logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Gavin Friday - ...
CD Reviews

Fire Down Below

California -single-

Geschreven door

De Gentse stoner-rockers van Fire Down Below stellen op 9 september hun derde album ‘Low Desert Surf Club’ voor in Trefpunt in hun thuisstad Gent. Wie vol ongeduld zit te wachten op dat nieuwe werk kan op Bandcamp al luisteren naar “California”, de eerste digitale single.
De productie was in handen van Nick DiSalvo van de Amerikaanse band Elder en de opnames gebeurden in Duitsland. “California” is desert-stoner pur sang in de goede traditie van Kyuss, Monster Magnet en Cowboys & Aliens.
Het Gentse viertal zet een massieve wall of sound neer over een stampvoetend tempo en een catchy, meezingbaar refreintje. Een knappe single die ons bijna helemaal omverblaast en die ons doet verlangen naar dat nieuwe album.

https://firedownbelow.bandcamp.com/album/low-desert-surf-club

Sigur Rós

ÁTTA

Geschreven door

Je zou, tussen al dat festival geweld, bijna over het hoofd zien dat Sigur Rós een nieuw album uit heeft. Het eerste album in tien jaar wat niet meteen verwonderlijk is want ze hadden in die lange periode dan ook wel wat katjes te geselen rond vermeend kindermisbruik door de drummer, het vertrek van de toetsenist en vermeend belastingontduiking van de band. De nummers werden opgenomen op verschillende plaatsen: hun eigen studio in IJsland, de Abbey Road Studio in London en op nog enkele locaties in de U.K. en de USA.

Het schrijven van ATTA begon in 2019 toen Jonsi (gitarist/zanger) en Holm (bassist) herenigd werden met toetsenist Sveinsson die de band in 2012 had verlaten. Voor deze plaat werd beroep gedaan op onder andere het London Contemporary Orchestra en de blazerssectie van Brasgat i Bala. Verder wilde men een plaat maken die mooi was en die brak met het eerder agressiever klinkende ‘Kveikur’ uit 2013.
Hen live aan het werk zien met deze plaat zal moeilijk worden want ze doen een selecte toernee waarbij ze telkens samen met een orchestra zullen optreden. De data zijn helaas blijkbaar al allemaal uitverkocht. Hier en daar treden ze ook op zonder orkest zoals laatstleden in Werchter waar ze het publiek in de Barn in vervoering brachten.

De plaat dan zelf: die klinkt heel etherisch, weids, stemmig en eclectisch. En we mogen naast de dosis melancholie en emotie alsook de termen orkestraal en groots in zijn kleinheid niet vergeten te vermelden. De stem van Jonsi klinkt weer engelachtig en haast wereldvreemd. De songs zijn eerder soundscapes ipv nummers.
De instrumentatie is deze keer iets klassieker en minder experimenteel dan we dikwijls van hen gewoon zijn maar het resultaat is daarom niet minder doeltreffend.
De tracks die er voor mij het meest uitspringen zijn “Kettur” met zijn hartslag drum, “Mór met zijn gezang en strijkwerk, de opbouw van “Andrá” en de warmte van “Gold”.
Het album is naar Sigur Rós normen een degelijke en goede plaat geworden. Daarmee is ze kwalitatief en muzikaal een plaat waar nog steeds velen niet aan kunnen tippen. Soms vind ik dat ze de grandeur op sommige momenten ietsje meer hadden mogen temperen. Het had, mijn inziens, soms de song nog beter doen uitkomen., o.m. op “Fall”. Ik spreek nu wel over detail kritiek.
Het is ook een plaat die eigenlijk één uitgesponnen soundscape is geworden. Sigur Rós is terug en dat werd tijd. Dat ze dat dan met deze kwalitatieve langspeler doen is mooi meegenomen.

