logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

mass_hysteria_a...
Manu Chao - Bau...
Sam De Rijcke

Sam De Rijcke

donderdag 05 mei 2022 08:58

YOB - Slopende bulldozer metal

YOB - Slopende bulldozer metal

Het leek wat eigenaardig dat YOB enkel putte uit ‘The Great Cessation’ en ‘Atma’, albums die dateren van 2009 en 2011. Alsof de band er voor gekozen had om zich van hun meest barbaarse kant te laten bewonderen en een meedogenloze klomp doom-metal te leveren die nog niet beïnvloed was door de subtiele nuances die in hun latere werk zouden sluipen. Zo waren de albums ‘Clearing The Path To Ascend’ (2014) en vooral ‘Our Raw Haert’ (2018) twee gevarieerde meesterwerken, maar vanavond geen spoor daarvan.

Niet getreurd echter, het langharig tuig was met dit zwaar geschut uitermate verpletterend in l’Aeronef. Verdeeld over 7 rijzige tracks bracht YOB anderhalf uur slopende bulldozer-metal, oorverdovend en heavy as fuck. Dit was een loodzware hypnotiserende trip doorheen de donkerste spelonken van de doom-metal. YOB zoog ons gestaag mee in hun slepende en verpulverende act gebouwd op allesvernietigende sludge-metal van het soort die het niet moet hebben van overmatig gesoleer of razendsnelle hooks maar wel van genadeloze oerkracht en lijzige monsterriffs. De doordringende vocals van zanger/gitarist Mike Scheidt voegden een extra dimensie toe aan de onvermurwbare metal sound, een occasionele oerschreeuw annex grunt ging door merg en been. Songs als “The Lie That Is Sin” en “Adrift In The Ocean” bleken bloeddorstige sluipmoordenaars te zijn die elk een kwartier lang het vlees van onze botten knaagden. Ook “Burning The Altar” was zo een machtige minutenlange chronische mokerslag met duidelijke killer-intenties. Met afsluiter “Grasping Air” werd er als toetje nog een gortige portie hardvochtige black metal door het plafond gejaagd via een verschroeiende guest appearance van Wiegedood zanger Levy Seynaeve, ook geen doetje.

De beste metal is nooit de snelste. YOB is geen formule 1 bolide, het is een tank, één die alles wat die op zijn weg tegenkomt onverbiddelijk tot gruizelementen herleidt.

Deze pletwals gemist ? herkansing op 26/05 op Dunk Fest in de Gentse Vooruit

Organisatie: Aéronef, Lille

donderdag 07 april 2022 18:21

(watch my moves)

De slacker pop van Kurt Vile klinkt op ‘(watch my moves)’ zo relax en laid-back dat we nog niet goed weten of we hier nu gelukkig of slaperig van worden. Zal wel een beetje van beide zijn, zeker. Vile maakt in ieder geval geen haast, dat is duidelijk. Zijn songs zijn best te consumeren vanuit de luie zetel, hij heeft die dan ook in volle covidperiode op zijn gemakjes opgenomen in zijn home studio te Philadelphia. Tijd zat dus en niemand die achter zijn vodden zat, en dat is er aan te horen.
Maar liefst 15 bezadigde tracks en er zijn er een paar hele lange bij zoals de heerlijke kabbelende songs “Like Exploding Stones” en “Wages Of Sin”.
Kurt Vile laat zijn gitaar zonder enige vorm van uitspattingen gewoon rustig op de zacht stromende beekjes drijven. Het valt misschien niet meteen op, maar Kurt Vile is een begenadigd gitarist. Niet van het bekkentrekkende en wild rockende soort, eerder een anti-guitar hero zoals bijvoordeeld JJ Cale er ook één was, zeer relaxed maar wel virtuoos zonder dat het persé in de verf moet worden gezet.
Ook aan stemverheffing doet hij niet mee, Vile zingt en vertelt zijn liedjes alsof hij dagen aan een stuk aan de downers heeft gezeten. Zoals we al zeiden, ’t is op ’t gemak.
Als het u allemaal een beetje te rustig en te bedaard klinkt dan heeft u wel een punt. Het glijdt inderdaad bevredigend en gemoedelijk voorbij, maar hier en daar een plotsklapse stroomstoot was toch wenselijk geweest.

zaterdag 30 april 2022 00:56

Slift - Van geweldig naar richtingloos

Slift - Van geweldig naar richtingloos

Het contrast kon niet groter zijn. In een tijdspanne dat de stonerfreaks van Slift één song speelden hadden de punkertjes van Meltheads er zowat heel hun repertoire doorgejaagd.

