logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
Gavin Friday - ...
CD Reviews

Jeff The Brotherhood

Global Chakra Rhythms

Geschreven door

Jeff The Brotherhood uit Nashville kunnen we op zijn minst een boeiende, avontuurlijke en veelzijdige band noemen. Daar waar ze op de vorige plaat nog het best te omschrijven waren als Weezer die zich aan stoner-rock waagt, zitten ze nu volledig in het land van de psychedelische rock en krautrock.
De plaat klokt ruim boven het uur af en is gevuld met lange jam-songs die zich in verschillende windrichtingen begeven. De albumtitel doet het al een beetje vermoeden, JTBHD gaat hier volledig loos en lapt de vaste songstructuren aan zijn laars ten gunste van lekker zwevende songs die de tijd nemen om een breder universum te exploreren. Een songtitel als “Deep Space Bound On The Edge Of Reality” is veelzeggend, hier wordt in de hogere lagen van de kosmische atmosfeer rondgedobberd. De titelsong is al meteen een groovy krautrock excursie die gaandeweg steeds spannender wordt en middels een ontspoorde sax, jungle drums en in LSD gemarineerde sixties-gitaren naar Oosterse oorden reist. Eén en ander vertaalt zich in Neu! die Hawkwind vertolkt, of omgekeerd als u wil. Die krautrock- invloeden worden nog eens dik rondgesmeerd op “Solstice Canyon”, een fijne instrumental die ook al lijkt te zijn weggelopen uit een plaat van Neu!
JTBHD toont zich van zijn meest wreedaardige en donkere kant in de hypnotiserende rock van het lange “Mary Of Silence”, een verslavende song voorzien van een stel snijdende gitaren die dwars de donkere wolken scheuren.
Elders is het dan weer chillen op een luie sax in “Chilled To Bones” en heerst er een relax hippiesfeertje in “Pillars Of Creation” en “Pringle Variations”, twee songs die van Thievery Corporation konden zijn mochten die wat meer paddenstoelen tot zich nemen.
Elektronica overheerst dan weer op het bevreemdende “Liquid Inox” waarin gretig wordt geëxperimenteerd met freaky synths.
JTBH lijkt er aanvankelijk rustig uit te gaan op afsluiter “Whatever I Want”. De song start als een rustig kabbelend hippie-beekje tot men met een logge doomhardrockriff de modder nog eens komt omwoelen.
Fascinerende plaat.

Id!ots

II

Geschreven door

Dit is nog maar de tweede plaat van dit venijnig rockende gezelschap, maar het zijn hoegenaamd geen groentjes. De helft van Id!ots heeft er met Ugly Papas al een heus rock’n’roll verleden opzitten, ze weten hoe ze een portie vettige en zweterige rock op de wereld moeten loslaten. Dat er na al die jaren nog serieus wat snee op zit bewezen ze al met hun potige eersteling en ze komen het nu meteen al zonder weerga uit de doekjes doen met de felle opener “Backk”, een striemende kopstoot van amper anderhalf minuutje, een kogel met het Jon Spencer- kwaliteitslabel, dat is wat men noemt nog eens een frontale binnenkomer.
Id!ots gaan daarop lustig door met een stel vettige klompen buffelrock waarin de gitaren lekker onstuimig uit hun voegen mogen barsten en waarbij ouwe rot Luc Dufourmont danig wat animo in zijn vocals legt, in “Pakistan” zet hij zelfs een overtuigende Mick Jagger neer. Onze favoriet is de stormachtige rocker “Bricks To Dust” waarop het combo enkele keren drastisch ontploft, het is een song die ontworpen is om de daken van diverse concertzalen aan flarden te spelen.
Pas met slotsong “Never Look Backk” mag de voet van het gaspedaal, maar gewoon bruusk stoppen was naar ons gedacht beter geweest. Die afsluiter is eigenlijk maar een mak niemendalletje dat een beetje ongepast aan de staart van een ontembaar beest hangt. Doch laat dit de pret niet bederven want de tweede plaat van Id!ots is een heftig ding waar de onbesuisde rock’n’roll in dikke lagen van af druipt.

