logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
The Wolf Banes ...

Main Square Festival 2014 – zondag 6 juli 2014

Main Square Festival 2014 – zondag 6 juli 2014
Main Square Festival 2014
Citadelle d’Arras
Arras
2014-07-06
Elien De Cock en Matthijs Maes

De eerste die op deze laatste dag op de Main Stage verscheen was de Nigeriaan Keziah Jones. Deze ondertussen in New York wonende artiest brengt jazzy funk, maar ook soul- en blues invloeden zijn niet ver te zoeken. De omstandigheden zijn helaas allesbehalve optimaal om van Keziahs optreden te kunnen genieten. De regen valt met bakken uit de lucht, het plein is amper half gevuld en ook bij de klank lijkt het alsof de helft van de instrumenten aan herstelling toe is. Misschien zitten we ergens met een kortsluiting door de regen? Jones en zijn uitgebreide begeleidingsband doen er nochtans alles aan om wat sfeer te brengen onder de paraplu's. Met een nummer als 'Pass the joint' doen ze een goeie poging om het publiek in beweging te krijgen, maar de joint dooft al snel uit en dit op zich wel goed optreden valt jammer genoeg in het water.

Wat daarentegen niet in het water leek te vallen, was het enthousiasme van Nina Nesbitt. Deze Schotse artieste liet kortstondig de regen verdwijnen met haar vrolijke folk-pop. Haar stem en muziek doen veel denken aan de schotse Amy Mcdonald met dat verschil dat de teksten soms minder diepgaand zijn en de muziek vooral vrolijker. Nummers zoals selfie, 18 candles, Stay Out geven duidelijk het jeugdige karakter van de muziek weer. Desalniettemin was het een concert waar je zelf in de regenachtige dag een glimlach mee op je gezicht kreeg. Ook haar cover van Madonna’s Get Into The Groove werd gesmaakt door het publiek en zorgde voor een fijne concert afsluiter.

Rodrigo y Gabriela, dat zijn twee mensen die weten hoe je een stemming moet keren. Zo somber en klam als de sfeer was bij Keziah Jones, zo opwindend en ontvlambaar is het optreden van dit Mexicaans duo. Dit tweetal dat u misschien kent van nummers als 'Hanuman' en 'Tamacun' kan met hun ritmisch en percussief gitaarspel meteen het hele publiek warm krijgen. Al van bij het eerste nummer worden ze met luid gejuich en applaus onthaald. Het enthousiasme waarmee Gabriela op het podium staat werkt enorm aanstekelijk en zelf de regen wordt even wat minder. Rodrigo en Gabriela toveren een ongelofelijke sound uit twee gitaren en in het publiek staat menig open mond vol verbazing te gapen naar wat op het podium gebeurt. Rodrigo doet er nog een schepje bovenop, bespeelt zijn gitaar met een bierflesje en laat het plein ontploffen. Een sterk optreden en voor de festivalgangers de zo nodige moraalboost.

De winnaars van The X-Factor UK hebben meestal één of twee hitjes in eigen land en verdwijnen dan weer in de anonimiteit. Niet zo voor James Arthur, want hier staat hij, voor een afgeladen wei op het podium van de Green Room. Arthur is er met zijn hoofd niet helemaal bij en stelt zich eerst voor als James Blunt, maar corrigeert zichzelf snel. Hij opent met 'Lie down' waar even wat 'No diggity' door verweven zit, gevolgd door 'Emergency', 'Roses' en 'Recovery'. We krijgen een rustige cover van 'Waiting all night' van Rudimental geserveerd en het iets dramatischere 'Suicide'. Het optreden mist toch duidelijk wat de energie en de ziel die je nodig hebt om een massa mee te krijgen, iets wat Allen Stone gisteren bijvoorbeeld wel had, en James Arthur heeft geluk dat hij twee sterke backing-zangeressen mee heeft die het geheel drijvende houden. Het geforceerd naar reacties vragen tijdens 'Supposed' en het vergeten van zijn tekst door een voorbij zwevende condoom tijdens 'Is this love' zorgt voor enkele pijnlijke momentjes. Arthur sluit zijn al bij al ontgoochelende optreden af met twee hitjes, 'You're nobody 'til sombody loves you' en 'Impossible', maar zijn stem heeft duidelijk al afgezien en hij verdwijnt volledig in zijn band.

De Oostenrijkse band Parov Stelar zette zaterdag Werchter in vuur en vlam. Het nieuws sijpelde lustig via de sociale netwerk sites door naar Mainsquare. Het publiek, waaronder mezelf, maakte zich klaar voor een groot feestje. Voor wie Parov Stelar niet kent (schande) krijgt hier kort wat uitleg over de filosofie die achter de band zit. Marcus Füreder richtte de band in de late jaren ’90 op met als doel dansbare muziek te mixen met muziek die het best kan gelinkt worden aan de periode van de jaren ’50. De beats gekruist met sax en trompet tonen zorgt voor een uiterst aanstekelijk en dansbaar geheel. Dat was ook duidelijk te merken aan het publiek. De opbouw van het concert zat strak in elkaar waarbij er ruimte werd gegeven aan elke muzikant om zijn ding te doen. De opzwepende muziek liet het publiek even de regen en de miserie van de dag vergeten. Op de vraag: “was het een even groot feestje als in Werchter?” moeten we antwoorden dat het waarschijnlijk iets minder swingend was. De band op de Main Stage plaatsen in plaats van in een tent was alvast een gewaagde zet. De regen zorgde voor een wat mindere opkomst waardoor niet het hele binnenplein stond te shaken. Deze show krijgt toch nog een dikke 4 sterren.

Tijdens Parov Stelar werd de greenroom zorgvuldig klaargezet voor Girls In Hawaii. U kent ze wel de Belgische band die dankzij Studio Brussel hun doorbraak kenden (min of meer). In tegenstelling tot het explosieve feestje dat nog altijd plaatsvond op de Mainstage openden deze heren eerder traag en ingetogen. Van een echte show was er niet te spreken, op een paar uitschieters na dan waarbij de zanger op de boksen kroop om het publiek wat op te zwepen. Nee wat we te zien krijgen was puur muzikaal talent. Een strakke show waarbij afgewisseld werd tussen snellere en tragere nummers. Het was ook tijdens dit concert dat de zon definitief kwam doorbreken, bedankt daarvoor dus! Girls In Hawaii kon op veel bijval rekenen uit het publiek maar naar ons gevoel zouden ze beter passen in een tent of concertzaal. De intimiteit die hun muziek bezit zou hier beter tot zijn recht komen. Nu ging de prachtige samenzang al eens verloren door de grootsheid van de weide en het podium.

De mannen van Détroit (op z'n Frans uitgesproken) hebben allen al een voorgeschiedenis in andere bands zoals Noir Désir en Wovenhand, maar nemen nu met deze band een frisse start. Détroit speelt in eigen land dus voor eigen publiek en dat is te merken aan de opkomst en de reactie bij het publiek. Détroit brengt denderende rockmuziek, zowel in het Frans als het Engels. Iets wat de vijfkoppige band meteen onderlijnt met het verzoek 'laisse-moi le rock & roll' in het stevige 'Ma Muse'. Het Engelstalige 'Lazy' wordt lang uitgesponnen, zanger Bertrand Cantat speelt er ook even een streepje mondharmonica doorheen en ook het publiek krijg even een zangsolo. De nummers kennen naar Franse traditie een formule van een half gesproken vers, een refrein waarin een kernzin of een vrouwennaam geschreeuwd wordt, gevolgd door lange instrumentale tussenstukken. Détroit speelt nog knappe nummer zoals 'Null & Void' en 'Sa majesté' en sluiten voor een wild enthousiast publiek af met 'Tostaky'.

De voorlaatste band in de Green Room trok alvast belachelijk veel volk. London Grammar gekend van het nummer ‘Strong’ opende rustig waarbij Hannah Reid het publiek verbaasde met haar zang kwaliteiten. De zangeres toonde dat ze een heel klankenpalet kon bereiken met haar stem. Spijtig genoeg was dit niet wat de meesten in het publiek verwacht hadden bij dit optreden. De dromerige sferische muziek kon niet iedereen in het publiek beroeren waardoor men, tot onze grote ergernis, al snel aan het praten sloegen. Het duurde dan ook niet lang voor de weide leegliep. Of dit louter met de muziek te maken heeft of met de programmatie van de Franse band –M-, laten we in het midden. En toch bleven we staan, de vaak ontroerende muziek raakte de juiste snaar waardoor ik meegezogen werd in het concert. De prachtige cover ‘Nightcall’ was de kers op de taart van dit concert spijtig genoeg misten veel mensen dit magische moment. Was het publiek niet klaar voor deze band? Of was de band misschien nog niet klaar om zo laat op de affiche geplaatst te worden?

Eenmaal London Grammar gedaan was repten we ons naar de andere kant van het plein waar Mathieu Chedid beter gekend onder het pseudoniem -M- (of aime) zijn gewag maakte. Dat Chedid geen belletje doet rinkelen is gemakkelijk te verklaren. Het gaat hier immers om één van Frankrijks grootste rock artiesten. U zoekt op youtube best onder Chedid want –M- levert niets op. Soit het concert, om in één woord samen te vatten: fenomenaal. Wat een artiest! De show was één groot spektakel zowel zijn eigen kostuum met een M bril waarin ook led verlichting verstopt zat, tot de muzikanten waarmee hij werkte. Het was af! Chedid heeft wat trekken weg van Elvis in zijn jonge jaren en zijn gitaarstijl ontleent zich aan Jimi Hendrix, zeker wanneer hij met zijn tanden begint te spelen. Je leest het waarschijnlijk al, ik ben fan geworden. Wie zou dit niet worden? De weide stond in vuur en vlam, hij moest niet eens moeite doen om het publiek te bespelen. De Fransen hingen aan zijn lippen en wij? Wij stonden er bij, keken er naar en hoopten stiekem dat we wat nummers zouden kennen. Geen nood dacht Chedid, Mainsquare trekt ook veel Belgen om ons te plezieren smeet hij er een medley met een aantal covers doorheen. Eruption van Van Halen, Seven Nation Army, Can’t stop this, AC/DC, … Voor mij persoonlijk één van de beste ontdekkingen op dit festival, nu nog hopen dat hij in België ook de show komt stelen!

