logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Shame
The Young Gods
CD Reviews

The Decemberists

The Crane Wife

Geschreven door

The Decemberists uit Portland, Oregon, onder zanger/songschrijver Colin Meloy, hangt muzikaal ergens tussen Belle & Sebastian, Arcade Fire en Sons & Daughters. Dwz broeierige, fijne pop! 
De vorige cd ‘Picaresque’ betekende de doorbraak in Europa. Al snel was de opvolger klaar. ‘The Crane Wife’ is de vertolking van een oude Japanse volksvertelling over een gewonde kraanvogel, die verandert in een bloedmooie vrouw. Meloys verhaal van ‘The Crane Wife’ wordt verteld in een muzikaal popfolk drieluik (ongeveer 15 minuten). Tweede drieluik is “The island - come and see - the landlord’s daughter” (twaalf minuten lang), een combinatie van pop, freefolk en progrock. De twee avontuurlijke nummers lijken het fundament voor een kortfilmpje. 
Meloy heeft een zwak om songs te schrijven over tragische figuren, ondersteund door een breed instrumentarium.
The Decemberists hebben een overtuigende, uiterst genietbare nieuwe cd uit van  knap gearrangeerd songmateriaal met een intense opbouw.

Tinariwen

Aman Iman

Geschreven door

Aan het nomadengezelschap Tinariwen (wat staat voor lege plekken) gaat een stukje geschiedenis vooraf: ze zijn ontstaan in de rebellenkampen van Khadaffi, leiden een nomadenbestaan en vanuit de onderdrukking speelden ze ‘de tishoumaren’ (= muziek van de werklozen), een soort worldpop, die militant werd ervaren. Daardoor kon het uitgebreide gezelschap zich, na talrijke cassettes te hebben uitgebracht, pas vanaf 2000 naar Europa oriënteren.
Een traditioneel instrumentarium werd ingeruild voor een rockend concept, waarbij we opzwepende Afrikaanse ritmes, reggae, dub en blues in een typisch Arabische zang horen. Het is een verademing binnen de worldpop, na Amadou & Mariam en Toumani Diabeté.
“Cler achel”, “Toumast”, “Imidiwan winakalin” en “Tamatant tilay” zijn frisse songs van hun nieuwe plaat ‘Aman Iman’, die een Europese doorbraak kan betekenen.

Björk

Volta

Geschreven door

Björk mengt sfeervolle, toegankelijke pop met geluidskunst onder haar frêle, ijle en hemelse zang, die een dosis experiment en avontuur bevat.  Het is de richting die sinds ‘Vespertine’ definitief is ingeslagen. ‘Medulla’ van drie jaar terug, liet een minimum aan instrumentatie horen en een maximum aan stemmen.
Björk deed beroep op vaste waarde en elektronicaspecialist Mark Bell (ex LFO). Op ‘Volta’ zijn er talrijke samenwerkingen: Timbaland (o.a. de single “Earth intruders”), Antony (van The Johnsons ) op “The dull flame of desire”, één van de hoogtepunten van de cd,  koraspeler Toumani Diabeté (“Hope”) en de Afrikaanse groep Konono n°1.
’red is the color’ van de hoes, en binnenin staat Björk kleurrijk afgebeeld. Ze effent een pad van een avontuurlijk, intrigerend geluid en sfeervolle pop, met slepende beats, bevreemdende elektronica en een blaasorkest.
Ze staat op eenzame hoogte tav andere vrouwelijke songwriters. Een aparte dame!

Gèsman

Omplof!

Geschreven door
Gèsman,  een Kortrijks zevental,  zingt in de eigen streektaal op de tweede cd ‘Omplof!’, opvolger van het debuut ‘Slicht van ’t eten’ uit 2004. De tweede cd  is een frisse, luchtige, vrolijke en ontspannende plaat van twaalf nummers. Het ludieke gezelschap deed beroep op Wim Opbrouck (op “www.godchristus.com”) en Isolde Lasoen (drumster bij Daan en Billie King), backing vocals op de openingssong “Puree” en “Marie Hélène”, één van de sterkste songs op de cd. Fijne pop horen we op “Red min vel”, en “Klwotzak”  onderscheidt zich door z’n intrigerende opbouw met strijkersarrangementen.
Gèsman is de muzikale formule van Doe Maar en Kowlier; door de blazersectie, country en wals is er een vleugje Calexico op te merken. 
Gèsman zit op het ‘Mooi’, een sub label van Play Out (zie Arsenal en Billie King) en trok Reinhard Vanbergen van Das Pop aan als producer. 
‘Omplof!’ is een uiterst gevarieerde cd, kleinkunst, pop en rootsrock zijn met elkaar gelinkt.

