logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (2 Items)

Clamm

Clamm - Met het mes tussen de tanden

Geschreven door

Clamm - Met het mes tussen de tanden
Clamm, Bruce, Retaliation

De Australische punkband Clamm is bezig aan een zomertournee door Europa en de UK. Na twee haltes in Nederland, deden ze de Pit’s in Kortrijk aan. Bruce en Retaliation mochten mee het podium op als support.

Retaliation is een jonge band uit Rollegem-Kapelle. Ze pikken kersen van de H8000-taart en hebben veel liefde voor NYHC. Hun eerste optreden ooit was in de Pit’s en het viertal was maar wat blij dat ze daar nu als opener stonden voor Clamm. Hun hardcore kwam echter niet helemaal uit de verf in Kortrijk. Het was wat slordig en bij momenten klonk dit meer als metal dan als hardcore. Ze lieten wel mooie dingen horen en een aantal songs hebben potentie. Een eenzame fan aan de rand van het kleine podium ging loos met een wilde pogo die wat weg had van martial arts, maar er vielen geen gewonden.
Eind augustus organiseren ze hun eigen feestje met Drudge en Röt Stewart in hun repetitiehok en in die biotoop zal Retaliation vast meer indruk maken.

Bruce is een doorwinterde Belgische punkrockband die dweept met de Australische punksound van onder meer Cosmic Psychos. Clamm past dan niet voor de volle 100% in dat plaatje, maar de band grijpt elke kans wanneer een Australische punkband langskomt. Het is intussen van 2019 geleden dat Bruce het album ‘Captain, We’ve Lost Bruce’ uitbracht. Sindsdien was er nog de heruitgave op vinyl van ‘The Vaticano Trail’, maar erg productief is dit trio niet. Slechts drie nieuwe nummers zijn ongeveer afgewerkt. Die kregen we nog niet te horen in Kortrijk, of het zou “My Friend” moeten zijn.
Wel een mooie dwarsdoorsnede van hun oeuvre, met potige versies van “Amanda Stopwatch”, “Sportsfreak”, “One Man Demolition Squad” en “Fix My Brains”. Uit de pre-Bruce / Leftovers-periode speelden ze nog “Underground”. Hun cover van Joy Division’s “Warsaw” werd slechts door enkelen in het publiek als dusdanig herkend. De mannen van Bruce hebben die song dan ook helemaal naar hun hand gezet.
De Pit’s stond helemaal vol voor Bruce en het Kortrijkse publiek reageerde enthousiast. Er mocht zelfs een toegift gespeeld worden en dat werd “The Referee From Tonypandy”, de enige overgebleven song die Bruce zomaar uit het hoofd kon spelen.

Clamm komt uit Melbourne en heeft reeds twee albums uit: ‘Beseech Me’ en ‘Care’. En zopas was er de in Nederland opgenomen EP ‘Disembodiment’ waar deze Europese tournee eigenlijk om draait. Van deze pas uitgekomen EP speelde Clamm in de Pit’s drie van de vier nummers: “Change Enough”, “Define Free” en titeltrack “Disembodiment”. Enkel “The Pressure” van de EP sloegen ze over. Maar er zaten wel nog meer onuitgebrachte nummers in de set, zoals “Problem Is”, “Heavy Fines” en “Bare The Brunt”. Allemaal prima nieuwe songs en je vraagt je dan af waarom ze van die EP geen full album gemaakt hebben.
Jack, Stella en Miles hadden er best wel zin in, in Kortrijk. Vorig jaar speelden ze nog in het café van De Kreun en dat maakt dat deze Australiërs alvast in Kortrijk geen onbekenden meer zijn. Het publiek reageerde bijzonder enthousiast op de powerpunk van het trio en zowat de helft van de uitverkochte Pit’s stond te dansen. Het is moeilijk te duiden waar de overtuigingskracht van Clamm zit. Het is meer dan de energieke en pompende punk (wat een bas-virtuoos is die Stella wel niet!), het zit ‘m in de sense of urgency waarmee ze het brengen. Je moet Clamm live gezien hebben om het te snappen.