Het laatste optreden in de Green Room van deze editie van Mainsquare is voor een Nederlander. Lodewijk Fluttert, beter gekend als Bakermat, mag aantreden voor wat ondertussen bekend staat als de grootste modderpoel van Noord-Frankrijk. De Nederlander heeft gelukkig alles in huis om ons te doen vergeten dat we tot aan onze enkels in het slijk staan. De Gerry Rafferty van de dj's slaagt er met zijn stevige beats, leuke pianolijntjes, samples en vooral met een sexy swingende saxofoon (live) zeker in om iedereen aan het dansen te krijgen. Zijn remix van Spadas 'Feels like home' geeft meteen aan dat hij zich hier op z'n plek voelt. Dat het bij Bakermat meer van hetzelfde is lijkt het publiek niet te deren en met remixes van onder andere Florence & the Machine en 'Other side' van The Red Hot Chili Peppers houdt hij ze op de palm van z'n hand. 'Vandaag/One Day' waarin de speech van Martin Luther King en de Hope-speech van Obama verwerkt zitten, sluit de set subliem af.

Het laatste woord laten de Fransen, zoals het hoort, aan één van de hunnen. Top dj David Guetta mag de kers op de taart komen zetten. Een dj blijft natuurlijk maar een man achter een tafeltje, dus werden er kosten noch moeite gespaard om van dit laatste optreden toch een heuse show te maken. Vanuit de hoogte, omgeven door een spectaculaire futuristische lichtshow, steekt Guetta zijn dance-preek af. '#Selfie' en 'Tsunami' worden door het mengpaneel geslingerd, maar ook eigen nummer zoals 'When love takes over', 'Love is gone' en 'Sexy bitch' mogen niet ontbreken. Confetti wordt over het hele plein geblazen, terwijl rookmachines, vlammenwerpers en vuurwerk het podium doen oplichten. 'Mainsquare fait du bruit!' roept Guetta luid, een vraag waarop hij snel antwoord krijgt. Hoewel hij eigenlijk maar een uur en een kwartier moest spelen, lijkt de dj zich zo hard te amuseren dat hij van geen stoppen wil weten. Rihanna's 'Right now' en een remix van 'Let her go' van Passenger knalt nog door de boxen en na het spelen van zijn hit 'Titanium' die hij samen met Sia maakte, denkt Guetta dan toch aan afronden. 'Arras, je vous aime!' roept hij voor de zoveelste keer, maar na het half uur extra dat we net kregen geloven we hem wel. Arras, wij hebben ook van u gehouden, maar nu is het echt afgelopen. Tot volgend jaar!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/main-square-festival-2014/
Organisatie: Main Square Festival+ Live Nation France   

Main Square Festival 2014 – zaterdag 5 juli 2014

Geschreven door

Main Square Festival 2014 – zaterdag 5 juli 2014
Main Square Festival 2014
Citadelle d’Arras
Arras
2014-07-05
Matthijs Maes

Na een met zon overladen metal-dag en een wisselvallige vrijdag, gaf de regenloze voormiddag op zaterdag ons de hoop dat we het vandaag enigszins droog zouden kunnen houden. We starten onze festivaldag met Yodelice, de artiestennaam van Fransman Maxim Nucci. Deze singer-songwriter, herkenbaar aan de omgekeerde driehoek onder z'n linkeroog, brengt rock met folkinvloeden, bluesgitaren en een sound die aan de Kaiser Chiefs en Franz Ferdinand doet denken. Yodelice opent  hun set met een daverende bas die iedereen meteen wakker schudt. Deze fransman zingt in het Engels en wanneer hij het nummer 'Time' brengt, blijkt dit helaas ook de time te zijn voor de regen om weer van zich te laten horen. Yodelice rockt onverstoord verder met 'Sunday with a flu', zijn doorbraaksingle, die naar eigen zeggen zijn leven veranderde. Ongeacht hun Franse nationaliteit doet Yodelice bij nummers zoals 'Fade away' en 'Square eyes' heel erg Britpop aan. Nucci zegt te willen afsluiten met wat extra geluid van de blazers en met een Ennio Morricone-waardig westerndeuntje komt een einde aan dit fijne optreden.

Aan de Green Room kunnen we vervolgens terecht voor het schattigste optreden van dit festival. Alec Benjamin vierde nog niet zo heel lang geleden zijn 20e verjaardag en speelt hier zijn allereerste festival. Het is daarbovenop ook nog eens zijn eerste keer in Frankrijk en daar is Benjamin duidelijk heel enthousiast over. Dat er bijna niemand voor het podium staat interesseert hem duidelijk weinig en als een grote puber die zijn geluk niet kan geloven begint hij met de nodige fucks, shits en dopes aan zijn optreden. Knullig start hij met 'Collins house', een lied 'about my mate Collins house'. Zijn autotunestemmetje en z'n belletjespop doen ons aan Owl City denken, maar op andere momenten is het net Jasper Erkens die door de boxen klinkt. Alec houdt het publiek zeker geamuseerd, onder andere met het blik cola en half pakje kauwgom die het publiek kan winnen en de onvermijdelijk selfies voor z'n mama en z'n vrienden. Mainsquare is misschien nog iets te groot voor hem, maar met vrolijke liedjes zoals 'End of the summer', 'Brain song', '18' en '1994' en een grote dosis beginners-charme zorgt hij toch voor een genietbaar en amusant optreden.

De door de zon gebleekte haren van de Australiërs van The John Butler Trio doen al vermoeden dat deze mannen niet vertrouwd zijn met het gure Franse weer. Wat doen ze dan? Meteen een tokkelende banjo erbij halen en een feestje bouwen. Met nummers als 'Better than' en 'Blame it on me' brengen ze een geslaagde mix van rock, county en blues. 'I don't feel the need for unnecessary chit chat' liet Butler duidelijk weten en net als op Couleur Café brengt het trio in de eerste helft het stevigere werk. Wij waren aan het wachten op het instrumentale 'Ocean' dat ook hier weer inslaat als een bom en het publiek helemaal wild maakt. De tweede helft van het optreden is ietsje luchtiger, met nummers als 'Zebra' en 'Livin' in the city' waarbij het publiek lekker kan meezingen.

Terwijl Arsenal voor de Green Room de Belgische driekleur staat te verdedigen, blijven wij aan de Main Stage staan voor MGMT. We hadden uitgekeken naar deze band die enkele jaren geleden toch enkele fijne oorwurmen produceerde, maar onze verwachtingen worden allesbehalve ingelost. De zes New Yorkers die bekend staan voor hun psychedelische rock op een bedje van electro, openen met een zeer zwak eerste nummer, dat ze meteen daarna proberen goedmaken met hun hit 'Time to pretend' die al even hard teleurstelt. Het hele optreden is zeer statisch en het complete gebrek aan energie wekt de indruk dat deze jongens hier tegen hun zin staan. De hitjes 'Electric feel' en 'Kids' leveren de beste momenten op, maar de rest van het optreden krijgen we een soort trage zweverige sixties folk. Het lijkt wel Fleet Foxes met een depressie.

Nog een geluk dat we daarna een jong talent te zien krijgen die ons het schamele voorgaande optreden en de losgebarsten wolkbreuk kan doen vergeten. Allen Stone ziet er misschien uit als een  Brits theedametje, maar hij brengt soul waar Stevie Wonder en Marvin Gaye u tegen zouden zeggen. Met nummers als 'Voodoo' en 'Million' brengt Stone een sound die lijkt op wat Jamie Lidell enkele jaren geleden bracht. Een geslaagde cover van 'Is this love' van Bob Marley mag er ook zeker wezen en wanneer Stone 'Great future, the future is great' zingt haalt hij ons de woorden uit de mond, want we zijn er zeker van dat deze jongen nog veel moois te wachten staat. Ondanks de gietende regen zingt hij 'Celebrate tonight' en dat is dan ook exact wat het publiek doet. Stone brengt nog een goeie cover van Chaka Kahns 'Tell me something good', maar wij konden hem al lang vertellen dat we dit één van de betere optredens vonden die we dit weekend te zien kregen.

Dat de Rode Duivels deze avond niet voorbij Argentinië zijn geraakt, hebt u ondertussen wellicht al wel vernomen. De massaal aanwezige Belgische supporters op het Mainsquare festival kunnen dus best wel wat troost gebruiken en de ideale muziek daarvoor wordt aangeleverd door Jack Johnson. Met 'If I had eyes' en 'Bubble toes' brengt Johnson een beetje troost en zelfs een straaltje zonneschijn. Johnson heeft een pianist, drummer en bassist meegenomen, maar zijn muzikanten tonen al gauw dat ze over meerdere talenten beschikken, want de pianist neemt even de lead vocal over en verscheidene instrumenten zoals een djembe, een accordeon en een melodion worden aangerukt. Tegen een achterwand van grote houten planken, die het optreden trouwens een warm en intiem gevoel geven, zingt Jack Johnson 'Breakdown' en 'Better Together' van zijn album 'In between dreams'. Tijdens 'Banana pancakes' waagt hij zich zelfs aan een paar regels in het Frans, terwijl zeepbellen en opgeblazen condooms vrolijk boven het publiek dansen. Johnson zingt dus veel van zijn oude nummers, maar met 'Shot reverse shot' en 'I got you' krijgen we ook enkele fijne nummer van zijn nieuwe album, 'From here to now to you' te horen. Tijdens 'Whole lotta love' worden we nog op een rap van de bassist getrakteerd en met 'Good people' wordt dit feel good optreden mooi afgerond.

