logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Cure
Editors
CD Reviews

Bill Booth

River Town

Geschreven door

In 2020 verscheen Bill Booth's album ‘Til The Blues Have Gone’ met z'n maatje Bill Troiani, onder The Bills-noemer. Het werd hoog tijd voor z'n eigen solo-cd, 'River Town'. De plaat  bevat 13 nieuwe zelf geschreven songs vol 'swinging blues, roots rock, country ballads and (Irish/Celtic/Nordic) folk tones, with lyrics often inspired by true life events'. 
We hadden al een fijn gesprek met Bill Booth over deze release; lees hier
De plaat is gedrenkt in de tradities van blues en country en is op zich niks vernieuwends of baanbrekends. Hij omarmt wel het genre met liefde en tederheid. Mooi.
Songs als “Ice House”, “Under the Pine” overtuigen meteen; ons blues hart wordt geraakt en geven een kamvuur gevoel .
Op 'River Town' haalt Bill Booth inspiratie uit zijn eigen leven. De teksten zijn gebaseerd op waargebeurde verhalen. Je hoort en voelt die sfeer op o.m. warme songs als “River Town” en “Town Farm”.
Bill Booth trekt de kaart van het betere country en de blues. Het pad wordt behouden grotendeels , maar verschillende uitstapjes mogen er best zijn. Met een knipoog naar de gekende americana. Samen met het persoonlijke verhaal van de man (die meevoert naar allerlei plaatsen en personen), is dit een uiterst aangename, genietbare plaat.
Bill Booth, niet meer van de jongste, straalt een jeugdig enthousiasme uit . De man weet ons telkens te raken en te overtuigen.
Knappe, warme, persoonlijke plaat dus

Tracks: 01. Ice House 02. Peltoma Avenue 03. Under The Pine 04. Ethan Allen James 05. River Town 06. Town Farm 07. St. Albans March 08. Slave To The Man 09. Wyatt Had To Try It 10. Baxter Mountain Range 11. Trouble Downtown 12. Chicken Coop 13. Snake Root Reel

Naragonia

Naragonia & Guests: Live – 20th Anniversary concert

Geschreven door

Naragonia bestaat 20 jaar sinds ze in 2003 de band begonnen. Meestal als duo en soms als Quartet. Pascale Rubens en Toon Van Mierlo zijn de twee mensen achter de band. Ze wilden het jubileum niet gewoon laten passeren en ze organiseerden een avond in de Schouwburg in Leuven waarbij ze talloze gastmuzikanten uitnodigden om hieraan deel te nemen. Met mensen uit de Trad Records stal zoals Maarten Decombel, maar ook muzikanten zoals Simone Bottasso die veel balfolk speelt, bassist Vincent Noiret (jazz en folk), Guy Swinnen (jawel van The Scabs) en nog een tiental andere muzikanten die hier hun bijdrage leveren.
Dit jaar wonnen ze trouwens ook een award ( in de folkmuziek) voor de beste live band van 2023.

Voor dit concert grasduinen ze door hun, inmiddels vrij groot, oeuvre. Ze hebben een sterke live reputatie en dat is niet gelogen. De plaat is opzwepend en met de extra gast muzikanten klinkt alles nog voller en rijker. Vanaf de opener “Naya/Castor” nemen ze je als luisteraar mee. De band sprak van een uitgelaten en extatische sfeer en dat voel je als luisteraar ook. Op “We Map The Stars” zingt Guy Swinnen in duet met Pascale Rubens; net als op de plaat versie die eigenlijk in niets verschilt met deze versie. Zijn lage, warme stem matcht hier goed. Charlotte Van Mierlo zingt op “Is het Nog Ver?” en “Tourbillone” wat maakt dat dit optreden veel variatie en verschillende klankkleuren heeft. Voor de rest passeert uit haast elk album wel een track zoals “Astor” (uit ‘Mira’), “Sahzi” (uit ‘Mirad’), “Gij Met Mij” (uit ‘Idilli’) of “Calimero” (uit ‘Janneke Tarzan’).

Deze live plaat is erg geslaagd vanwege de sfeer, de muziek en de gastmuzikanten. Je waant je haast tussen het publiek tijdens het beluisteren en je voelt het enthousiasme en de samenhorigheid. Het is een warm badje waarin je je kan dompelen en nestelen.
Een topplaat in het genre en een ideale schijf wanneer je eens kennis wil maken met de muziek van Naragonia.