Meltheads waren met een goed gevoel uit de finale van Humo’s rock rally gekomen, ze moeten trouwens zowat de enige rockband geweest zijn die daar op het podium stond. Maar goed, ze hadden er voldoende lef en vertrouwen opgedaan om in de Casino een stel rake kopstoten uit te delen. Meltheads deden dit met een set vlijmscherpe en pretentieloze punkrocksongs die soms niet langer dan een minuutje duurden en geenszins hun doel misten. Punk zoals punk moet klinken, luid, kort en frontaal op uw bakkes.

Slift tapte uit een heel ander vaatje, eentje dat gevuld was met stonerrock, psychedelica en kilo’s weed. Op zijn beste momenten was Slift een bruisende cocktail van Thee Oh Sees en Motorpsycho, zoals op hun recentste en sterkste album ‘Ummon’, op zijn slechts was Slift een richtingloze spaceshuttle. De band starte energiek, wild en heavy en gedurende een uur klonk dit meer dan geweldig. Nog meer dan op hun platen werd de sound beheerst door gierende gitaarsolo’s met tonnen echo er op. Met daarachter een pompende ritmesectie klonk het aanvankelijk als snerende spacerock met heel wat dynamiet in de motor. Bij momenten was het fantastisch maar naarmate het concert verder evolueerde verloor Slift zich meer en meer in oeverloze sonische soundscapes die maar bleven duren, en dan hebben we het vooral over het laatste half uur (2 songs waren dat dan). Slift was zonder het zelf door te hebben volledig het noorden kwijt, de band waande zich in het repetitielokaal. Daar is dergelijk experimenteel lawaai natuurlijk toegelaten, maar hey gasten, jullie stonden hier voor een betalend publiek en niet iedereen was zo apestoned om dit laatste halfuurtje noise waanzinnig goed te vinden.
Wel volop genoten van het eerste uur. Slift is een band die wervelend en stomend kan zijn, maar ze moeten op tijd weten te stoppen.

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Simple Minds - Alive and (een beetje) Kicking

Dat Simple Minds op vandaag nog het Sportpaleis kunnen doen vollopen, is al een prestatie op zich. Want laat ons eerlijk zijn, na die 5 succesalbums in de jaren tachtig heeft de band nog maar weinig voor mekaar gekregen. Het is nu al meer dan 3 decennia geleden dat ze een deftige nieuwe song uit hun mouw konden schudden. Ze lijken gedoemd om eeuwig te blijven teren op de grote successen uit hun glorieperiode, maar daar liggen ze zelf geenszins van wakker want de kassa blijft na al die jaren nog gretig klinken.

Geen mens in het Sportpaleis die daar trouwens om maalde vanavond. We zagen het voltallige publiek, dat voor quasi 90% samengesteld was uit vijftigers, al collectief denken van ‘als ze maar geen nieuwe songs spelen, want daar zijn we niet voor uit ons kot gekomen’. Geen nood, op dat gebied loste de band de verwachtingen volledig in. Er moesten geen nieuwe zieltjes veroverd worden en de fans gingen al overstag toen de eerste noot werd gespeeld.
In de aanvangsfase werden Simple Minds genadeloos genekt door het alom gevreesde Sportpaleisspook, een erbarmelijke akoestiek. De drums gingen compleet de mist in, de stem van Jim Kerr zat nog vast in de Kennedytunnel en de gitaar was zodanig scherp afgesteld dat we even dachten in een soundcheck van Iron Maiden te zijn beland. Het was des te jammer om een pareltje als “I Travel” kopje onder te zien gaan in een doffe geluidsbrij. Maar er was beterschap op til, vanaf “Glittering Prize” kwam er schot in de Schotten (vergeef ons de flauwe woordspeling) en was de klankman terug met zijn volle verstand bij de zaak. Met “Book Of Brilliant Things” en vooral een pakkend “Belfast Child” werden de eerste hoogtepunten van de avond opgetekend. En dan was het al pauze. Zo gaat dat tegenwoordig met bands op leeftijd, ze spelen in hun eigen voorprogramma en lassen doodleuk een theepauze in.
Deel 2 opende met de geweldige instrumental “Theme From Great Cities”, wat ons betreft één van de absolute Simple Minds toppers. Band en publiek geraakten alsmaar beter op dreef en klassiekers als “Waterfront”, “Someone Somewhere In Summertime”, “Don’t You Forget About Me” en “New Gold Dream” gingen er vlotjes in. De fun en de schwung zaten steeds beter in de lift maar jammerlijk genoeg was de klankman niet altijd even kordaat bij de les. De stembanden van Jim Kerr gingen ook geregeld aan de andere kant van de Schelde zwemmen. Maar dat vocaal minpuntje werd gecompenseerd door een volbloed zangeres die wel een klok van een stem bleek te hebben, wat de dame in kwestie nog eens vetjes in de verf zette met onder meer een mooie verstilde versie van “Speed Your Love To Me”.
In de bisronde werd het feestnummer bij uitstek “Alive And Kicking” gefnuikt door een overdosis handjes klappen, beetje jammer maar Jim Kerr had het wel zelf in de hand gewerkt. Met een wervelend “Sanctify Yourself” als pretentieloze afsluiter was het er wel weer boenk op.