Op het podium van de Green Room weerklinkt ondertussen een vet Manchesters accent uit de mond van Matthew Healy, zanger van The 1975. Deze kruising van Brian Molko en Skrillex brengt met zijn band psychedelische indie-rock met een melodramatisch présence. Het optreden kent soms mooie samenzang, maar kan ons toch maar matig boeien. Het meeste volk staat ondertussen trouwens al te drummen om nog een goed plekje te bemachtigen voor Stromae. De zalige saxofoon van John Waugh bij 'Heart out' en frontman Healy die de mensen in de special area feliciteert 'for being so special' zorgen nog voor noemenswaardige momentjes tijdens een voor de rest weinig bijzonder optreden.

Het was al de hele dag duidelijk dat bijna elke aanwezige festivalganger hier vandaag was voor één man, onze nationale trots, Stromae. Wie beter om een hart onder de riem te komen steken van alle aanwezige Belgen. Voor een stampvol plein opent het Brusselse wonderkind dan ook met ons WK-lied, 'Ta fête' en de hele mensenmassa kleurt zwart, geel en rood. Samen met zijn band, die gekleed is als Stromae-kopiën met bolhoed, brengt hij 'Bâtard' en 'Peace or violence' en op 'Tous les mêmes' laat hij ons zijn beste dansmoves zien. Stromae brengt meer dan alleen een muziekoptreden; de performances tijdens de nummers zijn kleine stukjes theater en tussen de nummers door richt Stromae zich tot het publiek als een volleerde komiek. Ook van het decor en de belichting wordt knap gebruik gemaakt, zoals bij 'Ave Cesaria' en 'Quand c'est?' waar de kanker waar dit nummer over gaat ons onder de vorm van een akelige grote spin besluipt. Stromae zet even de Fransen op hun plek met 'Moules frites' en maakt hen duidelijk dat ze geen enkele claim op ons nationaal gerecht hebben. Op 'Formidable' doet hij de dronken act die we ook van de videoclip kennen en op het einde van het nummer wordt hij van het podium gedragen. Stromae keert terug met de steun van een heel leger op de tonen van 'Carmen' en de dansschijf 'Humain à l'eau', toepasselijk gevolgd door 'Alors on danse'. Als pop sluit Stromae zijn schitterende optreden af met 'Papaoutai'. Wie vooraf nog geen fan was, is vanavond ongetwijfeld gezwicht voor het dansbare luisterlied van deze Belgische held.

De Foals laten we even links liggen, al klonk de indierock van deze Britten op de achtergrond van onze avondlijke snack zeker niet slecht. De avond sluit af met Duitse techno- en electro-dj Paul Kalkbrenner en de elektropop van Disclosure. Na een lange vermoeiende en natte dag besluiten we om enkel deze eerste nog even mee te pikken. Kalkbrenner speelt een stomende set en voor zij die van dit soort muziek houden, barst het feest los. Kalkbrenner brengt stevige beats met theatrale franjes en heeft een opbouw van z'n nummer die we herkennen van bij Trentemøller. Op onder andere een geslaagde remix van 'Mad world' van Gary Jules dansen we moe maar voldaan de nacht in.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/main-square-festival-2014/
Organisatie: Main Square Festival+ Live Nation France   

Main Square Festival 2014 – vrijdag 4 juli 2014

Main Square Festival 2014 – vrijdag 4 juli 2014
Main Square Festival 2014
Citadelle d’Arras
Arras
2014-07-04
Elien De Cock en Matthijs Maes

De tweede dag van dit magnifieke festival werd ingezet door Desert Pocket Mouse. De band was de winnaar van een soort Rock Rally, gehouden voor de start van het festival. De tweekoppige band kan men in twee woorden samenvatten als jeugdig enthousiasme. Het duo bracht een mengeling van blues, rock en punk wat voor een explosieve mengeling zorgde op het podium. Dit kwam nog meer tot uiting door het podiumgebruik van de zanger, er bleef geen plekje onbezongen/onbesprongen. Een grote schare vrienden en fans stonden alvast voor het podium, de sfeer zat er meteen in. Een waardige opener voor het festival.

We waren alvast opgewarmd voor de komst van de goden in kostuum, Triggerfinger. Dat Ruben Block en consoorten een feestje kunnen bouwen weet ondertussen iedereen wel. Ze hadden dus hoge verwachtingen om in te lossen. De set werd strak geopend met ‘Game’ ook wel het eerste nummer op de nieuwe plaat. Hevig gitaarwerk en snoeiharde drums werden losgelaten op de weide. Het publiek bracht zichzelf moeizaam in beweging en de heupen werden losgeschut. Tussen de nummers door was er genoeg tijd voor improvisatie, vette gitaarsolo’s en uiteraard, het bespelen van het publiek. Het waren niet alleen Belgen die vooraan stonden te springen en te feesten, ook bij onze Franse buren krijgt Triggerfinger steeds meer een naam. Opvallend was het ontbreken van hun populaire covers, gelukkig hadden ze die ook niet nodig om de aandacht van het publiek te  houden.  De show was kort en krachtig. Voor het publiek mocht het feestje alvast wat langer geduurd hebben.

Terwijl de grote massa naar Triggerfinger staat te luisteren, starten de twee jongens van Twenty One Pilots voor een handjevol publiek op het podium van de Green Room. De Amerikanen verschenen gemaskerd op het podium en openden met het MGMT-achtige dansdeuntje van 'Fake you out'. Een jonge groep fans hebben ze duidelijk al en hun toegankelijke en zeer dansbare electro-mix van vlot afgewisselde zang en rap weet al gauw meer volk naar de Green Room te lokken. Het optreden lijkt een voortijdig einde te krijgen wanneer zanger Tyler Joseph op het einde van 'Migraine' eerst zijn drummer en daarna zichzelf door het hoofd schiet met een denkbeeldig geweer en het publiek verweesd achterlaat. Gelukkig herrijzen ze als snel om als skeletten 'Ode to sleep' te brengen. Bij 'House of gold', een lied voor zijn moeder, bokst Joseph met een ukelele op tegen het gedreund dat van het andere podium komt overgewaaid. Het publiek gaat helemaal uit de bol op 'The run and go', zeker wanneer een drumstel op het publiek wordt geplaatst en drummer Josh Dun letterlijk door zijn fans op handen wordt gedragen. Dit zeer geslaagde optreden kent nog een ware apotheose wanneer het hele publiek een buur op de schouders neemt en Tyler Joseph tien meter hoog in de stelling van het podium kruipt. Dit is het soort optreden dat we nog tien keer opnieuw zouden kunnen bekijken.

Dan weer naar de Main Stage voor het meisjesharten brekende Imagine Dragons. Dit viertal uit Las Vegas bracht in 2012 hun eerste album 'Night Visions' uit en brengen indierock/pop die wat doet denken aan The Killers en Bastille. Op een podium vol met trommels in alle vormen en maten opent Imagine Dragons met nummers als 'Fallen', 'Tiptoe' en 'Hear Me'. Het publiek zingt uit volle borst mee met 'It's time', de eerste radiosingle van de band, die ooit in een klein achterkeukentje in Las Vegas werd geschreven. Dat de drums centraal staan tijdens hun optreden mag na de zoveelste drumsolo wel duidelijk wezen, maar dat zorgt daarom niet voor een beter geheel. Met leuk flamenco-geklap wordt 'On top of the world' ingezet, dat wordt gevolg door de meezinger 'Demons'. 'See you next year with album two', besluit zanger Dan Reynolds en met hun grootste hit 'Radioactive' komt een einde aan hun verdienstelijke, maar niet echt memorabele optreden.

Het tot dan voor mij onbekende Bombay Bicycle Club lokte behoorlijk wat volk naar de #greenroom. Het concert was nog maar goed en wel begonnen of de weergoden hadden andere plannen voor dit optreden. De regen kwam met bakken uit de lucht gevallen wat resulteerde in een stroom mensen die drogere oorden zochten. Eenmaal gevonden werd het pijnlijk duidelijk hoe jammer het wel niet was dat we de band niet live konden bezig zien. De rustige indie rock vormde een perfecte soundtrack voor dit regenachtige weer. Doorheen de nummers waren flarden van folk, blues en hinten van elektronische invloeden te horen. Maar ook de perfect evenwichtige samenzang tilden het muzikale geheel naar een hoger niveau en liet ons bijna vergeten dat we met zijn allen onder de bomen schuilden voor de regen. Ik ben alvast naar de winkel gegaan om mij een cd aan te schaffen zodat ik op een regenachtige dag, mij weer tussen die bomen in Arras kan wanen.

Franz Ferdinand kwam op de Main Stage iets doen wat voor Schotten niet zo evident is, de regen doen verdwijnen. In pakken die de kleuren van de hemel weerspiegelen -zwart, wit en grijs- nemen Alex Kapranos en de zijnen meteen een vliegende start met 'Right Action' en 'The dark of the matinée' al is er duidelijk nog ergens een probleem met de klank. De jongens hebben er duidelijk zin in en op de tonen van 'No You Girl', 'Tell her tonight' en 'Do you want to' krijgen onze voeten hun eerste modderbadje. De regen blijft immers nooit lang weg, dus Kapronos besluit om weinig zever te verkopen en gewoon te spelen. Hitjes als 'Walk Away' moeten ons het weer doen vergeten, maar na een dik half uur van hun playlist te hebben afgewerkt, zonder veel contact met het publiek, begint het voor ons toch wat eentonig te worden en ook het plein valt duidelijk stil. 'Can't stop feeling', 'Auf Achse' en 'Michael' brengen nog even wat meer energie, maar het blijft al bij al een vlakke set die gedragen wordt door enkele hitje, zoals 'Take me out', die het plein nog één keer doet ontploffen. Met 'Goodbye lovers & friends' worden we toch wat ontgoocheld uitgezwaaid.

