logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Cure
Viagra Boys
Erik Vandamme

Erik Vandamme

donderdag 13 december 2018 11:14

Call Of The Void

Ik moet toegeven, het nieuws op mijn facebook-tijdlijn kwam eigenlijk als een donderslag bij heldere hemel. We volgen Celestial Wolves namelijk van in het prille begin en dit nieuws over een nieuwe schijf was ons eerst dus totaal ontgaan. Celestial Wolves blijft zijn roots trouw en eerder begane wegen worden verder verkend. Deze nieuwe plaat is gewoon het zoveelste bewijs dat Celestial Wolves in geen enkel opzicht moet onderdoen voor de zogenaamde grote namen in post-rock en aanverwante genres.
Celestial Wolves is namelijk een band die u bewust onderdompelt in een walm van intensiviteit, waarbij ook nog een verhaal wordt verteld. Daardoor houdt de band je bewust een spiegel voor en laat hij je vertoeven in onaards aanvoelende werelden. Dat was in het verleden zo en dat is anno 2018 nog steeds het geval. Ja, zoals enkel echte toppers in dat typische post-rockgebeuren dat kunnen. Dat voel je al aan bij die eerste klepper “Bátur Hvarf”. En die lijn wordt doorgetrokken op volgende pareltjes als “Stuart & The Marree Man”, “Porcupine Bank” en “Bangui”.
Over de betekenis van 'Call Of The void' staat het volgende te lezen op de bandcamp-pagina van de band: ''According to the Urban Dictionary ‘call of the void’ is the insane desire of our unconscious to do what we shouldn't do: jumping off a ledge, driving into something or someone, killing someone, etc. Poe called it 'imp of the perverse'; Freud 'death drive'.  Actually, it is a strange twist of our brain and if you come to think of it you can say that in a way this is a human anomaly." De songs ademen inderdaad iets mysterieus, iets donker en ongrijpbaar uit.
En dat is de verdienste van de vaak heel subtiele vocale inbreng bij die riffs die telkens je ziel verschroeiend en donderende drumsalvo's, zo eigen aan een band als Celestial Wolves. Nee, niets nieuws onder de zon, of toch niet heel veel. Dat laatste is het enige kleine minpunt aan de nieuwste schijf. Celestial Wolves blijft binnen zijn eigen lijntjes kleuren, ondanks de subtiele knipogen naar donkere intensiviteit die je de adem ontneemt, binnen een omkadering die de haren op je armen doet rechtkomen van angst. Op zich is dat geen probleem uiteraard. Net doordat Celestial Wolves zoveel intensiviteit in zijn songs steekt dat je telkens opnieuw wegdrijft naar heel andere oorden, kunnen we die kritische benadering prompt naar de vuilnisbak doorverwijzen.
Rekening houdende met waar het, op basis van de titel, bij ‘Call Of The Void’ echt om draait - de aanhoorder een wereldbeeld voorhouden dat er niet zo fraai uitziet -  bereikt de band uiteindelijk wat ze van bij het begin wilden bereiken. We voelden niet de neiging om iemand te vermoorden of op iemand in te rijden, maar door hun meesterlijke aanpak brengt de band het meest donkere en waanzinnige in ons naar boven, waardoor Celestial Wolves uiteindelijk dus met brio in zijn opzet is geslaagd: ons onderdompelen in een bad van puur duisternis, verderf en waanzin.

Tracklist: Bátur Hvarf 08:59; -128,6 °F 07:31; Stuart & The Marree Man 05:18; Porcupine Bank 05:43; Bangui 04:39; Karoshi 06:03

