logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (3 Items)

Chris Isaak

First Comes The Night

Geschreven door

‘First Comes the Night’ is het eerste album van Chris Isaak sinds hij in 2011 enkele klassiekers opgenomen in de Sun Studio’s verzamelde op zijn Beyond The Sun. Het was toen voor het eerst toen dat hij op plaat voluit de kaart trok van de sixties-iconen die hij altijd al een beetje in zich had en zijn favoriete nummers coverde van o.m. Elvis, Johnny Cash, Roy Orbison en Jerry Lee Lewis.

Tot dan kenden we Isaak vooral als een ietwat mysterieuze misantroop met de looks van James Dean en een stem als een klok. Geen andere artiest kon eind jaren ’80, begin jaren ’90 met een knik in de stem en met zoveel pathos het Gebroken Hart verkondigen zonder dat het camp werd. Het typische geluid van gitarist James Calvin Wilsey had daarin een groot aandeel, net als de bijhorende muziekclips op MTV. Het leverde de Amerikaan met de (nog steeds aanwezige) vetkuif wereldbekendheid op met de singles “Blue Hotel”, “Wicked Game”, “Dancin’” en “Lie To Me”.

Dat wereldwijde succes duurde tot het album ‘Wicked Game’. Daarna kwam onverwacht het frivolere album ‘San Francisco Days’, waarna gitarist Wilsey vertrok en vervangen werd door Hershel Yatovitz. Isaak veranderde Isaak het geweer van schouder. De volgende platen stonden vol van weinigzeggende countryriedels, fletse rootsrock en hapklare popdeuntjes. Alvast in Europa deemsterde het succes van Chris Isaak langzaam weg, hoewel hij in Amerika nog steeds volle zalen trok.

Het nieuwe ‘First Comes the Night’ eet van twee walletjes. Zowat de helft van het album is retro-pop die zo lijkt weggelopen uit de sixties en bouwt dus voort op de periode van ‘San Francisco Days’ tot ‘Beyond The Sun’, terwijl de andere helft tot op zekere hoogte weer aansluit op de ‘Wicked Game’-albums. Het is eigenlijk alleen nog de twang van de gitaar van Wilsey die deze songs net dat tikje meer zou kunnen geven, al komt Yatovitz soms aardig in de buurt op o.m. titeltrack “First Comes The Night” en vooral op “Please Don’t Call”, waarin ook Isaak zijn stem mooi laat vibreren. Nog in het ‘Wicked Game’-kamp zitten het weemoedige “Reverie” en het zo mogelijk nog weemoedigere “Kiss Me Like A Stranger” en de swingende preek “Insects”. De andere helft, het ‘Sun’-kamp, wordt aangevoerd door o.m. de Johnny Cash-rip-off “Down In Flames” (Isaak’s versie van “Ring Of Fine”, zo u wil), het Orbison-achtige “Perfect Lover”, “Running Down The Road” (de jonge Elvis?) en voorts “Don’t Break My Heart” en de slappe ballad “The Way Things Really Are”. Twijfelgevallen zijn “Baby What You Want Me To Do” en “Dry Your Eyes”. Maar ook als het camp dreigt te worden, blijft er een zweem van kwaliteit over de nummers hangen. Die knik in Isaak’s stem maakt nog altijd veel goed.

Wie de versie met de bonus tracks koopt of downloadt krijgt er nog het mysterieuze “Some Days Are Harder Than The Rest”, het redelijke “The Girl That Broke My Heart” en drie overbodige liedjes uit het ‘Sun’-kamp bovenop.

Samengevat kan je ‘First Comes The Night’ nog het makkelijkst aanbevelen aan de oude fans, die er zeker hun gading in zullen vinden, en tegelijk als inleiding laten dienen voor wie deze crooner uit Californië nog moet of wil ontdekken. Meer voor ieder wat wils dan de terugkeer door de grote poort.

