logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Deadletter-2026...

Lokerse Feesten 2014 – DAG 04 – Triggerfinger – Miles Kane – Johnny Marr – The Sore Losers -


Lokerse Feesten 2014 – DAG 04 – Triggerfinger – Miles Kane – Johnny Marr – The Sore Losers
Lokerse Feesten 2014
Grote Kaai
Lokeren
2014-08-04
Emile Dekeyser en Sam De Rijcke

The Sore Losers lieten nog maar eens blijken dat zij een meer dan degelijke down to earth rockband zijn, eerlijk, gedreven en zonder kapsones. De band trakteerde ons op een stel strakke en potige songs (met als onze favorieten “Girls gonna break it”, “Gold in them Hills” en “Silver Seas”), maar toch zaten wij met het gevoel dat die gasten nood hebben aan wat meer ballen, meer vuur, meer peper in het gat, eigenlijk gewoon meer seks, drugs & rock’n’roll. Ze hebben potentieel, en wat ze ook zeker hebben is een verdomd goede leadgitarist.

In Engeland zouden ze eens goed lachen als ze zouden zien dat Sir Johnny Marr voor Miles Kane moet aantreden. Wie op papier de beste van de twee is laten wij in het midden, maar Johnny Marr is een levende legende. Op zijn eentje verantwoordelijk voor de legendarische gitaarsound van The Smiths en na wat omwegen bij o.a. The Cribs, The The en The Pretenders, sinds vorig jaar eindelijk solo. Aangezien hij slechts uit 1 solo-album kan putten, het vorig jaar verschenen en uitmuntende ‘The Messenger’, zaten er ook heel wat Smiths nummers in de set, die zodanig goed gespeeld én gezongen waren dat we ons afvroegen waarom mensen in godsnaam nog hopen op een Smiths-reünie. De versies die Johnny, piekfijn uitgedost in roze hemd, bracht van “Panic”, “Stop Me If You Think You’ve Heard This One Before”(an old folks song from Manchester, England), “Bigmouth Strikes Again”, “Please, Please, Let Me Get What I Want”, “How Soon Is Now” en “There Is A Light That Never Goes Out” moesten allesbehalve het onderspit delven voor de versies van Morrissey en band dezer dagen. Alsof al die Smiths nummers nog niet genoeg waren coverde hij ook nog eens “I Fought The Law” van The Clash (of ja, voor de muggenzifters: The Crickets) dat hij opdroeg aan Joe Strummer. Kijk, zó verover je ons hart. En of hij ook nog solonummers speelde? Jazeker, hij plukte met o.a. “Upstarts”, “The Right Thing Right”, “Generate! Generate!” (dedicated to René Descartes) en “New Town Velocity” de beste nummers uit zijn plaat. Zoals we al aangaven: een levende legende. (met dank aan Emile Dekeyser)

In België heeft Miles Kane, het maatje van Alex Turner, ondertussen al heel wat harten veroverd dankzij pittige concertjes in Botanique, AB en Rock Werchter. Wat ons betreft is hij helemaal uit de schaduw getreden van zijn wereldberoemde vriend. Op vandaag durven we gerust stellen dat een supercoole Miles Kane live een stuk frisser, vinniger en vooral minder pretentieus voor de dag komt dan Arctic Monkeys.
Ook in Lokeren was het Miles Kane om de fun en het speelplezier te doen en bracht hij algauw de sfeer erin met een attitude en een stel opzwepende songs die een broek vol goesting verraadden. Er zat flink wat tempo in de set, en dat ging nooit naar beneden dankzij bijzonder aanstekelijke songs als “Inhaler”,  “Better Than That”, “You’re gonna get it” en natuurlijk “Don’t forget who you are”. De man kent ook zijn klassiekers, in “Give Up” had hij een flinke brok “Sympathy For The Devil” verweven (als Stones fan waren wij hier enorm mee te paaien)en over gans de lijn haalden wij ons geregeld een jonge bevlogen Paul Weller voor de geest.
Met zijn opwindend uurtje Britpop en glamrock mocht Miles Kane zich tot winnaar van de avond kronen en was zijn plaatsje op de affiche na de legende Johhny Marr dan toch niet gestolen, hoewel de aanwezige Smiths fans daar wel anders zullen over gedacht hebben, of waren die al naar huis?

Wat valt er nog te vertellen over Triggerfinger ? Op heden nog steeds de meest gloeiende rockband van ons landje. Beetje voorspelbaar, akkoord, kan ook niet anders, iedereen die in Vlaanderen geregeld een festivalletje bezoekt, heeft Triggerfinger al meer gezien dan De Kampioenen. Wij ook dus, en steeds komen we tot dezelfde conclusie : Ruben Block rockt als de beesten en blaast vuurwerk uit zijn gitaar, “My Baby’s got a gun” is steevast het hoogtepunt van het concert en “On My Knees” schittert en bruist omwille van die eeuwige moordriff. Helaas komen ook altijd dezelfde steenpuisten roet in het eten gooien, de flauwe grap “I follow” haalt altijd de vaart uit de set en Mario Goossens’ drumsolo is even overbodig als Justin Timberlake op Graspop. Maar voor de rest knalt Triggerfinger als een vliegtuig in het Oekraïense luchtruim en heeft het levendige trio wel degelijk dat heilige rockvuur in zich waar The Sore Losers nog altijd hardnekkig naar op zoek zijn.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2014/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2014-04-08-2014/

Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

 

Lokerse Feesten 2014 – DAG 04 – Triggerfinger – Miles Kane – Johnny Marr – The Sore Losers
Lokerse feesten 2014
Grote Kaai
Lokeren
2014-08-04
Emile Dekeyser en Sam De Rijcke


The Sore Losers
lieten nog maar eens blijken dat zij een meer dan degelijke down to earth rockband zijn, eerlijk, gedreven en zonder kapsones. De band trakteerde ons op een stel strakke en potige songs (met als onze favorieten “Girls gonna break it”, “Gold in them Hills” en “Silver Seas”), maar toch zaten wij met het gevoel dat die gasten nood hebben aan wat meer ballen, meer vuur, meer peper in het gat, eigenlijk gewoon meer seks, drugs & rock’n’roll. Ze hebben potentieel, en wat ze ook zeker hebben is een verdomd goede leadgitarist.

