logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Hooverphonic
CD Reviews

The Heavy

Great vengeance and furious fire

Geschreven door

Een geslaagde hedendaagse combinatie van soul en rock op het hippe Ninja Tune label. Een stem die leentje buur is gaan spelen bij Curtis Mayfield en een sound die familie is van Gnarls Barkley maar ook al eens in een rokerig stonerrock hol gaat kruipen. Alles zit verpakt in 10 vrij korte songs die nogal vele kanten opgaan, van ‘70’s rock naar triphop tot soul, en die altijd even groovy en dansbaar blijven. Stomend plaatje voorzien van de nodige punch en humor. 2 Many DJ’s zouden hier wel raad mee weten.

Perry Farrell's Satellite City

Ultra Payloaded

Geschreven door

Perry Farrelll gaf ruim twintig jaar geleden de rockmuziek een alternatieve draai met Jane’s Addiction. De comeback in 2003 werd door het publiek grotendeels links gelaten. Zijn andere band Porno For Pyros liet meer Caribische ritmes horen, maar het is nu ook al tien jaar geleden dat we van deze band hebben gehoord.
Misschien kent het nieuwe project een vervolgverhaal. Satellite Party brengt voldoende afwisselend songmateriaal , doch de cd kan in z’n totaliteit onvoldoende beklijven, ondanks enkele snedige gitaarsoli.
”Wish upon a dog star” en “Only love, let’s celebrate” ademen een arty partysfeertje uit. Retro klinkt het op “Hard life easy” en “Kinky”, rauw rockend op “Insanity rains”, Zuiders op “The solutionists” en de titelsong, en tenslotte dromerig op songs “Awesome”, “Mr sunshine” en “Milky ave”. De song “Woman in the window “ is een vocale track met Jim Morrison; 36 jaar na zijn dood mocht Farrell de vocals gebruiken en maakte er een sfeervolle afsluitende track op de cd van .
Ok, de hulp van talrijke vrienden als The Peppers, New Order, Thievery Corporation en Black Eyed Peas bederven de pret niet, maar verder dan dat heeft Satellite Party échter geen rol van betekenis. Een speeltje dus!

Róisín Murphy

Overpowered

Geschreven door

Na het Moloko avontuur met Mark Brydon, ging in 2004 de charismatische zangeres Roisin Murphy solo. Haar debuut ‘Ruby  Blue’ leverde aardige songs op. Mult-instrumentalist Matthew Herbert bleef haar trouw en deze knoppenfreak blijft verantwoordelijk voor het gegoochel aan klanken, ritmes en trancegerichte, soms pompende dansbeats.
‘Overpowered’ is een aanstekelijke combinatie van electro’kitsch’pop, disco, soul, funk en dance. Groove Armada en Bugz in the Attic hielpen mee. “Movie star”, “Cry baby” en de titelsong zijn instant club hits en met songs als “You know me better” en “Let me know” wordt de sound breed opengetrokken. Songs als “Checkin’ on me”, “Primitive”, “Footprints” en “Tell everybody” hebben een sfeervolle benadering binnen een popelektronica concept. Het ingetogen ”Parallel lives” besluit de cd.
’Overpowered’ is een gevarieerde plaat van een dame met een sterke uitstraling.

Thurston Moore

Trees outside the academy

Geschreven door

Thurston Moore is één van de belangrijkste songwriters van het gitaarrammelende noisepop gezelschap Sonic Youth . Deze bijna vijftiger bracht naast SY-werk al enkele samenwerkingsverbanden uit, en heeft na ‘Psychic Hearts‘ (’95) z’n eerste soloplaat uit.
We horen fijnzinnige, sfeervolle songs van de rauwe dwarrelende gitaarpop van SY, semi-akoestisch werk, sferische instrumentaaltjes en enkele tapes. Af en toe kan het wat krachtiger en bedreven klinken, en is het eerder een SY concept, zoals op “Wonderful witches/language meanies” en de titelsong. “The shape is in a trance”, “Frozen guitar”, “Honest james” en “Silver blue” zijn uiterst aangename songs (staan op het eerste deel van de cd!) en “Thurston@13” is een gestofte tape toen hij dertien was. Het tweede deel is beduidend minder boeiend.
De plaat werd opgenomen in de huisstudio van J. Mascis en naast hem, hielp SY drummer Steve Shelley mee en zijn er vioolpartijen van Samara Lubelski.
De plaat beantwoordt nauw aan wat Pavement medio de jaren ‘90 afleverde.
Besluit: een soloplaat met enkele fraaie songs van deze frontman, wat een aangename verpozing is binnen het oeuvre van SY.