Organisatie: Pit’s, Kortrijk

Clamm

Clamm - Een verpletterende muur van geluid

Geschreven door

Clamm - Een verpletterende muur van geluid

De eerste groep van de avond had op zijn minst gezegd een intrigerende naam. MIT - The Male Idiot Theory is genoemd naar een theorie die beweert dat mannen idioten zijn en veel meer dan vrouwen risicovolle activiteiten ondernemen waarvan het voordeel verwaarloosbaar of onbestaande is. Dat werd aangetoond in een Engelse studie die liep van 1995 tot 2014 waarin de winnaars van de Darwin Awards, die worden uitgedeeld aan mensen die bijdragen aan de menselijke evolutie door zichzelf op een spectaculair domme manier te laten verongelukken of er in slagen de mogelijkheid om zichzelf voor te planten te verliezen, te vergelijken. Daaruit bleek dat 88,7% van de genomineerden mannen waren!
Interessant maar nog interessanter was de bezetting. Dit Doornikse duo bestaat namelijk uit Lulu Sabbath en Cédric Delaunoy die ik vooral ken van Thee Marvin Gays, een groep waar ik zo'n 10 jaar geleden nogal wat uitstekende optredens van gezien heb en die het toen ook helemaal leek te gaan maken maar daar om één of andere duistere reden nooit in slaagde.
Later zag ik ze nog terug in Vision 3D en nu proberen ze het dus met zijn tweeën in MIT - The Male Theory waarmee ze een cassette uit hebben op Discos Peroquébien, een label uit Valencia. Door een eindeloze zoektocht naar een parkeerplaats - Kortrijk leek wel herschapen in één grote werf - miste ik helaas de eerste tien minuten.
Het duo leek aardig op dreef toen ik binnenkwam: Delaunoy liet zijn jangle gitaar als geen ander rammelen terwijl bassiste Lulu me verblijdde met brutaal snauwende zang. Dat leverde lofi klinkende, hoekige nummers op die mijn nekspieren weer aardig op de proef stelden. Een primitieve mix van garage en punk die men tegenwoordig wel eens als egg punk wegzet. Toch wisten ze me niet helemaal voor zich te winnen. Daarvoor bleven teveel nummers steken bij een overigens altijd uitstekende aanzet terwijl het "boem shaka boem" van de drumcomputer me na een tijdje begon te irriteren. Misschien toch maar een drummer zoeken (als dat enigszins haalbaar is) en de nummers wat beter uitwerken, dan komt het gegarandeerd helemaal goed met MIT - The Male Idiot Theory.

Hoofdattractie van de avond was Clamm, een punk powertrio uit Melbourne dat geregeld in één adem genoemd wordt met Stiff Richards en Amyl & The Sniffers, twee groepen waar ze overigens ook mee bevriend zijn.
Clamm had me vorig jaar op Leffingeleuren compleet van de sokken geblazen wat natuurlijk verwachtingen schept. De kans dat die verwachtingen bij een tweede kennismaking niet ingelost worden en er een ontnuchtering volgt behoort dan zeker tot de mogelijkheden.
En dat was hier helaas ook een beetje het geval waardoor ik me voortdurend zat af te vragen hoe het kwam dat de euforie dit keer uitbleef. Aanvankelijk zat het hen ook niet mee. De eerste 10 à 15 minuten was de gitaar nauwelijks hoorbaar in de betonnen muur van bas en drums. Maar ook toen de klank beter werd bleef ik op mijn honger zitten. Andere mogelijke oorzaak was het ontbreken van bassiste Maisie Everett, die menig hart had weten te veroveren in Leffinge. Ze verliet Clamm om zich volledig te concentreren op haar eigen band, Belair Lip Bombs. Zij werd vervangen door Stella Rennex maar ook die was er niet bij in Kortrijk.
Voor deze Europese tour werd Alan Jones, bassist van het eerste uur, nog eens opgetrommeld en die leek wel een tegenpool van Maisie Everett te zijn. Waar Everett er vorig jaar onbeweeglijk en wat bedeesd bij stond en zo fel contrasteerde met de gebrachte muziek en de taferelen voor het podium, stuiterde Jones uitbundig mee op de bastonen. Het lijkt een detail maar het maakte wel degelijk een verschil.
En dan was er nog de locatie. Dit optreden vond plaats in een uitverkochte bar van De Kreun, een ruimte die destijds waarschijnlijk niet gebouwd werd met de bedoeling er concerten te laten doorgaan. Erg comfortabel was het niet. Nu maak ik zulke situaties wel meer mee maar van een gerespecteerde club als het Wilde Westen verwacht ik toch net iets meer.
Tot zover de azijnpisserij. Was dit dan een slecht optreden? Bijlange niet, meer nog. Was dit de eerste keer geweest dat ik Clamm zag dan had ik hier waarschijnlijk geen kwaad woord over geschreven.
De drie hielden het immers uitermate strak en bestookten ons met korte nummers die telkens aankwamen als mokerslagen. Een verpletterende muur van geluid die vakkundig gebetonneerd werd door de ad interim bassist en drummer Miles Harding waarbij de verrassend gevarieerd klinkende gitaar van Jack Summers met invloeden uit hardcore, noise en zelfs industrial voor wat ademruimte zorgde. De monotone en in galm badende zang van Summers klonk bruut en venijnig alsof hij een bende demonstranten diende op te jutten. Toch bleef zijn verkwikkende gitaarspel, waarvoor hij meer dan eens door de knieën zeeg, het meest tot de verbeelding spreken. Helemaal mooi werd het toen Clamm de set, waarin we vooral nummers uit hun tweede en laatste plaat "Care" hadden gehoord, afsloot met mijn absolute favoriet, "Done it myself", een nummer waarin het melodieuze voor één keer niet verbannen werd.

Organisatie: Wide Westen, Kortrijk