logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

DAF - Bimfest 2...
ufomammut_4ad_0...
Filip Van der Linden

Filip Van der Linden

donderdag 19 april 2018 02:00

Revelation

De Britse band Reef verschijnt terug op het toneel. Wie de jaren ’90 meemaakte, kent misschien nog hun radiohit “Place Your Hands”. Reef zat ergens tussen de grunge en de Britpop in en moest het vooral hebben van het charisma van zanger en songschrijver Gary Stringer.
Na ‘Glow’, het album van “Place Your Hands”, deemsterde de band weg. Het nieuwe materiaal sloeg niet aan, de band sloeg nieuwe paden in die hen nog minder publiek opleverden, er kwamen een hele reeks zijprojecten, … Maar nu is er ‘Revelation’, het eerste album sinds ‘Getaway’ uit 2000. Sheryl Crow, een andere ietwat weggedeemsterde ster uit de 90’s, zingt mee op de niet onaardige single “My Sweet Love”. Voor “How I Got Over” en nog een paar andere nummers werd een gospelkoor ingehuurd. Bovendien werd de oorspronkelijke gitarist Kenwyn House ingeruild voor Jesse Wood, zoon van ex-Rolling Stone Ron Wood, wat de band toch wat extra aandacht oplevert.
Is ‘Revelation’ daarom meteen een goed album? Het heeft zeker een aantal verdiensten. Openingsnummer “Revelation” is een vintage Reef-song die perfect aansluit op ‘Glow’ en zo staan er nog wel een paar op.
Wie nog steeds CD’s uit de jaren ’90 speelt, zal meteen mee zijn. Voor het jonge volkje is dit vermoedelijk veel te ouderwets, te voorspelbaar en te traag. Dat gospelkoor geeft bovendien het geheel een kerk-toets en dan helpt het niet dat Stringer ook nog een paar keer de Bijbel en de Heilige Geest aanhaalt. Bij de Zuiderse bluesrock van The Black Crowes werkte die aanpak, maar bij de bleke Britten van Reef haalt die gospel het venijn uit het album. En venijn kan je nooit genoeg hebben.

Iedereen gunt Reef een comeback door de grote poort, maar daarvoor teert ‘Revelation’ net iets teveel op het verleden.  

donderdag 19 april 2018 02:00

Devil’s Plaything (single)

Liv Jagrell was dertien jaar de frontvrouw van de Zweedse hardrockband Sister Sin, maar sinds twee jaar werkt ze met haar eigen band. Vorig jaar was er reeds het debuutalbum, maar dat werd al ingespeeld voor Liv's nieuwe band gevormd was.

Nu is er de single "Devil’s Plaything" als voorloper van een EP die eind mei uitgebracht wordt. Dat wordt het eerste studiomateriaal waar alle leden van Liv Sin aan bijdragen. “Devil’s Plaything” is een cover, maar ook een gezamenlijke keuze, omdat alle bandleden vroeger opkeken naar Danzig. Dat Liv Jagrell niet haar eigen Danzig-favoriet (“How The Gods Kill”) gekozen heeft, duidt er op dat Liv Sin toch iets van een democratie is.

Martin Sandvik van Hardcore Superstar zat in de producers-stoel. Het vorige album van Liv Sin werd geproDuced door Stefan Kaufmann en Fitty Wienhold van UDO en had gastbijdrages van  Schmier van Destruction en Jyrki 69 van The 69 Eyes. De inspanningen voor deze single en de EP – oorspronkelijk bedoeld als een akoestisch tussendoortje – liggen misschien iets lager.

De versie van “Devil’s Plaything” die Liv Sin brengt, is een stuk gevoeliger en minder dreigend dan het origineel. Misschien omdat het oorspronkelijk de bedoeling was om dit nummer akoestisch op te nemen. Toch weet de band het gevoel van de teksten raak te vertalen in een potige hardrocksound waar ook Doro trots op zou zijn.