donderdag 06 december 2018 18:51

Pigs With Gods

De stoner/rockmetalband Deville timmert sinds 2003 aan de weg. Doorheen de jaren bracht Deville heel sterke albums uit, waaronder in 2015 'Make It Belong To Me'. Datzelfde jaar stond Deville eveneens op Desertfest. De heren brachten toen een vrij typische stonerrockplaat uit, in het verlengde van bands als Kyuss. Er komt nu een gloednieuwe plaat uit, 'Pigs With Gods'. Een wat agressievere plaat, waar die stonerelementen nog steeds komen bovendrijven, maar waar toch eerder een vette knipoog richting pure metal merkbaar is.
Dat laatste blijkt al bij die eerste mokerslag in het gezicht in de vorm van “Lost Grounds” en het verschroeiende “Pigs With Gods”. Uiteraard is de band zijn roots niet vergeten. Zo gaat het bij “Lightbringer” weer die lekker meeslepende stonertoer op, bedekt met een sausje van doom. Het extra fijne aan Deville anno 2018 is dat ze meer variatie brengen in hun sound en dus niet voortdurend uit hetzelfde vaatje tappen. Wat kan gezien worden als een enorm pluspunt.
We houden van bands die na al die jaren vooruit durven kijken, zichzelf heruitvinden en grenzen aftasten. Dat is wat Deville duidelijk doet en daarvoor krijgt de band toch een extra pluim op zijn hoed. Bij “Hell in the Water” worden de registers nog maar eens compleet opengetrokken en haalt Deville verschroeiend hard uit. Om later weer die typische langzaam doom/stoner naar voor te brengen. Om maar te zeggen, dit is een gevarieerde plaat geworden waar je een band hoort die buiten zijn eigen lijnen durft te kleuren, zonder zijn ziel te verkopen.
Deville gebruikt ook anno 2018 nog steeds verschroeiende doom/stoner elementen om ons in hoge sferen te brengen. Maar de band durft op 'Pigs With Gods' ook verder te kijken en eerder agressieve tot snoeiharde metal elementen toe te voegen aan hun sound. In elk geval trekt de band alle registers open van begin tot einde. Die gevarieerde aanpak, door enerzijds als een pletwals tekeer te gaan en anderzijds de aanhoorder eerder te doen vertoeven in hogere doom sferen. Het is niet alleen de rode draad doorheen deze prachtschijf, het is de reden waarom we compleet over de streep werden getrokken. De eerder ingenomen kritische benadering bij de vorige plaat (we vonden toen dat iets te nadrukkelijk uit datzelfde vat werd getapt) kunnen we anno 2018 dus prompt in de vuilnisbak gooien.
Pure klasse van een band die blijft evolueren en zichzelf heruitvinden!

Tracklist: Lost Grounds; Pigs With Gods; Gold Sealed Tomb; Cut It Loose; Lightbringer; Hell In The Water; Wrecked; Acid Meadows; Dead Goon; Came For Nothing; Medicated On A Concrete Road; In Reverse.

donderdag 06 december 2018 18:46

Pray For Us

Dat het Mechelse/Antwerpse gezelschap Dead High Wire zijn muziek niet in een hokje te plaatsen is, wisten we al langer. Ook al staat bij mening omschrijving postpunk, no wave tot coldwave vermeld. Deze band tapt vooral uit opvallend veel uiteenlopende vaatjes, maar absurditeit vormt de rode draad doorheen het geheel. Na het eerder uitbrengen van enkele EP’s is nu eindelijk de debuutplaat van de band op de markt: 'Pray For Us'.
Over de in 2016 uitgebrachte EP 'Satellite State Brain Drain' schreven we: ''Ook medio 2016 blijken Dead High Wire nog steeds garant te staan voor bevreemdende geluiden en eigenzinnige noise-effecten. Vocalen die aan de ribben blijven kleven, worden verweven met intrigrerende, soms dreigende instrumentale huzarenstukken." Die lijn wordt ook doorgetrokken op 'Pray For Us'. Dat begint al met een vreemd aanvoelend “Pray For Us”. Zowel instrumentaal als vocaal gaat het daar alle hoeken van de kamer uit. Die tendens wordt verder aangehouden bij daarop volgende parels als “Laurel Canyon”, “Mileage” en “Parallel World”.
Songs boordevol hemelse schoonheid. Binnen haast intieme sferen, brengen zwoele klanken je daarbij tot innerlijke rust en complete zen. En knallende mokerslagen volgen elkaar in razendsnel tempo op. Zo start “BBGAP” eerder in een rustige maar dreigende sfeer, maar worden later de registers - gedreven door een snel drumsalvo - volledig opengetrokken. Wat de instrumentale inbreng betreft valt ons trouwens de gedrevenheid van die percussie enorm op. Echter is het eerder het totaalpakket dat ons over de streep trekt. Op “The Parallel World” gaat Dead High Wire dan weer de typische postpunk-toer op. Deze band blijft ondanks avontuurlijke uitstapjes links en rechts dus ook zijn eigenlijke roots trouw. Dat deze band graag buiten zijn eigen lijntjes kleurt wordt dan weer bewezen bij het in sauzen van absurditeit gedrenkte “Talk To Strangers'. Nee, deze band is niet voor één gat te vangen zoveel is zeker.
Dead High Wire brengt geen gemakkelijk in het gehoor liggende kunstwerk uit. Je moet er toch een beetje in een inspanning voor doen om het te begrijpen. Dat was enkele jaren geleden als zo en dat wordt op dit debuut nog meer in de verf gezet. De postpunk-, coldwave- en andere wave-invloeden zijn zeker aanwezig, maar Dead High Wire durft vooral buiten zijn eigen lijnen kleuren en brengt een heel avontuurlijk en veelzijdig meesterwerk uit. Waarbij invloeden uit die wave - zoals we al enkele keren hebben aangegeven - voortdurend worden gedrenkt in veel sausjes absurditeit en veelkleurigheid.
Tracklist: Pray For US; Laurel Canyon; Mileage; BBGAP; Parallel World; Talk To Strangers; Worship; Part Of It; Sedated Dreams.