Folk/Volksmuziek

Clan Of Xymox

Exodus

Geschreven door

‘Exodus’ is het nieuwste en 18de album van Clan of Xymox. Veertig jaar na hun start grossieren ze nog steeds in tristesse, tragiek en elegantie. Zoals steeds is alles keurig afgewerkt. Het artwork is stilistisch weer heel smaakvol en passend bij het album. Naast het reguliere album kan je ook de EP “X-odus” verkrijgen met daarop (re)mixes van “X-odus” en “Suffer” door mensen en bands zoals o.a. Traitrs, The Bellwether Syndicate en Curse Mackey.£

Je zou denken: alweer een album van Clan of Xymox? Dat zal opgewarmde kost zijn zeker… Maar met Ronny Moorings weet je dat hij geen half werk aflevert en al zeker geen afdankertjes. Luister maar eens naar de opener “Save Our Souls”. Heel herkenbaar maar toch klinkt het fris en fruitig. Met heerlijke synths en melodieën inclusief een mooie bridge. Tekstueel is het veel donkerder dan de muziek doet vermoeden. “Fear For a World at War” vertolkt wat veel mensen diep van binnen denken. “The Afterglow” heeft een fijne gitaarriedel dat erg gothic rock aanvoelt. “I Can See Miles Across” heeft een mooie harmonische opbouw en doet mij bij momenten wat denken aan het album ‘Desintegration’ van The Cure. Een compliment want dat album behoort tot één van de beste albums die er zijn, m.i. “We Are Who We Are” heeft een goede tekst maar muzikaal voel ik er niet echt iets bij. “Blood of Christ” is een song voor de dansvloer en heeft club aspiraties. Dat geldt ook voor de reeds gekende single “X-Odus”. “I Always Feel the Same” is een poppy klinkend uptempo nummer. Ook afsluiter “Once Upon A Time” valt onder die noemer.

‘Exodus’ is een homogeen album qua productie en sound. Toch kan je de nummers verdelen in enkele vakjes: Er zijn de meer dance gerichte nummers, de poppy songs en de rest die er wat meer naar darkwave en dergelijke neigen. Tekstueel valt er veel te rapen en de songs zitten tevens knap in elkaar. De synthsounds zorgen ervoor dat het geheel toch fris en modern klinkt. Een knap album.

Darkwave/gothic wave

Riptunes

June -single-

Geschreven door

Het debuutalbum van Riptunes uit 2022 werd uitstekend ontvangen en de release-tour en de vele andere shows bevestigden absoluut de belofte van de plaat, met als toemaatje een mooie support voor Strand Of Oaks. Singles als "Sue" en "Sheila" waren als een warm deken. Ook de nieuwe single “June” heeft diezelfde karaktertrek en dezelfde authenticiteit die we op het debuutalbum hoorden.
“June” werd geschreven voor een jong meisje, even oud als Riptunes. Ze ligt aan de basis van het ontstaan van de band. Het meisje werd zo goed als doof geboren. Haar vader vroeg Luc om een nummer te maken voor zijn kersverse dochter. Dit moest het eerste lied worden dat June zou horen na een eerste operatie. Luc ging zoeken in de muziek van Wouter en na het meisje zelf, zag ook het lied én Riptunes als band het levenslicht.
« June » is een nummer dat levenslust uitstraalt en een positieve boodschap naar de wereld wil brengen: de jeugd heeft de sleutels in handen en maakt zich op voor de fluwelen revolutie. Op naar een betere wereld.

https://www.youtube.com/watch?v=g-69khAtErc

Patsy Blackstone

No Regrets At All -single-

Geschreven door

Ruim 20 jaar na haar eerste album en een handvol veel gedraaide singles (o.m. een duet met Paul Michiels) komt de Belgische zangeres Patsy Blackstone met een nieuwe single.
“No Regrets At All” is een co-write van producer Evert Verhees met de Amerikaanse songwriter Michael Garvin die o.m. ook al songs leverde voor Clouseau, Soulsister en Natalia. Internationaal scoorde Garvin hits voor o.m. Jennifer Lopez en Sister Sledge. Garvin schreef in 2007 ook al de single “Singer in the Subway” voor Patsy Blackstone.
Op deze single klinkt Patsy een beetje als Shania Twain, Anouk Alanis Morissette in de jaren ’90: gevatte lyrics en met veel power gezongen. Catchy rokerige bluesrock met ballen.

https://www.youtube.com/watch?v=SrnSdU1WnrY

Handkerchief

Big City Blues -single-

Geschreven door

“Big City Blues” is de eerste single van het gelijknamige nieuwe, vijfde album van de Belgische band Handkerchief dat zal verschijnen op 27 september. Zoals de titel laat vermoeden speelt de grootstad hier een centrale rol in de wereld van de band. Dit resulteert in een wat harder rockende sound, met meer gitaren, maar nog wel steeds met die bluesy feel met een stomende blazerssectie en de ruige stem van Christof Annaert.
Inzake sound komt Handkerchief op “Big City Blues” uit op het kruispunt van Mud en The Sweet met The Sonics: compacte, potige rock die tegelijk wat gladjes en gepolijst aanvoelt omdat ie zo catchy is.

