logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

L7
The Cure
CD Reviews

RotoR

4

Geschreven door

Het zijn mooie tijden voor de fans van stevige, psychedelische rock. Het fijne Elektrohasch-label weet hen immers de laatste maanden flink te verwennen met nieuwe releases van ondermeer Josiah, My Sleeping Karma en Hypnos 69. Eén van de paradepaardjes van Elektohasch is zonder twijfel Rotor. Dit drietal uit Berlijn pakt grandioos uit met het nieuwe album ‘4’. Met “Praludium C.V.” start de band opvallend rustig met een pianostukje maar daarna is met “Gnade Dir Gott” de toon gezet voor de hele plaat: furieuze stonerrock waar de adrenaline met beken vanaf druipt met daarbij ruimte voor jazzy en psychedelische tussenstukken.
Zoals op voorgaand werk zijn bijna alle songs instrumentaal. Uitzondering vormen twee nummers. Op “An3R4”, ons favoriete nummer dat swingt van begin tot einde en waarbij Rotor klinkt als een kruising tussen Helmet, de Melvins en Karma To Burn, is het Andre Dietrich van de band Dyse die de vocalen voor zijn rekening neemt. Daarnaast is er “Neatz Brigade”, een cover van The Obsessed die wordt ingezongen door Nico Kozik van Gods of Blitz.
Met of zonder zanger, het maakt ons eerlijk gezegd niet zoveel uit want ‘4’ blijft even leuk om naar te luisteren en het toont alleen maar aan hoe goed de muzikanten van Rotor wel zijn.
 Dit plaatje blijft alleszins nog een heel eind in onze cd-lader steken.

Pussy Sisster

Pussy Sister

Geschreven door

We waren eerlijk gezegd wat verbaasd toen dit plaatje op onze redactie binnenviel… Blijkbaar bestaan er anno 2010 nog glam metalbands en leveren die af en toe een nieuwe album af.  Zo zijn er de Duitsers van Pussy Sisters die sinds 2002 actief zijn en ongetwijfeld tot de absolute top willen doorstoten.
’Pussy Sister’ is hun derde langspeler en na slechts een handvol luisterbeurten begint dit plaatje ons mateloos te vervelen. De mannen spelen een soort van glammetal in het verlengde van bands als Mötley Crüe, Tisted Sister en Aerosmith. Op geen enkel nummer weten ze ons ook maar even te overtuigen want hoewel ze misschien proberen om een flink potje rock’n’ roll te spelen klinkt alles veel te tam en te voorspelbaar. Over de clichématige ballads waarbij ze ongetwijfeld hun grote helden willen evenaren, willen we het niet eens hebben ... Afvoeren en weg met die handel...

The 4 Skins

The Return

Geschreven door

Niets zo leuk om op je oude dag je punkband van dertig jaar geleden te reïncarneren, moeten de heren van The 4 skins gedacht hebben. De formatie werd oorspronkelijk opgericht door vier skinheads uit East End, Londen die mekaar leerden kennen tijdens de voetbalwedstrijden van West Ham United of tijdens het volgen van bands als Sham 69 en Menace.
The 4 Skins hielden het aanvankelijk vijf jaar vol en maakten drie albums vol degelijke Oi!Punk. In 2007 pikten zanger Gary Hodges en bassist Steve Hammer de draad terug op en samen met twee nieuwe bandleden namen ze een paar songs voor een compilatie-cd op.
In 2008 ging de band verder als Gary Hodges’ 4 Skins waarna ze twee nieuwe nummers opnamen (twee covers van Slade) en een aantal optredens deden.
Nu is er eindelijk een nieuw studio-album onder de originele groepsnaam en het lijkt alsof de klok dertig jaar bleef stilstaan. Op ‘The Return’ vinden we een aantal nieuwe nummers (“The return”, “Take no More” ) maar tevens verschillende oude nummers in een nieuw jasje(“Jealousy, “Evil”, “Sorry”, “One Law for them”). Ook de twee covers van Slade (“Come on feel the Noize” en “Thanks for the memories”) horen we terug op de plaat.
De band klinkt nog steeds zoals in de jaren tachtig en speelt ouderwetse streetpunk vol eenvoudige maar catchy gitaarrifs, rauwe vocalen en trage drums. De echte skinheads die van dit genre houden, moeten niet twijfelen over de aankoop van dit plaatje maar of The 4 skins echt veel nieuwe zieltjes zullen winnen, betwijfelen we ten zeerste..

