logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Lode Vanassche

Lode Vanassche


Onze muzikale duizendpoot en nationale trots heeft nooit zijn liefde voor jazz en Beefheart onder stoelen of banken gestoken. Herinner u “Theme from Turnpike” en Barmans compilaties voor Blue Note en Impulse. Onze eeuwige hyperkineet heeft dus ook even tijd gehad om naast zijn zevenhonderd andere projecten Taxiwars op te richten. Wat een heerlijke naam, uit ‘Taxi War Dance’ van Count Basie uit 1929.  Het is niet frontman Tom Barman met een jazztrio als rugdekking - saxofonist Robin Verheyen, contrabassist Nicolas Thys, drummer Antoine Pierre, maar een heuse en (h)echte band.

Met de typische lichte arrogantie kwamen ze het podium opgeschuifeld om je meteen naar de strot te grijpen. Het speelplezier droop er zo wat af. Vooral saxofonist Robin houdt de boel bij elkaar.
De nummers zijn eerder kort, maar zeer energiek en krachtig. En nu eens parlando, dan eens zingen en nog eens met stemvervorming deed je al snel vermoeden dat Don Van Vliet wel degelijk gereïncarneerd is.
Ik schreef reeds dat jazz langzaam maar zeker het grote publiek aan het bereiken is en deze vrolijke, tijdloze en zeer hippe freejazz van Taxiwars zal ook wel aarde aan de dijk brengen. Er wordt danig geïmproviseerd en gegrooved dat stilzitten of onbewogen blijven uitgesloten is.
En toch hadden we bij momenten een uiterst gedisciplineerd publiek die zich zowat letterlijk zat te vergapen aan wat de volbloedmuzikanten van Taxiwars aan het brengen waren. Je kon bij momenten een speld horen vallen. En Taxiwars blijft heel subtiel zijn grenzen bewaken. Ze gaan niet overdreven improviseren en durven wel eens flirten met kitch. Onze kettingroker was in zijn nopjes en vooral het grootstedelijke ‘Borgerhout Shuffle’ bleef hangen. “Somewhere Down The Crazy River” van Robbie Robertson en “Chez les Yé Yé” van de al even kettingrokende Gainsbourg werden in een nieuw jasje gestoken. We kunnen enkel maar hopen dat Tom en Co het niet bij een eenmalig project houden. Vlaanderen heeft nu ook zijn Jules Deelder.

Beste Tom Barman, vergeef me mijn grootsheidswaanzin en sta me toe u een tip te geven: zet alles wat je met dEUS gemaakt hebt opnieuw op plaat met uw jazzband Taxiwars en je zal verdomme veel potten breken. Alweer een hoogtepunt . Dat belooft …

Organisatie: Nijdrop, Opwijk

 

Channel Zero is zowat hét Belgische uithangbord van de metalscene en heeft zich in de jaren negentig eeuwige roem toegeëigend met kanjers als “Black Fuel” en “Help”. Franky en co hebben al veel watertjes doorzwommen, hebben al hun drummer moeten afstaan. Telkens is de fenix uit zijn as herrezen. Zo ook nu …

In dezelfde jaren negentig traditie gaan ze nu serieus ‘unplugged’ de hort op. Ze ruilen hun typische ‘wall of sound’ en hun vertrouwde biotoop voor cultuurcentra. Met jazzpianist en componist Michel Bisceglia halen ze wereldklasse binnen en zijn ze zekerder van hun stuk. Franky komt het podium opgestoven, is niet verlegen om een kwinkslag en geint met het publiek  dat het geen naam meer heeft. Een wandeling door de loges is het resultaat. Datzelfde publiek bestaat vooral uit die hard fans, die helaas niet goed doorhadden wat hen te wachten stond. Naast de vaste kern met een nieuwe drummer die net iets te hard zijn best deed en te prominent aanwezig was, en de bovengenoemde jazztopper, omringt Channel Zero zich ook met een resem andere gastmuzikanten, waaronder een viertal prachtige deernes van violisten. Het oog wil ook wat.

Na een overbodig introfilmpje waarbij een of ander wit monstertje (Franky’s stem) zich uit een enge machine bevrijdt, opent Channel Zero met “Black fuel” en je voelt meteen dat het geluid én zijn stem goed zitten.
De visuals zijn bombastisch en nemen de aandacht weg van het muzikale gebeuren. Het publiek smult er wel wat van.
Ik miste wel wat begeestering en halverwege was er een dipje te bespeuren. Even dacht ik aan Level Zero. Gelukkig wisten Franky en co zich snedig te herpakken en lieten ze ons meegroeien naar een voorspelbare climax met “Help”.

