logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (3 Items)

UB40

UB40 - Na 45 jaar nog steeds springlevend

Geschreven door

UB40 - Na 45 jaar nog steeds springlevend

Klokslag half zes stonden we al aan de ingang van Lotto Arena aan te schuiven. Om half zeven gingen de deuren open. We hadden een voorprogramma verwacht maar kregen een DJ act van Soul Shakers die iets meer dan een uur lang het publiek opzweepte. Een set met reggaetunes, die alvast de temperatuur deed stijgen. Lekker heupwiegen dus bij het binnekomen …

Om 20u al zet UB40 (*****) zijn set in met een adembenemende “Here I Am”. We voelden meteezn aan dat dit geen routineuze nostalgietrip zou worden. De band had er duidelijk zin in, en grossiert verder in hun oeuvre met “Keep on Moving” en “'Maybe Tomorrow”. Opvallend zijn de blazers die zorgen voor een warme walm over de hoofden heen.
De aanstekelijke refreinen verbergen wellicht een onderliggende of politieke boodschap, maar het gros van de avond was vooral bedoeld om 45 jaar UB40 te vieren. Een zeer spraakzame co-vocalist en gitarist Robin Campbell straalt enorm veel charisma uit. Hij wordt bijgestaan door Matt Doyle, die sinds 2021 Duncan Campbell verving die wegens gezondheidsproblemen de stekker eruit trok.
Het waren vooral de hits als “Sing Our Own Songs”, die op de meeste bijval konden rekenen. Een nieuwe song “Home” klonk fris en monter, en werd erg goed ontvangen. Een zondermeer sublieme “The Keeper” zorgde voor een krop in de keel. Het energieke “Many Rivers to Cros” onderstreepte de puike, overtuigende set.'
Naar het einde trokken ze alle registers nog eens open, met het uiteraard door iedereen mee gebrulde “Red Red Wine”, een song van Neil Diamond maar zodanig mooi gecoverd door UB40, dat het na al die jaren wel door hen geschreven lijkt.
Er volgde nog een bis. Eerst verscheen de erg beweeglijke Earl Falconer alleen op het podium op “Food For Thought/Forever Blue”, waarbij alle lichtjes de lucht ingingen. Een magisch moment dat werd aangevuld door de overige bandleden die op het podium verschenen. Een wervelende finale volgde met “Kingston Town” en de meezinger “Can't Hel Falling in Love” van Elvis.
UB40 speelde op hoog niveau als band. Ook de ritmesecties, de soli, de strakke kopersecties overtuigden moeiteloos het publiek. Het geluid klonk authentiek als fris. We hoorden een mooie afwisseling van oudere en nieuwe songs, een kruisbestuiving ook tussen de oude rotten binnen de band en de nieuwe wind die er blaast. Een gouden combinatie, die een sterke meerwaarde betekende.
Na 45 jaar is er nog geen sleet op UB40 , ook zijn er een paar ruim de zestig voorbij. Kortom , UB40 was springlevend, zoveel is zeker!

Setlist: Here I Am//Keep On Moving / Maybe tomorrow//Homely Girl//Sing Our Own Song//One In ten//Home//Please Don't Make Me Cry//Bring Me Your Cup//You Don't Call / Me Nah Leave Yet//Fool Me Once//The Keeper//Many Rivers To Cross//Cherry Oh Baby//Gimme Some Kinda Sign//Wear You To The Ball//Red Red Wine//BIS //Food For Thought//Kingston Town//Can't Help Falling In Love

Organisatie: Greenhouse Talent

UB40

UB40 – Hartverwarmend concert

Geschreven door


Woensdag 24 januari, de warmste 24ste januari sinds de metingen ooit blijkt uit de nieuwsberichten & het was niet anders in De Roma deze avond. Aan de bar is het een gezellige bedoening want we zijn nog steeds in de nieuwjaarsmood. DJ Beatbuster die het voor & na programma mag verzorgen heeft zich goed voorbereid, enkel reggae nummers in zijn set & vestimentair hield hij zich ook al aan de bekende reggae kleuren, groen geel rood. De kleuren van, nee niet de Jamaicaanse vlag, maar wel van de Ethiopische ;-)
Want alhoewel de meeste reggaesterren van het Caraïbische eiland Jamaica afkomstig zijn, vindt de reggae zijn spirituele oorsprong in Ethiopië.  Tot zo ver de ‘trivial pursuit’ weetjes, want waar de term UB 40 voor staat weten jullie wel, toch ? Juist !