Chris Isaak

Chris Isaak – Met nadruk en klasse teruggrijpen naar eigen invloeden

Geschreven door

De Amerikaanse zanger en liedjesschrijver Chris Isaak groeide op in het Californische Stockton. Als kind graaide hij graag in de platencollectie van zijn ouders en kwam aldus onder de indruk van artiesten als Elvis Presley, Jerry Lee Lewis, Carl Perkins en Roy Orbison. Ook zijn bewondering voor John Fogerty stak hij nooit onder stoelen of banken.
Toen Isaak besloot zijn bokshandschoenen op te bergen – zijn meermaals gebroken neus draagt nog steeds de sporen van dit verleden - en na zijn studies te hebben afgerond, besloot hij zich toe te leggen op een muzikale carrière. Hij schuimde gedurende enkele jaren bars en clubs in San Francisco en L.A. af totdat hij via producer Erik Jacobsen een platencontract kon versieren bij Warner Bros. Records. Het prachtige ‘Silvertone’ (1985) was hiervan het eerste resultaat en daaruit bleek hoe groot zijn muzikale invloeden waren op zijn eigen werk. De plaat bulkte van de rock-‘n-roll, rockabilly en blues uit de jaren ’50 en vroege jaren ‘60 maar kreeg een eigentijdse toets via teksten voortkomend uit eigen hart en ziel.
Ondanks het aandringen van de platenmaatschappij om stijlveranderingen door te voeren, bleef Isaak zijn eigen ding doen zonder daarbij in de valkuil te trappen en te verdrinken in pure nostalgie.
En het heeft hem geen windeieren gelegd. Reeds vanaf zijn tweede album verkreeg hij meer internationale airplay met « Blue Hotel » maar een echte hit scoorde hij met « Wicked Game ». Dit wereldnummer is terug te vinden op het album ‘Heart Shaped World’ uit 1989 maar de doorbraak kwam er pas twee jaar later toen David Lynch een instrumentale versie ervan gebruikte in zijn cultfilm ‘Wild At Heart’ (ook op de soundtrack van ‘Blue Velvet’ (1986) stonden overigens twee tracks van Isaak te prijken). Het nummer mét vocalen werd vervolgens opgepikt door radiostations en de nog steeds tot verbeelding sprekende zwart-witte, door Herb Ritts geregisseerde sensuele video waarin Isaak innig topmodel Helena Christensen – die ogen! – mocht omarmen op een strand, zorgde voor het extra promotiewerk.
De rest is geschiedenis. Zijn naam als artiest en status als sekssymbool waren nu definitief internationaal gevestigd en aan populariteit heeft Isaak nimmer moeten inbinden. Het bewijs hiervan is onder meer terug te vinden bij concertprogrammatoren die wanneer ze Isaak boeken, doorgaans ook meteen het bordje ‘uitverkocht’ mogen bovenhalen. Dit was bijvoorbeeld twee jaar geleden het geval in de Brusselse AB en afgelopen zondag waar Isaak in dezelfde zaal aantrad, deed hij deze prestatie nog eens over.

