logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Epica - 18/01/2...

Oscar & The Wolf

Entity

Geschreven door

Na enkele EP’s, die vooral zeer indiepop klinken, heeft Oscar & The Wolf met hun debuutplaat ‘Entity’ de juiste weg gevonden. Elektronische pop beats met een dromerige stem die je 45 minuten het gevoel geven alsof je op een andere planeet leeft.

Openingsnummer “Joaquim” brengt je, door zijn zweverige intro, onmiddellijk in de juiste sfeer die er tevens over heel de plaat heerst. Emoties is een aspect dat op ‘Entity’ ook zeker niet ontbreekt, “Bloom (oh my baby)” is hier een perfect voorbeeld van. Om nog maar te zwijgen over het wondermooie “Undress”, een nummer met voorzichtige R&B die perfect aansluit bij de rest van het album. Ook aanwezig zijn het zeer dansbare “Strange Entity” en het razend populaire “Princes” dat heel België wakker schudde.

Opvallend op ‘Entity’ is vreemde eend “Under The Skin”, bijna even experimenteel als de rest, maar toch net niet wat het moet zijn. Afsluiter “Killer You” zit dan wel weer goed.

 

Avatar

Avatar - Vrouwen bewonderen, mannen aan den toog: ideaal optreden

Geschreven door

Avatar
Avatar – interview + liveset
Naar het schijnt zijn Scandinaviërs goed in metal. Een van deze exponenten blijkt Avatar te heten. Niets te maken met een of andere oosterse godsdienst, wel met wat je denkt. In 2001 gestart als een eerder klassieke melodische metal band, zijn Johannes en co intussen geëvolueerd tot een heuse melodische technische death ’n roll ensemble met de nodige show en parfums. Ik mocht zanger en bezieler Johannes Eckerström interviewen. Tijdens het interview een ietwat frêle sympathieke knul, om later met een heus alter ego het podium te bestijgen. Johannes kon netjes in het Zweeds vertaalde vragen uitpikken. Je zal maar eens familie hebben die in hetzelfde dorp woont.

Hoe komt heavy metal in het landelijke Lindome? (Nabi j Göteborg)
Omdat metal nu eenmaal landelijk is! Niet dat we geen keuze hadden, maar van alle jeugdculturen en subculturen leek metal het meest voor de hand liggende. Zeg maar rebellie tegen die eeuwig durende Hillbilly cultuur in Zweden. Het is moeilijker om in pakweg Berlijn te starten met een metal band dan in het landelijke Lindome.  In  het nabije Kungsbacka, waar je schoonbroer woont, valt er nog minder te beleven. Je kan niet anders dan naar Göteborg trekken om iets op te snuiven. Ik heb daar als jonge snaak ooit eens AC/DC mogen zien.

Hoe schrijf je jouw songs? Start je met een tekst, een idee, of als een gitarist – je startte met een Mexican Fender Telecaster – met een rif?
Eigenlijk was ik als snaak een piano en een trombonespeler, redelijk klassiek dus. De puberteit vroeg achter een gitaar. Nu start ik eerder met een tekst, maar  ook in samenspraak met de anderen een mix van alles. Trouwens, ik verkocht ooit die gitaar en nu wil ik dat verdomde ding terug.

Is het schrijven van nummers van anderen en van elkaar stelen, of is er een ‘Big Brain’ die alles beslist?
Zoals ik al zopas vertelde, zijn we geïnspireerd door elkaar. Er komt iemand aanzetten met iets, en als iedereen er van houdt, pikken we dit op. Vandaar de eeuwige angst dat, als we iets hebben, het al eens ergens zou kunnen bestaan. We doen liever aan het betere jatwerk, zoals bijvoorbeeld een reggae basslijn transponeren naar een heuse metalriff. Een beetje creativiteit kan geen kwaad. Ik zou eerder iets van Bach of Bob Marley stelen dan van Judas Priest. Je kan moeilijk Breaking the Law herschrijven in een gelijkaardig  genre.

Waarom ‘ something in the way ‘?
Was gestart als B-kantje. We hadden even studiotijd over en the Ramones moesten het afleggen tegenover Nirvana. Niet voor Cobain hoor, we zijn enorm gefascineerd door Dave Grohl. Daarbij, iedere metalband covert een metalnummer, vaak met wat ironie. Wij deden iets anders en dan nog eens serieus.

Als iggy Pop naar de bank gaat, is hij duidelijk James Osterberg. Enkel op het podium is hij zijn alter ego Iggy. Kan dit een verklaring zijn waarom je op het podium make up en een outfit draagt?
Je doet me denken aan Alice Cooper. Je bent op het  podium iemand anders, maar toch dezelfde. Denk aan The Dice Man. Iedereen sprokkelt ikjes, maar je blijkft dezelfde. Nu ben je ander ikje als je mij interviewt. Vanavond ben je een ander ikje als je tegen je vrouw praat. Niets fake dus.

