logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

30 Seconds To M...
billy_talent_ab...
Johan Meurisse

Johan Meurisse

woensdag 30 december 2009 01:00

Wall of arms

Het kwintet uit Brighton, The Maccabees, verrast aangenaam met de tweede cd ‘Wall of arms’. Ze overtuigen met aanstekelijke, broeierige en snedige indiepoprock; de opbouwende songs beschikken over een boeiende melodielijn en zijn gelinkt aan de ‘80’s waverock. Onmiskenbaar is de invloed van Arcade Fire en de zang van Win Butler. Maar we horen ook in de zang van Orlando Weeks Finn Andrews van The Veils weer. Trouwens, The Maccabees deden beroep op Markus Dravs, die eerder al instond voor het materiaal van … jawel Arcade Fire.
De eerste songs “Love you better”, “One hand holding” en “Can you give” vormen de toon van de sterke plaat. Persoonlijk kapen “Young lions” en “No kind words” de hoofdprijs. De afsluitende sfeervolle “17 hands” en “Bag of bones” onderstrepen de klassepopindie. We kunnen enkel maar zeuren over de aartslelijke hoes …

woensdag 30 december 2009 01:00

Let’s change the world with music

’Let’s change the world with music’ …wat een droomtitel van een plaat. Niet verwonderlijk, de romantische songwriter Paddy McAloon van het Schotse Prefab Sprout zit hier achter. Hij intrigeerde midden de jaren ’80 met een paar puike platen dito singles. We plaatsen het even op een rijtje: doorbraak ‘Steve McQueen’ (’85): “Faron young” – “Appetite” – “When loves breaks down”; ‘From Langley Park to Memphis’: “King of rock’n’roll” – “Cars & girls” – “Hey Manhattan” en tot slot ‘Jordon: the comeback’ in ’90, één van de meest prestigieuze en perfect stilistische popplaten, minutieus uitgewerkte sprookjespop van het songschrijftalent, die zich probleemloos naast een John Lennon kon plaatsen.
Na deze meesterlijke plaat, hoorden we nog sporadisch van McAloon: in ’97 verscheen het bleke ‘Andromedia heights’, en de laatste jaren bracht hij solo nog een tweetal platen uit. Getergd van de muziekbusiness en geplaagd door partiële blind- en doofheid trok hij zich terug.
’Let’s change the world with music’ is een demoversie van een verkapt conceptalbum na ‘Jordon: the comeback’ die, ruim vijftien jaar later, ‘opgekalefaterd’ werd door Calum Malcolm. Ze werd toen na een handvol mislukte opnamesessies weg gekieperd. We horen restanten van hun meeslepende elegante, vakkundige, sfeervolle pop/soul/gospel. De eerste songs “Let there be music” en “Ride” hebben wat meer groove en drive, maar de daaropvolgende songs laten de fijnzinnig- en subtiliteit doorschemeren van heerlijke, ingetogen pop als “Music is a princess”, “Falling in love” en “Angel of love”. Een beetje zoals ‘The spirit of Eden’ van die andere befaamde perfectionistische songwriter, Mark Hollis van Talk Talk.

woensdag 23 december 2009 01:00

Further Complications

Britpop en Pulp zijn de eerste gedachten als het over muzikale duizendpoot Jarvis Cocker gaat. Een man van vele gezichten, die z’n rijkdom aan ideeën en stijlvarianten plaatst binnen uitbundige, aanstekelijke, broeierige en intieme songs . Momenteel staat Pulp op non-actief en hoorden we hem in enkele gastrolletjes op platen van o.a. Air en Marianne Faithfull. Opmerkelijk is de samenwerking met Steve Albini die de Cocker sound compacter en directer maakt. Eenvoudige, doeltreffende pop dus.
Hij brengt stomende en dynamische Britpopgekte in “Angela”, “Richard” en de titelsong, maar koppelt het aan enkele ingetogen  nummers als “Leftovers” en “Hold still”. Of je hoort een dromerige crooner “I never said I was deep”. Op het afsluitende uitgesponnen “You’re in my eyes” stort hij zich in de ‘70’s soul/disco, die de sfeer ademt van Rose Royce en Marvin Gaye. Het onderstreept mans veelzijdigheid op het tweede solo –album, drie jaar na ‘Jarvis’.

woensdag 23 december 2009 01:00

We’re on your side.