Maar ik zou het over het concert hebben, de gordijnen floepen open & front staat Brian Travers met zijn sax in de aanslag, van bij de eerste noot herkennen we “Food for thought”, het meezingen kan beginnen & de toon van de avond is gezet. Echt swingen doen ze niet op het podium, een stapje naar links & een stapje naar rechts, meer is het niet, maar wel in de maat, dat dan weer wel . . . Mooie bezetting trouwens, percussie & drums flankeren de blazers en de sax, er is een gitarist & bassist, broer Duncan beperkt zich tot zang & broer Robbin doet de leadgitaar, zingt en mompelt de bindteksten. Broer Ali doet niet meer mee, deze zien ze enkel nog in de rechtszaal omwille van hoe kan het ook anders financiële geschillen. En dan is nog de oudste Campbell, broer David, het zwarte schaap van de familie, in plaats van leadzanger te worden koos hij de weg van het snelle geld, via een gewapende overval, de snelste weg naar de gevangenis bleek achteraf . . . Maar dit geheel terzijde.

Na de eerste nummers wordt Antwerpen welkom geheten met het verzoek om een beetje mee te zingen & te dansen, wat dan ook volop gedaan wordt op “Cherry oh baby”. Waarna er enkele nummers volgen uit het laatste album, ‘Getting over the stom’, dat dit laatste album al weer dateert van 2013 kan de pret niet drukken. Na de meezinger “Sing our own song” krijgen de romantische hardcore fans hun momentje van liefdesliedjes met onder andere “Bring me your cup” .
Met een knipoog naar hun goede vriend, maar jammer genoeg veel te jong overleden Robert Palmer (1949-2003) volgt het immer mooie “I’ll be your baby tonight”. Vervolgens komt de bassist (Earl Falconer) met “Reggae music” in de spotlights, hij rapt, swingt en zingt zich een eind in het rond, ook het nummer “Baby” neemt hij voor zijn rekening. Na deze performance mag ook de percussionist (Norman Hassan) even in het voetlicht treden, hij moet zich jammer genoeg beperken tot 1 song want hij heeft te kampen met een zware verkoudheid waardoor hij praktisch geen stem heeft. Maar hij perst er alles uit bij “Boom Shaka Lacka” en compenseert het gebrek aan zang met wat extra danspasjes.
De band lijkt één grote familie die er lol in heeft en ze lachen wat af zo onder mekaar, dat draagt natuurlijk alleen maar bij aan de sfeer. We krijgen nog “Here I am” met veel sax en blazers, in één beweging brengen deze laatsten de dames op de eerste rijen in vervoering. De bezwete handdoekjes worden gretig opgevangen (jakkes) & wellicht als relikwie bewaard, tja elk is fan op zijn of haar manier, toch ? Met hoe kan het ook anders “Red red wine” (geschreven door Neil Diamond) verlaten de heren het podium, maar gelukkig niet voor lang, want we misten nog een topnummer.
En inderdaad op de tonen van “Don’t break my heart” komen ze één voor één terug hun plek innemen, waarna we nog “Kingston town” krijgen, één van de blazers filmt ondertussen het voltallige publiek met zijn I-phone en daarmee blijf je harten winnen natuurlijk.
Als toemaatje zingen we uit volle borst mee op de immer populaire Elvis cover “Can’t help Falling in Love”.

Goed gemutst verlaten we de Roma, dit was een hartverwarmend concert, blij dat ik er bij was.

Setlist : Food for thoughts / One in ten / Maybe tomorrow / Come back darling / Cherry oh baby / Midnight rider / Blue eyes crying in the rain / Sing our own song / Bring me your cup / Love is all is all right / Impossible love / Sweet sensation / I’ll be your baby tonight / Reggae Music / Baby / Boom Shaka Lacka / Here I am / Red red wine
Extra : Don’t break my heart / Kingston town / Can’t help falling in Love

Organisatie: 
Greenhouse Talent + De Roma, Antwerpen 

UB40

UB 40 – Van links naar rechts, maar op en neer

Geschreven door

Revivals, de jaren 2000 staan er bol van en ook UB40 sprong mee op de kar van de comebacks. Hoewel de Engelse reggaeband uit de jaren tachtig plots verder moest zonder leadzanger Ali Campbell en Michael Virtue staan ze er weer. Met ups en downs, zo bleek de laatste januariavond in de Brusselse AB.