Na Franz Ferdinand snelde ik naar het andere podium om het concert van Anna Calvi bij te wonen. Op het podium stond een krachtige jonge vrouw met vuurrode lippen en wat later zou blijken, een vurige stem. Voor onze ogen ontpopte zich een vocaal sterke zangeres met een krachtige muzikale begeleiding. Doorheen de nummers zocht Calvi verschillende uitersten op. Rustige nummers werden contrastrijk aangevuld met hevige en scheurende gitaarsolo’s. Dit zorgde voor verschillende reacties in het publiek. Zo kon het wel enkelen bekoren maar ook enkelen vonden het niet meteen passen in de nummers. Ook voor mij was het niet echt dat. Het is zeker geen slechte muzikante maar misschien niet echt geschikt voor een festival.

Yoann Lemoine aka Woodkid is in meerdere markten thuis. Hij is grafisch ontwerper, regisseerde videoclips voor onder andere Katy Perry, Taylor Swift en Lana Del Rey, maar vandaag staat hij zelf achter de micro. Met behulp van knap videowerk speelt Woodkid samen met zijn zevenkoppige band in imposante kathedralen of zweeft boven symmetrische bergkammen. De man met volle baard en pet heeft een zangerige warme stem die doet denken aan Antony & the Johnsons en Morrissey. Bij ons nog een onbekende, maar bij onze zuiderburen duidelijk een hit. Woodkid opent met 'Baltimore's fireflies' en speelt daarna onder andere nog 'Ghost lights', 'I love you' dat hij als een les voor alle mannen speelt en besluit zijn goed ontvangen set met 'Iron', de titeltrack van zijn EP en z'n  single 'Run boy run'.

Dan kwam voor de meeste het hoogtepunt van de dag. De Amerikaanse rockgoden betraden het podium. The Black Keys opende sterk met ‘Dead and Gone’ Dan Auerbach en Patrick Carney brachten zoals we nu gewoon zijn sinds hun vorige cd, extra versterking op bas en piano mee. Een mooie lichtshow en hitjes van vorige cd’s zetten de weide in vuur en vlam. Het leek me vreemd dat de band wachtte tot het 9e nummer om een nummer uit de nieuwe cd te spelen. ‘Bullet in the brain’ was gelukkig een schot in de roos voor de fans. De rustige opbouw gemengd met strakke gitaarsolo’s kon weliswaar niet iedereen in het publiek bekoren. Het psychedelische ‘Turn Blue’ behield de rust in de set. Nadien barste het feestje weer los waarbij net voor de bisnummers het publiek nog ‘Fever’ en het alom gekende ‘Lonely Boy’ voorgeschoteld kregen. Het persoonlijke hoogtepunt van de show was toch wel ‘Little Black Submarine’. Het begon zeer ingetogen met Auerbach alleen op gitaar, zelf de pauze voor een gitaarwissel deed niets af aan de explosie die volgde in het nummer. Het was een echt kippenvelmoment! Voor mij was dit DE show van Mainsquare.

Dat Skrillex mijn dada niet is ligt hoofdzakelijk aan het feit dat het geluid dat uit de boxen komt niet altijd overeenstemt met mijn muzieksmaak. Met een klein beetje vooroordelen ging ik dus het concert bijwonen. De show opende alvast spectaculair. Een grote aftelklok en een doek die het podium afschermde moest het publiek alvast opwarmen. Toen de klok op nul sprong had ik op z’n minst ook het vallen van het doek verwacht, helaas begon de muziek en was er bij mij sprake van een kleine anticlimax. Uiteindelijk viel het doek en kregen we Skrillex te zien, ten midden van een straaljager stond zijn draaitafel uitgestald. Het publiek werd wild, en de muziek daverde over ons heen. Oordoppen waren zeker een must, de bassen dreunden in je lijf maar zoals de Fransen zeggen: sur les goûts et les couleurs, on ne discute pas. Objectief gezien was het een goed concert, dit te beoordelen aan het publiek zelf die volledig uit hun dak ging. Persoonlijk mocht er voor mij nog een rock band naast Gesaffelstein gestaan hebben om zo een beter evenwicht in de affiche te creëren.

Op deze tweede dag mocht Gesaffelstein in de Green Room het licht uit doen. Hoewel de naam iets anders doet vermoeden komt deze techno-dj, die eigenlijk Mike Lévy heet, uit Frankrijk. Net zoals Madeon vorig jaar, speelt Lévy van bovenop een witte zuil en laat van daar zijn vernietigende bas een elektronische sounds los op het publiek. De ene keer als een drilhamer die je aan de grond nagelt, de andere keer als een vliegende schotel die je mee de ruimte in trekt. Rokend en keurig in pak staat deze dj epileptisch te keer te gaan achter zijn draaitafel, maar die energie vinden we zeker niet bij de toeschouwers terug. Gesaffelsteins set kent weinig variatie, is eerder soundscape dan dansbaar en het feestje blijft uit. Niet makkelijk als je na Skrillex speelt natuurlijk...

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/main-square-festival-2014/
Organisatie: Main Square Festival+ Live Nation France     

Main Square Festival 2014 – donderdag 3 juli 2014

Geschreven door

Main Square Festival 2014 – donderdag 3 juli 2014
Main Square Festival 2014
Citadelle d’Arras
Arras
2014-07-03
Elien De Cock

Mainsquare festival blaast dit jaar 10 kaarsjes uit en dit moet stevig gevierd worden. Het festival situeert zich in het noorden van Frankrijk in het prachtige stadje Arras en wordt door vele Belgen als het ‘goedkopere Werchter’ bestempelt. En ergens wel terecht, het gaat immers uit van dezelfde organisatie (Live Nation). Bovendien komen er heel veel bands naar Arras die ook op Werchter spelen of omgekeerd. Toch doet het festival zichzelf niet zo groot voor en draagt het opmerkelijk genoeg onder de Fransen een beetje de stempel van ‘familiefestival’, dit te oordelen aan de vele families met kinderen die er rond liepen. Dat het in Frankrijk niet altijd mooi weer is werd pijnlijk duidelijk gedurende het festival, een kleine opmerking naar de organisatie is dan ook terecht. Voor veel festivalgangers was het ontbreken van deftige schuilplaatsen een ware domper op het feest. Ook lijkt het fijner als de programmatie wat meer rekening kan houden met de rock liefhebbers onder het publiek. Elke avond, behalve de donderdagavond dan, werden beide podia afgesloten door dj’s. Het ware fijn geweest moest er telkens een rock band naast een dj gestaan hebben. Dit gezegd zijnde willen we niet langer negatief doen want naast de kleine gebreken was het festival toch weer TOP.

De eerste dag van Main Square Festival begon met vier metalgroepen op de main staige, nl. Ghost, Mastodon, Alice in Chains en Iron Maiden. Ik moet eerlijk toegeven dat het muziekgenre metal voor mij volledig onbekend terrein is, of laat ons nu al zeggen was. Ik werd voor de eerste maal volledig ondergedompeld in deze voor mij nieuwe muziekstijl. Ik noem het dan ook met veel plezier mijn ‘metaldoop’.

Elke goede doop begint dan ook met een ceremonie. Dan was uitgerekend Ghost de perfecte opener voor dit doopsel. De zanger, gehuld in een zwarte pij, leek uit de doden herrezen. Hij dirigeerde de mis als een echte priester, maar droeg zijn verzen op aan de duivel. En hij was niet alleen, de hele wei was samengekomen voor dit grote metalfeest ter ere van Satan. Het leek wel of het publiek hun volgelingen waren met een afgesproken dresscode: zwart, zwarter, zwartst en dan nog liefst een T-shirt van Iron Maiden.  Oeps, we hadden de memo niet ontvangen. Toch kon dit de pret niet bederven.
Ghost opende sterk met strakke ritmes, goede gitaarsolo’s en zangerige lijnen die af en toe iets weghadden van Gregoriaans gezang. Ik had verwacht een hoop geschreeuw te horen, maar dit bleef gelukkig uit. Deze melodische metal kon mij wel bekoren. So far so good.

De volgende band Mastodon, had alvast een volledig andere uitstraling. Hier geen kostuums of andere fantasietjes. Voor ons stonden vier ruige mannen, met weelderige haardossen, baard of snor. Zoals hun uiterlijk al deed vermoeden, hoorde ik niet alleen het typische metalgeluid, maar ook invloeden van rock en andere genres. Staande in het publiek donderde de muziek als een stormram over mij heen. Hard van begin tot einde, waarbij de basdrum met elke kick een stomp in je maag gaf waardoor je niet anders kon dan de muziek volledig te beleven. Een welkome afwisseling, waren de stukken waarin de drummer zelf zong. Deze nummers waren eerder melodisch en zou ik zelfs bijna catchy durven noemen.

Een buitenbeentje deze dag, was misschien wel Alice in Chains. Hoewel je een duidelijke metalinvloed hoort, onderscheiden ze zich toch door hun meer grungeachtige rocksound en mooie melodieën. De openingssong trok alvast mijn aandacht, het geschreeuw en strakke gitaarriffen waren een voltreffer. Als metalleek kon dit concert mij het meeste bekoren. Saai werd het nooit, er waren zelfs flarden psychedelische rock terug te vinden. Toch bleef het publiek tot en met deze band zeer rustig, ze spaarden hun energie voor de afsluiter, de kers op de taart van het grote metalfeest.

