logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

CD Reviews

Marble Sounds

Never Leave My Heart -single-

Geschreven door

Met “Never Leave My Heart” laat Marble Sounds wat meer horen van de muzikale richting die het nieuwe, vijfde album uitgaat. Vanuit een meeslepende piano en Pieter Van Dessels fluwelen stem ontvouwt de song zich tot een sublieme popparel.
Opnieuw heel weinig gitaar te horen dus op deze nieuwe single. Wel een heel breekbare, intieme sound, alsof Pieter net naast je zit te zingen/fluisteren. En de mood is heel uplifting. Heel anders dan het overaanbod aan tranerige melancholie horen we hier iemand die de liefde lijkt te omarmen en ook dat kan al eens deugd doen en fijne muziek opleveren.
Prima single, net als voorganger “Quiet”. Van het album verwachten wij nu minstens hetzelfde.

https://www.youtube.com/watch?v=wJjtdKBDLbY&t=1s

 

Beordeling

Rex Rebel

Live At The AB

Geschreven door

Rex Rebel is het nieuwe muzikale project van transman Sam Bettens, vroeger de stem van K’s Choice. Het trans-gegeven is belangrijk genoeg om al meteen te vermelden, want in de lyrics van debuutalbum ‘Run’ en het daarvan afgeleide ‘Live At The AB’ is dat veruit het belangrijkste onderwerp.
Het lijkt wat vroeg om zo kort na de release van ‘Run’ en met nauwelijks concerten (corona !) op de teller al met een live-album te willen komen, maar dat maakt vast deel uit van het statement dat moet gemaakt worden dat dit echt het nieuwe project is van Bettens en dat K’s Choice misschien wel voorgoed in de ijskast zit.
Nochtans zaten alle leden van het trio Rex Rebel ook in K’s Choice en dat is zowel de sterkte als de zwakte van dit nieuwe muzikale project. Als je enkel de muziek beschouwt, lijkt het alsof men in de klassieke rockbandopstelling enkel de gitaar ingewisseld heeft door synths. De songopbouw, de melodie en de arrangementen ruiken nog hard naar die bij een rockband en missen de elementen van de synthpop-traditie, hoewel daar best wel nog ideeën voor het rapen liggen.
Op «‘Live At The AB’ klinkt die vaststelling nog wat harder door dan op debuutalbum ‘Run’, waar productioneel en in de arrangementen het rock-dna nog wat verdoezeld kon worden. Maar dat zegt niets over de kwaliteit.
Als je de tracks van ‘Live At The AB’, en dus ook die van ‘Run’ op de weegschaal legt, duidt de wijzer telkens ‘degelijk’ aan en een paar keer ‘fantastisch’ (op “Big Shot“).
In de lyrics geeft Sam Bettens ons een eerlijke en van overdreven pathos ontdane inkijk in zijn leven en gevoelens bij zijn transitie. Dat is mooi en moedig. Ook Sam’s stem is in transitie, maar in deze live-registratie wel nog duidelijk herkenbaar voor de fans van zijn oudere werk.
De keuze op ‘Live At The AB’ om de set af te sluiten met de cover van “Freedom“ van George Michael ligt voor de hand. Hoewel het geen albumtrack is op ‘Run’, heeft Rex Rebel deze cover immers reeds uitgebracht als single. De live-versie rammelt wat harder dan de single-versie. Het tempo van de zanglijn bleef onveranderd ten opzichte van het origineel, maar aan de muziek en melodie werd wel wat gesleuteld. Dichter bij het origineel van “Freedom“ blijven hadden we misschien meer gewaardeerd.
Dat er live geen K’s Choice-track werd gespeeld, heeft waarschijnlijk ook te maken met het willen benadrukken van Rex Rebel als nieuw en onomkeerbaar begin. Dat is zeker een te verdedigen keuze. Er blijft nog tijd genoeg om daar naar terug te grijpen.

 

Beordeling

Sygo Cries

Talking About Walls EP

Geschreven door


Twee zomers geleden las Wim Guillemyn (The Other Intern) het berichtje van Mika Goedrijk (This Morn’ Omina, Nebula-H, Pow(d)er Pussy) dat hij een creatieve, gemotiveerde bassist zocht voor Sygo Cries. Wim had de groep nog onlangs gezien toen ze voorprogrammma waren van Your Life On Hold. Hij wist wat hij muzikaal kon verwachten en wilde vooral meebouwen aan songs en meldde zich zonder verwachtingen aan. Na wat gechat, spraken ze af. Het klikte meteen. Een idee of een stukje melodie mondde elke keer uit tot een song. Inhoudelijk was het ook een match.
De volgende zomer (2021) kwam Olivier Moulin (The Mars Model) erbij voor live keys en synths. Kort erna kwam de vraag van een jonge hond genaamd Brooklyn Machet om gitaar te mogen spelen bij de band. Na een paar sessies vonden ze dat de andere invalshoek van Brooklyn een meerwaarde bracht en werd hij een vast lid. Een goed jaar later is er dit eerste mini-album op 12” clear blue vinyl.