In de voetsporen van het Scandinavische Sigur Ros en Björk treedt Slaraffenland; ze zijn al toe aan hun derde cd en hebben een hechte band met Efterklang. Een klankenwereld opent zich binnen de popfolk en beeldrijke indietronica. ‘We’re on your side’ is de meest toegankelijke plaat totnutoe en kan een doorbraak naar een breder publiek forceren. We horen harmonisch, aanstekelijke melodieën door de verschillende gitaarlagen, knisperende, zalvende elektronica, aangevuld met blazers, orkestraties en een dromerige zang. Het zijn tien fascinerende songs, die een energieke schoonheid uitstralen en onderhuids refereren aan de schone kwaliteit van Arcade Fire.

Wat een guur winterweer moesten we trotseren om een avondje electroclashende bitchpunk van Peaches aka de Canadese Merrill Nisker te kunnen bijwonen. Twee supports had ze mee om op te warmen en onze gedachten op iets anders te zetten dan de toe gesneeuwde wegen …
Ze had het alvast door en wist anderhalf uur lang een ludieke geilshow op te zetten …

De inmiddels 40 jarige bitchqueen kwam in de belangstelling met de cd ‘Fatherfucker’ en haar duet met Iggy Pop “Kick it”. De electropunk werd breder op ‘Impeach my bushes’ door uitstapjes naar de wave, hiphop, r&b en trancy, opzwepende en pompende dansbeats. De sound werd toegankelijker en liet zelfs een meer emotievolle, kwetsbare kant horen op de laatst verschenen sfeervolle cd ‘I feel cream’. Peaches deed beroep op de electro – en knoppenfreaks Digitalism, Simian Mobile Disco en Soulwax en gaf de indruk ouder en wijzer te zijn op plaat.
Live is het nog steeds andere koek. Ze bleef van zich afbijten … afgeilen met een pittige, gedreven, seksueel prikkelende, fantasierijke show. Vettige basses, pompende synthbeats en aanstekelijke, vunzige refreintjes van ‘tits’, ‘dicks’ ‘fucks’, … vlogen om de oren. De spectaculaire show werd op poten gezet met lasereffects, rookgordijnen, de outfits en verkleedpartijen die een ‘Moulin Rouge’ voor ogen hielden, tot de verbeelding sprekende, uitdagende bewegingen, sensuele danspassen en tot slot lichtsabel - achtige instrumenten die het geheel kleur gaven. Het kwartet werd soms aangevuld met enkele schaars geklede danseressen.
Gehuld in een rookgordijn kwam ze op de catwalk … podium gewandeld in een speciaal kostuum, wat deed denken aan de kostuums van Fever Ray en Grace Jones. Op de eerste niet evidente dreigende donkere “Blade runner” en “Mud” werd ze al op handen gedragen; in de daaropvolgende nummers “Talk to me” en “Fxx like a billionaire” voegde ze de daad bij het woord, want ze stapte al wankelend letterlijk op haar publiek. Wat een nummertje voerde ze hier op! Samen met de tweede dame op synths en haar danseressen shakete ze haar ‘tits’ op “Shake your …”. Naast de show en electrobeats hoorden we een steeds krachtiger wordende gitaar en opzwepende drums. Ze deelde wespensteken uit, prikkelde en varieerde haar sound; ze stapte van de aanstekelijke electropop over naar de traag, slepende beats en van wave doordrenkte “I U She”, “Tombstone” en “More”, die een kruising waren van het oude Suicide, Fad Gadget en de Star Wars tunes. Na “Slippery dick”, waarbij ze showde met een levensgrote fluorescerende ‘dick’, kwam in het tweede deel van de set de rockbitch op het voorplan: eerst waren er “Boys wanna be her” en “You love it”; in de bis ontspoorde het in regelrechte electropunk dito attitude van korte, krachtige en snedige songs, “Rock it”, “Rock’n’roll” en “Set it off”, waarbij ze de eerste rijen vroeg hun t-shirts uit te doen of te zwieren met de beha’s. Intussen hadden we ook een paar lekker groovende songs gehoord als “Lose you” en de singles “I feel cream” en “Fuck the pain away”. Tot slot waren we onder de indruk van de lasers en die lightsabel instrumenten op de dreunende trance van “Operate” en “Take you on”. Dankjewel Peaches voor deze goed gevonden act!

