logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events 2024 - 30 & 31 aug: Summer bummer festival 2024 - 09 sept: Hollow coves (ism Live Nation) - 13 sept: Jxdn (ism Live Nation) - 17 sept: Ski mask the slump god - 21 sept: 20 jaar Trix - 24 sept: Northlane, Novelists, Ten56 - 25 sept:…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Lode Vanassche

Lode Vanassche

vrijdag 18 juli 2008 03:00

Lou Reed: thank you for having us

Lou Reed heeft in de Bozar te Brussel een meesterlijk concert gegeven. En daarvoor zijn er verschillende redenen.
Ten eerste, Zijne Knorpot had er duidelijk veel zin in. Hij heeft tweemaal een glimlach getoond, eenmaal het publiek begroet en heeft zowaar slechts één keer met zijn rug naar het publiek gespeeld. Naar Lou Reed-normen kunnen we spreken van een heuse euforie.
Zelf kan Zijn Gegroefdheid nog steeds niet spelen, laat staan deftig en juist gefraseerd zingen, maar weet zich weer te omringen met topmuzikanten: Baswonder Fernando Saunders, de schitterende leadgitarist Mike Rathke en de legendarische Steve Hunter die we nog kennen van de fameuse intro op “Sweet Jane” uit ‘Rock 'n Roll Animal’. Drummer Bruce mept er ook niet bepaald naast en dan hebben we nog naast de band een blazersectie en een heus Londens kinderkoor. Dat ze van die enge blauwe soepjurken aan hadden weze hen vergeven.

De derde reden is natuurlijk de inhoud. We wisten dat we een integrale uitvoering gingen meemaken van de destijds zo verguisde en nu zo erkende rockopera 'Berlin'. (Voor de playlist, neem nog eens de elpee of cd vast, en mocht u die niet hebben: shame on you). En wat voor een uitvoeringen kregen we! Ok, onze New Yorkse Autist strompelt over het podium, zucht en gromt zijn teksten, maar naast de nodige zelfbevlekking en zelftriomf laat hij ook nog heel wat ruimte voor zijn muzikanten. De kippenvelmomenten waren dan ook legio, ook mede dank zij de schitterende projecties op de achtergrond die het verhaal van Caroline en Jim
dikker in de verf zetten. Als je weet dat de originele uitvoering 46 minuten duurt en deze ruim anderhalf uur, dan weet je ook dat de intro's en outro's vaak langer waren dan de nummers zelf. Maar vreemd genoeg stoorde dit niet.
Ten vierde, Zijne Retestrakheid slaagde er ook nog in ons gewoon omver te blazen met een bisronde van jewelste. Zoals het een echte grootmeester betaamt, schotelde hij ons bloedstollende versies voor van “Sattelite of Love”, “Walk on The Wild Site”, “Rock’n Roll” die naadloos overliep in “Hanging on” (Jawel, zowaar een cover) en “The Power of The Heart”.

Ondergetekende had voorheen al een stuk of zes keer Ome Lou gezien, en al even veel keer ontgoocheld geweest. Maar wat gisteren op het podium stond, was kortom magnifiek. Na een ellenlange staande ovatie ronde Zijne Ongeschiktheid Voor Comedy Casino de avond perfect af met een kurkdroge arrogante 'Thank you for having us'.

Organisatie: Live Nation

De jonge en beloftevolle zeskoppige opener Brazaville won in 2007 de wedstrijd Jong Jazztalent in Gent. Zopas verscheen hun debuutalbum ‘Days of thunder, days of grace’ op het label Evil Penguin Jazz Records. De band mengt op aanstekelijke wijze jazz, funk en afrobeats. Stuk voor stuk zagen we goede, zelfs heel goede muzikanten aan het werk. Maar de composities van baritonsaxofonist Vincent Brijs kwamen helaas in het begin niet goed tot hun recht. De nervositeit en onzekerheid was duidelijk voelbaar. Belgen zijn nu eenmaal te weinig chauvinistisch. Maar gedurende het concert hebben ze dit ruimschoots goedgemaakt en belandden we uiteindelijk in een opwindende, stomende en pletwalsgewijze set. Vooral gitarist Hellings bewees dat hij zijn zessnaar perfect beheerste. Ze mogen gerust naast hun grote voorbeelden Herbie Hancock, Wayne Shorter, The Headhunters, Miles Davis tot Tony Allen, Fela Kuti en The Meters staan. We horen nog wel van Brazaville, maar dan wel op internationaal niveau.
Line-up: Vincent Brijs (baritonsaxofoon), Andrew Claes (tenorsaxofoon), Nicolas Rombouts (bas), Jan Willems (keyboards), Geert Hellings (gitaar), Maarten Moesen (drums).

