logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

L7
Viagra Boys
CD Reviews

The Very Very Danger

The Fastest Forward -single-

Geschreven door

The Very Very Danger bestaat uit Michélé De Feudis (Almighty Mighty, Cobra The Impaler), Femke Decoene (Wolker) en lan Clement (Wallace Vanborn). Als trio brengen ze een mix van garage, rock, indie en doom.
In 2019 brachten ze reeds de EP ‘Witness The Legitness‘ uit en nu staat hun nieuwe album in de steigers. Op ‘Submarine Chase In Outer Space’ moeten we nog wachten tot volgend jaar, maar we mogen wel reeds kennismaken met ‘The Fastest Forward’.
Die bouwt voort op eerder werk als “Light My Litah” en roept bij ons spontaan fijne herinneringen op aan Electric Six en The Hives. En dat mag u als een compliment beschouwen.

 

 

 

 

DD Sanchez

HappyGrey

Geschreven door

Dirk Da Davo en Sanchez hebben hun sound gevonden en ‘HappyGrey’ is daar het bewijs van. Een mengeling van pop, electro en Mexicaanse muziek met daarbovenop wat nihilistisch aandoende teksten. Volgens Dirk kwam Sanchez onverwachts aan in Spanje. Hij vluchtte uit Mexico, waar hij gekend en populair is, omdat hij een nichtje van de Pablo Escobar-clan zwanger had gemaakt en ze een prijs op zijn hoofd hadden gezet. Zo verbleef hij een tijdje bij Dirk waar ze in de studio deze plaat maakten. Een boeiend verhaal alvast.

Opener “Vampire State” klinkt broeierig en heeft een roestige percussie waardoor beelden van een man op een ezel door de bloedhete woestijn ronddwaalt. Op “One Thing” wordt het tempo wat opgeschroefd en krijgen we een catchy song met een begeesterend gitaartje en refrein. Ook de reeds gekende single “Man in the Dark” is catchy. Een begeesterend baslijntje en slimme opbouw maken de track af.  “She Prays” begint als een soundtrack voor een western. Verder in het nummer komen we een wandelende bas, spaarzame gitaar, synths en beats tegen. De tempowissels maken het nummer af. “Cities in Dust” klinkt heel donker en onheilspellend. De tekst versterkt het gevoel nog. Op vele songs horen we een wandelende, vertellende bas. Zeker iets typisch voor deze plaat. De gitaarsound is ook een kenmerkend iets. De nihilistisch zang en dito teksten ook. Zo ook op “What Comes Around”. Op “Whirl” gaat het richting dance-electro. Hier geen hoofdrol voor de bas en gitaar maar wel voor de beats en de synths. Ook “Push it up, Pull It Out” lijkt te lonken naar de dansvloer.

Zo hebben we tien nummers die soms lonken naar de dansvloer en dan weer niet. Die donker klinken. Soms traag, soms niet. Maar allemaal met een eigen smoel en overgoten met dezelfde saus van electro, dance en pop. Stuk voor stuk sterke nummers waar geen enkel teveel op staat.