Voor de productie van ‘Talking About Walls’ vroegen ze Jon Wolf (Your Life On Hold, Mildreda, Diskonnekted, Der Klinke, Dive). Het mini-album omvat vier songs met een mix van verschillende invloeden. De echoes van de Belgische coldwave-en postpunkscene zijn onmiskenbaar aanwezig.

Op de A-kant staan twee songs die zowel catchy als stevig klinken. “Spiders (in our head)” heeft een onderhuidse dreiging  en wisselt inventieve baslijnen met de klassieke ijle riffs van het genre. De tempowisseling bij elk refrein is bijzonder catchy. Van “End of the Century” konden we hier reeds de demo-versie bespreken. Het was de eerste song die Wim en Mika samen schreven. Waren we over de demo reeds lovend, dan is de afgewerkte versie nog sterker geworden, met opnieuw heel inventieve versnellingen en pauzes in het tempo. De dreiging is hier iets minder dan op de openingstrack, maar het gevoel van onbehagen is wel tastbaar. Live wordt deze A-kant een bommetje.
Op de B-kant vinden we een herwerking van “Ship of Friends”, een track van de ‘vorige’ versie van Sygo Cries, die op het album ‘Split’ (2016) stond. Hier krijgen de synths een hoofdrol en dat levert een bijzonder dansbare track op die flirt met EBM en EDM. Het mini-album eindigt met de duistere elektro-ballad “The Parting Glass” die mooi in laagjes opbouwt.

‘Talking About Walls’ is een prachtig mini-album. Het enige dat we kunnen opmerken is dat er ‘maar’ vier songs op staan, terwijl we al uitkijken naar een volledig album.

 

Beordeling

Silent Flag

Red Light -single-

Geschreven door

‘Red Light’ is de tweede single van Silent Flag, het nieuwe project van Dirk Vreys (Zombikini, A Slice Of Life, the OcsCURE) en net als bij de vorige single (“Enter The Batcave”) krijgt hij hierop bijstand van zijn Franse So What?-maatje Yannick Rault (Photon, This Grey City, Closed Mouth…).
De nieuwe single is opnieuw een sterk staaltje dark wave, met een boodschap aan de bevolking. Dat het misschien wel even genoeg is geweest. Het rode licht van de songtitel verwijst naar allerlei signalen inzake politiek, klimaat, corona, migratie en Vreys roept ons op om die signalen niet langer te negeren (te blijven slapen). Wat we dan wel moeten doen, vertelt hij er niet bij.
In zijn analyse en zeker ook muzikaal leunt deze “Red Light” aan bij “Different World”, het jongste album van Enzo Kreft. Al voegt Silent Flag wel nog wat gitaren toe aan de synths en zitten ze toch in een ander muzikaal universum. Geen remixes deze keer, hoewel dat bij “Enter The Batcave” soms toch wel een meerwaarde was.
Na twee singles wordt stilaan duidelijk waar Silent Flag naartoe gaat. En voor die richting kunnen wij enkel groen licht geven.
https://www.youtube.com/watch?v=t_PXfOxEDQI&t=3s

 

Beordeling

Crashdiët

No Man’s Land -single-

Geschreven door

Crashdiët is terug met een nieuwe single. Deze sleaze/glamrockband is vooral bekend vanwege de steeds wisselende samenstelling, ondanks hun status en succes. Het zesde album waarvoor ze nu in de studio zitten en dat in 2022 uitkomt, zal misschien het eerste album van deze band zijn met dezelfde zanger als het vorige album.
Het proevertje heet “No Man’s Land” en deze single laat het beste verhopen. Dit overstijgt de glam en sleaze en heeft catchy elementen van Crashdiët’s landgenoten als Europe en Sabaton. Het ritme, de aanstekelijke vibe, de meezingbaarheid, … Het lijkt een makkelijke formule, maar enkel als alles juist zit werkt ze ook en dat is hier het geval. Voor de liefhebbers van klassieke hardrock is dit gesneden koek.
https://www.youtube.com/watch?v=eidua-3li_Q&t=4s

 