Qua fun en nostalgie was dit een meer dan geslaagde avond, een hoop Simple Minds hits blijven immers onsterfelijk. Maar als we willen spreken over echt onvergetelijke Simple Minds concerten, dan moeten we toch met zijn allen de teletijdmachine in richting eighty one, eighty two, eighty tree, eighty fooouuuur !

Organisatie: Live Nation

donderdag 31 maart 2022 14:57

The Great Regression

Alweer bruisend en jong punkgeweld uit de UK. ‘The Great Regression’ is het debuutalbum van DITZ, en het is een driftige mokerslag verpakt in 10 striemende songs. Geen 1-2-3-4 rechttoe rechtaan punkrock, wel een stel laaiende songs die overlopen van woede en agressie. Zanger Cal Francis doet zijn ding de ene keer via dreigende spoken-word vocals, elders spuugt hij het er dan weer uit als een razende hardcore zanger, check het grimmige “Ded Würst” en het meedogenloze “I Am Kate Moss”.
Qua razernij komt DITZ in de buurt van vervaarlijke bands als Daughters en Heads, de songs zijn furieus en komen binnen als een bijtend zuurtje. Opener “Clocks” is een mitrailleur van een song die een heel kogelmagazijn in één keer afvuurt, “Summer Of The Shark” is industrial-punk-noise die muren sloopt zoals ook bijvoorbeeld Show Me The Body dat doet en afsluiter “No Thanks, I’m Full” neigt naar de wilde noise van METZ.  
‘The Great Regression’ is een overdonderend debuut van een nieuwe band die meteen zijn plaats heeft veroverd in een nieuwe Britse lichting van noise-punk bands.

maandag 18 april 2022 08:58

Spencer Gets It Lit

Jon Spencer mag dan al definitief een punt gezet hebben achter Blues Explosion, hij heeft zich niet laten verleiden tot een flagrante koerswijziging. Geruggesteund door zijn nieuwe band The HITmakers produceert hij met name nog altijd die typische rauwe, hortende en stotende garage-rock. De bezeten rock’n’roll preacher heeft nog niet aan bezieling ingeboet, de songs stuiteren wild in het rond en de vuile riffs spetteren als vanouds op een kokende plaat. Eigenlijk is er dus weinig veranderd sinds de hoogdagen van Blues Explosion, en dat is in dit geval gewoon goed nieuws.
Het is Jon Spencer zoals we hem graag hebben, noisy, maniakaal en met een pompend rock’n’roll hart.

Spencer Gets It Lit
Jon Spencer & The Hitmakers
Bronzerat Records

Takeshi’s Cashew - Het zomert in de Chinastraat

De Chinastraat aan Dok Gent is de ontmoetingsplaats bij uitstek voor jong en creatief Gent. Een fraaie locatie met onder andere ateliers, een filmstudio, een exporuimte en twee concertzalen. In de sympathieke openluchtbar ‘Bar Bricolage’, een fijne verzameling bouwwerken samengeflanst uit allerhande recupmateriaal, is het bijzonder aangenaam relaxen. De Chinastraat is dan ook the place to be voor jonge Gentenaars bij wie het niet allemaal zo nauw steekt, maar die wel een hart hebben voor feesten. Er worden fuiven, dj sets en concerten georganiseerd, met vanavond op het programma twee avontuurlijke bands Omar Dahl en Takeshis’ Cashew.