Arno

Human Incognito

Geschreven door

Human Incognito, het nieuwe album van Arno, borduurt verder op de weg die le plus beau ingeslagen was met 4French Bazaar’ in 2004. Net als op het vorige album, ‘Future Vintage’ uit 2012, zat John Parish (PJ Harvey, Thou) deze keer als producer mee achter de knoppen. Hij zet deze keer de rauwe en doorleefde stem van Arno centraal in de mix en laat de muzikanten daarrond schilderen in voorzichtige pasteltinten.
‘Human Incognito’ laat een Arno horen die zich bij het begin al lijkt te verontschuldigen dat deze plaat geen hoogvlieger zal worden, al is dat nergens voor nodig. Opener en eerste single “I’m Just An Old Motherfucker” zet meteen de toon: teksten die Frans en Engels door elkaar haspelen, een heel gezapig tempo dat schippert tussen blues en chanson en mijmeringen over vroeger, over drinken en over de (verloren) liefde. Enkele raak gezette melancholische blazers kleuren sommige songs in als Tom Waits of Elbow.
Met de meer uptempo nummers en hoekige ritmes als in “Please Exist” en “Never Trouble Trouble” komt Arno wel heel dicht in de buurt van zijn vroegere werk met TC Matic. Ook “Now She Likes Boys” (over impotentie) en “Une Chanson Absurde” (over zijn hond) houden het tempo relatief hoog en zorgen voor voldoende afwisseling op het album.
“Je veux vivre dans un monde sans cholestérol avec un overdose de rock’n’roll”, zingt Arno in “Je Veux Vivre”.
Een overdosis rock’n’roll is ‘Human Incognito’ niet, maar er zit wel voldoende kwaliteit in om Arno nog een paar jaar langer als godfather van de Belgische rock op de kaart te houden.

Raglans

Raglans

Geschreven door

Eenvoud siert bij de Ierse rockers Raglans . Ze hebben een leuke sfeervolle, vrolijke , opgewekte plaat uit , met het nodige (spel)plezier gemaakt en die een zeker samenhorigheidsgevoel uitstraalt . “Diggin holes” en “Lady roll back the years” brengen je meteen in de juiste stemming . Fris , sprankelende uptempo songs. Daarna komt het popgevoel sterk naar voor en klinkt het wat gewoontjes , maar nog wel steeds goed . De meer sfeervolle “Not now”, “High road” en “Born in storms”  tonen dat het kwartet breder kan gaan. Tussenin nog eens wat meer knallen met “The man from Glasgow”, die onderstreept dat het rockend concept het sterkst is.
Een gretig bandje alvast , die al een behoorlijke livestatus hebben opgebouwd  en geknipt zijn voor de zomerfestivals!

Ryan Adams

1989

Geschreven door

Die Ryan Adams is een belangvol sing/songwriter binnen de rootspop . Hij heeft al een pak platen uit , maar verbaast hier om net de songs van de Amerikaanse countryprinses , Taylor Swift, die intussen een popkoningin is geworden , van haar plaat ‘1989’ , veruit de best verkochte plaat, te coveren van begin tot einde in zijn eigen stijl .
Inderdaad , de nummers worden omgebogen naar zijn eigen kenmerkend stijlenpalet , met die emotievolle , gevoelige tune. De elektrische productie is uit de nummers , bijgevolg we krijgen een reeks afwisselende sfeervolle en ingenomen poprockend nummers . “Welcome to New York” , “Style” zijn breder van opzet , “Out of the woods” bouwt op en de kwetsbaarheid ervaren we op de sobere “Bad blood” , “Wildest dreams” , “How you get the girl” en “This love”; op de andere horen we net ook die fijngevoeligheid van een Swift terug . Beide kampen kunnen maar tevreden zijn met zo’n plaat .
Een verrassend sterk en bloedserieus album.