 

donderdag 19 april 2018 02:00

Don’t Look Back

2 Tone Club is een Franse band met een misschien niet zo originele bandnaam, maar wel een bandnaam die mooi de lading dekt. Of toch het grootste deel van de lading. Want deze ska-band beperkt zich niet tot de Britse 2 Tone-ska zoals we die kennen van The Selecter, The Beat en The Specials.
Ze gaan ook terug naar de roots van de 2 Tone-ska en die liggen in Jamaica. En ze gaan zelfs net als de als ska-band begonnen Madness vrolijk de pop-tour op. Zo heb je “So What” en “Seven Days A Week” dat klinkt als Britse 2 Tone, “One In A Million” dat klinkt als Jamaicaanse ska uit de sixties en “I’m Not Safe With Your Love”, “Never Give Up” en “My Friend” die zuivere popsongs met reggae-vibes zijn.
Het kleurenpallet van deze negenkoppige Franse band is zelfs nog uitgebreider, want op “Three Little Words” zitten ze in de jazzy slipstream van The Skatalites en op “Epitaphe (Born Dead)” zit zelfs voorzichtig wat rap. In het Frans dan wel, met een refrein in het Engels. Er sleept wel meer Frans in de lyrics, maar grofweg 80% is in het Engels. “Black Mamba” heeft dan weer een soundsystem-aanpak.
‘Don’t Look Back’ is een heel vermakelijk album. Je krijgt bovendien het hele pakket aan ska-varianten, terwijl het helemaal niet storend overkomt dat het alle richtingen uitgaat. 2 Tone Club is gewoon goed, welke ska-variant ze ook aanpakken of in welke taal ze ook zingen. Inzake ska moet dit één van de beste Europese bands zijn.

donderdag 12 april 2018 02:00

Nvm (single)

Nu metal. Een genre dat door heel wat artiesten en muziekliefhebbers verguisd werd toen het in de jaren ’90 doorbrak. Het genre werd populair dankzij bands als Korn, Limp Bizkit en Linkin Park. Ook in ons land waren er best wel fans, o.m. dankzij Studio Brussel.

Ook 30 jaar na de doorbraak van het genre staan er nog regelmatig bands op die de nieuwe vaandeldragers wil worden. Eén van die nieuwkomers is Dropout Kings, een stelletje ongeregeld uit Arizona. Naar eigen zeggen kwamen ze tot voor kort allemaal regelmatig in contact met de politie omdat ze dakloos waren, opgepakt werden bij gevechten of drugs verkochten. Of dat criminele verleden vergoelijkt dat ze met nu metal op de proppen komen, …

Hun eerste single, “Nvm”, is een stevige brok agressie, met - volgens de regels van het genre – de luide gitaren in een bijrol. Ze werken met twee zangers en mixen rap en klassieke metal-vocalen. Er komen nog wel wat andere genres langs, maar het geheel is wel lekker agressief en met veel branie. Niet helemaal vernieuwend in hun aanpak, maar toch een nieuw geluid in de nu metal. Of ze de nieuwe Linkin Park worden, zal moeten blijken, maar laat ze er maar voor gaan.

https://www.youtube.com/watch?v=uSWQ_KJDfEI

donderdag 12 april 2018 02:00

Entertain Me (single)

Het Canadese Earth’s Yellow Sun is een buitenbeentje, zelfs in een genre als de progmetal dat dik bezaaid is met buitenbeentjes. Waar progmetalbands doorgaans een heldere stem als extra ‘instrument’ hebben, doen deze Canadezen het instrumentaal. Maar dan aangevuld met saxofoon. Dat instrument straalt weinig metal uit, maar in het opzet van Earth’s Yellow Sun past het wel.

De band bracht in 2015 zijn debuutalbum uit en werkt sinds kort aan de voorbereidingen van een nieuw album. Dat zal eind dit jaar of volgend jaar uitgebracht worden.

Intussen waagt Earth’s Yellow Sun zich aan een reeks van drie covers. De eerste was de “Overture 2112/The Temples of Syrinx” van progrockband Rush, met Rody Walker van Protest the Hero  als gastzanger. Hun tweede single is een cover van “Entertain Me”, niet van Robbie Williams, maar van jazzcat Tigran Hamasyan. De Canadese band blijft heel dicht bij het origineel, maar zorgt wel voor een flow zoals bij Meshuggah.

Hoewel je duidelijk een metalband aan het werk hoort, geven de saxstoten het geheel toch iets experimenteel en jazzy. Ear-candy voor gevorderden.

