logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
Gavin Friday - ...
CD Reviews

Ixotopia

Choris Tachytita

Geschreven door

Het Griekse duo Ixotopia (afhankelijk van de schrijfwijze vind je ze soms ook als Hxotopia) heeft een intrigerend concept. Oorspronkelijk maakten ze synthwave met dialoogstukjes uit oude films. Dat gaf hun een neo-noir-sound. Hun nieuwe album ‘Choris Tachytita’ (ook wel Horis Tahitita) is net iets anders, maar nog steeds verrassend. De filmdialogen werden vervangen door de stem van George Grammatikakis (professor, schrijver en politicus). Zijn bijdragen zullen voor de Belgische luisteraars misschien wat exotisch en intrigerend klinken, het blijft vooral jammer dat we er weinig van begrijpen.
Ixotopia haalt zijn inspiratie uit zowat de hele elektronische muziek. Soms hoor je echo’s van Telex en Kraftwerk (op ”Mesa”), dan weer zijn er stukken die doen denken aan Kavinsky en Air. Als ze meer naar de ambient soundcapes gaan, hoor je wat Brian Eno. De smoothe synthwave van Enzo Kreft telt ook als referentie. Toch klinkt het nergens voluit retro. De muziek van deze Grieken is goed doordacht en verfrissend. De tracks lopen over van de catchy melodieën en verrassende en toch organische hooks en breaks.
Er zit zelfs een cover verscholen op het album: “Direct Lines” van de Britse 80’s-synthpopband The Electronic Circus wordt hier “Eftheies Grammes”. Als je deze band online wil ontdekken, begin dan bij “Volta” en “Atmos”.

Fenella

Fenella

Geschreven door

Jane Weaver kennen sommigen van haar solowerk dat schippert tussen folk en elektronica. Weaver is ook de drijvende kracht achter Fenella, een trio dat zich waagt aan een ‘nieuwe soundtrack’ bij de psychedelische Hongaarse tekenfilm ‘Fehérlófia’ uit 1981. De cultfilm inspireerde sinds zijn release al menig artiest tot een muzikale bewerking. Nu de film een opknapbeurt kreeg, komt het op deze klassieker gebaseerde vinyl van Fenella netjes op tijd.
Verwacht geen folktronica zoals Weaver brengt bij Misty Dixon, hoewel dat ook had gekund. De Britse countert het visuele van de animatiefilm met koude soundscapes en zuinig gedoseerde ijzige stemmen. Weaver en haar twee bandleden bij Fenella begeleiden de film met regenachtige soundbytes van vervormde synths en niet meer te herkennen gitaren. Het wordt gelukkig wel niet te zwaar op de hand, maar ook weer niet voluit vrolijk. Een paar keer is er een aanzet van wat een complete song zou kunnen zijn, maar dat was waarschijnlijk geen absolute must in dit concept.
Deze nieuwe begeleidende soundtrack is zonder meer intrigerend en spannend, op een wazige, dromerige manier. Als je de oorspronkelijke geluidsband van ‘Fehérlófia’ wegdenkt en bij het luisteren van dit vinyl die beelden in je hoofd oproept, krijg je een heel andere invalshoek, die het psychedelische en mythologishe van het Hongaarse verhaal nog versterkt.

The Dirty Denims

Ready Steady Go!

Geschreven door

The Dirty Denims hebben een nieuw half album klaar. Net als bij ‘Back With A Bang’, het vorige album van deze Nederlandse happy hardrockers, krijgen we eerst een EP met zes nummers en dan later het volledige album. Ook muzikaal is er weinig veranderd: The Dirty Denims brengen potige en aanstekelijke hardrock in het straatje van AC/DC, The Darkness, Suzy Quatro en Joan Jett. Een beetje retro dus.
In de lyrics hoor je uiteraard verhalen over drinken (“Last Call For Alcohol”) en snelle wagens (“Ready Steady Go!”), hoe zou het anders kunnen voor een hardrockband. Maar het gaat soms ook dieper dan dat bij deze Dirty Denims. “Too Much Information” gaat over het ongewild moeten meeluisteren naar persoonlijke gsm-gesprekken als je het openbaar vervoer neemt. “Turn Off The Radio” is dan weer een sneer naar radiozenders die geen rock meer draaien (StuBru mag zich aangesproken voelen).Bij een songtitel als “Thunder From Down Under” zou je je al vanalles kunnen voorstellen, maar het is een al bij al brave ode aan de rockbands uit Australië.
Een leuke knipoog is wat ze zelf de kater-versie noemen van “Last Call For Alcohol”, met enkel een akoestische gitaar, een percussie-eitje en de stemmen van de twee dames in de band.

