logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (2 Items)

Grant Hart

Grant Hart - Underground icoon Grant Hart en de deugd der zelfrelativering

Geschreven door

In de reeks “Hoe zou het nog zijn met…30 jaar later” werden de spotlights afgelopen donderdag gericht op Grant Hart. Als mede-oprichter van het invloedrijke 80ies undergroundtrio Hüsker Dü en met een reputatie van voormalig junkie heeft deze innemende Amerikaan alles in huis om zich een cult figuur pur sang te noemen. Na zijn gedwongen ontslag uit Hüsker Dü ruilde Hart de drumkit in voor een elektrische gitaar en stortte zich in een aanvankelijk niet onaardig solo avontuur. Op zijn debuut ‘Intolerance’ (‘89) verrijkte hij de muziekgeschiedenis en passant met het tijdloze “All Of My Senses”, en daaropvolgend blikte hij met het nieuwe powertrio Nova Mob begin jaren ’90 twee fraaie albums vol doorleefde gitaarrock in.

Het jongste decennium leidde Grant een schijnbaar wat teruggetrokken bestaan en liet hij zich maar sporadisch opmerken, o.a. tijdens een eenmalig benefietoptreden met zijn oude Hüsker Dü ‘maatje’ Bob Mould, of als gastvocalist op het derde Arsenal album ‘Lotuk’. Toen na tien jaar radiostilte met ‘Hot Wax’ (‘09) dan toch weer een nieuw album verscheen leek niemand daar echt wakker van te liggen. Met de release van de puike rarities collectie ‘Oeuvrevue’ en een aantal reissues kwam Hart eind vorig jaar plots terug wat aan de oppervlakte. De hernieuwde aandacht leverde hem een ticket op richting Europa waar hij momenteel in zijn dooie eentje een clubtour afwerkt. De immer sympathieke patron van de 4AB club Patrick Smagghe moest dan ook geen twee keer nadenken toen de iconische Amerikaan op zoek ging naar een Westvlaams podium om de versheidsdatum van zijn back catalogue te testen.

Met Grant’s muzikale staat van dienst laat een beetje fan zich al vlug verleiden tot al te hoge verwachtingen, maar met cultfiguren weet je maar nooit. Zouden we een overjaarse troubadour op akoestische gitaar te zien krijgen, of dan toch een glimp kunnen opvangen van het strijdvaardige alt.rock icoon van weleer? Het bleek gelukkig het laatste. Met een zelden geziene rauwheid gooide Hart zich in een mistig strijdtoneel, nonchalant heen en weer strompelend tussen de microfoon en zijn gitaar amp waaruit hij voor elk nummer de juiste distortiongolf wist te knijpen. Een hoogbegaafd gitarist is ex-drummer Hart echter niet, een begenadigd zanger des te meer. Na een ronduit verschroeiende start kwam zijn doorleefde stem pas echt goed tot zijn recht tijdens het psychedelisch getinte “You're The Reflection Of The Moon On The Water”.
Hart had in het eerste concertkwartier nog maar weinig woorden gewisseld met het publiek, maar daar kwam geleidelijk aan verandering in. Los van alle sagen en legenden rond zijn muzikaal verleden is de Amerikaan immers de eerste om de iconische beelden rond zijn persoon te doorprikken. Tussen de nummers door ontpopte hij zich gaandeweg tot een alerte meestercynicus die dolde met de eerste rijen van het publiek en grapjes over zijn typische vibrato stem demonstratief in het rond strooide. De sfeer in de dun bevolkte doch intieme 4AD werd hierdoor heel relaxed en spontaan, zo spontaan zelfs dat we er wat aan twijfelen of Hart zich aan een vooraf ingestudeerde setlist hield.
In ieder geval kreeg het publiek de vooraf aangekondigde bloemlezing uit ’s mans beste werk. Maar zoals de recente ‘Oeuvrevue’ verzamelaar duidelijk aangeeft dateren de echt klassieke Hart songs toch wel van twee decennia terug. Het hemelse gitaarpopjuweeltje “2541” uit zijn solodebuut en de Nova Mob classics “Admiral Of The Sea” en “Little Miss Information” horen daar wat ons betreft zeker bij.
Hart zette het publiek heel even op het verkeerde been door op een bepaald moment zijn gitaar te stemmen op de tonen van een Hüsker Dü intro, maar even later werd het 4AD publiek dan toch naar de 80ies gecatapulteerd met de underground evergreen “Don’t Want To Know If You Are Lonely” en een doorleefd “Sorry Somehow”; beide Hart composities zijn afkomstig van het iconische ‘Candy Apple Grey’ album waarmee Hüsker Dü in ’86 de deur wagenwijd openzette voor Dinosaur Jr., The Pixies, The Lemonheads, Buffalo Tom en ander melodieus gitaargeweld die de 90ies zouden kleuren.