Er werd gefluisterd dat dit concert werd geregistreerd. Benieuwd naar het resultaat.

Organisatie: Schouwburg Kortrijk, Kortrijk

donderdag 10 september 2015 01:00

The Godfathers - Old school never dies

Dat Peter van n’Trap en Den Bras een muziekliefhebber in hart en nieren is, mag zelfs een understatement betekenen. Hij haalt nu een dan een grote naam in zijn kroeg. Nu passeerden de Godfathers nog eens.

Het concert begon met “I want everything because I said so” in ware ‘old school punk’ stijl. Meteen de pees erop en duidelijk speelplezier, al was het voor Peter Coyne even zoeken naar de juiste stem.  Gevolgd door een al even stampende “If I had only Time” uit ‘Birth, School, Work, Death’. Hun nieuwe ‘Till My Heart Stops Beating’ bewijst dat ze het nog steeds in hun vingers hebben en trouw blijven aan hun klassieke recept. Drie punk akkoorden op een stevige percussie. Een rifje die ergens naar “Ca Plane Pour Moi” ruikt. “Angry young World” en “Rewind Time” bewijst dat ouderen die over jongeren zingen eenmaal terug in tijd moeten: De punkversie van “Back To The Future”. Twisted rockabilly met “Those Days are over”. “Paranoid” is duidelijk niet die van Black Sabbath, wel komt MC5 even piepen. Het optreden dreigt eventjes te vervallen maar The Godfathers hernemen zich duidelijk met het ironische “I’m Unsatisfied”. Zeer toepasselijke titel. Tenslotte kan enkel een oudere punker een titel zoals “Love is dead” bedenken, om in schoonheid te eindigen met “This is War”.
Den Trap staat er nog!

Organisatie: Den Trap , Kortrijk

Crammerock 2015 op 4 & 5 september 2015 – Zilveren jubileum is meer dan goud waard
Crammerock 2015
GroenePutte
Stekene
2015-09-04 & 05
Lode Vanassche

25 jaar geleden had men op enkele boerenbuitens twee sympathieke jeugdhuizen: De Kreun in het West-Vlaamse Bissegem en  Cramme in Stekene, de ene dicht bij de Fransozen, de andere bij de Kezen. Beiden betekenen nog steeds heel wat in ons Vlaams muzieklandschap. Kreun weet heerlijke optredens en nu ook met Heartbeats festivalletjes te organiseren, Cramme weet al jaren tien duizenden mensen naar Stekene te lokken met affiches om u tegen te zeggen. Nu weer niet anders.
Hun recept is geniaal en eenvoudig: Belgische en Nederlandse stuff heerlijk mixen met wat internationaal gedoe. Laat ons wel wezen, als West-Vlaming pur sang leg ik al jaren lang met plezier de kilometers af naar een van de sympathiekste festivals op onze zakdoek België . Crammerock.

dag 1 – vrijdag 4 september 2015
Ook Frank Vanderlinden van De Mens blijkt zich thuis te voelen. ‘Dit is mijn huis’, als het maar een podium is of een of ander kaffaat. De Mens legt er de pees op, speelt met verve rock in al zijn eenvoud, enkele akkoorden, een brugje hier en daar, heerlijke teksten , speelplezier en enthousiasme. Frank deelt de ‘Angst van Herman Brusselmans’ en laat ons een vleugje kleinkunst proeven. ‘De pijn , dronkenschap en verdriet’ van De Mens doen aan ons aller The Lau denken. ‘Wat kan het mooi zijn in een kamertje in Amsterdam’, en gelijk heeft ie. Lachen en mooi zijn terwijl ‘Zonder verlangen’ een pareltje blijft. Wat hebben die knapen toch bij elkaar geschreven. De Mens en het publiek  hebben zwaar genoten.

De tent loopt vol met jong geweld voor Zornik die nieuw werk naast oud werk komt voorstellen. Tijd even voor de muziekliefhebbers om te pauzeren. Hoe professioneel ze officieel mogen zijn, de intussen besnorde Koen wist niet meteen te overtuigen. Soms klonk alles eerder onsamenhangend en slordig, terwijl het jonge publiek daar geen oren naar had. Heeft Koen het nog? Limburgers en rock is zoals West-Vlamingen en spraaktechnologie. Ze eindigen met “Goodbye”, Zornik leeft nog maar missen de vibes en kicks van vroeger. Iemand moet het overnemen. Mag Zornik zelf zijn ook, hoor, die zich herbront.

