logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Depeche Mode - ...
ufomammut_4ad_0...
Festivalreviews

I Love Techno 2007 herwerkt!

Geschreven door

De 12° editie van I Love Techno was een topper. Ruim 35000 enthousiaste bezoekers genoten en ondergingen de pompende dancebeats die tijdens deze editie in de line-up lekker werden aangevuld met aanstekelijke en stevige gitaren. Net als op Dour plaatsten DJ’s en dansgeoriënteerde groepen zich ongedwongen makkelijk naast gitaarbands. Als het maar groovy en dansbaar was! Underworld was (eventjes) vergeten.

Een greep uit het aanbod:
Dr Elektoluv is op een paar jaar tijd een grootse Meneer geworden en kwam in Flanders Expo deze keer niet in zijn witte stofjas maar in een zilveren glittervest. Hij toverde uit z’n vestzak elektroklassiekers onder monotoon pulserende beats. Hij boog de rumoerige zaal om tot een danstempel.

De Britse Turk Erol Alkan verraste als draaitafelspecialist; zijn ‘mind blowing set’ deed de grens tussen elektronica, trance en rock vervagen. Wat een opzwepende DJ set!

Het Britse Simian Mobile Disco maakt samen met The Klaxons en Shitdisco deel uit van de nu-rave. Het duo hield het op een wave van elektronica, beats, grooves , trance en dance. “It’s the beat” en “I believe waren alvast  twee goed meegenomen slogans.

Vijf jaar terug wonnen de West-Vlaamse heren van Goose Humo’s Rock Rally. Ze zijn intussen uitgegroeid tot de Belgische punkfunkband bij uitstek…LCD Soundsystem meets Soulwax Nite Version en Daan. Sprankelende opzwepende dance: elektronicagefreak, opzwepende percussie, pompende dancebeats, snedige en fijne gitaarloops en …dampende lijven. Bring it on! Heren.

Een groot oplichtend kruis op het podium…we waren aanbeland bij de set van het frandse duo Gaspard Augé en Xavier de Rosnay, Justice. Ze gaven  een uur lang het beste van zichzelf; in een overvolle Orange Room. Een pompende mix van ‘80’s kitschdisco, breakbeats en drum’n’bass; een arty dansconept dat erin ging als zoetenkoek: “D.A.N.C.E.”, “Tthhee ppaaarrttyy”, “Stress”  en de schitterende uitdeinende afsluiter “(Where are your friends you) never be alone again”, wat door het publiek werd meegebruld. Om kippenvel van te krijgen! De “7 nation Army” van White Stripes.
Kortom, dit is de nieuwe wind in techno en elektroland; Daft Punk verbleekte. Wat een ‘Cross’ religieuze ervaring!

Naar het einde van de nacht werd het British Murderboys meegepikt: keiharde techno en mag ik even …verstand op nul!

I Love Techno: een geweldige sfeer, een enthousiast, dance-minded publiek, en een herwerkte gouden formule waar de gitaren en de nu-rave binnen de dance en de DJ’s kon worden geplaatst. Mooi toch.

Organisatie: Live Nation (I Love Techno)

Festival les Inrocks 2007: dag 2: Elvis Perkins, Los Campesinos, Noisettes en Editors

Geschreven door

De eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat we over Elvis Perkins, nota bene zoon van acteur Anthony Perkins, geen grondig oordeel kunnen vellen gezien we enkel het laatste nummer hebben kunnen meepikken. Maar afgaande op deze prachtige song en op de enthousiaste reactie van publiek vonden we het wel heel jammer dat we een half uurtje te laat zijn gekomen.

Los Campesinos dan. Voorafgaandelijk hadden we even naar die gasten hun EP geluisterd en daar ontdekten we toch wat fijne en frisse dingetjes op. Maar deze gingen echter live volledig verloren tussen het arty farty gepingel, de stuurloze herrie en vaak ongepaste noise. Los Campesinos is een zevenkoppig  collectief en dat zijn er minstens drie te veel. De nerveuze, springerige en vaak te opgejaagde poprock bevat wel een paar aardige ideeën, maar het begon allemaal toch wat te snel op de zenuwen te werken, mede dankzij een vervelend ettertje van een zanger die hoegenaamd niet kon zingen. De drie bevallige dames binnen de groep zagen er wel leuk uit maar konden het boeltje ook niet redden.

Verrassing van de avond was het Britse trio Noisettes.  Een wijf met met ballen op vocals (een even fel konijn als Lisa Kekaula van The Bellrays maar ze zag er nog iets beter uit), een flitsende en energieke gitarist en een weelderig behaarde neanderthaler op de vellen, een drummer om ‘Keith Moon’ tegen te zeggen. Ze speelden rauwe, zeer opwindende en energieke rock’n’roll met af en toe een welgekomen rustpunt en met de nodige show verzorgd door de oververhitte dame Shingai Shoniwa.  Een avontuurlijke mix van The Bellrays, The Yeah Yeah Yeahs, The Stooges en The Dirtbombs.

