logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (14 Items)

Stoned Jesus

Stoned Jesus - Prog-metal meets stoner-rock op geslaagde dubbelaffiche

Geschreven door

Stoned Jesus - Prog-metal meets stoner-rock op geslaagde dubbelaffiche
Stoned Jesus, Wheel

Met lokale opwarmer Ice Sealed Eyes hadden we nogal wat moeite. Die kwamen immers met een weinig origineel concept aanzetten. Dit was schreeuwerige core-metal die van verschillende walletjes wou eten, het klonk als Linkin Park die Bring Me The Horizon plagieerde, of Enter Shikari die met Parkway Drive in de botsauto’s kroop. En laat dit nu toevallig allemaal irritante bandjes zijn die niet bepaald op ons favorietenlijstje staan.
Nu goed, Ice Sealed Eyes slaagde er met hun clichématige core-metal wel in om een klein beetje animo in het publiek te krijgen, dat was ook al iets. Maar verder was er weinig opwindends te melden. Oh ja, nog dit, kan er iemand eens aan de gitarist vertellen dat corona nu al enkele jaren voorbij is.

De Finse prog-metal band Wheel heeft niet alleen de mosterd gehaald bij Tool, maar ook quasi alle andere ingrediënten, check de echoënde gitaren, de opbouwende songs, de mysterieuze vocals en de immer pulserende jungle drums. Maar goed, ze mogen dan misschien schaamteloos de Tool sound jatten, ze verzinnen er tenminste hun eigen songs bij, en daarmee onderscheiden ze zich van Aenima of The Tool Experience, tribute bands die er enkel maar op uit zijn om zo perfect mogelijk het grote voorbeeld te kopiëren maar daar zelf geen greintje creativiteit aan toevoegen.
Wheel had daarentegen wel een stel gloeiende brokken van eigen songs meegebracht en die werden voorzien van een kloeke en potige sound die werd neergezet door een stel gretige en uiterst bedreven muzikanten.
Songs als “Vultures”, “Empire” en vooral het lange en bruisende “Wheel” ontpopten zich tot de ultieme orgelpunten van een uiterst energieke en gelaagde set. Ook al ligt de vergelijking met je weet wel wie er vingerdik op, we moesten Wheel toegeven dat ze een uur lang een stevige en overtuigende pot prog-metal wisten neer te zetten.

Stoned Jesus begon al direct met een pareltje. De heerlijke gitaarintro van “New Dawn” greep ons al onmiddellijk vast in de onderbuikstreek en was zo de aankondiging van wat een prachtconcert zou worden. De song sloeg algauw over in een ronkende en stomende stonerknal.
De Oekraïners waren meteen gelanceerd, de trein was vertrokken. Met “Shadowland”, nog een kraker uit dat fijne nieuwste album ‘Songs To Sun’, werden daar nog een stel vette riffs aan toegevoegd. Die nieuwe songs, met verder in de set ook nog een krachtig en furieus “Low”, kwamen in hun live versies nog een stuk wilder en harder voor de dag, er kwam veel meer stoom uit de ketel dan de plaat deed vermoeden.
Tussendoor had Stoned Jesus ook nog een paar oudjes in de set gedropt die ze naar eigen zeggen al enkele jaren niet meer live hadden gebracht, en dat tot grote vreugde van het publiek. “Rituals Of The Sun” was er zo één, een beukende Sabbath-riff, een bulldozerbas en daarbovenop de moordende gitaaruithalen van frontman Igor Sydorenko, zonder meer geweldig.
En dan moest het summum nog komen, in de vorm van het heerlijke langgerekte stonermonster “I’m the Mountain”, een absolute klassieker en dé publiekslieveling. Sydorenko ging gretig mee in het enthousiasme van zijn fans, hij liet zijn gitaar janken en gieren en maakte van deze onsterfelijke song wederom een onvergetelijk hoogtepunt.
Omdat de band in een strak tijdsbestek zat gewrongen werd er in de bisronde vooral op snelheid en strakheid ingezet met de welgemikte bommen “Wound” en “Here Come the Robots”.
Na een uur floepten helaas de zaallichten alweer aan, het was zo voorbij. Dit was zonder meer schitterend, maar veel te kort.