Liselotte Van Dooren

Looking For Love -single-

Geschreven door

Liselotte Van Dooren is één van de vrouwen die in Vlaanderen country opnieuw op de kaart zet. Haar debuutalbum ‘49’ was een aangename kennismaking en op dat elan gaat ze door met haar nieuwe single “Looking For Love”.
Samen met het melancholische gehuil van een lapsteel wordt in de lyrics liefdesverdriet weggespoeld met alcohol. Meer country dan dat wordt het niet. Dit genre kan wel wat clichés verdragen, vraagt er zelfs om.
De opnames gebeurden in Nederland, bij John en Nienke van Neo Music. Liselotte zet deze song van Michel De Gieter – die ook al meeschreef aan ‘49’ mooi naar haar hand.
Deze “Looking For Love” klinkt nog meer doorleefd en authentiek dan wat we op ‘49’ te horen kregen. Dat laat meteen het beste verwachten voor haar volgende album.

Country/Blues
Looking For Love -single-
Liselotte Van Dooren

Je vindt “Looking For Love” op Spotify en Apple Music of je kan de single bestellen op https://www.liselottevandooren.com/shop

Various Artists

A Strange Play Volume 2 - A Tribute To The Cure

Geschreven door

A Strange Play Volume 2 - A Tribute To The Cure
Various artists


Het Belgische label Alfa Matrix heeft een nieuwe tribute-verzamelaar klaar rond The Cure en dat is een goudmijn waarin je kan blijven graven, met ook nog eens heel wat Belgische bands in de aanbieding.
Toegegeven, er zitten er ook een paar tussen die niet zo memorabel zijn, of die bij de optelsom van band/artiest en gekozen The Cure-song niet tot de verwachte uitkomst leiden, maar met slechts een paar tracks die onder die noemer vallen op een totaal van 27 interpretaties is dat nog altijd heel netjes. De bands en artiesten kozen niet allemaal voor de grootste hits. Ook dat is leuk aan deze verzamelaar van Alfa Matrix.
De eerste echte song op deze verzamelaar is meteen een schot in de roos. De Italiaanse Noémi Aurora geeft “Friday I’m In Love” wat extra vrouwelijke sensualiteit en daardoor wint deze song nog aan kracht. Ook Neuractive zet vrouwelijke vocalen in voor “The Figurehead”, maar dit resultaat rammelt een beetje, ondanks de voorzichtige aanpak.
“One Hundred Years” is in de versie van The Cure een slepende treurwilgsong. In de versie van de Belgische gothic rockers Star Industry schuift deze song op naar pompende, bijna industrial gothic metal. En die vocalen, … Nu weten we meteen dat tracks van The Cure ook zouden werken als ze Andrew Eldritch als zanger zouden hebben.
Implant pakt “Killing An Arab” aan met ruim respect. Geen gedoe van die titel zou beter ‘kissing an Arab’ of ‘killing another’ zijn, maar gewoon de originele lyrics, zoals het indertijd allemaal bedoeld is en niet wat sommigen er in deze woke-tijden van willen maken. Het ritme wordt door Implant helemaal vertimmerd en toch blijft de melodie herkenbaar. Dan kan je wat.
“Boys Don’t Cry” krijgt een gewaagde aanpak van ImJudas en daar was misschien best wat lef voor nodig. Niet iedereen zal deze electropop/A-ha-interpretatie kunnen smaken, maar het levert een leuke voetnoot in de muziekgeschiedenis op. Digital Factor toont ook best wat durf door het analoge van “A Forest” helemaal te digitaliseren/synthetiseren. Dit is één van de beste covers van deze verzamelaar.
“Close To Me” krijgt al net zo’n poppy jasje van Cosmic Armchair. Elektro meets Deee-lite-bubblegum-pop. Lichtvoetig, zelfs een half metertje boven de grond zwevend. The Cure’s muziek is zo goed dat je er blijkbaar alle kanten mee uit kan.
Technoir doet iets leuk met “Pictures Of You”. Het schattige accent van een niet-Engels-sprekende geeft dit een extra dimensie van een verloren vakantieliefde die het origineel niet heeft. The Ultimate Dreamers zetten “Lovesong” niet helemaal naar hun hand – daarvoor kleven ze net iets te hard aan het origineel – maar in het naspelen van het origineel leveren ze op deze verzamelaar één van de beste prestaties. Voer voor The Cure-puristen.
“The Lovecats” krijgt een puike remake door The Breath Of Life. Wat een drum-intro! En ook hier opnieuw krijgen de lyrics een ander gezicht als ze gezongen worden door een vrouw. Een gedurfde interpretatie, maar fenomenaal goed. Darkness On Demand brengt een springerige, digitale versie van “The Walk”. Leuk en zelfs een beetje grappig, maar zeker niet onrespectvol.
De laatste hoogtepunten van deze verzamelaar komen van Armageddon Dildos en Lights A.M.. De Dildos verrassen met een hoekige versie van “Let’s Go To Bed” die voorts heel nauw aansluit op het origineel. Lights A.M. voegt een karrevracht synth-bombast toe aan “Plainsong” en dat lukt nog ook. Ze weten deze track te vatten in al zijn aspecten.