In Engeland zouden ze eens goed lachen als ze zouden zien dat Sir
Johnny Marr voor Miles Kane moet aantreden. Wie op papier de beste van de twee is laten wij in het midden, maar Johnny Marr is een levende legende. Op zijn eentje verantwoordelijk voor de legendarische gitaarsound van The Smiths en na wat omwegen bij o.a. The Cribs, The The en The Pretenders, sinds vorig jaar eindelijk solo. Aangezien hij slechts uit 1 solo-album kan putten, het vorig jaar verschenen en uitmuntende ‘The Messenger’, zaten er ook heel wat Smiths nummers in de set, die zodanig goed gespeeld én gezongen waren dat we ons afvroegen waarom mensen in godsnaam nog hopen op een Smiths-reünie. De versies die Johnny, piekfijn uitgedost in roze hemd, bracht van “Panic”, “Stop Me If You Think You’ve Heard This One Before”(an old folks song from Manchester, England), “Bigmouth Strikes Again”, “Please, Please, Let Me Get What I Want”, “How Soon Is Now” en “There Is A Light That Never Goes Out” moesten allesbehalve het onderspit delven voor de versies van Morrissey en band dezer dagen. Alsof al die Smiths nummers nog niet genoeg waren coverde hij ook nog eens “I Fought The Law” van The Clash (of ja, voor de muggenzifters: The Crickets) dat hij opdroeg aan Joe Strummer. Kijk, zó verover je ons hart. En of hij ook nog solonummers speelde? Jazeker, hij plukte met o.a. “Upstarts”, “The Right Thing Right”, “Generate! Generate!” (dedicated to René Descartes) en “New Town Velocity” de beste nummers uit zijn plaat. Zoals we al aangaven: een levende legende. (met dank aan Emile Dekeyser)

In België heeft
Miles Kane, het maatje van Alex Turner, ondertussen al heel wat harten veroverd dankzij pittige concertjes in Botanique, AB en Rock Werchter. Wat ons betreft is hij helemaal uit de schaduw getreden van zijn wereldberoemde vriend. Op vandaag durven we gerust stellen dat een supercoole Miles Kane live een stuk frisser, vinniger en vooral minder pretentieus voor de dag komt dan Arctic Monkeys.
Ook in Lokeren was het Miles Kane om de fun en het speelplezier te doen en bracht hij algauw de sfeer erin met een attitude en een stel opzwepende songs die een broek vol goesting verraadden. Er zat flink wat tempo in de set, en dat ging nooit naar beneden dankzij bijzonder aanstekelijke songs als “Inhaler”,  “Better Than That”, “You’re gonna get it” en natuurlijk “Don’t forget who you are”. De man kent ook zijn klassiekers, in “Give Up” had hij een flinke brok “Sympathy For The Devil” verweven (als Stones fan waren wij hier enorm mee te paaien)en over gans de lijn haalden wij ons geregeld een jonge bevlogen Paul Weller voor de geest.
Met zijn opwindend uurtje Britpop en glamrock mocht Miles Kane zich tot winnaar van de avond kronen en was zijn plaatsje op de affiche na de legende Johhny Marr dan toch niet gestolen, hoewel de aanwezige Smiths fans daar wel anders zullen over gedacht hebben, of waren die al naar huis?

Wat valt er nog te vertellen over
Triggerfinger ? Op heden nog steeds de meest gloeiende rockband van ons landje. Beetje voorspelbaar, akkoord, kan ook niet anders, iedereen die in Vlaanderen geregeld een festivalletje bezoekt, heeft Triggerfinger al meer gezien dan De Kampioenen. Wij ook dus, en steeds komen we tot dezelfde conclusie : Ruben Block rockt als de beesten en blaast vuurwerk uit zijn gitaar, “My Baby’s got a gun” is steevast het hoogtepunt van het concert en “On My Knees” schittert en bruist omwille van die eeuwige moordriff. Helaas komen ook altijd dezelfde steenpuisten roet in het eten gooien, de flauwe grap “I follow” haalt altijd de vaart uit de set en Mario Goossens’ drumsolo is even overbodig als Justin Timberlake op Graspop. Maar voor de rest knalt Triggerfinger als een vliegtuig in het Oekraïense luchtruim en heeft het levendige trio wel degelijk dat heilige rockvuur in zich waar The Sore Losers nog altijd hardnekkig naar op zoek zijn.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2014/ http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/lokerse-feesten-2014-04-08-2014/
Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Binic Folk Blues Festival 2014 van 01 t/m 03 augustus 2014 - Rock-‘n-roll springlevend in Bretagne

Geschreven door

Binic Folk Blues Festival 2014 van 01 t/m 03 augustus 2014 - Rock-‘n-roll springlevend in Bretagne
Binic Folk Blues Festival 2014
Festivalkaai
Binic (Bretagne)
01 t/m 03/08/2014
Ollie Nollet

Binic Folk Blues Festival 2014 van 01 t/m 03 augustus 2014

De zesde editie van Binic Folks Blues (Côtes D’Armor, Bretagne) was opnieuw een voltreffer. Zowel artistiek als wat de opkomst betreft. Duizenden bezoekers (vooral op zaterdag kon men op de koppen lopen) voor een festival waarvan de headliners op andere dagen enkel kroegen als de Pit’s frequenteren. Ok, het Parijse Cheveu zal wel in grotere zalen spelen en de populariteit van Left Lane Cruiser is bij onze zuiderburen een stuk groter maar toch... Ligt de verklaring voor dit enorme succes bij het feit dat dit een gratis festival is? Niet altijd een garantie op veel volk maar hier zal het wel meespelen en dat terwijl je ongehinderd hele voorraden drank op het terrein kan sleuren en de sfeer tijdens de optredens niet zelden uitzinnig is.

vrijdag 1 augustus 2014
Mijn parcours langs de drie podia begon aan de Place de la Cloche met Stop II (Bordeaux). Twee niet meer zo jonge en al evenmin erg fris ogende mannen brachten zittend rammelende countrybluestrash. Twee gitaren, een stompbox en occasioneel een washboard volstonden ruimschoots. Mooie cover van Blind Willie Johnson’s “In my time of dying”.

Pete Ross & The Sapphire (uitvalsbasis Milaan) bestaat uit zanger-gitarist Pete Ross (uit Sydney), de Nieuw-Zeelandse bassiste Susy Sapphire en de Italiaanse drummer Alessandro Deidda. Oubollige rock met enkele progrocktics en een gezwollen stem van Pete Ross kregen mijn handen niet meteen op elkaar. Een onberispelijke start was het dus niet maar gaandeweg werden de songs een stuk meer bijdegronds en met “The devil inside” dwong de groep meteen haar bestaansrecht af. Verder hoorden we nog een opmerkelijke cover van “Somebody to love” (Jefferson Airplane), gezongen door het bloemenmeisje Sapphire.

Lilith Lane (Melbourne) viel me toch wat tegen ondanks haar uitstekende begeleidingsband Many Wives (staande bas, gitaar en drums). Enige schuldige was Lilith zelf die veel te theatraal klonk (in een poging om de vrouwelijke Nick Cave te worden?) en daar kon de nochtans bijwijlen smerig klinkende gitaar niets aan verhelpen.

Het Franse duo Harold Martinez (Nîmes) deed hard hun best om te klinken als Sixteen Horsepower wat niet zo’n goed idee was.

Van The Pussywarmers uit Zurich aangevuld met de Hongaarse zangeres-toetseniste Réka had ik niet al te veel verwacht. Daarvoor klonk hun plaat die ik kende te krampachtig en bevatte ze te veel gepingel. Maar het zestal (twee gitaren, bas, drums, keys en trompet) zorgde zowaar voor het eerste hoogtepunt van het festival. Waar ze het vroeger meestal in de jaren ‘30 en ‘40 zochten lag de focus dit keer meer op de jaren ‘60 en dat zorgde voor een milde nostalgische sfeer die me zelfs enkele keren aan Shannon & The Clams deed denken.