Organisatie: Botanique, Brussel

Benediction

Ravage of Empires

Geschreven door

Na de terugkeer van oudgediende zanger Dave Ingram werd in 2020 al de machtige plaat ‘Scriptures’ losgelaten, en dit jaar wordt de opvolger dus gepresenteerd. Met titel ‘Ravage of Empires’ en een mooi artwork van Wolven Claw mochten de fans al stilletjes aan beginnen kwijlen naar wat zou komen.
Recent werd een 2e nummer online aangeboden – “Crawling over Corpses” en ergens in februari werd het krachtige “Engines of War” ook al kenbaar gemaakt via online platforms. De reacties over beide nummers liegen er alvast niet om, Benediction maakt een statement met een terugkeer naar hun beginjaren!
Nu, ik ben niet 100% zeker, maar op het einde van opener “A Carrion Harvest” voorspelt de tekst al dat je jezelf schrap mag zetten met de zin:  Hell Awaits, en na het luisteren van deze plaat blijf ik achter met een open mond…Wat een sterk staaltje OSDM weeral dat deze Engelsen hebben neergepend. De agressieve, boze strot van Ingram stuwt deze plaat naar een hoger niveau, de versnellingen vervat in de nummers zorgen voor een zaligmakend middagje headbangen en toont aan dat deze band zijn tweede adem heeft gevonden met zijn terugkeer. De riff in “Crawling over Corpses” brengt mij direct terug naar de beginjaren van deze band met een vleugje “Grind Bastard”, de agressie in “Engines of War” grenst aan de kracht ten tijde van ‘Transcend the Rubicon’ en het is vooral zaligmakend om te horen dat deze oudgedienden probleemloos de moderne sound van hedendaagse Death metal bands weten te overstijgen.
Deze band is gewoonweg een pletwals sinds hun heropleving, zeker als je dan vergelijkt met de albums uitgebracht in 2001 en 2008.
Hoogvliegers op deze plaat zijn er in overvloed, maar toch extra aandacht voor “In the Dread of the Night”, de ongetemde snelheid in het titelnummer “Ravage of Empire” en opener “A Carrion Harvest” (trouwens het perfecte nummer om dit kunstwerk mee te openen) en nummer “The Finality of Perpetuation” die live als een bom zal inslaan, zeker als de woorden Cranck it Up uit de microfoon zal gebruld worden.
Verplichte luisterbeurt voor fans van het 1e uur en voor OSDM fanaten in het algemeen! Deze plaat overstijgt de stoutste verwachtingen van begin tot eind!

Binnenkort gaan ze ook op tour (o.m. DVG club, Kortrijk op 7 april 25) , ik zou dit alvast met grote stip aanduiden in mijn agenda! Soit, studio album nummer 9 is een feit, en met deze kwaliteit staat een 10e album in de sterren geschreven! Stay metal!

The Damned Few

Someday -single-

Geschreven door

The Damned Few komen uit Overijssel, Nederland. “Someday” is de tweede single in de aanloop naar hun debuutalbum. Wat een single is dit wel niet geworden?
“Someday” werd in tien minuten geschreven door frontvrouw Dion Legebeke, al liggend op de bank. “Sommige liedjes komen gewoon uit het niets. Het leven is soms niet alleen maar zonneschijn, regenbogen en leuke kittens. Soms is het leven donker, kut, koud en leeg. Maar als we maar vaak genoeg doen alsof het allemaal wel goed komt, komt het misschien ook wel goed allemaal”, zegt Dion over deze single.
Aan deze powerballad van The Damned Few kleeft een hele jaren ’90-vibe. Denk aan een mix van Skin van Skunk Anansie, de jonge versie van Anouk en dan nog Wat Blues Pills erbij en dan ben je er bijna. Wat een strot, wat een energie van deze band, wat een heerlijke song.