Ben je religieus?
Je lijkt op een leraar godsdienst! Ik ben ook leerkracht geweest. Zweden is wat moeilijk. Als je religieus bent, moet je overdrijven.  Next!

Hoe belangrijk zijn jullie clips? Ze zijn gewoonweg briljant en zeer goed geproduced!
Zie het als een totaalconcept. Ik streef ernaar om de muziek, het imago, een clip als allemaal onderdelen die van het geheel meer maken dan de som van die delen. Pure Gestalt dus.

Geef eens advies aan Steak Number 8.  
Goeie band. Veelbelovend. Leg de lat hoog en neem je vak ernstig. Zoek een eigen identiteit is plaats van anderen te willen nadoen. Vergelijk je dus niet met een andere band. Repeteer tot vervelens toe en zorg dat je net iets beter bent. En vooral, wees eerlijk, ook met jezelf. Identiteit en eerlijkheid zullen altijd overleven. We zijn niet Mili Vanilly, hé.

En je spreekt zo zacht, en nochtans heb je een misthoorn van een stem!
Je speelt ook wat gitaar, jij, hé? Je kan maar spelen als je oefent, constan oefent. Dit is wat ik doe met mijn keelgat, jong.
Nu worden we wel onderbroken zeker! De sympa zal zich direct transformeren in een eerder clowneske podiumgig en toch zichzelf blijven.

Even later stalkt Johannes het podium met een geschminkte kop, een hooghoed, lederen handschoentjes en een heuse stok. Hij verkent het podium en dirigeert zowaar het publiek. Gitarist Tim Öhrström en Jonas Jarlsby , samen met  bassist Henrik Sandelin, openen de show, want dit is het wel, door unisono hun afro en andere kapsels cirkelgewijs rond te draaien terwijl drummer John Alfredsson in een waas van rook gehuld zat.  
We krijgen dus een portie metal in ons strot geramd met de nodige bombast en theatraliteit. Clown Eckerström nam even zijn hoed af en zette  “Torn Apart”in.
Intussen hitste hij het volk verder op met zijn staf, dronk uit een vreemde beker en bracht zijn metalcircus naar een climax. Een resem fans stonden mee te springen alsof hun leven ervan afhing. Drie kwart van het vrouwelijke gedeelte gingen volledig mee, terwijl hun mannen de zekerheid van den toog verkozen, bij wijze van spreken dus.
“Dying to see you dead” mokerde het best. Het publiek bleef geduldig en enthousiast wachten en meeschudden tot de clown zijn zogezegd persoonlijke en eigenzinnige show afgewerkt had.

Ideale show, maar niet bijster origineel. Toch wel succesvol, ophitsend en redelijk fantastisch, ideaal voer voor de kenners en fans. “Something in the way” werd achterwege gelaten.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/avatar-10-12-2014/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/the-defiled-10-12-2014/

Organisatie: Alcatraz ism Kreun , Kortrijk

Jungle

Jungle – hartverwarmend , vrolijk en dansbaar …

Geschreven door

Jungle – hartverwarmend , vrolijk en dansbaar …
Jungle, Beaty Heart en STUFF
Ancienne Belgique
Brussel
2014-12-08
Johan Meurisse

De Britse Jungle van Tom McFarland en Josh Lloyd-Watson is uitgegroeid tot één van de revelaties van 2014. De mishmash aan stijlen bij Jungle (pop, soul , funk , disco, nightclubbing, …) is radiovriendelijk , glad , toegankelijk , zorgt voor de nodige smileys , geeft een zomers , sensueel, warm ontspannend gevoel , staat garant voor een dampend sfeertje, werkt aanstekelijk en brengt het publiek in beweging. Twee sterke singles “Busy earnin’ “ en “Time” zijn daar al verantwoordelijk voor .

De band plaatste zich eerder in de spotlights op de ontdekkingstocht van Eurosonic-Noorderslag , Les Nuits Bota en Pukkelpop . Toegegeven muzikaal sluimert eenvormigheid in hun materiaal door diezelfde groove en basstune, gedragen door de meerstemmige zangpartijen.
We werden een goed uur op aangename wijze meegevoerd in hun dansclubsfeertje, wat wel deugd doet in die grauwe winterdagen .
Jungle is een heuse band live, met een uitgebreide ritmesectie en backing vocals . Met zeven op het podium , waaronder vijf op een rij , bezorgden ze het publiek een fijn, leuk avondje. We ervaarden een nighttown sfeertje door de lightshow. We hotsten mee op de tunes en grooves van een rits heerlijke songs als “Julia” , “The heat” , “Sun of a gun” en “Lucky”, die kenmerkende  trancegerichte beats  van Underworld lieten horen . Gans hun debuut kregen we mee.
De  twee doorbraaksingles werden bewaard op het eind en tijdens “Time” werden we op dit afsluitend concert van hun (ellen) lange tour letterlijk uitgewuifd door die hartverwarmende, vrolijke, dansbare tunes .
Volgend jaar kan je hun feestje nog eens meemaken in de Trix, Antwerpen.