En dan was het moment daar, waar de meesten mensen op de weide voor waren gekomen. Iron Maiden . De grote schare fans prikkelde mijn nieuwsgierigheid, de verwachtingen waren hoog.
De band hulde het podium in een waas van mysterie. Alles werd zorgvuldig afgeschermd voor de ogen van het publiek. Het concert opende met een film waarin de verwoestende kracht van de natuur en vooral ijs op een pïedestal werd geplaatst. Dit deed me natuurlijk nog meer verlangen naar een alles omverblazend concert. De eerste noten werden begeleid door een vuur van zee, die  het ijs alvast liet smelten. Vanaf dan werden we meegesleurd in een show van spektakel. Vuur, bewegende poppen, een lichtshow, kostuumwissels en vuurwerk, gingen als een waas aan mij voorbij. De zanger was een kei in het meesleuren van het publiek, hij kon zelfs een aardig woordje Frans. Toch kon het concert mij niet de volle twee uur bekoren. Stiekem hoopte ik op het einde van het concert ook een Iron Maiden t-shirt te willen kopen, helaas, volgende keer beter.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/main-square-festival-2014/
Organisatie: Main Square Festival+ Live Nation France     

Young Fathers

Dead

Geschreven door

Een heel interessant bandje kan Young Fathers wel worden! De band is een West-Afrikaanse – Schotse samenwerking en belevenis; het multi-culturele gezelschap gooit er een mengelmoes van hiphop, soul, electro, indie en psychedelica tegenaan,  in een reeks homogene, consistente songs . De stijlen zijn dus zorgvuldig in elkaar verweven en intrigeren door bezwerende grooves , beats en sampling en worden gedragen door een acrobatie van hun licht galmende zang en zegzangrap .
De nummers klinken rusteloos en zijn uitermate spannend  op die manier . “No way” , “Low”, “Just another bullet” en “Get up” zijn maar een paar knallers van dit excentriek geïnspireerd gezelschap . Check hen alvast , want zij zijn meer dan een toffe ontdekking hoor!

Sisyphus

Sisyphus

Geschreven door

Een heel aparte samenwerking is deze van Sisyphus, draaiende rond drie muzikale hemelbestormers , Sufjan Stevens, ‘Ryan‘ Son Lux en rapper Serengeti . Ze vonden elkaar al eens in 2012 onder de noemer S/S/S en brachten toen een EP uit. We horen een fascinerende kruisbestuiving van oldskool hiphop, triphop, electro, zegzang, raps  en repeterende zanglijnen (hier ergens een Bobby Sichran van een pak jaren terug!)  in gelaagde , subtiele melodieën. De vocals worden gedeeld en geluidskunstenaar/techneut Ryan Lott brengt dit samen in spannende , groovy, lome sounds . Deze drie hebben elkaar duidelijk gevonden en bieden toch wat variatie aan. Check maar eens de wisseling in “Calm it down”, “I won’t be afraid” , “Lion’s share” en het forser klinkende “Alcohol”.

Graspop Metal Meeting 2014 – zondag 29 juni 2014 - Black Sabbath, we gaan jullie missen!

Geschreven door

Graspop Metal Meeting 2014 – zondag 29 juni 2014 - Black Sabbath, we gaan jullie missen!
Graspop Metal Meeting 2014

Na een ganse nacht toch lichtjes te hebben kunnen opwarmen na de regenachtige zaterdag was de afsluitende dag aangebroken. Dit jaar stond ik niet zo vroeg op het terrein en dus de 1e band die mij weer in trance mocht brengen was  Cynic in de Marquee. En hierbij ging ik overduidelijk de mist in, want ik dacht echt dat Cynic brutale death metal voortbracht…niets was minder waar, want dit bleek een progressieve death metal band te zijn. En qua death metal heb ik eerlijk gezegd weinig gehoord, behalve dan toen de drummer opeens enkele riffs uit zijn lichaam perste, maar voor de rest was het meer een mengeling van jazz en progressieve rock dat ik hoorde. Tot op heden weet ik nog altijd niet met welke band ik hen verwisselde, maar feit is dat ik dit optreden weinig kon appreciëren, waarschijnlijk ook omdat ik zware metal had verwacht…

Stilletjes aan keerde ik terug richting hoofdpodium want Black Label Society was aan zet…de gitaarexpert Zakk Wylde kan ik soms smaken, maar het is lekkere rock/metal die gans de weide rustig kan doen ontwaken. Die man kan ongelofelijke riffs uit zijn gitaar toveren en de sound zat heel goed. Goeie nummers waren te horen zoals “Destruction Overdrive”, “Suicide Messiah” en “Stilborn”. De verplichte guitaarsolo van Zakk was uiteraard ook weer van de partij en met zijn vingers toonde hij hoe het moest.

Ziekelijke teksten over amputaties, necrofilie en rottend vlees, dan moesten de mensen een plaatsje reserveren in de Marquee, want daar stond Shirenc plays Pungent Stench geprogrammeerd. En er zit een gans verhaal achter deze band want deze Zwitsers zijn reeds gesplitst in 1995 en 2007 om telkens terug te komen. Sinds 2013 toeren 2 van de 3 originele bandleden opnieuw maar dan onder de naam Shirenc Plays Pungent Stench, uiteraard ook een naamswijziging wegens diverse rechten die niet mogen verbroken worden.
De set bestond enkel uit nummers van hun 4 eerste albums “’For God Your Soul…For Me Your Flesh”, parel “Been Caught Buttering”, “Club Mondo Bizarre (for members only)” en “Masters of Moral – Servants of Sin”! De rauwe death/grind is geen hapklare brok, dus als je geen sterke maag hebt was dit niks voor jou. Voor mij was dit dan een hoogtepunt.

Rap rap richting hoofdpodium 1 ging door mijn hoofd, want old school metal band Anthrax ging eraan beginnen! Met het wegvallen van Megadeth bleef er dit jaar maar 1 band van de BIG 4 over en de toeschouwers zullen het zich niet beklaagd hebben! Metal is voor sommigen een religie en Ian, Benante, Bellon, Donais en zanger Belladonna zijn daar een levend bewijs van. De set werd afgetrapt met “Among the Living” van het gelijknamig album, gevolgd door “Caught in a Mosh” die werkelijk als een bom insloeg, net zoals “Indians”. De mannen stonden stil bij twee artiesten die helaas niet meer onder ons zijn, maar die nog steeds mensen op gebied van metal inspireren. Een grote foto van zowel Dio en Dimebag werden geposteerd op het podium en de duivelshoorns gingen in de lucht als hulde aan deze metal pioniers. Naar mijn gedacht konden daar nog enkele foto’s extra aan bijgezet worden, maar blijkbaar waren dit 2 mannen die hen nauw aan het hart lagen. Kippenvel moment dus! Het feestje was nog niet ten einde want “I Am the Law” en de obligatoire cover “Anti-Social” van Trust en deze van AC/DC getiteld “T.N.T.” sloten deze geweldige show af! Hoedje af voor deze mannen.

Op hoofdpodium 2 waren de metalcore fans klaar om het stof te doen opwaaien want Bring Me the Horizon was paraat. De stomende metalcore raakte iedereens kleren en de moshpits, circle pits en uiteraard de wall(s) of death werden ingezet. Denk dan maar vooral aan nummers als “The House of Wolfs”, “Chelsea Smile” en opener “Can You Feel My Heart” waarmee deze Engelsen je naar de strot grepen. Lekker opzwepende prestatie hoor.

De volledige set heb ik niet meegemaakt, want het grote vraagteken onder de bands was bezig met soundchecken in de Marquee. Ik heb het over Death (DTA), de laat maar zeggen coverband van de death metal legende genaamd Death waarbij de reeds gestorven Chuck Schuldiner boegbeeld was. Oké, Death zonder Chuck, wat zou dat geven…en tot wat ik al op voorhand tegen verschillende mensen had gezegd, ze hebben mij met verstomming geslagen! Wat een goeie prestatie van deze Amerikanen. De nummers waren allemaal klassiekers in de oren van de vele fans zoals “Flattening of Emotions”, “Leprosy” gevolgd door “Left to Die”, “Suicide Machine”, “Spiritual Healing” en “Crystal Mountain”. Iedereen heeft zijn favorieten en voor mij waren dat zonder twijfel: “Spirit Crusher”, “Zombie Ritual” en het machtige “Pull the Plug” waar de riff in je hoofd blijft spartelen ettelijke dagen na het aanhoren ervan! Straffe set die mijn appreciatie meer dan terecht verdiende!

Voor Mainstage 2 stond het al volgepropt met fans van de metal/hardcore van Hatebreed. Jamey Jasta en zijn troepen konden moeiteloos het publiek voor zich winnen en de aarde bewoog tot aan het einde van hun set. Een setlist opstellen kunnen zij met de ogen dicht, want hun nummers zijn van de eerste tot de laatste gevuld met de nodige break om iedereen zot te krijgen.
“To the Treshold”, “Last Breath”, “Honor Never Dies”, “As Diehard As they Come”, “Never Let it Die”, “This is Now”, “I Will Be Heard”, “Destroy Everything” en “Everyone Bleeds Now”, ze sloegen allemaal een gat in je trommelvlies!

En ja, een mooie Wall of Death was onvermijdelijk. In de metaldome stonden oudgedienden van Metal Church te pronken dat ze ook present waren tijdens hun ‘Generation Nothing Tour 2014’. De heavy/power/thrash metal van de veteranen klonk lekker uit de boxen en jonger publiek was nauwelijks te spotten in de zaal. Met ook een palmares om u tegen te zeggen waaronder 10 studio albums was ik tevreden met welke nummers ze op de proppen kwamen waaronder “Badlands”, “Beyond the Black” en het nummer met de lekkerste riff uit hun biografie “Metal Church” genaamd. Lekker op het gemak headbangen, daar is niks mis mee mijn gedacht.