of Montreal

False Priest

Geschreven door

Ze noemen zichzelf wel Of Montreal maar in werkelijkheid komt deze bende uit Anthens, Georgia. Wie tot op heden nog niks van ze gehoord heeft zal dat wellicht nooit doen want deze ‘False Priest’ is ondertussen hun 10e cd geworden. Naast muzikant is frontman Kevin Barnes ook schilder en dat hoor je overduidelijk want hier is werkelijk alles toegelaten. Muziek die geen grenzen kent, kan bij momenten uiterst gevaarlijk zijn want het zou niet de eerste groep zijn die zich vergalopeert in een muzikale brij die alleen de artiest nog weet te appreciëren.
Gelukkig ligt dat bij Of Montreal anders, je hoort wel dat ze zich te pletter amuseren waarbij hun psychedelische rock meerdere malen een funky aanpak krijgt die je soms het gevoel geeft dat dit de ‘Sgt Pepper’s Lonely’s Heartclub Band’ van een Prince zou kunnen zijn.
’False priest’ is ongewone meezingpop dat evenveel elementen van Supergrass als van Funkadelic bevat waardoor deze cd het soort ervaring geworden is die ooit Alice in haar Wonderland meemaakte.
Iets geheel anders, en toch geheel toegankelijk. Waar zijn die paddestoelen nu gebleven?

Here We Go Magic

Pigeons

Geschreven door

Terechte belangstelling is er voor het uit NY, Brooklyn opererende Here we go magic van Luke Temple, die verdraaid iets mee heeft van Finn Andrews van The Veils. De band brengt spannend meeslepende zweverige poppsychedelica en indiefolk door de veelheid aan zalvende melodieën en een gelaagd kleurenpalet van synths, gitaarriedels, drums, bleeps en belletjes, gedragen door warme onvaste vocals. Het siert de repetitief opbouwende tracks, die dromerig als springerig , opzwepend kunnen zijn. “Hibernation”, “Collector”, “Bottom feeder” en “F.f.a.p.” intrigeren, maar niet alle songs zijn sterk. Nee, Zo gaan “Moon” en de afsluitende “Vegetable or native” en “Herbie I love you, now I know” de mist in en verzuipen ze in een psychedelische brij …
Live staat het ensemble er overduidelijk en geven ze hun songs een broeierige opbouw en een krachtige (noise) injectie, wat hun naam alle eer aandoet …

Yoav

A foolproof escape plan

Geschreven door

Een mens is nooit te oud om te leren en eerlijkheidshalve hoorde ik het letterlijk in Keulen donderen toen ik deze cd van Yoav onder mijn neus geschoven kreeg want ik had nog nooit eerder van deze singersongwriter uit Israël gehoord, ook al kun je hem binnenkort (op 6 oktober om precies te zijn) gaan bewonderen op de planken van de Brusselse Botanique.
Singer songwriter’s kunnen wel eens gevaarlijk ééndimensioneel uit de hoek komen maar deze Yoav heeft wel degelijk goed opgelet tijdens de les muziekgeschiedenis want eigenlijk bewandelt hij op iedere nummer een nieuwe weg.
Het zwakste nummer is jammer genoeg ook het openingsnummer geworden maar single “Yellowbrite smile” is ontegensprekelijk even aanstekelijk als het leukste van The Drums.
“Spidersong” getuigt van donkere zielroerselen die dicht bij Velvet Underground liggen, “Moonbike” heeft een funky touch en “Anonymous” is dat nummer die Lennon en McCartney nooit hebben samen geschreven.
Een klasseplaat? Niet echt meteen maar zeker eentje die je aandacht verdient.