Eerder was er het optreden van het Londense Beaty Heart die meteen de sound van Vampire Weekend , Django Django en Animal Collective deden opborrelen met hun sprankelende psyche pop , Afrikaanse percussie en allerhande opgewekte , hitsende  geluidjes. Als opener deze avond meer dan de moeite!

STUFF - Willen we deze ‘artist in residence’ even niet vergeten aub. Ze speelden na Jungle in de AB Club. Het kwintet bood net als hen een freestyle en crossover ; hippop, 70s elektronica , sequencers , spacy sounds , jazzfunk,  scratches, vette beats, drums en een diepe bas sierden hun muzikale improvisaties.
We werden ook hier meegesleept in hun maffe jams en  fusion.  Hun instrumentale sound had iets ‘onthaastend’ en werkte aanstekelijk . STUFF klonk verrassend, creatief, avontuurlijk, en verdiepte zich, zonder de melodie uit het oog te verliezen. Band die we zeker verder opvolgen …

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel  

 

J Mascis

J Mascis - Dinosaur Jr. unplugged en snedig

Geschreven door

Net als generatiegenoot Thurston Moore laat ook Dinosaur Jr. opperhoofd J Mascis dit jaar van zich spreken met een solo avontuur waarin de alternatieve gitaarheld zich naar hartenlust kan uitleven zonder bemoeienissen van zijn bandmaatjes. Terwijl Moore de erfenis van Sonic Youth moeiteloos in ere houdt , keert Mascis de overstuurde decibels tegenwoordig echter radicaal de rug toe. Op zijn jongste twee solo-albums, beiden verschenen op het SubPop label dat tegenwoordig ook onderdak verschaft aan o.a. The Afghan Whigs, ontpopt de langharige grijsaard zich als een breekbare troubadour met akoestische liedjes die zoals steeds kopje ondergaan in weemoed en radeloosheid.

De clubtour ter promotie van zijn recentste liedjesalbum ‘Tied To A Star’ deed Mascis afgelopen maandag belanden in een karig gevulde Kreun club. De Amerikaanse indielegende had naast een selectie geestrijke dranken ook wat keelsprays klaar staan om de krassen in zijn stembanden wat te smeren. In het repetitiehok van Dinosaur Jr. tornt diens getormenteerde stem nauwelijks uit boven de wall of sound, maar in afwezigheid van Lou Barlow en Murph én enkel gewapend met een (semi-)akoestische gitaar blijkt Mascis toch geen onaardige zanger, maar dan wel één die geen boodschap heeft aan smalltalk met publiek.
Tijdens openers “Listen To Me” en “Me Again” liet Mascis zich meteen van zijn meest introverte kant zien. Het is een compliment dat de wat nors ogende man ons mogelijk niet in dank zal afnemen, maar de sobere inkleuring van die liedjes had wel wat weg van Lou Barlow’s akoestische Sentridoh avonturen. Lang duurde het echter niet of Mascis begon te stoeien met effectpedalen en elektrisch versterkte gitaarloops, waardoor de rest van de set snedig balanceerde tussen ‘plugged’ en ‘unplugged’.
De die-hard fans die J Mascis vooral een warm hart toedragen als frontman van Dinosaur Jr. kwamen dus allerminst bedrogen uit, te meer omdat er maar liefst 7 songs uit de back catalogue van die band op de setlist prijkten. Ook zonder de pletwals tandem Barlow-Murph klonk het oudje “Little Fury Things” nog even vitaal als ruim een kwarteeuw terug, maar nog groter was onze voldoening toen met “Get Me”, “Out There” en “Not The Same” een indrukwekkend drieluik uit één van onze favoriete Dinosaur platen ‘Where You Been’ (‘93) werd geplukt.
J Mascis beperkte zich gelukkig niet tot het louter muzikaal herkauwen van oud materiaal. Ook uit het jongste solo exploot van Mascis noteerden we een aantal fraaie hoogtepunten: het met een depri gitaarmotiefje doorweven “Stumble”, het orientaals getinte “Heal The Star” en de instrumentale Led Zep pastiche “Drifter”.
In het slot van de bijna anderhalf uur durende set staken trouwens nog wel meer van dat soort knipogen naar muzikale collega’s. Wie de ogen even dicht kneep tijdens het tevens van Dinosaur Jr. geleende “Alone” kon zich zo een gitaarduel tussen Neil Young en diens Crazy Horse inbeelden, en zelfs een minder voor de hand liggende referentie als John Denver kreeg een eerbetoon met een sober “Leaving On a Jet Plane”. Tijdens de enige bis greep Mascis nog een keer de kans om zijn gitaar technisch vernuft te demonstreren met een lekker slordige doch veel te korte interpretatie van The Cure’s “Just Like Heaven”.