The Sheila Divine

The Beginning of the End is Where We’ll Start Again

Geschreven door

Deel 1 van The Sheila Divine was kort maar krachtig en duurde van 1997 tot 2003. Het bevatte twee albums en een EP. Iedereen uit die periode zal zich de heerlijke single “Like A Criminal” en “Hum” ongetwijfeld nog herinneren. Hun muziek sloot aan bij de alternatieve rock uit die tijd zoals Sugar, Live en The Afghan Whigs. Hun succes is wel nooit zo groot geweest als deze bands. Na 2003 volgde een hiatus waarin de bandleden zich bezig hielden met hun gezin, job, mid-life crisis etc…
In 2010 startte deel 2 en werd de band nieuw leven ingeblazen. Ze brachten in 2012 en 2015 nieuw werk uit. In 2017 waren ze op tournee naar aanleiding van hun 20ste verjaardag. Nu is er dus terug een nieuw album, hun vijfde, waarmee ze langs de zalen trekken.

Aaron Perrino vertelt dat hij grote bewondering heeft voor Nick Cave omdat die beter wordt met de ouderdom. Dat was voor hem een drijfveer om verder te doen want Perrino worstelde toen met psychische problemen en met zijn ouderdom. Hij vroeg zich af of je nog serieus kan genomen worden als een ouder wordende rock muzikant. Je hoort dit allemaal in de muziek van de nieuwe plaat. Waarin hij tekstueel doordacht, mijmerend en bij momenten haast filosofisch uit de hoek komt. Luister maar eens naar het nostalgisch en mijmerende titelnummer dat de plaat opent. Daarin vertelt hij hoe hij ze begonnen met muziek en hoe het nooit de bedoeling was om beroemd te zijn. Ook hoe hij niet meer is wie hij toen was maar wel nog vasthoudt aan die gedachte van toen. Muzikaal is de song niet mis maar kabbelt ze wat voort. Voor mij is het de tekst die ze echt de moeite maakt. Op “There’s More Than Suffering” maakt de vrijblijvendheid plaats voor rock. En het nummer klinkt vrij vintage. Een mooie song met een heerlijk refrein. “Melancholy, MA” is een krachtig statement tegen een falende overheid met een plezant galmend gitaartje. “Summer of 93” is hun “Summer of 69”. Heel leuk zijn de verwijzingen naar albumtitels: ‘Siamese Dream’, ‘Teenage Dream’, ‘Live Fast and Die Young’ die brengen van 1993 tot 2003. Van een jongen vol verwachtingen tot iemand die nog verwachtingen heeft maar ook volwassen is geworden. “Blow it Up Again” wordt gered door een fijne vocale overgang tijdens ‘It’s you and me’. “Age is Just A Number” is hun vooruitgeschoven single/video. Het is een van de sterkste nummer. Het bevat mooi baswerk en tempoversnelling tijdens het refrein. Echt een nummer uit de goede oude doos van Sheila Divine. Hier voel je echt de oude band tot leven komen. Ook “This Moment This Place” is aangenaam luisterwerk. Denk aan The Stereophonics tijdens een uptempo nummer. “The Beat Goes On” is een eerder semi-akoestisch nummer. Wat introverter maar zeker de moeite waard. Op “Kurt Cobain” vraagt de zanger zich af wat er van al die dode popsterren zou zijn geworden mochten ze in leven gebleven zijn. “Love You To Pieces” is een melancholisch liedje over liefde en zijn moeilijkheden.
We horen een band dat zijn mid-life crisis verwerkt heeft in zijn nieuw album. Een album met een zeker melancholie en ook een vorm van bezadigdheid. Je krijgt het gevoel dat Aaron nu tevreden is met hoe het gaat en terugkijkt met een zekere weemoed naar toen hij jong was. Dat maakt wel dat je niet veel van terugvindt van het jonge vuur dat in hun beginjaren in hun muziek zat. We krijgen gelouterde en volwassen nummers te horen. Maar het album is tekstueel geslaagd, eerlijk en muzikaal is het degelijk met hier en daar wat uitschieters zoals “Age is Just A Number”, “Melancholy MA” en “There’s More Than Suffering”.