www.yoavmusic.com

 

Good Riddance

Capricorn One

Geschreven door

Een van de fijnste melodieuze punkrockbands die de VS voortbracht, is ongetwijfeld Good Riddance. In 2007 speelden de heren hun laatste show, legden alles op tape vast en brachten  vervolgens het laatste album ‘Remain in Memory – The Final Show’ uit. Nu is er: ‘Capricorn One’, jammer genoeg geen nieuw maar wel een zogeheten ‘singles and rarities’ album.
Dat betekent 21 songs die eerder al uitgebracht werden op diverse EP’s (waaronder gezamenlijke releases met Ignite, Ensign, Reliance en Ill Repute) en op een aantal Fat Wreck Chords-compilaties. Daarnaast vinden we zes nooit eerder uitgebrachte nummers: vier dateren uit de beginperiode in de jaren negentig, twee songs (“My Republic” en “Great Experiment”) dateren uit 2006.
De 21 nummers zijn niet chronologisch opgebouwd en dat is best jammer. Het zou nl mooi illustreren hoe de band doorheen de jaren evolueerde. In de vorige eeuw kwam Good Riddance hard uit de hoek en klonken de vocalen van zanger Russ heel agressief en rauw; vanaf het album ‘The Phenomenon of Cravin’ (2000) klonk alles een stuk melodieuzer en evolueerde het geluid van GR in de richting van bands als Pennywise en Bad Religion.
Voor wie alle werk van Good Riddance al in z’n kast liggen heeft, is dit een overbodige release. Punkrockliefhebbers die niet in dat geval zijn, kunnen de aanschaf van dit plaatje zeker overwegen.

The Real McKenzies

Shine Not Burn

Geschreven door

Het moet ongetwijfeld frustrerend zijn om steeds vergeleken te worden met Flogging Molly en The Dropkick Murphys... Nochtans zijn The Real Mc Kenzies al enkele jaren vroeger opgericht dan beide bands en telt de formatie naast oprichter en zanger Paul Mc Kenzie enkele gerenomeerde muzikanten  in de gelederen zoals Dave Gregg ( van de legendarische Canadese hardcore-band D.O.A), Karl Alvarez ( van The Descendents) en Sean Sellers (van Good Riddance).
‘Shine Not Burn’ is de tweede live-cd van deze Canadezenen en die werd opgenomen ‘Wild at Heart’, een of andere kroeg  in Kreuzberg, Berlijn. In tegenstelling tot de vorige albums komen er geen versterkers aan te pas want alle 21 songs zijn volledig akoestisch. Daar door hoor je hoe folk The Real McKenzies wel zijn en uit welk divers instrumentarium hun geluid bestaat.
Folkmuziek staat voor velen gelijk aan ongeremd zuipen en dat komt tot uiting in de setlist (“Drink The Way I Do”, “10 000 shots”, “Whiskey Scotch Whiskey”). Daarnaast vinden we een aantal traditionele Schotse covers terug zoals “My Bonnie” en “Scots Wha’ Ha’e”. In ieder geval zijn alle nummers best leuk en met een biertje of een whiskey in de hand lijkt het alsof je zelf live in de pub zit mee te luisteren naar deze Canadezen.
The Real Mc Kenzies bewijzen met dit album dat hun ijzersterke live-reputatie meer dan terecht is.