https://www.youtube.com/watch?v=6IyDC41Snv0

Sunburned Hand Of The Man

Pick A Day To Die

Geschreven door

Wie vertrouwd is met de muziek van Sunburned Hand Of The Man mag nu zijn vinger opsteken. Niemand? Troost u, wij ook niet. Even de backcatalogue van deze weirdos checken? Veel plezier ermee, wij tellen meer dan 80 albums in een dikke 20 jaar. Daar kunnen andere halve gekken als John Frusciante, Thee Oh Sees of Ty Segall een puntje aan zuigen.
Als u zich er toch zou aan wagen zou u wel eens na enkele maanden totaal verward uit dit avontuur kunnen komen, want dit is nu niet bepaald het meest toegankelijke of hapklare muzikale voer. Maar het helpt wel als u geregeld een portie Sun Ra, Heliocentrics of CAN achter uw kiezen kapt.
Laten we het hier dus voorlopig houden bij de nieuwste plaat ‘Pick A Day To Die’.
Fijne titel alvast. Als dit maar goed komt. Het is donker, maar nu ook weer niet meteen om een koord om uw nek te binden. De ingehouden krautrock van de titelsong klinkt verslavend als de pest en “Flex” heeft iets van de elektronische rave-post-rock van Maserati, maar dan in een soort van slow-motion modus. “Solved” is JJ Cale die met Fat White Family een met helium geladen opblaasbol binnenwandelt en “Prix Fixe” is ontspoorde noise rock die halverwege plots in een relaxed badje stapt waarin een stukje oude Pink Floyd ligt te garen. Om een geschifte en bedwelmende song als “Initials” tot u te nemen twijfelen we er niet aan dat u dat best doet in combinatie met de nodige geestesverruimende middelen, maar dat heeft u niet van ons gehoord.
Bevreemdende maar spannende plaat. Nog een stuk of tachtig te gaan.

Benedicte Maurseth

Benedicte Maurseth

Geschreven door

De Noorse Benedicte Maurseth bracht een gloednieuw solo-album uit. De violiste bracht onder haar eigen naam al vele CD's uit en ook als gastmuzikante is ze met name in eigen land door haar 'belief in experiment and improvisation' een veelgevraagde en gewaardeerde kracht. Met haar album ‘Over Tones’' uit 2014 op het ECM-label maakte ze in folk- en jazzkringen voor het eerst flink furore over de hele wereld. Sindsdien gaat ze gestaag door om haar kunsten in de traditionele Noorse folk muziek te verbeteren, te vernieuwen en te etaleren. Ook dus op het nieuwste kunstwerkje, 'Bendicte Maurseth',  uitgebracht via het Heilo label.
Veel oude Noorse werken krijgen op dit album een nieuw leven. “Huldre”, “Huldreslatt I, II en III” of “Bygdatrae” krijgen allen een verjongingskeur van ruim 100 jaar tussen. En dat is het meest opmerkelijke aan deze prachtige schijf waar dat instrument viool de belangrijkste plaats inneemt.  Het klankentapijt dat Benedicte in samenwerking met al even indrukwekkende muzikanten uitspreidt is zo veelzijdig en kleurrijk dat je, met de ogen gesloten, wegdrijft naar dat verleden maar toch eveneens met beide voeten in het heden blijft staan. Benedicte Maurseth durft bovendien vaak improviseren en experimenteren met de klanken van toen, waardoor ze die songs heruitvindt. En dat is dus nog het grootste pluspunt aan deze schijf. Song na song ontstaat een magie die verleden en vandaag perfect met elkaar verbindt.
Bij voorkeur raden we aan deze plaat in zijn geheel te beluisteren want het leest als een spannend boek. Alleen wordt je niet geconfronteerd met pijn en smart, maar straalt de muziek wel een soort weemoed en melancholie uit die zo eigen is aan die vroegere tijden. De viool is sowieso een instrument dat die weemoed hoog in het vaandel draagt, en dat zet Benedicte op een magistrale wijze meerdere keren in de verf. Deze bijzonder talentvolle artieste heeft al zoveel watertjes doorzwommen, haar kunnen zoveel bewezen, maar verlegt op haar nieuwe solo-album weer eens een grens, waar grenzen vervagen.

Stoned Jesus

Stoned Jesus - Een emotionele stormram!

Geschreven door

Stoned Jesus , een trio uit Oekraïne (Kiev) btw, kon rekenen op sterke bijval in de 4ad . Een uitverkocht optreden dus. Een goed uur lang wisten ze het publiek in trance te houden met hun bezwerende , hypnotiserende , slepende, filmische sound die explosief kon zijn .