In tegenstelling tot het klinisch dode Sonic Youth lijkt de toekomst van Dinosaur Jr. bijlange nog niet gehypothekeerd. We hebben niets met voetbaluitslagen tussen rivaliserende ploegen, maar na de set van vanavond én het vorig jaar herboren Sebadoh dringt zich toch volgende conclusie op: Barlow-Mascis: 1-1.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/j-mascis-08-12-2014/
Organisatie: Kreun , Kortrijk

Kommil Foo

Kommil Foo – ‘Het Bestand’ - Al zittend overdonderd worden

Geschreven door


Kommil Foo, het gekende Vlaamse cabaret-duo bestaande uit de gebroeders Raf en Mich Walschaerts, speelt op de verjaardag van Sinterklaas in een uitverkochte AB. Sinds 1987 zijn ze al bezig met optreden. In 1992 veroverden ze Vlaanderen en Nederland met hun show ‘Plank’. Nu, na enkele shows en gastrollen op televisie, zijn ze er weer met een nieuwe show genaamd ‘Het Bestand’.

De naam verwijst naar de historische kerstbestanden aan het IJzerfront waarbij Belgische, Franse en Britse soldaten via muziek de Duitse vijand konden overhalen om de wapens neer te leggen, en samen Kerstmis te vieren. Na drie dagen zingen, voetballen en het delen van voedsel, drank en verhalen riepen de oversten op tot discipline en dreigden met de doodstraf voor zij die niet wouden luisteren.
De show begint met de acht mannen in uniform centraal op het podium alsof ze poseren voor een groepsfoto. Zachtjes zingen ze a capella ‘We are here, because we’re here, because, …’ op de traditionele melodie van ‘Auld Lang Syne’. Na enkele keren samen de zin te zingen wordt het nummer plots meerstemmig gezongen. Een beklijvende opener die je direct in het thema van de voorstelling brengt.
Kommil Foo heeft voor deze voorstelling beroep gedaan op een ruimere bezetting muzikanten. Normaal staan enkel de broers op de planken maar voor deze voorstelling zijn ze met acht. Werkelijk een meerwaarde.  Zo zorgen de koperblazers Nico Schepers en Carlo Nardozza (op trompet), Carlo Mertens (op trombone) en Tobe Wouters (op tuba) voor melancholische begeleidingen, jazzy grooves en vooral spetterende solo’s. Dit is eveneens het geval voor pianist Bart Van Caenegem en bandeonist (accordeonachtig instrument) Gwen Cresens. Hun samenspel met Mich en Raf geeft iedere song opnieuw vuurwerk! Om nog maar te zwijgen over het showelement. Het zijn de kleine details zoals ‘de koperblazers die plots hoedjes opzetten’ tot de muzikale diepgang die de sfeer van de show maken.
Maar geen show zonder Mich en Raf. Deze twee mannen zijn acteurs van topniveau, met parels van stemmen en een lyrisch talent. Als geen ander kunnen zij een verhaal op zulke muzikale manier brengen.  De gezichtsexpressies, opbouw van de verschillende verhaallijnen en de woordspelingen zitten goed. Daarnaast weten de artiesten hun boodschap mee te geven aan het publiek. Zo slaan er enkele stiltes in als een bliksemslag na een frivole passage. Er is veel plaats voor humor, maar in deze voorstelling eindig je met beide voetjes op de grond.   
De gekozen nummers zijn zowel oude bekenden van Kommil Foo, als covers die stonden op twee ‘Best Of-cassetjes’ van hun vader. Met de nummers van de cassetjes doen ze een beetje hun eigen ding. Zo is “Passendaele” een eigen versie van Randy Newman zijn nummer “In Germany before the war”. Spelen ze Herman van Veen zijn vertaling van Leonard Cohens “The Partisan” en wordt de Bob Dylans “Masters of war” in de versie van Wannes Van de Velde gebracht. Dit allemaal met een ander arrangement voor ieder nummer.

Mijn persoonlijke hoogtepunten zijn het swingende “Hit that jive”, waarbij iedereen op het podium muzikaal uitblinkt.  Daarnaast is er de super lollige sketch bij het nummer “Soldier” waar Mich en Raf de tekst op een prachtige manier uitbeelden. De voorstelling is geen geschiedenisles zoals de titel doet uitschijnen, maar een muzikaal geheel met scherpe teksten, instrumentaal geweld en cabaret. De twee broers zetten hier samen met de muzikanten een prachtige voorstelling neer waar je als toeschouwer volop van geniet. Conclusie: een echte aanrader!