Editors zijn op 2 jaar tijd uitgegroeid tot een  ‘grote’  groep en klinken op een podium inderdaad als een goed geoliede machine die weet hoe een publiek in te palmen. Dit hebben ze voor een groot stuk te danken aan hun frontman Tom Smith wiens stem en présence staan als een huis. Een paar jaar terug stond hij nog wat onwennig en lichtjes bescheiden op het podium, op vandaag is de zaal gewoon van hem. Dat zijn stem aanleunt bij die van Ian Curtis is helemaal niet uit de lucht gegrepen, maar in tegenstelling tot het pikzwarte Joy Division klinkt Editors toch een pak opgewekter. De jaren tachtig invloeden uiten zich ook duidelijk in de galmende gitaren van Chris Urbanowicz, die een handvol rake riffs uit zijn gitaar tovert zoals The Edge ze al in 15 jaar niet meer weet te bedenken. De set van The Editors was krachtig, stevig en ook soms wel te luid. De rustiger en subtielere momenten van op hun platen mistten we hier wel een beetje, de sound van de avond was nogal dichtgemetseld. Ze hadden ook maar een uurtje, wat als enigszins plausibele uitleg kan worden aanschouwd, het moest vooral vooruit gaan.  Editors speelden ook opvallend veel tracks uit hun debuut ‘The back room’, de sterkhouders van het optreden kwamen voornamelijk uit dat album, alsof zij zelf ook wel weten wat hun beste werk tot nog toe is.
Feit is, Editors is een hechte live band die rijp is voor nog grotere prestaties en voor de hoogste postjes op de affiches van de grote festivals. Toch loert er ook enig gevaar om de hoek bij deze band, hun songs zijn allemaal  een beetje volgens hetzelfde herkenbare stramien opgebouwd. Nu is het nog fris, maar naarmate de jaren zullen vorderen zal er toch enige vernieuwing en variatie in hun sound moeten komen willen ze een relevante groep blijven.

Organisatie: France Leduc Productions ism l’Aéronef, Lille

Festival les Inrocks 2007: dag 1: New Young Pony Club, Yelle, Jack Penate en The Go!Team

Geschreven door

Le Festival les Inrocks biedt een pak fijne, beloftevolle bands de kans zich te profileren binnen enkele grootse steden in Frankrijk (Parijs, Bordeaux, Nantes, Strasbourg en Lille). Op elke locatie kon je een verscheidenheid van bands zien. Te Lille kon je op 9 november terecht voor New Young Pony Club, Yelle, Jack Penate en The Go!Team.
Op 10 november waren volgende bands te zien: Elvis Perkins, Los Campesinos, Noisettes en Editors.

New Young Pony Club is een jong Brits bandje met zangeres Tabitha Bulmer in een hoofdrol. Het vijftal zorgde al meteen voor een klein feestje met hun opwindende,  energieke gitaarrock, sfeervolle toetsen en opzwepende percussie. Hun debuut ‘Fantastic Playroom’ met de single “Ice cream” verscheen onlangs. Jeugdig enthousiasme, die de volgende stelregel hanteerde: ‘Join their club’!

De 24 jarige Française Yelle haalt op haar debuut ‘Pop-Up’ invloeden aan uit de  Franse ‘80’s discoclubs en linkt het aan de huidige electropop. Enerzijds was er sprake van een onschuldige, sensueel prikkelende electrokitsch in het verlengde van Lio en Vive La Fête, waaronder  een cover  van  A cause des garçons, anderzijds haalde Yelle het huidig elektronicagefreak en de pompende beats aan van Soulwax Nite Version, Foxylane en Goose. Het trio deed dit vooral in de tweede helft van de set. Ze toverden eventjes de l’Aéronef om tot een La Bush discotheek .

De sympathieke Brit Jack Penate (Spaanse vader en Engelse moeder) kwam z’n debuutcd ‘Matinée’ voorstellen. Een rauw, venijnig gitaarspel en een opzwepende percussie zorgden voor fris sprankelende en leuke gitaarpopsongs, gekenmerkt door huppelende ritmes. “Spit a stars”, “Got my favourite” en “Learning lines” gaven alvast het tempo aan van een broeierige, dynamische en ontspannende set. “Dub be good to me” van Beats Int. (Fatboy Slim) kreeg een aangename wending. Penate hotste heen en weer op het podium.
Het trio ontpopte zich als een partyband. “Made of codes” en de single “Torn on the platform” waren de partytrekkers. Penate had het  rock’n’roll karakter van Edwyn Collins en de uitstraling van Billy Bragg. Overtuigende set en een sterke respons.