 

donderdag 12 april 2018 02:00

Holly (single)

Synthpop is aan een revival toe en zelfs Gary Numan trekt weer volle zalen, ook in ons land. Het Belgische trio Hatchling is sinds 2013 actief. “Holly” is de eerste single van de EP ‘Alpha’ die eind juni uitgebracht wordt.

Deze single is minder donker dan het vorige werk. “Holly” doet muzikaal wat denken aan Alphaville en Yazoo, maar dan met het tempo van Erasure en A-Ha. De term synthpunk valt, maar om het achtervoegsel punk te verdienen, moet er wel nog meer juist zitten dan enkel het tempo. Synthpop is ook al een mooie verdienste.

“Holly” is catchy, maar toch meer retro dan wat andere jonge synthbands als pakweg Chvrches of Hurts doen. Ook de songopbouw en de koortjes zijn zo uit de jaren ’80 geplukt.

Een kniesoor zal zeggen dat dit allemaal minstens 30 jaar te laat komt, maar het is fantastisch dat jonge mensen deze muziek cool genoeg vinden om ze op te nemen.

https://www.youtube.com/watch?v=pX1vBr8O_5I


donderdag 05 april 2018 02:00

Boundless Torture

Gateway is het eenmansproject van Bruggeling Robin Van Oyen. Hij brengt doom-terreur of doom-death. Slepende, aanhoudend beukende doom-metal vol tristesse en met wel heel diepe en soms atmosferische grunts.

Van Oyen bracht zijn eerste opnames uit in eigen beheer (enkel ‘Scriptures Of grief’ kwam vorig jaar uit via cassettelabel Sentient Ruin), maar voor de nieuwe EP ‘Boundless Torture’ vond hij onderdak bij Pulverised Records uit Singapore. Daar zit – behalve een rits Amerikaanse, Zweedse en Singaporese bands – ook nog het Belgische Thronum Vrondor onder contract.

Het pièce de résistance op deze EP is zonder meer “Odyssey Of The Bereaved”. Een epische, uitgebalanceerde track van meer dan 10 minuten waarop Van Oyen al zijn doom-duivels ontbindt en met passages die soms aan een mix van sludge en atmosferische blackmetal doen denken. Ook “Boundless Torture” (ook ruim voorbij de 10 minuten) en “Famished Below” (net geen 5 minuten) zijn prima doom-death. Alleen het korte en gejaagde “Iron Storms” lijkt met zijn hakkende drums op het eerste zicht niet in het rijtje te passen. Misschien is het als tussenstukje bedoeld of anders als tegengewicht om het slepende van de andere tracks nog extra in de verf te zetten.

Voor fans van Hooded Menace en Incantation. En voor wie al eens zonder oogkleppen wil luisteren.

https://www.facebook.com/gatewaydeathdoom


donderdag 05 april 2018 02:00

Ooh Aah Aah

The Spectors hebben een nieuw album. Of de nieuwe The Spectors hebben een album. Het hangt er maar van af waar je ‘nieuw’ wil plaatsen, het klopt elke keer. Na een EP en een lovend onthaald debuutalbum heeft frontvrouw Marieke Hutsebaut de band ontbonden. Ze is op haar eentje beginnen schrijven aan nieuw materiaal en heeft daar dan een nieuwe band bij samengesteld, zonder synths deze keer.

Muzikaal heeft Marieke het geweer van schouder veranderd, maar ook weer niet te bruusk. Het nieuwe album ‘Ooh Ooh Aah’ biedt bruisende, soms sprankelende shoegaze en dromerige poprock. Wat je zou krijgen als je de wall of sound van de Jesus & Mary Chain zou enten op de vrolijke nonchalence van The Breeders. Een echte lente-plaat, maar zeker niet volbloed-zomers.

Achter al die laagjes van zoemende en galmende gitaren zitten lyrics die fragmentarisch vertellen hoe Marieke haar leven met Asperger ervaart. Moedig om te beginnen en vooral ook herkenbaar voor wie een beetje thuis is in de materie. Maar ook voor wie daar niet mee bezig is, blijft dit een album vol heel aangename poprock.