De sound en de intense kracht van Intergalactic Lovers maakte dan weer alles goed. Wat een verschijning en wat een potentieel! Tja, olie komt altijd bovendrijven. En de liefde voor muziek druipt er gewoon af. Lara huppelt het podium op als een veulentje dat voor het eerst een weide proeft, misthoornt met haar stem en bezorgt met haar klassebakken voor puur kippenvel. “We are we are” en “Ill” (“Delay” – “Islands”) te noteren als absolute hoogtepunten.

Dandy Warhols
mag je al schikken bij die hoogtepunten. Hun ietwat gepolijste cd-sound mocht plaats maken voor het ruwere en spontanere gitaargeluid. Zanger Courney Taylor waant zich nog op Woodstock, begint als een LSD trip om dan “Heroine” is so passee aan te slaan . De georkestreerde slordigheid doet het gefluit en de feedback en de enkele technische problemen van de gitarist Peter Loew snel vergeten, als was het een kras in een van de fijnste leders. Eindigen met een beklijvende “Bohemian Like you” en “Godless” maakt er toch wel een goddelijk slordig optreden van.

Triggerfinger
blijft alles omverblazen maar moeten er zich voor behoeden dat de routine er niet te veel insluipt en ze te veel ‘hun ding’ beginnen te doen.

dag 2 – zaterdag 5 september 2015
Janez Detd kwam weer eens samen en zette met hun ruige meezinger,- feest- en puberpunk de tent moeiteloos op stelten. Het wat jongere publiek smulde ervan en zag dat het goed was.

Moeilijke opdracht voor opvolger en singer songwriter Gavin James  zou je denken.   Deze knaap bleek er  fantastisch in te slagen om in zijn eentje de tent stil te krijgen en te luisteren naar zijn pareltjes. Zijn tomeloze warmte en vriendelijkheid sprak de mensen wel aan en het was puur genieten van dit heel ingetogen en intens moment. Je waande je zowaar in een ingerookte bruine kroeg. De verdienstelijke covers van “Billy Jean” en “What a Wonderful World” waren best te pruimen, maar Gavin, speel maar je eigen pareltjes. We horen nog van jou.

Je kan er van The Van Jets uitgaan dat ze altijd hetzelfde doen, maar dan net weer iets anders. Alhoewel. Mode-adept Johannes draagt weer hetzelfde plunje en gaat weer op hetzelfde moment crowdsurfen. “Broken bones”  kreeg een ruwe gepaste versie en het publiek smulde ervan. Ze zijn er verdomd goed in.

Benieuwd wat de eeuwige comebacker Joost Sweegers met zijn Novastar zal brengen. Hij begint gepast met een akoestische “The Best is Yet to Come” en vuurt al zijn hitjes af op ons. Hij maakt zijn live-reputatie waar en kan bevestigen met “Miami”, ondanks de valse start van dit nummer. Tipje: Laat die videowalls en projecties achterwege en laat eerder de soms bij momenten heerlijke muziek spreken.

Admiral Freebee
zal en moet in de annalen van Crammerock genoteerd worden als absoluut hoogtepunt. Eén, hij heeft een arsenaal aan prachtige songs. Twee hij heeft muzikanten mee om u tegen te zeggen. Drié het speelplezier is weergaloos. Hij weet zijn prachtige warme doch frêle stem te compenseren met backing vocals en met een blazerssectie die u zowat omver blaast ( wat een flauwe woordspeling). Het begon al met de heerlijke funky soundcheck. Dan beginnen met” The last song” om dan alle toppers met het grootste plezier op het publiek los te laten. “Run”, “Einstein”, “Darkness” en ga maar verder.

Stereophonics
bracht weer de gemiddelde veertiger voor het podium. De landgenoten van John Cale brachten een brok pure nostalgie met vele nummers van ‘waar hab ik dat nog gehoord’. De gitarist is nog steeds retecool en tovert de mooiste riffs en solo’s uit zijn zessnarige plank. Maar het wauwgevoel ontbreekt.

Goose
is er alweer niet in geslaagd om een slecht concert te brengen. Goose kwam, pakte bij de eerste noot het publiek in, liet het niet meer los, gaf het een overdosis adrenaline, zag dat het goed was en overwon. Met nieuwe opener “Lucifer” en eindiger “Synrise” zetten deze Kortrijkse knapen met de vingers in de neus en op één been de tent in vuur en vlam. Enthousiasme, machtige muziek, super lichtshow, eighties in een 2050-versie. Weergaloos. Ze spelen gitaar op synthesizer, toets op gitaar, gitaar op bas, bas op drum, drum op gitaar enzovoorts. Na lang zoeken vond ik niemand in het publiek die niet bewoog of danste, al zat die in een rolstoel.  Het nieuwe werk klinkt meer dan belovend. Het zijn de besten die zich nog verbeteren.