Het uit Brighton afkomstige zestal The Go!Team leek de nieuwe versie van The Rock Steady Crew uit de ‘80’s. Ze haalden allerhande invloeden aan, gaande  van hiphop, noisepop, popelektronica en trancegerichte dancebeats, opgezweept door een dubbele percussie; één van de zangeressen Ninja voerde allerlei turnoefeningen uit. Een ‘mishmash’ aan ogenschijnlijk botsende geluiden en ritmes, maar steevast in een strak bijeengehouden melodie.
The Go!Team wisselde mooi af uit hun twee verschenen cd’s ‘Thunder lightning strike’ en ‘Proof of youth’, onder de afwisselende zang van Kaori Tsuchida en Ninja. “The power is on” zette de toon van een uurtje bubblegumpop. Ze speelden gretig in op de reacties van het publiek. Ze maakten het feestje tijdens de eerste avond van Le Festival les Inrocks compleet met “Grip like a vice”, “Bottle rocket”, “Flashlight fight”, “Titanic vandalism”, “Doin’ it right” en “Keys to the city”.

Organisatie: France Leduc Productions  ism l’Aéronef, Lille

Sonic City Festival 2007: zondag 21 oktober

Geschreven door

Op zondag 21 oktober traden volgende bands op: Ignatz, De Portables, Gomm, Dirty Projectors, Numbers en Deerhoof.

We vatten deze tweede dag aan met het Franse Gomm, die we eerder dit jaar al een fijne set zagen spelen op het Dourfestival. Hun combinatie van weirdo postpunk, noiserock, electropop en psychedelica klonk boeiend en intrigerend, was opzwepend, en onderging diverse tempowisselingen, ondersteund door de op elkaar afgestemde man – vrouw zang. Een mooie spanningsopbouw en explosies. De vitaliteit en de gepassioneerde, sensuele zang van Marie hadden iets mee van Polly Harvey en Debbie Harry. Er werd rijkelijk geput uit de nieuwe cd ‘4’: “Don’t take a chance”, “Good sides” en “It’s not easy”, overtuigende Engelstalige songs in een typisch Frans accentje.

Het eigenzinnige The Dirty Projectors, onder Dave Longstreth, is al een kleine zeven jaar bezig. Longstreth leek een op hol geslagen David Byrne. Het kwartet speelde enerzijds subtiele engelenpop door de samenzang van twee hemelse vrouwenstemmen en de vocale capriolen van Longstreth, anderzijds klonken ze  rauw rammelend (lofi inslag) met tegendraadse ritmes, onverwachtse wendingen en noisy uitbarstingen. Muzikaal een rijkelijk gevarieerde en avontuurlijke dromerige of een grimmige, ongrijpbare sound.

Numbers
, uit San Francisco, klonk binnen het rijtje van het festival het meest toegankelijk. Invloeden uit de ‘70’s  doorleefde gitaarrock, indierock en ‘90’s psychedelica deed het trio denken aan een potige kruisbestuiving van Cheap trick, Yo La Tengo en Spacemen 3. De sound overheerste - door het messcherpe gitaarspel en de Moog synths - de onvaste, hemelse zang van de drumster.

Tenslotte Deerhoof, ook uit San Francisco, die het tweedaags festival besloot, balanceerde tussen breekbare pop en avant garde. De dromerige, sfeervolle songs worden bepaald door repetitief opbouwende gitaarlijnen en strakke drums, waarbij het drietal onverwachts fors en krachtig uithaalde met rauwe noise. Deze contrasten maakten Deerhoof  uniek, ergens tussen Stereolab, Blonde Redhead, Electrelane, Shellac en Pavement.
Duidelijk was dat het sterk op elkaar ingespeelde drietal, onder de frêle vocals van de enthousiaste kleine zangeres Satomi Matsuzaki, live harder en scherper klonk.

Organisatie: De Kreun, Kortrijk (ism met Hitch)

Sonic City Festival 2007: zaterdag 20 oktober

Sonic City Festival is een gloednieuwe tweedaagse happening geïnspireerd op de ‘All Tomorrows Parties’, en heeft de ideale timing plaats te vinden een kleine twee maand na de zomerfestivals. Sonic City zal jaarlijks door een andere artiest worden gecureerd. Voor de eerste editie stelden Tim Vanhamel en Aldo Struyf van Millionaire het programma samen, een combinatie van enkele gevestigde waarden en aanstormend talent binnen de noise underground.
Een 250 personen per dag waren aanwezig.

Op zaterdag 20 oktober traden volgende bands op : I Love Sarah, Silvester Anfang, Todd, Sunburned Hand Of The man, Shit & Shine, Michael Gira (Ex The Swans) en Bordedoms.

Sunburned Hand Of The Man, is een collectief uit Boston, Massachussets. Het gezelschap met wisselende bezetting timmert al meer dan 10 jaar aan de weg en is bijna constant op tour.  Ze worden gezien als één van de grondleggers van de ‘new weird’ America folk-revival scene, de freefolk genaamd,  samen met Devendra Banhart, Joanna Newsom, Six Organs of Admittance en Animal Collective.  Muzikale spontaniteit en avontuur staan centraal in hun eclectische en bonte mix van spacerock/psychedelica, dub, freefolk, electronica en krautrock.  Sommige leden van de band waren vermomd en hadden vreemde attributen bij, wat hun eigenzinnige muziekcocktail versterkte. De aanwezigen konden genieten van dit rariteitenkabinet. Jammer dat het na drie kwartier al afgelopen was.