De ophitsende uitgekiende show van de dame is alvast met de eindejaarsperiode in ons geheugen gegrift!

We werden voldoende opgewarmd door het Belgische Vermin Twins, een dj project van Lotte Vanhamel (zus van …) en Micha Volders (El Guapa Stuntteam). Geflipte electro/funk/industrial/hiphop ergens tussen Aphex Twin, Prince, Stijn en Leftfield. Zij zong en krijste, bewoog als een spook met een wit tafellaken, huppelde en danste als een bezetene over het podium. Hij leefde zich uit op z’n mengtafel, laptop en knoppen en vervormde z’n vocals. Een tweede MC kwam af en toe een handje toesteken. Ze verwerkten een tweetal covers, Michael Jackson/George Michael, in hun weirde elektronische sound, die op het eind uitmondde in een wild losgeslagen geluid.
We konden even op adem komen op Hawney Troof, een hyperkinetisch Amerikaans duracell konijn die een leuke one man show bracht in een naar Consolidated en Beastie Boys neigende sound. Allemaal om het publiek op te zwepen naar de closing final van Peaches.

Organisatie: Trix Antwerpen

donderdag 26 november 2009 01:00

Static Moves

Pascal Deweze is de muzikale duizendpoot achter Sukilove. Na het melodieuze rockavontuur van Metal Molly, zagen we hem talrijke leuke bands opstarten als Mitsoobishi Jackson en Chitlin’ Fooks. Sinds een paar jaar is er nu Sukilove. Daarnaast staat hij in voor allerlei producties en duikt hij op in Mauro & The Grooms en Big Star. Het onderstreept mans veelzijdigheid.
Onder Sukilove is hij al bezig sinds 2001, bracht al een paar EP’s uit en na cd’s ‘Sukilove’, ‘You kill me’ en ‘Good in your bones’ voegt hij er nu ‘Static Moves’ aan toe. Hij is met z’n band moeilijk in een hokje te stoppen en dat hoeft ook niet, want we horen hier broeierig, intens slepend, dynamisch materiaal, die oog hebben voor melodie, avontuur en experiment. Geen gladgepolijste popdeuntjes dus!
Er zijn al heel wat mooie zinnen omschreven voor z’n muziek als ‘pop met roestige weerhaken’ en ‘homo erotische rock zonder lipstick’. Kijk, het draait ‘em rond dat Sukilove heerlijk complexe muziek maakt die uiterst gevarieerd klinkt, onverwachtse wendingen ondergaat en doordacht, subtiel is gearrangeerd. Het zorgt er op die manier voor dat de band alle valkuilen kan ontwijken en een eigen geluid heeft, wat nu net de mystiek is van Sukilove. “Rebel” en “Choose your love” zijn alvast uitnodigend, werken prikkelend werken en wekken nieuwsgierigheid op naar de rest van de plaat.

Info op http://www.sukilove.com 

Menig muziekliefhebber fronst de wenkbrauwen als we zeggen dat de Nederlandse Nits al 35 jaar bezig zijn en al aan twintig cd’s toe zijn (voorheen The Nits). Deze Amsterdammers vonden elkaar terug in de bezetting van zanger/gitarist Henk Hofstede (stond al in voor heel wat projecten en bracht onlangs nog de Nederpop samen met Frank Boeijen en Henny Vrienten), drummer Rob Kloet en toetsenist Robert-Jan Stips. The Nits kennen het clubcircuit door en door, maar waren de laatste jaren meer te zien in de Culturele Centra.
Midden de jaren ‘80 brak deze charismatische band door met songs als “Nescio”, “Sketches of pain”, “In the dutch mountains”, “Adieu sweet bahnhof”, “The train” en “JOS days”. In hun sfeervolle, weemoedige pop horen we luchtigheid en eenvoud; hun bijdrages zijn elk op hun manier, Hofstede door z’n subtiel gitaarspel, Kloet met z’n variërende drumspel en Robert-Jan op toetsen en piano, die er behoorlijk wat geluidseffects aan toevoegt. De mooi uitgewerkte, fijnzinnige semi-akoestische composities hebben notie van durf en avontuur en zorgen voor een pastelkleurige herfst.