Setlist: we’re here, meneer van de Velde, oorlogsgeleerde, cassetjes, he ain’t heavy, kop in het zand, Jan Brouwers zoon, het bestand, White cliffs, hit that jive/het been, Passendaele, soldier, alles in perspectief, God on our side, de volgende, de vluchteling, we’re here/de tet; bis: liefde zonder meer, Kerstmis

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/kommil-foo-06-12-2014/
Organisatie: Ancienne Belgique

Autumn Falls 2014 – Drie muzikale duo’s - Madensuyu – Thus Owls – She Keeps Bees

Geschreven door

Autumn Falls 2014 – Drie muzikale duo’s - Madensuyu – Thus Owls – She Keeps Bees
Autumn Falls 2014
Vooruit
Gent
2014-12-05
Geert Huys

Aan de vooravond van de laatste en erg aangrijpende public performance van Vossie Boy viel afgelopen vrijdag tevens het doek over Autumn Falls editie 2014, een eigenzinnige concertenreeks annex festival dat sinds eind oktober onze muziekclubs en concertzalen aandoet. Wie de affiche eventjes onder de loep nam merkte al vlug dat de meeste namen op één of andere manier de Duyster stempel dragen. En ja, ook tijdens de closing night in de Balzaal van de Vooruit bleken ‘weemoed’ en ‘grilligheid’ de belangrijkste codewoorden.

Wegens een plots opgedoken gordiaanse knoop in het spoorwegennet zagen we de set van opener She Keeps Bees  nagenoeg volledig door de neus geboord. Erg klote, want we zijn behoorlijk onder de indruk van ‘Eight Houses’, het tweede album waarmee dit New Yorkse m/v duo (live bijgestaan door een extra gitarist) uitdrukkelijk solliciteert naar een stek in de albumlijstjes. Hun finale in Gent doet alvast vermoeden dat de band ook live potten kan breken. Nogmaals, onze impressie was veel te kort, maar met “Greasy Grass” en “Raven” leverde de boomlange frontvrouw Jessica Larrabee twee staaltjes minimale bluesrock af die als een bezwerende sidderaal meteen onder de huid gingen zitten. Kortom, wie heimwee heeft naar het debuut van Cat Power of wijlen Madrugada werd bij deze op zijn/haar wenken bediend.

Ook in Thus Owls worden de artistieke lijnen uitgezet door een duo. De Canadese gitarist David Angell maakte jaren lang deel uit van de groep rond Patrick Watson vooraleer hij op de Zweedse zangeres/toetseniste Erika
Alexandersson botste, er mee trouwde, en met zijn nieuwe verovering intussen al drie platen als Thus Owls heeft ingeblikt. Op papier een interessante combinatie dus, die live echter slechts sporadisch vonken opleverde. De catchy single “How, In My Bones” uit het recentste album ‘Turning Rocks’ was een eenzaam hoogtepunt, maar de naar Kate Bush en Siouxie neigende stemacrobatie van Alexandersson pakte niet altijd even goed uit. Ook de grillige gitaarcapriolen van Angell kwamen soms wat te gekunsteld over om de set naar een hoger niveau te tillen. Tijdens de innemende afsluiter “As Long As We Try A Little” was iedereen wel terug bij de les, drummer Stef Schneider incluis die het nummer een episch slot bezorgde.

Als één van de meest unieke bands die in Gent ooit het levenslicht hebben gezien konden de kerels van Madensuyu (zie pics homepag) zich in ‘hun’ Vooruit geen beter slot van de ‘Stabat Mater’ tour indenken. Bij wie voor het eerst kennis maakt met dit eigenzinnige duo komt Sonic Youth al snel als meest uitgesproken muzikale referentie de kop op steken, maar wie verder graaft botst evengoed op invloeden uit postpunk, krautrock en klassieke muziek.
‘Stabat Mater’ verwijst naar een middeleeuwse hymne over het hartverscheurend verlies van een kind die eerder al op muziek werd gezet door componisten als Pergolesi, Vivaldi en Pärt. De kans dat je Madensuyu in de playlist van Klara aantreft is echter nihil. Pieterjan Vervondel en Stijn De Gezelle opereren vanuit een eigen muzikaal universum waarin ze zich niet zomaar
laten vastpinnen binnen de format van om het even welke vaderlandse radio.
Naast klassieke oudjes als “
Fafafafuckin”  en TI:ME” passeerden zowat alle essentiële stukken uit de ‘Stabat Mater’ songcyclus de revue. En ook deze keer liet het duo niet na om alle uitersten van het emotionele spectrum op te zoeken. Vastgelijmd op een krukje, broederlijk naast elkaar en in opperste staat van concentratie laveerden zanger/gitarist De Gezelle en vellengeselaar Vervondel  schijnbaar moeiteloos tussen de orkaankracht van “Dolorosa” en “Crucem” en de weemoed van “On The Long Run”.
Meer nog, een Madensuyu song kan zelfs door merg en been snijden zonder dat er ook maar één instrument wordt aangeraakt. Dat kregen ze voor elkaar door
Pelle Van den Steen van het knapenkoor In Dulci Jubilo solo op te voeren voor “Hush Hum”, oftewel 38 seconden onaards engelengezang dat zelfs het grootste ijskonijn spontaan doet ontdooien.
Helemaal op het eind had het duo nog meer gasten uitgenodigd in de persoon van
oerlid Frans Van Isacker (sax) en Nic Rosseeuw (bassax). Het kwartet bedacht de bis “My” met een weerbarstige avant-garde versie waarin wij zelfs echo’s van wijlen X-Legged Sally ontwaarden.