Deze tweede editie van ‘A Strange Play’ is opnieuw een interessante en leuke verzameling van covers en interpretaties van The Cure-songs. Je bent voor of tegen dergelijke tribute-verzamelaars, maar als je ook maar half voor bent, zal de kwaliteit van deze Alfa Matrix-bands je snel over de streep trekken. Heel wat bands deden ook al mee aan Volume 1 van deze reeks en dat zet de  deur open naar een derde, vierde, vijfde editie.

A Strange Play (Vol.2) – Tribute to The Cure | Various Artists | Spleen+ (bandcamp.com)

Stef & De Tong

Zomerregen -single-

Geschreven door

Een beetje opportunisme mag zeker in de muziekbusiness. De nieuwe single van ex-Katastroof Stef heeft dat opportunisme. Stef hoopt met zijn “Zomerregen” hetzelfde effect te hebben als Jan De Wilde met “De Eerste Sneeuw” (of “Een Vrolijk Lentelied” van dezelfde De Wilde): gespeeld worden op alle radiozenders. We wensen het deze song en zijn schrijver van harte toe.
In de dialect-lyrics is de zomerregen maar de aanleiding om een ander verhaal te vertellen (net als in “De Eerste Sneeuw”) en daar gaat het nog eens over opportunistisch kansen grijpen: een paraplu om te schuilen als uitnodiging of om jezelf uit te nodigen. Mooi hoe Stef speelt met woorden, twee en meer lagen in zijn teksten schuift en verschillende emoties bespeelt.
Muzikaal is dit knap ingekleed, met misschien een knipoog naar Wannes Van de Velde, al beperkt Stef met deze schuifelende jazz het bereik van deze single waarschijnlijk tot Radio 1 en zijn afgeleiden. Op slaggitaar krijgen we zelfs Jokke Schreurs te horen. Alleen al daarom is deze single het beluisteren waard.
Door de droogte hebben we dit jaar in Vlaanderen de zomerregen en de “Zomerregen” van Stef met open armen ontvangen. Misschien kan hij ons wel elk jaar tot een regendansje verleiden.

