logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Hooverphonic

Nunki

Nunki EP

Geschreven door

Een dromerige, warme trippopsound horen we bij het beloftevolle Nunki , een Nederlandse band die de Belgische Hanne Torfs , toetseniste van School Is Cool bij zich heeft .  We hebben een reeks subtiel uitgewerkte songs , die vernuftig in elkaar gestoken zijn , en boeien door verrassende wendingen en bedacht zijn van ijle , koele, zalvende elektronica op z’n Bel Cantos en Sx . Een open sprookjesachtige sfeer waarbij Nunki verwijst naar de kleinste planeet in ons universum .
http://www.nunkimusic.com

Mighty Oaks

Mighty Oaks – Intens muzikaal beleven!

Geschreven door


De staking was maandagavond niet voelbaar in de Rotonde. Een bijna volle zaal stond te wachten op Mighty Oaks, een band opgericht door drie personen uit drie verschillende landen die je in de sferen van het folk-genre doen zweven. De eerste man is Ian Hooper (VS) de gitarist en leadzanger, vervolgens Claudio Donzelli (Italië) als bassist en pianist en tenslotte Craig Saunders (Engeland) als gitarist.
Met hun eerste EP, opgenomen in het appartement van Donzelli, vonden ze de weg naar het publiek . De eerste Europese tour was een succes waardoor de EP al snel evolueerde in het studio album ‘Howl’, dat dit jaar verscheen. Het resultaat is een leuke luchtige plaat in het indie-folk genre vol oorwormen die sommigen misschien doen denken aan ‘Mumford & Sons’. Deze vergelijking zal je snel vergeten als je de band live aan het werk ziet.

Als voorprogramma konden we rekenen op Charlie Cunningham. Deze Brit wist in zijn eentje de Rotonde stil te krijgen met zijn knap gitaarspel. Al tokkelend met behulp van beheerste slap-technieken, creëerde hij mooie ritmes die hij vervolledigde met (h)eerlijke teksten.  Ieder nummer had een betekenis en die gaf hij graag mee aan het publiek. Charlie deed zijn ding, genoot en was een geslaagd voorprogramma.

Vol ongeduld wachtte iedereen op Mighty Oaks. De driekoppige band verscheen met een vierde wiel, een drummer uit Berlijn, op het podium. Zonder woorden lieten ze hun instrumenten direct werken, begeleid door veel sfeerverlichting. Het publiek ontving het eerste nummer ingetogen. Zo bleef de sfeer tot ze plots kwamen opdraven met het nummer “Seven days”. Deze song nam de hele zaal mee op sleeptouw tot het einde van de show. Dit ook mede dankzij een zeer sterke setlist.

Ian, Claudio en Craig zijn op het podium drie sympathieke gasten die graag een praatje slaan met het publiek. Zo vertelden ze anekdotes over hun verleden en complimenteerden ze de zaal continu. Ze voelden zich verbonden met ons, het publiek, dankzij de opstelling van ‘de Rotonde’. Hierdoor waren ze zenuwachtiger om te spelen. Zo zei Ian “It’s so quiet that I can hear my heartbeat, it’s making me nervous. You’re all standing so close, but it’s cosy! We’re really happy to be here.”
Niet alleen hun praatjes waren leuk, maar ook hun zangtalent. Wanneer de drie mannen samen zongen waren dat hemelse kippenvel momenten. Zo wisten ze de zaal keer op keer stil te krijgen en te verbazen. Niet alleen met hun samenzang, maar ook met hun live performance. Ze brachten hun nummers op zo’n manier dat ze net iets meer hadden dan de studio versies. Ze varieerden in ritme, dynamiek, zongen acapella stukken en brachten twee versies van het nummer ‘picture’ samen in één nummer omdat ze niet konden kiezen. Werkelijk een meerwaarde van deze band!
Het hoogtepunt van de show was  het nummer “Brother”, waarbij er plots microfoons op het publiek gericht stonden. Craig lachtte en zei “You all are thinking SHIT!”. Maar toen Ian de eerste nood aansloeg ging het publiek los en werd er luid meegezongen door de mensen die het nummer kenden. Het was echt een gezellige sfeer!