Jerry Teel (Chrome Cranks) en zijn vrouw Pauline vormen de vaste spil bij Chicken Snake (New Orleans). Terwijl in vorige bezettingen gekende cultfiguren als Bob Bert (o.a. Chrome Cranks, Sonic Youth) en Nicholas Ray (Viva L’American Death Ray Music) de dienst uitmaakten waren het nu de minder gekende Josh Lee Hooker (gitaar) en Jessica Melain (staande drums) die de groep vervolledigden. Minder gekend maar daarom zeker niet minder goed. Josh Lee Hooker ontpopte zich als de absolute revelatie (schitterde later ook nog met zijn eigen groep) van het festival terwijl Melain voor het nodige showelement zorgde. Chicken Snake staat voor heerlijk midtempo voortdenderende trashy swampblues. We hoorden al eens een riffje dat gepikt was van de Stones maar wie zou daarom balen? En als ze al eens iets coverden werd het nummer met veel smaak gekozen : “Cowgirl blues” van de ten onrechte vergeten blueszangeres uit Memphis, Jessie Mae Hemphill. Naar het einde toe durfde de samenzang tussen Jerry en Pauline ietwat zeurderig te gaan klinken maar dat is echt wel detailkritiek op een grandioos optreden waarin vooral Josh Lee Hooker, die soms aan en paar noten genoeg had om een song een wat groter rock-‘n-rollgehalte te geven, ontegensprekelijk de uitblinker was. Ik zag Chicken Snake de volgende dag terug op het grote podium waar ze een stuk steviger uithaalden (of was dat slechts een indruk). In ieder geval werd hun prestatie van de dag voordien bevestigd, mocht ik mijn puntje van kritiek inslikken en droop het spelplezier er in beken vanaf. Deze ene keer vond ik het jammer dat de organisatie zich strikt aan het strakke tijdsschema hield en het optreden abrupt stillegde. Gelukkig volgde na enig overleg toch nog extra nummer.

Vrijdag werd er op het hoofdpodium afgesloten met The U.V. Race (Melbourne) die enkele platen uitheeft op het befaamde ‘In The Red’-label. De band was al bezig toen ik arriveerde en ik werd meteen geconfronteerd met de enorme, blote, zwabberende pens van de zanger. Geen zicht en tot overmaat van ramp draaide hij zich zodat we dan ook nog eens de helft van zijn reet mochten bewonderen. Enkele songs verder had hij enkel nog zijn boxershort aan. En de muziek? Korte meebrulbare bulldozerpunksongs. Soms had het wel wat maar meestal vond ik het orgel de boel verpesten of was ik nog te zeer onder de indruk van Chicken Snake?

zaterdag 2 augustus 2014
Dag twee begon alweer uitstekend met Destination Lonely (Toulouse, Bordeaux). Groepsnaam gevonden bij de eerste LP van Cheater Slicks, die net nu opnieuw is uitgebracht? De twee gitaristen en drummer stonden garant voor vuile, vette garagebluesrock.

Het Frans/Australische The Outside bestond uit ex-leden van Screaming Tribesmen, Radio Birdman en TV Men. Mooi volk dus dat zorgde voor hersenloze turborock (waarin je vaag echo’s van The Ramones of Cosmic Psychos kon horen). Kon mooi geweest zijn maar dat was duidelijk niet het geval.

Neen, geef mij dan maar Weird Omen uit Limoges. Na een chaotische start met enkele onverteerbare nummers viel na een tijdje alles in de plooi. Garagerock, surf, punk en artrock en dat alles meestal in één en dezelfde song. De zanger had energie te over en kwam in al zijn enthousiasme zelfs een paar keer ten val terwijl we saxofonist Fred Rollercoaster nog kenden van Head On en King Khan & The Shrines. Opmerkelijke cover : “20th Century boy” (T-Rex).

Bob Wayne (Seattle/Nashville) heeft zijn Outlaw Carnies blijkbaar gedumpt maar de line-up is nagenoeg dezelfde gebleven : staande bas, viool, gitaar met dit keer ook een drummer die zo geplukt leek uit een verlaten berghut in het Appalachen gebergte. Die laatste mocht er dan al uitzien als een verwaarloosde neef van Seasick Steve, drumlessen hoefde hij zeker niet meer te volgen. Bob Wayne, met een grote tattoo van Neurosis op de onderkant van zijn voorarm!, hield het verrassend strak. Hillbilly en alternatieve country voorzien van spitante teksten, we kennen het intussen maar het blijft steeds zeer amusant. Jammer van die verveeld voor zich uitstarende gitarist die blijkbaar enkel (en met lichte tegenzin) zijn job kwam doen. Wat had ik graag die man een trap voor de kont gegeven.

Go!Zilla is een trio uit Firenze dat duidelijk naar de nieuwe lichting psych rockers (Ty Segall, Mikal Cronin, Thee Oh Sees) heeft geluisterd maar een stuk potiger dan de geciteerde namen voor de dag komt. Twee gitaren en drums (stilaan de nieuwe klassieke opstelling) waren ruimschoots voldoende voor een indrukwekkende sound. Voeg daarbij een zanger-gitarist (Luca Landi) die werkelijk alles gaf en het plaatje klopt helemaal. Op het einde vroeg hij een 15-tal mensen bij zich op het podium. Dat werd uiteindelijk een veelvoud en de chaos werd compleet wat niet wegneemt dat Go!Zilla een ijzersterke set had gespeeld.

Na Chicken Snake (waar ik het al eerder over had) zag ik nog net de finale van de set van een verbluffende Harlan T Bobo (verder meer over het volledige optreden dat hij zondag gaf). De tonnen elektronica van Cheveu (Parijs) werden ontiegelijk luid de Esplanade de la Banche opgejaagd. Vreemde eend in de bijt die ik niet kon smaken hoewel ik moet toegeven dat ik ze nooit echt een kans heb gegeven.

Afsluiter op zaterdag was Mr. Quintron & Miss Pussycat uit New Orleans (Mr Quintron zou je kunnen kennen van de derde Obliviansplaat ‘Play 9 songs with Mr. Quintron’). Hoe lang zou het geleden zijn dat ik die twee in de Pit’s zag? En toch leek er niet veel veranderd sinds toen. Miss Pussycat opende met een poppenkastspel waarin de speciale effecten en de zelfgemaakte poppen best leuk waren maar wie zag dat achteraan? Na de gebruikelijke technische problemen ging Mr. Quintron oorverdovend van start alsof hij Cheveu de loef wou afsteken. Het leek erop alsof zijn Drum Buddy (zijn zelf uitgevonden analoge drummachine met duizelingwekkende mogelijkheden) zelf het heft in handen had genomen. Maar na verloop van tijd begon zijn orgel steeds meer organisch te klinken en kregen de nummers meer structuur. Naast de eerder genoemde instrumenten bediende hij ook nog een hi-hat en een lapsteel die dienst deed als slaginstrument. Miss Pussycat hield het wat bescheidener bij de maracas. Het volk was gekomen om eens flink uit de bol te gaan en dat gebeurde dan ook massaal. En vreemd genoeg leken de toch eerder ongewone klanken ideaal om de massa op te hitsen. Ondanks de valse start werd dit uiteindelijk toch nog een schitterend optreden!

zondag 3 augustus 2014
Dead Horse Problem is slechts één van de vele projecten van zanger Boogie, tevens baas van Beast Records en zo leverancier van vele groepen aan dit festival. Samen met twee gitaristen, een saxofonist en een drummer brachten ze smerige rock die soms net iets te dicht geplamuurd was. Niet echt overtuigend maar ze coverden toch maar mooi twee geweldige songs, beide van de hand van Greg Cartwright: “Sour and vicious man” (Compulsive Gamblers) en “Straight shooter” (Reigning Sound). Mijn middag kon al niet meer stuk.