St Germain

St Germain

Geschreven door

Kennismaken met St Germain deden we vijftien jaar terug … Ludovic Navarre is de man achter St Germain , die debuteerde in 2000 met ‘Tourist’ , die handig inspeelde op de rage van sensuele, zomerse lounge met jazz , blues en triphopsounds.
St Germain had een heuse band achter zich met sax, trompet , flute en percussie, zorgde voor een breed opengetrokken geluid en sprak de dansspieren aan door de rustige , repetitieve voortkabbelende beats, die door de ritmiek en de grooves uptempo konden klinken .
Een avontuur , een ‘joie de vivre’ dat ontspannen, swingend was door songs als “Rose rouge”, “So flute” en “Sure thing”.
Hij wou bewust geen herhalingstoets van ‘Tourist’ en ging net als Stef Camil Carlens op avontuur in Afrika. Hij vond Malinese muzikanten en vocalisten, en afro en desert blues kregen een voornaam plaatsje op de nieuwe titelloze plaat, wat sterk overtuigt .
Een muzikale ontdekkingstocht die Moby, Little Axe , RL Burnside, Tinariwen en ons eigen Buscemi samenbracht . Een puik resultaat , waarbij we in hogere sferen komen of heupwiegend gedropt zijn in de Sahara of in de jungle.
Live opnieuw een heus collectief op de stage met traditionele Afrikaanse instrumenten als de kora, de balafon en de n'goni , die broederlijk samengaan met de elektrische gitaren, flutes , piano's, saxofoons en zijn kenmerkende electro-vibes .
Je wordt meteen meegevoerd in die zalvende hypnotiserende sound. De zomerse single “Real blues” opent, is warm, knus , energiek, met de stem van de legendarische Texaanse bluesman Lightnin' Hopkins op de achtergrond; de gitaarriedels intrigeren en de ritmische percussie prikkelt, dweept op en klinkt aanstekelijk. Heerlijk zoiets . Een dampend, smachtend sfeertje hebben we!
St Germain loodst ons doorheen de plaat  met rustige housy beats en de unieke instrumentatie. “How dare you” (met Zoumana Tereta) kenmerkt die desert blues
. “Sitting here” dan (met de stem van Nahawa Doumboa)  wordt prachtig ingeleid door het gitaarspel en maakt de reis doorheen Mali compleet . Aangename grooves dwarrelen over ons heen.
We zijn duidelijk te vinden voor de aangenaam voortkabbelende grooves van die  afroblues/jazzlounge. Puike return.

The Darkness

Last of our kind

Geschreven door

Met ‘Last of our kind’ gaat The Darkness van de broers Dan en Justin Hawkins verder op het pad van voorganger ‘Hot Cakes’: stevige, harde rock met weinig verrassingen. Zeggen dat ze nog steeds lijken op een Queen-cover-band die enkel de afleggertjes en vullertjes van Freddie Mercury brengt, is er misschien wat over. De band werkt duidelijk aan een eigen geluid en een eigen gezicht, maar voor deze ‘Last of our kind’ had de strenge hand van een externe producer misschien wonderen kunnen doen.
De eerste helft van het album is nog best spannend. De openers “Barbarian” en “Open Fire” schieten tegen een hoog tempo uit de startblokken en laten zo het beste verwachten, maar met die twee songs is het meeste buskruit al verschoten. Het derde nummer, titeltrack “Last our kind” kan al veel minder boeien.  Daarna komt nog de knappe intro van “Roaring Waters”, maar de rest van het nummer heeft maar weinig vlees aan het been. De rest van de CD is meer van hetzelfde, maar dan met minder inspiratie, zowel muzikaal als tekstueel.
Mochten we nog in de vorige eeuw leven, dan had de ballad “Sarah O’ Sarah” een mooie single geweest voor de StuBru’s en Radio Donna’s van die tijd en zeker voer geweest voor een Knuffelrock-CD, maar in 2016 lijkt het er eerder op dat de band een ballad zocht als rustpunt voor tijdens de live shows. Op het afsluitende “Conquerors” mag bassist Frankie Poullain als zanger fungeren, maar dat maakt dan weer eigenlijk enkel duidelijk dat de sterkte van The Darkness ligt bij zanger Justin Hawkins.
The Darkness krijgt met ‘Last of our kind’ punten voor volharding en goede bedoelingen, maar veel nieuwe fans zullen ze er niet mee winnen.