Omar Dahl brengt een soort aanstekelijke jazz die onderbouwd is met elektronische beats die voor een constante groove zorgen zonder opdringerig te zijn. Dankzij blazers en violen laten ze hun sound vloeiend overgaan van balkan toetsen naar oosterse invloeden, ze weten de perfecte vibe te vinden en houden het steeds levendig en dansbaar. In de Chinastraat blijkt Omar Dahl’s formule perfect te werken, de gedreven set bouwt langzaam naar een climax toe, bij zowat het voltallige publiek worden de dansbeentjes alsmaar uitbundiger uitgesmeten. Bruisend en opzwepend concertje.

Takeshi’s Cashew is zowaar een Oostenrijkse band, niet bepaald het land van waar je zo een prikkelende muziek zou mogen verwachten. De heren brengen verslavende psychedelische tonen die verschillende kanten opgaan. Wereldse klanken die funky, oosters, bezwerend en trippy klinken met hier en daar een surfgitaartje er tussenin, denk een beetje aan Altin Gün. Onder meer een zelfgemaakte didgeridoo, gebricoleerd uit loodgietersbuizen, voegt een speciale toets toe aan dit eclectische muzikale potje. Met het dansbare “Akihi” en het hallucinerende “There Is No Harmony” kan Takeshi’s Cashew het publiek volledig meezuigen in hun begeesterende set. Je hebt constant de indruk dat er achter de coulissen slangenbezweerders en buikdanseressen klaarstaan om het podium te betreden. Niet dus, maar Takeshi’s Cashew’s feelgood-feestje is zo ook al geslaagd.

Zacht weertje buiten, zomers danspartijtje binnen. In de Chinastraat is de zomer al begonnen.

donderdag 24 maart 2022 10:52

Sonancy

Loop is een Londense cultgroep uit de jaren tachtig die nooit echt uit de ondergrond is geraakt. Destijds kregen ze de stempel shoegaze-band opgekleefd, maar dat was een beetje kort door de bocht. Loop was veel meer dan dat, ze haalden hun inspiratie uit de rauwe sound van The Stooges, de sonische krautrock van CAN, de experimentele punk van Wire en de overstuurde elektro van Suicide.
Loop smeedde daaruit een unieke eigen sound die werd vereeuwigd op ‘Heaven’s End’ (1987), ‘Fade Out’ (1988) en ‘A Gilded Eternity’ (1990), drie verborgen pareltjes die nooit hun weg hebben gevonden naar een groot publiek, enkel naar een select groepje vooruitstrevende die-hard muziekfans. Door het uitblijven van succes en erkenning verdween de band al na drie jaartjes uit de ether.
Maar zie, 32 jaar na hun laatste wapenfeit komt Loop plots aanzetten met een gloednieuwe plaat ‘Sonancy’ en ’t is verdomme een goeie. Het is een album geworden waarin de band voor een stuk trouw blijft aan de sound van weleer maar toch ook weer zijn horizonten verbreedt.
Loop is nog steeds even vooruitstrevend, divers en vreemd als toen. Alweer zijn de invloeden van oudgedienden als Can en Wire navenant aanwezig, verder treffen we raakpunten met de repetitieve psychedelica van Wooden Shjips (of de spin-of Moon Duo als u wil) en met de geïnspireerde hedendaagdse kraut-rock van BEAK>.
‘Sonancy’ is geladen met hypnotiserende riffs, dissonante gitaren, een verslavende ritmesectie en vocals die stijf staan van de echo. Loop’s sound klinkt bezwerend in “Isochrone”, fel en ruig in “Halo” en “Fermion”, weird en spacy in “Penumbra 1 en 2”.
Soms kan een terugkeer na zoveel jaren een flop van jewelste zijn, maar dit hier is een meer dan geslaagde come back.