Marcus Miller is ongetwijfeld een van de meest geniale en virtuoze multi-instrumentalisten, maar vooral een bassist met legio effecten. Naast zijn special guest DJ Logic had hij een hele resem andere effecten mee. We hoorden veel getrek, geslap en getab op zijn bas, de sax, drums en eender welk ander instrument werd door de effectenkast gejaagd, maar we hoorden geen bezieling. Marcus gaf ons vaak de indruk 'band' werk te leveren, maar dan niet in de muzikale zin van het woord. Tussen het bassen door stond hij soms doodleuk in zijn neus te peuteren. Gelukkig sloeg deze uiterlijke ongeïnteresseerdheid niet over op het publiek.
De set begon nochtans veelbelovend met een Indisch klinkende intro (toetsenist Gonzales Pena speelde op een  Moog), gevolgd door een schitterend Higher Ground van Stevie Wonder. Probeer de Marcus maar eens te volgen als medemuzikant. Maar toch laat hij nog ruimte voor hen.
Het vervolg werd er zowat aangebreid en ik kreeg de indruk eerder een coverband te horen die hun ding stond te doen (slechts één eigen nummer “Tanned”) Na een funky einde kregen we als bisronde nog maar eens een ode aan Miles in de strot geramd. Sorry, folks, maar ik had echt meer verwacht van dat genie.
Line-up: Marcus Miller (basgitaar, basklarinet), Alex Han (saxofoon), Fédérico Gonzales Pena (keyboards), Jason "JT" Thomas (drums), DJ Logic (turntables).

Gelukkig waren er nog The Neville Brothers, ook wel The First Family of Funk genoemd, en uitgegroeid tot één van de boegbeelden van de rijke muziekgeschiedenis van New Orleans en inspiratiebron voor talrijke bands. En deze reputatie maakten ze volledig waar. De kippenvelmomenten waren niet meer bij te houden en in tegenstelling tot bijvoorbeeld een Bootsie Collins , die vorige week nog in Cactus een typisch Amerikaans geforceerd do-you feel-allright-an-wanna-funk-sfeertje trachtte neer te poten, deden Art Neville, aka Poppa Funk, en zijn broers waarvoor ze gekomen waren: muziek spelen. Die pipo's ademen gewoon al vijftig jaar funk. En ze hadden ook nog The Funky Meters mee.
Het meest grappige was dat de zanger, een getatoeëerde kleerkast van 150 kg, zingt met een falsetstem. Gelukkig had de percussionist een misthoorn van een stem. We hoorden ondermeer beklijvende versies van “Fever” en “Ain't no sunshine” van Bill Withers (dat overvloeide in heuse reggae). Eindigen deden de broeders met een totaal overbodige “Amazing Grace” (waarom moest dat nou?) en een stomende “One Heart” van Bob Marley.
De aankondiging '50.00 watts of  pure funk' klopte als een bus, jammer dat het publiek bij momenten eerden ingetogen enthousiast reageerde.

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent
info op http://www.gentjazz.com
Fotoshoots door huisfotograaf Jos L. Knaepen

zaterdag 19 juli 2008 03:00

Gent Jazz Festival 2008: Erykah Badu

Een overvolle tent … misschien ook vanwege het druilerige weer en … de terrasjes waren bijna zo goed als leeg. Erykah zelf had een half uur vertraging … ‘technical problems’.
De band zette in met een DJ en hoewel de muziek opzwepend was, was ik bang dat dit de toon van het concert zou zetten ( makkelijk werk). Na 2 nummers werd de platenboer verwezen naar de achtergrond, waar hij nog steeds puik werk leverde. De band (met 2 sexy backing vocalistes) kwam nu volledig tot zijn recht, wat door de komst van Erykah nog iets later, werd bevestigd.
Maar wat voor een verschijning … een Nubian Queen die met haar stem kon uithalen en wiens lichaamsbeweging zo gracieus was; zoiets mocht ik nog maar weinig aanschouwen.

