logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Stereolab
CD Reviews

Asian Dub Foundation

Punkara

Geschreven door

De Londens Pakastani Asian Dub Foundation grijpt met deze recente cd terug naar hun onvolprezen debuut ‘Facts & Fiction’ (’95). De percussie en de Indiase beats klinken, naast de stevige, directe en militante rockaanpak terug meer door. Hun crossover van rock, hiphop, electro, dub, jungle, ragga en etno klinkt aanstekelijk , groovy, dansbaar en opwindend. Ze houden een vinger aan de wonde van anti racisme, mensenrechten en de oorlog in Irak.
De combinatie bewustwording – muziek blijft iets unieks van dit gezelschap, dat al ruim dertien jaar bezig is. We horen een mooie afwisseling met strakke nummers als “Target practise”, “Burning fence”, “Ease up Caesar” en “Living under the radar”, die soms voorzien zijn van een krachtiger en gierende gitaarloop. Kleur krijgt de plaat door de zalvende Indiase etno beats en percussie op “Speed of light”, “Stop the bleeding” en de instrumentals “Soca” en de “Bride of Punkara”. Enkele de reprise van Iggy ’s “No Fun” is de misser van deze ‘Community’ band, die met ‘Punkara’ tekent voor een erg gevarieerde, kleurrijke plaat.

Beck

Modern Guilt

Geschreven door

Beck Hansen brengt op het eerste zicht misschien geen wereldplaten meer uit als in het begin (‘Mellow gold’, ‘Odelay’, ‘Midnite vultures’), toch weet hij ons telkens te raken , ook al werden de twee vorige cd’s ‘Guero’ en ‘The information’ grotendeels links gelaten door het brede publiek.
Hij is en blijft een begenadigd songschrijver en performer. Vakmanschap en kunde! Het recente ‘Modern Guilt’ is een frisse, leuke ontwapende plaat, klinkt gevarieerd en staat garant voor popsongs, die een rauw tintje kunnen hebben ( “Soul of a man” en “Profanity prayers”) of hij combineert ze met folk, funk, soul, hiphop, dance en psychedelica. Luister maar eens “Orphans”, “Gamma ray”, “Walls” en de titelsong. “Replica” is de meest avontuurlijke song. Brian Burton aka Danger Mouse (van Gnarls Barley ) zorgde voor die formule toegankelijkheid vs heerlijke experimentjes. Overtuigende plaat.

Phoebe Killdeer

Weather’s coming

Geschreven door

Phoebe Killdeer was één van de twee zangeresjes van het Franse Nouvelle Vague. Op haar debuut, die btw werd geproduced door het meesterbrein van Nouvelle Vague, Marc Collin; weet de Australische zangeres/componiste met haar gevoelige stem te raken. Van eigenwijze covers van new wave klassiekers is er op haar debuut geen sprake. De songs zijn een mix van pop, jazz, blues en film noir soundscapes. Ze benadert ergens Waits, Cave, Feist, Joan As Police Woman en Twin Peaks in haar geluid en stem.
De songs klinken broeierig en dreigend (verraderlijk vrolijk!) op “Paranoia” (wat een huiveringwekkende opener), “He’s gone”, “Never tell a lie” en “Looking for a man”. Iets sfeervoller en dromerig zijn “Jack” en “Lilorice skies”. De donkere songs “Stuck inside” en “He’s late” worden bepaald door toetsen, cello, xylo en soundscapes. “How far” is de meest poppy song van de plaat. En op het eind horen we Killdeer op haar best, met een acapella “Somebody”.
Het zuchtende , kreunende meisje op de platen van Nouvelle Vague onderstreepte dat ze meer in haar mars had en ze deed dat met een geslaagde debuutplaat die qua songstructuur en stemkwaliteit hoog scoort.