Dance/Electro
HappyGrey
DD Sanchez

Thee Holy Strangers

Diary Of The Shadow

Geschreven door

De redders van de alt.country komen zowaar uit Griekenland. Thee Holy Strangers bouwen voort op de erfenis van Cowboy Junkies, Low, Giant Sand en Calexico.
Ze betoveren met tweestemmige zang in dezelfde traditie als the Jayhawks, ze beginnen bij americana en gaan van daar tot net waar stoner zou beginnen, maar passeren wel langs de psychedelische blues van King Gizzard. Het is geen alt.country volgens het boekje, maar het heeft er wel de look & feel van. En als Grieken kunnen ze het zich makkelijk permitteren om eens buiten de lijntjes te kleuren, bv. door nog zuinig wat piano of een muzikale zaag toe te voegen.
Ze hebben niet het strakke, gepolijste, afgelikte van de Amerikaanse voorbeelden uit de opsomming. Er zit nog een charmant los en ruw kantje aan Thee Holy Strangers, zoals we dat ook al hoorden bij hun Nederlandse genre-genoten van Nighthawker en de veel te vroeg ter ziele gegane Prodigal Sons.
Hun “Fire In The Woods” is geen cover van de hit van onze Wolf Banes, maar is hier het Magnus Opus van “Diary Of The Shadow”. Het is niet alleen het langste nummer van het album, maar ook het nummer waar alles in samen komt. De opbouw gaat tergend traag en zelfs de afsluitende gitaarsolo in de outro lijkt in een slow motion-modus te zijn opgenomen. “Words” start met dezelfde  traagheid, maar een heel stuk voorbij komt er dan een aangename versnelling met een weergaloze gitaarpartij.
“A Star Is A Star” is vrolijk en roept herinneringen op aan “I’d Run Away With You” van The Jayhawks. “The Lotus Song” heeft smooth galopperende drums. Zo valt voor elke track wel iets positiefs te zeggen. Missers of vullers heeft dit album niet.
Internationale klasse!

https://theeholystrangers.bandcamp.com/album/diary-of-the-shadow

Dez Mona

Loose Ends

Geschreven door

“Loose Ends” is reeds de negende langspeler van Dez Mona en komt slechts een jaar na “Lucy”; dat een samenwerking met het Antwerpse Baroque Orchestration X was. Ditmaal is de plaat vrij poppy, funky en indiegericht. Tijs Delbeke, die vele jaren deel uitmaakte van Dez Mona maar verkaste naar Balthazar, was verantwoordelijk voor de productie. Frateur vond hem de beste keuze omdat Delbeke weet wat hij vocaal aankan en weet waar Dez Mona muzikaal voor staat.

Meteen bij de broeierige opener “Wicked” hoor je dat de electronica iets meer aanwezig is geworden ten aanzien van vroeger. De baslijnen hebben net als bij “The Power” wat Balthazar dna in zich. Het zijn twee aantrekkelijk songs die de plaat op gang trekken. “Better Place” is een soepele, dromerige song met fijne percussie en met echt heel mooie zang van Gregory Frateur. Heerlijk! “Connection” drijft op een hoekig ritme. De zang doet mij hier qua zangstijl en klankkleur soms wat aan Alex Turner (Arctic Monkeys) denken. “Fresh Water” bevat een fijne funky bass en “Your Way” is dan terug helemaal anders met een donkerder geluid van  synth en gitaar. Met trouwens ook mooi drumwerk. Zo staan er maar liefst tien van die heerlijke topnummertjes op dit album. Elke muzikant speelt top en de composities zitten sterk in elkaar. Je hoort het al dat ik fan ben van dit album. Het is bij momenten catchy maar altijd wel op een slimme manier. Net zoals bijvoorbeeld ook Millionaire doet, maar dan net nog een tikkeltje toegankelijker.

“Loose Ends” is een plaat die af is. Ze biedt veel muzikale variatie en toch heeft het album een vrij homogeen geluid. Productie- en compositiegewijs is het een knap album geworden. Je blijft tevens dingen ontdekken tijdens het herbeluisteren. Er staan heel veel songs op die bij het betere radiomateriaal horen. Muziek die broeit, funkt, droomt en swingt. Een topplaat! Verkrijgbaar in onder andere zwarte en roze vinyl.

 

De Delvers

Onder de Vloer -single-

Geschreven door

De Delvers hebben het in hun tweede single, uit hun binnenkort te verschijnen album ‘Hart in Neonlicht’, over mensen die niet voldoen aan de eisen van de huidige prestatiemaatschappij. Het is een feit dat onze huidige maatschappij met zijn talloze eisen, druk en regeltjes nogal wat mensen achterlaten of uitsluiten. Mensen die nochtans ook hun steentje kunnen bijdragen op hun eigen manier en waardevol voor de samenleving zijn. Ook mensen, die om allerlei redenen, afwijken van de norm worden heden ten dage enorm geviseerd.
Dit alles werd gegoten in een mooie tekst en wordt begeleid door leuk gitaarspel, bas, synths en attractief drumwerk. Rene Hulshbosch van Struggler komt naar het einde toe vocaal ook nog even meedoen.