donderdag 06 december 2018 18:12

Declining

Jazz is sinds vele jaren één van mijn favoriete muziekstijlen. Niet alleen door de warmte die het genre uitstraalt, maar vooral door de oneindige zin voor improviseren die zo eigen is aan deze muziekstijl. Commandor Spoon is zo een band die dat laatste heel hoog in het vaandel draagt. De heren raakten bekend als de jazz cats van Lefto. In april werd een eerste EP uitgebracht 'Introducing'. Met 'Declining' worden de jazz-wegen verder afgetast tot in het oneindige.
Commandor Spoon bestaat uit muzikanten die al heel wat uiteenlopende watertjes hebben doorzwommen en dat heeft ook zijn uitwerking op deze EP. De band bestaat saxofonist en componist Pierre Spataro, een artiest die in de Brusselse jazzscene ondertussen zijn sporen heeft verdiend bij o.a. Oyster Node en Rue Des Pecheries. Ook drummer Sammy Wallens kennen we van Oyster Node. Net als Pierre combineert deze laatste invloeden van jazz met pop, hiphop, Afrikaanse muziek en elektronica. Gitarist Florent Jeunieaux speelt bij bands als Murmures en La Chiva Gantiva en is bovendien studiomuzikant. Bassist Fil Caporali ten slotte, heeft wortels in de Braziliaanse muziek. De man ontving in 2016 de vermaarde Toots Thielemans Jazz Award. Om maar te zeggen, geen klein bier die band!
Dat is ook te merken aan de perfecte productie van deze EP. Nergens valt een speld tussen te krijgen. De perfectie zorgt er gelukkig niet voor dat deze heren een routineklus afwerken. Telkens voel je gewoon dat er inderdaad goed is over nagedacht, maar dat de typische spontaniteit die jazz tot een zo bijzondere muziekstijl maakt niet uit het oog wordt verloren. De heren gebruiken dit concept als een speeltuin waar ze zich ten volle kunnen in uitleven en vullen daarbij elkaar akelig perfect aan. De gezichten kijken allemaal dezelfde kant uit. Dat is minstens even belangrijk.
Hoewel elke song dezelfde titel draagt, is elk van hen gewoon enorm verschillend. Binnen elke song worden nieuwe bouwsteentjes verstopt die je bovendien op een heel ander dwaalspoor brengen. Bovendien grasduint de band dus niet alleen in jazzinvloeden, maar worden streepjes pop en elektronische muziek toegevoegd. Wat de band nog interessanter maakt om te ontdekken.
Kortom, Commandor Spoon verlegt meerdere grenzen binnen het jazzgebeuren en vindt de muziekstijl opnieuw uit. Dat zorgt ervoor dat deze band een unieke parel is in dat jazzgebeuren, één die je met verstomming zal slaan. Of hoe getalenteerde artiesten elkaar vinden binnen een concept en zorgen voor een soort magie die je maar zelden tegenkomt in jazz en aanverwante gebeuren.
Tracklist: Declining - Part I 06:37; Declining - Part II 05:01; Declining - Part III 06:34; Declining - Part IV 07:11