Het Frans, Duits, Nieuw-Zeelandse trio met residentie in Berlijn, Canyon Spree, serveerde vederlichte garagepop. De drie piepjonge meiden hadden krek dezelfde sound (minus de harmonieuze samenzang) als La Luz en daar kon ik echt niet rouwig om zijn. Met slechts een handvol goeie nummers onder de arm was er duidelijk er nog veel werk aan de winkel maar ze hebben uiteraard nog tijd zat.

Toen The Luxurious Faux Furs (New Orleans/ Brooklyn) het podium opwandelden bleek dat gewoon de helft van Chicken Snake te zijn : Josh Lee Hooker, de man met de mooiste schoenen op het festival en drumster extra-ordinaire Jessica Melain die er alles aan deed om er vervaarlijk uit te te zien. Het zag er niet alleen goed uit, het klonk zo mogelijk nog beter. Dit was zonder meer de revelatie van Binic dit jaar. Uitgebeende rock-‘n-roll : Alan Vega op de (straffe) koffie bij The Gories, zoiets. We hoorden ondermeer een briljante cover van The Staple Singers, “Swing down, chariot” en op het einde een ellenlange, uitgemergelde boogie (met een naam als de zijne kon dat niet uitblijven). Adembenemende set!!!

Na The Luxurious Faux Furs (die zelf ook helemaal vooraan stonden) zag ik meteen al een nieuw hoogtepunt. Harlan T. Bobo bleek samen met zijn drie Franse begeleiders in de vorm van zijn leven. Dit jaar maakte hij in Memphis met zijn nieuwe band The Fuzz (niet te verwarren met Fuzz, ook al een nieuwe band met Ty Segall) een halfslachtige plaat maar hij was wel zo verstandig om daaruit slechts de beste nummers te puren : “Merry-go-round” en “When I die”. Daarnaast had hij het beste uit de rest van zijn platen geselecteerd waarbij mijn favoriet “Left your door unlocked” niet over het hoofd werd gezien. Harlan T. Bobo, voortdurend buiten adem en nogal wat whiskeys binnenkappend schitterde zowel in de zeer ingetogen nummers als de uitbundige rockers. Heerlijk artiest!

Na nog een flard Reverend Beat-Man (klonk zoals we hem kennen) werd het tijd voor headliner Left Lane Cruiser (Fort Wayne, Indiana). Talloze keren zag ik ze en het was toch even slikken toen tijdens de opstelling tot me doordrong dat drummer Brenn Beck er niet meer bij was. Freddy J. IV had hem vervangen door het duo White Trash Blues Revival: zijnde drummer Pete Dio en bassist Joe Bent. Er werd geopend met een song van Hound Dog Taylor (Hound Dog Taylor met bas, brrr!). Maar het dient gezegd: met dit duo erbij had Left Lane Cruiser nog meer power en songs als “Mr. Johnson”, “Big Momma” en “Cheyenne” zijn niet stuk te krijgen en klonken furieus. En toch begon het te knagen. Pete Dio is ongetwijfeld een superieur drummer maar ik miste de eenvoud van Brenn Beck en zijn koebel, en zijn washboard... Bassist Joe Bent leek verdacht veel op Alex Agnew en metselde de sound te veel dicht (of het een wat met het andere te maken heeft weet ik niet). Toen hij zijn bas ruilde voor een skiddely-bo (een skateplank met daarop een fles en twee snaren gemonteerd) leek het tij te keren. Helaas zong hij dan (wat een vlakke stem) zijn eigen songs die absoluut niet konden tippen aan de originele Left Lane Cruiser songs.
Ach, misschien ben ik aan het zeuren: Left Lane cruiser speelde het plein gewoon plat. Het zwerk werd doorkliefd met crowdsurfers en een jonge deerne sprong zelfs op het podium om meteen haar t-shirt uit te trekken zodat iedereen kon genieten van de wonderen der natuur. Nooit iemand zo snel zien afvoeren! De jonge snaak van Dirty Deep beleefde de tijd van zijn leven toen hij de twee laatste nummers mocht meeblazen op mondharmonica terwijl er nog een verrassend coda volgde waarin de drummer zich liet kennen als een volleerd rapper, iets wat hij zo’n 15 minuten volhield, olé!

Heel vreemd maar Binic was weer eens mooi geweest!
Organisatie: Binic Folks Blues Festival

Festival Dranouter 2014 – zondag 3 augustus 2014

Festival Dranouter 2014 – zondag 3 augustus 2014

Dranouter biedt (h)eerlijke kansen om rond te kuieren op het festival, wat resulteert in een twinkelende , kleurrijke namiddag en avond.  Dranouter zorgt voor een sfeervol kader, gezelligheid en gemoedsrust , waar andere festivals in Vlaanderen toch even mogen naar opkijken .

Muzikaal zat het ook wel goed op deze zondag . Een eerste hoogte punt hadden we met de allround sing/songwriter Gabriel Rios , die door de jaren in allerlei gedaantes was te zien . Na zijn trip naar New York , komt hij nu fascinerender voor de dag.
De Belgische ‘El Sympathico’ Puertoricaan doet al menig vrouwenhartje sneller slaan. Hij brengt in september de langverwachte nieuwe plaat , ‘The marauder’s midnight’ , en we kregen er een pak songs uit te horen . Niet verwonderlijk eigenlijk, gezien we sinds het najaar van 2013 telkens om de maand er één van te horen kregen, en vandaag hoorden we o.m. “Holy water”, “Gold”, “Police sounds”, “Work song” (een wauw gevoel hier!) en het nog niet uitgebrachte “Swing low”, met een bassist , cello en af en toe aangevuld met een blazerssectie. De nummers balden emotionaliteit , intensiteit  en beleven samen.
Een even meesterlijke zet  was de start , die Gabriel Rios solo aanvatte; per nummer vervoegden de leden hem.  Mooi wat er dus in het begin  werd gepresteerd op “Straight song”, “Skip the intro” en “City song”.  Maar ook straf toch hoe een “Angelhead” en “Broad daylight” opgefrist werden en een broeierige spanning hadden . We herkenden op het eind nog een cover, “Vamanos pa’l monte” (Eddie Palmieri uit 77), die een levendige en gevoelige Rios omvatten . Wat een return . Check die najaarstournee …

Fat Freddy’s Drop waren na La Chiva Gantiva de meest feestelijke vanavond; langzaam maar zeker werden we in hun aanstekelijke trance opgezogen . ‘Follow the rhythm of your heartbeat’ was terecht de muzikale noemer van dit uitgebreide combo uit Nieuw-Zeeland , die een potpourri serveerden van pop , soul , jazz, r&b, reggae, elektronica en dubs, die nog meer respect opeisten door de live instrumenten en de improvisaties.
Inderdaad hier werden de dansspieren aangesproken door de (traag) slepende , zwierige, dansbare tunes , trance en sferische lounge , zonder de traditie van die dubreggae uit het oog te verliezen . Band die meer airplay verdient!