Wat volgde was een concert met heel veel enthousiasme en een publiek dat daar volledig in mee ging. Wat me opviel, was dat het publiek hier jonger was. De sowieso al puike en vlekkeloze organisatie had dit heel goed bekeken. Zo konden de jongere snaken ook proeven van de roots en fusion jazz van dame Erykah!

Al bij al een toffe ontdekking en een sterke set van een wijf met kloten, die een voortreffelijke mix van soul, hiphop en r&b bracht. Maar ondergetekende als ‘oudere’ zak kende haar net iets te weinig om écht te beklijven. Toch sliep ik héél goed. Laat me zeggen dat ik haar in het begin het einde vond….

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent
Info: http://www.gentjazz.com
fotoshoots door huisfotograaf Jos L. Knaepen

donderdag 17 april 2008 03:00

When the candle dies out…

Is er hier geen sprake van een hype en wordt niet alles opgeblazen? Een roedel jonge genieën die op amper 15 jarige leeftijd zomaar eventjes de Rock Rally wint? Zullen deze jonge adonissen door hun gebrek aan maturiteit zich niet te snel verbranden? Het antwoord is drie maal: ABSOLUUT NIET.
Wat deze knapen presteren is zonder weerga: heel professioneel, heel aardige songs en  in eigen beheer. Jonge natuurtalenten
Opener “The sea is dying” gaat na tien luisterbeurten niet eens vervelen. Liefhebbers van Mogwai, Godspeed Black Emperor en ja, Metallica en Tool komen ruimschoots aan hun trekken. Minimalistische lijnen worden gelaagd en opgebouwd tot het je strot vastheeft en niet meer loslaat. En dit geldt eigenlijk voor alle nummers.”The holy truth” bijvoorbeeld borduurt op het zelfde elan door zonder echter te vervallen in overdreven en nodeloze arrangementen, zo van ‘ zie ons spelen, zie eens wat we kunnen’: zelfbevlekking is hier absoluut niet aan de orde. Op “Blood on your hands” hoor je een band die precies al veertig jaar bezig is: loepzuiver en perfect ingespeeld op elkaar. Weet dat deze gozers nog maar vijf jaar in hun repetietiekot zitten.
In hun genre zijn ze niet echt vernieuwend maar gelukkig hebben ze niet de pretentie om het warm water nog eens te moeten uitvinden.
‘When the candle dies out’ wordt in eigen beheer uitgebracht en kan je bestellen via www.myspace.com/steakn8.
De streek van Kortrijk is na Ozark, Goose, Balthazar,… weer een enorm potentieel rijker: Steak Number Eight staat aan het begin van een ongelofelijke carrière. Programmators aller Pukkelpops ,Dours en Graspops, verenigt u en boek hen!

Playlist: the sea is dying, my hero, the holy truth, on the other side, falling out of a dream, blood on your hands en after you

donderdag 28 februari 2008 01:00

Never Enough

Niemand en tegelijk iedereen kent deze waarschijnlijk meest onderschatte en meest invloedrijke Belgische artiest. Hij speelde als Roland, Roland Van Campenhout, Roland Campenhout, Roland and his bluesworkshop, met Arno als Charles et les Lulus, met Paul Michielsens, met Raymond, met Jean Blaute, met Rory Gallagher (!) en ik vergeet er zeker nog een tweehonderdtal.
Onder het toeziend oog van Tom Vanlaere van Admiral presenteert Onze Vlaamse Tom Waits met zijn achttiende solo ‘Never Enough’ een exuberant staaltje van pure klasse-blues.
Roland is vooral een live-artiest – denk aan een van zijn legendarische optredens op de Gentse feesten, waar hij doodgemoedereerd het podium afstapte en de flikken belde om na zoveel uur zijn eigen band stil te leggen zodat hij eindelijk kon pitten -  maar op zijn platen weet hij toch altijd mee te evolueren met de geest van de tijd. De stijlen die hij hierbij aanraakt gaan van folk & blues over country, rock'n roll, rhythm & blues tot wereldmuziek.
En het buikgevoel en livegevoel weet Ons Wandelend Wijnvat perfect op zijn cd weer te geven, en weet elk stil of luid moment wel te vullen met de nodige dosis humor.
Zijne Gegroefdheid beheerst ook hier de principes van ‘less is more’ en ‘music is the space between the notes’
Opener “Hissing o' the heath'” is alvast een voltreffer. Het nummer mondt uit in een bezwerend refrein waar menig muzikanten een arm voor veil zouden hebben.  Moddervette riffs ( It all has to do with it) worden met verbazend gemak afgewisseld met de meest ontroerende folkjes, banjo’s, jazzy toontjes etc.
Maar vooral hier bevestigt Onze Nicotinefabriek dat hij behalve podiumbeest en muzikale kameleon vooral een begenadigd songsmid is.
We zitten hier godverdomme in ons apenlandje met een van de grootste talenten op deze aardkloot en we beseffen het niet eens.