Hofstede zingt niet alleen, hij praat de avond aan elkaar en vertelt hoe sommige nummers tot stand zijn gekomen. Andere kondigt hij dan aan met een vleugje humor. In kader van de pas verschenen ‘Strawberry wood’ trok het trio terug op tournee. De Bota was maar een goede driekwart vol, en kreeg Nederlandstalige fans van middelbare leeftijd en een handvol Franstalige vrienden over de vloer. Gedurende de twee uur durende set kwam de klemtoon op de recentste plaat en blikten ze (even) terug op enkele belangvolle nummers van hun rijkelijk gevulde carrière. Ingehouden, met oog voor detail klonken de nieuwe “Havelka”, “Distance” en “The hours”. Een onvoorwaardelijk respect uitten ze voor Yasmine, die afgelopen zomer zich abrupt van het leven onttrok. Het eerste écht herkenbare nummer na een klein half uur, was het snedig opbouwende “Cars”. Het melancholisch klinkende nieuwe materiaal zat goed verdeeld binnen de set . een sober “Departure” en een ingetogen “Now” door Robert-Jan gezongen, gingen over in de verhaallijn van de vermoorde Theo Van Gogh in “The key shop”. “Nescio” bracht ons naar de psychedelische ’60’s en Nick Drake mocht een weekendje inspiratie opdoen in het huis van John Lennon in “Nick in the house of John”. Een forser klinkende country gaf charme aan de song.
Op die manier was het allemaal wel leuk en ontspannend en klonk de melancholie door: een dromerige “Jisp”, waarvan je de sneeuwvlokken letterlijk zag en voelde, en het aan Dylan / Cohen gelinkte “Tannenbaum” werden afgewisseld met de popgroove van “JOS days”, “Bad dreams” en “Flowers”. Na deze variatie kwam het trio even dichterbij op de rand van het podium, met een beperkt instrumentarium van gitaar/accordeon/handgeroffel en zonder versterking. “La petite robe noir”, die een mondje Frans had, - net als het zwierige “Adieu sweet bahnhof” in de bis, - en een stevig “No man’s land” besloten overtuigend de set. In de bis gingen ze van het innemende “Two times”, naar een meer krachtige en luchtige “In the dutch moutains” en “Adieu sweet bahnhof”, die beiden niet mochten ontbreken in de setlist!

Het was jaren geleden dat we zelf de Nits nog eens aan het werk zagen. Ze speelden beeldrijke songs via hun indrukken en teksten, brachten gevatte bindteksten en behielden dat relaxt gevoel van hun sound. Kortom, we hoorden artistieke kamerpop van deze doorwinterde Nederlanders!

Organisatie: Botanique, Brussel

Zita Swoon was al goed opgewarmd door de  twee concerten voorafgaand aan hun driedaagse halte in de AB. Zo was er de tryout in de Kreun en traden ze op in Parijs waar Miossec hen kwam vervoegen. De drie concerten stonden in het teken van de vijftien ZS jaren, die het retrospectief tweeluik, ‘An anthology - 2cd - To Play To Dream To Drift’ bevatten. Hierin zit een ‘best of’ voor wie de groep beter wenst te leren kennen, enkele bijzondere tracks van live performances, zoals van de intieme ‘Abandinabox’ concerten, en een verzameling van nooit eerder gereleased materiaal, nummers van vóór er sprake was van dEUS, Moondog Jr. en Zita Swoon. Maw de ‘Anthology’ is een dubbel cd, die probeert het parcours samen te ballen van de frontman Stef Camil Carlens en als toetje nog enkele speciallekes biedt. Vanaf volgend jaar komt de band op non-actief, worden er nog paar voorstellingen gedaan van de theater/dansproductie ‘Dancing with the sound hobbyist’ en plant Stef Camil een muzikale ontdekkingstocht door Burkino Faso en Mali, waar een project zal worden uitgewerkt met Afrikaanse stemmen. En het kan een nieuwe wenk naar de toekomst zijn zich eens te verwijderen van de tekst en enkel de muziek te laten spreken, zoals we dat al deels kenden van de muziek bij de stomme film ‘Sunrise’.