Oceans Of Sadness

The Arrogance Of Ignorance

Geschreven door

Het gebeurt heel zelden dat er in België een album wordt uitgebracht dat origineel en dan nog eens supergoed is ook. Zo’n momenten moeten we koesteren. Want Oceans Of Sadness, die al jaren aan de top van de Belgische Metalscene staat, heeft onlangs zo’n album uitgebracht. Dit met de titel ‘The Arrogance Of Ignorance’. Eenzijdige zielen hoeven al niet verder te lezen, want dit is een album met inhoud en diepgang.
Opener “Roulette” maakt ons meteen al duidelijk dat dit geen basic Metalplaat is. Na een jazz organ intro gaan we over van rust naar… tjah, Metal natuurlijk! Naast de gebruikelijke tempowisselingen krijgen we ook weer voldoende meezingelementen. ”Self-Fulfilling Prophecy” is zo’n nummer dat wat moet groeien. Maar na enkele luisterbeurten weet het me toch vast te grijpen met o.a. het refrein en enkele experimentele riffs die hand in hand gaan met het keyboard. “Subconscious” kan door gaan als de ‘single’ van het album(moest die er geweest zijn). Deze blijft lekker hangen. Ook hier krijgen we de eerste guest appearance op dit album, namelijk die van Annlouice Loegdlund, wiens passage voor een leuke aanvulling zorgt. Haar tweede zangstuk doet me zelf wat denken aan het oude werk van Nightwish.
”Some Things Seem So Easy” is een nummer van een heel ander kaliber. Dit is het meest complexe en afwisselende nummer van de plaat, wat toch al iets wil zeggen. Het is een sfeervolle reis doorheen zacht en hard, agressie en emotie. En zanger Tijs Vanneste bewijst dat hij het lang niet slecht zou doen als zanger van een Black Sabbath/Ozzy Osbourne coverband. Dit kan gerust tot één van de beste Oceans Of Sadness nummers gerekend worden. “The Weakest Link” is dan weer voor het grootste deel lekker up-tempo en tot mijn verbazing zitten er enkele polka invloeden in. Maar verwacht daarom nog geen Finntroll toestanden. Het is en blijft Oceans Of Sadness, dat doorheen de jaren toch een eigen sound en stijl heeft weten te verwerven. ”Between The Lines” start met een riff die me wat doet denken aan een nummer op Therion’s laatste album, “Gothic Kabbalah”. Ook komen er enkele Oosters klinkende lead guitar stukjes voorbij de revue. Volgende nummer is “In The End”. Wat een riff! Dit is gewoon een catchy nummer dat ook een gastbijdrage bevat van niemand minder dan Johan Liiva. Met “From Then On” komen we aan bij het zwakste, euh… ik bedoel minst goede nummer van de plaat. Allemaal wel heel sfeervol en zo, maar dit nummer is toch wat minder als je het vergelijkt met de andere nummers. Maar misschien is dit gewoon een nummer dat nog wat langer moet rijpen. “Failure” is een heavy nummer met o.a. roepkoorzang(ik weet niet hoe ik dit anders moet beschrijven) en een gezonde dosis Oceans Of Sadness om ons nog eens duidelijk te maken dat dit album gerust in de cd-speler mag blijven zitten. Helaas zijn we met “Hope” aan het einde gekomen van deze trektocht door het muzikale kunnen van Oceans Of Sadness. Een sfeervol pianostukje dat ideaal is als outtro vertelt ons dat het tijd is om weer naar nr. 1 te gaan.
Is er dan werkelijk geen punt van kritiek te bespeuren op dit album? Ik ben van mening dat dit hier niet het geval is. Met ‘Arrogance Of Ignorance’ heeft Oceans Of Sadness werkelijk zijn hoogtepunt bereikt. Het is in ieder geval al uitkijken naar de volgende plaat, laat ons hopen dat dit hoge niveau behouden zal blijven…