Onder de Vloer -single-
De Delvers (feat. Rene Hulshbosch)

Hun video: https://www.youtube.com/watch?v=Nb2X8IPE_VI

Goudi

Oostende

Geschreven door

Goudi, dat is Pierre Goudesone van de vroegere newwaveband Flesh and Fell. Vandaag klinkt Goudesone’s stem opvallend als die van die andere bekende Brusselse Oostendenaar, wijlen Arno, en dat speelt hij graag voluit uit, met parlando en fluisterend zingen in soms wel heel sappig Oostends.
Muzikaal tapt Goudi wel uit een ander vat dan Arno, hoewel er ook overeenkomsten zijn: er wordt al eens teruggegrepen naar elementen uit de blues (op “M’en Liefde Nodig”) en naar het hitsige van Serge Gainsbourg (op “Muzik Min Keure”).  Le Plus Beau wordt zelfs in de eregalerij van Goudi gezet tussen (onder meer) Permeke, Jacky Ickx en Brel in “Belgica”.
Soms wordt de geinige parlando van Goudi geserveerd op een bedje van broeierige, urban synthpop, met vaak nog steeds een bluesy gitaarlick als toetje. Het is een formule die werkt. Soms kabbelt dit album achteloos-aangenaam voorbij en dan ontdek je als bij toeval nieuwe stukjes die je intrigeren of bijblijven. ‘Oostende’ ontdek je – net als de stad – niet in één wandeling. Elke luisterbeurt is een nieuwe ontdekkingstocht.
Toptracks zijn het walsende “T’is Wat Het Is” (met enkele goed gemikte blazers), “Alles Kan Wachten” (met een stukje rap erbij), “In Us Hoofd” en “Oender Min Vel”.

‘Oostende’ is een album dat zich niet snel laat doorgronden. Un train peut en cacher un autre, zeggen ze in het Frans en dat gaat ook op voor Goudi op dit album: telkens je denkt dat je hem en zijn album helemaal doorgrond hebt, volgt er een nieuwe openbaring. Zo een album kunnen maken, dat is slechts weinigen gegeven.

Little Kim

Moederland

Geschreven door

‘Moederland’ is het solo-debuutalbum van Kimberley Claeys, die muzikaal al heel wat rondzwervingen achter de rug heeft. Misschien kent u haar van Little Kim & The Alley Apple 3, als de huidige zangeres van Kadril of van haar samenwerkingen met Guido Belcanto, maar dat is eigenlijk nog maar het begin van een lange lijst.

‘Moederland’ is Little Kim’s solo-debuut en daarop biedt ze zowel country, americana (Belgicana) als folk en het betere levenslied, op Nederlandstalige teksten van Guido Belcanto, Lieven Tavernier en Bruno Deneckere. Dat zou een heel heterogeen album kunnen opgeleverd hebben, maar ‘Moederland’ is als een grote tafel met food-to-share dat door slechts één kok bereid is en die kok is Kim zelf. Ze kreeg hulp van een absoluut dream team, niet alleen als leveranciers van songs maar ook nog eens bij de muzikanten, maar het is zij die aan alle composities een eigen draai heeft gegeven. De songs werden haar op het lijf geschreven en zij ging daar nog eens next level in door zich helemaal in elk personage in te leven bij de opnames.