Shit and Shine is een gelegenheidsproject met leden van de noise/metal/indie-bands Todd (dat al eerder in de namiddag op het podium stond) en Part Chimp.  Op het podium stonden vier drummers (waarvan twee vrouwelijke), drie synths en twee vocalisten. Achteraan waren ook twee drumstellen geplaatst, wat zorgde voor een speciaal geluid.  Shit and Shine hanteerde maar één muzikale regel: er wordt maar één beat gespeeld en daar wordt niet van afgeweken.  Hun 'set' bestond maar uit één nummer, maar wel één van ruim 25 minuten.  Basis van het nummer was één repetitieve drumpartij, versterkt met noise, soundscapes en vervormde, overstuurde vocals.  Muzikaal had het wat weg van Boredoms (het tribal drumwerk), Butthole Surfers (noise en de vocals) en Melvins (zware gitaren/experiment).  Shit and Shine toonde de ware kracht van herhaling en liet vele aanwezigen achter in 'trance'.  Indrukwekkend en allesbehalve mainstream!

Voor muzikaal avontuur en creativiteit kon het publiek aankloppen bij de getalenteerde Mauro Pawlowski. Deze muzikale veelvraat heeft al een pak projecten achter zich en stelde op Sonic City songs voor van o.a. Somnabula, Possessed Factory en Otot. Hij kon rekenen op een ‘all star band’ waaronder Pascal Deweze en Elko Blijweert, die meteen wel in z'n vroegere Grooms konden stappen. Als een duivels ontketende Cave ging Mauro te werk. In de sound waren The Birthday Party, Shellac, Cop Shoot Cop, Barkmarket en het oude Swans te horen, onder de grommende, messcherpe schreeuw- en zegvocals van Mauro. We waren een klein uurtje welkom in Mauro’s hallucinante muzikale wereld: rauwe, ongepolijste, harde als broeierige ‘alternative’ rock, die onverwachtse wendingen ondergingen en een laag distortion en elektronisch vernuft hadden, als op  “Truth & style”, “Fat sinister” en “I can’t stop talking”. Het ging naar een climax met “Blues from planet ?” en “Monkey howl”, gedrenkt in een dosis experiment.

Ex-Swans-frontman Michael Gira, tegenwoordig al bijna tien jaar actief met Angels of Light, betrad daarna het podium: Keurig in maatpak, met hoed en enkel met een akoestische gitaar zorgde hij voor een intieme, intense set.  Met zijn diepe en dreunende stem bracht hij een mooie dwarsdoorsnede uit zijn reeds 25 jaar tellende 'muziekcarrière'.  De nadruk lag op zijn werk onder de naam Angels of Light.  Van het enkele maanden geleden verschenen album 'We are him' bracht hij “The promise of water”, “My brother’s man” en “Sometimes I dream I'm hurting you 4” (over een droom betreffende zijn zwangere vrouw).   Andere Angels of Light-songs waren het sfeervolle “The rose of Los Angeles”, “Destroyer” en “Nations” (opgedragen aan zijn thuisland, de VS).  Van zijn invloedrijke en ondergewaarde noise/post-industrial/no-wave groep Swans bracht hij “New mind”, “I am the sun” en “God damn the sun”.   Het zijn krachtige songs die 15-20 jaar na dato nog altijd overeind staan en niets van hun originele kracht ingeboet hebben.  Spijtig dat hij af en toe werd geconfronteerd met enkele ongelukkige reacties van het publiek. Maar Gira stond zijn mannetje en ving dit mooi op. Kortom, een overtuigende set van een sterk en eigenzinnig songwriter. Prachtige performance!

Het Japanse Boredoms was de headliner. Het concert werd door de hoge technische vereisten verplaatst naar zaal Theater Antigone, waar drie indrukwekkende drums en elektronisch apparatuur waren opgesteld. Opmerkzaam was een houten gitaararm van snaren, waarop kon worden gedrumd.
Als sinds ’86 zijn deze geluidsterroristen bezig, die een overweldigend totaalspektakel afleverden. Deze avantgarde sound onderging je letterlijk: het tribaal drumwerk, de repetitieve ritmes, de elektronica en de schreeuwcapriolen van zanger Yamatsuka Eye.
Dit is waar Battles en ‘90’s bands als Kong en Slagerij Van Kampen de mosterd vandaan haalden. Boredoms zorgde voor anderhalf uur spektakel van experiment en geluidsnoise, dynamiek en subtiliteit.