Wovenhand

Ten Stones

Geschreven door

Al een hele poos zei de domineeszoon en religieus predikant Dave Eugene Edwards 16 Horsepower vaarwel en kwam voor de dag met het (nog meer) mystieke en mysterieuze Woven Hand, die een geheel brengt van americana, gospel, kerkmuziek, gothic en pop. De vorige cd klonk huiveringwekkend door de begeesterende gitaartokkels, de diepe bas, de bezwerende percussie, banjo, accordeon en toetsen. Een duistere sound, dat bij ‘Ten Stones’ iets minder het geval is.
Woven Hand rockt als 16 Horsepower van vroeger. De songs zijn directer, ondanks dat de onderhuidse spanning en de verbijsterende vocale voordrachten van Edwards behouden blijven; hij verloochent die gospelachtige kerkmuziek niet. ‘Ten Stones’ bevat dreigende rock met een beklemmende melodie, iets minder subtiel en donker dan vroeger. Het blijft een adembenemende en unieke overrompelende luisterervaring: “The beautiful axe”, “Not one stone”, “Cohawkin road” en “Kicking bird”. Variatie is er met het dromerige “Quiet nights of quiet stars” en het sfeervolle “Iron feather”. Edwards geeft op “White knuckle grip” een zwierige tint. De donkere soundscapes op “Kingdom of ice” en de huiveringwekkende outtro hebben dan terug iets apocalyptisch.
Hemel, aarde, hel en verdoemenis, je hebt ze allemaal samen op de zondagsmis van deze songschrijver Dave Eugene Edwards. Verbijsterend plaatje!

The Streets

Everything is borrowed

Geschreven door

Het Britse The Streets, onder Mike Skinner, is er na twee jaar opnieuw bij met een erg sfeervolle plaat. Skinner is het voorbije jaar in de boeken gedoken, las enkele grootse filosofen en hop, weg zijn z’n wildste verhalen en dagdagelijks gezeur over zaken. De mengelmoes van stijlen van pop, hiphop, r&b, (dub)reggae en 2 step zijn in een lager tempo en klinken lichter en toegankelijker. Er zijn minder orkestraties en neurotische beats. Enkele songs zijn uitmuntend (“Heaven for the weather”, “The way of the dodo”, “Never give in”, “The strongest person” en de titelsong), maar anderen, waaronder “The sherry end” missen nu écht de bocht om boeiend te kunnen klinken. Ideeënarmoede schuilt om de hoek. Het wordt maar best dat Skinner nog één plaat zal uitbrengen, vooraleer de muzikale kaars volledig uitgedoofd is.

Tricky

Knowle West Boy

Geschreven door

De laatste cd van de grillige Tricky dateert al van 2003 ‘Vulnerable’, dat duister, beklemmend en broeierig klonk en waaraan de Italiaanse muze Constanza Francavila meewerkte. Tricky maakte in de jaren ’90 al furore onder Massive Attack en debuteerde in ‘95 met ‘Maxinquaye’. Samen met bands als Portishead stond hij aan de wieg van de triphopscene en gaf er eigen swing aan door donkere , dreigende geluidscollages, duistere elektronica en tegendraadse ritmes, in een ondoorgrondelijke mix van pop, blues, hiphop, r&b en drum’n’ bass, onder z’n half brabbelende rapstijl.
Met de jaren klinkt de sound wat lichter, luchtiger en directer. Het recente werkstuk ‘Knowle West Boy’ behoudt de link met z’n wonderbaarlijk debuut: “Puppy toy”, “Bacative”, “Joseph” en “Veronika”. Er zijn enkele sfeervolle songs - vooral op de tweede helft van de cd -, als “Past mistake”, “Cross to bear”, “Baligaga”, “Far away” en “School gates” en tenslotte horen we een tweetal snedige rockers: “C’mon baby” en “Slow”. “Council estate” is het meest avontuurlijke nummer, met een vleugje experiment en psychedelica.
Hij kon terug beroep doen op verschillende zangeressen, waaronder Veronika Coassolo, die er een verleidelijk tintje geven aan deze grimmige trippop. Producer was Bernard Butler trouwens.
’Knowle West Boy’ is een lekker klinkende, gevarieerde plaat, en misschien de welgemeende terugkeer binnen het popfront.