De songschrijvers putten uit eigen werk en maakten vertalingen en herinterpretaties van klassiekers. Die komen van Bob Dylan, Jack Clement (die songs leverde aan onder meer Johnny Cash), Gillian Welch, Nathalie Merchant en Daniël Norgren.
Opnieuw heel divers, maar het levert een reeks parels op die tot de top van de Nederlandse canon zouden moeten behoren. “Neem Maar Mee, (Vuilnisman)” lijkt op het eerste gehoor een lichtvoetig niemendalletje, maar heeft een tweede laag die gaat over het loslaten van oude dromen en verlangens. Titeltrack “Moederland”, over de Eerste Wereldoorlog maar dan vanuit het standpunt van een moeder, kan inzake intensiteit wedijveren met Vermandere’s “Altijd Iemand’s Vader, Altijd Iemand’s Kind”. “Een Jongen Die Ik Heb Gekend” en “Ik Denk Dat De Dingen Zo Gaan” dragen tekstueel onmiskenbaar de stempel van Guido Belcanto en tonen waar hij de absolute meester in is: nonchalant en openhartig: oeverloos liefdesverdriet in een schoon papierke met een grote roze strik errond. “De Tweede Kus” herinnert er ons nog eens aan dat we Bruno Deneckere misschien wat te vaak miskennen als songschrijver.
Niets dan lof dus voor Little Kim en haar debuut. Of misschien een paar kleine opmerkingen. De twaalf songs van ‘Moederland’ zijn haar op het lijf geschreven, maar ik mis er op dit solo-debuut eentje waarin ze voluit haar hele vocale range showt. En als je Belcanto kruist met country en americana, moet je misschien voluit voor het tranerige durven gaan in de vocalen. In country wordt een gebroken hart nog rauw en bloedend op het bord geserveerd.

Great things come to those who wait. Little Kim heeft misschien lang gewacht voor haar solo-debuut, maar ‘Moederland’ bewijst dat geduld altijd beloond wordt.

A Slice of Life

Tabula Rasa

Geschreven door

‘Tabula Rasa’ is het tweede full album van de Belgische postpunkband A Slice Of Life, met een overvloed aan referenties naar de donkere jaren ’80. Het genre waarin deze band grossiert, kan je behalve als postpunk ook nog omschrijven als gothic rock of new wave. Welke term u ook verkiest, onthou vooral dat A Slice Of Life met ‘Tabula Rasa’ een meesterwerkje heeft afgeleverd dat ons landje nog maar eens aan de kop van het postpunk-peloton zet.

“Seven Days” deed als vooruitgeschoven single reeds het beste vermoeden voor dit album. Niet alle tracks halen vlot dat niveau, maar ‘Tabula Rasa’ heeft ook geen missers of vullers. “Matterhorn” is een sterke, dansbare track. “Goodbye” en “Fortress Of Solitide” zijn licht tergende slepers zoals the Cure die op zijn jongste albums al eens durft te zetten. Nog meer referenties naar dan de jonge versie van the Cure in de intro van “Cavern”. “Anywhere But Home” heeft een ijzersterke finale. Misschien een beetje klassiek en voorspelbaar in de opbouw, maar wel goed en met passie gebracht.
In postpunk kies je als band voor ofwel onderkoelde en eentonige vocalen of voor net veel passie en emotie. Tracks als “Run For Cover” toont dat Dirk Vreys de juiste keuze heeft gemaakt. Geweldige track, geweldige lyrics (‘people go when friendships die’ is zo uit het leven gegrepen en herkenbaar).
“What Doesn’t Kill Me” heeft wat leuke verrassinkjes in de muziek, maar nog niet op het niveau van een Whispering Sons.
Sterke intro’s hebben ze wel bij A Slice Of Life. Die van “In Your Shoes” is er ook boenk op. Kort daarna lost deze track niet alle verwachtingen in en lijkt die wat te gaan doodbloeden, maar dan herpakken ze zich en zwelt de windhoos van gelaagde gothic rock alsnog aan.
Op het afsluitende “Animal Instinct” duwen Vreys & co het gaspedaal nog wat dieper in en krijgt Emmanuel Schaeverbeke op keys eens de hoofdrol. Dansbaar en catchy met twee voeten vooruit.

‘Tabula Rasa’ is een heel gevarieerd en sterk album waar elke fan van postpunk (of hoe je het ook wil noemen) plezier zal aan beleven.