Jazz/Blues

https://www.youtube.com/watch?v=4gy18wn5Dbs

Der Klinke

Facing Fate

Geschreven door

Sommige dingen nemen een speciale plaats in je geheugen of hart. Neem bijvoorbeeld Der Klinke. Ik was juist begonnen met schrijven en ik kreeg de aanbieding om Der Klinke te gaan interviewen, in hun repetitieruimte in Oostende, naar aanleiding van hun plaat ‘The Gathering of Hopes’. Als beginneling werd ik daar warm onthaald en maakte ik kennis met een band die ik op muzikaal vlak juist had ontdekt. Dat zijn van die dingen die je je hele leven bijblijven. Soms werd indertijd wat meewarig over de band gedaan maar ze deden gewoon verder op hun manier en tempo. En kijk: sedert enkele jaren worden ze nu juist geprezen voor hun eigenheid en omdat ze moeilijk in een hokje te plaatsen zijn. Hoe het kan verkeren.
Sedert juni werd ‘Facing Fate’ op de wereld losgelaten. Wanneer je de vinyl of cd in de hand neemt dan merk je meteen het professioneel ogende artwork op ( www.tikkels.be).
De vinyl bevat 8 tracks en op de cd versie staat als bonus de John Wolf-remix van “Who to Deny”. Die versie is ook terug te vinden op de gelijknamige single.
Er wordt meteen sterk geopend met “Dark Night March”. Een goed opgebouwd nummer met mooie synths en heerlijk baswerk. Vooral die warme en kabbelende bas doet de song leven. “The Shallow Shadow” (produced by John Wolf) was al gekend als single en bevat alle ingrediënten die we van Der Klinke mogen verwachten: dansbaar, een gothic aandoende bas, wave gitaren en synths. De mix van de vocals vind ik ook goed gelukt.
Op “Dancing Liberty” krijgen we terug een vintage Der Klinke te horen. Een nummer dat het op de wave-dansvloer goed zou kunnen doen. “Closing in” is iets donkerder dan de vorige twee tracks: fijn gitaarspel, synths en met guestvocals van Martin Bowes (Attrition). De man die ook ditmaal de mastering van het album heeft gedaan. “You’re Looking Good in an Elevator” is uptempo en catchy. Kortom een serieuze single-kandidaat. Een nummer waar Pat Pattyn (was drummer bij Nacht Und Nebel en momenteel nog steeds bij The Bollocks Brothers) aan de tekst meeschreef.
Ook op “All The Right Wrongs” passeert er een gast muzikant. Filip Heylens (o.a. zanger bij Wegsfeer) verzorgt hier de vocals en doet dat heel goed. Zijn stem past heel goed bij de eerder donkere sound. Ook heeft het refrein een catchy hook. “Absolutely Nothing” is een prima albumtrack. De “Who To Deny”-track zal bij de fans wel al goed gekend zijn en behoeft buiten wat complimenten nog weinig commentaar.
Hoeveel bands sluiten af met het titelnummer? Je kan ze op één hand tellen denk ik. Dat gezegd zijnde is “Facing Fate” wel een mooi opgebouwd episch nummer geworden. Een bas gedreven intro waar de andere instrumenten langzaam komen binnen gewandeld. Denk qua opbouw een beetje aan “Desintegration” van The Cure. Een toppertje waarmee een sterke plaat wordt afgesloten.
Het is een album dat mooi oogt en klinkt! 

Darkwave/electro
Facing Fate
Der Klinke

 

Various Artists

Walhalla New Beat - A Compilation Of New’er Beat Tracks

Geschreven door

New beat werd indertijd door heel wat serieuze muziekliefhebbers verguisd – omdat er onder die noemer ook heel wat troep is gemaakt – maar vandaag kijken we met een andere bril naar die tijd en beschouwen we new beat al eens als het scharnier tussen new wave en techno en dance. Dat zie je onder meer aan de prijzen die vandaag betaald worden voor origineel new beat-vinyl. Er zijn ook een reeks nieuwe artiesten die zich toeleggen op het genre en die soms heel hard hun best doen om net zo te klinken als de acts van toen, door zich te beperken tot de apparatuur die toen beschikbaar was.

Walhalla Records telde alles bij elkaar op en komt met een verzamelaar (op vinyl) met een mix van artiesten van toen en nieuwkomers in het genre. En daar staan enkele leuke muzikale verrassingen tussen.