Organisatie: De Kreun, Kortrijk (ism Hitch)

Riffs’n’Bips Festival 2007: een aangename en fijne mix van electro en rock

Geschreven door

Voor de eerste keer maakte ik kennis met het Riffs’n’Bips festival, al aan de vierde editie toe, een happening met een mix van electro en rock, in de Lotto Expo te Mons.  In vroegere edities kwamen al Vive la Fête, BRMC, Millionaire, Black Strobe en Magnus langs. Een aangename en fijne ontdekking bij onze Franstalige vrienden!

Als start kon ik van het beloftevolle viertal The dIplomat, die naar Brussel zijn uitgeweken, nog enkele nummers meepikken: snedige gitaarrock’n’roll, een venijnige melodie en gretig spelplezier. Hun pas verschenen debuut lijkt me op die manier meer dan de moeite waard…

Piano Club uit Luik, gegroeid uit leden van Hollywood Porn Stars en Malibu Stacy, is één van de Waalse exponenten die in Vlaanderen van wal kunnen steken met hun grillige en subtiele gitaarpoprock, een vleugje ‘80’s synthi wave en elektronicableeps; het viertal was voor deze happening speciaal in het wit gekleed en speelden enkele aardige nummers als “Love machine”, “Walkin’ bigfoot”, “Girl on tv” en “Shine”. Net als bij The dIplomat is het uitkijken naar hun debuut.

Het Franse Punish Yourself (met een opmerkelijke corpulente gitariste!) was totaal andere koek: ze spelen een crossover van industrial, punkmetal en ‘digital’ hardcore (elektronische mitrailleursalvo’s/technopunk) ergens tussen Ministry, het oude NIN, Marilyn Manson en Atari Teenage Riot. Een apocalyptische, bloedstollende sound van een in fluor gebodypainted viertal. In een moordend tempo haalden ze ‘sex, death en destroy’ undergroundverhalen aan, vorm gegeven door zwart/wit projecties, een decor van skeletten, afgehakte hoofden,  en bandages van vrouwenlichamen.  Enkele gitaarrock’n’roll licks op z’n Poison Ivy’s (van The Cramps) en een dubbele percussie zorgden voor variatie. Op het eind kwam J-L Demeyer van Front 242  nog een nummer meezingen; de groep kon rekenen op een sterke respons en had een pak die-hard fans mee…Punish Yourself  is de wildcard voor een nieuwe soundtrack van een David Lynch film…

De menigte kon zomaar moeiteloos overstappen van de oorverdovende sound van Punish Yourself naar de electrokitschpop van Daan, die ferm werd gesmaakt. Hij en z’n band waren alvast mooi uitgedost in kostuums. Op z’n eigen unieke manier en houding is Daan een festivalbeest. Het was een niet te missen optreden, voor wie hem nog niet aan het werk zag. Hij bouwde z’n set zorgvuldig op: “The player” en “Victory” bouwden een finale reeks naar “Sweet designer drugs”, een intieme “1969” (op piano), “Promis U” en de dance klassieker “Housewife”, die de ganse zaal tot dansen bracht.

Het Zwitsere trio The Young Gods, onder zanger Franz Treichler, zijn al ruim twintig jaar bezig. Samen met The Swans en Einstürzende Neubauten gaven ze de elektronica een bepalende push onder de stijl van ‘industrial’.
Hun combinatie van elektronica sounds, en –dwarrels en de dosis voorgeprogrammeerde gitaarexperimenten (en –noise), opgezweept door een begeesterende percussie, en ondersteund door de Frans/Engelse galmende, declamerende schreeuw/zegzang van Treichler, blijft een uniek gegeven. Af en toe integreerden ze ambient en technotrance. Trouwens, The Young Gods gaven twee jaar terug een fijn overzicht van hun muzikale carrière en bewezen dat ze totaal nog niet waren uitgeblust.
Met hun donkere dreigende, broeierige sound, slaagden ze er nog steeds in zich te kunnen meten tegenover de huidige sliert industrial/waverock/gothic bands. Witte spotlights (inclusief een spot op het microstatief!) en stroboscoop gaven kleur; Onlangs verscheen de nieuwe cd ‘Super ready/Fragmente’, waaruit live gretig werd geplukt: op “El magnifico” kwamen de drums op het voorplan,  “C’est quoi c’est ça” leidde de middernachtmis in, “Un point, c’est tout” leek de soundtrack voor een nieuwe ‘The excorcist’ en met ‘Every where’ en ‘I’m the drug’ toonden ze aan hoe inventief en scherp ze kunnen klinken. “Kissing the sun” en “Envoyé” waren alvast twee niet te missen klassiekers, die op een sterke respons konden rekenen. Spijtig genoeg waren ze gelimiteerd qua tijd, wat hen beperkte nog meer muzikaal afwisselend materiaal voor te stellen.