Mijn advies: vind je het album ‘Howl’ leuk, dan ga je deze band live alleen maar beter vinden! Zeker een aanrader. Mighty Oaks heeft bewezen dat ze een ware live ervaring zijn.

Setlist: horsehead bay, rainier, sevens days, the great northwest, back to you, you saved my soul, courtyard, the golden road, brother, so low so high, picture, just one day, when I dream I see; Bis: Howl, driftwoord seat.

Organisatie: Botanique, Brussel

Cloud Nothings

Future Of The Left + Cloud Nothings - Gitaarherrie van de betere sort

Geschreven door

Future Of The Left + Cloud Nothings - Gitaarherrie van de betere soort
Future Of The Left + Cloud Nothings

Beetje eigenaardig, twee van de meest  bruisende indie bands van dit moment kregen de Grand Mix amper half gevuld. Jammer, want wie een beetje het wereldje volgt, wist op voorhand dat hier twee niet te missen bands op één unieke affiche stonden te schitteren, een dubbelslag dus.

Future Of The Left is enkele jaren terug verrezen uit de assen van Mc Lusky en heeft gewoon de explosiviteit van dit legendarische noise combo verdergezet. Met een urgent,  ontvlambaar en schitterend vierde album op zak (‘How To Stop Your Brain In An Accident’, toch ook alweer een jaartje oud) kwam dit frontale bandje de Grand Mix in de fik zetten. FOTL bracht een bruisende mengelmoes van indie, hardcore en uit zijn voegen gebarsten pop.
Recente brandende pareltjes als “She gets passes around at parties”, “Bread, Cheese, Bow and Arrow” en het fantastische “How To Spot A record Company” explodeerden op de meest geniale wijze. Andrew Falkous, toch wel het brein achter dit furieuze bandje, draaide de klok nog even terug naar die ultra hevige Mc Lusky tijd met het geweldige “To Hell with Good Intentions” en de ongeremde punkuitbarsting van “Lightsabre Cocksucking Blues”.
Future Of The Left hield er een vol uur de spanning en een razende drive in, dit was van de meest zinderende gitaarrock die we dit jaar op een podium mochten beleven.
Een rollercoaster van een optreden, ’t was nog niet helemaal afgelopen en we wilden al direct nog een keer.

Beetje ondankbaar voor Cloud Nothings (zie pics homepag) die na deze stormachtige performance de moeilijke opdracht kregen om de opgewekte elektriciteit in de zaal te kunnen aanhouden. Het merendeel van het publiek bleek dan ook van zijn sokken geblazen door de striemende herrie van FOTL zodat er hier aanvankelijk een lichte vorm van apathie in de lucht hing.
Cloud Nothings bracht er toch met succes snel verandering in met hun heftige, driftige en vaak rammelende gitaarrock die al wel eens raakpunten vertoont met Dinosaur Jr en Nirvana.  Punk was het codewoord bij smerige buffelstoten als “Stay Useless” en “Psychic Trauma”, Sonic Youth kwam om de hoek kijken bij de ontspoorde gitaaruitbarsting van “Pattern Walks” en Shellac hing in de lucht bij het slepende en droge “No Future/No Past”.
Cloud Nothings gooide zich alsmaar heviger in de strijd en stuwde zichzelf naar een verbluffende climax toe met een uiterst intensief “I’m not part of me”. Daarna ging de band nog een laatste keer geweldig tekeer in een briesend “Wasted Days”, een fameuze lel van een song waarin frontman Dylan Baldi’s zijn gitaar met gulle geuten liet janken, krijsen en uitfreaken.

Een striemend avondje gitaarherrie!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/future-of-the-left-24-11-2014/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/cloud-nothings-24-11-2014/
Organisatie: Grand Mix , Tourcoing

Sonic City Festival 2014 – zondag 23 november 2014 - James Holden speelt en cureert

Geschreven door

Sonic City Festival 2014 – zondag 23 november 2014 - James Holden speelt en cureert
Sonic City Festival 2014
Kreun
Kortrijk
2014-11-23
Nick Nyffels

Dag twee van Sonic City was heel avontuurlijk, en kleurde buiten de typische electronicalijnen.