Walhalla Records weet hoe je een verzamelalbum interessant kan maken, getuige hun Underground Wave-reeks en andere verzamelaars met soms obscure new wave. Ergens verwachtte ik dan ook op deze verzamelaar een paar nog nooit eerder uitgebrachte of onbekende new beat-tracks of remixen te vinden uit de originele periode. Dat kan en mag uiteraard nog altijd.
De artiesten die er toen al bij waren zijn Sherman Productions (Herman Gillis, ook van Poésie Noire), Olivier Abbeloos (Jarvic 7, T99), NB DJ Tom (Tom Simoen van Natural Born DJ’s) en Schicksal (die al een album uitbracht via Walhalla). De nieuwe artiesten, die pas later new beat zijn beginnen maken, zijn  Pakrac, Q’PnZ, Belgica Erotica, Me And My Desire en The Logic Society.

Het zijn de anciens die muzikaal de grenzen van het genre oprekken, omdat zij net wel de nieuwe technologische mogelijkheden omarmen. Bij “No Name” van Olivier Abbeloos moet je niet veel moeite doen om in de beats een referentie te horen naar “Coïtus Interruptus” van Fad Gadget, maar dan in een 2023-jasje. Sherman Productions gaat op “Moeratov Cocktail” nog veel breder dan wat new beat ooit geweest is, maar wat een f*cking vette track is dit! “Perfect Low Beat” leunt dan weer een beetje dichter aan bij de originele sound, maar toch in een update naar vandaag. Hetzelfde geldt voor “Spectrum” van Schicksal waar new beat en EBM elkaar vinden. Mooi hoe de ritmes het van elkaar overnemen. Dit blijft nog heel dicht bij de originele sound en toch in een hedendaags jasje.
Q’PnZ en Belgica Erotica gaan als nieuwkomers naar de bron en blijven dicht bij de originelen, met vaak monotone beats. Belgica Erotica gooit er op “Enter The Darkroom” nog wat gesampelde erotische one-liners bij, wat kenmerkend was voor een aantal new beat-acts. Eén van zijn betere tracks overigens.
Ook de nummers van Me And My Desire en The Logic Society zouden het uitstekend gedaan hebben in de toenmalige new beat-discotheken. Pakrac is van de nieuwkomers de enige die een beetje buiten de lijntjes kleurt. Vormelijk klopt het plaatje, maar de sound is misschien niet die je meteen met new beat associeert.

Samensteller Lieven De Ridder verdient applaus voor het lef om dit te  doen en krijgt nog een extra pluim voor de keuzes die hij daarbij gemaakt heeft. De rehabilitatie van de new beat is ingezet en zelfs als dat niet het geval is, hopen we dat zijn Walhalla Records hier een lange reeks van maakt.  

Dance/Elektro
Walhalla New Beat - A Compilation Of New’er Beat Tracks
Various Artists

Andries Boone

C.O.N.V.E.R.S.A.T.I.O.N.S

Geschreven door

Andries Boone heeft al aan verschillende projecten meegewerkt, als bandlid of gast. We denken aan Lenny & De Wespen, Little Kim, Guy Swinnen, Tom Helsen, Ballroomquartet en zelfs metalband Oceans Of Sadness (van Tijs Vanneste). Hij moet zowat de Peter Buck (van REM) van Vlaanderen zijn: als er een mandoline nodig is, is hij je man.