Beordeling

Deep Purple

Turning To Crime

Geschreven door

Deep Purple kent iedereen natuurlijk van “Child In Time” of “Smoke On The Water”, zogenaamde onsterfelijke classic-rocksongs die al decennialang genadeloos door onze strot geramd worden tot we er indigestie van krijgen. Deep Purple is echter ook verantwoordelijk voor pareltjes als “Lazy”, “Highway Star”, “Mistreated, “Hard Lovin Man”, “Flight Of The Rat”, “Burn” of “Fireball”, stuk voor stuk songs die rauwer, intenser en potiger klinken dan die belegen klassiekers. Dat is natuurlijk allemaal al lang geleden, want Deep Purple is in feite al jarenlang dood maar ze weten het zelf nog niet. De dood is met name ingetreden bij het definitieve vertrek van de geniale maar helaas ook onhandelbare Ritchie Blackmore. De enige vermeldenswaardige stuiptrekking die Purple zonder Blackmore nadien nog heeft ingeblikt is ‘Bananas’ (2003).
De koppigaards houden zichzelf tot op vandaag nog kunstmatig in leven -het zijn volhouders, dat moeten we hen dan wel toegeven- met als vervanger Steve Morse, een dertien-in-een-dozijn gitarist die telkenmale meent een rits overbodige guitar-hero-clichés uit de kast te moeten halen terwijl niemand daar om gevraagd heeft.
Dead Purple (nee, geen drukfout) vindt nu dat de tijd rijp is om een hoop all time classic-rock songs te gaan coveren. Alsof daar iemand zit op te wachten. Wie kan er nu in hemelsnaam iets aanvangen met de zoveelste versie van “White Room”, ook weer zo een song die we net een keertje te veel gehoord hebben. Bovendien is de abominabele Purple versie dan ook nog eens een regelrechte blamage voor Cream. Ook aan Peter Green’s “Oh Well” voegen ze niets toe, of het moet een lepel smakeloze stroop zijn. En zo gaat dat de hele plaat door. Als afsluiter komt Dead Purple dan nog eens af met “Caught In Te Act”, een zogeheten rockmedley, ook iets wat dateert uit de prehistorie en nooit meer opgegraven had mogen worden. Onder meer Led Zeppelin, Spencer Davis Group en Booker T & The MG’s worden hier schaamteloos verkracht.
Grootste pijnpunt op dit covervehikel is echter zanger Ian Gillan, ooit een gedreven hard-rock giller die alle toonaarden aankon, nu een eentonige brompot wiens stem elke vorm van animo is kwijtgeraakt. Een mens zou haast compassie krijgen met de arme man, zeker nadat we nog eens ‘Machine Head’, ‘Made In Japan’ of ‘In Rock’ achter de kiezen hebben gedraaid.
De oudjes zullen hiermee waarschijnlijk wel de tijd van leven hebben gehad, maar konden ze dit echt niet gewoon binnen de muren van de studio houden?
Dit is de meest tenenkrommende plaat van het jaar.

 

Beordeling

Jim Davies

Prey Later

Geschreven door

De naam Jim Davies zal misschien niet direct een belletje doen rinkelen, maar hij speelde gitaar op de singles “Firestarter” en “Breathe” van The Prodigy. Daarna deed hij nog mee met Pitchshifter en tal van andere projecten. Deze ‘Prey Later’ is zijn tweede solo-album als producer (en ook nog gitarist).
Er staan op dit album een paar stompers die inzake aanpak en energie herinneren aan The Prodigy. EDM met een flinke dosis industrial, redelijk donker ook.
De vocale hulp komt o.m. van Tut Tut Child, zijn echtgenote Abbie Aisleen en van Jamie Mathias, de bassist van Bullet For My Valentine. Twee nummers werden gemixed door Empirion. Dat komen en gaan van vocalisten en de diversiteit aan subgenres bovenop de twee Empirion-mixes maken van ‘Prey Later’ een heel nerveus album, maar dat kan dit genre van electro/EDM wel hebben.
De beste tracks op dit album zijn zonder meer “Hit The Reset” en “Choose Your Poison”, de twee Empirion-mixes die op een album van The Prodigy hadden kunnen staan, het slepende, dreigende, apocalyptische “Prey Later” en het duistere “The Killing Way”.

https://jimdavies.bandcamp.com/album/prey-later

 