Cathubodua

Continuum

Geschreven door

Steeds meer Belgische metalbands worden opgepikt door buitenlandse labels. Epic-symphonicmetalband Cathubodua kan terecht bij het gereputeerde Massacre Records voor zijn debuutalbum ‘Continuum’. Dat is het vervolg op de EP ‘Opus 1: Dawn’ uit 2016. Die zat meer in de sfeer van de medieval- en folkmetal, terwijl de band daar vandaag toch grotendeels uitgegroeid is.
Op ‘Continuum’ horen we gelaagde, symfonische metal, met nog flinke dosissen folk-, power- en progmetal. Zelfs fantasymetal  zou een juiste term zijn als je vooral op de lyrics focust. Sara Vanderheyden is één van de grote troeven van Cathubodua. Niet alleen stemtechnisch maakt ze op dit album een grote sprong vooruit ten opzichte van de EP uit 2016, ze heeft ook het talent om je mee te zuigen in de fantasierijke en doorgaans romantische verhalen die ze vertelt.
“Abyss” en  “Hero Of Ages” zijn beide mooie cocktails van agressie en melodie, van dramatische breaks en bijtende riffs. Vanaf “Hydra” krijgen de tracks nog meer tempo en hier hoor je Sara die de hoogste regionen van haar stembereik verkent. Vaak lijkt het alsof de Cathubodua rust op synths, maar het kan net zo goed een vervormde viool of gitaar zijn. Folkelementen hoor je het meest prominent terug in”The Fire” en “My Way To Glory”.  “A Treacherous Maze” klinkt een beetje Oosters.
Voorbij de helft van het album wordt er opgebouwd naar een knallende finale, waarbij de aanloop wordt ingezet met “Legends” en “Nightfall”.  Op “A Tale Of Redemption” wordt een laatste keer gas teruggenomen om via het wisselvallige “Deified” uit te komen bij het magistrale “Apotheosis“.
Cathubodua zal voor veel Vlaamse metalheads nog een ontdekking zijn, maar met een album als ‘Continuum’ zal het aantal fans snel aangroeien.

Jinjer

Macro

Geschreven door

De uit Oekraïne afkomstige progressieve metal band Jinjer bracht eerder dit jaar zijn tweede plaat op de markt: 'Micro'. Logisch gevolgd door een volgende schijf die nu op de markt kwam: 'Macro'. De band is aan een steile opmars naar boven toe binnen de metal scene en bewijst met deze knappe schijf waarom.
Jinjer het label progressieve metal opkleven is hen namelijk tekort doen. We horen invloeden die gaan van deathmetal, naar groovemetal en naar flirten met nu-metal. En dat maakt zowel de band als deze plaat zo een bijzonder pareltje om te koesteren. “On The Top” laat al een gevarieerd aanbod horen waarop niet alleen de verschroeiende riffs door je hart klieven maar vooral die bijzondere vocale inbreng van zangeres Tatiana Shmayluk de sound van deze band en plaat zo uniek maakt. Mede omdat ze zowel cleane vocale aankleding als oorverdovende screams bovenhaalt, doet ze enerzijds de aarde onder je voeten beven van angst maar streelt ook zacht je ziel op een zalvende wijze.
Die veelzijdige aanpak had hen geen windeieren gelegd en ook op deze nieuwe 'Macro' blijft het zeer gevarieerde aanbod door middel van songs als “Judgement (& Punishment)”, “Retrospection” en “Pausing Death” de reden waarom we van begin tot einde op het puntje van onze stoel zitten te genieten. Een elan waarop Jinjer over de gehele schijf tekeer gaat. Dit is bovendien het soort gevarieerde metal dat er trouwens voor zorgt dat de toekomst van het metalgenre er rooskleurig uitziet. Want in tijden waarin oude bands langzaam afhaken, is er behoefte aan potentiële opvolgers die het metal genre de injectie kunnen geven die het nodig heeft.
Jinjer is zo een band die elke liefhebber van het hardere of zeker de extreme kant daarvan, over de streep zou moeten trekken. Met deze klasse progressieve, death en groovemetalschijf wordt dat meermaals in de verf gezet. Het feit dat de band trouwens voortdurend buiten de lijntjes kleurt, de bijzonder tot de verbeelding sprekende vocale inbreng en een perfecte instrumentale kers op de taart zorgen er dan ook voor dat we deze band een gouden toekomst voorspellen.