Met ‘C.O.N.V.E.R.S.A.T.I.O.N.S’ brengt Andries Boone zijn derde soloalbum uit. Het nieuwe album is het sluitstuk van een trilogie waarin de akoestische mandoline centraal staat, na ‘C.O.L.O.R.S’ uit 2019 en ‘T.I.M.E.L.A.P.S.E’ uit 2021. Op ‘C.O.N.V.E.R.S.A.T.I.O.N.S’ treedt de akoestische mandoline op dit derde album in dialoog met de elektrische mandoline. Boone levert zijn meest progressieve en filmische folkalbum tot nog toe af, gekruid met viool, accordeon, bass-synthesizer, doedelzak, drums en draailier.
Voor het progressieve aspect haalde Boone de mosterd bij grootmeester Mike Oldfield en diens album ‘Discovery’ en Pink Floyds ‘Wish You Were Here’.  
“White Smoke” zou je grofweg kunnen bestempelen als de instrumentale mandoline-versie van “To France”, de grootste hit van ‘Discovery’, maar daarmee doen we deze compositie te weinig eer aan. Boone steekt niet onder stoelen of banken waar hij de inspiratie haalde, maar doet er zijn heel eigen ding mee.
Zo zijn er wel meer nummers op dit album. Opener “Catharsis” is een huwelijk tussen Pink Floyd en Georges Delerue (of Francis Lai): progressief en filmisch tegelijk. Zonder vocalen en altijd je aandacht opeisend als luisteraar. Dat is een kunde en inventiviteit die we in Vlaanderen al lang niet meer op die manier gehoord hebben. Vooral het filmische karakter van sommige songs intrigeert mij, en als liefhebber van Ennio Morricone word ik met dit album op mijn wenken bediend.
De veldopnames van de Naskapi-indianen doen mij met heimwee terugdenken aan de opnames en concerten van John Trudell. Het zijn de enige vocalen op dit album, hoewel we met die albumtitel daar toch iets anders verwacht hadden. De gastmuzikanten zijn heel raak gekozen en de opname-technisch benadert dit de perfectie.
De basis van dit album blijft folk, maar dit album is zoveel meer. Dit is zowat het maximale dat je uit de mandoline kan halen. Met de ambitie om prog en cinematografische muziek te koppelen aan mandoline heeft Andries Boone de lat bijzonder hoog gelegd. Door zich ook nog eens te spiegelen aan de grootsten in het genre, geeft hij die ambitie nog meer allure. Dat hij dan zo vlot over de lat gaat, verdient een gouden medaille.  

Folk/Blues
C.O.N.V.E.R.S.A.T.I.O.N.S
Andries Boone

Augustijn

Vier

Geschreven door

Augustijn is daar met ‘Vier’. Zijn vierde solo-album en de albumtitel vertaal je vanuit het West-Vlaams als ‘vuur’. Een taalspelletje dat zijn vader ook al speelde voor diens vierde album. De appel en de boom.
Eerder hebben we Augustijn hier altijd aan de man proberen brengen als de West-Vlaamse versie van Elbow. Op ‘Vier’ stappen we daar voor het eerst van af, met wat tegenzin. Augustijn dan als de reïncarnatie van de (gelukkig) nog niet overleden Lieven Tavernier? Niet zo’n gekke vergelijking: beiden kunnen heel raak kleine situaties schetsen die je – als je dat wil – kan uitvergroten naar de hele maatschappij. Zonder grote woorden, maar met een lach en een traan kunnen beiden ons al eens een spiegel voorhouden. Eenvoud is nog iets dat hen verbindt. Ze zingen allebei ‘klein’, misschien vooral uit noodzaak, en hebben niet veel meer nodig dan een makkelijk-meelopende melodie.
“Upgepast” drijft op een wat grofkorrelige, licht-rockende elektrische gitaar en gaat grofweg over onze gezamenlijke angstpsychose die ons aangepraat wordt door de media en misschien ook door bezorgde ouders, en die een hoogtepunt bereikte in de coronaperiode. “Chanteur” begint als een Poetin-update van “Welterusten Mijnheer De President” van Boudewijn De Groot, maar neemt dan een bocht naar zelfreflectie. Augustijn die zichzelf als ‘maar’ een zanger beschouwt? Is dat niet teveel West-Vlaamse bescheidenheid?
“Vrede” combineert parlando met een doffe beat en zachte pianotoetsen die met zijn melancholie en aangevuld met vrouwelijke vocalen vaag wat doet denken aan een clubjazz-versie van “Iedereen Doet (Wat Ie Moet)” van one hit Belpop-wonder Waterlanders. “Ego” is één van de weinige songs op ‘Vier’ dat toch een beetje een zachte Elbow-toets heeft. Een knappe productie, muzikaal dan. In de tekst zien we de mens niet altijd van zijn mooiste kant.
“Steenkerke” rolt over een mooie, zuinige baslijn naar een melancholische melodie. Dit had een song van Het Zesde Metaal kunnen zijn, maar is tegelijk op-en-top Augustijn. “Bucketlist” is misschien wel de meest ingetogen, eenvoudigste song van het album. Muzikaal breekbaar en met een reeks ontwapende, liefdevolle bekentenissen in de lyrics. “Nie Van Hier” heeft een lichte dreiging in de intro en een vervormde stem in het refrein. Met een funky gitaartje erbij zou dit een nummer van Flip Kowlier kunnen zijn, maar Kowlier zou misschien niet hetzelfde onderwerp aanpakken. Allemaal sterke songs waar weinig op af te dingen valt.
Het bijna gefluisterde gezongen “Gie En Ik” gaat over een onbeantwoorde jeugdliefde en twijfelt muzikaal tussen melancholie en vrolijkheid. “Slapen” begint in de lyrics als een West-Vlaamse versie van “Een Nacht Alleen” van Doe Maar, maar gaat dan een andere richting uit.