Er zitten muzikaal heel wat referenties in naar de sixties, eighties en nineties. De sound en de koortjes van “Borderline” leunen hard op de erfenis van The Breeders uit de nineties, maar The Spectors geven er nog een eigen sixties-twist aan. “When The Morning Falls” is dan weer melancholische shoegaze, een beetje als een uitgeregend huwelijk tussen The Raveonettes en The Posies.

“Only You” is een perfecte popsong, maar dan gecamoufleerd in een Twin Peaks-jasje. “Leader Of The Pack” en “Be My Baby” zijn geen covers, maar eerder een vage knipoog naar het naïeve van de sixtiespop. Opvallend is dat bonustrack “Clyde & Bonnie” niet uit de toon valt, hoewel die nog met de ‘oude’ bandbezetting werd opgenomen.

The Spectors schieten met ‘Ooh Aah Aah’ fel uit de startblokken voor de tweede ronde in hun nog jonge bestaan. Deze tweede ronde is een paar tinten minder donker en meer dreampop, maar ook meer met een eigen gezicht. Benieuwd hoe dat eigen gezicht straks nog meer vorm zal krijgen.

The Spectors spelen in mei vier keer het voorprogramma van The Sheila Divine in België en zullen ook daarna nog moeilijk te ontkomen zijn op de Vlaamse podia.

https://www.youtube.com/watch?v=sBW7_gONr6Q

 

 

 

donderdag 29 maart 2018 02:00

Wanderlust (single)

Fortress is een nieuwe Antwerpse synthpop-formatie die bestaat uit Ruben den Brok (producing en synths), Hanne Torfs (songwriting en vocalen) en Anke Verslype (drums). “Wanderlust” is de eerste song die ze hebben opgenomen als Fortress en die ze in eigen beheer uitbrengen. Centraal staat de dromerige stem van Hanne Torfs (van School Is Cool), met daaronder warme beats en hippe laagjes synths.

Denk aan het meest dansbare, zonnige en lichtvoetige werk van SX en Oscar & The Wolf en voeg daar nog wat Soldier’s Heart aan toe. Niet Goose-dansbaar, maar eerder smooth en zelfs een beetje urban. Veel minder donker dan SX en Oscar & The Wolf en eerder vrolijk als Christine & The Queens.

Bij StuBru zaten ze met dit nummer in de eindronde voor De Nieuwe Lichting en werden ze vergeleken met CHVRCHES en The Knife. Dat zijn allemaal heel mooie vergelijkingen, maar het is nu aan Fortress om de in de lucht hangende beloftes te grijpen.

“Wanderlust” is de voorbode van een EP of album en Fortress zal binnenkort ook live te zien en te horen zijn. Benieuwd in welke richting ze hun repertoire zullen uitbouwen.

https://www.facebook.com/fortressthemusic

donderdag 29 maart 2018 02:00

Oumuamua

Motsus heeft zijn eerste album uitgebracht. Deze band uit Oudenburg brengt instrumentale stonerrock en bracht eerder reeds enkele demo’s uit.

‘Oumuamua’ is een verzameling van zes songs die – hoewel er geen teksten aan te pas komen – het verhaal vertellen van een vreemde beschaving die onze aarde scant en die hier zijn (muzikale) sporen nalaat. De zes songs zitten lekker in het spoor van Queens Of The Stone Age, Kyuss en onze eigen Cowboys & Aliens en Maria Isn’t A Virgin Anymore. Het rockt, het is bijzonder groovy, het is heet en zwaar en het zweet.

Bij momenten komt de band zo op dreef dat het zelfs bijna dansbaar wordt, zoals op “Warm”. Ondanks het gebrek aan zang wordt het nooit eentonig of vervelend. Het klinkt als een trein die je met plezier over je heen laat denderen.

De tracks die er een beetje bovenuit steken, zijn “Freddy” en “Hoochy Woochy”. Het grillige, nerveuze “Exploder (Part 1)” weet minder te bekoren. Het slome en lang gerokken “Tin Men” heeft wat tijd nodig om open te bloeien. De sample maakt het allemaal wat makkelijker te verteren, maar ook zonder de sample zou die track overeind blijven.

‘Oumuamua’ is een fraai visitekaartje voor Motsus.


Pagina 90 van 94