logo_musiczine_nl

Talen

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
dEUS - 19/03/20...

Leffingeleuren 2015 - zaterdag 19 september 2015

Geschreven door - Ollie Nollet en Nick Nyffels -

Leffingeleuren 2015 - zaterdag 19 september 2015
Leffingeleuren 2015
Festivalterrein
Leffinge
2015-09-19
Ollie Nollet en Nick Nyffels

Dag 2 van Leffingeleuren beloofde weer een dag vol ontdekkingen te worden …
Ik was er misschien nog niet klaar voor maar de Leuvense groep van Gaëtan Vandewoude en Chantal Acda, Isbells, konden me op dit vroege uur niet overtuigen. De vele instrumentenwissels haalden de vaart uit de set die zo al wat mak klonk. En dat kampvuurmoment waarbij ze onversterkt speelden en het publiek lieten fluiten was er helemaal over.(ON)

Vrouwelijke indierockers die de mosterd gaan zoeken in de jaren negentig, is een van de trends van 2015. Denk maar aan Waxahatchee (gezien op Best Kept Secret en in november in het voorprogramma van Kurt Vile) of Courtney Barnett. Ook Leffinge deed mee aan de trend met Girlpool, twee dames uit Los Angeles die de Kim Deal filosofie aanhangen: meer enthousiasme dan technisch vernuft. Cleo Tucker´s gitaarspel gaf je het gevoel of de band nog maar twee weken bezig was, wat aanvankelijk wel charmant was. De sterkte van Girlpool zat hem in de krachtige harmonieën tussen Tucker en bassiste Harmony Tividad, die heel dikwijls crescendo aanzwollen. Een nummertje eindigde op een gitaaruitbarsting, maar meestal kregen we heel eenvoudige, rudimentaire melodietjes in een laag tempo. Dit begon na een tijdje toch wel heel eenvormig te klinken, en we raden de dames aan om nog meer te oefenen, zodat uptempo songs ook tot de mogelijkheden behoren. (NN)
Girlpool uit Philadelphia is het meisjesduo Cleo Tucker (gitaar,voc) en Harmony Tividad (bas,voc). Niet gespeend van veel talent zongen ze met schelle stem eenvoudige (wat anders?) liedjes die steeds meer richting The Shaggs afdreven. Voor wie ze niet kent : The Shaggs (drie zussen) wisten in de jaren ‘60 dankzij complete muzikale onkunde een cultstatus te verwerven en werden zelfs door ene Frank Zappa de hemel in geprezen. Zo slecht werd het nooit met Girlpool, een cultstatus zal er dus wellicht nooit inzitten. (ON)

De files hadden er al twee maal voor gezorgd dat we Kevin Morby moesten missen. Zowel op Best Kept Secret als in de Botanique waar hij het voorprogramma deed van Steve Gunn liepen we deze ex –Woods-bassist mis door het drukke verkeer. Derde keer was het prijs in de grote zaal van de Zwerver. Rustige Americana met een Dylanfixatie zo kan je de songs van Morby nog het best omschrijven. In het eerste deel van de set speelde Morby akoestisch, het tweede deel was elektrisch, en in de begeleidingsband viel de versiering met slidegitaar op. Morby schuwt de lange gitaarsolo’s, speelde veelal op een metalige slaggitaar, en samen met de parlando deed deze aanpak ook aan die andere held van hem denken, namelijk Lou Reed. Een kind in de zaal begon zowaar te headbangen, wat bewees dat alternatieve country ook best ruig kan zijn. (NN)
Kevin Morby (Los Angeles) kende ik als bassist van Woods, dat vorig jaar nog schitterde op Leffingeleuren, en van zijn eigen band, The Babies. Vooral op basis van die laatste groep waren mijn verwachtingen niet bijster groot. Mijn verbazing was dan ook niet gering toen hij op akoestische gitaar begon met drie pure americanasongs. Na deze verbluffende start pakte hij zijn elektrische gitaar en ruilde het blonde meisje haar gitaar (waar ze nochtans subliem op bezig was) voor een bas en werd een machtig “Harlem river” ingezet. Na dit epos, een ode aan New York, kon het enkel bergafwaarts gaan. Toch had hij nog genoeg goeie songs, die meer dan eens aan Bob Dylan deden denken, in de aanbieding om een volledige set te blijven boeien. Dé verrassing van het festival. (ON)