RAMAN

Birth of Joy (EP)

Geschreven door
De Gentse band RAMAN timmert al een paar jaar aan de weg. In eerste instantie bouwde de band een stevige live-reputatie op, won verschillende wedstrijden en vond het nu tijd worden om eindelijk een eerste EP op de markt te brengen.

Eerder werden al twee singles uitgebracht waaronder: 'Maestoso'. De recensie hiervan kunt u hier nog eens nalezen: http://www.musiczine.net/nl/cd-reviews/item/76081-maestoso-single.html.
De debuut EP 'Birth of Joy'  kwam in november op de markt. We gaven het kleinood enkele luisterbeurten en stellen vast te maken te hebben met een band die een muziekstijl brengt waarop je geen label kunt kleven. Dat laatste trekt ons zelfs nog het meeste over de streep. Dit trio bestaat uit één voor één klassemuzikanten. Simon Raman is niet alleen een gitarist die een klankentovenaar blijkt te zijn, ook zijn heldere stem doet je wegzweven naar andere oorden, zonder de ziel van pure rockmuziek uit het oog te verliezen. Geruggesteund door drummer Bernd Coene en bassist Jasper Peeters ontstaat een hemelse kruisbestuiving die ons doet uitzien naar een gouden toekomst. Dat de heren lang hebben kunnen werken om al die songs te perfectioneren, het werpt zijn vruchten af. “Birth Of Joy” is een binnenkopper van formaat, waar rock en emoties met elkaar worden verbonden tot een magisch geheel.
Want het meest opvallende aspect aan deze band en EP is inderdaad het verbinden van die dunne lijn tussen melancholie en weemoedigheid met krachtige rocklijnen die je doen headbangen in de huiskamer. Die hoekige rockmuziek hoor je bijvoorbeeld ook terug bij “Without Whiskey” en “Maestoso”. Het bewijst nogmaals dat RAMAN van vele markten thuis is.
In de bijgevoegde omschrijving lezen we het volgende: ''RAMAN is rauwe emotie, een no nonsense gitaargeluid, melancholische instrumentale intermezzo’s en een stem die je nooit meer loslaat als hij je eenmaal vastgrijpt. Hun ‘back to basics’ attitude zorgt voor een rauwe maar soulvolle sound die geworteld is in blues- en rootsmuziek die je doet denken aan oudere zielen als Chris Whitley, Jeff Buckley en een vroege Triggerfinger" . Een stelling die zeker steek houdt, maar vooral beschikt deze band over een eigen rocksmoel, en is niet vies van je hart eveneens sneller te doen kloppen. Daardoor kan een ruim publiek worden aangesproken. Dat laatste merk je bijvoorbeeld bij het zeer emotioneel startende “Pieces” waar weer die bijzonder breekbare en hoge stem van Simon je meerdere kroppen in de keel bezorgt. Wederom geruggesteund door een muzikale omlijsting die perfect past binnen dat plaatje, worden langzaam maar zeker alle registers open getrokken tot de  vulkaan compleet losbarst in een verschroeiende climax waarbij geen geluidsmuren sneuvelen maar harten wel geraakt. Dit allemaal in het verlengde van bovenstaande voorbeelden, en daar is uiteraard nooit iets mis mee. RAMAN bewijst trouwens dat eerst een live reputatie opbouwen, en noest werken aan songs ervoor zorgt dat het perfecte product kan afgeleverd worden. Luister maar naar wederom een knap in elkaar gebokst meesterwerk als “Big Sky Country”. Weer zo een song die letterlijk alle hoeken van de kamer uitgaat. Dat laatste zet de band in de verf bij “Come Back Home”, waar je ook de jazzinvloeden voelt naar boven komen.
RAMAN is zonder meer een band die graag buiten elk lijntje kleurt en daardoor je voortdurend, zeer bewust op dat verkeerde been zet. De aanhoorder die in hokjes wil denken of houdt van een label kleven op een band zal het daar wellicht moeilijk mee hebben.
De rock- en alternatieve rockliefhebber echter die houdt van bands die voortdurend uit de comfortzone treden, die zullen watertanden bij zoveel veelzijdigheid.
Ook wijzelf waren dus vooral onder de indruk over deze EP net omdat RAMAN op avontuur trekt in een landschap waar rock en melancholie hand in hand dansend de horizon tegemoet gaan.