Geheel in de traditie van een singer-songwriter optreden nam een nu volledig ontspannen Hart op het einde van de set enkele verzoekjes aan. Ondergetekende viel hier in de prijzen en werd prompt op zijn wenken bediend met een rauwe versie van Hart’s figuurlijke ode aan de Duitse ruimtevaartpionier “Wernher Von Braun”. Met een ander geschiedkundig epos, “The Last Days of Pompeii”, nam de Amerikaan een beetje abrupt afscheid, maar even later zouden we de man onverwacht nog eens tegen het lijf lopen. Aan de gevel van de 4AD bewees Hart met verve dat mannen wel degelijk kunnen multitasken: anekdotes vertellen over ‘the life on the road’ en het gemiddelde IQ van Slayer fans, een versleten Hüsker Dü plaat signeren, gewillig poseren met fans, en tussendoor ook wat CDs aan de man brengen. Dit zijn het soort details die een optreden in een kleine club groots maken, dus Patrick, als er morgen een mailtje van Bob Mould binnen komt dan weet je wat er te doen staat!

Voorafgaand aan Grant Hart konden we nog een handvol nummers meepikken uit de set van publieksopwarmer Pauwel De Meyer. Op het eerste zicht een onbekende figuur in ons muzikaal geheugen, maar na wat speurwerk bleken we deze jongeman uit de regio Sint-Niklaas toch reeds eerder te hebben ontmoet. We herinneren ons immers nog levendig het optreden van Devendra Banhart op Pukkelpop 2007, waar plots een jong kereltje het podium op mocht om samen met Banhart een eigen nummer te brengen; wel, dat bleek bij nader inzien de toen amper 17-jarige De Meyer te zijn. Op de planken van de 4AD deed de ontwapenende jongeman ons eerder denken aan de begindagen van oppermelancholicus Tom McRae. Een talent is De Meyer zeker, want maar weinigen komen weg met “Not Yet” van The Veils zonder het schaamrood op de wangen.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Grant Hart

Na 20 jaar staat hij er nog steeds, Grant Hart

Geschreven door

Eind jaren ’80, in het West-Vlaamse hol W.: een bleke puber sloft elke maand de plaatselijke bibliotheek binnen om er weer buiten te wandelen met een aantal LP’s onder de arm. Tot dan toe waren dit meestal foute hardrockplaten van geföhnde testosteronbommen als Whitesnake, Van Halen of Judas Priest, het leven kon hard zijn in West-Vlaamse holen in de jaren ’80…
Tot op een memorabele dag de bleke puber een plaat meenam met een wat vreemde hoes van een groepje met een heel vreemde naam (blijkbaar waren de foute hardrockplaten die dag allemaal uitgeleend): ‘Candy Apple Grey’ van Hüsker Dü. De puber kwam thuis, legde de plaat op de platenspeler; draaide de volumeknop open in afwachting van een eindeloze gitaarsolo…en werd vervolgens uit zijn sloefen geblazen. Een mijlpaal in het leven van de bleke puber en op muzikaal gebied was niets nog hetzelfde, een nieuwe standaard werd gezet. Eeuwige dank aan de verantwoordelijke voor de platenafdeling van de bibliotheek in W. is hier op zijn plaats.
Om maar te zeggen dat ik een hoge dunk op heb van Grant Hart die samen met de heren Mould, Hart en Norton, het trio Hüsker Dü vormde van 1979 tot 1987.

Maar Grant Hart was weer in het land (hij speelde ook op ‘De Nachten’ in Antwerpen). De verwachtingen waren hooggespannen, maar tegelijk ook wat gematigd, want met ‘oude gloriën’ is het oppassen geblazen. Menig rockheld tourt nog rond enkel en alleen om de alimentatie/verslaving/grote villa te kunnen blijven betalen of wil hardnekkig tonen dat hij/zij nog vernieuwend is en speelt dan geforceerde nieuwe songs waar niemand een boodschap aan heeft. Grant Hart heeft na het Hüsker Dü - tijdperk weliswaar nog een paar soloplaten gemaakt en een tijdje met Nova Mob het mooie weer gemaakt, maar de laatste jaren was er toch weinig nieuws van de man (tot Arsenal met hem een nummer opnam voor hun laatste plaat).
Wij dus naar de Handelsbeurs, een zaal met klasse en standing, waar het publiek werd uitgenodigd om plaats te nemen aan ronde tafeltjes, met een kaarsje op en een streekbiertje naar keuze, very NOT punkrock, maar hey, de punkrockers van weleer zijn ook niet meer hetzelfde.