Zombie Zombie is een Frans duo, maar live waren ze met drie. Wat ze brachten was best avontuurlijk: acid met live drums en zang bijvoorbeeld, maar ook een mix van spacerock en cosmic disco. Een van de nummers ging over Venus en had vervormde raps in een retro-futuristisch sausje. Het werd pas echt top toen ze een orientaalse sax op een acid beat zetten. Da kinda muzik i like.

Pional is net als John Talabot een Spaanse producer die al een remix maakte voor The XX. Met keyboards en zang speelde hij electropop, met zware subwoofers, een beetje zoals James Blake maar dan toegankelijker. Naast de poppy nummers die heel erg op jarentachtig electropop geent waren, denk Hurts of Sam Sparro, had hij ook een aantal instrumentale nummers. In een van zijn nummers zong hij, “I”ll be watching you”, en het is zeker een artiest om in de gaten te houden.

Silver Apples moest oorspronkelijk op zaterdag spelen, maar had zich vergist in het tourschema, en speelde daarom op zondag. Deze band maakte tussen 1967 en 1969 proto-electronica, met veel psychedelica invloeden en invloeden uit de musique concrete van bv een Pierre Henry. Het enig overlevende lid, Simeon is ondertussen zesenzeventig en tekende voor het meest experimentele optreden van Sonic City. De man, met breed gerande hoed, kon best doorgaan voor William Burroughs. Bij momenten klonk hij als een spaced out David Bowie, maar verder zat er weinig jaren zestig psychedelica in zijn set. De man draaide aan zijn knoppen en zong “I dont care what people say”, en dat vertaalde zich ook in de muziek, dit was compromisloze avantgarde.

De grote verrassing van Sonic City was ongetwijfeld Dean Blunt. We stonden aan de toog, toen de lichtman kwam vragen om ook alle lichten aan de bar uit te doen. In het pikdonker startte een tape met het geluid van een regenbui, occasioneel hoorde je subtiel geroffel, een saxofoonstoot en een vrouw die zong. Na meer dan vijf minuten priemde een schaarse spotlicht plots op, maar door de vele rook bleef het toch halfdonker. We ontwaarden een bodyguard, een saxofoonspeler en een zangeres, en Dean Blunt , die half rapte en half zong. Blunt zette meteen de sfeer met “Call me when your heart is empty”. Dit was een film noir, en dit optreden in het duister maakte dat je zintuigen op scherp stonden. Er passeerde een goflslag, fragmenten van telefoongesprekken waar Blunt op reageerde en de zangeres zong plots als een operasopraan. Die zangeres speelde dan ook nog eens elektrische gitaar, Mazzy Star die in dialoog ging met een soulzanger. David Lynch had het niet beter kunnen brengen. Het absolute hoogtepunt bestond uit dik tien minuten stroboscooplichten. De hele zaal was serieus onder de indruk. Dit was een optreden dat over de tongen ging.

Gold Panda knalde direct met zware beats die toch filmisch en organisch klonken. Tegen hoog tempo passeerden junglegeluiden van insecten en tropische kikkers. Toch was dit geen nerveuze set, op meta niveau transformeerde ieder nummer langzaam als een rups naar een pop tot vlinder, met behoud van de basiselementen in iedere song. De man sloot af met “You”, het sonische equivalent van een extacypil met zijn hooggepitchte en euforische refreintje.