Megalith Levitation

Acid Doom Rites

Geschreven door

De Russische doomband Megalith Levitation wordt in de biografie als volgt omschreven: ''live rituals erase the thin line between illusion and reality, guiding the audience through parched walkways of eternity. Psychedelic sermons that take your mind on a trip to unknown recorded on a debut album of occultists from Chelyabinsk.''
Daar hebben wij, wat de introductie van deze band betreft, niets aan toe te voegen. Met 'Acid Doom Rites' brengt de band een instrumentaal doomalbum uit dat traag als een gif naar boven drijft, waarna ijzingwekkende klauwen je de adem ontnemen, binnen songs van circa zestien tot vijfentwintig minuten. Dan moet je wel sterk in je schoenen staan om de aanhoorder niet in slaap te wiegen.
Het is de hypnotiserend inwerking van de songs die daar voor zorgen. Zo voelt althans “Spirit Elixir Drunkard” aan. Een zestien minuten lange trip die je letterlijk moet ondergaan om het te begrijpen. Ook wij legden even de pen neer, om deze lange wandeling tot ons te laten doordringen. Want eerlijk? Dat is echt nodig. Deze songs zijn zo opgebouwd dat ze het best floreren in een donkere en intieme omgeving, waarbij je met de ogen gesloten je gewillig kunt laten in een duistere trance laten meevoeren en tot gemoedstrust laten brengen. Want aan geluidsmuren afbreken doet Megalith Levitation zeker niet. Maar aan loom en dreigend je onderdompelen in bijzonder donkere gedachten, die de fantasie prikkelen dan weer wel.
De songs zijn quasi instrumentaal gebracht, behalve een akelig vocaal geluid uit het duister, dat bijna fluisterend de haren op je armen doet rechtkomen van pure angst. Dat is de zwartgeblakerde draad op elk van de lange songs trouwens. Ook bij “Eternal Trip/The 4-th Plateau”, een huzarenstuk van vijfentwintig minuten lang, is dat het geval. Nee, wie graag uit de bol gaat en houdt van een gevarieerd aanbod komt niet echt aan zijn trekken, want het gaat allemaal nogal de monotone en trage weg op bij deze band.
Wie echter houdt van zich neervlijen in dampen van intense, intieme doomklanken die een duistere gemoedsrust doen neerdalen in zijn of haar hart, die zal in dit langdradige kunstwerk van een donker allooi zeker zijn gading vinden. Dat wordt verder in de donkere verf gezet bij “Acid Doom Rites”, een song van amper elf minuten lang, en de afsluiter “Smouldering Embers /Pyromagic”. Dat is weer zo een klepper van drieëntwintig minuten lang.

