logo_musiczine_nl

Talen

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Egyptian Blue
ufomammut_4ad_1...

Rock Werchter 2009: donderdag 2 juli 2009 Aanbevolen

Geschreven door
&

Editie 35 van Rock Werchter was er eentje onder een verzengende, tropische hitte en één gutsende regenbui. Om vier dagen Werchter mee te maken en het muzikaal vol te houden was een goede conditie opportuun.
4 keer 80000 bezoekers konden worden genoteerd door de organisatie, waarbij het opviel dat het festival telkens internationaler wordt. Op onze weg kwamen we Ieren, Spanjaarden, Australiërs en Scandinaviërs tegen, naast Engelsen en Nederlanders.
Nieuw was de ‘tournipit’ vooraan de Mainstage: om te vermijden dat er een te grote druk kan ontstaan in het publiek vooraan, konden via een draaihek een gelimiteerd aantal mensen de toegang krijgen tot de afgebakende ruimte voor het podium.
Rock Werchter blijft Vlaanderens grootste en is het best georganiseerde festival ter wereld. De headliners bevestigden, singer/songwriters konden zich ontplooien en er waren de dansacts en DJ’s ,die zorgden voor afwisseling en variatie. En de gehypte controverse omtrent Milk Inc werd de grond in geboord.
Een tevreden publiek, een tevreden organisatie en ... een tevreden reporter.
Een overzicht van de indrukken van de concerten – ‘Ready to Rock Werchter 2009’…

- dag 1: donderdag 2 juli 2009
Eagles of death metal (Mainstage) gaf de aftrap van de vierdaagse marathon. Het kwartet onder spil Jess ‘the devil’ Hughes dompelde ons onder in een stevige portie stoner rock’n’roll van snedige, rauwe, zompige en strakke gitaarlicks, “Only want you”, “Make a bang”, “Bad dream” en “Wanna be in L.A.”. Rockclichés vlogen om de oren. Ze hielden het bij de eenvoud van de rock’n’roll: een stomend rechttoe-rechtaan setje, zonder al te veel franjes. Moeder Hughes en zijn zoontje waren van de partij in de coulissen, keken toe en zagen dat het goed was. Fijn dat de familie er op die manier kon bij betrokken worden.

Ondanks dat ze uit alle uithoeken komen hebben de heren van Expatriate (Pyramid Marquee) Australië als thuisbasis. De groep kwam in de bekendheid als support van dEUS en speelde een set van melodieus meeslepende, gedreven poprock. De keys verraden een ‘80’s Simple Minds en ook in de zang hoorden we Gavin Rossdale (van Bush) en Jim Kerr van Simple Minds terug. We hoorden een doordeweeks bandje met songs die er niet direct uitsprongen.

Eén van de toppers die al in de namiddag op de Mainstage stond, was Lily Allen. In tijgerbh en legging trok ze de aandacht. Onze felgebekte jonge Londense dame stal volledig de show en had de jongens en meisjes vooraan de stage volledig mee om de refreintjes van haar fijne pop te laten meezingen, als “Everyone’s at it you”, “Smile”, “The fear” en “Fuck you”. Ze trakteerde op een paar overtuigende covers “Oh my God (Kaiser Chiefs), “Day’n’nite” (Kid Cudo vs Crookers) en “Womanizer” van Britney Spears, waarbij ze ondertussen al haar legging had uitgedaan en te zien was in passend tijgerslipje … Een wulpse dame, glimlach op het gezicht, een goed op elkaar ingespeelde band, een heldere zang en wuivende handjes … Beter kon niet onder de stralende zon. Naast enkele aanstekelijke, dansbare nummers hoorden we ook enkele mellow souljazzy zonnebadende nummers, waaronder “He wasn’t there” en “Little things”. “It’s not fair” mocht met een fikse scheut electro het feestje besluiten. “Dit was het meeste naakte optreden dat ik ooit gaf”, scandeerde ze nog. Mooi meegenomen dus…

We pikten nog iets mee van de gig van de sympathieke IJslandse zangeres Emiliana Torrini. Ze brak door met haar derde plaat ‘Me & Armini’ en het opzwepende “Jungle drums”. Maar ze maakt tevens plaats voor haar singer/songwriterschap, wat te horen was in de sfeervolle luistersongs “Big jumps” en “Lifesaver”. Aanstekelijk klonk het met “Heard it all before” en het obligate “Jungle drums”, die het vuur in de pan sloegen in de Pyramid Marquee.

De eerste grote afspraak in de Marquee was met het vijfkoppige Fleet Foxes uit Seattle: dromerige indiepop, psychedelica, americana, folk en ‘60s pop gedragen door warme, hemelse meerstemmige vocale pracht. De band heeft een pak klassesongs klaar, die live niks inboeten aan subtiliteit. Ze werden erg overtuigend gespeeld: “Sun giant”, “White winter hymnal”, “Ragged wood” en “Tour protector”. Het publiek reageerde enthousiast en de band was onder de indruk. Ze profileerden zich tussen My Morning Jacket, Band of Horses, Belle & Sebastian, Beach Boys en Crosby, Stills & Nash. Op het nieuwe “Bedouin dress”, mocht het publiek de maat meeklappen en op “Mykonos”, één van de prachtsingles van de cd, palmden ze letterlijk de tent in. Wat een elegante muzikale schoonheid en wat een blijdschap zagen we op het podium.