Iced Earth

Something Wicked Pt II: The crucible of man

Geschreven door

Ik kon werkelijk mijn geluk niet op toen ik het fantastische nieuws las dat Matt Barlow terug ging keren naar Iced Earth. De manier waarop Jon Schaffer Tim Owens dit nieuws heeft gemeld laten we even buiten bespreking, want bij hier doet dit helemaal niet ter sprake!
The story goes on. Dit album begint waar Framing Armageddon geëindigd was: de geboorte van Seth Abominea, die de hoofdrol zal vertolken in deze saga. Na de dramatische koorintro “In Sacred Flames” komt opener “Behold The Wicked Child”, een typisch Iced Earth nummer waarbij we al snel horen dat Matt Barlow in topform is. Bij de volgende nummers “Minions Of The Watch” en “The Revealing” merken we dat Barlow zijn stem wat gevarieerder durft te gebruiken dan op een album als ‘Something Wicked This Way Comes of Horror Show’. “A Gift Or A Curse” haalt de Pink Floyd invloeden weer naar boven en deze keer mag bandleider Jon Schaffer de lead vocals tot zich nemen, wat geen slechte keuze was overigens.
Na het wat normale “Crown Of The Fallen” krijgen we “The Dimension Gauntlet”, een lekker nummer met coole riffs en op het eind keert er zelf iets terug uit “The Coming Curse”. “I Walk Alone” kenden we al vanop de single “I Walk Among You”. Het is best wel een goed nummer, maar kan ik desondanks niet tot mijn favorieten van dit album rekenen. Welk nummer ik daar zeker wel bij kan rekenen, dat is “Harbinger Of Fate”. Dit is weer zo’n typische Iced Earth ballad met een leuk meezingrefrein en er is zelf een dramatische koorpassage, wat het nummer toch iets extra’s meegeeft.
”Crucify The King” is mid-tempo, maar desonkanks lekker heavy en de instrumentale passage doet me wat denken aan “Demons And Wizards”. Aan het volgende nummer, “Sacrificial Kingdoms” moet je toch wat wennen eer het tot je door kan dringen, maar ook dit nummer is een flinke knipoog naar “Demons And Wizards”. “Something Wicked Pt. 3” vind ik het slechtste nummer van het album, het is een saai en log nummer dat we na heel wat luisterbeurten nog steeds niet weet te boeien.
Met “Divide And Devour” krijgen we het enige up-tempo nummer van deze plaat. Heerlijk! En ook weer zo’n knallerrefrein dat blijft hangen.
Vooraleer we bij de epiloog aankomen is het eerst nog tijd voor “Come What May”, een prachtig nummer dat je qua stijl en opbouw wat kan vergelijken met “A Question Of Heaven”. Hier waarschuwt Schaffer dat de mensheid de Sethians enkel maar kan overwinnen als ze in vrede en eensgezind met elkaar kunnen samen leven. Een nummer met betekenis. Ook de zang is hier weer enorm goed, vooral de hoge uithalen wat meer naar het einde toe. Om kippenvel van te krijgen!
Kortom, Iced Earth is er weer in geslaagd een goede cd uit te brengen zonder zichzelf volledig te herhalen. Wel jammer dat de verhaallijn een open einde heeft, maar dat maakt het verhaal juist realistischer.