Plain White T’s

Every second counts

Geschreven door

Nieuwe aflevering in de reeks ‘snotneuzen maken wereldhit maar zijn verder volledig verwaarloosbaar’. Ook U heeft waarschijnlijk al tot vervelens toe de superhit “Hey There Delilah” moeten aanhoren, dus deze song moeten we u niet meer leren kennen en, geloof ons vrij, de rest ook niet.
Plain White T’s is het zoveelste talentloze poppunkbandje van dertien in een dozijn uit de States, genre Fall out Boy en Blink 182. ‘Every seconds counts’ staat vol met plastieken liedjes die zijn weggelopen uit de een of andere Amerikaanse tienerfilm. Dit is het soort slappe kost waar Amerikanen massaal hun geld aan uitgeven en die terug te vinden is in de hoogste regionen van de billboards. Zeer rendabel voor de platenindustrie, complete rotzooi voor de muziekliefhebber.

Elvis Perkins

Ash Wednesday

Geschreven door

Knappe debuutplaat van deze Amerikaanse singer/songwriter. Perkins begeeft zich in het straatje van de folkpop en laat zich sporadisch bijstaan door een begeleidingsband die met behulp van trompet, vibrafoon en viool voor een mooie sound zorgen ter ondersteuning van diens akoestische gitaar. Elvis Perkins heeft duidelijk de namen van Nick Drake en Leonard Cohen in zijn notaboekje staan. Zijn songs en teksten zijn soms wat neerslachtig maar hebben tot ook steeds een opgewekt en positief tintje. Het is met name niet allemaal kommer en kwel, ook al heeft de man al wat meegemaakt (vader en acteur Anthony Perkins in ‘92 overleden aan aids en moeder overleden bij de 9/11 aanslagen). Mooie songs als “Ash Wednesday”, “Moon woman II” en, “Sleep sandwich” klinken toch hoopvol, en opener “While you were sleeping” is ronduit een prachtsong.
Perkins kan nog net niet het volledige album blijven boeien maar toch is dit een meer dan aangename kennismaking met deze nieuwe naam.

Devastations

Yes, U

Geschreven door

Devastations heeft een album gemaakt die zich sluimerend in onze hersenpan nestelt en er hardnekkig blijft hangen. Een donker en bij momenten zeer onheilspellend album, maar o zo mooi. Het begint nog vrij opgewekt met het aan Secret Machines verwante “Black Ice” maar het wordt algauw zwaarbewolkt in het trage “Oh me, oh my” en een onweer dreigt en barst uiteindelijk los in de fuzz en distortion van “Rosa”.
Devastations zijn Australiërs en hebben niet alleen hun nationaliteit gemeen met Nick Cave, de weerbarstige sound doet immers meermaals aan de grootmeester denken. De songs van Devastations dreigen dikwijls om open te breken en doen dit dan uiteindelijk niet,  een spannende koppigheid houdt ze in bedwang. Ook het filmische karakter van het werk van Barry Adamson herkennen we in “The pest” en het instrumentale “As sparks fly upward” zou op zijn beurt niet misstaan op de soundtrack van een Franse film. “The face of love” is een mooie lovesong vanuit het desolate landschap tussen Nick Cave en Leonard Cohen.
Jawel, Devastations weten verdomd goed waar zich te nestelen. “An avalanche of stars” is ook zo’n parel, eentje die in het vaarwater drijft van het schandelijk onderschatte en inmiddels jammerlijk ter ziele gegaan Arab Strap. De prachtige tristesse van “The saddest sound” en van de instrumentale uitwaaier “Misericordia” doen deze plaat in schoonheid eindigen. In dit album willen we gerust verdwalen deze winter, we houden ons wel warm.

Three Headed Monster

Three Headed Monster

Geschreven door

Het Nederlandse Melissa Records heeft een neus voor fijne US power metal. Na Seventh Calling en Beyond Fallen, brengt ook de instrumentale US powermetalband 3HM zijn nieuwe plaat uit via dit label.
De heren van 3 Headed Monster besloten in 2001 om hun vriendschap tot een hoger niveau te tillen. De enige manier om dit nog te kunnen, was volgens hen het oprichten van een band. Met zijn vieren begonnen ze te repeteren onder de naam Baptismal By Fire. Later werd deze naam vervangen door 3 Headed Monster. Een naam die in hun ogen veel stoerder klinkt. Helaas doet deze naam, volgens mij volledig onterecht, denken aan heel wat powermetalclichés, waar 3HM absoluut niets mee te maken heeft.
Na enige tijd samen gespeeld te hebben, ontdekten ze namelijk, dat ze tot dan toe nog geen zanger hadden. Lang moesten ze er niet over nadenken, om te beseffen dat dit eigenlijk geen gemis was. Al snel werd besloten om de samenstelling van de band zo te houden, waardoor tot nog toe geen zanger aan bod kwam.
Bij het beluisteren van hun nieuwe release, kan ik ze absoluut geen ongelijk geven. Op geen enkel moment in de CD vormt het ontbreken van een zanger een gebrek. Integendeel, het zorgt er eerder voor dat de muzikale genialiteit van de band nog meer tot uiting komt. Het album varieert tussen power-metal en thrash, waarbij wervelende solo’s, strak drumwerk, een deftige ritmesectie, … ervoor zorgen dat de CD al op zijn einde loopt, nog voor je door hebt dat er geen zanger aan te pas is gekomen.