Beuk

Allerlaatste Keer -single-

Geschreven door

De Brugse hardrockers van BEUK slaan nog eens onverbiddelijk toe. Er komt van hen een nieuwe EP aan en daarvan kregen we al het snedige “Woord Voor Woord” als single op ons bord.
Bij “Woord Voor Woord” waren we blij dat BEUK eindelijk het ‘brave’ van zich afgeschud had. Dat blijkt hier opnieuw, met in de tekst onder meer een rolletje voor een ‘vochtige Vera’.
De nieuwe single heeft in de lyrics – in tegenstelling tot Vera - misschien iets minder ‘diepgang’, maar het is wel een knaller van een party-anthem en dat had BEUK nog niet in het repertoire.
Live wordt dit waarschijnlijk de track waarmee op het einde van de set een bisnummer wordt afgedwongen.

De lyric video is een compilatie van beelden van  hun concert op Alcatraz Open Air eerder deze zomer.
https://www.youtube.com/watch?v=-_XIQHbeoiM

Sovjet War

Psychopuppets

Geschreven door

Sovjet War is een Leuvense postpunkband die al even aan een comeback bezig is. De bandnaam is dus niet ingegeven door de fratsen van Vladimir Poetin, eerder door één van zijn voorgangers. Sovjet War begon in 1979 als The Sovjets en hun grootste wapenfeiten in hun ‘eerste leven’ waren een concert als support van Red Zebra en enkele opmerkelijke en een leuke single (“It Became A Problem/Guns For Fun”). Hun comeback werd deels gedwarsboomd door corona, maar zopas stonden ze in het Depot in Leuven als support van the Stranglers.
Sinds enkele jaren werken ze aan een comeback en al dat harde werk wordt nu beloond met een vinylalbum (hun eerste!). Die heeft niet een A- of B-kant, meer één kant ‘new’ en de andere ‘old’.

De nieuwe is interessant, met een mix van postpunk (new wave) en punk. In de begindagen van de postpunk waren de grenzen van de genres niet zo duidelijk. Dat hoorden en horen we ook bij de Definitivos, de Kortrijkse band met een vergelijkbare levensloop.
De opnamekwaliteit van het gedeelte ‘new’ is niet altijd helemaal top, maar zo klonk deze band ook in zijn begindagen en dat geeft een zekere c harme aan de muziek. Het zijn allemaal toptracks: het dreigende van “The Killer”, het meezingbare refrein op “The Fall”, de tastbare doom  en gloom op “Ruins”, het heerlijke Engelse accentje in “Deaf Death Story”, de punky (UK Subs)-vibe op “All Systems Go”, … Die laatste track stond reeds op een EP van 2018. Het mooiste geschenk aan de fans is misschien wel de 2021-versie van “The Nuthouse”, de track waarmee ze in 1983 op de verzamelaar ‘No Big Business 2’ stonden.

De geluidskwaliteit neemt een duik op de ‘old’-kant van ‘Psychopuppets’.  Van drie songs krijgen we de demo-versie (“Full Control”, “State Police” en “Commercial Business”) en van vier andere krijgen we de live-versie (opgenomen in de Lido in Leuven in 1983). Van die live-opnames bestaat al een album dat in 2005 op CD werd uitgebracht. Leuk voor de oude fans en als document voor de geschiedenis, deze old-kant, maar voor de veel grotere groep van postpunkliefhebbers die Sovjet War nog moeten ontdekken, was het waarschijnlijk interessanter geweest om de originele opnames erbij te zetten. Dat kan natuurlijk nog op een volgende release.

Met ‘Psychopuppets’ claimt Sovjet War terecht zijn plaats in de Belgische new wave-geschiedenis en laat deze Leuvense band horen dat ze nog steeds alive and kicking zijn.

Op 25 november staat Sovjet War in de B52 in Eernegem, samen met de Definitivos en Dead High Wire.

Pagina 57 van 402