De laatste keer zal het vermoedelijk worden, want de leden van Black Sabbath worden er enerzijds niet energieker en jonger op, en anderzijds heeft het noodlot al toegeslagen bij gitarist Iommi, de man waar kanker is vastgesteld. Maar ze lieten het niet aan hun hart komen, en stonden met een glimlach op het podium. Over Black Sabbath moet ik niet veel informatie meer vertellen want ze worden niet voor niets de grootmeesters van het duister genoemd, met boegbeeld Ozzy als ware ‘Prince of Darkness’. Net zoals voorgaande jaren, toen Ozzy zijn opwachting maakte bleef een wrange smaak achter, en opnieuw was het dit jaar niet anders. Gelukkig heeft hij nog zijn speciale stemgeluid, maar toonvast bleef het andermaal niet…Butler & Iomme van hun kant konden pijnlijke slippers nog makkelijk wegmoffelen, maar Ozzy staat nu eenmaal vooraan de bühne. Anderhalf uur duurde hun set en ze was logischerwijs gevuld met pareltjes. Noem ze maar op: “War Pigs”, waarbij klootzakken als Stalin & Hitler mochten poseren op het videoscherm, “Snowblind” die Ozzy schreef als therapie, “Age of Reason” die kan refereren naar het wilde leven van de zanger die hem niet onder de zoden kreeg, “Black Sabbath” zelf met de rustige opbouw om opeens te exploderen in een ware gitaarsound, het aanstekelijke “N.I.B.” en “Iron Man”.
Afsluiten deden ze met meezinger “Paranoid” die de lichten de laatste maal op het publiek richtte om vervolgens de glimlach van Iommi voor altijd in je geheugen te prenten. Het was niet top, maar in vergelijking met de andere headliners kon er toch niemand aan tippen als je je richt op de carrière en successen. Het ga jullie goed mannen, we gaan jullie missen!! Voor sommigen zal dit wel een emotioneel moment zijn, want dit was in mijn ogen een soort afsluiting en tegelijk aankondiging van generatiewissel…*pinkt een traantje weg*

Met het wegvallen van de normale afsluiter Megadeth was er een ‘surprise’ aangekondigd. Ik hoopte op Iron Maiden terwijl anderen al de Rolling Stones zagen afsluiten. Niets was minder waar, want het was een soort van dj-set die aangekondigd werd door Alex Agnew, zanger van Diablo Boulevard die trouwens donderdag tijdens de match van de Rode Duivels bezig was met hun show. Oké, alle mogelijke hits vlogen uit de boxen, verschillende grootheden inzake metal werden gehuldigd, en het vuurwerk werd ontstoken boven de hoofdpodia, maar…maar…ik denk dat de meesten toch liever een echte band hebben als afsluiter zoals voorheen aangekondigd. Ik kan wel begrijpen dat het geen sinecure is om in een korte periode een vervanger te vinden, maar ik denk dat er mogelijkheden genoeg waren.

Soit, Graspop, je blijft het beste festival in mijn ogen, waar ik jaarlijks smachtend naar uitkijk, dus weinig kunnen jullie misdoen. Metal op zijn best, niets meer niets minder! Nog 360 dagen en het is weer van dat
J U bent bedankt!!

Hoogtepunten Graspop dag 3: Death (DTA), Shirenc Plays Pungent Stench, Anthrax

Organisatie: GMM, Dessel  

Graspop Metal Meeting 2014 – zaterdag 28 juni 2014 - Pro-pain, hard tegen hard!

Geschreven door

Graspop Metal Meeting 2014 – zaterdag 28 juni 2014 - Pro-pain, hard tegen hard!
Graspop Metal Meeting 2014

Carach Angren was voor mij de primeur vandaag om 11u30 in de metaldome. De symfonische black metal band uit ons buurland Holland heeft tot op heden vele zieltjes gewonnen waardoor er toch redelijk wat volk stond. Een 40-tal minuten duurde hun optreden en door hun prille carrière konden ze nog maar tappen uit 3 studioalbums waarvan hun debuut Lammendam uit 2008 de beste tot dusver is. Deze muziek is niet voor iedereen weggelegd want ik zag enkelen de zaal uitlopen zodra er een viool aan te pas kwam. Ja, het is nu eenmaal symfonische black metal en dan kan je dit tegenkomen. De duistere sfeer deed opnieuw wat raar op zo’n uur, maar ik kon het redelijk smaken.

Terwijl ik een vettige hamburger binnenspeelde stond Dagoba klaar op mainstage 2 om de grond te doen daveren. Ik had al eens van deze band gehoord, maar verdorie, ik wist niet dat ze zo lekker klonken. Deze Fransmannen spelen groove/industrial metal, maar mij neigde het toch meer naar metalcore. De breaks die in deze muziek terug te vinden zijn deden menigeen zijn hoofd lichtjes headbangen en hun benen wiebelen op het tempo. Leuk optreden en ik zal me toch eens moeten een cd’tje aanschaffen denk ik…

In de Marquee was het de beurt aan Necrophopbic, de black/death band uit Zweden die reeds actief is sinds 1989 en ondertussen al 7 albums hebben ontsproten die telkens goed door de media werden onthaald. Kon niet slecht zijn dacht ik, en op zich was het ook niet slecht, maar de muziek in de Marquee stond enkele decibels te stil om er een goed optreden van te maken. Spijtig, want deze muziek moet luid genoeg staan om lekker vettig te klinken.

De volgende act die op mijn programma stond was de technische death metal band Nile, een ware brute live band! Het 1e dat opviel was het enorme drumstel van George Kollias die de blastbeats en breakdown om je oren smeten. De technische capaciteiten van deze mannen deden het publiek verstommen en als je dan nog nummers als “Sarcophagus”, “Black Seeds of Vengeance”, “Those Whom the Gods Detest” en “Hittite Dung Incantation” brengt dan kan het gewoon niet misgaan! Lekker strakke show.

Na deze brute band was het aan de power metal van Gamma Ray, uiteraard nog steeds met Kai Hansen die nog zanger was in één van de bands die in mijn beginperiode van metal hoge toppen scheerde nl Helloween. De klank was goed, de wil was aanwezig, maar toch miste ik dat beetje extra. Gelukkig hebben ze goeie nummers die mij sommige minpunten door de vingers laten zien zoals “New World Order”, “Master of Confusion” en “Land of the Free”. Maar voor mij was het toch meer genieten wanneer de oude nummers van Helloween op mij werden afgevuurd getiteld “I Want Out” en “Future World”. Leuk nostalgisch optreden die net dat tikkeltje miste spijtig genoeg.

En we gingen opnieuw een band uit één der onze buurlanden bekijken nl Gojira uit Frankrijk. Als je nu aan de meesten vraagt welke band in een stijgende lijn zit in de metal hiërarchie dan zullen een groot deel Gojira met stip aanduiden. Normaliter gingen deze Fransen vroeger het podium beklimmen, maar wegens tijdsproblemen om op het afgesproken uur te spelen, werden ze gewisseld met Gamma Ray. Deze progressieve groove/death metal band kan tegenwoordig vlot overweg met het succes en ze blijven verbazen tijdens hun shows. Verschillende lagen van gitaargeluiden, een meeslepende stem en nummers om van te smullen, je zou voor minder tevreden zijn om deel uit te maken van hun publiek. “Explosia”, “Flying Whales” en “The Heaviest Matter of the Universe” gingen er met andere woorden in als een pita met looksaus! Super show.

Oh wat had ik graag W.A.S.P. en de extravagante zanger Blackie gezien, maar hetzelfde probleem als de dag voordien, een andere vette live band stond op hetzelfde uur geprogrammeerd! Jaja, het was tijd voor Pro-Pain, de beste band op dit moment, althans in mijn ogen. Er stonden al heel wat fans op de voorgrond van de Jupiler Stage en allemaal reeds met schuim op de lippen, dusja, het beloofde hard tegen hard te gaan. Pro-Pain is gewoon buitengewoon en hun shows zijn nog nooit tegengevallen voor mij persoonlijk en vandaag was het niet anders. Gary en co kwamen, zagen, en overwonnen en het volk ging er lekker tegenaan. Een ware hitjescarrousel met o.a. “Foul Taste of Freedom”, “State of Mind”, “Un-American”, “Neocon”, “Deathwish”, “Love/H8”, “Draw Blood”, “Fistful of Hate”, … en wie bekend is met de muziek van deze Amerikanen weet dat een moshpit van 40 minuten onvermijdelijk was! Opnieuw hebben ze mij bevestigd dat ik die-hard fan ben.

Trivium
was ook weer van de partij dit jaar en opnieuw was hun optreden van een hoog niveau. De mengeling van thrash, heavy en metalcore stond pal en trok serieus wat toeschouwers. Ze hebben reeds 6 albums uitgebracht en telkens waren de commentaren van de pers verdeeld, iets wat niet te zien was dus aan de opkomst. Blijkbaar is dit ook zo’n band die je direct moet aanspreken of waar je volledig tegen bent. Soit, ik vond het niet slecht en de nummers “Strife”, “Black”, “Watch the World Burn” en “Anthem (we are the Fire)” werden uitstekend gebracht.

Na hun passage, ik vermoed 2 jaar geleden, mochten Fred Durst en zijn gevolg van Limp Bizkit opnieuw hun kunstjes komen tonen. En jawel, éénmaal gezien en dan mag je verwachten dat er met argusogen gekeken wordt naar hun optreden. En om direct met de deur in huis te vallen, het was een tegenvallende prestatie vergeleken met hun vorige komst. De hitjes stonden op de setlist met onder meer “My Generation”, “Rollin”, “Break Stuff”, “Nookie” en de covers “Faith” en “Behind Blue Eyes”, in feite een regelrechte kopie van vorige keer. Maar om het nog erger te maken scheelde er volgens mij iets aan de microfoon van Fredje en zijn medebandlid zag eruit als een wannabe samoerai ofzo…Hij wou wel de weide meekrijgen, maar dat gaat niet lukken als je de fans op de voorste rij een afdruk van je achterwerk laat zetten door op hen in te duiken…nee, 1 maal was blijkbaar meer dan genoeg.