Track list
Hissing o' the heath / Midnight star / Never enough / Male prostitute / In my time / Officer, kiss me please / It all has to do with it / Fire in the morning / Never too soon / Almost home



Le Grand Mix heeft iets met slechte voorprogramma’s. Vaak hoorden we – zoals vorige week nog – rauwe tot flauwe voorprogramma’s vanuit hun thuisfront. Ok, het siert hen om de lokale bands een forum te geven, maar het moet toch ergens op trekken.

Groot was onze opluchting toen we wisten dat het een buitenlandse band was, namelijk Vic Chesnutt en co, die het genie Gonzalez kwam ondersteunen. Helaas maakte die opluchting snel plaats voor ontgoocheling. Ondanks de fysieke beperktheid heeft Chesnutt voldoende muzikale kwaliteit en heeft hij zeker al kaas gegeten van songwriterschap, maar ik krijg hét van dat arty-farty gedoe en het opzettelijk etaleren van een zogenaamd buikgevoel. Zijn begeleidingsband creëerde op het eerste zicht een lekkere bombastische soundscape, met viooltjes, fuzz en andere nodige geluidjes, maar begon al snel te vervelen door dat in iedere song te herhalen zonder enige zin voor variatie hierop. Bovendien bestonden ze erin om na ruim een uur als afsluiter héél vakkundig “Ruby Tuesday” te verkrachten. Een optreden om snel te vergeten dus.

Gelukkig was er nog onze Gonzalez. Die kerel heeft het gewoon: Alleen met zijn gitaar op het podium. Hij is ten eerste een schitterende singer-songwriter die heel wat pareltjes in petto heeft, ten tweede is hij een begenadigd gitarist: geen vervorming, iedere song een andere tuning en bovendien héél professioneel, beklijvend én warm kunnen spelen: Hij hééft buikgevoel, hij moet het niet creëren of forceren. Ten derde heeft hij een zachte intimistische stem die toch ferm draagt. Tenslotte heeft die mens ook nog eens een van de meest sexiest aura’s op deze planeet (sorry, Lenny).
Het was leuk om nog eens zoveel geile vrouwelijke dertigers vòòr het podium te zien.
En toch, het zal niet blijven hangen…

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

donderdag 24 januari 2008 01:00

Going way out

Kan het jaar beter starten?Er zijn  zo van die artiesten die het hebben. Nick Cave maakt een ommetje met Grinderman en geeft zo een power boost aan zijn Bad Seeds. En zo gaat Jon Spencer ook even zijn Explosion in de koelkast stoppen en met stergitarist Matt Verta-Ray (de naam alleen al!) als Heavy Trash zijn versie van de fifties geven.
Mister ADHD himself serveert ons met zijn tweede Heavy Trash ‘Going Way out’ pure, vettige en right in your face op de 50’s geïnspireerde rockabilly van de bovenste plank. Uiteraard alles in low fi . Het is als hamburgers eten in een drie sterren restaurant.
Vetkuiven aller landen, verenigt u en ga als de bliksem naar deze liveband kijken.
Minder vettigen en kuiflozen zullen zich ook kunnen laven aan dit olijke gezelschap.
Eat your hart out, Brian Setzer.