Placebo (Mainstage) verkocht in geen mum van tijd het KC uit, zal op één van de Pukkelpopdagen afsluiten en komt begin december terug in het Sportpaleis. Maar eerst was het uitkijken wat ze op de wei in Werchter zouden doen. De band is een uitgebreid collectief geworden met twee gitaristen/keyboards en een violiste. Brian Molko en Stefan Olsdal hebben met Steve Forrest een nieuwe drummer, die de band alvast nieuw leven heeft ingeblazen op de recente cd ‘Battle for the sun’ … een hernieuwde drive die de band ten goede kwam. Als een volleerd QOSA-drummer, mepte hij erop los en gaf vaart aan het geheel. De band speelde strak en stevig, was soms messcherp en stelde eerst een pak nieuw materiaal voor aan een geboeid en dankbaar publiek: “Kitty litter”, “Ashtray heart”, “For what it’s worth”, “Seak in tongues” en de titelsong. De herkenbaarheid van oudere songs hoorden we dan met “Every you & every me” en “Special needs”. De groep, die de ‘80’s rockwave laat doorschemeren in hun sound, gaf jongere bands toch even het nakijken. Ze zetten een ‘best of’ Placebo in: “Meds”, “Come undone”, “Special K” en een fel bedreven en noisy “Sing to say goodbye”. Placebo is uitgegroeid tot een topband en beet z’n ereplaatsje in Werchter af. Het verzilveren gebeurt in Hasselt-Kiewit?!

Het Brits/Australische Pendulum dreunde er op los in de Pyramid Marquee. De band deed vervaarlijk aan het te vroeg heen gegane Atari Teenage Riot van Alec Empire denken door de scherpe metalgitaren, drum’n’bass, bonkende electro beats en trancy soundscapes. Een loeihard pompende set van het gezelschap.

Wie Oasis (Mainstage) in januari ll aan het werk zag , moest bekennen dat Oasis er terug stond: “Fuck the people who say fuck Oasis!”, bleek het besluit van onze redactie, ondanks Liam’s arrogante koelheid en hautaine opstelling, handen op de rug en de lippen genageld aan z’n micro. Ook hier was de band onder een deels nieuwe bezetting te zien, naast de broers Gallagher, wat de sound hechter en homogener maakte. Oasis trok de kaart van de rock’n’ roll die de ‘60’s en ‘70s samenbrengt, en The Beatles onvoorwaardelijk hoog in het vaandel droeg. Het bewijs was er met het afsluitende “I am the wallrus”, dat rauw, hard en nosiy klonk. Anderhalf uur putten ze, zonder al te veel commentaar, uit hun vroegere classics. De taal van de instrumenten sprak: “Rock’n’roll star”, “Lyla”, “Cigarettes & alcohol” en “Roll with it”. Grootse nummers als “What’s the story morning glory”, “Wonderwall”, “Champaign supernova” zaten tussen de broeierig rock van “Slide way”, “Supersonic” en “Live forever”. “The masterpaln”, “Songbird” en het heel innemende “Don’t look in back anger” ( Noel op gitaar en een luidkeels meegezongen refrein door het publiek) waren de paar rustmomenten die de band in z’n set voorzag. Op het eind begaf Liam zich naar de eerste rijen, vroeg een sigaret en keek naar z’n eigen band. Oasis: een band op z’n beste niveau, die erin slaagde een pittig gedreven set te spelen.

Als warming up voor The Prodigy, ondergingen we nog even de deep funky basses en dance van techno, house en drum’n’bass van Tiga (Pyramid Marquee), die België als z’n tweede thuis beschouwt. Onze knoppendraaier pompte er een breed arsenaal van deze stijlen door .

Het Britse Prodigy overweldigde midden de jaren ’90 met een hardcore rave aan breakbeats, bonkende en ronkende basses, scherpe gitaren en industral. Dancerock! De daaropvolgende jaren namen ze de tijd, maar de inspiratie bleek zoek: mak stuurloos materiaal wat zich vertaalde in rommelige, schreeuwerige en chaotische livegigs. Howlett (productionele brein achter Prodigy), Maxim R en Keith Flint (uitgangsbord van de band) hebben zich duidelijk hierin herpakt: als ‘real warriors’ gingen ze te werk. Het trio, met band op het podium, klonk strijdvaardig en plaatste de oude hits netjes binnen het nieuwe, wat hun niveau naar boven trok. Ook nam Maxim R het voortouw tav Flint, die op die manier (terecht) minder in de picture stond. Ze fokten hun publiek op met classics als “Breathe”, “Their law”, “Poison”, “Firestarter” en “Voodo people”, naast een “Worlds on fire” en “Warriors dance”. Prodigy had er duidelijk zin in en met hun fans als prooi zorgden ze voor een nachtelijke party op de wei (Mainstage); hun mokerslagen van beats breidden ze uit in de bis: “Diesel power”, “Smack my bitch up”, “Outta space” en de huidige “Invaders must die” en “Take me to the hospital”. Treffende afsluiter!

Organisatie: Live Nation - Rock Werchter

Aanvullende informatie

  • Datum: 2009-07-02
  • Festivalnaam: Rock Werchter 2009
  • Festivalplaats: Festivalpark
  • Stad (festival): Werchter
  • Beoordeling: 4
Gelezen: 869 keer