Afsluiten deden we met de mix van rockabilly en metal van Volbeat…opnieuw zo’n band dat ieder jaar meer en meer succes kent. Spijtig genoeg was het opnieuw massaal aan het regenen maar dat kon de pret voor niemand drukken. Gans het optreden stond de weide vol, genietend van de set die doorspekt was van vuurbommen en  een leuke achtergrond vlag/decor. Aftrappen deden ze met “Doc Holiday” om gewoon constant verder te gaan op hun elan met “Hallelujah Goat”, hits “Sad Man’s Tongue”, “Heaven nor Hell” en “Fallen” die luidkeels werd meegebruld! Dat zanger Poulsen een fan is van Elvis en Johnny Cash mochten we ook weer geweten hebben en met zijn ‘korte’ hulde “Ring of Fire” werd dit opnieuw bewezen. Volbeat zorgde voor een heel warme set, was overduidelijk in zijn element en ze waren zichtbaar tevreden dat zoveel publiek hen stond toe te juichen! Leuke set die graspop dag 2 afsloot.

Hoogtepunten Graspop dag 2: Nile en Gojira en Pro-Pain!

Organisatie: GMM, Dessel   

Graspop Metal Meeting 2014 – vrijdag 27 juni 2014 - Slayer, tonnen respect voor hun set dit jaar!

Geschreven door

Graspop Metal Meeting 2014 – vrijdag 27 juni 2014 - Slayer, tonnen respect voor hun set dit jaar!
Graspop Metal Meeting 2014

Na de winst van de Rode Duivels en een te kleine portie slaap was festivaldag 1 van Graspop Metal Meeting aangebroken. Suicidal Angels was de 1e band die mijn aandacht kon trekken, een band die normaliter niet op de affiche stond, maar door de afzegging van Devil You Know kregen ze toch een plaatsje toegekend in de Metal Dome. De Griekse thrash was een agressieve brok gitaargeweld, drumcombo’s en duurde naar mijn gedacht wat te korte…maar het was alleszins een leuke opener voor mij!

Een goeie 5 minuten later stond de Duitse power metal formatie Primal Fear op mainstage 2…inderdaad, want dit jaar was GMM voorzien van twee hoofdpodia! Met reeds een 12-tal studioalbums in hun carrière hadden ze genoeg materiaal om voor elk wat wils uit de diverse albums te brengen. Denk daarbij aan “Final Embrace”, “When Dead Comes Knocking”, “Angels in Black” en meezinger “Metal is Forever”. Een aangename set, maar helaas ook afgehaspeld op automatische piloot…maar de fans van power metal stonden daar met dikke goesting.

Normaal gezien zou ik nu doorgaan richting Annihilator met Jeff Waters wegens zijn uitstekende gitaarriffs, maar als Napalm Death ongeveer tegelijkertijd optreed, dan moet bijna alles wijken. Oké, grind midden in de middag, ik heb het ooit al anders geweten, maar Barney, Shane, Danny & Mitch trokken zich daar uiteraard geen reet van aan. Opzwepend, brutaal en verdorie rechtdoor, zoals Napalm Death in feite altijd klinkt. Met hun laatste studioalbum die alweer dateert van 2012 getiteld ‘Utilitarian’ sta ik al opnieuw te popelen op nieuw werk, hun laatste EP uit april niet meegerekend uiteraard. Noem de beukers maar op: “Silence is Deafening”, “Suffer the Children”, “On the Brink of Extinction”, het überkorte “You Suffer”, topnummer “Scum” en uiteraard de cover van ‘Dead Kennedy’s’ getiteld “Nazi Punks Fuck Off”…geweldige set die iedereen in de Marquee liet afdruipen met tekort aan zweet hehe. Achteraf kon ik nog een klein stukje meepikken van Annihilator, maar het bleef enkel met het nummer “Phantasmagoria” van het album ‘Never Neverland’.

De zonnestralen waren van de partij want de weergoden waren ons toen nog goed gezind en dus ging ik dichter richting Mainstage 2 om Sepultura aan het werk te zien. De klassiekers, ja, daar heb ik veel kaas van gegeten, waardoor ik helaas minder fan ben van het nieuwere werk van deze thrashers. Maar als je kunt teren op hits als onder andere “Dead Embryonic Cells”, “Inner Self” en het almachtige “Arise”, dan kun je al weinig verkeerd doen, zeker als het dan nog een puik optreden is. Ook “Kairos” van het gelijknamige album, “Convicted in Life” van album Dante XII waren top. En uiteraard mochten geen nummers van “Chaos A.D.” ontbreken dus schalden de toppers “Refuse/Resist” en “Territory” uit de boxen. Het dak ging er nog een laatste keer af met meezinger “Roots Bloody Roots” en zo zat deze lekkere set er helaas alweer op. Damn, wat gaat de tijd veel te rap als je jezelf amuseert
J

De mannen van Steel Panther stonden al te popelen om de weide in vuur en vlam te zetten, maar helaas lukt dat niet bij iedereen. Persoonlijk is dit echt mijn ding niet want de glam metal van deze haardossen klinken mij wat te clean…oké, de teksten gaan over het verwennen van vrouwen, het binnendraaien van vrouwen en natte liefdesgrotten, maar das in mijn ogen dan ook het enigste positieve…tja, smaken verschillen. Navraag leerde mij dat nummers als “17 Girls in a row” en “Party All Day (fuck all Night)” de uitblinkers waren van deze band.

En nu we het toch over vrouwen hadden, boegbeeld Doro Pesch was geprogrammeerd op Mainstage 2 en dat zullen de mannen geweten hebben. Doro is zoals wijn, hoe ouder ze wordt, des te beter ze klinkt (en mss ook smaakt).Heavy/Power metal met een Duits accent, een resem hitjes en dito albums. Haar 1e liefde was de band Warlock, waarvan ze blijkbaar niet meer mocht touren en nummers maken onder deze naam, waardoor ze nu haar eigen naam gekoppeld heeft aan de band. De vuisten gingen reeds de lucht in met het openingsnummer “I Rule the Ruins” gevolgd door “Rock till Death”. De vuisten gingen weliswaar nog hoger toen de tonen van klassieker “Burning the Witches” werden aangevat en 90% van de aanwezigen de teksten van buiten kon, wat uiteraard een tof meezing moment opleverde. Het beste werd gespaard voor de laatste momenten want “Für Immer”, “All We Are” en “Hellbound” deden het publiek nog eens een vreugdedans doen, ook al omdat een uitstekende cover van Judas Priest – “Breaking the Law” ten gehore werd gebracht. Jaja, ook op haar 50e levensjaar kan Doro Pesch nog steeds metal uitstralen!

En we bleven huppelen tussen de twee hoofdpodia, want nu was Slayer aan zet. De voorgaande jaren heb ik telkens gezegd dat Slayer niet past op het hoofdpodium, maar de boel in de fik moet zetten in de Marquee, maar dit jaar kan ik het niet over mijn lippen krijgen. Ik maak altijd een top 3 van bands die ik zie op een festival, en deze Amerikanen zijn dit jaar mijn winnaar. En ze trapten meteen het gaspedaal in met “Hell Awaits” die tevens de hemel deed huilen van geluk. Inderdaad, ook de regen en wind kwam almighty Slayer aanschouwen. Blijkbaar hadden ze wroeging naar hun beginperiode want allemachtig, alle nummers die op de set stonden kwamen uit de jaren 80!
Een kleine bloemlezing: “The Antichrist”, “War Ensemble”, “Seassons in the Abyss”, “Black Magic”, “Mandatory Suicide” en “Necrophiliac”. Van de eerste tot de laatste toppers in het thrashgenre!! En dan moesten nog de krakers “Reigning Blood”, “South of Heaven” en “Angel of Death” hun intrede maken! Ewel Slayer, tonnen respect voor jullie set dit jaar en volgende keer opnieuw van dat!

Door de heuse regenval moest ik toch wat gaan drogen waardoor ik Behemoth helaas niet voor het volle heb gezien. Deze black metal stelde mij nog niet veel teleur dus hoop ik dat de aanwezigen ervan genoten hebben.

Sabaton stond klaar op hoofdpodium 2 terwijl ik nog steeds stond te verkleumen in de vip en spontaan regenjassen en t-shirts aangeboden kreeg (waarschijnlijk ook te maken met het feit dat ik daar shirtloos stond wegens een te doorweekt shirt zoals nog enkele anderen daar)…maar vanop afstand kon ik via de schermen de power metal van deze Zweden redelijk goed zien. Uitzinnig veel volk stond daar vooraan, iets wat ook niet aan mij besteed is, aangezien ik voor deze band hetzelfde gevoel heb als Steel Panther, alleen gebruikten de Zweden wat meer spektakel op het podium aan de hand van steekvlammen die uit de grond stoomden. De fans, veelal jongeren op het eerste zicht, konden de muziek alvast smaken en gingen uit hun dak bij “Ghost Division”, “The Art of War”, “Primo Victoria” en “Swedish Pagans”. Een gemiste kans volgens mij persoonlijk, want Slayer verdiende vandaag de hoofdprijs, maar Sabaton trekt nu eenmaal meer fans. Op naar de volgende dag voor alweer een resem bands.

Hoogtepunten Graspop dag 1:  Napalm Death, Sepultura en Slayer!