Blues/Jazz
Declining
Commandor Spoon

 

donderdag 06 december 2018 17:48

Negative Capability

Waardig ouder worden. Het zou de titel kunnen zijn van deze recensie. Al meer dan vijftig jaar draait de ondertussen 71-jarige Marianne Faithfull mee in de muziekwereld. Met vallen en opstaan heeft de dame haar stempel daarop gedrukt. In plaats van na zo een carrière van een verdiende rust te genieten, brengt Marianne gewoon een gloednieuwe plaat uit: 'Negative Capability'. Een parel van een schijf,  boordevol adembenemende schoonheid. Met een lach en een traan, maar vooral tonnen melancholie en weemoedigheid.
Voor haar nieuwste album gaat Marianne Faithfull een samenwerking aan met topartiesten. Zo werd de schijf geproduceerd door Bob en Warren Ellis. Ze schreef de teksten zelf, al dan niet bijgestaan door gastmuzikanten als Nick Cave, Mark Lanegan en Ed Harcourt. En dat is ook te merken. Je voelt de invloed van voornoemde artiesten uit de boxen loeien. Maar vooral is het Faithfull haar warme, rokerige stem die je in ontroering en vervoering brengt.
Breekbaar als porselein brengt Faitfhfull je tot tranen op “Misunderstanding”, bezorgt ze je een krop in de keel op “The Gypsy Faerie Queen”, of doet ze je nog eens naar adem happen op “As Tears Go By”, haar eerste hit uit 1964 die in een nieuw kleedje werd gestoken. Vaak houdt ze, geholpen door bovenstaande artiesten of op haar eentje, de aanhoorder een spiegel voor. Zo krijg je koude rillingen bij “Born To Live”, een song geschreven als ode aan haar vorig jaar overleden vriendin Anita Pallenberg. Of het samen met Mark Lanegan geschreven “They Come At Night” over de aanslagen in Parijs. Indrukwekkend!
Faithfull heeft zich laten omringen door kleppers van formaat, die haar muziek alle eer aandoen. Maar ze  grijpt je met haar bijzondere stem vooral zelf bij de keel en doet tranen opwellen bij pakkende songs als “Don’t Go”, opgedragen aan haar in 2016 overleden gitarist Martin Stone, of met afsluiter “No Moon In Paris”. Haar songs zijn gedrenkt in immens verdriet en pijn. De songs gaan dan ook vaak over de vergankelijkheid van het leven. Zonder je in een depressie te storten, want achter elke wolk schijnt steeds de zon. Somber en weemoedig raakt deze grote dame een gevoelige snaar, telkens opnieuw.
Besluit: Marianne Faithfull drukt nog maar eens haar stempel op het muziekgebeuren, zelfs op oudere leeftijd. Waardig ouder worden heet dat, inderdaad. Op een zodanig intensieve en breekbare wijze dat je er prompt zelf een ander mens van wordt. Met een krop in de keel kruip ik iets dichter tegen mijn vrouwtje aan en kijk haar diep in de ogen vol liefde. En pink een traan weg, van innerlijk geluk. Want inderdaad, binnen al die pijn en dat verdriet schuilt veel vreugde om wat wel nog is en wat is geweest en wat er ooit zal zijn. Volgens sommige media één van de platen van het jaar? We zullen dat zeker niet tegenspreken. Integendeel zelfs, we
zijn het hier volmondig mee eens. Indrukwekkend! Zonder meer.

Tracklist: Misunderstanding 04:05; The Gypsy Faerie Queen 03:41; As Tears Go By 03:53; In My Own Particular Way 04:22; Born To Live 03:40; Witches Song 04:58; It's All Over Now, Baby Blue 05:02; They Come At Night 03:41; Don't Go 04:21; No Moon In Paris 04:55