Stoned Jesus is reeds aan hun vierde plaat toe, ‘Pilgrims’ die bij Napalm Records werd getekend . Metalbands zijn hier vooral te vinden , maar kijk, de heavy stoner  van Stoned Jesus dringt zich op . Oudje “I’m the mountain” is de ‘anthem van de stoner rock’ , één van hun classics die op het eind werd gespeeld , een evenwichtig geheel van donkere, slepende , apocalyptische, explosieve riffs en spacey, psychedelische sounds die je in hun greep houden en bij het nekvel grijpen . Het nieuwe album werd vanavond in de spotlight geplaatst .
Eerst even in de juiste stemming geraken met “Distant light”, meer progrock dan die slepende, heavy stoner; vanaf song twee “Hands resist them” geraken de drie op stoom , de bas met diepe, dreigende , dronende doomriffs , pulserende drums en een slome, zware, tergende gitaar, ondersteund van (g) rauwe en hoge vocals , van vooral weerkerende lyrics. Het doet wat denken aan de aanpak van Electric Wizard, Sleep , Black Mountain en die van Steve Albini’s Shellac.
Een luistertrip, zeker als “Excited” en “Feel” op gang zijn getrokken door tempowissels, explosieve ritmes en spacy geluiden die het gerieflijk maken . Ook als één van de snaren knakt, wordt er gemoedelijk, repeterend verder gespeeld .
“Thessalia” bezorgt best een lekker tempo en leuke gitaarriffs .  70s retro sijpelt door en dan kom je hier uit op een Black Sabbath . “Water me” biedt meer herhalende , lange breaks. Letterlijk ervaren we een ‘desert’ gevoel. Een intense broeierige spanning brengt de doorbraak “I m the mountain” en “Apathy”, die de set definitief besluiten .
Stoned Jesus orakelt hier een donkere toekomst waar hypnotiserende gitaren vereerd worden en knallen als het laatste oordeel. Een dynamisch spel tussen luid en stil, van heftige grooves tot een sereen luisterspel. Een emotionele stormram!

De drie houden er een erg positief gevoel van over , het warme onthaal , de  respons  injecteren een gretigheid, die de songs push en kracht geven.  Een goed concert , zondermeer.

Support was Fire Down Below , een Gents viertal die een energieke set aflevert met een bezwerende, catchy, strakke sound , en de donkere 90s grunge van Alice In Chains richting extravertie trapt …

Organisatie: 4ad, Diksmuide   

Legion Of The Damned

Slaves of The Shadow Realm

Geschreven door

De Nederlandse band Legion Of The Damned draait al mee sedert 1990. Aanvankelijk was het onder de naam Occult waarmee ze vijf albums uitbrachten. Met hun laatste nieuw album zijn ze met Legion of the Damned aan hun zevende album toe en o mijn god wat scheuren ze als jonge honden op ‘Slaves of The Shadow Realm’. Het album is een plezier om naar te luisteren. Dit dankzij de heel fijne productie waardoor de bas heerlijk zingt en de gitaarstukken en de drums mooi hun plaats krijgen. Maar eveneens ook vanwege het goede materiaal en het enthousiasme dat je hoort. Luister maar eens naar de knaller “Charnel Confession” waar we meegezogen worden door de wervelwind van de ritmesectie en de heerlijke gitaarriffs. Toch wordt het melodieuze dat ze op de laatste platen hanteren niet vergeten. Het moet gezegd dat het ene het andere niet in de weg staat. Ook de zang van Maurice Swinkels is ditmaal van hoog niveau. Elke song heeft wel minstens iets dat het aantrekkelijk maakt. Op “Slaves Of The Southern Cross” krijgen we thrashmetal en een refrein dat live uit volle borst meegezongen kan worden. Op “Noctural Commando” staan mooie overgangen. “Black Banners In Flames” heeft dan weer een schitterend stuk ritmesectie waar de track loos op kan gaan en zo kunnen we nog een tijdje doorgaan. Alleen op de openingstrack krijg je het gevoel dat ze moeite hebben met het tempo, waardoor de song wat haastig overkomt. Maar de andere tracks maken dit kleine euvel meer dan goed.
We hebben vijf jaar op nieuw werk moeten wachten maar met een album als dit, was het wel het wachten waard. Een eerste hoogtepunt in het jonge metal jaar. Verplichte voer voor de liefhebbers van het genre.

Skinned

Shadow syndicate

Geschreven door

De Amerikaanse Death Metal band Skinned ontstond in 1995 en heeft ondertussen ruimschoots zijn stempel gedrukt op Death Metal. De band heeft wat moeilijkheden moeten doorspartelen, maar staat anno 2018 nog steeds als een huis. Eerder dit jaar bracht Skinned een gloednieuwe plaat op de markt 'Shadow Syndicate'. We gaven ze enkele luisterbeurten, en stellen vast dat er nog geen sleet staat op de vuurkracht van deze Amerikanen.