De Toutpartout DJs deden er vervolgens alles aan om de 20 kaarsjes die hun werkgever mocht uitblazen niet geruisloos te laten uitdoven, maar het was genoeg geweest. With a little help from their friends hadden drie muzikale duo’s vanavond bewezen dat less wel degelijk more kan zijn, warempel een geruststellende gedachte in tijden van crisis.

Organisatie: Vooruit Gent (ism Toutpartout)

The Johnny Cash Roadshow

The Johnny Cash Roadshow – Opfrisbeurt in volle country glorie …

Een vol Kursaal kon terugblikken naar het oeuvre van ‘de men in black’ Johnny Cash , … in een tribute welteverstaan!  Hij was één van de die belangvolle Amerikaanse sing/songwriters , die country veel gevarieerder  en boeiender maakte met rock’n’roll , rocka(psycho)billy , blues, folk en gospel .
Een breed publiek vond dan ook de weg naar Oostende om de  enige echte Johnny Cash tribute onder de Brit Clive John aan het werk te zien . Trouwens , deze ‘Johnny Cash Roadshow’ wordt door de familie Cash als de enige echte erkend .

Vanavond kwam gedurende een twee uur vooral het werk van z’n begindagen tot aan het ‘American recordings’-avontuur  aan bod , gedragen door de kenmerkende (diepe) baritonstem, waarbij de donkere romantiek en het getormenteerde bestaan (drank - drugs – gevangenis – ziekte diabetes, parkinson en ademhalingsmoeilijkheden) vooral onder de muzikale noemer country werd gespeeld . De gekwelde ziel van het latere werk werd hier niet specifiek onder de loep genomen , maar het sentiment en de melancholie bleven hier dus duidelijk bewaard . Cash overleed , trouwens net als June Carter Cash,  in 2003 op 71 jarige leeftijd.
Het kwartet werd aangevuld met een dame , die in de rol van June Carter Cash kroop en die rol glansrijk vervulde als bij een “Hollywood bowl” , “I got stripe all around my shoulder” en “Help me through the night” .  Een “Boy named Sue” , “Walk the line” of “Ring of fire” ontbraken natuurlijk niet. We werden op ongedwongen, speelse , uitnodigende wijze meegevoerd in het rijkelijk gevulde oeuvre van Cash via Clive John . Binnen het genre speelden ze sfeervolle , leuke , frisse, licht huppelende, zwierige en opwindende songs . Beelden van cowboys , indianen, prairies, goudmijnen , truckers en stoomtreinen flitsten voor de ogen bij de resem korte songs. Moeiteloos stapten ze over van een ontroerend “I still miss someone”,  een aangrijpende “Hurt” en “Will the circle be unbroken” (link naar The Broken Circle Breakdown) naar de uptempo’s van “25 minutes to go” en “Folsom prison blues”. De samenwerkingen met Waylon Jennings en  Kris Kristofferson ( “The beast in me”) werden hier ook gerespecteerd .
Er werden tracks aangehaald uit de pas verschenen release ‘Out among the stars’, tapes van opnamesessies uit de jaren 80 , waaronder “She used to love me a lot” en “Baby ride easy”.
 
Van deze ongekroonde koning van het donkere levenslied werd in deze tribute een aangename set gepresenteerd , dat nog net niet volledig werd omgeven door dat donker randje ; een opfrisbeurt naar z’n vroeger materiaal in volle country glorie.