donderdag 06 december 2018 17:42

Skin In The Game

De naam van de Limburgse band Nostoc doet een belletje rinkelen? Dat is niet zo verwonderlijk. Deze band werd opgericht in 1992 door de broers Stan en Bart Reekmans. De heren wonnen het befaamde Limburgse Limbomania en vergaarden daardoor enige bekendheid. Echter, na enkele EP's en het album 'Too Big For His Boots' (2002) werd het plots vrij stil rond Nostoc. De broers gingen andere artistieke wegen op, o.m. naar theater en Film. Nu kwam eindelijk een gloednieuwe schijf op de markt: 'Skin In The Game'. We namen dit kleinood onder de loep en zijn heel blij dat Nostoc terugkeerde naar hun roots, de muziek.
In de biografie op de vi.be pagina van Nostoc lezen we het volgende: ''Een mix van opzwepende, filmische rootsmuziek die nu eens klinkt als de rokerige latin van Mink DeVille, dan weer als de swampy blues van Howlin’ Wolf.'' Dat is een stelling waar we ons zeer goed kunnen in vinden. Inderdaad de dampen van aanstekelijke blues komen u tegemoet bij opzwepende songs als “Bobby Wearing Blue” of “Bad Boys Needed”. Anderzijds dompelt Nostoc je onder in adembenemende en meeslepende atmosferen zoals bij “Mean”, een song die van begin tot einde aan je ribben kleeft. Meermaals blijkt dat Nostoc bovendien nog niets van zijn glans heeft verloren, en gelukkig maar.
We voelen ons, met de ogen gesloten, prompt vertoeven in rokerige pubs waar een walm van bluesklanken je tegemoet komt. Bij voorkeur nip je daarbij van een glas whisky en verlaat je de pub met een stralende glimlach, dronken van de drank maar ook door het oorgasme dat je voorgeschoteld kreeg. Terug de koude nacht in, op naar de harde realiteit van het leven. Om maar te zeggen wat een zalig, warm gevoel er over ons heen valt bij de zowel vocale als instrumentale heel filmische songs als “Breaking The Waves”, “The Alley” en “The One Who Won’t Dance”. Eén voor één songs die je verdoven en doen zweven over de dansvloer. In grote mate is dat de verdienste van de broers hun virtuositeit en dat ze vooral niet blues zingen of bespelen. Nee, deze heren leven hun muziek, letterlijk.
Liefhebbers van de betere blues en latin mogen deze schijf zonder morren aanschaffen. Anno 2018 klinkt de muziek van Nostoc nog steeds niet gedateerd. Hartverwarmend, aanstekelijk en voortdurend aan die ribben blijven kleven is de rode draad doorheen 'Skin in the Game'. We hebben er heel lang moeten op wachten, maar het was dat wachten meer dan waard. Zonder meer doet Nostoc blues en latin heropleven en geeft de band deze genres de boots die deze muziekstijl zeer goed kan gebruiken.
Pure klasse! Dat was in 1992 zo, dat blijkt gelukkig nog steeds het geval te zijn.

Tracklist: Bobby Wearing Blue 3:44; Bad Boys Needed 2:39; Ghost Train 3:16; Dreamers Of The Day 4:16; A Traitor's Hymn 3:05; Mad Man 3:16; Mean 3:46; Breaking The Waves 2:35; The Alley 3:36; Don't Mind The Illusion 2:55; The One Who Won't Dance 3:19