Endless Boogie

Full House Head

Geschreven door

‘Full house head’ is een logisch maar ook zinderend vervolg op het splijtende ‘Focus level’ van twee jaar geleden, meer van hetzelfde en even bruisend.
De stomende en kronkelende openingssong “Empty eye” laat er geen twijfel over bestaan, deze plaat staat weer bol van onstuimige rock’n’roll, gekraakte Beefheart vocals en de meest smerige gitaren ten zuiden van Keith Richards en ten noorden van Johnny Thunders.
De pot kolkt maar liefst 76 minuten lang door, en dat in amper acht songs die voldoende de tijd krijgen om onbezonnen uit hun voegen te barsten. U vermoedt al dat er hier weer een ferm potje gejamd wordt, en dat is vooral zo op afsluiter “A life worth living” (maar liefst over de 22 minuten, zelfs Neil Young zou er met zijn Crazy Horse niet zo lang over doen) en de trage gemene gluiperd “Slow  creep”. Verder lopen er opgehitste en stuiterende rockbeesten rond in “Tarmac city” en het fel stuiterende “Mighty fine pie”.
Kortom, vettige seventies rock is alom tegenwoordig en de mosterd komt naar goede gewoonte van bands en artiesten als Canned Heat, Rolling Stones (op hun vuilst), Pink Fairies, Velvet Underground, Groundhogs, John Lee Hooker, Jimi Hendrix en een zatte Jim Morrison. Stel u gewoon voor dat al deze ronkende namen aan het jammen slaan in een rokerig kot dat uitpuilt van whisky, bier en kilo’s geestesverruimde middelen. Wat daaruit zou voortvloeien moet een beetje klinken als deze ‘Full house head’, lekker smerig en dirty as hell.

Black Mountain

Wilderness Heart

Geschreven door

Een kanjer van een plaat als ‘In the future’ evenaren, laat staan overtreffen, is quasi een onmogelijke opdracht geworden voor Black Mountain. En, u raadt het al, met ‘Wilderness heart’ heeft de groep een meer dan behoorlijke opvolger afgeleverd die -hoe kan het ook anders- toch een tikkeltje ondermaats is aan zijn superieure voorganger. Feit is dat de heren (en dame) zichzelf wat hebben ingetoomd. De songs klokken allemaal netjes af binnen de vijf minuten. Dit zorgt ervoor dat we aan de ene kant nogal een hecht en compact album krijgen maar anderzijds missen we toch wel een beetje de lange psychedelische uitspinsels. Het is op deze ‘Wilderness heart’ bijvoorbeeld vergeefs zoeken naar een wervelwind van een song als “Bright lights”.
Maar goed, er is nog genoeg om van te smullen. “Old Fangs”, de song die het album voorafging en die ons naarstig deed watertanden naar meer is een heerlijke rocker met al het goede van de seventies in vier minuten gebald. Als de groep echt heavy wil klinken dan doen ze dat ook met overtuiging in “Wilderness heart” en “Rollercoaster” met de zware gitaren naar goede stoner-gewoonte nogal laaggestemd. In het bijtende, snelle en onstuimige “Let spirits ride” barst het boeltje zelfs volledig uit zijn voegen, een buffelstoot van een song die even gevaarlijk is als de witte haai die op de cover pronkt.
Elders worden er andere en soms meer folky horizonten verkend, “The hair song” en “Radiant hearts” zijn knipoogjes naar Led Zeppelin III (het fenomenale album waarop Page nogal wat akoestische dingetjes deed). Een mooi en overwegend akoestisch rustpunt is “Buried by the blues” met zwevende keyboards en fijne overgang van de stemmen van Amber Webber en Stephen Mc Bean. Webber’s stem broeit overigens het ganse album ergens tussen PJ Harvey, Patti Smith en Grace Slick en in combinatie met de vaak gruizige vocals van Mc Bean geeft dit vaak vonken.
Maar het is niet allemaal even fantastisch, want de plaat eindigt een beetje in mineur. De ballad “The space of your mind”, die maar op een half idee is gebouwd, valt een beetje licht uit en ook afsluiter “Sadie” komt, ondanks de dreiging die in de song schuilt, nooit echt uit zijn schulp.
Eindbalans : sterke plaat, maar geen ‘In the future’.

Pagina 335 van 402