De vorige albums van Handkerchief, ‘Mutiny Ballads & Fishguarding Songs’ en ‘Ghosts Of This Town’ werden al bijzonder goed onthaald door pers en fans. En als we afgaan op deze single, komt dat met het nieuwe album ook wel goed.

https://www.youtube.com/watch?v=TVUtP4jOVjs

Royal Republic

LoveCop

Geschreven door

De Zweedse rockband Royal Republic is niet superbekend in ons land, anders dan in Nederland, Frankrijk en Duitsland. Later dit jaar staan ze in De Casino in Sint-Niklaas en dat is voor de promotie van hun nieuwe album ‘LoveCop’.
Op hun nieuwe album kijkt de Zweedse band door zijn eigen plastic zonnebril en met veel ironie naar de jaren ’80. De hoes geeft al wat weg. Zanger Adam en de rest van de band staan daar centraal met leren jassen die geleend lijken van Rob Halford van Judas Priest of anders van dat ene bandlid van The Village People (Lee Mouton). Daarbij speelt Royal Republic met een paar gedachten.
Het is terugkijken met een knipoog. Al in die periode deden artiesten gewoon hun goesting en toonden ze hun geaardheid, al had het grote publiek dat niet altijd door. Halford en Mouton ontleende hun kenmerkende outfits aan de gay- en SM-scene van die tijd, terwijl het voor velen het nieuwe ‘uniform’ was voor de metal- en disco-volgers. Met eenzelfde je m’en foutisme speelt Royal Republic ook in de lyrics op ‘LoveCop’: er zijn heel wat interpretaties voor elke zin en elk refrein. En heel leuk: ze hanteren daarbij ook het cliché-taalgebruik van de disco en rock van de jaren ’80.
Ook muzikaal grijpen ze schaamteloos terug naar de jaren ’80. Royal Republic stapelt de muzikale clichés uit disco, funk en power-rock op elkaar in overtreffende trappen. Als vingerwijzing naar de heavy metal van die tijd hebben een paar intro’s en fragmenten een cheesy Knuffelrock-sound. Als om te zeggen: daar houden we die generatie voor altijd verantwoordelijk voor en eigenlijk houden we wel van die camp. Ook de eenvoudige ritmes en songstructuren en de refreinen die je meteen kan meezingen van de disco en het overdreven muzikale drama van de funk worden hier heel erg uitvergroot.
Songtitels als “Boots”, “Freakshow”, “Electra” en “LoveCop” hadden zo op een (vroeg) album van Judas Priest kunnen staan. “Love Somebody” en “Sha-La-La-Lady” zijn dan weer onvervalst Hot Choclate-disco-style. Zo stevig als bij Judas Priest worden de gitaren niet, maar deze potige punkrock is wel zo dansbaar als disco.
Maar of ‘LoveCop’ nu helemaal een door de band vooraf bepaalde concept volgt, dat zijn we niet helemaal zeker. Maar ondertussen hebben we met deze ‘LoveCop’ wel een leuk album met een super-productie. Denk het concept weg en je hebt nog steeds een bijzonder aangenaam, energiek en stevig rockend album dat muzikaal in alles het beste van de jaren ’80 naar boven brengt.
Mijn persoonlijke top 3 van dit album is “Wow! Wow! Wow!”, “LazerLove” en “Electra”.

https://www.youtube.com/watch?v=BbpW_ooMb-8

Goudi

Tango de l’envie -single-

Geschreven door

Goudi (Pierre Goudesone) heeft een sterke, derde single uit voor zijn nieuwe, vijfde album. Na het Nederlands/Oostends dialect van het walsende en ietwat treurende “Tango” en van het melancholieke “Blootvoets” kiest hij nu voor de taal van Molière voor een energieke tango met actrice Lubna Azabal. Het swingt en zwiert en intrigeert.
Opnieuw een tango dus en muzikaal is die al net zo klassiek als de eerdere “Tango”, die overigens al de zin ‘tango van het leven’ (tango de la vie) vermeldde. Dat zijn misschien wat veel gelijkenissen om de twee songs samen op één album te gooien, maar net zo goed wordt het grotere geheel voor iedereen duidelijk als dat album in september uitkomt.