donderdag 06 december 2018 17:33

Summer is Like A Swallow

Sarah Forslund is een Zweedse artieste die met haar sprankelende mooie debuut 'Water Became Wild' in 2015 hoge ogen gooide binnen het indie en folk-gebeuren. Wat stem en uitstraling betreft, doet ze me wat denken aan Kate Bush, binnen een eerder intieme tot breekbare setting. Op 9 november verscheen haar gloednieuwe plaat 'Summer Is Like A Swallow'. Een schijf boordevol breekbare songs, die de haren op onze armen doen recht komen van innerlijk genot.
Sarah gooit voortdurend haar hypnotiserende, kristalheldere stem in de strijd. En breekt je hart doormidden. Dwingt je tot tranen en bezorgt je doorheen de volledige schijf kippenvelmomenten tot een krop in de keel. Dat blijkt al uit die openingssong “River of Dreams” waar een dromerig landschap je tegemoet komt gewaaid, als een zachte bries op een zomeravond. Met de winter voor de deur kunnen we die warmte zeer goed gebruiken.
Begane wegen worden verder bewandeld op daarop volgende pareltjes als “Summer Is Like Swallow”, “Seagull”, “Know”, “Hard” tot “The Lily And The Grave”. Hoewel alles diezelfde lijn uitgaat, stoort dit totaal niet omdat Sarah je in diepe ontroering doet neervlijen in het malse gras en doet vertoeven in diepe gedachten ver verwijderd van de realiteit. Haar wonderbaarlijke mooie stem is zo breekbaar dat jouw hart ook in gruzelementen op de vloer terechtkomt. Geluidsmuren worden dus nooit afgebroken, je hart echter wel door middel van  pakkende songs als “Achilles Heel” en “When Love Was Sweet”.
Ook nu weer doet haar stem me vaak denken aan bijvoorbeeld Kate Bush, ook al is dat niet over de gehele lijn het geval. Sarah Forslund heeft gewoon een heel unieke stem die je niet elke dag tegenkomt. Wat de instrumentale aankleding betreft zijn we onder de indruk van de verdovende piano-inbreng, maar ook streepjes saxofoon drijven ons verder weg van die harde realiteit. Sarah trekt met haar bijzondere stem dus wel de meeste aandacht naar zich toe, maar zonder die al even wonderbaarlijke instrumentale inbreng staat ze te roepen in de woestijn. Dat mag ook in de verf worden gezet.
We raden aan om bij het beluisteren van deze bijzonder breekbare parel je, bij voorkeur met de koptelefoon op, compleet weg te cijferen van alles en iedereen. Laat je - zoals wij ook deden - betoveren door Sarah Forslund’s broze stem die je ontroert en tot tranen dwingt. 'Summer Is Like A Swallow' is een intensief mooie en intimistische schijf die je als aanhoorder een ander mens zal laten worden en je rust brengt eens je tot de harde realiteit bent teruggekeerd. Innerlijke gemoedsrust. 

Tracklist: River of Dreams; Summer Is Like A Swallow; Seagull; Know; Hard; The Lily And The Grave; Achilles Heel; Gone; When Love Was Sweet; Toad

donderdag 06 december 2018 17:17

Ascent EP

Sister May is een ambitieuze band uit Roeselare die is ontstaan in 2016. Medio 2017 bracht de band een heel knappe EP uit 'My Absolute Defiler' waaruit blijkt dat de muziek van Sister May in een bepaald hokje duwen hen tekort doen is. Grunge, alternatieve rock en streepjes new wave, we horen het ook allemaal terug op de nieuwste EP van Sister May: 'Ascent'. Die werd op 31 oktober live voorgesteld in De Verlichte Geest in Roeselare.
Startende met een lekker duister en dreigende “Ascent” word je al direct op het verkeerde been gezet. De heren blijken inderdaad van een donker kantje te houden, maar elke song klinkt weer anders dan de voorganger. Elke keer doet Sister May een ander deur open, en verrast je daardoor aangenaam. “Deception” is een stevige mokerslag in het gezicht, waarbij niet alleen opvalt dat de muzikanten van dienst uiteenlopende trucjes kunnen toveren uit hun instrumenten. Ook de stem van zanger Bert Goethals klinkt heel uiteenlopend. Enerzijds schreeuwt hij zijn frustratie als het ware uit. Anderzijds klinkt die stem eerder als een warm deken om je te verwarmen bij koude winteravonden.
Nog zo een aangenaam verassende wending krijgen we bij “Diamond Dreams” waar een streepje synthesizer je naar weer eens andere oorden doorverwijst. In welke categorie we deze song moeten onderbrengen is een groot vraagteken. Maar net dat trekt ons daardoor het meest over de streep. “(R)Evolution” start eerder ingetogen. Later worden alle registers compleet opengetrokken en ontstaat een wervelstorm waarbij zowel vocaal als instrumentaal alle opgekropte frustratie nog maar eens los wordt gelaten op de aanhoorder. Schreeuwerige vocalen bezorgen je daarbij koude rillingen.
Vooral trekt Sister May ons over de streep door dat uiteenlopende aanbod. We houden enorm van bands die ons heel bewust van het kastje naar de muur sturen en die ons voortdurend op het verkeerde been zetten. Muziekliefhebbers, of eerder de liefhebbers van alternatieve jaren '90-rock, die bovendien houden van een potje experimenteren zouden hierin zeker hun gading moeten vinden. Wij werden alvast meegesleurd in een draaikolk van uiteenlopende emoties. Die gaan van woede naar berusting, tot ontroering en frustratie. Alleen dat al zorgt ervoor dat dit een band en EP is om te koesteren, net omdat ze door het aanbieden van zo een uiteenlopende mengelmoes bewijzen nog vele kanten uit te kunnen gaan en gelukkig nog niet teveel in hun kaarten laten kijken. Wat ons dan weer benieuwd maakt naar meer in de nabije of verre toekomst.