Zita Swoon heeft door de jaren een broeierige mix van pop, soul, funk, jazz, latingroove, Balkan en cabaret. Net zoals in de tryout groef Stef Camil in de wortels van de blues. Samen met z’n band kon hij moeiteloos van een warme, intieme en sfeervolle aanpak overstappen naar een swingend kader om tot slot volledig los te breken en hun duivels te ontbinden met een stomende partycocktail. Hun muzikale kijk, scherpte en creativiteit zetten ze om in oor- en oogstrelend entertainment. Stef Camil onderstreepte z’n aanstekelijk materiaal met de reeds trouwe zinsnede “Love love love, happy happy happy”.
Aarich Jespers is nog het enige originele lid van de band. Een paar jaar terug strandde de tandem met Tom Pintens, bewandelde gitarist Bjorn Eriksson andere paden en eerder nog stortte Thomas De Smet zich in het Think Of One avontuur. Al enkele jaren maakt Bart Van Lierde, bas/contrabas, en Amel Serra Garcia, tweede man op percussie, deel uit van de ZS bende. Op deze afsluitende tournee misten we toch wel de toetsvirtuositeit van Caluwaerts, maar de bevallige vocalistes, de zusjes Kapinga en Eva Gysel vingen dit zo goed mogelijk op. De songs kregen een kleurrijke tint door saxofonist/fluitist Hugo Boogaerts.
Voor deze (uitverkochte) concerten had Stef Camil een paar gasten mee nl. gitarist / producer John Parish, Arno en Tom Barman, als welverdiende schouderklop; ook in de zaal waren de ZS muzikanten van het eerste uur aanwezig. We zagen een geëmotioneerde Stef Camil van al die steun.

In hun al bijzondere muziekstijl hoorden we sfeerscheppingen, ritmes en tempowisselingen. De gemoedelijkheid van de tryout was ook tijdens de twee uur durende set terug te vinden. In de bijna gelijklopende songkeuze was de instrumentatie breder en met de gasten erbij, was er sprake van nét dat tikkeltje meer om voorlopig een volwaardige punt te zetten achter hun carrière. En die eerste gast was al meteen te zien op het podium. John Parish gaf met Stef Camil “Selfish girl” en “Jo’s Wine song” een portie gevoeligheid mee. Een ingehouden breekbare bluesy “The longing stays inside”, onder z’n lichthese, warme stem volgde, sober en in een beperkte instrumentatie met Bart en de backing vocalistes, de zusjes Kapinga en Eva Gysel. “A lonely place” (uit de ‘Rosas - dancing with the hobbyist’) was ook te vatten binnen deze sfeer.
Op “Hey watshayoudoin’” was de band voltallig te zien. Op aanstekelijke, frisse en broeierige wijze lieten ze de groove in de songs doorklinken, waaronder een uptempo versie van “Intrigue”, mede door Boogaerts blazerspartij en flute, in een ander kleedje gestopt, de krachtige nieuwe “Leave the town” en “Wake up for the trees” en een opbouwende “Alive in the city”. In deze songs zagen we een goed op dreef gekomen band, die erin slaagde het publiek te doen bewegen. Daarna hoorden we terug de andere Zita Swoon, die een sfeervol ingetogen ‘Big City’ gevoel bracht met “l’Opaque paradis” en het oude “Hello Melinda”. Een prominente rol was weggelegd voor Boogaerts. Het tempo verhoogde langzaam op “Je range” en het zwoele, sensuele en zuchtende “Maridadi”, door één van de dames gezongen; deze songs kwamen hier sterk uit de verf door de volle instrumentatie.
Tweede gast was Arno. Een bluesy hommage van twee knarsende, rauwe, doorleefde en slepende songs, “Love, truth & confidence” en “You got to move”, hoorden we in de beste traditie van een RL Burnside en Charles & Les Lulus stijl! Ze hadden een eigen identiteit enkel en alleen al door Monsieur Arno’s grauwe backing zang, mondharmonica, z’n pose en bekkentrekken. Vervolgens ging de band finaal op z’n doel af van aangename, lekkere funkende partyswingers als “Moondance”, “Hot, hotter, hottest” en My bond with you …Disko”. Een op stoom gekomen band haalde er Barman bij. Hij gaf de twee songs “Great americain nude” (klassesong uit de ‘Zea’ EP van dEUS, en nu ook op de pas remasterde cd te vinden!) en “Temptation inside your head” (Velvet Underground song), de juiste dEUS touch: het ene mag zeker eens in de set van dEUS worden opgenomen, en kon gelinkt worden aan “Fell off the floor man” door de repeterende, opbouwende en opzwepende partijen, Barmans overgemoduleerde zegzang en de hese backing vocals van Stef Camil. Een dEUS als vanouds?!; het tweede rockte en John Parish tokkelde een partijtje mee. Ondanks de sterke zang van Barman kon ik me niet van de indruk ontdoen dat z’n alterego niet van de ZS orde is. Maar dit terzijde, het was de aanzet naar een schitterende finale waar de feestneus kon worden opgezet; ze speelden stuwende, goed uitgebouwde en opzwepende soulfunkers in een James Brown outfit met “Everything’s not the same” en “Stamina”. Trouwens, door de jaren is dit nummer niet meer van de setlist te branden, een ‘mishmash’ van funk, soul, hippop en gospel, die elan kreeg door de samenzang van de zusjes Gysel en Stef Camil. Terecht een traditionele afsluiter binnen hun gigs!
Na de bedanking besloot een ingenomen, het aan Blacks “Wonderful Life” gelinkte “Moving through life as prey” de ruim twee uur durende trip…