Organisatie: Crammerock, Stekene

AC/DC - Same old fucking brilliant shit
AC/DC
Festivalterrein
Dessel
2015-07-06
Lode Vanassche

Na de verdienstelijke en stevige soulrock van Vintage Trouble openden onze ouwe knarren AC/DC letterlijk met knallers en vuurwerk en met ‘Rock or Bust’. Malcolm wordt vervangen door zijn neef en op Malcolms dementie na zie je nauwelijks verschil. Chris Slade zit weer achter de vellen, na de avontuurtjes van Phill Rudd, maar daar trekt AC/DC zich geen moer van aan.

Ze gaan op een uitverkochte weide voor een retestrak concert. “Don’t you fool around with AC/DC”. Veteraan en working class hero Brian Johnson en eeuwige adhd-er Angus palmden moeiteloos heel de weide in.
De helft van het publiek had dan ook een t-shirt van AC/DC aan. Brian verscheurde zowat zijn stembanden en verkeert in uitstekende vorm. Angus braakt noten uit zijn SG alsof het niets is. “
Hell Aint a Bad Place to Be”. Minder nieuwe – “Rock Or Bust”, “Play Ball”, “Baptism My Fire”, “Rock ‘n Roll Train” – nummers worden afgewisseld met ouder werk. Aan klassiekers geen gebrek.  Het vreemde aan AC/DC is dat ze al 42 jaar hetzelfde doen , eigenlijk altijd dezelfde nummers schrijven en er nog mee wegkomen ook. Het is verdomd goed en het verveelt geen seconde . Er valt gewoon weg niet te ontsnappen aan de energie die deze Australiërs op ons loslaten.
Het enige wat hun leeftijd een beetje kan verraden zijn de iets te lange stiltes tussen de nummers door. Zowat ieder nummer zorgt voor een explosie: “Thunder”, het gebed “High Voltage”, “Rock & Roll Train”. “Fucking Hells Bells” en de klok hangt er. “Have a Drink on Me” wordt na enkele decennia weer opgevist en meezinger “You Shook Me” gaat het letterlijke en figuurlijke vuurwerk van “TNT” vooraf.
Pink Floydgewijs komt een gigantische opblaasbare pop het podium op en begint Angus in zijn blote bast aan het onverslijtbare “Whole Lotta Rosie”. “Let There  Be Rock” wordt hét solomoment voor onze eeuwige schooljongen.
We worden definitief gemokerd in de retestrakke bisronde met “Highway To Hell” en “For Those About To Rock, We Salute You”. 

… It’s only rock ‘n roll, but the audience like it! …
Neem gerust een kijkje naar de pics (via Sony Music)
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/ac-dc-06-07-2015/
Organisatie: Live Nation ism Graspop Dessel

Heartbeats Festival 2015 - Nu al een vaste waarde
Heartbeats Festival 2015
Parc Fluvial d’Halluin
Halluin
2015-06-05 + 2015-06-06
Lode Vanassche

De doelstelling om Fransen, Walen en Vlamingen samen te laten dansen is gelukt. Medeorganisator Tom van Kortrijk blikt tevreden terug naar de eerste editie ( ruim 7500 bezoekers)  en kijkt al reikhalzend uit naar de volgende. Idem dito voor het gros van het publiek.

Met de eerste dag kregen we een aantal in Frankrijk populaire acts voorgesteld. Waardoor deze dag wat Franser kleurde. Laat dit nou de tweede dag omgekeerd zijn. Een ding gemeenschappelijk. Een heerlijk publiek . De taal verschilt en de communicatie is dezelfde.  En op beide dagen kwam Barman opdagen, de eerste dag met het goddelijke Magnus en de tweede dag met het magnifieke dEUS.

dag 1 - vrijdag 5 juni 2015
Het accent op de eerste dag lag eerder op wat elektronica met Metronomy, Caribou, Ibeyi, Years and Years, en Magnus.