Deerhoof

Friend Opportunity

Geschreven door
Uit het onbeminde landschap van de indiepop maakte ik kennis met Deerhoof uit San Francisco, al tien jaar actief en aan hun negende plaat toe. ‘Friend Opportunity’  een dromerige, sfeervolle plaat, onder de frêle hemelse vocals van de Japanse Satomi Matsuzaki, doet muzikaal denken aan de sound van Stereolab, Blonde Redhead en Electrelane. De songs worden bepaald door elektronica, repetitief opbouwende gitaarlijnen, een bezwerende percussie en een dosis experiment. 
De band biedt een pak contrasten door de onverwachtse wendingen en balanceert tussen breekbare pop en avantgarde, luister maar naar “The perfect me”, “+81” en “Believe e.s.p.” Het gezelschap klinkt krachtiger op “Cast off crown” en “Matchbook seeks maniac” lijkt het ideale popnummer. Het ruim tien minuten durend afsluitende avontuurlijke “Look away” is een vingeroefening in gitaarlijnen.
Origineel doordacht plaatje!

John Cale

Circus live

Geschreven door
In de lange carrière van John Cale is dit zijn derde live album na het denderende en ruige ‘Sabotage’ uit 1979  en het eerder makke ‘Comes alive’ uit 1984. Deze keer is het wel een dubbellaar geworden, en voor de freaks is er ook nog eens een DVD bijgevoegd.  Cale, die met de jaren laveert tussen rockmuziek, soundtrack en puur klassiek heeft zich met dit live album terug toegespitst op zijn rockperiode en zorgt hier voor een eerder willekeurig overzicht van zijn repertoire aangevuld met een handvol songs uit zijn laatste twee platen ‘Hobo sapiens’ en ‘Black Acetate’.
Ook zijn VU verleden komt aan bod met een mooi “Venus in furs” als opener van de plaat, maar hetgeen hij iets verder met “Femme fatale” aanvangt is heiligschennis. Wat normaal een prachtige emotionele songs is verwordt hier tot een vervelende en eentonige elektronica trip.
Uit Cales omvangrijke solo catalogus noteren we een fel rockend “Helen of troy” en dito “Dirty ass rock’n’roll”. De bandleden spelen strak en vooral gitarist Dustin Boyer laat zich verschillende keren van zijn beste kant horen. Ook de Rufus Thomas klassieker ‘Walking the dog’ is nog steeds één van Cale’s favorieten en krijgt een sterke freaky versie mee. Mooie rustpunten zijn “Zen” en “Buffalo ballet”.
Maar helaas loopt het ook geregeld helemaal mis. Cale slaat op cd 2 te veel aan het experimenteren en verneukt zijn eigen en andermans songs. “Gun” duurt maar liefst dertien minuten en dat zijn er op zijn minst elf te veel, “Mercenaries” dat zo ruig en agressief klinkt op ‘Sabotage’ is hier een monotoon elektronisch zootje, “Style it takes” is onbegrijpelijk flauw en slap en “Heartbreak hotel”, op een Cale concert normaal altijd een intens kippenvelmoment, is compleet ondermaats, veel te lang en wekt géén greintje emotie los. ‘Pablo Picasso/Mary Lou’ is dan wel weer een schot in de roos, het klinkt bijzonder ruig en spannend en is met zijn 12 minuten nog géén seconde te lang.

Cale heeft de fout begaan te veel aan zijn eigen songs te willen prutsen. Wat meer eliminatie en zelfkritiek hadden wonderen kunnen doen. John Cale had hier één geweldige live plaat kunnen uit puren, maar op dit dubbelalbum staat te veel kaf tussen het koren.
Het betere live album van John Cale is met voorsprong nog steeds het briljante, ruige en gedurfde ‘Sabotage’. Koop die.


Bright Eyes

Cassadaga

Geschreven door
Bright Eyes het muzikale project van singer/songschrijver Conor Oberst. Hij bracht in 2005 zelfs twee cd’s uit, waarvan ‘I’m wide awake it’s morning’ ons sterk bijblijft. De inmiddels 27 jarige Oberst uit Nebraska stapte met de plaat ‘Cassadaga’ over naar een major label: melodieus fijne en subtiele, meeslepende, pakkende americana/country/folkpop. Hij zorgt voor een sfeervolle muzikale variëteit van gitaar, steelpedal, piano, toetsen en strijkersarrangementen onder een soft bezwerende percussie en diens emotievolle stem. Gastrollen zijn weggelegd voor M. Ward en Gillian Welch.
Creativiteit en stijlvariatie is te horen op de ingetogen “If the breakman turns my way” en “Soul singer in a session band”,  er zijn het intieme “Middleman”, het sfeervolle “Classic cars” en het dromerige “No one would riot for less”. Hij laat folkpop klinken op “Hot knives” en op “Cleanse song” en “Coat check dream song”  treedt ‘geluid’ in de brede zin van het woord op het voorplan. Kortom, 'Cassadaga' is opnieuw een uitstekende plaat van een 'open mind troubadour'.