El Vy

Return to the moon

Geschreven door

El Vy  is de samenwerking tussen The National zanger Matt Berninger en Menomena/Ramone Falls lid Brent Knopf. Het stond al lang op stapel, maar door de drukte kon het pas nu zijn doorgang vinden . Knopf legde de muzikale basis voor de plaat , waar Berninger zijn muzikale ideeën en teksten op losliet.
Een melancholiek grillig , groovy poprock decor wordt opengetrokken , met dampende funk en soul. Er is de kenmerkende slepende donkerte van The National bepaald door de verhalende baritonzang van Berninger. De titelsong springt er op uit , maar “I’m the man to be” , “Paul is alive” met indringend gitaargepengel of een sfeervol “No time to crank the sun” en een extravert “Happiness, Missouri” misstaan ook niet .
We hebben hier een goed samenwerkingsverband, niet uniek of groots …

Suns Of Arqa

Wadada

Geschreven door

Even voorstellen? Suns of Arqa … Sinds het debuut van Suns of Arqa in 1979 heeft deze Britse cult band een indrukwekkende catalogus opgebouwd met meer dan 35 albums, talrijke singles en remixes. Hieraan werkte heel wat artiesten mee uit de Britse muziek scene zoals o.m. Adrian Sherwood, Raja Ram, John Leckie, Youth, Alex Patterson, The Orb, Zion Train, John Cooper-Clarke, Guy Called Gerald, Gaudi, 808 State, Prince Far-I, Muslim Gauze, Professor Stanley Unwin en vele anderen.
De muzikale Shaman Michael Wadada kondigt met pijn in het hart maar met erg veel dankbaarheid na bijna 4 decennia dat de ongelofelijke reis van Suns of Arqa haar einde nadert. Wat startte als een muzikaal visioen tijdens een roadtrip naar Kingston, Jamaica om de legendarische reggae artist Prince Far-I te bezoeken, resulteert nu in een concrete solo reis met de release van het nieuwe album ‘Wadada’ op het Belgische label Tracks and Traces. (Bron: Starman records)
Alles wordt in elkaar verweven in zijn wereldmuziek , die uiterst aangenaam , aantrekkelijk , aanstekelijk , dansbaar klinkt .  De plaat wordt ook mooi bevolkt door Indische artiesten die net die wereldtrip ietsje kleurrijker en groovy maken . Een kosmische trip van “All along the watchtower” in verschillende remixes , naar “Tomorrow never knows” tot “All you need is dub” , die je meevoeren in die fascinatie en muzikale originaliteit .
Het album is tevens een eerbetoon aan alle muzikanten die in het verleden deel uitmaakten van Suns of Arqa. Puik werk!

Mercury Rev

The light in you

Geschreven door

Zeven jaar liet Mercury Rev , rond de tandem Grashopper en Jonathan Donahue , op zich wachten om nieuw materiaal , ‘The light in you’ uit te brengen . Niet dat ze volledig verdwenen waren, nee , af en toe zagen we hen wel op een festiviteit , met band of met hun twee.
Hun charmante , warme melancholische dreampop , die ons naar de sterrenhemel voert, is ergens tussen de psychedelica van Flaming Lips en Sigur ros te situeren. En kan dus ook in een grillig decor onderworpen  worden, wat de song afwisselend mooi , intens, levendig, spannend maakt :
Op die nieuwe hebben we een beetje van alles uit de Mercury Rev stal , van eenvoudige sferische pop  naar weelderigheid, van dat kenmerkend droom ‘oceaan’gevoel tot het meer open trekken door effects , orkestratie en dramatiek , gotiek , theater , wat ze brengen in heel wat wisseling van structuren en stemmingen , die innemend , broos , kwetsbaar als extravert, gedreven, hitsig  kunnen zijn .
Er valt veel te beleven dus , en op die manier laveren we dan van een sfeervolle “Amelie”, “You’ve gone with so little for so long” , naar de mistige effects van “The queen of swans”, “Central park east” en “Are you ready?” . Verder genieten we van die variatie  in het genre met het filmische “Autumn’s in the air” en de uptempo inslagen van “Sunflower” en “Rainy day record”.
Zanger Jonathan Donahue zweeft al een ballerina, dirigeert en voert ons mee in dit concept . De muzikale droomwereld van Mercury Rev is en blijft toch wel iets uniek en apart .

Pagina 203 van 394