Laïs mocht de feesteditie van Dranouter besluiten . En zij vierden hun twintigjarige carrière met een bloemlezing van hun oeuvre . Zij vergeten 96 niet toen ze hier in de namiddag optraden , wat duidelijk nog herinneringen en emoties opriep . Intussen zijn de dames van Lais , Jorunn Bauweraerts, Annelies Brosens en Nathalie Delcroix, elk hun eigen weg gegaan, zonder de Laïs roots te vergeten . Laïs zorgde toen voor een heropleving van de folk , maar met de jaren verbreedden ze hun muzikale horizont met pop en freefolk invloed , en klonken ze zelfs grauw en grimmig.
Hun debuut is in het geheugen gegrift . Ze hadden een uitgebreid combo achter zich , waaronder natuurlijk Bjorn Eriksson en Tomas de Smedt. Voor hun verjaardagsfeestje hadden ze een eigenzinnige setlist samengesteld waarbij natuurlijk niet omheen het debuut kon ; het materiaal kreeg wel een apart jasje aangemeten. Toegegeven, er werden enkele gemist , die de sfeer nog naar een hoger niveau konden brengen . Het latere werk sijpelde door van ‘Dorothea tot de romantiek van ‘The ladies second song’,  verweven van enkele traditionals en covers .
Het werd een uiterst smaakvol optreden , met enkele uitschieters, o.m. de a capella van “Het zoutvat” , “Zeven steken” , de energie van “De wijn” , “Kanneke” en “Le renard et la belette” of de rockabilly van “Les trilettes de belleville”. Hoogtepunt is en blijft natuurlijk “’t Smidje” dat tot een boost leidde op het eind van het concert en onder luid gejuich werd onthaald . 
Laïs toonde aan dat ze tot veel in staat waren , maar waarschijnlijk hadden de meesten nog meer die onschuldige folky dynamiek en feestelijkheid gehoord; maar ok , die stemmenpracht typeert door de jaren nog steeds de dames en we kunnen voor hun rewinds  in Vlaanderen in 2015 verder aankloppen.

Eerder de dag hadden we nog La Chiva Gantiva , die Dranouter in de juiste stemming brachten door hun allegaartje aan stijlen van world – funk –rock - soul – salse - latin ritmes en raps . De band heeft Colombiaanse roots en heeft Brussel als thuisbasis . Het publiek lustte ervan en het combo werd dan ook terecht warm onthaald . De zon scheen nog meer op de glooiende heuvels met die aanstekelijke , dansbare aanpak. Hier borrelde 90s bands als Mau Mau en Mano Negra op met die kenmerkende  optimistische , levendige , springerige sounds .

Geïntrigeerd werden we door het Schotse Lau de hier een aparte sound van Keltische folk en soundscapes speelden op akoestische gitaar , accordeon en viool, die door de tics op hun instrumenten een drumritme kregen  . De drie heren waren sterke performers. Af en toe werd de broeierige spanning donker , dreigend maar verdroeg nét het ochtendgloren. Hun instrumentale sound werd af en toe met vocals voorzien , wat dan op z’n beurt poppier werd . De composities bouwden op door de huppelende ritmiek, waren beeldrijk - bijgevolg niet vies van wat postrock -, konden lichtjes exploderen en ademden een soundtrackgevoel . We waren onder de indruk van de begeestering van dit trio …

Tot slot nog Geppetto & The Whales . Dit gezelschap is op een paar jaar tijd sterk geëvolueerd . Weg zijn die charmant , hemels pakkende popsongs , die door banjo nog wat meer gevoeligheid opwierpen ; op de nieuwe ‘Heads of woe’ zijn ze doorspekt van psychedelica, soundscapes en effectbejag . Heerlijk blijft die harmonieuze samenzang, wat  nog steeds een hartverwarmend , melancholiek kader  creëert. Het is nog wat gewoon worden, en naast de fans vooraan , hadden de nummers wat meer bedenktijd nodig .
De kaart van de nieuwe werd getrokken en op die manier bleven een paar oude singles als “Juno” en “Oh my God” ‘onhold’, maar een “1814” en “Duquesne’s horse” boden voor die herkenbaarheid die toen de band in de picture bracht …

Festival Dranouter kon alvast terugblikken op drie heerlijk dagen en we zullen die feeërieke omgeving in al zijn vriendelijkheid, bedrijvigheid en diversiteit missen . Tot volgend jaar alvast!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/dranouter-2014/

Organisatie: Festival Dranouter, Dranouter
 

Festival Dranouter 2014 – zaterdag 2 augustus 2014

Geschreven door

Festival Dranouter 2014 – zaterdag 2 augustus 2014

Op de tweede Dranouterdag was er heel wat volk, sfeer  en ambiance . Een volksfeest op het festivalterrein en als je er de programmatie op nahield , evenzeer op het podium , gezien vandaag Urbanus & De Fanfaar, Rocco Granata en de jongere generatie met Flip Kowlier en James Blunt op het appèl stonden.

Inderdaad, Urbanus kon niet beter z’n 40 carrière in de bloemetjes plaatsen op deze 40ste Dranouter . Zijn return kregen we onlangs met de nieuwe cd ‘Wan Troe Tie’ en de prachtsingle “Zetpilcar” (met Isolde) . Een verwevenheid van z’n sketches en natuurlijk z’n songs , van toen wij nog klein waren, werden hier in een ongedwongen , speels, gemeten rock’n’roll jasje gestopt door De Fanfaar . Een sterke begeleidingsband trouwens, die spitsvondigheden, verrassende wendingen, tempowisselingen en wat cabaret stopten in die songs van Urbanus . En dat werkte heel aanstekelijk en werd met de glimlach en handclaps ontvangen .
Urbanus entertainde z’n publiek en werd één van de surprises van de dag. Deze comedian heeft de tand des tijds doorstaan . Die pak hits als “Quand les zoiseaux chantent”, “Hittentit”, “Kodazuur”, “Als moeder zong” en ga zo maar door , werden gespeeld. Een knipoog ook naar Natalia , de Ram Jam’s “Black Betty” en Nirvana “Smells like teen spirit” tunes, de wijze waarop de  tekstvellen van “Plastic” werden gebracht en  “Je mag naar huis gaan” uitsmijter. Mooi gevonden allemaal! Iedereen was hier wel & tevree …