Eigenlijk zijn ze nooit weggeweest, maar de heupwiegende hits van de eighties vielen wat stil en er kwam te veel geruisloos nieuw materiaal. Vier jaar geleden stapte zanger Ali Campbell ook op en een groep die zijn boegbeeld verliest, is zijn gezicht en vooral zijn eigenheid kwijt. Normaal gezien toch.
Maar kijk, Ali heeft een broer (Duncan) en wil diens stem nu wel doodeng op die van Ali lijken. Duncan werd de nieuwe frontman en dat deed hij in de AB – ondanks een mitella om de hals en arm om de pijn van zijn ribbreuk te verzachten – met verve. Aan de veren kent men de vogels en in dit geval zingen ze met eenzelfde bek.
Afrikaanse percussie links, de drums rechts en daartussen nog een achttal muzikanten die - tegen de achtergrond van een zwartwitte mega-close-up van een palmboom - zich vrij van voor naar achter bewogen en die samen het hele concert door zachtstappend van links naar rechts wiegden. Van voor naar achter, van links naar rechts, maar de gig ging zelf van boven naar onder en terug, want halverwege (toevallig met het nieuwere werk?) zakte de reaggepudding in.
Nostalgie, we geven het toe, die meezingtunes van de Britten  die toen nogal maatschappijkritisch  waren (UB40 komt van Unemployment Benefit, een papier voor werkloosheidsuitkering)  , al bestond de hoofdmoot van hun recept er toen in om songs uit de zestiger jaren (en niet van de minste – Bob Marley, Sonny & Cher, Jackson 5…) te overgieten met een reggae- en zelfs ska-sausje. Het smaakte toen, het smaakt nu nog; Het zijn klassiekers.
Na een vrij bombastisch aandoende intro zette de band zich in het vriezende Brussel klaar en meteen steeg de temperatuur met hits als “Here I am, Baby (come on and take me)” en “Sing our own song”. Duncan Campbell zong in dezelfde vertellende manier als zijn broer, als was hij zelf de originele stem van UB40.
Het duurde vier nummers eer het publiek toegesproken werd en de band verontschuldigde zich meteen voor het halfuurtje vertraging. ‘Hopefully we will hear you sing tonight’. Het volgende trio nummers was net iets minder meezingbaar, maar op “Cherry Oh Baby” wuifde de zaal graag terug.
Een onverlaat wou dan even met zijn groene laserstraal het boeltje opvrolijken, maar die werd met gedecideerde hand diets gemaakt dat dit de sfeer niet ten goede kwam. Tijd voor het (zang)rollenspel, want Duncan nodigde een drietal van zijn kompanen uit aan de microfoon en dat was niet altijd een geslaagde zet, ook omdat het genre plots veranderde. En bij die nieuwe nummers werd bijwijlen zonder schroom gepikt van hun oudere hits en van bijvoorbeeld Desmond Dekkers “Israelites” (“Morning Lights”). Dat Maxi Priest een tijdje hun reggae-adviseur was, kan enkel beschouderklopt worden, maar toch, het concert gleed wat naar af, zeker toen de bassist met een onvaste kopstem ging joelen.
Maar net op tijd zetten ze “Kingston Town” in en kregen we weer de UB40 die iedereen kent en weet te pruimen. Het tweede luik ging weer crescendo met – tja, kan het anders ? – hun meezinghits: “Food for thought”, “Madam Medusa”, “Rat in mi kitchen”.  En met “Red Red Wine” als afsluitdrink na een dik anderhalf uur.
Nog drie bisnummers volgden en die hielden dat niveau aan, al konden we ons niet van de indruk ontdoen dat de geluidsman de echoknop bij momenten iets te ver open draaide.

Conclusie: ze brachten twee jaar geleden ‘Labour of Love IV’ uit en ze zijn bezig met een nieuw album (waaruit ze “Blue Eyes” speelden), maar UB40 moet het toch hebben van hun grootsheid van dertig jaar geleden. Tijdens de dieptepunten in hun concert borrelde de gedachte op dat ze toen eigenlijk amper als hun eigen voorprogramma zouden mogen spelen.


Setlist
1. Here I am baby (come on and take me) 2. Sing our own song 3. One in ten 4. Wear you to the ball 5. Homely Girl 6. The way you do the things you do 7. Cherry oh baby 8. Cream Puff 9. Maybe Tomorrow 10. Blue Eyes 11. Higher Ground 12. Boom shaka boom 13. Morning lights 14. Reggae Music 15. Baby 16. Kingston Town 17. Food for thought 18. Madam Medusa 19. Rat in mi kitchen 20. Red Red Wine
Bis 21. Please don’t make me cry 22. Easy Snapping 23. Can’t help falling in love

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/ub-40-31-01-2012/

Organisatie: Live Nation