Tracklist: Ascent 3:41; Deception 3:10; Diamond Dreams 5:05; (R)Evolution 3:45

donderdag 06 december 2018 17:12

Insignificant

The Difference is een melodieuze doommetalband die is ontstaan in 1996. Ondertussen heeft deze band al heel wat watertjes doorzwommen en onderging The Difference enkele personeelwissels. Ze hebben successen en tegenslagen gekend, maar steeds is The Difference noest aan de weg blijven timmeren. En eveneens verder blijven evolueren in stijl. Op 3 november zagen we op de releaseshow in Eeklo een band waarbij iedereen dezelfde kant uitkijkt. De heren stelden daar hun nieuwste schijf voor: 'Insignificant'. We gaven de plaat enkele luisterbeurten en kwamen van de ene in de andere aangename verrassing terecht.
Bij de eerste songs, “The Hunger” en “Children Of The North”, worden alle registers compleet opengetrokken en ontstaat een wervelstorm van jewelste. De band deelt al direct een mokerslag in het gezicht uit, waardoor je dreigt niet meer recht te komen. Goed begonnen, is half gewonnen. Maar er is veel meer aan de hand op deze veelzijdige plaat. Bij sommige eerder ingetogen songs, zoals “Dead Man Walking” raakt The Difference heel bewust de gevoelige snaar, zowel instrumentaal, maar zeker en vast ook vocaal. De zanger van dienst beschikt namelijk over een heel veelzijdige stem.
Bij de hoge noten doet hij daardoor de haren op onze armen rechtkomen. Uiteraard gerugsteund door klasse muzikanten binnen de band. De virtuositeit van de gitaristen en bassist kent geen grenzen. Maar ook het al even veelzijdige bijzonder drumwerk trekt ons over de streep. The Difference doet er bovendien alles aan om buiten de lijntjes van de doommetal te kleuren, zonder aan een stijlbreuk te doen. Zo hangt er altijd een heel lekker doom-aanvoelend sfeertje rond songs als “Walls” of “Warchild”. Of gaat The Difference eerder de heavymetaltoer op bij “Tears Of The Earth”. Om even later weer je hart diep te raken.
The Difference brengt met 'Insignificant' een gevarieerde plaat uit,  boordevol progressieve tot heavymetalsongs. Waarbij de doom-invloeden nooit worden vergeten. Maar vooral blijkt deze band weer een nieuwe bladzijde om te draaien en raakt hij enerzijds gevoelige snaren of zorgt hij anderzijds voor een wervelstorm waardoor alles aan gort wordt geslagen. Net die veelzijdige aanpak zorgt ervoor dat The Difference een heel ruim publiek aan metalliefhebbers zou kunnen aanspreken met deze plaat. Net door te durven buiten de lijntjes te kleuren en andere wegen durven bewandelen worden we compleet over de streep getrokken. Een klasse schijf van een band die grenzen blijft verleggen en zichzelf opnieuw uitvindt na al die jaren.

Tracklist: The Hunger 4:37; Children Of The North 4:10; From Beyond The Sun 5:50; Warchild 3:30; Dead Man Walking 4:53; Tears Of The Earth 5:10; Walls 6:34; Inside The Labyrinth 4:39; Under Crimson Skies 6:00; As I Close My Dying Eyes 2:29.