Vanaf die eerste vuurbal “Wings of Virulence” blijkt reeds dat Skinned inderdaad vlijmscherp kan uithalen. Na de ene mokerslag volgt een andere in de vorm van “As Their Bodies Fall”. Ook al bezorgen de rauwe, oorverdovende grunts ons eveneens, het zijn eerder die verschroeiend hete riffs gecombineerd met razend snelle drum salvo's die ons nog het meest over de streep trekken.

Songs als “We Are The end”, “BLack Rain” , “Hollowed Earth” boren vooral daardoor dan ook doorheen je hart als een vlijmscherp zwaard. Echter, het voornaamste pluspunt is dat Skinned bewijst dat jarenlange dienst niet hoeft te resulteren in het leveren van een routineklus.

De enige kanttekening die we daarbij wel zouden kunnen zetten. De band blijft bewust hangen binnen de comfortzone van de death metal, hoewel ze links en rechts linkt aan Black Metal; helaas wordt het niet verder uitgewerkt. En dat is op zich heel jammer. De fan die na al die jaren had gehoopt dat Skinned ook eens buiten de lijntjes zou kleuren, zal wellicht ontgoocheld zijn. De doorsnee death metal liefhebber, die dweept met alles wat het genre aangaat zal echter prompt watertanden bij duivelse songs als “Led To The Trains” , “Angel’s Haarp” tot “In the Mist of Dawn”. Eén voor één typische Death metal kleppers waardoor je, door zowel de vocale als instrumentale inbreng, koude rillingen over je rug voelt lopen.

Besluit: Skinned brengt met 'Shadow Syndicate' een ijzersterke Death Metal schijf uit? Waarmee ze na circa 23 jaar nog steeds hun stempel drukken op het muziek gebeuren. Het is alleen een beetje jammer dat de band met die paar subtiele black metal uitstapjes, die naar boven komen, niets meer heeft gedaan. Echter, zal de doorsnee liefhebber van het genre daar geen boodschap aan hebben. De Death metal fan die op zoek is naar een perfect ineen gebokste schijf, mag deze nieuwste parel zonder verpinken aanschaffen.

Tracklist:

  1. Wings of Virulence 04:56
  2. As their Bodies Fall 04:12
  3. Mental Deconstruction 03:10
  4. We Are the End 03:39
  5. Black Rain 05:23
  6. Shadow Syndicate 03:20
  7. Hollowed Earth 03:14
  8. Led to the Trains 03:20
  9. Angel's Haarp 04:01
  10. In the mist of Dawn 03:48

Frightened Rabbit

Painting of a panic attack

Geschreven door

Een goed bewaard muzikaal geheim is het Schotse Frightened Rabbit die intussen al toe zijn aan de vijfde cd . Hun songs hebben een broeierige intensiteit , bouwen op , zwellen aan door orkestratie , percussie en gitaargetokkel . Blazers vullen aan . Een folky ondertoon is aanwezig . Soms doet het wat pompeus aan , maar nergens verliezen ze zichzelf .
De twaalf nummers zijn fraai uitgewerkt  en uiterst genietbaar . De band manifesteert zich ergens tussen vrienden Idlewild , Snow Patrol in en heeft die donkerte van The National en Arcade Fire .Opnieuw een heel fijn, mooi plaatje, dat ingenieus in elkaar steekt.

Banned From Utopia

Banned From Utopia - Zo veel meer dan een nostalgische trip

Geschreven door

Dit was de tweede groep, die zich onledig hield met het spelen van Frank Zappa composities, die ik zag in amper tien dagen tijd. Eerst was er Zappa Plays Zappa in Borgerhout, dit keer Banned From Utopia in Diksmuide.

