Dourfestival, Dour 2011 - vrijdag 15 juli 2011
Op dag 2 waren er interessante acts te noteren van Ice Cube, Madball, Skindred, Kylesa, Klaxons, Mogwai en het herenigde Pulp. Een gevarieerd aanbod van goede bands & artists die dan door de beats & pieces en visuals van Vitalic kon worden besloten .
Een eerste halt hadden we met Two Gallants en het deed band & publiek deugd elkaar terug te kunnen zien. Een intens doorleefde melodieuze rauwe rock’n’roll sound, beheerst en even uit de bocht. Het duo is er terug bij, deed ons huiveren en liet enkele oudjes als “Steady rollin’” (kan niet gemist worden tijdens een livegig) en “Despite what you’ve been told” op ons los. The God Machine van Robin Proper-Sheppard hoorden we deels in de eerste songs.
Uiterste genietbare gitaarpartijen, een schuurpapieren stem, een snijdende mondharmonica en bezwerende, opzwepende drums. Heerlijk wat het duo presenteerde. Hier kunnen The Kills een puntje aan zuigen en onze Black Box vrienden zouden net als ons even content zijn, om het Two Gallants duo op zo’n gemotiveerde wijze te zien spelen.
We hoorden even de tunes van het Franse Jamaïca. Net op de tijd om “I think I like U 2” te horen, een fijn nummertje van een even fijne gitaarpopband.
Na opener Les Hurlements D’Leo op de Last Arena was het de beurt aan Papa Roach. De alternatieve metal band uit Californië kreeg de menigte maar moeilijk mee en wist voornamelijk enkel de ‘die-hards’ te bekoren. Energie en enthousiasme had zanger Jakoby Shaddix genoeg, maar zijn stem liet het heel vaak afweten. Na een ietwat flauw eerste deel gingen ze over tot het serveren van hun ‘old skool’ nummers, die duidelijk beter in de smaak vielen. Nummers als “Scars” en “Between angels and insects” zorgden dan toch nog voor de broodnodige ambiance. Afsluiten deden ze met instant klassieker “Last Resort”, het nummer waar duidelijk iedereen op zat te wachten. Na een zeer middelmatig optreden te hebben gezien kunnen we besluiten dat Papa Roach zijn beste tijd gehad heeft…
Musiczine.net kan niet omheen de Franstalige vrienden Yew – de leden hebben een goede band opgebouwd en hun aanstekelijke, opzwepende en frisse folkrock werkte. Het kwintet haalde er nog een paar muzikanten en vocalisten bij en bouwde in de ietwat grote tent een fijn feestje, waar Festival Dranouter mag gecontacteerd worden om het beloftevolle Waalse bandje te programmeren tijdens de nachturen. The Whiskey Priests, The Pogues, The Dropkick Murphys, The Levellers, Fairport Convention, Steeleye Span, Dubliners en Altan vlogen om de oren. Gezellige dansbare muziek van een erg amicale band!
Het Britse Qemists hebben hun live reputatie alle eer aangedaan. Een explosief, energiek optreden met dansbare grooves, zonder de new rave van dubstep te vergeten . Ze kunnen het heel vlotjes integreren in die mix van rock, hiphop, elektronica en drum’n’bass . Gitaar, bas, drums, keyboards, laptop en het opwindende duo , zangeres Jenna G en MC Dan Arnold, zorgden voor een feestje in de dancehall … Knap done, hoor …
Ondanks de mindere programmatie van Belgische bands, zagen we een feestje met Das Pop wel zitten. In de late namiddag geprogrammeerd in de Clubcircuit Marquee viel ons meteen de nieuwe setting op. Geen opblaasbare palmbomen meer maar 2 grote opblaasbare dobbelstenen – ter promotie van album ‘The Game’- sierden langs weerszijden het podium. Huppelkut Van Looij, strak in het witte pak, had er zoals steeds zin in en prevelde tussen de nummers in de nodige Franse bindteksten. Met “You”, “The game” en “Skip the rope” was het dansen geblazen en ondanks de drukkende warmte in de tent kreeg dit veel navolging. Van Looij in z'n sas achter de piano bij “Gold “ en op “Flowers in the dirt” bewees hij z'n waarde als sympathieke frontman. In een lang uitgesponnen finale van “Never get enough” werden de opblaasdobbelstenen tot leven gewekt en in het publiek gekatapulteerd om dan na enkele minuten als in een tovertruuk te verdwijnen ...