De afwisselende, gevarieerde set van de drie grootse concerten in de AB zetten voorlopig een dikke punt achter de ZS carrière. We zijn benieuwd na de verdiende break wat Stef Camil en de zijnen in hun mars zullen hebben …

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Live Nation + AB

Zita Swoon viert z’n vijftiende verjaardag met een retrospektief tweeluik, ‘An anthology - 2cd - To Play To Dream To Drift’. Hierin zit een ‘best of’ voor wie de groep beter wenst te leren kennen, enkele bijzondere tracks van live performances, zoals van de intieme ‘Abandinabox’ concerten, en een verzameling van nooit eerder gereleased materiaal, nummers van vóór er sprake was van dEUS, Moondog Jr. en Zita Swoon. Maw de ‘Anthology’ is een dubbel cd, die probeert het parcours samen te ballen van de frontman Stef Camil Carlens en als toetje nog enkele speciallekes biedt. Vanaf volgend jaar komt de band op non-actief, worden er nog paar voorstellingen gedaan van de theater/dansproductie ‘Dancing with the sound hobbyist’ en plant Stef Camil een muzikale ontdekkingstocht door Burkino Faso en Mali, waar een project zal worden uitgewerkt met Afrikaanse stemmen. En het kan een nieuwe wenk naar de toekomst zijn zich eens te verwijderen van de tekst en enkel de muziek te laten spreken, zoals we dat al deels kenden van de muziek bij de stomme film ‘Sunrise’.

Zita Swoon heeft door de jaren een broeierige mix van pop, soul, funk, jazz, latingroove, Balkan en cabaret. In deze set groef Stef Camil zelfs diep in de wortels van de blues. Samen met z’n band kon hij moeiteloos van een warme, intieme en sfeervolle aanpak overstappen naar een swingend kader om tot slot volledig los te breken en hun duivels te ontbinden met een stomende partycocktail. Hun muzikale kijk, scherpte en creativiteit zetten ze om in oor- en oogstrelend entertainment. Stef Camil onderstreepte z’n aanstekelijk materiaal met de reeds trouwe zinsnede “Love love love, happy happy happy”.
Aarich Jespers is nog het enige originele lid van de band. Een paar jaar terug strandde de tandem met Tom Pintens, bewandelde gitarist Bjorn Eriksson andere paden en eerder nog stortte Thomas De Smet zich in het Think Of One avontuur. Al enkele jaren maakt Bart Van Lierde, bas/contrabas, en Amel Serra Garcia, tweede man op percussie, deel uit van de Zita Swoon bende. Op deze afsluitende tournee misten we toch wel de toetsvirtuositeit van Caluwaerts, maar de bevallige vocalistes, de zusjes Kapinga en Eva Gysel vingen dit zo goed mogelijk op. De songs kregen een kleurrijke tint door saxofonist/fluitist Hugo Boogaerts.