Als support-act stond ene Pete Molinari geprogrammeerd, een beleefde jonge Britse troubadour die blijkbaar al twee cd’s uit heeft maar waar ik nog nooit van gehoord had. De zoetgevooisden bleek een kruising tussen Bob Dylan en Roy Orbinson. Een gitaar, een mondharmonica (het Bob Dylan-gen) en een klok van een stem (van papa Roy O.) waarmee hij een aantal trage tot mid-tempo songs bracht die zo uit de jaren zestig bleken te komen. Mooi, goed gespeeld en gezongen maar of Pete veel potten zal breken valt te betwijfelen, daarvoor zijn de songs misschien iets te braaf en te gepolijst, net als de jongeman zelve. Nadat hij vriendelijk had gevraagd of hij nog een laatste nummertje mocht spelen ‘for the ladies’, en het eveneens beleefde publiek dit welwillend had toegestaan, was het halfuurtje Pete Molinari gepasseerd.

Pete weg van het podium en daar kwam Grant Hart, hij zag er minder rock ’n roll uit dan degene die na afloop van het concert de zaal moest vegen. Na nog eens goed zijn broek te hebben opgetrokken nam hij de gitaar ter hand, blikte de zaal in en begon “Please don’t ask” te zingen. Voorwaar een sterke opener. Grant had er blijkbaar zin in want het publiek werd uitgenodigd om de nummers te kiezen.  Het maakte hem blijkbaar ook niet uit of er dan wel Hüsker Dü-, Nova Mob of solonummers, gelukkig was iedereen genoeg bij de pinken om geen nummer van Bob Mould te vragen, want de mythe wil dat het tussen die niet echt goed botert.
Blijkbaar speelt Grant Hart zijn eigen nummers nog heel vaak want bij elk verzoek moest hij maar twee seconden nadenken en hij was vertrokken, een human jukebox.”Letter from Anne-Mari” en “Admiral of the sea” passeerden, sterk gezongen en een verrassend afwisselend gitaarspel (Grant was destijds de drummer van Hüsker Dü). Er volgde een mij onbekend nummer (“Barbara”?, Iets nieuw?) en toen keek Grant op zijn playlist en was er een moment van verwarring. Blijkbaar had hij iets onleesbaar genoteerd maar na wat denkwerk bleek het “Keep hangin’ on” te zijn.
Er zat vaart in, er passeerden een aantal Hüsker Dü nummers die toch ook al 2 decennia oud zijn maar nog altijd fris van de lever klonken. Tijdens “Where Are You Gonna Land Next Time You Fall Off Your Mountain” brak een snaar en dat was de aanleiding voor een korte pauze. In de ware punkrock-filosofie herstelde de artiest zélf zijn gitaar (en zo wordt een roadie uitgespaard natuurlijk) en waren we dus een 10-tal minuten getuige van een relaxte Hart die het technisch mankement niet aan zijn hart liet komen.
Hij hernam de set met zichtbaar plezier om er nog een achttal nummers door te jagen. De man had echt niet veel nodig om terug te komen voor een bisronde, hij deed wat passen achteruit, deed alsof hij ging stoppen maar na vijf seconden stond hij al terug aan de micro. “Old Empire” en het machtige “Don’t wanna know if you are lonely” werden vol overtuiging ten beste gegeven.
En na 22 nummers kon hij nog eens terugkomen om ons, na wat gespeeld tegenstribbelen, “All of my senses” te schenken, 18 jaar geleden een bescheiden radiohit die eigenlijk een wereldhit had moeten zijn.
Om daarna af te sluiten met kippevel: “Diane’, de rauwe moordballade waar Therapy? sterk mee scoorde in de hitparade, maar dus geschreven door Grant Hart.

Grant Hart zal geen nieuwe fans gewonnen hebben in de Handelsbeurs, de zaal was matig gevuld met reeds overtuigde aanhangers maar die hebben hun oude held goed bezig gezien, niets vernieuwend maar zeker niet versleten, en het belangrijkste, de songs staan er nog altijd en dat na 20 jaar, Respect!

Playlist:
”Please don’t ask”; “Letter from Anne-Marie”; “Admiral of the sea” ;”Barbara(?)”; (?); “Keep hangin’ on” ; “2541”; “Girl who lives on heaven hill”; (?) ; “Never talking to you again”; “The main”; “Where Are You Gonna Land Next Time You Fall Off Your Mountain”; “No substance”; “Books about UFO’s”; “Evergreen memorial drive”; “She floated away”; “Green eyes”; “Pink turns to blue”; “Flexible flyer” ; “Last days of Pompeii”; “Old empire” ; “Don’t wanna know if you are lonely”; “All of my senses”; “Diane”.

Organisatie: Handelsbeurs, Gent