Caribou is een pseudoniem voor de Canadese artiest Dan Snaith. Dan Snaith combineert elektronische muziek met indierock en jazz en wordt gerekend tot de New Weird America stroming. Hij brak door met zijn ‘Up in Flames’-album uit 2003. Ondertussen heeft onze dj die zich tussen de sets door verveelde en dan maar zelf nummers begon te schrijven, al zijn zesde uit, telkens anders en telkens beter. Dit geldt ook voor zijn optredens. Wie een doorslag had verwacht van zijn wervelende passage in de AB, was eraan voor de moeite. Even energiek hoor, daar niet van, maar wel weer anders. En dat is nu net zijn sterkte. We herkenden een aantal sterk gebrachte songs uit o.a. “Swim.” Alle respect voor een elektronische groep die alles nog eens live brengt ook. En dansen maar.

Wat kan Magnus verkeerd doen? Top techno dj Cj Boland en oppergod Barman op een vierkante tegel op het podium. Priemende songs, beats and lyrics. Eigenlijk kunnen die gasten niets verkeerd doen en is elk woord over hen overbodig. Enkele onverlaten dierven zich zelfs afvragen of Tom Smith van Editors ging komen meedoen. Boland zorgt voor de beats and loops op zijne laptop, Tom sneert er wat rockgehalte in. De rest doet de rest. Kippenvel. Punt.

dag 2 – zaterdag 6 juni 2015

Badbadnotgoed is een Canadees trio uit Toronto. Met keyboards, bas en drum zijn ze vooral gekend voor hun eigenzinnige en jazzy interpretaties van allerlei hiphoptracks. Hun passage vorig jaar op Gent Jazz was meer dan verdienstelijk en nu deden ze dat netjes over. Badbadnotgood was dus goed. Je zou eerst denken dat ze niet op de affiche passen, maar zoals onze wandelende muzikale encyclopedie Wim F laconiek wist te omschrijven, kregen we een gretig geladen sfeer met puur muzikaal talent. Een machtige bassist, no nonsense, smooth met een gebochelde Ray-Manzarekgewijze toetsenist die wist wat de drummer deed.

Anna Calvi is een Britse singer/songwriter en gitariste. Zowel haar debuut als haar tweede ‘One Breath’ gooide hoge ogen op het Britse eiland. Vooral geroemd om haar stem en prachtige performances. Maar Anna Calvi slaagde er niet in de hoge verwachtingen in te lossen. Ik herinnerde me namelijk een dijk van een concert in de AB. Zoals als elke andere groep werd ze niet aangekondigd, maar nam wel een goede start. Haar muzikanten bleven steeds verder borduren op enkele soundscapes waardoor verveling dreigde toe te slaan. Haar misthoornstem en haar fotgeniekheid kon niet de nodige aarde aan de dijk brengen . Een lauwe tent werd achter gelaten. Misschien beter in een zaal.

González is geboren in Zweden en heeft Argentijnse ouders. In 2004 kwam zijn debuutalbum ‘Veneer’ uit in Europa. Zijn muziek wordt vooral gekenmerkt door rustige folk melodieën, begeleid op akoestische gitaar. Vooral bekend van machtige cover zoals “Teardrop” en “Love will tear us apart”. Deze sterke singer songwriter Gonzales begon er zowaar alleen aan en kon ogenblikkelijk het publiek charmeren en de tent laten vollopen. Na het tweede nummer komen zijn klassebakken opgeschuifeld en worden we verwelkomd op een intieme en begeesterende set waar het publiek gulzig van eet. Een uitstekende percussie viel me op. Sorry Calvi, nu weten we wat muzikanten zijn. Een handvol sing alongs, een symbiose van pop, latin en folk met een soepel elan om u tegen te zeggen. Op het einde mochten we genieten van een beklijvende interpretatie van “Teardrops” van Massive Attack. Het was even zoeken naar het origineel, en dit is een compliment.