Een paar jaar terug zagen we Adamo nog , nu was het de beurt aan Rocco Granata. Op z’n 76ste  zal Rocco Granata een streep trekken door z’n rijkelijk gevulde carrière . De film ‘Marina’ biedt nu op dit eind een frisse wending én een breder publiek. De uitgelezen kans om opnieuw een fijne herinnering te koesteren .
Hij was vanavond te zien met een balorkest , backing vocalistes en pianist Michel Bisceglia, de componist van de soundtrack, die de immer sympathiek glimlachende Belgische Italiaan begeleidde.
Toegegeven , niet direct heb ik affiniteit van wat hij in zijn 50 jarige carrière heeft gepresteerd; mijn ouders en grootouders zullen nog meer die swing en romantische, melancholische songs dicht bij de borst vastgehouden hebben .
Onvoorwaardelijk respect is op z’n plaats van wat er hier te beleven viel. We kregen een heel gevarieerde set te horen van “La chittarra” , “l’Amore comincia tu, “Jessica”, “Buono sierra signorina”, “Manuela”, naar het schlagerconcept van “Zomersproetjes” , “Volare” tot “Noordzeestrand” en het volkslied voor elke West-Vlaming, dat luidkeels kon worden meegezongen . Een talenknobbel toch , die Nederlands, Italiaans en zelfs Duits door elkaar vermengt . Een warme , zomerse, zuiderse sound , die nog meer elan kreeg door de ondergaande zon aan de glooiende heuvels van Dranouter . Jan De Smet zette de accordeon nog wat glans bij en ook de ‘Italian Blues’, zoals Toots Thielemans omschreef over Rocco, sijpelde af en toe door . “Marina” werd het kroonstuk van het sterk gevulde oeuvre van deze zanger/componist die door de jaren  ook zijn plaatsje terecht heeft verdiend op de affiche van Dranouter.

Wie ook niet moest onderdoen qua gezegende leeftijd was Richard Thompson . 65 is hij intussen . De Britse troubadour/folklegende is een graag gezien gast en kon dus niet ontbreken op deze feesteditie. De begenadigde singer/songschrijver en getalenteerd gitarist, zorgde bij de enige echte plensbui van de avond , voor een intens beklijvende set. Ohja,  steeds te zien met baret en gitaar, bepaalt hij samen met een Billy Bragg en Tom Robinson het unieke songwriterschap van rebelse, maatschappijkritische songs, die ontdaan zijn van enige franjes, en doorleefd, spannend en emotievol klinken door het intens meesterlijke gitaarspel en -getokkel. Met nummers als “Good things happen to bad people”, “Saving the good stuf for you”, “Valerie” en “The ghost of you walks” scherpte hij de aandacht  , maar het waren  o.m. “I misunderstood”, “Feel so good “ en “1952 Vincent Black Lightning” uit ‘Rumour & Sigh’ van ’91 , drie classics te koesteren in zijn rijkelijk gevulde oeuvre , die hier op de meeste herkenning en respons konden rekenen . Sjeik wat deze doorwinterde folkie sing/songwriter nog steeds weet te presteren …

De jongere generatie kwam tussenin aan bod met een Flip Kowlier . Ook hij kon niet ontbreken  . De Gentse West-Vlaming slaagde er op zijn manier het publiek naar zijn hand te zetten . Heel wat leuke tunes in zijn sing/songwriting ‘mishmash’, die aangenaam, leuk , ontspannend , oppeppend, maar ook bittere ernst kon zijn; vreugde en tristesse liggen dicht bij elkaar , ze worden met de glimlach ontvangen en geven net dat tikkeltje meer door z’n “Zie je ’t ne bikkn zittn” . Samen met vaste partners Lazy Horse en Peter Lesage loodst hij ons door een pak songs heen als “Mo Ba Nin”, “Bjistje In Min Uoft”, “In de fik”,  het rockende “De grotste lul van ’t Stadt” tot de luilekkere skareggae van zijn laatste werk ,“Detox Danny” en “Zwembad”. Het samenhorigheidsgevoel werd nog onderstreept met de classics “Welgemeende” en het onvermijdelijke dronkemanslied “Min Moaten” met swingpartijtjes en handjes in de lucht …

James Blunt  was de knuffelbeer voor het jonge volkje . Zijn succes mag dan misschien al een kleine vijf jaar terug zijn , nog steeds wordt hij op handen gedragen . We kregen een reeks melige, stroperige popsongs te horen , die ergens een MNM of Q Music doen opborrelen, maar niet vies waren van een stevig randje . Hij brengt ergens ‘70’s Elton John, Chris de Burgh, Leo Sayer en Gilbert O’Sullivan samen.
Ook hij entertaint zijn publiek , wil de band tussen hemzelf en het publiek zo klein mogelijk maken, laat hen mee neuriën en zocht het contact op door zich in het publiek te laten rollen. Het hoort er allemaal bij en geeft dynamiek .
Hij trakteerde ons op een knus avondje waar emotie en gevoeligheid zich opdringen én ruimte bood in maatschappijkritiek, wat we zagen in de projecties. 
Muzikaal staat de akoestische gitaar, de piano en Blunts emotievolle warme stem centraal . Hij is een publiekslover , zoveel was zeker, met nummers als hartenbrekers “Goodbye my lover”, “You’re beautiful” en “So long Jimmy”, evenzeer  boeide hij met compacte songs als “So far gone”, “High” , “Carry you home”, “Postcards” en “Bonfire heart”.

Verder stonden we stil bij beginnend talent van Barefoot & The Shoes die nog onlangs de Jonge Wolven prijs in Gent kaapten , en dus veel in huis hebben . Groot potentieel, gezien hun songs een broeierige intensiteit hebben, en houden van melodie en avontuur; door de toevoeging van keys hebben ze zelfs een ondraaglijke spanning . Sterk. In het oog te houden , die gasten!
Iets verder hadden we de Finse Kardemimmit. Hun heldere, indringende stemmen staan tegenover een traditioneel klassiek instrumentarium en leveren pakkende , dromerige , zwierige songs op in een gepaste intieme setting.

Voor wie Novastar nog intenser wou beleven , kon  vanavond Joost Zweegers solo zien op akoestische gitaar en piano. Natuurlijk kon je niet omheen de classics van gisteren , maar de wijze waarop hij ze speelt , brengt de nodige emoties los en blijft een unieke beleving. Ook Pascal Deweze kwam erbij , De Beatles cover “Don’t let me down” kreeg een rauw extravert tintje en de huidige single “Light up my life” klonk door de acapella’s en de handclaps gevoelig en aangrijpend. Die Joost Zweegers - Groots talent!

Tot slot kon er ook in de clubstage gefeest worden , de  Antwerp Gipsy Ska Band brachten ons zaterdagavondgevoel op dreef, door aanstekelijke uptempo grooves . Blazers, keys en de zangpartijen gaven net dat extra tikkeltje swing en opwinding. Het sextet straalt heel wat uit op het podium, wat moeiteloos naar het publiek werd overgezet!

Volksfeest dus op deze tweede dag - Knap!

Organisatie: Festival Dranouter, Dranouter  

Festival Dranouter 2014 – vrijdag 1 augustus 2014

Geschreven door

Feest in Dranouter , want ze hebben één van die pittoreske festivals die we maar al te graag koesteren , de 40ste editie trouwens . In juni vierden ze het nog waar het ooit begon, aan ’t Klein Koerke, om nu al dag en dauw gehuisvest te zijn op een groot terrein in de Koudekotstraat.