De vraag die zich hierbij meteen opdringt : wie was er de betere? Moeilijk te zeggen want de omstandigheden waren totaal anders. Zappa Plays Zappa vond plaats in een uitverkochte grote zaal met zitjes (De Roma) terwijl de 4AD een kleine club is met een staand publiek. Ondanks een licht teleurstellende opkomst geniet die laatste plaats mijn voorkeur omdat het gewoon altijd leuker is om een groep in zo’n intiem kader aan het werk te zien.
Ook qua aanpak verschilden beide bands grondig. Terwijl Dweezil Zappa voor jonge muzikanten koos zagen we hier een stel Zappa-veteranen en dat waren dan nog niet van de minsten. Leider Bobby Martin (vocals, toetsen en sax) was van 1976 tot 1984 actief bij de maestro, Ray White (vocals, gitaar) van 1976 tot 1984, Tom Fowler (bas) van 1973 tot 1975 om in ‘78 nog eens terug te keren en Albert Wing was er enkel bij tijdens de allerlaatste tour. Zij werden aangevuld met gitarist Robbie Seaheg Mangano (o.a. Grand Mothers Of Invention) en drummer Joel Taylor (o.a. Al Di Meola, Stanley Clarke).
Wat de bezetting betreft kies ik resoluut voor Banned From Utopia want met Ray White en Bobby Martin hebben zij twee geweldige zangers in huis, iets wat ik bij ZPZ toch (meer dan) een beetje miste. Bovendien was dit een bijzonder hechte band waarbij je nooit de indruk kreeg dat ze krampachtig probeerden het origineel zo dicht mogelijk te benaderen. Nee, alles werd bijzonder vlot uit de mouw geschud terwijl de valkuilen der nostalgie handig vermeden werden. De songkeuze van Dweezil vond ik dan weer misschien wel net iets beter (die twee nummers uit ‘The Grand Wazoo’!). Hoewel, de setlist van Banned From Utopia bestond eigenlijk ook uit niets dan hoogtepunten.
Het begon al indrukwekkend met het fascinerende gitaarnummer “Chunga’s revenge” waarin jongeling Robbie Mangano, die blijkbaar naar dezelfde kapper gaat als Frank destijds, mocht tonen wat hij in de vingers had en Bobby Martin zijn hoorn bovenhaalde.
Meteen was de toon gezet voor een set die vooral focuste op de eerste helft van de jaren zeventig, de periode waarin FZ duidelijk op het toppunt van zijn creatieve kunnen stond. Het blijft heerlijk om songs als “Zomby Woof”, “I’m the slime”, “Village of the sun” en het onvermijdelijke “Montana” terug te horen. Tijdens “Dupree’s paradise” kregen zowel bassist Tom Fowler als saxofonist Albert Wing hun verdiende solospotje en werd nog meer duidelijk wat voor rasmuzikanten hier op het podium stonden en waarop bovendien de leeftijd (resp. 64 & 63) blijkbaar geen vat krijgt.
Tijdens de reguliere Zappa-optredens was er altijd tijd en ruimte voor een gezonde portie waanzin op het podium. Hier probeerde Bobby Martin dat door zijn medemuzikanten te dirigeren met een viertal simpele handbewegingen. Later mochten twee vrouwen uit de zaal dat ook eens proberen. Leuk maar de hilariteit die de oppersnor op de planken wist te creëren bleef hier toch enigszins achterwege. Toch was het beslist beter dan de halfslachtige poging tot publieksparticipatie van Dweezil in Antwerpen. Sympathiekste kerel vooraan was zonder twijfel Ray White die voortdurend contact zocht met de aanwezigen. Zijn moment de gloire was hem dan ook van harte gegund, alleen jammer dat daarvoor het soulvolle “City of tiny lites” onderbroken werd.

Bissen waren het fenomenale “Andy” (Is there anything good inside of you. If there is, I really wanna know) en “Whipping post” (Allman Brothers Band-cover).
Ik vond het toch wat vreemd klinken dat net tijdens dit enige niet Zappa-nummer (hij speelde het wel live en het belandde op wel op één van zijn platen) Bobby Martin het had over de muziek van Zappa die er altijd zal zijn.
Uiteindelijk kwam de band nog een tweede keer terug voor een, door de zaal uit volle borst (la la la la la la) meegezongen instrumental, “Peaches en regalia”! Dat we dit nog mochten meemaken.

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Frightened Rabbit

Pedestrian Verse

Geschreven door

Indierockfans die dit jaar Pukkelpop bezoeken, passeren op zaterdag best langs de Chateau : de Schotten van Frightened Rabbit mogen voor de tweede keer op het festival  spelen en te horen aan hun meest recente album ‘Pedestrian Verse’ gokken we dat dit meer dan de moeite waard zal zijn!  Hun vierde plaat bestaat uit twaalf hitgevoelige tracks die fans van The National, Arcade Fire en Mumford And Songs zeker zullen smaken.   Folkrocknummers zoals “Backyard Skulls”, “The Woodpile”, “Late March, Death March” en “December’s Traditions” bevatten prachtige, zachte melodieën en hebben bovendien een zeer  hoog dansbaar-gehalte waardoor we vermoeden dat Frightened Rabbit in hetzelfde rijtje kan komen als genoemde bands!