Na Kevin Morby begonnen de bands te overlappen, dus besloten we maar om een stuk van de set van Eaves te gaan bekijken in de Kapel. Eaves is de band van Joseph Lyons, een jonge Brit uit Leeds wiens eerste album ‘What green feels like’ positief ontvangen werd. De muziekpers haalt de vergelijkingen met Nick Drake uit de kast, maar in een livebezetting met een potige band was die link toch niet direct te horen. Radiohead ten tijde van ‘The bends’, was een duidelijkere invloed, evenals de dramatische wendingen uit de nummers van Anna Calvi. Niet alle nummers van de halve set die we bijwoonden bleven even sterk hangen, maar beloftevol is deze Eaves zeker. (NN)

De eerste band die ons vandaag volledig bij het nekvel greep, was Torres. Slaan en zalven was het motto van de platina-blonde Mackenzie Scott. Etherisch aan een nummer beginnen, om  dan stevig uit te halen a la L7 of Hole, een beetje vergelijkbaar met de Engelse Wolf Alice. Deze Amerikaanse deed mee op het laatste album van Sharon Van Etten, en deed ook al haar voorprogramma. Qua podium présence deed ze ons ook aan St-Vincent denken, die andere Amerikaanse rockdame met ballen. Een dwingende, krachtige stem die ons het hele concert deed uitzitten, ook al was op dat moment de prachtige folkstem van Meg Baird al begonnen in de Cafe. Haar nieuwe plaat ‘Sprinter’, nam ze op in Engeland met Rob Ellis, de producer van PJ Harvey, en op die plaat deed Adrian Utley van Portishead ook mee. Waard om te checken dus. (NN)
Vader of moeder Scott had een geniale ingeving toen ze een naam mochten kiezen voor hun dochter en noemden haar Mackenzie. “San Francisco, be sure to wear some flowers in your hair”, heeft u hem? Men zou voor minder een pseudoniem kiezen en dus werd het Torres (naar haar grootvader). De 24-jarige blondine zag er beeldig uit met haar blauwe lippen en verscheen net als de andere groepsleden in een zwarte overall op het podium. Hier was duidelijk over nagedacht en niet alleen over het visuele aspect. Iets teveel, denk ik. De songs waren allen vakkundig dicht gepleisterd met weinig inspirerende synths. Ze wordt wel eens vergeleken met P.J. Harvey maar van de intensiteit van die Britse kan Torres voorlopig alleen maar dromen. (ON)

Meg Baird (San Francisco) heeft een verleden bij de groepen Espers en Heron Oblivion en bracht onlangs haar derde solo-lp, ‘Don’t weigh down the light’, uit. Samen met Charlie Saufley, die ook op de laatste platen van Six Organs Of Admittance en Howlin’ Rain te horen is, zorgden in het café voor één van de hoogtepunten van Leffingeleuren. Folk tot de pure essentie herleid : de kristallen stem en de akoestische gitaar van Meg spaarzaam bijgekleurd met de licht psychedelische gitaar van Saufley. Verstild en toch zo intens, nergens was het publiek zo stil als daar. Naast een goedgekozen cover van Gene Clark kregen we onverhoopt ook nog een magistrale uitvoering van “Mansfield and Cyclops”, een nummer uit het meesterwerk ‘Espers II’ en het absolute kippenvelmoment van Leffingeleuren 2015.
(ON)

De publiekstrekker van de zaterdag was ongetwijfeld het Canadese Great Lake Swimmers. De folkrock van dit vijftal uit Toronto werd gesmaakt door jong en oud. Zes albums hebben ze ondertussen uit, we schaamden ons een beetje dat we ze nog nooit aan het werk zagen. De sound van Great Lake Swimmers wordt bepaald door de stem van frontman Tony Dekker en de viool van de rosse Miranda Mulholland. Great Lake Swimmers hebben zowel stemmige folksongs die zo in Duyster passen, als uptempo hillbilly folksongs, vooral dan wanneer de banjo uit de kast gehaald wordt. Dekker liet het publiek meezingen op “I must have someone else’s blues”. Zowel de Americana liefhebber als de fan van populaire folk als Lumineers of Mumford & Sons kwam hier aan zijn trekken. (NN)