Het festival staat voor een groen, gezinsvriendelijk en gemoedelijk driedaags muziekfeest en straalt een gezellige ambiance en een erg warme, amicale , rustige sfeer uit. Naast de gevarieerde programmatie zoekt en staat de organisatie voor nieuwe milieu uitdagingen en een sfeervolle terreinaankleding, die jong en oud , jonge gezinnen met kinderen en de rasechte muziekliefhebber aanspreken .

Het festival is door de jaren geëvolueerd. Ze voegden een ‘baseline’ toe , ‘Festival of new traditions’, met het accent op de hedendaagse traditie. Het woord ‘folk’ verdween, blijft invoelbaar en kreeg een bredere perspectief onder ‘roots’, met aandacht voor de traditie . Een fijne selectie van internationale en Belgische acts , afgewerkt met te ontdekken bands over de verschillende stages. Op die manier blijft Festival Dranouter toonaangevend. 
De kleinere podia tekenden voor een geslaagde intimiteit; de Folk-Off stage, die vorig jaar nieuw was , kon opnieuw rekenen op voldoende bijval. Jonge wolven krijgen de kans zich te onderscheiden in de folkwereld. Ook de Nekka stage, met het Nederlandse lied staat verdiend in de spotlight ...
Zeg dus niet dat het hier in Dranouter niet beweegt …

De 40ste editie was opnieuw een voltreffer met 60000 bezoekers over de drie dagen . De weergoden waren het festival gunstig gezind. De organisatie kan tevreden terugblikken .
Een editie van sterke live acts, waarvan de mix werd gesmaakt: de sing-songwriting op vrijdag , een volksfeest op zaterdag en een zondagse twinkelende, kleurrijke matinée …

vrijdag 1 augustus 2014 – dag 1
Op de eerste volwaardige festivaldag kwam alles rustig op gang om dan ‘s avonds een piek te ervaren bij Billy Bragg , Novastar , Delrue en Eriksson Delcroix . 

Een greep van ons parcours
Billy Bragg is één van de Britse sing/songwriters die ons overdondert en overspoelt met z’n maatschappijkritische blik. Nog steeds even vurig en rebels krijgen we z’n ‘politic statements of citycism to make a better world’ te horen . Respect voor wat hij staat , die de veertig plusser kan raken , maar waar de jongere wat over zich laat gaan.
De 57 jarige bard brengt nog steeds platen  uit, was hier met band te zien, en plaatst zijn materiaal met de jaren meer in de folkamericana. Naast een sfeervolle start van o.m. “No one knows nothing anymore” zijn het de oudjes  die samen met enkele Woodie Guthrie covers uit de ‘Mermaid Avenue’ (“I ain’t got no home”, “All these fascists are bound to me” en “California stars”) muzikaal de meeste respons opleverden: “Sexuality”, “Greetings to the new brunette”, “Waiting for the great leap forward”  en “New England” overtuigden  door dat vleugje extravertie en rauw randje .

Op het podium stond het met grote letters, ‘Risquons tout ‘, de soloplaat  van Klaas Delrue, die eventjes z’n Yevgueni ‘onhold’ heeft geplaatst om zich in het Frans te wagen . Die Franstalige wortels zijn hem niet vreemd , gezien hij van het grensgebied afkomstig is. In het materiaal treedt hij als chansonnier in de voetsporen van Brel , Arno, Daan , Axelle Red en komen ook verder Zita Swoon en dEUS in de buurt. Zijn liefde voor Gainsbourg, Dutronc, Aznavour , Noir désir en vooral Renaud en Georges Brassens is groot .
Inderdaad , een erg gevarieerde set kregen we, van ingenomen dromerige tot meer broeierige uptempo’s en zwierige songs , wat een aandachtig luisterend publiek opleverde. Puike prestatie! 

Eriksson Delcroix - Partners en een Muzikaal duo , die  nu hun eerste echte soloplaat uithebben en te situeren zijn binnen de noemer van de rootscountryfolk . Ze waren met een uitgebreid combo en brengen The Broken Circle Breakdown, Emmylou Harris en Howe Gelb samen op één podium. Hier hadden we klasse door de enorme afwisseling in stijlen , hun  gretigheid en hun dynamiek op de stage.
Een huppelende en ingenomen ritmiek , maar ook mystiek en een soundtrack gevoel sluimerden door. Door hen mag het countrystof terecht nog wat meer opwaaien. Check die najaarstournee …

Het is Novastar die vanavond de hoofdvogel  is . Joost Zweegers is en blijft een podiumbeest, die z’n songs live een extra push geeft en dat wordt enorm gewaardeerd . Eerst kregen we duidelijk het nieuwe materiaal van de vierde ‘Inside outside ‘, die een 60s/70s sfeertje ademen en geleest zijn op een traditionele instrumentarium en op z’n akoestische slaggitaar, die hij in allerlei standen omgordt en speelt.
De 43 jarige sympathieke artiest geeft door z’n hyperkinetische gretigheid kleur aan het materiaal. “Light up my life”, “Tumulus man” en “Closer to me” zijn kleppers van de nieuwe plaat , die ergens aan een World Party doen denken.
De herkenbare Novastar krijgen we iets verderop te horen waarbij het pianospel en z’n stem meer op het voorplan treden , of het nu ingetogen, gevoelig of iets opbouwender,  extraverter is . “When the lights go down on the broken hearted” leidde het al in , die songs op z’n piano zijn tijdloos, “Lost & blown  away”, “Just because” en “Wrong”; solo palmden “The best is yet to come” en “Never back down” het publiek in . Hij betrekt er hen graag bij , laat hen meeneuriën , tokkelt, klopt op de desk van z’n piano en hitst hen op als een Jerry Lee Lewis op z’n piano.  Oorstrelende pop , die finesse, emotie en rauwheid in elkaar doen verweven en door de dynamiek nog beter zijn …

Dag 1 stond duidelijk in het teken van sing-songwriters - we kregen er vanavond nog enkele te horen …
Eerder was er het Eerbetoon, aan Wannes Van De Velde. Hij werd gerespecteerd door een achttal muzikanten onder Jan De Smet. Onze Vlaamse troubadour werd in de bloemetjes gezet op deze veertigste editie . De 100 jaar WO I oorlog borrelde op , en met “De brug van Willebroek” weerklonk hij overal . Hier kwamen diverse generaties liedjesschrijvers tesamen. Een mooie start van de 40ste editie …
 
Met Joey & Slow Pilot kregen we een reeks fijn uitgewerkte poprocksongs. Joey Brocken kwam in de belangstelling in de ‘Beste SingerSongschrijver van Vlaanderen . Jong talent krijgt hier kansen …

De pensioengerechtigde London Wainwright III  mag dan maf , grappig zijn en op het podium komen met z’n sloffers , korte broek , hoog opgetrokken kousen, bermuda hemd en pet op , hij beschikt over tonnen charisma en zorgt solo op akoestische gitaar of op piano voor een reeks oerdegelijke aantrekkelijke, pakkende songs uit z’n uitgebreide catalogue. Als een volleerd doorwinterde rat , weet hij zijn publiek te boeien , te animeren en zijn sentiment en cynisme blijven twee belangrijke kenmerken. “Swimming song”, “Man with a dog in the city”, “Harlan county” , “ Unhappy anniversary” en “Your mother & i” , al ruim 40 jaar oud , zijn high moments. De verwevenheid met z’n ex Kate en z’n ‘sons & daughters’  is groot!