Blue Cheer

What doesn’t kill you

Geschreven door

Blue Cheer, hardrockers uit de oertijd, lagen zonder het zelf te weten aan de wieg van de metal, grunge en vooral de stoner-rock. Grunge-iconen Nirvana, niet de eerste de beste,  hebben altijd luidop geroepen dat Blue Cheer één van hun favoriete bands waren.
Met ‘Vincebus Eruptum’ en ‘Outsideinside’ maakte Blue Cheer in 1968 twee legendarische platen vol zompige, zware en vuile blues en hard-rock. Op hun volgende platen ging het er al wat gepolijster aan toe waardoor deze albums niet bepaald als klassiekers de geschiedenis zijn ingegaan. Nu, maar liefst een veertigtal jaren later komt Blue Cheer aanzetten met ‘What doesn’t kill you’, een come-back album die er best mag zijn. De heren zijn ondertussen al 60 maar weten toch nog venijnig te rocken. Natuurlijk is het niet meer zo grensverleggend  als destijds. In tijden van black-metal, death-metal, grindcore en consoorten kan een rockband als Blue Cheer niet meer extreem zijn (anno 1970 was dat wel even anders), maar ook niet potsierlijk of belachelijk, dat is een feit.
Hun hardrock is op vandaag bij momenten nog altijd ruw en brutaal, de gevreesde FM rock of AOR rock (noem het zoals u wil) wordt volledig geschuwd (alhoewel, op de ballad “Young lions in paradise” komen ze gevaarlijk in de buurt maar de song blijft nog net overeind). De blues daarentegen zit er wel nog stevig ingebeiteld en de seventies zijn kennelijk ook nooit weggeweest.
Het is de betere biker-rock, niks origineels, wel lekker vettig. Stevig wegscheurende rockers als “Rollin’ them bones”, “I don’t know about it”, “Just a little bit” (zwaar en zompig als weleer), de vette blues “No Relief” en vooral de zware sleper “I’m gonna get to you” maken van ‘What doesn’t kill you’ een beresterk album. Het aanschaffen waard, maar niet zonder dat u eerst de essentiële platen ‘Vincebus Eruptum’ en ‘Outsideinside’ tot u genomen hebt. Zit u een beetje krap bij kas, dan is de sterke verzamelaar ‘Good times are so hard to find’ uit 1988 een aan te raden alternatief als kennismaking met het oude materiaal.

The Black Box Revelation

Set Your Head On Fire

Geschreven door

Het gaat goed met de Belgische muziek. Het gaat heel goed met de Belgische muziek. We hebben er alweer een knoert van een live-band bij. Na de tweede plaats op Humo’s Rock Rally, een EP ‘Introducing The Black Box Revelation’ brengen Paternoster en Van Dijck een dijk van een plaat uit met ‘Set Your head On Fire’.
Deze Belgische Witte strepen weten je meteen naar de strot te grijpen: ze spelen juist maar de basis (drums en gitaar). Het resultaat klinkt als een kruising tussen de Stripes en de zwaar onderschatte Jon Spencer Blues Explosion. Hun muziek is niet bijster origineel, maar hun mix van vettige garagerock en blues wordt retestrak gespeeld. Ze mogen van mij gerust naast Triggerfinger staan.
Hun verdienstelijke poging om ons uit de sokken te slaan kan ik helaas niet echt geslaagd noemen, vanwege gebrek aan originaliteit. Dit talentvol bandje dreigt te vervagen in het overaanbod van dergelijke groepen die op ons afkomen.
We hebben al Wolfmother gehad, Arctic Monkeys, Yeah Yeah Yeah’s, The Datsuns , The Black Keys. U ziet wel, allemaal goed gezelschap, maar ze verdienen nochtans beter dan alleen maar hun voorprogramma te worden.
The Black Box Revelation = Vettige en retestrakke knipoog naar garagerock.
Songs:
I think I like you, Love In Your Head, Gravity Blues, Never Alone/Always Together, Stand Your Ground, Love, Love Is On My Mind, Set Your Head On Fire, Dollars Are Sweet, They Say, Beatbox Revelation pt.1, Cold Cold Hands, We Never Wondered Why, I Don't Want It, Misery Box.

Pagina 376 van 394