https://www.youtube.com/watch?v=quBeAXVuxfE

Ka’Una

Focus

Geschreven door

Ka’Una is de band van Hannes Leroy (ex Thurisaz) die een uitlaatklep nodig had voor zijn persoonlijke angsten en emoties. Hij liet zijn eigen muziek horen aan zijn voormalige bandmaat Mattias en die sprong meteen mee op de kar. Daarna sloot nog een ritmesectie aan met Klaas en Stijn (van Scrape).
Ka’Una brengt een mix van postrock en postmetal met de vocalen vaak als extra instrument. De muziek is heel gelaagd en heel donker. De nummers hebben elk een lange speelduur en hebben flink wat progressieve elementen. Als de intensiteit en agressiviteit het hoogste niveau halen, doet deze muziek mij denken aan de woede-uitbarstingen van Conjurer, ook aan het onbehagen van Lethvm en zeker aan het gitzwarte van het vroegere Sons of a Wanted Man. Er zit niet zo heel veel variatie in emoties, intensiteit en ritmes. Variatie is hier eerder gradatie.
Het nummer dat mij het hardste raakt, is “My Burden”, op dichte afstand gevolgd door de allesverscheurende emotie van “Into Red” en het lang aangehouden adrenalineshot van “A Way”.
“Careless” vind ik wat moeilijker te plaatsen. In de muziek zit daar een zekere melancholieke berusting, die geen match vindt met de intense en urgente lyrics van de eerste helft. Misschien was dat net het contrast dat ze zochten. Dit nummer kreeg overigens een bijzonder knappe outro.

Alweer een sterk album in een genre waarin ons land steeds nadrukkelijker excelleert.
https://www.youtube.com/watch?v=EMmmwhfnimQ

Mould

Pull & Repulsion

Geschreven door

Mould is een nieuwe Nederlandse band met toch ook een paar bekende gezichten. Gitarist Mark de Smit zat een tijdje in de Belgische band Powerstroke, Koen van Soelen kennen sommigen misschien van Swamp Machine, Rob Dekker speelde eerder al in Novaria en ook zangeres/gitariste Jeska Buhmann zat eerder al in verschillende bands. Met ook nog gitarist Juriën Quaars komt het aantal gitaren in Mould op drie. Mould brengt sonic doom en epic sludge en dan kun je nooit genoeg gitaren hebben.
Het debuutalbum ‘Pull & Repulsion’ van de band uit Zeeland komt uit op het Belgische label Polderrecords en de opnames gebeurden in de ICP-studio in Brussel, op aangeven van producer Stephen van Haestregt. Die was enkele jaren drummer bij Within Temptation, Orphanage en My Favorite Scar en zat al in de studio met onder meer After Forever en Ayreon.
Het thema in muziek en lyrics op ‘Pull & Repulsion’ is dualiteit. Er zijn altijd twee kanten aan een verhaal, alles wat bestaat heeft een schaduwzijde, niets is wat het lijkt, … Daar kan je letterlijk alle kanten mee uit en in de breinen van de bandleden van Mould levert dat een heel gevarieerd album op, met veel afwisseling van soorten emoties en ritmes en met scherpte en diepte in de lyrics. Zo hebben wij dat graag.
De toon die gezet wordt op dit album, is er één van aanwezige leegte, donkerte, angst en koude. De muzikale mosterd daarvoor haalden ze bij YOB, Windhand, Neurosis en Thou. Wij horen zelf raakpunten met enkele bands dichter bij huis: onder meer Modder, Lethvm, Splendidula en Doodseskader.
Ondanks de variatie in slow en heavy volgt in de tracks van Mould alles logisch op elkaar, zit er vaak een organische progressie in de melodie en heb je nergens het gevoel dat er willekeurig wat leuke stukken aan elkaar geplakt werden. Elke song heeft bovendien een eigen gezicht en al na een paar luisterbeurten ben je helemaal mee op het door deze band uitgestippelde pad. Ook leuk: op “Abort”, de laatste track van het album, zingt de dochter van Mark en Jeska een stukje mee.

‘Pull & Repulsion’ is een sterk debuutalbum. Mijn persoonlijke favorieten zijn “To Control The Sky”, “Age of Obsidian” en “Face The North”.

https://www.youtube.com/watch?v=YPAdGWCFCxQ

Pagina 31 van 402