Na deze optredens kwam de klemtoon op enkele DJ sets: Agoria feat. Peter Murphy (van Bauhaus), IamX en Cosy Mozzy: een pak nieuwe geïnteresseerden daagden op, wat me deed terugdenken aan de DJ sets op het Dourfestival.
Het Franse Agoria uit Lion hield met hun aanstekelijke, bruisende en groovende technoclubtrance gedurende een klein uur het dansende publiek in z’n greep; een vleugje psychedelica en electro waren een welgekomen verfrissing, naast de grauwe, donkere vocals van Peter Murphy in twee songs.
IamX en Cosy Mozzy besloten op overtuigende wijze de vierde editie van electro en rock event die op ruim 3000 belangstellenden kon rekenen.

Organisatie: Riffs’n’Bips, Mons

Radar Festival 2007: het jaarlijks initiatief van Le Grand Mix, Tourcoing

Geschreven door

Het Radar Festival is een jaarlijks initiatief van Le Grand Mix Tourcoing, gedurende drie avonden, waarbij per avond een drie à vier bands worden voorgesteld. Op en rond het podium hangen enkele schermen. Tussen de bands kon je rustig verpozen in ‘The village’ voor een drankje, een theetje en een hapje; er was randanimatie in enkele caravans, die in een halve cirkel waren opgesteld. Trouwens, Le Grand Mix is momenteel tien jaar bezig…
We kozen voor het thema van Dag 2: Peace & Love & Flower Power; vier bands traden aan: This Is The Kit, Tender Forever, The Do en I’m From Barcelona

This Is The Kit
is een Britse singer/songschrijfster, die intieme, breekbare pop met een folky, bluesy ondertoon speelde, gedragen door haar overtuigende, pakkende vocals; ergens tussen Michelle Shocked, Suzanne Vega en Joni Mitchell. Haar bloemetjesjurk bekrachtigde het gegeven van Peace & Love & Flower Power. Door ziekte van haar violist, was ze genoodzaakt alleen op te treden; innemende songs op elektrische of akoestische gitaar en op banjo.

De meest opmerkelijke solo artieste was de Française Tender Forever, die een langdurige stage in de VS er op zitten had; haar avontuur en ervaring zette ze om in een opmerkelijk livesetje op elektronica en gitaar. De multi-instrumentaliste startte schuchter, maar palmde gaandeweg het publiek in met haar bricollage van (neurotische ) elektronica soundscapes, gitaargetokkel, handgeklap en stemexperiment. Er was zelfs een vleugje freefolk door allerhande geluidjes. Ze animeerde het publiek ongelofelijk. Op het scherm  waren soms twee artiesten geprojecteerd, die samen met haar speelden, dansten of zongen.  Op het einde maquilleerde ze haar gezicht en trakteerde het publiek op een ‘Tender hardcore’ afsluiter. Een duik in het publiek maakte dat ze letterlijk op handen werd gedragen!

The Do, een Frans drietal, haalde hun muzikale roots uit Scandinavië: er kleefde een Finse vlag op hun instrumentarium, surplus de  ‘lookalike’ van de zangeres. Ze creëerden een warm melancholisch, dromerig en sfeervol poprockgeluid, ergens tussen The Cardigans, Mum, Blonde Redhead en de rits integere vrouwelijke singer/songwriters, die door de synthi, belletjes en tierlantijntjes rond het drumstel, en de hoge, hemelse en ijle zang zeggingskracht kregen.

En tenslotte trad een Scandinavische band aan,  uit Zweden I’m From Barcelona, die door hun feestmuziek de naam van het festival alle eer aandeden. Ze zorgden voor een Flaming Lips sfeertje door de talrijke ballonnen, confetti en snippers; “We’re From Barcelona” werd een instant (one hit?) klassieker, wat een heuse succesvolle tournee op de been bracht.  Net als bij The Polyphonic Spree was er sprake van een band van 14 man op het podium, die speelden, dansten en zongen, de ene wat meer geflipt dan de andere…Een zondagsmis kon niet beter worden geanimeerd. Na de Pavarotti/Freddie Mercury’s bombastische “Barcelona” opener, vatte het feestgedruis aan: de groepsleden sprongen als gekken in het rond en er was meteen een dansende massa op “Treehouse”. De zanger dook meteen het publiek in. Het was ons duidelijk: het geflipt allegaartje I’m From Barcelona trakteerde ons op een klein uurtje party time. De nummers logen er niet om: “Rec & Play”, een praktisch onherkenbare “Like a prayer” van Madonna, “Chicken pox” en “We’re From Barcelona”. Een hoogstaand tempo van feestvieren die snel voorbij was. “Jenny” en “Barcelona loves you” wakkerde in de bis een polonaise aan, waarbij iedereen op het podium werd uitgenodigd om te jumpen op een hard/breakcore remix van hun hit.

I’m From Barcelona is een prettig gestoord collectief die het publiek in goede stemming bracht en een fijn weekendje inzette…en ze waren geslaagd in hun opdracht!

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

25 jaar Kunstencentrum De Vooruit – Een feest!