De afsluiter van Sonic City 2014 was natuurlijk curator James Holden. Zijn laatste worp ‘The inheritors’ klokt af boven de 70 minuten waarvan vooral het laatste halfuur top is. We zagen reeds een stukje van zijn set op Pukkelpop en waren daar best onder de indruk. Ook in De Kreun was dit een sterk optreden. Holden werd begeleid door een drummer en de saxofoonspeler van Zombie Zombie. Holden bouwde zijn nummers laagje voor laagje op, mengde een beetje krautrock in zijn electronica, en de saxmodulaties  deden aan de topjaren van Laurent Garnier denken. We herkenden nummers zoals “Renata”, “Gone Feral”  met zijn rondwervelende beats die best van Thom Yorke had kunnen zijn, als je je ogen sloot, kon je zo Yorke’s schuddende kop zien loos gaan op dit nummer. “The inheritors” was dreigende, manische proto-electro en “Blackpool late eighties” had dat ochtendgloren clubgevoel. De climax was opgebouwd rond de sax van de man van Zombie Zombie. Het was al goed 24 november toen het publiek James Holden trakteerde op een warm applaus, voor zowel zijn eigen optreden als zijn meer dan geslaagde curatorschap van Sonic City 2014.

De balans van deze tweedaagse: nog meer dan andere jaren veel onbekende namen van hoge kwaliteit. De publiekstrekkers als James Holden en Neneh Cherry stonden er, Dean Blunt ging bij iedereen over de tongen door zijn unieke duistere set. De tweede dag was avontuurlijker en verrassender dan de eerste door zijn ruime programmatie en uitstapjes naar compleet andere genres.

Neem gerust een kijkje naar de pics (Xavier Marquis – Indiestyle)
http://www.indiestyle.be/live/fotos-sonic-city-festival-de-kreun-kortrijk-23-november-2014

Organisatie: Kreun , Kortrijk

Sonic City Festival 2014 – zaterdag 22 november 2014 - James Holden cureert - Neneh Cherry vindt zich opnieuw uit

Geschreven door

Sonic City Festival 2014 – zaterdag 22 november 2014 - James Holden cureert - Neneh Cherry vindt zich opnieuw uit
Sonic City Festival 2014
Kreun
Kortrijk
2014-11-22
Nick Nyffels

Het was druk in Kortrijk. Rond het Conservatoriumplein en in de rest van de binnenstad braakten vintage rally-auto’s rook en lawaai uit want er was de 6 Uren van Kortrijk, een rally tweedaagse. Even verder aan den Appel konden de jonge Kortrijkzaantjes de Sint hun brief gaan afgeven. Daarvoor waren we echter niet naar Kortrijk afgezakt, wel voor Sonic City, een tweedaagse alternatief festival dat dit jaar gecureerd werd door James Holden. Met al die drukte was een parkeerplaatsje vinden niet zo gemakkelijk.
Wie James Holden zegt, zegt Border Community, het electronica label van de man. Er stonden bijgevolg een aantal artiesten van dit label op de affiche, maar ook een publiekstrekker zoals Neneh Cherry, en de jarenzestig electronicapionier Silver Apples. Verrassing van het festival voor ons was ongetwijfeld Dean Blunt, die op zondag kwam spelen. Ik denk niet dat Sonic City dit jaar op voorhand uitverkocht was, maar geslaagd en gezellig druk was het wel.

dag 1 – Sonic City Festival 2014 – zaterdag 22 november 2014

We vingen dag een aan met RocketNumberNine, de begeleidingsband van Neneh Cherry die later op de avond als hoofdact geprogrammeerd stond. De bandnaam verwijst naar een nummer van Sun Ra.  De broertjes Ben en Tom Page spelen live, de een op drums, de andere op keyboards en andere electronica. Met een zoemende toon waren we vertrokken voor een door kosmische musik en krautrock geinspireerde set. De drummer speelde rustig, soms met paukenstokken of met borstels in een teutoons klankspel dat goed uit Kraftwerk’s  KlingKlang studios had kunnen komen. Andere nummers waren meer up tempo, met beats die a la Laurent Garnier’s “Crispy Bacon” over elkaar struikelden. We hoorden ook mijmerende composities en de finale was industrieel getint: RocketNumberNine als  klankfabriek die stoomt en blaast. Knap.

Het is twintig jaar geleden dat ambient doorbrak en met Pye Corner Audio leken die tijden teruggekeerd. Martin Jenkins bouwde traag op, maar zijn soundscapes waren heel visueel. Pulserende beats vertelden een verhaal waar je goed kon bij wegdromen. Pete Namlook was nooit ver weg. Mooi hoe Pye Corner Audio hier progressies in klank deed evolueren en openbloeien. Luistermuziek die ik best kon smaken was dit.