En dan de waanzin van dEUS, dé  Belgische rock- en indieband uit Antwerpen. De groep werd opgericht in 1989, kende sindsdien vele bezettingswisselingen en bestaat anno 2007 uit Tom Barman (zang en gitaar), Klaas Janzoons (toetsen en viool), Stephane Misseghers (drums), Alan Gevaert (basgitaar) en Mauro Pawlowski (gitaar). Ze nemen een goede start met “Via”, hoewel het nog even zoeken is naar de juiste vibe (Klaas Jansoons was niet zo goed te horen), die er meteen is met tweede nummer “Architect”. Met vier frotmannen staat er wel degelijk een band op het podium, en niet Tom Barman en Co.
Diezelfde Barman molenwiekt met zijn Telecaster als was het dat hij net even gaan dineren was met Pete Townshend. Alain Gevaert is één van de betere bassisten en weet het geheel perfect te dragen. Maar het is vooral Mauro die het hem doet. Hij zorgt voor de ultieme explosie tijdens de mythische Outro van “Instan Street”. Man, man want een aura. Laat die gast een scheet op het podium, dan nog is het super. “
Going out to steal a ruby and fell of the floor”. Deus heeft er duidelijk zin. “Little arythmetics”, tel maar op, het kan allemaal niet meer  op. Ze hebben dan ook maar te plukken uit een onwaarschijnlijk repertoire. “Nothing really ends” en het optreden zal lang nazinderen. “Pass it on to me”, sprak barman af met zijn manschappen , om ons tijdens de bisronde definitief knock out te slaan met ‘Fucking 22 years old’ “Hotel lounge” en “Suds and soda”. Helaas even tijd tekort voor een “Roses”.

Róisín Marie Murphy is een Ierse zangeres, vooral bekend als zangeres van het duo Moloko.  Ze leerde haar Moloko-partner Mark Brydon kennen op een feestje.
Haar pick-up line ‘Do You Like My Tight Sweater‘ werd de naam van hun debuutalbum in 1995. Voordat ze Brydon ontmoette, had Róisín geen ervaring als zangeres. Het muzikaal duo had ook een relatie, die eindigde in 2003, vlak voor de release van hun laatste studio-album ‘Statues’. Nu gaat ze solo de hort op.  Roisin  Murphy kwam, zag en deed de tent leeglopen.  De funk and soul van haar iconische band Moloko moet de duimen leggen voor allerlei elektronische effectjes en geluidjes, voor arty farty videowalls en een heuse modeshow. 
Murphy verandert meer van kostuum en accessoires dan van lied.
Grace Jones meets Madonna meets Prince meets Bjork meets Massive Attack, maar dan niet in premier league, maar in vierde provinciale. Een flauw afgietsel dus waar bij vakkundig wordt bewezen dat ook vrouwen een midlife crisis kunnen hebben. Zelfs haar eigen fantastische klassieker “Pure pleasure seeker” werd door bovenbeschreven mangel gedraaid.

Besluit: Meer dan een geslaagd festival, mooie lokatie. Borgen wat goed is en verfijnen wat beter kan. Dit smaakt naar meer, veel meer….

Organisatie: Heartbeats Festival (ism Kreun – Grand Mix – Aéronef)

donderdag 07 mei 2015 01:00

Taxiwars

Onze muzikale duizendpoot en nationale trots heeft nooit zijn liefde voor jazz en Beefheart onder stoelen of banken gestoken. Herinner u “Theme from Turnpike” en Barmans compilaties voor Blue Note en Impulse. Onze eeuwige hyperkineet heeft dus ook even tijd gehad om naast zijn zevenhonderd andere projecten Taxiwars op te richten. Wat een heerlijke naam, uit ‘Taxi War Dance’ van Count Basie uit 1929.  Het is niet frontman Tom Barman met een jazztrio als rugdekking - saxofonist Robin Verheyen, contrabassist Nicolas Thys, drummer Antoine Pierre, maar een heuse en (h)echte band.
Met de typische lichte arrogantie zorgt  Barman voor gedreven en gekunstelde zanglijnen  -luister naar zijn Kermit-de-kikker op “Questionsong”-  om je meteen naar de strot te grijpen. Het speelplezier druipt  er zo wat af. Vooral saxofonist Robin houdt de boel bij elkaar.
De nummers zijn eerder kort, maar zeer energiek en krachtig. En nu eens parlando, dan eens zingen en nog eens met stemvervorming deed je al snel vermoeden dat Don Van Vliet wel degelijk gereïncarneerd is.
Zonder Barman staat bijvoorbeeld ook het instrumentale “Your Soul or Mine” als een huis. Deze vrolijke, tijdloze en zeer hippe freejazz van Taxiwars zal ook wel aarde aan de dijk brengen. Er wordt danig geïmproviseerd en gegrooved dat stilzitten of onbewogen blijven uitgesloten is. En Taxiwars blijft heel subtiel zijn grenzen bewaken. Ze gaan niet overdreven improviseren en durven wel eens flirten met kitsch. Getuige hiervan het zwierige “Lets get killed”.
Onze kettingroker is met dit project in zijn nopjes en er hangt zeker een vervolg in de lucht. We kunnen dus  enkel maar hopen dat Tom en Co het niet bij een eenmalig project houden. Vlaanderen heeft nu ook zijn Jules Deelder.
Beste Tom Barman, vergeef me mijn grootsheidswaanzin en sta me toe u een tip te geven: zet alles wat je met dEUS gemaakt hebt opnieuw op plaat met uw jazzband Taxiwars en je zal verdomme veel potten breken.  