Beordeling

Nils Frahm

Old Friends New Friends

Geschreven door

Nils Frahm werd bekend dankzij zijn mix van klassieke muziek en elektronische muziek (synths, drumcomputers, loops).  Deze ‘Old Friends New Friends’ is een lange verzameling van eerder onuitgebrachte stukjes piano van 2009 tot 2021. Volgens Frahm is het niet echt een nieuw album omdat er geen grote lijn, verhaal of thema in zit en ook niet echt een verzamelalbum, maar zo voelt het wel.
De Duitser geeft twee redenen op voor dit album. De eerste is dat hij wil vermijden dat er later iemand door zijn muzikale kluizen zou graaien end at die dan zomaar wat bij elkaar zou graaien om langs de kassa te komen. Hij ‘redt’ deze 23 fragmenten en de rest wordt voorgoed gewist of opgestookt. Een tweede reden is dat Frahm broedt op een soort van nieuw begin. Daarover wil hij nog niet veel kwijt, maar het moet zijn dat deze pianostukjes niet langer bij dat nieuwe verhaal zullen passen.
Het verzamelalbum dan. Het gaat – zoals je kan verwachten – een beetje alle kanten op. Van heel naakte, verstilde en kleine piano-akkoorden tot al meer uitgewerkte en ge-arrangeerde stukken. “Rain Take” is bv. heel mooi uitgewerkt, tegenover ingetogen, kleine stukjes als “Berduxa” of “Late”. Het treurende “Todo Nada” heeft een typische ruis als van een stoffige vinyl. “Wedding Waltzer” swingt en walst een klein beetje, op een jazzy kind of way. “Further In The Making” heeft een wat Oosterse look & feel.
Bij heel wat tracks op ‘Old Friends New Friends’ bekruipt je hetzelfde gevoel: je snapt meteen waarom die track niet op de brandstapel ging, maar je voelt ook duidelijk dat ze (nog) niet de innerlijke kracht hebben van zijn werk op ‘Felt’ of ‘Screws’. Je voelt je getuige van een artiest die zoekt en probeert, die dingetjes uitwerkt of weggooit. In hun soms nog onbewerkte vorm herinneren sommige liedjes meer aan zijn soundtracks dan aan pakweg ‘Juno’. De opnamekwaliteit is niet altijd fantastisch.
“New Friend” is – op de intro en outro na misschien – een mooie, voldragen track die met een beetje meer vijlen en schaven zeker sterk genoeg is voor een regulier album. Hetzelfde geldt voor “Nils Has A New Piano”.  Mijn persoonlijke favoriet is “Strickleiter”.
Deze goedgevulde verzamelaar zal toch vooral de bestaande fans plezieren. Ondertussen kijken we uit naar dat nieuwe begin van Nils Frahm.

 

Beordeling

The Waltz

Red Orange Moon -single-

Geschreven door

Er komt toch heel wat goeds voort uit Kortrijkse regio. Ditmaal The Waltz, een viertal dat hier de vooruitgeschoven single “Red-Orange Moon” op de wereld loslaat voor hun komende debuut album (met name ‘Looking Glass Self’) volgend jaar.
Deze jonge band dook de Dunk! Studio binnen tijdens de pandemie om een plaat op te nemen. Deze single is gestoeld op een heavy groove van bas en drum waarop de rest van de song komt op te liggen. Het klinkt vrij potent dus. Het bevat een leuke bridge waarin alles down gaat en ietwat psychedelisch klinkt. Het staat er als een huis moet ik zeggen.
Een leuke track dat het beste doet vermoeden voor de rest. Qua stijl ligt het ergens tussen Idles, The Jesus Lizard, de ruwere Blur, de grooves a la Franz Ferdinand…
Hun vorige single “Flowers” is ook de moeite waard om eens te beluisteren. Het is ietsjes melodieuzer dan deze single. Je hoort er elementen van de jaren 90 in, ook elementen van indie rock, shoegaze, alternative rock en dat allemaal door elkaar gemengd tot hun eigen stijl.
Een aanradertje.

The Waltz - Red-Orange Moon (Official Video) - YouTube

 

Beordeling

Geronimo

Run High

Geschreven door

Jeroen Geerinck opereert hier onder de naam Geronimo. Misschien ken je hem van o.a. “Snaarmaarwaar”, “Hot Griselda” of “Spilar”.Hij is naast een muzikant ook een producer en studio-ingenieur die veel ervaring heeft met het maken van folk albums. Op dit album beperkt hij zich niet tot folk maar mixt hij verschillende genre-elementen door elkaar. Hij componeert, speelt, mixt en neemt alles zelf op.
De opener “Break of Day” ligt nog dicht tegen singer-songwriter en folk aan. Op “Wetland Track” en het titelnummer “Run High” steekt hij er meer variatie en stijlen in. De synth geeft het geheel een moderne toets en de percussie zorgt voor een stuwend effect. Op “Run High” heeft de elektrische gitaar een prominente plaats en laat hij ze volop ‘vertellen’. Het is melodieus en het vervangt zo ook de zang die hier op dit album niet aanwezig is. “Pace Up” is ook een mooi liedje dat mij wat aan de jonge Mark Knopfler doet denken. De meeste songs hebben folk elementen maar evenzeer rock invloeden uit o.m. de jaren zeventig. Denk aan Neil Young, Bob Dylan, etc…
Het album heeft een fijn, aangenaam geluid. Je hoort duidelijk dat hij dit gewoon is. De liedjes zitten goed in elkaar en ondanks het instrumentale karakter,  verveelt het niet snel. Hij weet het boeiend te houden door zijn melodieën uit te bouwen en van mooie arrangementen te voorzien.

Instrumentale folk-roots
Run High
Geronimo

 

Beordeling

Pagina 10 van 341