Toch wel opmerkelijk voor iemand die in ruim twintig jaar geen echt grote hit meer heeft gescoord, zijn setlist doorheen tournees nauwelijks wijzigt en zijn concerten voorziet van gimmicks en satire die uit het boekje komen.
Waar ligt het dan aan? Natuurlijk komen er veel toeschouwers – hoofdzakelijk vrouwen – zich verlekkeren aan de looks van Isaak maar nog veel belangrijker en er toe doende is dat deze crooner een fantastische zanger is, prachtige nummers heeft neergepend en zijn groep die ruim een kwart eeuw met hem samenspeelt, rasmuzikanten bevat. Bovendien is het showgehalte steeds hoog en mag er tussendoor hard gelachen worden. Vooral de zelfspot en satire vieren steeds hoogtij.
Daarbij moet gezegd dat ook al is alles steeds goed ingestudeerd (gesynchroniseerde swingende pasjes, bassist Rowland Salley die de hoofdvocalen mag overnemen tijdens « Best I Ever Had », Isaak die de groepsleden en publiek uitdaagt met rake oneliners, reeds vroeg in de set de zaal instapt en zich tot aan de mengtafel onder het publiek begeeft, een oefening die gitarist Hershel Yatovitz overigens mocht overdoen tijdens « Live It Up »), de groep brengt het met zoveel branie en met een brede glimlach dat het publiek het gevoel krijgt dat het enkel voor hen op die specifieke avond weggelegd is. En datzelfde publiek gaat steevast snel door de knieën en laat zich gedwee onderdompelen in deze op en top Amerikaans ogende show. Zo liet Isaak de aanwezigen in de AB in de waan dat de groep extra lang zou spelen omdat ze niet zoveel in Brussel kwamen maar in werkelijkheid stond er zelfs een nummer minder op de setlist ten aanzien van vorige concerten tijdens deze tour - voor de liefhebbers: « That Lucky Old Sun » (oorspronkelijk van Ray Charles) werd geschrapt. Isaak is niet voor niets ook deeltijds acteur.
Het concert afgelopen zondag lag in het verlengde van zijn vorige passage maar bevatte deze keer grosso modo twee grote onderdelen. Vooreerst werd een soort ‘best of’ aangeboden, terwijl nadien het eind vorig jaar uitgebrachte album ‘Beyond The Sun’ centraal stond.
Na een instrumentale intro verscheen – ook al is hij intussen 56 geworden - een nog steeds erg fris ogende Isaak, vetkuif onlosmakelijk incluis en gehuld in een lichtblauw pak dat Elvis Presley moeiteloos had kunnen dragen tijdens zijn Las Vegas shows. De groepsleden daarentegen droegen een maatpak dat gelijkenissen vertoonde met de outfit van de begeleidingsgroep van wijlen James Brown gedurende de jaren ‘60.
Opener van de avond – en kan het nog symbolischer? – was het uptempo « American Boy » en dit effende het pad voor een wisseling tussen ballades en rocknummers. Als hoogtepunten – al moeten we zeggen dat echte inzinkingen niet te bespeuren waren – vielen er bijzonder fraaie en loepzuivere versies te noteren van « Blue Hotel », « San Fransisco Days », « Somebody’s Crying » (wat een melodie), « Wicked Game » (inderdaad een klassieker ten top), « Dancin’ »(nog steeds onverwoestbaar en vergezeld van een lang, toonvast vocaal einde), « Notice The Ring » (met een uitwisseling aan stijlen gaande van rock-‘n-roll tot free jazz en waarbij onder meer percussionist Rafael Padilla en toetsenist Scott Plunkett hun kwaliteiten mochten etaleren) en het broeierige, mysterieuze door bassist Rowland Salley ingezette ‘Baby Did A Bad Bad Thing’. Bij dit laatste, bluesy nummer haalde Isaak zijn diepste stem boven en werd onderstreept dat het geen verwondering mag heten dat Stanley Kubrick dit aanwendde om te laten fungeren in zijn donkere, raadselachtige film ‘Eyes Wide Shut’ uit 1999. Ook mochten daarbij als vertrouwd twee dames het podium op om hun sensuele (dans)troeven uit te spelen. Eentje droeg een t-shirt met als opschrift ‘What The Hell’ waarop Isaak ad rem reageerde en als grap vertelde dat zij bij haar thuiskomst zou kunnen vertellen: “Mam, I went to a concert and I fell in love with a man on the stage. But don’t worry mam, it’s not a musician. It’s a bass player”.