De puike organisatie was er ingeslaagd om een affiche samen te stellen om u tegen te zeggen. Dan nog in een van de mooiste locaties op ons zakdoekje Vlaanderen: Casino in Sint-Niklaas. Helaas moesten de ploerten van The Legendary Shack Shakers te elfder ure afbellen ten voordele van een kleinere Amerikaanse toer. Zoek maar eens een vervanger….  Locale Baboons en Crystal vulden met een zekere glans die leegte in door beiden hun nieuwe schijf voor te stellen.

Onze binnenlandse rootspioneers Baboons kwamen hun derde ‘Uptown and Back Again’ voorstellen. De invloed van de Seatsniffers lijkt ietwat weggedeemsterd en ook hadden ze enige moeite om  -zoals ze gewoon zijn – de zaal in vuur en vlam te zetten.  Mij iets te veel clichés: kilos grillcreme, staande contrabas, jeans met duidelijke overslag, nep gretsch. Applaus voor toetsenman, op Nord dan nog. De drummer sloeg er soms enkele kilometers naast waardoor ze deze keer niet echt overtuigend waren. Ze hebben een mooie thuismatch gemist. De versie van Art Nevilles “I’m just a fool to care” mocht er best wel zijn.

Crystal and runnin’ wild was dan iets betere koek. Het frêle zangeresje doet wat timide aan wanneer ze het podium opschuift. Tot ze haar misthoorn van keelgat openzet, ons zowat omver blaast en samen met de voortreffelijke ritmesectie Johhny Trash en Dan Blackwolf voor een stevige start zorgt. Ze zweept met haar stem en sneaky moves het publiek wat op, zoadt een deel aan het publiek zich aan haar stond te vergapen en even de muziek vergat. Verse gitarist Thomas Beardslee in nog niet ten volle ingespeeld maar heeft duidelijk meer dan de nodige kwaliteiten op zak. De Johnny Cash interpretatie mocht er best wel wezen, maar ontbrak aan kippenvelfactor. “Demons” zal echter lang blijven hangen.

Opper- Seatsniffer Walter Broes  haalt International Lieven Declerq en Baboon Bas Verstaen op het podium om met WB & The Mercenaires een overzichtje te geven van zestig jaar, roots en rock’n roll te geven. Met verbazend gemak doen deze  met drieën beter  wat de vorigen met vijf deden.  Bas Verstaen komt hier dus beter tot zijn recht. Beginnen met een instrumentaaltje en dan meteen de pees erin. Comme il faut. Fuck electronica. Speelplezier troef. Respect. Broes en co razen door hun set , en alsof dat nog niet genoeg is, slaat Walter de slide aan om in een soort John Spencer Blues Explosion Trance te treden. Oeps, oordoppen vergeten.
Die gasten van Smokestack Lightnin’ zetten je op het verkeerde been.  Ze noemen zich naar een nummer van Howlin’ Wolf, ze zijn zo roots, americana, country rock,…noem maar op, ze ademen zo Amerikaans dat je compleet vergeet dat het eigenlijk  Duitsers zijn.  Johnny Cash  en Jimmy Reeds geesten dwarrelen op het podium.  Zanger Bernie en vriend van onze –ja- upperseatsniffer Walter gebruikt  zijn diepe stem en zijn rechtopstaande bas om de meest opzwepende countryrock te spelen.

Besluit: Het wegvallen van de Legendary Shack Shakers werd al bij al goed opgevangen door een bende rockabillies die elkaar goed kennen en perfect uitwisselbaar zijn. Ik had iets meer rockabilly waanzin en garageziekte verwacht. Doe mij maar drie en half sterren.

Organisatie: Casino , Sint-Niklaas

dinsdag 14 april 2015 01:00

Paul Weller - Er Paul op!

Over  opwarmer  The Vals  valt niet veel te vertellen. ‘Morning has broken’ en niets nieuws onder de zon. Ze houden van The Beatles maar raken niet eens hun tenen. Xavier Debaere achter de toetsen hielp ook niet relativeren. Ze kunnen beter ook professioneel afscheid nemen.

… Wel ondankbaar om te openen voor zo’n legende Paul Weller. De lokale mods zijn er en the mod is in the mood. Twee drumstellen, percussie, hammond, toetsen, bas twee gitaristen, Les Paul, Telecaster, Sheraton II, SG, noem maar op.