donderdag 03 januari 2008 01:00

Set Your Head On Fire

Het gaat goed met de Belgische muziek. Het gaat heel goed met de Belgische muziek. We hebben er alweer een knoert van een live-band bij. Na de tweede plaats op Humo’s Rock Rally, een EP ‘Introducing The Black Box Revelation’ brengen Paternoster en Van Dijck een dijk van een plaat uit met ‘Set Your head On Fire’.
Deze Belgische Witte strepen weten je meteen naar de strot te grijpen: ze spelen juist maar de basis (drums en gitaar). Het resultaat klinkt als een kruising tussen de Stripes en de zwaar onderschatte Jon Spencer Blues Explosion. Hun muziek is niet bijster origineel, maar hun mix van vettige garagerock en blues wordt retestrak gespeeld. Ze mogen van mij gerust naast Triggerfinger staan.
Hun verdienstelijke poging om ons uit de sokken te slaan kan ik helaas niet echt geslaagd noemen, vanwege gebrek aan originaliteit. Dit talentvol bandje dreigt te vervagen in het overaanbod van dergelijke groepen die op ons afkomen.
We hebben al Wolfmother gehad, Arctic Monkeys, Yeah Yeah Yeah’s, The Datsuns , The Black Keys. U ziet wel, allemaal goed gezelschap, maar ze verdienen nochtans beter dan alleen maar hun voorprogramma te worden.
The Black Box Revelation = Vettige en retestrakke knipoog naar garagerock.
Songs:
I think I like you, Love In Your Head, Gravity Blues, Never Alone/Always Together, Stand Your Ground, Love, Love Is On My Mind, Set Your Head On Fire, Dollars Are Sweet, They Say, Beatbox Revelation pt.1, Cold Cold Hands, We Never Wondered Why, I Don't Want It, Misery Box.

donderdag 08 november 2007 00:00

Uncle Dysfunktional

The Happy Mondays, met als onbetwiste frontman Shaun Rider en de nog steeds totaal nutteloze Bez, bestaat al sinds 1980. Ze braken door met een cover van de klassieker “Step on You” en werden zo de hoofdrolspelers van wat men nu de ‘Madchester scene’ pleegt te noemen. Beschouw ze maar als een alternatieve funk-rock band. Na hun tweede incarnatie hebben ze sinds 1992 met ‘Yes, please’ geen volwaardige cd meer uitgebracht.
En daar zijn ze nu weer, nog steeds met Bez, maar zonder broer Paul Rider: de vraag is maar of ze er nu weer staan of niet. De fans zullen wellicht deze energieke schijf toejuichen, anderen zullen het waw-gevoel wel missen.
Let op, er staan heel mooie, opzwepende en zeker interessante nummers op – luister bijvoorbeeld naar “Deviant” met als gastzanger rapper Mickey Avalon – maar helaas, ze zijn niet meer vernieuwend en dreigen op te gaan in de zovele andere talloze stukken die zovele andere talloze bands op de markt gooien. Leuk zijn wel de twee verborgen tracks, maar deze truck kennen  we ook al jaren.
Sorry, folks, de eens zo verbijsterende Mondays zijn niet meer wat ze zijn: een referentie. Potten breken zullen ze nooit meer doen.
Kortom, Madchester P-Funk, om er maar een etiket op te plakken.

donderdag 08 november 2007 00:00

The Enemy Chorus

Na wat gerommel met ambient music  richtten Christian Madden en Giles Hatton en nog 9 (negen!) andere muzikanten in 2004 de Brits Amerikaanse band The Earlies  euh… niks te vroeg op. Drie jaar na hun veelbelovend debuut krijgen we een portie niet bijster originele maar zeer sterke portie psychedelica met ‘The Enemy Chorus’.
Ok, ik weet nu niet of dit LSD-freaks zijn, maar ze hebben in ieder geval een overdosis Sergant Peppers geconsumeerd en gecombineerd met techno-toestanden.
Dat ze goed naar bijvoorbeeld ‘A Day In A life’ hebben geluisterd kan je duidelijk horen op “Burn the Liars”: speelse harmonieën die ook aan Neil Young doen denken. De stridente beats op “No love in Your Heart” ruiken dan eerder naar Daft Punk. De titelsong gaat duidelijk richting ‘The Piper at The Gates of Dawn’ van de enige echte Pink Floyd (met Syd Barret dus). Zoals het psychedelici betaamt, gaan ze veel spelen met allerlei vreemde doch herkenbare geluidjes en harmonietjes.
Hoe besluiten? Het betere jatwerk en voer voor mensen die liever niet nuchter door het leven gaan. O ja, en live krijg je alles full option, vloeistofdia’s incluis.
The Earlies = Redelijk sublieme psychedelische experimentele pop.

Pagina 15 van 16