Ongeveer 150 man mocht zich gelukkig prijzen om van deze originele, afwisselende en overtuigende set op deze tryout in de Kreun te genieten. In hun al bijzondere muziekstijl hoorden we sfeerscheppingen, ritmes en tempowisselingen. Op luchtige wijze gaf Stef Camil nog wat aanwijzingen, wat meteen het ijs brak met het publiek. Vooral in het begin was hij nog wat onwennig en zenuwachtig. Terecht, want solo de set en de show op gang trekken is geen evidentie. Hij greep eerst terug naar de bluesy roots; enkele gevoelige gitaarslides sierden “The longing stays inside”, “Blues for Sammy” en “Jo’s wine song”, onder z’n melancholisch lichthese, warme stem. Een mooie sobere, intieme, ingehouden start! Hierop volgend kwamen de charmante zusjes (btw één van de twee zal volgend jaar bevallen!) op het podium en met een beperkte instrumentatie hoorden we breekbare versies van “Selfish girl” en “A lonely place” (uit de ‘Rosas - dancing with the hobbyist’). Een even sfeervol kader hoorden we ergens halfweg de set toen Stef Camil als een jonge RL Burnside spruit twee slepende bluesy nummers speelde, “Love, truth & confidence” en “You got to move”, wat kon gelinkt worden aan Arno’s Charles & Les Lulus.
Op “Hey watshayoudoin’” was de band voltallig te zien. Op aanstekelijke, frisse en broeierige wijze lieten ze de groove in de songs doorklinken, waaronder een uptempo versie van “Intrigue”, mede door Boogaerts blazerspartij en flute, in een ander kleedje gestopt, het krachtige nieuwe “Wake up for the trees” en een opbouwende “Alive in the city”. In deze songs zagen we een goed op dreef gekomen band, die erin slaagde het publiek te doen bewegen. Daarna hoorden we terug de andere Zita Swoon, die een sfeervol ingetogen ‘Big City’ gevoel bracht met  “l’Opaque paradis”, het oude “Hello Melinda” en het aan Miossec ontleende “Quand meme content”. Een prominente rol was weggelegd voor Boogaerts. Het tempo verhoogde langzaam op “Je range” en het zwoele, sensuele “Maridadi”, door één van de dames gezongen. Na de bluesy hommage, ging de band finaal op z’n doel af van aangename, lekkere funkende partyswingers als “Hot, hotter, hottest”, “Everything’s not the same”, “Temptation inside your head” (The Pipettes achterna!) en My bond with you …Disko”. Verder kon met het goede uitgebouwde, opzwepende “Stamina” de feestneus worden opgezet. Door de jaren is “Stamina” niet meer van de setlist te branden, een ‘mishmash’ van funk, soul, hippop en gospel, die elan kreeg door de samenzang van de zusjes Gysel en Stef Camil. Terecht een traditionele afsluiter binnen hun gigs! Zita Swoons plankgas nam af met de sfeervolle “Take ina ride in a big city”, het aan Blacks “Wonderful Life” gelinkte “Moving through life as prey” en “Infinite down”, die de ruim twee uur durende trip besloten.