Onze Modfather en immer perfectionistische knorpot was duidelijk in zijn nopjes in een uitverkochte Cactus Club (MaZ) en legde er meteen de pees op. Een strakke start liet meteen opvallen dat de sound en de arrangementen buiten categorie vallen.  Met zijn in ware Britpop gestijlde viifkoppige band bracht Weller een heuse marathonset om duimen en vingers van af te likken. Jongens, wat een muzikanten!
De eerlijkheid gebiedt me te vertellen dat pas bij het derde nummer “White sky” pas alles goed op dreef komt. Steve Craddock is een van de betere gitaristen op deze aardkloot. Paul en Steve zijn danig op elkaar ingespeeld dat de een niet zonder de ander kan. Tijdens de nummers vloeien ze alsof het niets is door elkaar solo’s. 
Bij de presentatie van een nieuw nummer uit de komende schijf ‘Saturns Pattern’ schuift Zijne Misthoorn zich achter de toetsen en neemt het publiek  met de spreekwoordelijke vingerknip mee . “
Running high, long time a la waiting for the man, the attic, peacock”.  Het kan allemaal niet meer op. Met  “You do something to me” deed hij iets met ons.
Meer dan anderhalf uur  werd het enthousiaste publiek een les gegeven in puur vakmanschap. Het metier beheersen krijgt een nieuwe norm. Geen ‘easy greatest hits’ gedoe, maar een eigenzinnige en uitgekiende selectie uit bekend, minder bekend en nieuw werk. Veelzijdigheid, beroepsernst en speelplezier troef. De nieuwe nummers deden denken aan Blur en het betere Bowie-werk uit de ‘sound and vision’ jaren. 
De grote variatie aan nummers werd in een strak tempo in de maag gespiest en werd danig gesmaakt dat Zijne Modheid zelfs zijn publiek bedankte.
Na een tweede bisronde sloot Weller af met het absolute hoogtepunt “Changing Man”.  

Paul Weller blijft op eenzame hoogte én op het toppunt van zijn kunnen staan.

Deze week nog in de AB, Brussel voor een tweede concert!

Organisatie: Cactus Club, Brugge

maandag 09 maart 2015 02:00

La Muerte - Testosteron in oude zakken

In de prille jaren tachtig was ik een van de velen die nogal serieus om vergblazen werd door onze inlandse Stooges / The Jesus and Mary Chain / Birthday Party. Hun interpretatie van “Lucifer Sam” en “Wild Thing” werden grijs gedraaid  en ik meen mij nog flarden van een woest concert te herinneren in ons aller Bissegem. Een dikke twee decennia en twintig kilo later staan deze Brusselse outlaws weer op het podium en klinkt hun typische trash metal zo niet nog strakker dan ooit.

 Wat begon als een vriendendienst, eindigt in een heuse reünie. Destijds in ons land verguisd, daarbuiten de hemel in geprezen. Du Marais en Dee-J omringen zich met jonge(re) muzikanten, waaronder Tino De Martino van Channel Zero, en brengen naar eigen zeggen geen nieuw materiaal, maar wel een verfrist oud materiaal. Oude wijn in nieuwe zakken of testosteron in oude zakken. Vijftiger Dee-J heeft nog geen milligram aan coolness moeten inboeten en vuurt met helvetische precisie messcherpe riffs de zaal in. Zanger Du Marais heeft zich duidelijk laten inspireren door Id!ots door met een jutezak over het hoofd het podium te bestijgen. Gelukkig klonk hij nog steeds alsof hij uit zijn grafkelder zong en waren zijn teksten –nou ja- zo goed als onverstaanbaar. Zo ook vaak de nummers zelf.
Als een rollercoaster passeren onder andere “Fast Wild World”, “Lucifer Sam”, “Black God White Devil” en “Wild Fucker” de revue en na een klein uur zit alles er op. Als toemaatje krijgen we “KKK” en een heuse automotor (!) , waardoor tijdens “Wild Thing” de AB werd gevuld met benzinegeuren. Een beetje theater kan natuurlijk geen kwaad.

We zouden met plezier deze trefzekere gasten mogen ontvangen op de betere en alternatieve festivals. Zijn we gelukkig met hun comeback? Nee. Zijn we gelukkig met La Muerte/versie twee? Volmondig ja!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/fifty-foot-combo-07-03-2015/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/la-muerte-07-03-2015/
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Pagina 8 van 16