‘Hiphop is in the house’, dierbare vrienden . Gisteren nog een (overtuigende) set van Cypress Hill, dan vandaag al overdag met zwaargewicht Ice Cube . En morgen is er dan de House Of Pain … En overmorgen Public Enemy, netjes verdeeld dus op Dour…
Ondanks de vele eenvormige ‘old skool’ gelaagde hiphopbeats en diepe basstunes zorgde het monument van de hardcore hiphop en z’n MC ervoor dat het publiek vooraan goed waren opgewarmd, de left-, right- en backside hebben het geweten. Interactie met het publiek dus en een gepaste, aangename afwisseling van “Yo's” en “Yeah's”..
Hij kwam hier op promotour van de cd ‘I am the West’. De rapper, tevens geen onaardig acteur ( o.a. XXX), kwam na een lang uitgesponnen intro en onder luid applaus het podium op en bracht “I rep that West” en “Chin check” in het eerste kwartier. Wie dacht lange uitgesponnen en repetitieve songs te krijgen kwam bedrogen uit, want de songs klokten bijna altijd af op 3 minuten. Daardoor zat er soms te weinig flow in het optreden maar dit werd ruimschoots gecompenseerd door de tomeloze inzet van de gangsta rapper. Met flarden hiphopanthems als intro bleef alles boeiend en gingen de armen meermaals in de lucht. Spectaculair is het allemaal niet meer, maar het is altijd wel leuk om deze man, die hiphopstyle en die beats terug te horen.
Op de Cannibal Stage stond Benji Webbe (voormalig Dub War frontman) ons al op te wachten. Hij stond er met zijn Skindred, een groep die je qua muzikale stijl moeilijk in één hokje kan duwen, zo hoorden wij naast alternatieve rock ook heavy metal, punk rock en reggae. Een bonte verzameling van stijlen die voor een erg uniek geluid zorgden. De energie van de frontman werkte zo aanstekelijk dat in een mum van tijd de hele tent op zijn kop stond en lustig stagedive-de. Op het einde kwam Jakoby Shaddix van Papa Roach nog even mee feesten en zo mocht Skindred na goed 50 minuten dikke ambiance meer dan tevreden het podium verlaten.
Andere koek was Kylesa. In de Vk* intrigeerden ze in het voorjaar en al even gemotiveerd en overtuigden klonken ze in de kleine La Petite Mason dans la Prairie. Inderdaad, ze hebben een fantastische mokerslag van een plaat ‘Spiral Shadow’ en het kwintet met twee drummers speelden een prachtige mix van metal, grunge, stoner en indie als sludge metal. Een frontman (zanger/gitarist Philip Cope) én een frontvrouw (zangeres/leadgitariste en vrouw met ballen Laura Pleasants) verdeelden de vocals netjes onder mekaar en zorgden voor een knappe variatie van schreeuwerige en puntige vocals. Songs met een sterke opbouw en vele tempowisselingen, krachtig, energiek en vettig rockend! Wat een power … Dit was af en smaakte naar meer! Waaw!
Mogwai moet het eerder hebben van de Angst met Satan en hen plaatsen op een hoofdpodium vóór het avond wordt, is wel raar. De spanningsboog en broeierige intensiteit die ze weten op te bouwen met hun postrock deed de aandacht eerder verslappen en zakte dus wat ineen bij het daglicht. Ze behielden weliswaar het gelaagde gitaargordijn, de repetitieve opbouw en de klankkleur; de recentere songs hebben dan ook een melodieuzere ondertoon, zwellen aan, maar exploderen niet echt meer . Plus dat ook de elektronicaritmes een ingangspoort hebben gevonden .
Opgelet, Mogwai viel niet echt uit de boot hoor, maar overdag werkt het minder, enkel met die typische “Mogwai fear Satan” en “Glasglow mega snake” was het volledig uitgewerkt volgend de oude formule van verschroeiende gitaren, drums, gitaarxplosies, feedbackgeraas, noise , delays en pedaaleffects …
Intussen was de Cannibal stage volledig volgelopen voor het New Yorkse Madball. De oldskool hardcore klonk zoals steeds snoeihard met een meedogenloze Freddy Cricien als orkestmeester van een violent party. Met “Set if off” en “Demonstrating my style” leverden ze in de jaren '90 2 absolute klassiekers af in het genre. Na enkele bandwissels en een split namen ze beginjaren '00 terug hun plaats in aan de top van de hardcore scène. Anno 2011 zijn ze weer in topvorm en met de nieuwe plaat ‘Empire’ – uitgekomen op Nuclear Blast- bewijzen ze nog steeds alive and kicking te zijn. Hun optreden was intens, hard en energiek zoals we van hen gewend zijn en mondde bij ieder nummer uit in mosh- en circlepits. Ook de stagedivers waren niet op één hand te tellen en na een uurtje hadden ze er toch een kleine 20 nummers doorgesjast. ‘Oldskool hardcore in your face, we like’t it’ en met ons nog vele anderen in de kolkende tent.