Wand – Van
die groep uit Los Angeles heb ik twee redelijk gesmaakte platen, ‘Golem’ en ‘Ganglion reef’, op het schap staan maar hun optreden in de Kapel werd geen onverdeeld succes. Ok, de band had wat pech toen er een snaredrum brak en het een tijdje duurde eer dat opgelost raakte maar daar zal het uiteindelijk niet aan gelegen hebben. Het was vooral zanger-gitarist Cory Thomas Hanson die de set eigenhandig de nek omwrong. Nochtans kon Wand imponeren met pompende psychrock waarbij het heerlijk op en neer deinen was. Helaas vond Cory Hanson het nodig om tussendoor telkens op zijn gitaar of op de toetsen te pielen terwijl de andere muzikanten te vaak werkloos mochten toezien. Een euvel dat ook op de platen te horen is maar live echt onverteerbaar was. (ON)

We hadden iets meer volk verwacht in de Kapel voor Tout va bien. De band van Dries Mertens look-a-like Jan Wouter Van Gestel had deze zomer al op Werchter, de Lokerse Feesten en Pukkelpop gestaan, en Belgische bands doen het meestal heel goed op de festivals, maar de tent zat toch niet vol. Van Gestel heeft een volwaardige band waarmee hij een stevig festivalgeluid weet neer te zetten, een mix van elektronica, piano begeleide singer/songwriting en alternatieve rock. De geluidsman had het druk, en er viel ook een micro uit, maar dat belette niet dat Tout va bien een overtuigende set neerzette. Brel-cover “If you go away” viel op, maar ons verbaasde vooral een nummer met een Mogwai/Sigur Ros –achtige muur van gitaar. Van Gestel gebruikte vooral zijn falsetstem, maar hij had toch ook een nummer waarin hij zijn normale stem gebruikte. Natuurlijk mocht het festivalanthem van de zomer niet ontbreken, “This fight” dat Compact Disk Dummies gewijs uit de boxen spatte. Na vijftig minuten waren al de nummers van Tout va bien opgebruikt, we konden nog eens de gezellige eet- en drankstandjes aandoen rond de kerk van Leffinge. (NN)

Met het alom bejubelde Dans Dans, één van de vele projecten van Bert Dockx (Flying Horseman), blijf ik het wat moeilijk hebben. Vooral de eerste jazzy nummers vond ik net niet vervelend en langdradig. Naarmate de set vorderde klonk het steeds pittiger, mocht er al eens gerockt worden en kon ik me uiteindelijk toch vinden in deze volledig instrumentale gitaarmuziek. Waar is de tijd dat de gitaarsolo collectief verguisd werd?... (ON)

De afsluiter op zaterdag was voor ons het Amerikaanse La Luz: vier meiden uit Seattle die de jaren zestig weer doen heropleven, een beetje zoals het Spaanse Hinds dat we op Best Kept Secret zagen. Onvervalste surfrock dus, met meerstemmige gezang, veel reverbgitaar en spookachtige orgelgeluiden. Het publiek was een beetje afwachtend, wat spijtig was, want we konden ons wel een dol feestje inbeelden met deze dames. Toch is dit geen bubblegumpop, want de onderwerpen van de korte liedjes gaan soms over dood en duisternis. De band overleefde een crash met hun tourbusje in 2013, en dat liet toch emotionele littekens na. Een schrille schreeuw deed onze oren tuiten, La Luz wist hun surfrock spannend te houden zonder in nostalgie te vervallen. De band stopte nogal abrupt, een bisnummer zat er niet meer in, en zo kwam de zaterdag van Leffingeleuren ook nogal abrupt ten einde. (NN)
De feestelijkheden in de Kapel werden afgesloten door La Luz uit Seattle die ik vorig jaar al zag schitteren op Instant Karma in Oostende. Ik vond ze hier net iets minder dan toen maar daar kan een groep zatladders vooraan, die de intieme sfeer die de groep toch nodig heeft voortdurend stoorden, wel voor iets tussen gezeten hebben. De vier meiden verblijdden ons met timide surfpop waarin het orgel van Alice Sandahl en de gitaar van Shana Cleveland de onbetwiste pijlers waren met daar bovenop als kers op de taart die angelieke samenzang. Wat klonk dit weer subliem. Desondanks besloop me het gevoel dat ik iets teveel van hetzelfde hoorde. Misschien moet La Luz voor een eventuele derde plaat toch maar eens wat andere horizonten gaan opzoeken. (ON)

Slotsom van de dag? Veel interessante bands gezien …

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Aanvullende informatie

  • Datum: 2015-09-19
  • Festivalnaam: Leffingeleuren 2015
  • Festivalplaats: Festivalterrein
  • Stad (festival): Leffinge
  • Beoordeling: 4
Gelezen: 1403 keer