aangenaam te verrassen.
Frontman Stiv Cantarelli weet zijn band op af en toe stevig op te hitsen richting Gun Club (“Lacalifornia”) en er rolt geregeld een dolle saxofoon door de songs die ons doet denken aan hetgeen Steve Mackay wel eens bijbrengt aan het vunzige Stooges geluid. De gerookte blues van “Arrogance Blues”, de garage versie van The Black Crowes op “Soul Seller” en de smerige sluimerende dreiging van “Before I Die” zijn wat ons betreft de hoogstandjes van dit plaatje, maar de rest frommelt zich ook overtuigend door het deurgat. Dit lijkt ons een bandje om in de gaten te houden.

Alt-J

This is all yours

Geschreven door

2012 was wel het jaartje voor de uit Leeds afkomstige Alt-J . Op ‘An awesome wave’ horen we een muzikale assemblage van indierock , folktronica, progrock en triphopachtige contouren; een band die prikkelt , verrast en verfrist en een warm, toegankelijk en avontuurlijk geluid weet te creëren met aanstekelijke, groovende en onverwachts bevreemdende, ingewikkelde  ritmes en vocale trucjes. Hun sound is  verfijnd – toegankelijk – organisch – complex .
Intussen is de band gereduceerd tot een trio en is er opnieuw sprake van een muzikale schoonheid op die tweede . Een sferische, etherische sound , die gelaagd , gevarieerd en enkele poppy (mainstream) nummers bevat als “Hunger of the pine” , “Left hand free” , “In every other freckle” , “Arrival in Nara” , “Leaving Nara  en “Nara”.
Een muzikale aanpak , die sierlijk , spannend , dreigend is en in z’n compacte vorm van indietronica – ambient - folk en pop vindingrijk, kleurrijk als gewoon klinkt .
We hebben  evenwichtig pittige, huppelende en twinkelende ritmes waar elk geluidje zijn plaats vindt, ondersteund door een speelse, meerstemmige en aanvullende zangpartij, wat ervoor zorgt dat dit opnieuw een prima album is geworden, van een goed op elkaar afgestemd trio ,  die het aardse durft te overstijgen op een “Pusher”, “Bloodflood”, en “The gospel of John Hurt” .
Band die zich (opnieuw) laat ontdekken !

Electric Wizard

Time to die

Geschreven door

De eerste drie songs  , “Incense fot the damned” , “I am nothing” en de titelsong , al bijna goed voor dertig minuten speelplezier,  dompelen ons meteen onder in de muzikale doommetal van het Britse Electric Wizard.
We krijgen een psychedelische stoner/metal/desert trip door de zware , slepende , logge hypnotiserende , onheilspellende , beklemmende ritmiek. Af en toe kunnen we wat op adem komen door sfeervoller werk (“Destroy those who live God” , “Sadiowitch” en het afsluitende “Saturn dethroned”) , maar toch blijft er een onderhuidse spanning heersen door de zwarte , grimmige , dreigende , beangstigende sounds.
Electric Wizard blijft toch wel iets apart … Die lange nummers blazen ons in hun unieke  leefwereld , waarin de duivel in al zijn gedaantes wordt geëerd , en waar de lavendel is vervangen door zwavel en wiet . Met ‘Time to die’ staan deze Wizards torenhoog in de doomhiërarchie …

Ty Segall

Manipulator

Geschreven door

De uit San Francisco afkomstige Ty Segall heeft al een pak platen uitgebracht op korte tijd , maar nam na de akoestische ‘Sleeper’ en ‘Fuzz’ wat meer de tijd voor deze nieuwe cd . De indie/garagerock’n’rollende sound blijft het centrale gegeven; 17 songs vinden we maar liefst hier terug , die mooi uitgewerkt zijn en boeien door een slepende , broeierige, rauwe aanpak en die intrigerende, repetitieve, slepende , dromerige ritmiek . Ze worden aangevuld, ondersteund en afgewisseld door psychedelica effects , semi akoestisch folky gitaargetokkel, en wat soul/r&b.
We hebben een pak goede songs , die spannend, puntig , gedreven zijn , van de gelijknamige opener tot “Tall man, skinny lady” naar het sterk overtuigende “Feel” , “The connection”, “The hand” en “The crawler”  .
Ze maken van dit album een ambitieus werkstuk. Tussenin hoor je stijlvarianten met sfeervollere nummers , die de veelzijdigheid onderstrepen.
Maar goed dat hij wat langer op zich liet wachten , ze zijn gerijpter dan ooit! Ty Segall is klaar om een groter publiek te bereiken.

Genepool

Komplex

Geschreven door

Opnieuw een fijne plaat uit de Rookie Records-stal en dit keer komt die van Genepool!  Wie luistert naar de catchy,  puntige poppunkcomposities op ‘Komplex’, denkt ongetwijfeld dat we met een zoveelste nieuwe fijne formatie uit Groot-Brittanie te maken hebben maar niks is minder waar. 
Genepool betreft een zestal uit het Duitse Köln dat al sinds 2000 bestaat en met ‘Komplex’ aan haar zesde album  toe is.  De heren hebben in die periode alleszins geleerd hoe een swingende rocksong te schrijven  die al na een handvol luisterbeurten vertrouwd in de oren klinken.  Op catchy tracks als “Submissions”, “Giants”, “Rope” “Is Enough”  en “Anschlag Bei nacht” vermengt Genepool hun postpunk met een flinke scheut indie,  elektro en new wave. 
Deze fijne mix wordt daarbij versterkt door uitmuntende vocalen en door gerichte keyboards en blitse elektronische geluiden.   
Een verrassend sterk album dus dat je zelf kan ontdekken via http://genepool-music.net/.

Pagina 552 van 966