Geschreven door

25 jaar geleden werden de deuren van de Vooruit feestelijk heropend. Een driedaags openingsweekend lokte toen een massa nieuwsgierige artiesten en feestvierders.
Op 22 september werd Kunstencentrum De Vooruit 25 jaar uitbundig gevierd met een groots feest van rockmuziek, theater en mediakunst, performance en dans. Een feest met een nostalgische blik op het verleden, een staalkaart van het heden én een open blik op de toekomst. Een feest met grote en kleine namen, met internationale artiesten en kunstenaars van eigen bodem die in en met Vooruit zijn grootgebracht of er voor het eerst voet aan wal zetten. Feestgedruis ook, waarvoor diverse artiesten samenwerkingen aangingen en specials maakten rond De Vooruit.
Om middernacht gaf De Vooruit aan de Bagattenstraat een vuurwerkspektakel door de Franse vuurwerkmakers Cie Ephémère op de  rockelektronica van het Ijslandse Apparat Organ Quartet. Het was koppen lopen om dit schitterend spektakel te zien. Hoed af voor 25 jaar Vooruit – Een spetterend feest!

Er was tussen 20 en 24u in het grote concertgebouw heel wat tegelijk te beleven. Ik legde de klemtoon op de ‘korte’ optredens die in het Concertgebouw en in de Balzaal waren. De blokken bigband/theater in de Theaterzaal waren in een mum van tijd volgelopen, bijgevolg konden we deze niet bijwonen.

Een overzicht
Soapstarter mocht op zomerse wijze het feest openen in het Concertgebouw. Een aanstekelijk, groovende en rockende sound, met een vleugje funk, country en elektronica; ze speelden op relaxte wijze een handvol songs van hun debuut ‘Naked Wheelz’.  Vooral naar het eind gaven ze een onverwachtse techneut wending!

Bent van Looy zorgde voor het eerste intermezzo van een tiental minuten. Hij zorgde voor kippenvelmomenten door z’n intense pianospel en pakkende stem. Hij bracht voldoende variatie aan, en hij dompelde ons onder in een ‘50’s clubsfeertje. Enkel de sigarettenrook ontbrak nog …

The Bony King Of Nowhere is een beloftevol jong Gents bandje. Ze kaapten al enkele prijzen weg en intrigeerden met hun melancholisch, breekbare en intieme pop. De gitaarslides, de keyboards, de piano en de overwaaiende vocals refereerden aan Low, Cowboy Junkies en Bonnie Prince Billy.

The Ex feat Getatchew Mekuria en Friends was het hoogtepunt van de avond. Het Nederlandse anarcho collectief The Ex onderscheidde zich deze maal met  de 71 jarige Ethiopische saxofonist Mekuria. Ze hielden je ruim een uur in de ban met hun filmisch sfeervolle, warme, broeierige en groovende avantgarde jazzypoprock, repetitief opbouwend en inwerkend op de dansspieren. Een puike liveset, die het feest in de Vooruit onderstreepte.

Snel nog een paar songs meepikken van het optreden van Jerboa, de Vlaamse DJ Shadow, die met z’n band een geheel van donker dreigende trippop, zwoele beats en scratches speelde. Johannes Verschaeve van The Van Jets besloot de set met de doorbraaksingle “Number one”.

Luc De Vos verving Kowlier als tweede intermezzo. Als jonge gast hielp hij 25 jaar geleden mee aan de bouw om een centje bij te verdienen. Hij mocht de “sjappe” mee gieten…een eer om nu net op deze befaamde vloer een intieme setje te spelen. Na “Schaduw in de schemering” geraakte De Vos even de tekst kwijt op “Zomer van de liefde”, maar werd geholpen door enkele vrouwelijke fans. Toch altijd fijn om deze volksfiguur op zo’n relaxte wijze aan het werk te zien.

Baba Zula feat Fred Firth introduceerde z’n bezwerende trancegerichte  worldsound en traditionele Turkse muziek. Feeststemming in de Balzaal door de opzwepende sound van elektronica, percussie, gitaarsoli en een zwierende buikdanseres.

Tenslotte The Violent Husbands onder de broers Jason en Benjamin Dousselaere en Dijf Sanders. Z stelden hun titelloos debuut voor en speelden hun spanning en stress weg door de songs humoristisch aan elkaar te praten. Ze overtuigden met hun (akoestische) gitaren, elektronica, blazersectie en backing vocalisten; we hoorden een aardige en broeierige lofi rammelende americana/countrypop set. Muzikaal vakmanschap van De Belgische Timbuk 3, die de ideale soundtrack leverden van een spaghetti western; een paar songs zongen ze in het Nederlands. Terecht dat ze al een hoge prijs wegkaapten in het Oost-Vlaams rockconcours.

Om middernacht was het dan tijd voor het vuurwerkspektakel en de party met de Poplife DJ’s tot in de vroege morgen…

Organisatie: Vooruit, Gent

Oost-Vlaams Rockconcours 2007: selectiereeks 100% Puur Pop uit Oost-Vlaanderen

Geschreven door

Oost-Vlaams Rockconcours 2007: selectiereeks 100% Puur Pop uit Oost-Vlaanderen

Zes groepen traden aan in deze selectiereeks 100% Puur Pop uit Oost-Vlaanderen nl. Broken Bottle, Sit, Krati, Miss Fortune, No Mo Trevno en D.U.C.K.-Tape. Ze kregen de kans om live binnen het half uur enkele songs voor te stellen.