De decibels gingen de hoogte in bij Vessel: dreunende superbassen die de lucht haast vloeibaar maakten zodat dit een heel erg fysieke ervaring werd. Sebastian Gainsborough speelt Motormusik,, waarin ook breakbeats opdoken zonder dat er dubstep gespeeld werd. Dit was het geluid van een staalwalserij, industriële klanken die in de eenentwintigste eeuw naar het verleden verwezen.

Silver Apples had zich van dag vergist, dus mocht Luke Abbott een tweede keer optreden vanavond. Luke Abbott zit op James Holden’s Border Community label, en zijn track Amphis vinden we super interessant. Vanavond kon hij ons echter niet bekoren,  zijn set had heel veel chaos en te weinig melodie. Net iets te weinig toegangelijk voor ons.

De hoofact vanavond was Neneh Cherry. 18 jaar na haar vorige album staat ze er weer met Blank Project, een album geproduceerd door Kieran Hebden van Four Tet, dat ze samen maakte met Rocketnumbernine. Volgens sommigen is dit de plaat van het jaar, maar wij vinden dat net iets te veel eer: de plaat heeft daarvoor wel heel weinig melodie en is toch wel echt weerbarstig. Cherry begon er aan met het openingsnummer van haar plaat, “Across the water”. Ze had er zin in, want dit was haar laatste optreden dit jaar. Ze stak haar optreden vol gekke rijmpjes die ze nog van haar overgrootmoeder geleerd had. “Spit three times” kreeg een brommende bas die al het rallygeweld buiten moeiteloos overstemde. In “Everything” smokkelde Cherry een stukje “The Creator has a masterplan” van Leon Thomas binnen. Het beste vanavond waren de meer melodieuze nummers zoals “Out of the black” en de Rocketnumbernine versie van “Buffalo Stance”, dat als een wervelwind te keer ging, het publiek naar een climax bracht en smeekt om als remix uitgebracht te worden.En ja, Neneh Cherry draagt nog altijd basketsloefkes, net zoals in 1988.

Nathan Fake mocht de eerste avond van Sonic City afsluiten. We zagen hem nu al de derde keer, sinds zijn eerste passage in Petrol ten tijde van “The Sky is pink”. En we moeten zeggen, dit was de beste keer. Kortrijk had voor eens een echte discotheek, anders moesten de Kortrijkzanen de taalgrens over richting Pecq, nu bracht Nathan Fake een heel dansbare set, met songs met duidelijke thema’s die langzaam transformeerden. Mooi einde van dag een van Sonic City.

Neem gerust een kijkje naar de pics (Xavier Marquis – Indiestyle)
http://www.indiestyle.be/live/fotos-sonic-city-festival-de-kreun-kortrijk-22-november-2014

Organisatie: Kreun , Kortrijk

Chris Rea

Chris Rea - Te routineus en veel te clean

Geschreven door

Stilstaan is achteruit gaan. Twee en een half jaar na zijn vorige doortocht in de Lotto Arena kwam Chris Rea met quasi dezelfde setlist aanzetten. Een ZZ Topke doen, zou je dat ook kunnen noemen, met dat verschil dat die ouwe baarden toch nog wat meer vet en gasoline in hun live act droppen, wat je van deze Chris Rea niet echt kon zeggen. Aanvankelijk lokte zijn passage vooral een paar flinke geeuwen los bij ons.