donderdag 24 maart 2022 10:47

Never Let Me Go

Nooit gedacht dat Placebo nog met een treffelijk album voor de dag zou komen. Hun voorlaatste plaat ‘Loud Like Love” uit 2013 was een vehikel waarop de heren Brian Molko en Stefan Olsdal op automatische piloot stonden te spelen en vergeten waren om deftige songs bij elkaar te schrijven. Het duo was een beetje uitgeblust, en dat was nog zacht uitgedrukt. In 2016 gingen ze nog eens met een ‘greatest hits’ plaat de hort op en teerden ze op het succes dat ze in al die jaren bij mekaar hadden geraapt, wat ook al niet getuigde van veel inspiratie. Einde verhaal, zou je gedacht hebben, maar de dingen kunnen keren.
Nu blijkt immers dat ze het nog kunnen, want ‘Never Let Me Go’ kan wedijveren met krakers als ‘Black Market Music’ en ‘Meds’, en dat wil wat zeggen. Neen, het is nog net geen ‘Without You I’m Nothing’ geworden, maar een band kan ook meer één keer in een carrière zo een juweeltje afleveren.
Op ‘Never Let Me Go’ vinden we een handvol vintage Placebo songs die meteen vertrouwd in de oren klinken en als regelrechte klassiekers kunnen geboekstaafd worden. We hebben het onder andere over “Beautiful James”, “Happy Birthday In The Sky” en “Try Better Next Time”, songs die geboren zijn om festivalweides en arena’s in vuur en vlam te zetten. Ook het stevige “Hugz” is een blijvertje en de ballads “This Is What You Wanted” en “Fix Yourself” zijn ballads die blijven plakken zonder te slijmen.
Verwacht niet te veel verassingen, want dit klinkt allemaal 100% Placebo. Er worden geen risico’s genomen, maar er zit wel terug leven in het pilletje.

donderdag 24 maart 2022 10:47

Unlimited Love

Er is ooit een tijd geweest waar we halsreikend uitkeken naar een nieuwe release van RHCP. Met een occasionele sok over de lul getrokken en flink wat pili pili in hun gat overweldigden ze ons destijds met venijnige en withete funk-rock albums als ‘The Uplift Mofo Party Plan’, ‘Mothers Milk’ en natuurlijk de mijlpaal ‘Blood Sugar Sex Magik’. Maar dat is ondertussen al 30 jaar geleden, daarna gingen de sokken definitief terug de kast in en werd de wilde furie met de jaren meer en meer getemperd. Jawel, het gevarieerde en boeiende ‘Californication’ was nog een voltreffer, maar platen als ‘By The Way’ en ‘Stadium Arcadium’ moesten het stellen met enkele zeldzame opflakkeringen tussen een hoop vulling. En het werd nog erger, de Peppers hadden het volledig verkorven toen we merkten dat op albums als ‘I’m With You’ en ‘The Getaway’ al helemaal geen koren meer tussen het kaf zat.
Wat wij vreesden en eigenlijk ook wel verwachtten is wel degelijk het geval, ‘Unlimited Love’ is de logische volgende stap in de teloorgang van de Peppers.
Naar verluidt zou de terugkeer van John Frusciante de Peppers een nieuwe boost gegeven hebben. Moet u mij eens komen vertellen waar dat dan aan te horen is, want wat Frusciante hier vooral doet is netjes binnen de uitgezette lijntjes kleuren, zijn gitaarspel ligt mijlenver van de creatieve psychedelische weirdness van zijn talrijke soloplaten. Frusciante is een briljante gitarist, alleen maar jammer dat hij bij de Peppers aan de leiband moet. Enkel op de zeldzame uitschieters “Here Ever After”, “The Great Apes”, “These Are The Ways” en “The Heavy Wing” lijkt de bende nog eens als vanouds uit de bol te gaan en komen ze een klein beetje in de buurt van hun beste periode. Maar 4 deftige songs op een totaal van 17 tracks is wel een heel magere oogst, als je ‘t ons vraagt. Voor de rest horen wij fletse ballads, lauwe ongeïnspireerde funk en slijmerige meezingertjes. De Peppers lijken wel wanhopig op zoek naar een hit a la “Under The Bridge” of “Californication”, maar ze komen nergens verder dan een lauw doorslagje.

Heet zijn de Peppers al lang niet meer, verwelkt des te meer.

Pagina 7 van 104