Metallica

Death Magnetic

Geschreven door

Ik wil deze review niet zo cliché beginnen met bv. woorden als “Na bijna twintig jaar…” en blablabla over ‘St. Anger’. Eigenlijk is een review over het meest besproken album van het jaar wat overbodig, want de meningen over deze plaat zullen ongetwijfeld heel verdeeld zijn. Maar ja, hier is hij toch!
Is Metallica er in geslaagd weer een lekkere Metalplaat op te nemen? Ja!
Is St. Anger vergeven en vergeten na het beluisteren van deze cd? Jazeker!
Is dit een tweede ‘Master Of Puppets’ of ‘Ride The Lightning’? Nee.
Ondanks het feit dat het er soms weer lekker thrashy aan toe gaat en enkele elementen uit de eighties om de hoek komen kijken, is Metallica er in geslaagd iets nieuws te creëren in plaats van een kloon te maken van één van hun oudere werkjes. ‘Death Magnetic’ is een heel gevarieerde plaat geworden met voldoende afwisseling tussen thrashy riffs, ’90 era riffs en zelf soms eens een riff die niet misstaan zou hebben op ‘St. Anger’, wat zeker geen minpunt is natuurlijk.
Deze langverwachte plaat begint strak met het thrashy “That Was Just Your Life”, gewoon een lekker nummer in de stijl van nummers als “Battery” en “Blackened”. Zelf de zang van Hetfield doet terug wat denken aan …And ‘Justice For All’. En we zijn natuurlijk heel blij dat de harmonic passages en old skool solo’s terug zijn, wat toch wel een sterk gemis was op de vorige platen. “The End Of The Line” start met de riff die we al kenden van “The New Song”. Hier komt soms al eens een riff langs die nieuw is voor Metallica. Het enige minpunt aan dit nummer is de cleane passage, dat toch wel onpassend overkomt mijns inziens.
Met “Broken, Beat And Scarred” gaat Metallica dan weer een totaal andere kant op dan we van ze gewend zijn, maar het klinkt allemaal heel leuk en dynamisch. Dit wordt een klassieker.
”The Day That Never Comes” was de eerste single van dit album en dat wat denken aan een moderne versie van “One”. Het begint als een ballad in de stijl van “Fade To Black” en “Welcome Home (Sanitarium)”, maar gaat verder in een chaos van riffs waar je toch wel even aan moet wennen.
”All Nightmare Long” is één van mijn favorieten van het album, dat zeker live veel succes zal kennen. Dit nummer heeft gewoon alles. Lekkere riffs, een bijzonder catchy refrein, de nodige solo’s en een hoog verslavingsgehalte(wat op heel dit album van toepassing is eigenlijk).
”Cyanide” was het eerste nummer dat we te horen kregen van ‘Death Magnetic’, maar dan in een live versie. Toen leek dit nummer een topper, maar nu je het op het album hoort tussen de andere songs klinkt het een beetje als het zwakke broertje. Wel enkele lekkere riffs en een solo om u tegen te zeggen, maar de volmaaktheid van nummers als “All Nightmare Long” ontbreekt.
”The Unforgiven III” is een nummer dat ongetwijfeld voor veel reacties zal zorgen. Na een piano- en trompetintro krijgen we een nummer voorgeschoteld dat niet misstaan zou hebben op ‘Reload’, maar dan als het nummer dat net te goed was om op het album te mogen staan. Want ik vind dit een klassenummer, vooral de overgang naar de solo en de solo zelf zijn zoals ik het graag heb.
Dan is het tijd voor alweer een knaller, getiteld “The Judas Kiss”. Heavy riffs, een killer refrein en de langste solo die op heel dit album te vinden is. Heerlijk!
Met “Suicide And Redemption” hebben we er een instrumentaaltje, maar het lijkt eerder op een opgenomen jamsessie. Zelf na meerdere luisterbeurten weet dit nummer me maar niet te boeien en het kan in de verste verte niet tippen aan een “Call Of The Ktulu” of een “Orion”. Het is duidelijk dat Cliff Burton zorgde voor dat speciale element in de instrumentale nummers van Metallica. Daar kunnen we gewoon niet onderuit. En tenslotte zijn we aangekomen bij “My Apocalypse”, wat het laatste nummer van dit album is. Zelf de grootste Metallica basher moet toegeven dat weer pure klasse is!
Metallica is duidelijk terug Thrash met dit nummer, en James Hetfield klinkt soms zelf als Tom Arraya van Slayer. Kortom, een waardige afsluiter voor een album van topformaat. Metallica heeft de weg naar de Metal terug gevonden, misschien kunnen we over een goeie vijf jaar wel een album verwachten dat nóg beter is en het oude werk nóg dichter benadert. Maar een album met dezelfde kwaliteit als ‘Death Magnetic’ zou ook al heel goed zijn voor mij.

Lambchop

Oh (Ohio)

Geschreven door

Nashville’s most fxx –up country band Lambchop, onder zanger/gitarist en componist Kurt Wagner is al 15 jaar bezig en al toe aan hun tiende plaat. Wagner heeft zich met z’n Lambchop een eigen unieke weg geplaveid binnen de alt.country/americana. Slowmotionmusic en elegante haardvuursongs, die goed zijn, maar een beetje teveel van hetzelfde zijn, en dus niet meer écht verrassen. Een sfeervol, melancholisch, dromerig, somber geluid van rustig voortkabbelend materiaal, waarbij de vroegere soul en jazzy invloeden op het achterplan zijn en  Wagner er lappen tekst tegen aan gooit. In deze muzikale wereld is en blijft Lambchop koning!
Elf songs die soms markante songtitels hebben (o.a “National talk like a pirate day” en “Sharing a gibson with Martin Luther King, Jr”), maar die zich spijtig genoeg niet meer onderscheiden.

Pagina 364 van 396