Stiekem hadden wij op voorhand gehoopt dat Chris Rea de bluesman in zichzelf hevig zou laten losbarsten, maar dit was helaas maar sporadisch het geval. Chris Rea, die de dood al recht in de ogen heeft gekeken, heeft de blues wel degelijk in zijn lijf zitten, maar hij had vanavond de ballen niet om die er ongeremd uit te spuwen, hij speelde gans de tijd met de veiligheidspal op. Aan de verveelde houding van zijn bandleden was duidelijk te merken dat die hier nu al jaren aan een stuk dezelfde setlist routineus stonden af te haspelen. Nog maar zelden heb wij een stel muzikanten zo zielloos hun ding zien doen. Een duo overbodige achtergrondzangeressen, die zichzelf Island Sky noemden en hier al voor het lamlendige voorprogramma hadden gezorgd, maakte het nog wat erger, de dames stoorden meer dan dat ze aanvulden. Chris Rea’s stem was trouwens nog voldoende bij de pinken waardoor hij die twee wichten beslist niet nodig had.
Nu goed, er was ook wel nog wat positiefs te melden, maar het vergde wat tijd en geduld. De te gezapige inloopronde duurde maar liefst vier songs.
Bij het melige en met krokodillentranen gevulde “Josephine” pakten de ouwe koppeltje mekaar eens goed vast, maar wij maakten al aanstalten om terug naar onze auto te wandelen, tot Chris Rea ons een eerste keer aangenaam wakker schudde met een stevig “Easy Rider”.
Plots was hij daar, de artiest waarvoor we gekomen waren, een gitarist die als geen ander een lekker potje slide kon spelen.
Wij terug op onze stoel dus (allemaal zitplaatsen trouwens vanavond, en aan de gemiddelde leeftijd van de aanwezigen te zien dachten we even dat we hier op een fuckin’ eucharistievering waren terechtgekomen). “Easy Rider” bleek voorlopig maar een tijdelijke opflakkering want het duurde alweer enkele oudbakken songs (“Julia”, “Looking for The Summer”, ochére toch) tot Chris Rea ons een tweede keer uit onze coma haalde, maar deze keer zat de stoom toch wat langer op de ketel. “Stony Road”, “The Road To Hell” en vooral een krachtig “Somewhere Between Highway 61 & 49”, zowat het enige echte hoogtepunt van de avond, deden de blues met brio heropleven, er mocht zelfs al eens voorzichtig gerockt worden. Ook met “Stainsby Girls” konden we nog leven, het rockte een aardig eindje weg. Chris Rea had zich kennelijk herpakt en was hier goed bezig zijn eigen hachje te redden.
Maar in plaats van crescendo te gaan en eindelijk de handrem volledig af te zetten, ging het met de melige bisronde terug naar af. Het goedkope sentiment van “On The Beach” en de geforceerde vrolijkheid van “Let’s Dance” zorgden voor een einde in mineur. Best grappig eigenlijk, een song met een titel als “Let’s Dance” spelen voor een apathisch publiek die met geen stokken uit zijn (kerk)stoel is te krijgen.

Geen onvergetelijke bedoening dus, maar de momenten waarop Chris Rea zijn gitaarkunstjes etaleerde maakten het nog net de moeite waard. We gaan hem nog niet afschrijven, maar hij moet dringend eens langsgaan bij Dokter Rick Rubin. Kan wonderen doen.

Organisatie: Live Nation

Paus

Paus (the band!) brengt ons in optimale stemming!

Geschreven door

Paus
café de Zwerver
Leffinge


De organisatie van Leffingeleuren heeft duidelijk voeling met bandjes die hier kansen moeten krijgen en kunnen doorbreken.. Je moet dus niet altijd richting Brussel rijden , vanavond kunnen we een uitroepteken plaatsen achter het beloftevolle Paus uit Lissabon , die eerder al werden ontdekt op het Primavera festival .