Undefined

Crimes Against Logic

Geschreven door

‘Alles is al wel eens gedaan’. Het is een graag gebruikt cliché uit de muziekwereld. En helaas moeten we vaak ook toegeven aan dat cliché. Hoe hard we ook zwoegen, het is worstelen voor ons muzikanten, om nog met iets nieuws naar voor te komen.
Af en toe gebeurt het echter dat je verrast wordt door een sound. Zo overkwam het ook deze jongen toen hij een zekere zondag het festivalterein van Feest in het Park betrad. Een mix van strijkers en hip-hop beats kwamen mijn richting uit zweven. Undefined was volop bezig met hun soundcheck, en niet geheel toevallig mag ik hier en nu hun debuut-album ‘Crimes Against Logic’ reviewen.

Undefined is niet zomaar een groep Leuvense jongeren. Het is een groep Leuvense jongeren met een verhaal. Al een tijdje aan de weg timmerend, verloren ze twee jaar terug hun zanger, Cedric. Heel even stond de band op een helling, maar gezien opgeven of er blijven voor gaan de enige opties waren... Vandaag zijn we twee jaar verder en intussen is hun eerste plaat uit …
‘Crimes Against Logic’ begint met het eerder besproken strijkersorkestje ondersteund door beats. Het duurt echter niet lang, of de strijkers worden al ingewisseld voor Oosterse Sitar-klanken, en eigenlijk is dat best wel kenmerkend voor dit album. In plaats van voor één genre te kiezen, exploreert Undefined in elk nummer wel enkele verschillende genres. Dat heeft zo zijn voordelen. Hip-Hop zonder té veel Hip-Hop, jazz zonder té veel jazz, rap zonder té veel rap, het zijn allemaal accurate omschrijvingen voor dit album.
Eens aan de tweede track gekomen verschijnt het (don’t be ashamed, ik had het ook...) ‘hé, ik ken dit’-gevoel. “Go Ahead” kreeg behoorlijk veel airplay bij een niet nader genoemd radiostation en daardoor ligt het heel makkelijk in het oor, of ligt dat niet enkel daaraan? Het nummer gaat over ‘meiden, maar ook niet alle meiden hé’ als we zanger Ja Blacks mogen geloven.
En zo heeft iedere track op het album zijn eigenheid. “She’s in control” bijvoorbeeld heeft een heel ‘chillende’ club-jazz feel, deels door de piano akkoorden, deels door het funk-gitaartje, “Live it Up” heeft een ongeloflijke lounge sfeer, bij “Give me Strength” tonen ze dan weer dat ze ook weten hoe reggae werkt en met tracks zoals “Connect the Dots” en “Step into My Circle” gaan ze de onvervalste Hip-Hop toer op. Heel wat genres voor één album dus. Maar op geen enkel moment dreigt het een hoop nummers te worden. Op de één of de andere manier doen al die genres het behoorlijk goed samen.

Maar op een plaat staat er meer dan muziek. Undefined kiest heel erg bewust voor positieve teksten, vaak gevoelig en emotioneel, maar steeds naar de toekomst kijkend (behalve misschien dan bij “Go Ahead”, dat gaat over ‘Bitches’ die altijd hun zin krijgen). Thema’s zoals het verwerken van verlies staan gezien het incident met zanger Cedric op het voorplan, maar ook positieve vibes komen aan bod. Zo gaat “Filterized” over hoe je, als alles tegenzit, toch nog positieve energie uit je leven kan halen. Ook “Give me Strength” is een absoluut feel-good nummer.
Het oudste  nummer is meteen een eerbetoon. Het is het enige nummer waarin Rhygin (Cedric Luyten) te horen is. De originele opname is er dus al eventjes en de versie die op dit album staat is reeds de derde. Het is het nummer waarmee Undefined in 2008 ‘TMF Road2Fame’ won. Een mix van Engelse en Nederlandse raps worden naar je hoofd geslingerd samen met wat vette beats en sampletjes.

Het maken van deze plaat heeft voor Undefined enorm veel voeten in de aarde gehad, maar net dàt heeft er voor gezorgd dat er over alles héél goed is nagedacht en dat hoor je! Welk genre ze in een nummer ook hanteren, elk geluidje zit op zijn plaats, elk klankje klopt en elk gebruikt effectje doet de muziek eer aan.