Het uit Knesselare afkomstige uitgebreide gezelschap Broken Bottle speelde aanstekelijke, groovy jazzypop, bepaald door de onvaste, warme stem van de zangeres. De capriolen van één der trompettisten en z’n raps op het eind van de set gaven wat pit en dynamiek in de anders sfeervolle set.

Sit uit Gent was een eenmansproject. Een gewaagde onderneming van een jonge gast, die met drumcomputer en cello een geheel bracht van drum’n’bass, ‘80’s wave en neurotische trance. Een donker, dreigend geluid en een vleugje experiment, onder mans diepe, onvaste zegvocals.

Krati, uit Gent, haalde de postrock van Mogwai en Explosions in the Sky aan, werd beïnvloed door de ijzige Noorse bands, en lieten de twee violistes kleur geven aan hun filmische sound.  Ze verwerkten zelfs surf en ‘Once Upon A Time’ country, wat uiterst origineel was.

Miss Fortune, uit de omgeving van Deinze, zorgde voor voldoende power en dynamiek in hun retrorock’n’roll. In de fijne gitaarsoli hoorden we ‘70’s hardrock. Hun présence kon alvast de harten breken van menige motorfreaks, want de zangeres leek een herboren Joan Jett.

Het Gentse No Mo Trevno  leek wel het huisorkest bij een Quentin Tarentino film, als ‘From dusk till down’, door hun uptempo surf gitaarrock’n’roll: rauw, broeierig en fel bedreven. De sympathieke zangeres nam een bepalende rol in door haar helder overtuigende, soulesk   aandoende stem. Scherp venijnig songmateriaal ergens tussen The Gossip, Noisettes en The Bellrays.

D.UC.K.-Tape, eveneens uit Knesselare, is te situeren binnen hiphopmiddens. De Oost-Vlaamse raps van het drietal volgden elkaar snel op, onder éénduidige beats; een vierde man probeerde het publiek nauw te betrekken bij “de feeste” van de rappers.

Leffingeleuren 2007: zondag 16 september

Geschreven door

Shannon Wright (Concerttent) opende very slowly om ons na een tiental minuten definitief wakker te schudden met haar rauw rammelende lofi gitaarrock. Deze dertigjarige dame is al ruim tien jaar bezig, en kon zich voor de eerste maal uit de vergetelheid spelen. De twee mannen met baarden (bas –drums) leken meermaals in trance, toen de songs diverse tempowisselingen hadden.

Absynthe Minded (Concerttent) was net als The Van Jets op een pak festivals te zien de voorbije zomer; ze speelden een vertrouwde set, waarbij ze gretig putten uit hun recentste album ‘There is nothing’ waaronder  “On a plane”, “I’ll be allright”, “I wanna forget” en een fel bedreven “Stuck in reverse”. “My heroics, part one” werd niet vergeten en was een aangenaam rustpunt in de set.

Rachid Taha (Concerttent), een Fransman van Algerijnse afkomst, maakte een broeierige mix van poprock en worldbeats. Met z’n band maakte hij er een zomers feestje van; voor de liefhebbers!

Admiral Freebee(Concerttent) nam live op Leffingeleuren wat gas terug tav hun laatste festivaloptredens. Een sfeervolle Admiral trad deze maal op. Hij plukte een handvol songs van de drie cd’s: “Ever present”, “Lucky one”, “Recipe for disaster”, “Faithfull to the night”, “Living for the weekend” en “A perfect town”. “Oh darkness” en “Einstein brain” zetten de tent in vuur en vlam en het sfeervolle “Boy you never found” besloot.

Gabriel Rios (Concerttent) mocht het festivalweekend te Leffingeleuren  definitief afronden. Merkwaardig genoeg was de belangstelling iets minder dan bij Admiral Freebee. Als rapper warmde hij het publiek op, om vervolgens enkele stomende rockers te spelen als “Unrock” en “Ghostboy”. Sfeervoller en met enkele exotische ritmes klonk “Las cavaleras”. De herkenbaarheid werd groter met de singles “Angelhead”, “Babe lone star” en “Broad daylight”.
Rios werkte naar een groovende climax met “Tu no me quieres” en “La gran siesta”. In de bis behield hij de sensualiteit met “Papo” en “Cincomanos” om tenslotte sober en elegant te eindigen op akoestische gitaar.
Een sterk onthaal en een warm applaus aan het adres van Rios die eind het jaar in Vorst Nationaal concerteert. Heu, kan Admiral Freebee de volgende groep zijn, die zich naar zo’n grote zaal verplaatst?!

Organisatie: Leffingeleuren, Leffinge

Pagina 108 van 111