Organisatie: Kursaal Oostende , Oostende

Girls In Hawaii

Girls in Hawaii - Verrassend en schandalig goed

Geschreven door

Tom en co  van De Kreun hebben het programmeren héél goed onder de knie. Nu lieten ze Girls in Hawaii hun ‘Hello Strange’ in de Schouwburg voorstellen. Onze Brussels Waalse indierockband is terug en hoe! De dood van drummer Wielemans is goed verwerkt. Na drie jaar stilte kwamen ze in vernieuwde bezetting met ‘Everest’ onder de arm  Pukkelpopgewijs door de grote poort terug binnen.  ‘Een verzameling van 11 liedjes, 11 variaties op eenzelfde thema: afwezigheid, het gemis, het onherstelbare, het onbestemd, de levenskracht en het verlangen om tot rust te komen.’ (DM).  En dan nu het even beklijvende ‘Hello Strange’

Wat mij betreft was het arty farty voorprogramma TBC totaal overbodig. Eén man op het podium tracht nogmaals het warm water uit te vinden met elektronisch gestuurde klanktapijtjes: Ideaal als soundtrack bij de wondere wereld van de wetenschap door Chriet Titulaer. Ook zijn voice over was er over en men had enige moeite om dit drie kwartier te moeten aanhoren. De onverlaat dierf zelfs van songs te spreken!

En dan de real stuff. Girls in Hawaii. Zes echte muzikanten op het podium brengen semi-akoestisch minimalistische harmonieën met geen noot te veel en geen noot te weinig. Opener “From Where” was meteen raak en het publiek wist al direct wat hen te wachten stond. Een loepzuiver concert. “This Farm” is mooi gevarieerd. Samen met de voortreffelijke sound en belichting deed dit ondergetekende met verstomming slaan. Met Léonard – neen niet dat bishoofd- hebben ze een heuse multi-instrumentalist onder hun gelederen. “Catwalk” doet even aan de betere Absynthe Minded denken en het nieuwe “Creek” krijgt met de Fender Rhodes een heuse Manzarekaanse outro.
Thom Yorke  komt tijdens “Mallory” even piepen, zodat we met plezier kunnen stellen dat onze Waalse vrienden hun eigen ‘paranoid android’ hebben, en het mocht er best wel wezen. Invloeden legio. Can you escape? Nee dus. Vervolgens wordt een kinderlied een circusnummer, “Head on” ruikt een beetje naar ome Lou’s Perfect Day en met Rorscharch en vloeistofdia’s wordt even Syd Barret herdacht. Ze doen ook de moeite om contact te houden met hun publiek.

Verschillende invloeden uit verschillende genres worden vakkundig gelegeerd tot een unieke en eigen sound. Talent komt altijd bovendrijven. Een kippenvel versie van “Heart of Gold” dient een heuse mokerslag toe. Drie nummers later sluiten Girls af met het ludieke “Organeum”. Zoals The Lady zei: ‘Het is af.’ En ze had het over de muziek.

Playlist: From where/this farm/bees&butterflies/catwalk/creek/Mallory/misses/couples on tv/head on/rorscharch/leviathan/the fog/heart of gold/the spring/Switzerland/build a devil//organeum.

Organisatie. Kreun ism De Schouwburg Kortrijk

Xylouris White

Xylouris White – Dawn of Midi - Hedendaagse Underground komt boven water in Gent

Geschreven door

Xylouris White – Dawn of Midi - Hedendaagse Underground komt boven water in Gent

Het Autumn Festival heeft zichzelf als missie het promoten van alternatieve muziek toebedeeld, van zo van die dingen waar u waarschijnlijk nog nooit van gehoord heeft. Met Xylouris White en Dawn of Midi gingen ze in ieder geval al de goeie kant uit.

Het decor was een stemmig verlichte Handelsbeurs, waar het van als muziekliefhebbers vermomde publiek aan de sfeerverlichte tafeltjes rustig en lustig Duvels en rooie wijn naar binnen kapte. Er zijn absoluut slechtere plekken voor een muziekfestival.

Xylouris White is een samenwerking tussen Giorgios Xylouris, volgens de bio een begaafd luitspeler en ‘trots van Kreta’ (dat u dat niet wist!) en Jim White, die bij het Australische Dirty Three vroeger veel lawaai maakte. Kan alvast tellen als grensoverschrijdende samenwerking.
Wat ze eigenlijk  doen is ook hier weer veel lawaai maken met donderende drumsolo’s waar Xylouris dan zijn solo’s over heen drapeert. Voeg bij hun energieke spel nog hun beide woeste haardossen toe, en je hebt iets wat gevaarlijk klinkt en er ook zo uitziet. Wist trouwens niet dat je zo veel lawaai kon maken met een luit, dat leek me altijd al meer iets voor minnestrelen. Er was een heel mooie wisselwerking tussen beide heren die echt goed inspeelden op wat de ander liet horen en elkaar zo naar een hoger niveau brachten. Songstructuren waren er niet zo echt in te herkennen, maar het zijn eigenlijk uitgesponnen jamsessies die je behoorlijk diep meetrekken, diep de muziek in. Behoorlijk verslavend spul.