De afwisselende, gevarieerde set en de komende drie grootse concerten in de AB zetten voorlopig een dikke punt achter de ZS carrière. We zijn benieuwd na de verdiende break wat Stef Camil en de zijnen in hun mars zullen hebben …

Organisatie: de Kreun, Kortrijk

zaterdag 05 december 2009 01:00

Fxx Therapy rock’n’roll …

Bijna twintig jaar staat het Noord-Ierse Therapy? al garant voor een feestje! Na verpletterende optredens in de AB en op Rock Zottegem, die de laatste cd ‘Crooked timber’ glans gaven, speelden ze de kers op de taart met een derde en een afsluitend optreden in een nokvolle de Zwerver in Leffinge. De muzikale wervelwind van deze dolle veertigers blijft een leuke ervaring. De tandem Cairns (zang/gitaar) – McKeegan (zang/bas) en de jongere Neil Cooper (op drums) gooiden na toppers ‘Troublegum’ en ‘Infernal love’, midden de jaren ’90, de muziekcommercie in de ring. ‘Semi-Detached’ leidde een nieuw hoofdstuk in, zei het grote publiek vaarwel en ging terug naar een ‘back to bascis’ rock’n’roll van retestrakke, energieke en bedreven drie minuten puntige, rauwe songs die ergens dwarrelden tussen ‘70’s hardrock, punk, metal en noise. De laatste worp ‘Crooked timber’ rockt en swingt tegelijk en we horen de invloeden van Killing Joke en Helmet door producer Andy Gill.

  De charismatische, lieflijke maar hyperkinetische band heeft z’n ‘make some fxx noise’ nog niet verleerd en beleeft aan elk optreden het nodige speelplezier. Het trio deed denken aan ons eigen Triggerfinger die z’n publiek verovert en vermaakt door de rechttoe-rechtaan aanpak. Ze onderscheiden zich enkel in het soleren.
Therapy? beet zich niet vast in de hitmachine van weleer, maar speelden een venijnig bruisend concert van hun opzwepend materiaal. Cairns had steeds wel een (politiek) verhaal klaar die de intense en gave rocksongs voorkauwden. Ze trokken meteen de aandacht en creëerden een broeierig sfeertje met de opbouwende “Turn”, “Isolation” en “Stories”. De gortdroge drums, de zwierige bas en het rauwe gitaarspel sierden. De onvaste vocals van Cairns hadden zo hun charme binnen hun uitgelatenheid. Het aan Pantera en Helmet gelinkte “Enjoy the struggle” was de voorbode van het nieuwe materiaal, want “Bad excuse for the daylight” en “Exiles” volgden. De bas bood een donker kantje en dreunde stevig door, het gitaarspel werd scherper en de drums heviger. Strakker klonken dan een paar andere nieuwe songs, die aan een sneltempo voorbij raasden met de titelsong van de laatste cd “Crooked timber” als closing final.
Ze vormden de Zwerver om tot hun “Church of noise” en het publiek als hun discipelen. Het nummer werd in een andere versie gebracht, minder bedreven, ruwer en met meer groove, net als “Potato Junkie”, die ons terugbracht naar hun beginperiode met de gouden zinsnede “James Joyce is fxx my sister”, die door de jaren al door vele fans werd gezongen. Ook de ‘Riverdances’ van Michael Flatley mocht eraan geloven. Een jonge gast kreeg de kans het publiek op te hitsen in dit nummer. Het werd verdomd warm in de Zwerver en het tempo werd hoog gehouden met klassesongs “Knives”, “Screamager” en “Teethgrinder”. De songs klonken ongepolijst en refereerden aan de grunge van Nirvana. Het emotievol tedere “Diane” op plaat leunde nauw aan het originele van Husker Du, namelijk hard, krachtig en gebald en beëindigde de dynamisch frisse set na een goed anderhalf uur.
Het trio had nog steeds wat adrenaline in huis en bracht nog een pittige bis met een knipoog aan The Ramones in “Opal mantra” en “Lonely cring lonely” en droeg “Die laughing” op aan Michael Jackson en lieten tot slot de hel losbreken op “Going nowhere”. Menig geduwtrek en skydiven hoorden erbij om zich ten volle over te geven in deze uitstekende songkeuze.

Therapy? bracht een overzicht van oud en nieuw en werk en slaagde erin z’n fans te entertainen met een ongecompliceerde rockshow ‘pur sang’. Allemaal iets rauwer, ruwer en ongepolijster maar met het hart op de juiste plaats. Voor niks is dit fxx Therapy rock’n’roll …

Support was Ricky Warwick die de band vergezelt op hun toer; als een bard speelde hij enkele snedige gitaarsongs, die kleur kregen door z’n Iers accent.

Organisatie: de Zwerver, Leffinge

Pagina 251 van 300