Wil je nog één extra reden? Op elke CD staat een unieke code. Gebruik deze op www.undefinedsite.be en je krijgt toegang tot een resem nummers die het album niet haalden. Het album op zich is al een absolute aanrader. De CD is te verkrijgen via de website én bij de platenwinkel. Allen daarheen!

Steve Kilbey & Martin Kennedy

White Magic

Geschreven door

Een van de mooiste stemmen uit de rockgeschiedenis moet ongetwijfeld die van Steve Kilbey zijn, frontman van The Church. Deze band mag dan wel dertig jaar lang albums hebben uitgebracht die tot het kruim van de indie/waverock behoren, toch zullen ze voor eeuwig en altijd (o zo ten onrechte) bekend staan voor die ene grote hit die "Under the milky way" was.
The Church ging zijn eigen weg verder en profileerde zich door de jaren meer en meer als een Americana-band die gezegend was met het Australisch desolaat geluid waar ook The Triffids een patent op hadden. Mensen worden echter ouder en zo ook Kilbey die zich de laatste jaren genoeg schijnt te nemen met de status van onbekend cultfenomeen.
Voor diens laatste cd zocht Kilbey de medewerking van op van ene Martin Kennedy, een man die ooit dertig jaar geleden als fan een optreden van The Church op zijn walkman stond op te nemen.
Het resultaat is zoals steeds een plaat geworden die gedomineerd wordt door Kilbey's prachtige stem en nummers die je op minimalistische singer-songwriterswijze wegvoeren naar een andere wereld waar dromen heersen.

The Damned

So, who’s paranoid?

Geschreven door

Yep, The Damned, die bestaan nog. Mogen we niet vergeten dat deze band met ‘Damned damned damned’ in 1977 het allereerste punkalbum op de wereld heeft gebracht (jawel, nog voor de Pistols). Nadien is de groep eigenlijk nooit opgehouden met bestaan, een paar personeelswijzigingen ten spijt, en hebben ze een hoop platen uitgebracht waaronder weliswaar weinig onvergetelijke. Ook de sound varieerde in al die jaren van punk naar een soort goth rock.
Dit nieuwe album heeft niks meer met de punk anno ’77 te maken, en evenmin met goth-rock. Dus Damned fans die daarop zitten te wachten zijn eraan voor de moeite. Op ‘So, who’s paranoid?’ krijgen we wel zowat de originele bezetting, dus met Captain Sensible en zanger Dave Vanian.
Op deze nieuwe plaat is The Damned erin geslaagd zichzelf een soort eigentijdse Britpoprock toe te meten die soms doet denken aan veel jongere bands als pakweg Maximo Park (in songs als “Danger to yourself” en het vinnige “Maid for pleasure”), elders dan weer aan The Who of Alice Cooper. In de sound sluipen al wat theatrale en bombastische momenten (in “Dr. Woofenstein”, “Since I met you” en “Nature’s dark passion”), dus de punk is wel heel ver af. Vanian’s zang doet meermaals aan Julian Cope denken (voor diegenen die niet met Cope’s werk vertrouwd zijn, dit is wel degelijk een compliment) en Captain Sensible laat zich heel dikwijls tot een heuse gitaarsolo verleiden, wat vroeger ook al volledig uit den boze was. Om de fans van het eerste uur nog wat meer af te schrikken krijgen we bovendien nog een lading piano, strijkers, een hoop keyboards en zelfs koorzangen. Zelfs de meest felle en energieke song “Nothing” neigt meer naar hard-rock dan naar punk en is voorzien van een ware hard-rock solo en dito keyboards.
Misschien toch een klein raakpuntje met het geluid van eind jaren zeventig, maar dan niet dat van henzelf : soms is er een zweem van generatiegenoten The Stranglers te herkennen, en dat is volledig te wijten aan een retro-orgeltje dat regelmatig komt voorbijdrijven, zoals in opener “A nation fit for heroes”.
De band eindigt zonder enige vorm van schroom met het 14 minuten durende psychedelische “Dark asteroid”, inclusief een lang uitgesmeerde wah-wah gitaarsolo waar geen einde lijkt aan te komen. U gelooft uw oren niet.  
The Damned heeft met ‘So who’s paranoid?’ het soort plaat gemaakt waar ze in 1977 hardnekkig zouden op gespuugd hebben. Toch is dit album best te genieten, als je maar de punk uit je hoofd kan zetten.