Het kwartet is eigenlijk al een vijftal jaar bezig, heeft een paar EPs en platen uit en is te situeren ergens tussen de sound van Battles , Fuck buttons , Health en Caribou in . Inderdaad, muzikaal heb je mathrock, groovende indie psychedelica , tropical sounds , fis , broeierig, bezwerend, aanstekelijk en zelfs dansbaar.
Met twee drummers vooraan recht tegenover elkaar, op z’n Caribou’s (en beetje Trail of Dead) , keys , elektronica, en de toevoeging van bas en gitaar , zorgde nu net voor een boeiende klankkleur, met verrassende wendingen , die intrigeerde door een repetitieve , golvende, stuwende percussieve ritmiek en kon exploderen. De sound was op die manier vernuftig, subtiel , toegankelijk, venijnig , avontuurlijk en tegendraads . Hier kwam de klemtoon op de instrumentatie ‘an sich’ en het samenspel. Af en toe kwam een zangpartij aan bod .
Hoedanook , we ervaarden een aangenaam , leuk , ontspannend concept. Moeiteloos werden we meegesleept in dit patroon . Ook al heb je het gevoel van een jamsessie , elk geluidje viel wel op z’n plaats.
Het kwartet werd voor een handvol mensen warm onthaald . Iedereen hield er wel van. Songs met Portugese titels zijn we niet gewoon; “Primeira” opende de set opende en verder “Bandeira branca” , “Mudo e surdo” , “Clarao”, de single “Cume” en afsluiter “Pelo pulsa” toonden aan dat dit collectief heel wat talent in huis had en de moeite waard is hier ontdekt te worden .

Paus – Band die ons in optimale stemming bracht . U (?) en ik in Leffinge waren er nu al bij ; ook het Vaticaan kan uitermate tevreden zijn !

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge 

Lenny Kravitz

Een swingende Lenny Kravitz

Geschreven door

Een vrijdagavond in Antwerpen en een stralende Lenny Kravitz inclusief lederen broek, een perfecte formule voor een ladies night. Een traag vullend Sportpaleis maakte zich klaar voor de avond, beginnend met Trombone Shorty, een funky jazzband uit New Orléans. Deze energieke band kon het publiek alvast goed opwarmen.

De passage van Lenny in Antwerpen was te danken aan zijn nieuwe cd ‘Strut’, die klaar was om op het grote publiek losgelaten te worden. Met deze cd slaat Lenny een nieuwe weg in: minder rock, meer disco. Hij werd dan ook vergezeld door drie bevallige uit de seventies ontsnapte achtergronddanseressen en matching discoverlichting. Nieuwe nummers en oude klassiekers werden evenwichtig verdeeld tijdens het concert, voor elk wat wils.

Menig fan werd op de wenken bediend door Kravitz. De opener “Dirty White Boots” zette de toon van de avond: sexy met een grote S. De stampende groove in dit nummer is live veel overtuigender dan op cd. De afwisseling die Kravitz maakt doorheen de set is er één duidelijk gericht om het nieuwe werk vooral in de spotlights te brengen. Een aantal nieuwe nummers kon ik wel smaken, zoals “Strut”, de titelsong van de cd, en “The Chamber”. De beat in deze twee songs lieten weinig heupen onberoerd, stilstaan was niet langer een optie. Het overig nieuw werk was eerder lauw, de seventiessfeer was met momenten haast lachwekkend.
Niet getreurd, want er waren genoeg oldies om de zaal volledig uit de bol te laten gaan. Het publiek ging wild na slechts enkele noten van zijn grootste hits. Toch moet er ook gezegd worden dat zelf de oldies niet altijd even veel slagkracht hadden. Lenny sloeg de bal een aantal keren mis, het oeverloos rekken van nummers zoals “American Woman”, “Sister” en zelfs “Let Love Rule” bleek geen geslaagde formule te zijn. Akkoord , het is wel eens fijn als er een ‘spontane’ jamsessie ontstaat tussen de artiesten. Minder fijn is het als dit de swung uit het concert haalt.

Ondanks een muzikaal minder interessant concert eindigde Kravitz sterk, waarna de meesten onder ons voldaan naar huis konden gaan. Was het je doel om een swingende Lenny te zien, zelf te swingen en vooral veel mee te zingen , dan was het alvast een geslaagde avond.

Setlist: Dirty White Boots  - American Woman (Guess Who cover)  - It Ain't Over 'Til It's Over  - Strut  - Dancin' Til Dawn  - Sister  - New York City  - Always on the Run  - I Belong to You  - Let Love Rule  - Fly Away - The Chamber  - Are You Gonna Go My Way

Organisatie: Live Nation

The Bollock Brothers

The Bollock Brothers – komen – zien – overwinnen

Geschreven door

Jock McDonald is al een dikke dertig jaar de bezieler en frontman van het licht legendarische newwave-punk-cultbandje The Bollock Brothers. Iedereen kent wellicht nummers als “The last supper”, “The bunker” en “Harley davidson of a bitch”. Destijds vielen ze vooral op door het album van de Sex Pistols volledig te coveren in een electro-versie. Zodus, dertig jaar en evenveel kilo’s later gaat de immer sympathieke nog steeds de hort op met zijn Brothers, zij het in wisselende bezettingen. Meest opvallende figuur daarbij is Pat, die ooit nog de vellen bediende bij het ter ziele gegane Nacht und Nebel.