De tweede helft van het concert stond dus in het teken van zijn recentste album ‘Beyond The Sun’, dat – zoals de titel aangeeft – opgenomen werd in de oorspronkelijke Sun Studio’s te Memphis en waarop eer betoond wordt aan muzikale helden die er onder toezicht van platenbaas Sam Phillips hun eerste opnames maakten. Waar Isaak de covers op de plaat braafjes binnen de lijntjes kleurt en aldus te dicht blijft aanleunen bij de originelen zonder zijn versies als bijzonder te laten klinken laat staan de originelen te overtreffen, was dit euvel minder groot tijdens zijn concert in de AB. Daar kregen ze wel meer punch en wonnen ze aan impact.
Er werd voorzichtig aangevat met wat mooie gospel en doo-wop tijdens « Doin’ The Best I Can » (Elvis Presley). Nadien werden versies gebracht van « Ring Of Fire » (Johnny Cash), het ooit van de radio verbannen « Dixie Fried » (Carl Perkins), « Can’t Help Falling In Love » (Elvis Presley) en « It’s Now Or Never » (idem) waar de combinatie van drumborstels, contrabas, piano en de stem van Isaak – die sowieso nauwelijks dichter bij Presley kan geraken – uitstekend werkte.
Nadien werd er ook nog wat meer stevige rock-‘n-roll uit de kast gehaald tijdens « Live It Up », eveneens terug te vinden op ‘Beyond The Sun’ maar wel van de hand van Isaak, en een bijzonder snedig « Miss Pearl » (een parel van de nagenoeg vergeten Sun artiest Jimmy Wages). Bij dit laatste mocht Scott Plunkett zijn kunsten opvoeren en helemaal loos kon hij gaan tijdens « Great Balls Of Fire » (Jerry Lee Lewis) waar hij een nagenoeg perfecte imitatie weggaf van ‘the killer’ zelve, inclusief het aanslaan van de toetsen met behulp van voet en knie en de piano die als apotheose via namaakvlammetjes en ingebouwde rookelementen ‘in vlammen’ opging.  
Als eerste toegift werd gekozen voor een flard « Super Magic 2000 », een mooi voorbeeld van  instrumentale surfrock, waarna Isaak het podium betrad in zijn bekende zilveren glitterkostuum. Tijdens « Oh, Pretty Woman » (Roy Orbison) verrees een reusachtige pin-up (in ballonvorm weliswaar) en gedurende « Big Wide Wonderful World » mocht Yatovitz nog enkele fraaie bluesakkoorden uit zijn gitaar toveren en Plunkett zijn orgel laten brullen. Afsluiter was het gospelachtige « Worked It Out Wrong » waarbij Salley, Yatovitz en drummer Kenney Dale Johnson als begeleidend koortje dienden en waarbij ondanks hun grappige bewegingen de pastiche nooit de ernst overheerste. En dit was toepasselijk op het hele concert. De herkenningsfactor was hoog en er viel veel te lachen maar bovenal werd er met klasse gezongen en gemusiceerd zodat alle aanwezigen met een warm gevoel naar huis konden gaan.

Op deze verkiezingsdag werden op dat tijdstip regionale overwinningen gevierd, wonden gelikt en de eerste coalities gevormd maar in de AB ging de stem van het publiek unaniem naar Chris Isaak en zijn begeleidingsgroep.

Setlist : (Intro), American Boy, Pretty Girls Don’t Cry, Blue Hotel, We’ve Got Tomorrow, I Want Your Love, San Fransisco Days, I’m Not Waiting, Somebody’s Crying, Wicked Game, Best I Ever Had, Dancin’, Notice The Ring, Baby Did A Bad Bad Thing, Doin’ The Best I Can, Ring Of Fire, Dixie Fried, Can’t Help Falling In Love, It’s Now Or Never, She’s Not You , Live It Up, Miss Pearl, Great Balls Of Fire
Super Magic 2000, Oh, Pretty Woman, Big Wide Wonderful World, Worked It Out Wrong