De Londense Klaxons kwamen op geheel eigenwijze manier hun album ‘Surfing The Voïd’ (2010) voorstellen. Dat album is een mengelmoes van elektronische indiepop/rock volgestouwd met kleppers als “Echoes" en "Twin Flames". Hun set openden ze met “Atlantis To Interzone”, waarop het publiek al onmiddellijk zeer enthousiast reageerde. Naar mate de set vorderde bespeurden we steeds meer ‘dance moves’ rond ons. Ergens halverwege losten ze knaller “Golden Skans”, waarop de tent een eerste keer uit zijn voegen barstte. Het Britse trio deed zijn uiterste best om erg strak te spelen en werd door de dol enthousiast publiek bedankt. Met afsluiter “Its Not Over Yet” sloten ze de overtuigende gig af.
Godfathers/pioniers van de post-, sludge en experimentele metal worden ze omschreven, Neurosis met name. Geen hapklare muziek maar dit gezelschap, die al van ’85 bezig is, voegen er duistere soundscapes en samples aan toe . De bijhorende visuals tonen aan dat Neurosis geen daglicht verdraagt. Punt uit. Neurosis biedt een filmische, huiveringwekkende trip met hun slepende en krachtige melodieën en grauwe vocals. Neurosis is een intense (pijnlijke) ervaring, en ze zijn net als Isis, Sunn O))) en Amenra uniek in hun stijl.
Pulp onder spil Jarvis Cocker, heeft de brug nog niet kunnen slaan met de jongere generatie. Dus het was rustig aan de Mainstage. Dat belette niet dat de nostalgische Pulp sound er eentje was om van te snoepen .
Een praatvaardige Cocker zei dat het van ’94 was geleden dat ze hier nog waren en vroeg zich af wie er nu nog bij was. En hop “Do you remember the first?” … Luchtige, sfeervolle songs sieren het werk; een collectie tijdloze ‘Britpop’ songs, tussen meligheid en cynisme (the words of friend Gust!), die respect afdwingen en met een mooie orkestratie en gepaste hoeveelheid beats ingevuld worden.
De dartelende ‘middle-class hero’ Cocker entertainde z’n publiek als een stand-up comedian, en betrok het publiek steevast bij de niet makkelijke songs. Maar met z’n uitgebreid collectief zorgde hij voor enkele prachtmomenten als “Disco 2000”, “Feeling called love”, “Underwear”, “This is hardcore” en “Common people”. Kitsch , glamour & glitter ontbraken niet, gezien torenhoog hun naam fonkelde en flikkerlichtjes kleur gaven. We hielden van Cocker, de man-van-alle-kunstjes. Fijne comeback – fijne set …
Een stukje Deerhoof namen we er nog graag bij om dag 2 te besluiten . Inderdaad de Amerikaanse band die het eerder houdt op een avontuurlijk geluid, met de nodige experimentjes en onder de Japanse kreetjes van Satomi Matsuzaki, zijn nog altijd even bizar, maar de toegankelijkheid sijpelt meer door . En dat maakte het ons even wat makkelijker om de nacht in te gaan, niet …
Neem gerust een kijkje naar de pics
Organisatie: Dourfestival, Dour
Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…
Rock Werchter 2026, van 2 juli t-m 5 juli 2026 - 25 nieuwe namen maken de line-up van Rock Werchter 2026 compleet
Rock Werchter 2026, van 2 juli t-m 5 juli 2026 - 25 nieuwe namen maken de line-up van…

Democrazy Gent - events
Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…
Graspop 2026 – van 18 juni t-m 21 juni 2026 - Preview
Graspop 2026 – van 18 juni t-m 21 juni 2026 - Preview De zomer is in aantocht, dus het…
Nederlands
Français 