The Bollock Brothers kwamen , zagen en overwonnen zoals gewoonlijk. Voor de verandering werd geopend met “Faith Healer”. Het viel meteen op dat het geluid zeer goed zat en dat de nieuwe bassist schreeuwde om aandacht en dacht dat hij bij pakweg The Stones speelde. “The Bunker” zette meteen het overigens briljante publiek in vuur en vlam en het publiek droeg el sympathico meteen zo goed als letterlijk op handen. De band stond, dankzij een retestrakke ietwat funky ritmesectie op scherp en op rood. Pat is bij deze onmisbaar geworden.  Onze eigenste Luciente van Definitivos  kwam een nummer meezingen in een of andere net niet juiste toonaard  en zorgde voor het nodige kippenvel. Met “Harley Davidson” hoorde je haast Gainsbourg himself zingen.
Hoogtepunten werden afgewisseld door nummers die zouden moeten doorgaan voor voetbalhymnes. 

Conclusie: een ware reünie van long time no see friends, en een heuse kater …

Organisatie: Harmonie, Oudenaarde

Sharon Van Etten

Sharon Van Etten - Baadt in muzikale weelde

Geschreven door

Het moet zo ergens tussen de zesde en zevende song geweest zijn. Op dat moment kondigde Sharon Van Etten een nog onbekend nummer aan dat binnenkort als B kantje van een nieuwe single zou verschijnen. Wat daarop volgde was een instant classic die uitmondde in een memorabele gitaareruptie. Een enthousiasteling vatte vervolgens de stemming in de zaal perfect samen door zich luidop af te vragen waarom dit nummer in hemelsnaam niet op haar nieuwe plaat was verschenen. Een licht blozende Sharon Van Etten nam gevleid akte van deze attentie, en het leek toen pas echt bij haar door te dringen in wat voor een muzikale weelde ze momenteel baadt.

Dankzij ‘Tramp’ en het al even uitstekende dit jaar verschenen ‘Are We There’ behoort deze Amerikaanse jongedame tot de lievelingen van de kwalitatieve muziekpers, Musiczine inclusief. Niet dat we daardoor, en gelukkig maar, een van zelfvertrouwen overlopende, geprefabriceerde ‘American act’ te zien kregen. Het refrein “We All Make Mistakes” zette al bij opener “All I Can” de mars richting in en ook in de rest van de set vielen weinig happy songs te noteren. Het is een torenhoog cliché dat desillusies en gebroken harten garant staan voor de beste artistieke voedingsbodem. Maar weinigen weten die zo overtuigend en authentiek aan te boren als tijdens “Afraid Of Nothing” of “I Know” die avond .
Net zoals Cat Power leefde Sharon Van Etten lang een onzeker, rondzwervend bestaan tot muzikale vrienden zoals Aaron Dessner van The National haar opnieuw naar het juiste pad leidden. Ook de Handelsbeurs was getuige van die voorzichtige metamorfose naar prille volwassenheid  en stabiliteit.  “Taking Chances” klonk zelfs verrassend hoopvol en ook “Our Love” had zo een dromerig Beach House sfeertje waardoor je dacht dat alles uiteindelijk wel goed komt.   

… Tot “Your Love Is Killing Me”, dé pièce de résistance op het jongste album, op een zinderende manier de set afsloot.  En vervolgens het refrein “You’re The Reason Why I Moved To The City” op het hart verscheurende bisnummer “Give Out” ons alsnog met de nodige vertwijfeling naar huis stuurde.

Organisatie:  Democrazy, Gent

Pagina 558 van 966