Organisatie: Live Nation

Chris Isaak

Chris Isaak of hoe de AB een avondje Las Vegas werd …

Geschreven door

Het heeft meer dan 7 jaar geduurd vooraleer er een nieuwe cd van Chris Isaak in de winkelrekken lag maar met de nieuwe ‘Mr Lucky’ is deze 54-jarige rocker uit Californië er weer helemaal terug.
“Niet dat ik ooit ben weg geweest,” zei Chris Isaak onlangs tijdens een interview met De Rode Loper maar ik was gewoon bezig met mijn televisieshow. “Ik weet dat ik een gelukkige vent ben want ik besef maar al te goed dat er veel mensen zijn die dagelijks een job moeten uitoefenen die ze haten. Ik doe het nog steeds graag, er zijn artiesten die verzekeringen afsluiten voor het geval ze niet komen opdagen. Als je mij niet ziet op een concert betekent het gewoon dat ik dood ben”.
En dat dit niet zomaar loze woorden zijn, werd gisteren ruimschoots bewezen. Toen deze legendarische rocker op het podium verscheen in een rood glimmerpak werd meteen bij opener “I’m lonely with a broken heart” de duckwalk ingezet en dat werd meteen het sein dat dit een avondje onvergetelijke rock’n’ roll zou worden.
Dat het ook niet het soort concert ging worden waarbij het publiek met tegenzin een nieuwe cd moest aanhoren werd meteen duidelijk bij het tweede nummer “Dancin’” waarbij bewezen werd wat we al lang wisten, dit is een artiest die van zijn publiek houdt. De rimpels zijn er zonder twijfel bijgekomen maar de energie is gelukkig gebleven, net als die zalige jodelstem die ons (en dat zou ook later nog eens blijken) herinneringen deed oproepen aan die andere legende, Roy Orbinson.
“Thanks a lot for coming to see live music, we really appreciate it. Tonight it’s going to be like Woodstock” en zo begon Chris meteen aan zijn croonerversie van “Love me tender” van Elvis. Het werd een zeer speciale versie waar men in de AB nog lang zal over naspreken want
plots wandelde Chris, weliswaar begeleid door twee bodyguards, van het podium en baande zich een weg doorheen de AB. Deze miniuitstap deed niet alleen de volledige zaal aan, maar ook het balkon en de tribune. Het gebeurt niet elke dag dat je op 30 cm van je aangezicht Chris Isaak Elvis ziet vertolken en op zo’n avond kan je maar één slogan bedenken: ‘Viva Las Vegas!
Op het moment dat iedereen bekomen was van deze ongewone verrassing begon Chris aan zijn eigen triomf, “Wicked Game”,  en meteen had menig concertganger weer de videoclip met de mooie Helena Christensen voor ogen en met weemoed dacht je terug aan de dagen toen het nog 1986 was. Eighties voor een paar ogenblikken want daarna waande je je in de fifties doordat dit fijn rock’n rollconcertje ook nog eens voorzien werd van een gospelmoment (wat trouwens prachtig uitgevoerd werd door zijn trouwe band met wie hij nu ondertussen ruim 25 jaar op de planken staat).
“Take my heart” werd het popcorngedeelte en ook de latere (maar zeker niet minderwaardige) kleine radiohitjes zoals “One Day” of “San Francisco Days” gingen niet onopgemerkt aan het publiek voorbij. Deze rocker schrikt er geenszins voor om alle clichés uit de oude rock’n’ rollkast te halen, zeker niet als hij tijdens de bis in een zilveren glitterkostuum verschijnt die zelfs door onze eigen Voice Of Europe zou geweigerd worden, maar geen mens die hier erg in heeft want een artiest die zich anderhalf uur volop voor zijn publiek gegeven heeft,  vergeef je nu eenmaal alles!
Als toegift volgden “Blue Hotel” en de ode aan zijn grote voorbeeld, Roy Orbinson : een prachtige, getrouwe versie van de oerklassieker “Pretty Woman” die misschien niks vernieuwend bracht, maar het kwam wel recht uit het hart.

Onder luid applaus werd Chris Isaak teruggeroepen en met opgeheven hoofd liet hij de zaal verstaan dat hij niet alleen zijn hard verpand heeft aan zijn muziek, maar ook aan dat van zijn publiek….

Organisatie: Live Nation