We hebben het dus toch niet kunnen laten om voor bijna elke song naar andere artiesten te refereren. Onthou misschien vooral dat Augustijn op deze ‘Vier’ vooral zijn eigen ding doet en dat het die andere artiesten zijn die soms in zijn buurt komen. Op Planeet Augustijn klinken de muziekjes olsan fijn.

Exoto

Final Festering

Geschreven door

De Belgische oldschool deathmetalband Exoto brengt nog een laatste album uit voor de band helemaal opgedoekt wordt. Op ‘Final Festering’ horen we nochtans een band die nog helemaal niet uitgezongen/uitgespeeld is.
Exoto’s death metal is agressief, snel en technisch. Dat was zo in de begindagen en dat was zo toen in 2019 ‘Absolution In Death’ uitkwam, het eerste nieuwe studiomateriaal sinds de reünie. Aanhoudende nek-klachten bij zanger Chris zorgen ervoor dat dit het afscheidsalbum is, want repeteren en optreden lukt niet meer zoals het zou moeten. Oudgediende Phil Beans werd nog aan boord gehesen voor de opnames van deze laatste etterbuil van Exoto.
‘Final Festering’ is een ferme pets om je oren. Het is opnieuw strak, snel en technisch. Inzake techniciteit zijn er inmiddels genoeg  bands die nog meer noten in één seconde kunnen duwen, maar bij Exoto gaat techniciteit niet ten koste van agressie en ritme. Producer Yarne Heylen (Carnation) heeft puik werk geleverd met een heel heldere mix waarin elk instrument een duidelijk afgebakende eigen plaats krijgt en waarin het geheel heel bruut en solide klinkt. De intro’s, de solo’s, de riffs, de lyrics, … alles zit gewoon heel goed op dit album. Het knispert en het knalt in elke track.
Zanger Chris krijgt niet enkel punten voor zijn stemtechniek en volharding, maar ook als songschrijver. In deathmetal lijken heel wat lyrics een copy-paste of een herverpakking van alles wat al eerder bijeen geschreven is, maar deze Exoto-lyrics klinken authentiek en doorleefd. Over pijn en verlies (“Intertwined Souls”, “Mountains Of Pain”), over het katholieke geloof (o.m. “Zombie Zero” en “Crusade Of Deceit”), over apocalyptische toekomstvisies (“Postnatal Abortion”, “Final Festering”), …
De gitaren gaan soms agressief tegen elkaar op en vullen elkaar twee tellen later weer aan. Drummer Sepp Coeck levert op elke track het degelijke fundament: strak en stevig en – net als de bas -gevarieerd en met niet teveel overbodige details.

Een bijzonder sterk album om de Exoto-geschiedenis mee af te sluiten.
https://www.youtube.com/watch?v=mE8wPKEDxzU

Pagina 39 van 394