We pikten intussen ook nog iets op van de countryfolk van de Amerikaan Sam Amidon , sober, naakt , puur , innemend, en Hermitage , muziek van eigen kweek, die met hun Nederlandstalige pop de kleine Nekka stage inpalmde met fijnzinnig, subtiel uitgewerkte songs op gitaar , xylo en cello/bas  

Boban & Marko Markovic konden de eerste Dranouterdag besluiten met een feestje . Vader en zoon worden door een brassband, een uitgebreid blazerscombo, accordeonist , drummer begeleid op een reeks Balkan hoempapa songs, die authentiek , leuk, vermakelijk, dansbaar en gevoelig klonken .

Een heerlijke eerste dag Dranouter  

Organisatie: Festival Dranouter, Dranouter  

Channel Zero

Kill all kings

Geschreven door

In 2012 hadden we de return van Channel Zero met ‘Feed ‘em with a brick’, wat op gejuich werd onthaald . Binnen de scene werd de band rond Franky De Smet- Van Damme onze Belgische metaltrots. Bij de come-back was er al een personeelswissel , maar vorig jaar ging de band in een diep dal door het plotse overlijden van hun drummer . De band bleef niet te lang in de rouwmodus en pakte snel de draad op . Met Roy Mayorga nu achter de drumkit brengt het gezelschap lekker ruige, gebalde , cleane songs . Het tempo kan hard , weergaloos zijn (check “Dark passenger”, “Electronic cocaine”, “Duisternis” maar eens)  maar evenzeer zijn er nummers met een gematigde broeierige intensiteit (“Ego”, “Brothers keeper” en “Heart stop”). Een breed uitwaaierend geluid binnen de metal/hardcore , waarbij enkele kopstoten kunnen worden toegediend.

Traumahelikopter

I don’t understand them at all

Geschreven door
Deze Nederlanders  uit Groningen debuteerden vorig jaar met elf garagerockende songs in een nog geen dertig minuten, een heerlijke , snelle (risicoloze) rit en trip .

Op die tweede hebben we nog steeds de twee gitaren en drums . De nummers zijn direct , rauw en helder, maar bereiken nu meer de drie minuten grens en er is wat meer ademruimte . Ze hebben in de uptempo’s een intense broeierige spanning. “Alone” , “Last night I dreamed I killed myself” en “You” zijn kenmerkend , maar verderop komt “No hope” het sterkst uit de verf .
Nederlandse band die we met plezier in het oog houden !

Novastar

Inside Outside

Geschreven door

De sing/songwriter Joost Zweegers , Novastar, neemt steeds  rustig de tijd om z’n songs uit te werken en op plaat te zetten . Zijn songs moeten rijpen en hebben iets spiritueels om zich. Deze keer  deed de inmiddels 43 jarige sympathieke artiest er wel bijna zes jaar over . Zijn albums klinken telkens een beetje anders, en hij kiest praktisch altijd een ander instrument om vanuit te werken: na de gitaar , de bas en de piano is hij weer bij de akoestische slaggitaar beland . Van deze Humo’s Rock Rally winnaar uit 96 volgt de vierde ‘Inside Outside’ ‘Almost banger’ op.
We hebben te maken met een reeks 60s/70s geörienteerde dromerige popsongs , waarbij z’n emotievolle vocals over de nummers zweven . Ze grijpen  terug naar de oude Eagles/Crosby, Stills & Nash/Fleetwood Mac periodes. Ze hebben een weemoedige inslag en klinken nu met een licht americana/country inslag door dit basisinstrumentarium; tekstueel is er naast ‘het gouden hart – gevoel’ de sluimerende vertwijfeling in de liefde.
De singles “Closer to you”,  “Light my my life” zijn heerlijk genietbare songs . Natuurlijk kunnen we niet omheen het kenmerkende piano-/toetsenspel dat we o.m. horen op “So softly” en “Fall down” .
Het materiaal is gelaagd, maar niet meteen instapklaar als vroeger. Hij zorgt er wel steeds voor dat we rustig meegevoerd worden in die dromerige sing/songwriterpop. Verder komen “Kabul” en “Tumulus man” heel sterk uit de verf .
We hebben een Novastar tussen ingetogenheid en extravertie met die subtiele broeierige opbouw, die hun kenmerkende gevoeligheid niet missen!

Jungle

Jungle

Geschreven door

Yep, ook wij zijn gepakt door die onweerstaanbare single “Time”, luchtig, zomers, aanstekelijk en dansbaar. De hype rond dit duo van over het kanaal zou dus enigszins op basis van die ene hit gerechtvaardigd moeten zijn. Maar met uitzondering van het catchy “Busy Earnin’” is de rest al heel wat minder. ’t Is er aan te horen dat dit geen muziek is van vlees en bloed, maar gewoon lauwe disco die geproduceerd is door een batterij laptops en machines, met een paar nichterige stemmetjes daarbovenop. Als dat de nieuwe succesformule is, dan vragen wij ons toch luidop af waarom dansmuziek niet meer mag gemaakt worden met echte instrumenten. Waar zijn de ballen ? Hebben die gasten dan nog nooit van James Brown gehoord ? en Prince ? Waar is de hete funk ?
De enigen die volgens ons op vandaag met behulp ven een resem laptops toch nog spannende en originele dansmuziek maken, die heten Caribou. Hun nieuwe plaat zit er aan te komen, koop die , beste mensen en laat dit gedrocht hier links liggen.
De zoveelste nieuwe revelatie uit de UK is wederom een scheet in een fles. Don’t believe the hype.

Tom Petty

Hypnotic Eye

Geschreven door

De 63 jarige Tom Petty rockt op ‘Hypnotic Eye’ feller dan ooit, het is dan ook één van de beste platen uit zijn lange carrière geworden. Tom Petty en zijn trouwe Heartbreakers opteren hier voor een rauwe back to the roots sound. Niet dat we hier nu plots met een brutale hardrock plaat zitten, het is immers nog steeds vintage Tom Petty, maar dan wel met de inspiratie van eind jaren zeventig.
Er zit een ruig garage kantje aan de gitaren in de up tempo rockers “American Dream Plan B”, “Forgotten Man” en “U Got Me High”. In de meer ingetogen songs is alle ballast overboord gegooid, zo voelen en ruiken wij de ziel van de betreurde JJ Cale in het prachtig stukje eenvoud “Full Grown Boy” en het mooie “Power Drunk”.
Petty zet hier overal overtuigend zijn knapste en vaak ruigste vocals neer en vervalt nergens in zeemzoeterigheid, wat vroeger wel eens het geval kon zijn. Vooral in de gruizige blues “Burnt Out Town” is hij van zijn meest gemene kant te horen. De plaat sluit af met het bijzonder knappe “Shadow People”, zo een typische Americana song die levenslustig door het weidse landschap scheurt.
Hoe ouder Tom Petty wordt, hoe jonger hij klinkt. Jammer dat we dat zelf nooit mogen gaan vaststellen, want Petty laat om onbegrijpelijke redenen Europa altijd links liggen op zijn tournees.

Pagina 571 van 966