Popol Ace

Silently Loud

Geschreven door

Doet de naam Popol Ace geen belletje rinkelen? Dan zal de naam Popol Vuh dat wellicht wel doen. De Noorse progressieve pop/rockband bracht namelijk reeds vanaf 1972 platen uit onder die naam. Om de verwarring met de Duitse band met dezelfde naam te voorkomen, verschenen twee latere albums onder de naam Popol Ace. De Noorse band haalt invloeden uit pop, opera, jazz en dergelijke meer. En worden in sommige media vergeleken als een mix tussen Genesis, Chicago en Procol Harum. In 2003 mocht de band twee optredens verzorgen met The Norwegian Radio Orchestra (KORK) in Oslo en Drammen. Dat werd vastgelegd op het album 'Silently Loud'. Een must have pareltje voor wie houdt van de sound uit de '70's zo typisch aan voornoemde bands.
Deze band was mij eigenlijk onbekend en dat blijkt toch een zeer groot gat in mijn cultuur te zijn. Want een song als “Bury Me Dead” doet ons rock/jazzhart al sneller slaan. Op de gehele plaat blijkt hoezeer Popol Ace een even toonaangevende band blijkt te zijn in dat genre, dan die voorbeelden uit die gouden jaren '70. Elke song doet ons van verwondering, een traan wegpinken en bezorgt je dat kippenvelmoment dat deze bands ons ook bezorgden. Is dat door lekker rockend het tempo op te drijven, of eerder door een intieme maar o zo wondermooie omkadering rust te brengen in ons gejaagde hart zoals bij “I Can See Tears” - prachtig aangevuld door KORK die de songs naar een nog hoger niveau doen stijgen. Nergens valt er een speld tussen te krijgen. Het warme en gemeende applaus dat je na elke song hoort is dan ook gemeend en vanuit het hart. Op dit elan blijft de band trouwens doorgaan tot het eindpunt van “Queen Of All Queens”.
Op “Silently Loud” worden geen nieuwe Popol Ace-songs naar voor gebracht, maar doet de band de sound van toen wel herleven, binnen een unieke omkadering net door die inbreng van KORK. En daarom is dit een grensverleggende plaat die ieder beetje van zowel het genre als de band zelf met gerust gemoed in huis kan en zou moeten halen. Want deze live-registratie is toch een vrij uniek collectors item dat we niet elke dag onder de neus geschoven krijgen.

Silently Loud
Popol Ace & KORK
Grappa/PIAS
 

Skarbø Skulekorps

Skarbø Skulekorps

Geschreven door

Wat we persoonlijk het mooie en interessante vinden aan jazz is het spelen met uiteenlopende emoties, blazers en trompetklanken die je enerzijds tot tranen toe bewegen en anderzijds doen dansen, de horizon tegemoet. Als een jazzplaat aan die voorwaarden voldoet, dan worden wij gegarandeerd over de streep getrokken. Nu, eerder kwam er via Hubro een schijf uit van Skarbø Skulekorps die op alle vlakken aan deze hoogstaande voorwaarden voldoet.
De band rond drummer Øyvind Skarbø bestaat dan ook uit topmuzikanten die geen jazz spelen maar het echt leven. Met “1-555-3327” worden de heupen aangesproken, want door een aanstekelijke sound met een vocale aankleding daarbovenop is hierop stilstaan onmogelijk. Ook al gaat het over een eerder verdrietig onderwerp. De titel verwijst namelijk naar een persoon die omkwam in een hotelbrand in kamer nummer 3327.  In sombere tijden die eraan komen voelt deze song echter ondanks alles dan ook eerder zeer zonnig aan en doet hij je wegdromen naar verre zuiderse oorden. Dat zuiders temperament zullen we nog een paar keer tegenkomen op deze plaat. Zo ook bij opvolger “Turnamat”. Vooral biedt Skarbø Skulekorps een veelkleurig allegaartje aan waar aanstekelijke dansmomenten worden afgewisseld met intieme momenten die een gemoedsrust over jou doen neerdalen zoals bij het prachtige “Gliploss”, een song die trouwens opbouwt naar een climax, gedreven door de combinatie tussen trompetklanken en een verdovend percussiegeluid. Er is ook de toch unieke inbreng van marsmuziek gebracht door een lokale band. En dat laat toch een andere en onuitgegeven zijde zien van jazz, vinden we toch.
Dit pareltje van een jazzplaat laat een band en bedenker horen die buiten de lijntjes van jazz om, de comfortzone buiten treedt op zoek naar avontuur. Dat is een extra reden om achterover leunende in onze stoel, gewillig te laten meevoeren over de vele kleuren die deze band ons aanbiedt. Of dat door intieme schoonheid is binnen een weemoedige aankleding zoals bij “50 MB RAM” of door lekker loos te gaan. Het zit allemaal verborgen in deze zeer gevarieerde jazzplaat die jazzliefhebbers moet aanspreken die verder kijken dan het genre, en grenzen durven verleggen.
Want dat is wat Skarbø Skulekorps over de hele lijn doet op deze schijf.

Pagina 116 van 394