donderdag 06 december 2018 17:06

The Atlas Underground

Dat Tom Morello een eigenzinnige klasse artiest is die zich van niets of niemand iets aantrekt, bewees hij in het verleden voldoende. Zijn medewerking aan legendarische bands als Rage Against The Machine, Audioslave, Prophets of Rage en zoveel meer zijn daar het levende bewijs van. Op 12 oktober bracht Tom Morello zijn ‘solo’-album op de markt genaamd 'The Atlas Underground’. Morello gaat een samenwerking aan met o.a. Knife Party, Bassnectar, Portugal. The Man, Vic Mensa, Marcus Mumford, Steve Aoki, Gary Clark Jr en zoveel meer. Verschillende artiesten uit verschillende genres dus en dat zou kunnen zorgen voor een bijzonder aantrekkelijk meesterwerk. Echter, we blijven wat op onze honger zitten.
Wie had gehoopt op een lekker experimentele rockplaat zal bedrogen uitkomen. Morello gaat wel aan het experimenteren, maar eerder met elektronische muziek. Dat gaat bij fans van Rage Against The Machine en zo zeker zorgen voor gefronste wenkbrauwen. Nu, op zich heb ik daar geen probleem mee. Mijn grootste idool David Bowie heeft nooit anders gedaan dan wegen inslaan die je van hem niet verwacht en kwam daar vaak mee weg. Tom Morello laat zich omringen door kleppers uit die elektronische muziekwereld, maar helaas blijven de meeste samenwerkingen wat hangen in gezapige middelmatigheid.
Songs als “Battle Sirens”, “Rabbit’s Revenge” tot “We Don't Need You” doen ons eerder belanden in een doorsnee discotheek. Lekker uptempo nummers die op de dansheupen werken, dat wel. En toch zitten er een paar songs tussen die ons het beste doen verhopen voor de rest van de plaat. Zoals het aanstekelijke, zelfs wat bevreemdend klinkende “One Nation”. Daar horen we experimentele elektronica in die ons prompt op een raveparty doet terechtkomen. Het eerder dreigende “Vigilante Nocturno” bevat zelfs enkele EBM-invloeden, wat we eveneens kunnen waarderen. Songs als deze hadden er dus meer mogen tussen zitten, naar onze mening.
Laat dit duidelijk zijn; Morello hoeft voor ons geen rockplaat uit te brengen. Maar als hij iets doet met elektronische muziek verwachten we nu eenmaal iets meer dan een doorsnee dansplaat. Van een artiest als Morello verwachten we net door zijn toch eigenzinnige tegen alle heilige huisjes stampende manier van doen uit het verleden gewoon veel meer dan angstvallig binnen de lijntjes kleuren.
En toch, op de dansvloer of eventueel op Tomorrowland zou deze muziek wel eens kunnen zorgen voor een langgerekte raveparty, zoals in de jaren '90. De dansliefhebber die gewoon lekker loos wil gaan op die aanstekelijke beats zal aan de eerder ingenomen kritische noot dan ook geen boodschap hebben. Morello doet gewoon zijn zin, dat rebelse zit er dus zeker in. En daarvoor krijgt hij toch een sterretje meer. De dansschoenen aantrekken en gewoon uit de bol gaan op songs als “Roadrunner”, “Where It's At Ain't What It Is”. Het kan allemaal. Het mag zelfs. Maar hier zat dus gewoon veel meer in dan er echt is uitgekomen.
Ooit was Morello een reden om anarchistische boodschappen te verkondigen. Dat had hij langs deze andere weg ook kunnen doen door eventueel samen te werken met onbekende dj's die kwaliteit afleveren en vooral buiten de lijntjes durven kleuren. Ondanks enkele pogingen in die richting verkiest Morello dat echter niet te doen en dat is een artiest als Morello onwaardig. Een gemiste kans om naast de rock scene ook echt zijn stempel te drukken op de elektronische muziekgebeuren deze plaat. Jammer, maar helaas.

Tracklist: Battle Sirens (4:03) met Knife Party; Rabbit’s Revenge (2:59) met Bassnectar, Big Boi en Killer Mike; Every Step That I Take (3:42) met Portugal. The Man en Whethan; We Don’t Need You (3:03) met Vic Mensa; Find Another Way (4:38) met Marcus Mumford; How Long (4:23) met Steve Aoki en Tim McIlrath; Lucky One (3:32) met K.Flay; One Nation (4:15) met Pretty Lights; Vigilante Nocturno (3:29) met Carl Restivo; Where It’s At Ain’t What It Is (3:38) met Gary Clark Jr. en Nico Stadi; Roadrunner (2:48) met Leikeli47; Lead Poisoning (4:05) met GZA, RZA en Herobust.

Pagina 202 van 211