Awesome Color

Awesome Color

Geschreven door
Deze plaat is al een tijdje uit maar heeft nu pas in Europa een beetje bescheiden aandacht gekregen. Awesome Color zijn drie jonge gastjes uit de States en ze hebben alle drie ongetwijfeld hun exemplaar van de Stooges klassieker ‘Fun house’ grijsgedraaid. Met dit sterke debuut hier hebben ze ook een betere plaat gemaakt dan The Stooges’ laatste ‘The weirdness’.
De band is opgepikt door Sonic Youth boegbeeld Thurston Moore, een man met een neus voor nieuw jong geweld, of bent u misschien vergeten wie destijds Nirvana aan de wereld heeft voorgesteld ? Of het met deze Awesome Color ook zo’n vaart zal lopen als met Cobain zijn bende weten we nog niet. Daarvoor zijn er, vrezen wij, net iets te veel bandjes die de gitaren laten janken en scheuren. Maar deze gasten doen het toch wel met de nodige punch, met een handvol goeie songs en met een gezonde Stooges fixatie.
Opener “Grown” is een hete brok “TV eye”, elders klinken ze als een borrelende smeltkroes van Hawkwind, Black Sabbath  en Mudhoney. Afsluiter “Animal” is een gedurfde jam waar sax, harmonica en gitaren de boel openrijten. Benieuwd naar het vervolg van dit potig plaatje.

The Poodles

Metal will stand tall

Geschreven door
Bedenk een belachelijke groepsnaam. Maak een lelijke, gedateerde albumcover en verzin een albumtitel die allesbehalve de lading dekt. Tot daar zowat alles wat The Poodles verkeerd deden bij het uitbrengen van hun debuutplaat: ‘Metal Will Stand Tall’. Of zit achter dit alles een echte strategie?
Maar de lading (de songs dus) ….dat is andere koek en een verrassing van jewelste!! Want ‘Metal Will Stand Tall’ is een erg geslaagde, gevarieerde melodische rockplaat! De band nam in 2006 deel aan de Zweedse preselecties voor het Eurosongfestival met de song “Night Of Passion”, een track die ook op dit album staat. Al vanaf opener “Echoes Fom The Past” is het genieten van een hele sterke band waarbij vooral zanger Jacob Samuel positief opvalt. Hij beschikt over een zeer krachtige rockstem die verschillende klankkleuren kan neerzetten. Soms lijken er meerdere zangers aan het werk te zijn want in “Song For You” is het alsof je Joey Tempest hoort zingen. Deze laatste song is een verbluffend staaltje van lef en originaliteit want “Song For You’ is een mix van rock en de operagezangen van Jonas Samuelsson – Nerbe. De cover van Ultravox  “Dancing With Tears In My Eyes” is echter wat goedkoop en verbleekt bij het origineel. Alle songs hebben een hoog ‘singalong’ gehalte en bijzonder sterke melodieën. Deze ‘Metal Will Stand Tall’ klinkt supermelodieus, heeft sterke songs en is een bruisende mix van Melodic Rock, A.O.R., een vleugje Opera en Metal. Scandinavië boven!! Lang leve The Poodles.

 

The White Stripes

Icky Thump

Geschreven door
Om de twee jaar horen we van broer en zus Jack en Meg White. The White Stripes leverden in 2003 het succesalbum ‘Elephant’ af;  “Seven nation army” was de absolute meezinger van de cd! De opvolger ‘Get behind me Satan’ gaf  hun onvervalste rock’n’roll sound een bredere klank door piano, marimba en akoestische gitaar. 
De zesde cd ‘Icky Thump’ behoudt het muzikaal uitgangspunt van gitaarrock’n’roll die de wortels met de blues en folk niet verliest. De plaat overtreft vroeger plaatwerk. Het resultaat is opwindend, bedreven, intens meeslepend en emotievol, waarin ruimte is voor Jacks scherp en rauw gitaarspel,  z’n snerpende, jankende gitaarsoli, en Megs eenvoudig opzwepende drums.
“You don’t know what love is”, “300 MPH Torrential Outpour Blues”, “Bone broke”, “Little cream soda”, “Rag and bone”, “I’m slowly turning into you” en de titelsong zijn rauw, melodieus, stevig en verweven ‘70’s psychedelica in hun sound. Wortels aan de blues zijn te horen op de afsluitende tracks “Catch hell blues” en “Effect and cause”. Huiveringwekkend. En het mag weirdo klinken op “Conquest”, een ‘50’s Mexicana song met mariachi trompet en op de folky “Prickly thorn, but sweetly worn”, gelinkt aan “St . Andrew (this battle in the air)”, ode aan hun voorouders te Schotland met doedelzak, melodica, …
Wat een muzikale spanning. Adembenemend! ‘Icky Thump’ is een intrigerende trip van een duo die op hun eigen unieke manier de rock’n’roll paden verkent.
Pagina 387 van 394