Organisatie: GMM, Dessel  

Couleur Café 2014 – zondag 29 juni 2014

Geschreven door

Couleur Café 2014 – zondag 29 juni 2014
Couleur Café 2014

In vergelijking met de voorgaande dagen viel de hoeveelheid regen op deze derde en laatste dag van Couleur Café al bij al nog mee. Een stevige bui kan nog een sfeerschepper zijn op een festival, maar de druilerige lucht die zondag boven Brussel hing zeker niet. Het was dan ook wachten op een artiest die de weergoden zou kunnen bedwingen.

De eerste die dat mocht proberen was traditiegetrouw talent van eigen bodem en hij gaat onder de naam Little Collin. De Brusselaar deed met zijn met jazz en soul doorspekte popdeuntjes een verdienstelijke poging, maar de wolken wilden nog niet wijken.

'Sun is shining', daar heb je een Marley voor nodig. Ky-Mani Marley, nog zo'n zoon van, stond voor een bescheiden, opvallend jonge menigte op het Titan-podium. Geflankeerd door een blonde booty shakende schoonheid, begroette Ky-mani gekleed in combat-vest zijn dreadlock army. Duidelijk meer war dan peace bij deze jongen en in nummers zoals “One time” vlogen de warriors, soldiers en AK's ons om de oren. Waar is de “One Love” van z'n vader gebleven? Die heeft hij blijkbaar voor zijn aankomend album “Love over all” gereserveerd en op de tonen van één van zijn nieuwe nummers brak dan eindelijk de zon door. Een teken van hierboven? Geen idee, maar voor Ky-mani wel het teken om over te schakelen op een reeks covers van de papa. “Iron, lion, zion”, “Is this love” en “Could you be loved” kregen het publiek helemaal op gang en konden de reggaehonger enigszins stillen.

Zij die maar geen genoeg kregen, konden terecht in de Univers-tent waar Protoje de Jamaicaanse vlag bleef zwaaien, maar wij zakten af naar het kleine Move-podium waar een man uit Ghana het mooi weer maakte. Blitz the Ambassador brengt hip-hop, doorspekt met soul en funk en overgoten met een heerlijk Afrikaans sausje. Gekleed in een maatpak uit traditionele Ghanese stof toont hij met trots zijn roots, maar ook zijn bewondering voor zijn grote voorbeelden 2Pac en Public Enemy steekt hij niet onder stoelen of banken. Met zijn in smoking geklede band slaagde deze man er zeker in om samen met het in beperkte getale aanwezige publiek een zomers feestje te bouwen. De matige opkomst blijft trouwens nog de hele dag opvallen, want waar het vorig jaar over koppen lopen was, blijft Tour & Taxis dit jaar grotendeels een lege vlakte.

Ondertussen waren de goedgemutste (letterlijk!) folkrockers van The John Butler Trio van start gegaan op het hoofdpodium. De Australiërs begonnen hun set weinig inspirerend en ondanks het loeiend gitaargeweld dat over het plein rolde kregen ze weinig beweging in het publiek dat na een tijdje zichtbaar uitdunde. Met enkele strakke solo's op gitaar en drum werd het optreden dan toch nog naar een hoger niveau getild en kende uiteindelijk zelfs nog één van de hoogtepunten van de dag toen frontman John Butler alleen op zijn elfsnarige gitaar het magistrale “Ocean”  bracht, een instrumentaal pareltje! Hierna was het publiek weer helemaal mee en met een reggae-getint meezingrondje werd het optreden dan toch met een positief gevoel afgesloten.

Terwijl de Univers warm liep voor de Frans-Congolese rapper Youssoupha haastten wij ons naar het Move-podium voor een optreden dat we niet wilden missen. The Soul Rebels zijn een achtkoppige brassband uit New Orleans die in Brussel vol trots hun stad kwamen vertegenwoordigen. New Orleans + brassband = party en dat was zeker ook deze keer het geval. De trompetten, saxen en trombones zaten er meteen bonk op en kregen de mensen die nu wel massaal aanwezig waren onmiddellijk aan het dansen. Na enkele opwarmers deden the Soul Rebels dan eindelijk waar ze het best in zijn, herwerkingen van bekende nummers. Onder andere Jay-Z, Bruno Mars, The White Stripes en Daft Punk werden onder handen genomen, maar ook “Tom’s Diner” van Suzanne Vega, “Under the bridge” van The Red Hot Chilipeppers en “It's a hard knock life” uit de musical Annie klonken zoals we ze nog nooit eerder hoorden.

Op weg naar Gabriel Rios pikten we nog enkele minuten van Alpha Blondie mee. Deze Afrikaanse reggaegrootheid kon heel wat volk trekken en bood het publiek een aangenaam rustpuntje op deze festivaldag. Ze konden rustig meewiegen en door de knieën zakken op deze klassieke, maar daarom niet minder goede, reggae. Gabriel Rios startte alleen op het podium van de Univers, met een heel ingetogen versie van “Voodoo Chile”, een cover van “Voodoo Child” van Jimi  Hendrix. Tijdens de daaropvolgende nummers werd hij vervoegd door een contrabas, een cello en drie blazers. Rios hield het echter bij eenvoudige, korte, rustig voortkabbelende liedjes die de grote tent niet konden vullen. Veel ging verloren in het rumoer van het publiek en gecombineerd met het zwak verlichte podium leek het aslof we door gefluisterde kinderliedjes in slaap werden gewiegd. Ontgoocheld hielden we het daarom na een half uurtje voor bekeken.

Dan maar gaan kijken wat het voor ons nog onbekende Suarez in de aanbieding had. Het overschakelen van de slaapverwekkende set van Gabriel Rios blijkt meteen een verstandige keuze, want hier klinkt frisse opzwepende lekker dansbare muziek door de speakers. Met een leuke mix van pop, rock en world brengt Suarez het soort muziek en ambiance waarvoor mensen naar dit festival komen. Suarez ontleent zijn naam aan de ontdekkingsreiziger Diego Suarez die Madagascar ontdekte, het land waar de meeste bandleden hun roots hebben. Laat dat u echter niet op het verkeerde been zetten, want deze band is op en top Belgisch! Dat ze in het zuiden van ons land al een stuk bekender zijn blijkt wanneer “L'indécideur'” van hun gelijknamige tweede album volmondig wordt meegezongen. Ook het rockende “Prends-moi” en de geslaagde cover van “Porque Te Vas” van Jeanette kunnen ons bekoren. Een zeer geslaagd en verrassend optreden.

Daarna was het tijd om onze funky boots aan te trekken, want op het hoofdpodium was het grote moment aangebroken. Geen probleem als u nog nooit van Bootsy Collins had gehoord, want niet één, maar minstens drie personen gaven ons tijdens de inleiding van het optreden een uitgebreid overzicht van Bootsy's palmares. Onder andere 'the young James Brown' kwam ons vertellen dat we een legende zouden zien, de man die funk heeft uitgevonden, een held die nog met James Brown en George Clinton heeft gespeeld, ... Who gives a funk, give us Bootsy! Aangevoerd door een master of ceremony in glitterend wit pak verscheen eerst The Funk Unity Band, gekleed in NASA-overals. Logisch, want Bootsy is playing with the stars! Als kind moet hij ooit in een ketel met discoballen gevallen zijn, want uiteindelijk verscheen Bootsy Collins ten tonele in een glinsterend pak, met dito hoge hoed en bril en met zijn iconische stervormige basgitaar rond de nek. 'We want the funk', 'We got the funk', Bootsy en zijn band waren hier duidelijk met één doel, een funking goed optreden geven. Toegeven, het is veel kitsch en veel show, maar het is ook zo dansbaar en fans van P-funk konden met volle teugen genieten. “Don't take my funk away” werd opgedragen aan soullegende Bobby Womack die twee dagen eerder overleed. Tussen de nummers door schuwden Bootsy en zijn danseres zich niet voor enkele kostuumwissels en duidelijk op dreef deden ze er alles aan om het publiek tot ruim voorbij hun speeltijd te vermaken. Voor wie het nog niet wist, funk is making something out of nothing.

Asian Dub Foundation
lieten we even links liggen, want Magnus is terug van weggeweest. Na hun eerste plaat uit 2004 komt nu in september hun tweede plaat ‘Where Neon Goes To Die’ uit. Hun optreden op Couleur Café is het eerste op Belgische bodem of op het Belgische landsgebiedgedeelte, zoals Tom Barman het zo mooi kan zeggen. Samen met CJ Bolland en een clowneske Tim Van Hamel op gitaar serveert Tom ons na een duistere inzet een meer up-tempo set waarbij krakende elektronische beats en funky gitaarriffs met elkaar versmelten. Hun nieuwe single “Singing man”, maar ook het gekende “French movies” kwam voorbij, maar echt ontploffen deed Magnus nooit helemaal. Leuke achtergrondmuziek misschien bij een achtervolgingsscène of een politiereeks, maar wij bleven een beetje op onze honger zitten.

De avond afsluiten deden we met Jurassic 5, een hip-hopnaam die klinkt als een bel. Deze Californische rappers hadden hun grote succes in de jaren negentig en zijn dus niet meer zo heel jong, maar net als bij wijn kan een paar jaartjes liggen soms wonderen doen. Het zestal wist perfect hoe ze het publiek mee konden krijgen en via vingeraerobics en denkbeeldige motorfietsen (jawel!) ontstond er een leuke dialoog met de artiesten. De meeste indruk maakten ze met hun originele instrumenten, want naast de keytar bestaat er nu blijkbaar ook een LP-tar, een combinatie van gitaar en draaitafel. Centraal op het podium stond ook een draaitafel waarop een plaat van 1,5 meter doorsnede lag, waarmee de dj's ook konden scratchen. Terwijl in Brazilië de Grieken door Costa Rica naar huis werden gestuurd, scoorde Jurassic 5 op Couleur Café de winning goal met hun nog steeds frisse old skool hip hop. Peace out!


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/couleur-cafe-2014/
Organisatie: Couleur Café, Tour & Taxis, Brussel

Pagina 575 van 966