Afsluiter van de avond was Dawn of Midi, die het soort muziek maken waardoor je muziekrecensent wordt. Volgens de bio onder meer geïnspireerd door Steve Reich (denk aan Drumming)  en Philipp Glass (denk aan Elvis on the Beach) maken ze op zich al een statement door met een contrabas op het podium te kruipen (ik geef toe, Tindersticks doen dat ook), en verder het soort compromisloze geluidsexperimenten te maken waar de muzakliefhebber geen brood van kan maken. Volgens wat je leest hebben ze intussen zodanig veel materiaal uit studiosessies gepuurd, dat het een mirakel mag heten dat ze er in geslaagd zijn hun debuutalbum ‘Dysnomia’ tot een enigszins normale lengte te beperken. Live hoor je inderdaad ook stukken uit die plaat, maar het wordt ook weer vervormd en herwerkt tot iets wat waarschijnlijk bij iedere luisterbeurt nieuwe lagen openbaart.
Hun nummers zijn een soort mantra’s die laag na laag opgebouwd worden rond vrij simpele motieven die eindeloos herhaald worden. Muziek die je uitdaagt om een aantal vooropgestelde concepten over wat muziek hoort te zijn of kan zijn aan herziening te onderwerpen.

Het was in ieder geval een muzikaal erg boeiende avond met een aantal artiesten die nieuwe paden proberen te bewandelen, en er wat mij betreft best goed in slagen.

Organisatie: Autumn Falls (ism Handelsbeurs)

La Roux

La Roux – Cryin’ at the discotheque …

Geschreven door


La Roux aka Elly Jackson werd met open armen ontvangen in de Botanique. Het was een happy weerzien na wel vijf jaar; inderdaad, zo lang duurde het voor de opvolger er geraakte … Onze ‘Rosse’  heeft heel wat overwonnen om met een nieuw album ‘Trouble in paradise’ af te komen en om op evenwichtige wijze op tournee te trekken . Wat er allemaal gebeurde, laten we achter ons , gezien La Roux letterlijk de zaken van zich af zingt, beweegt en danst op het podium .

Haar set kunnen we samenvatten in een ‘Cryin’ at the discotheque’ , waar de discotunes en hitsende percussie zich hebben opgedrongen in haar synthpop ; een discobol siert de spetterende lichtshow , en de sounds’n’beats van Alcazar  of Sheila & the black devotion borrelen maar op …
We werden vooraf letterlijk in een discotheek opgewarmd en gedropt. Waren vroeger een Yazoo , Depeche Mode of Eurythmics belangrijke invloedssferen , dan kon je nu aankloppen bij een Mel & Kim , Michael Jackson , Duran Duran , Madonna,  Chic, Kylie, Scissor Sisters en Kid Creole. Jawel , ook een tropical sfeertje sluimerde duidelijk in haar opwindende , opgewekte, vrolijke , relaxte en sfeervolle songs . En de 80s looks , kapsel , maquillage en kledij deden ergens aan Robyn denken.
La Roux als band is meer dan zomaar wat keys. Het is een heuse liveband die goed op elkaar ingespeeld was en haar de nodige sterkte, overtuiging boden . Een warme gloed dwarrelde over het publiek. Ook al beklijft haar materiaal minder , door het live karakter krijgen ze meer body en intensiteit . Sterkste songs blijven die met een zekere hitpotentie en dan kom je uit op oudjes “In it for the kill” , “Quiksand” en “Bulletproof” die feestelijk de set na een klein anderhalf uur besloot ; maar ook de aanstekelijke , broeierige “Kiss & not tell”, “Sexotheque” en “Uptight downtown” van de recente plaat plaatsten zich moeiteloos naast die vroegere songs .
Middenin droomden we wat weg , maar de temperatuur steeg door het tandje bij en de aanstekelijke grooves van “Colourless colour” en “Silent partner” . En terecht kwam de spotlight op haar toen ze “Tigerlily” inzette , die emotie, drama en dynamiek omvatten.

Ze oversteeg haar eigen zelve en kan op die manier voldoende energie putten om er een fijne succesvolle clubtour op na te houden en wie weet eindelijk de grote podia op voor de zomerfestivals , wat haar meer dan welverdiend is …

We willen jullie ook de set niet onthouden van Metà Metà, die onze opwarmer waren vóór La Roux . Het amicale gezelschap uit Sao Paulo speelde in de Witloof Bar en solliciteert hard voor een plaatsje op Couleur Café .
We hadden een zwoele , warme , kleurrijke sound  , dat een afroworld sfeertje ademde en aanstekelijk werkte op de danspieren , wat zelfs de eerste rijen bewoog tot een danspasje .
Ze werden dan ook telkens sterk onthaald . De saxpartijen boden een free jazzy uitstapje; af en toe trokken ze alle registers open en regeerden de gitaren; een direct punky geluid werd teweeg gebracht en de ontladingen kwamen nog meer tot hun recht. Spannend setje dus!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/meanwhile-3-12-2014/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/la-roux-03-12-2014/
Organisatie: Botanique, Brussel

Pagina 556 van 966