logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (6 Items)

Bob Mould

Bob Mould - Een Meester en een Belofte - Bob Mould en Blue Robin betoveren Het Depot

Geschreven door

Bob Mould - Een Meester en een Belofte - Bob Mould en Blue Robin betoveren Het Depot

Blue Robin, het indie- en dreampopproject rond Lore Borremans, mocht de zaal opwarmen voor Bob Mould. Waar hun studio-opnames zweven tussen melancholie en drama, kreeg het publiek in Leuven een nog persoonlijkere inkijk. Lore stond aanvankelijk alleen op het podium, zoals het project ooit begon, en zette de toon met een reeks fragiele maar trefzekere songs uit de in mei verschenen debuut-EP ‘Pomegranate’. De EP, een subtiel eerbetoon aan de Griekse Persephone-mythe, vormde de ruggengraat van de set. De gelijknamige track “Persephone” sloot het optreden uiteindelijk af.
Hoewel Lore merkbaar zenuwachtig was, zorgde die kwetsbaarheid net voor extra charme. De momenten waarop ze de stilte tussen nummers probeerde te vullen met babbels terwijl de gitaar niet helemaal wilde meewerken, leidden tot warme interactie met de zaal. Toen het stemmen bleef tegenstribbelen, riep ze zonder gêne Ebe Vranken, de gitarist van de band die in het publiek stond. Hij sprong het podium op, hielp de gitaar bijregelen en speelde vervolgens zelfs één nummer mee, een spontaan en hartverwarmend moment dat de sfeer verdiepte.
Het hoogtepunt kwam met “Flowerking”, een nieuw nummer dat Lore aankondigde als emotioneel zwaar. En dat voelde je: in de zaal werd het muisstil, het soort stilte dat respect afdwingt. Blue Robin bewees hiermee dat hun verhalen universeel kunnen resoneren.
Met meer concerten gepland de komende maanden en een groeiende buzz rond de band lijkt Blue Robin klaar voor grotere podia. Als er gerechtigheid bestaat in de festivalwereld, zien we hen volgende zomer ongetwijfeld terug.

Met een compact maar gespierd trio, Jon Wurster op drums en Jason Narducy op bas, betrad Bob Mould het podium alsof het een tweede woonkamer was. Wat volgde was geen nostalgische trip, maar een masterclass in intensiteit, melodie en vakmanschap.
Hoewel ik me niet bewust kan herinneren Mould ooit eerder live te hebben gezien, overviel me meteen een gevoel van déjà vu. Niet omdat zijn show voorspelbaar was, maar omdat zóveel bands die ik doorheen de jaren op podia zag, Pixies, Therapy?, Jimmy Eat World, Foo Fighters, een stukje van hem meedragen. In Leuven zagen we de bron zelf: het brute maar melodische gitaargeluid dat een hele generatie heeft gevormd.
De setlist was rijk gevuld met solowerk en nummers van de Bob Mould Band. “Star Machine” opende de avond in hoge versnelling, gevolgd door publieksfavorieten zoals “The Descent”, “Next Generation” en het donderende “American Crisis”.
Mould klonk scherp, helder en gedreven, zijn gitaar hakte door de zaal met die typische dichtgesmeerde, overstuurde textuur.
En dan was er het Hüsker Dü-materiaal. Niet een paar nummers, maar een complete, gul gegeven sectie uit zijn klassieke repertoire. “Hardly Getting Over It” bracht een ingetogen emotionele kern, terwijl “Flip Your Wig”, “Hate Paper Doll”, “Chartered Trips”, “Something I Learned Today” en “Makes No Sense at All” de zaal deden ontploffen. Voor velen in het publiek waren dit zeldzame, waardevolle momenten: Mould die zijn geschiedenis volledig omarmt.
Sugar-materiaal bleef achterwege, maar met de aangekondigde Sugar-shows voor volgend jaar hing er een voelbare anticipatie in de lucht, het soort buzz waar festivalprogrammeurs maar beter aandacht aan besteden.

De avond in Het Depot was er eentje met twee duidelijke verhalen: Blue Robin, een ontluikend talent dat balancerend tussen kwetsbaarheid en verbeelding laat zien waar Belgische dreampop naartoe kan groeien. En Bob Mould, een levende legende die bewijst dat zijn invloed niet enkel historisch is, maar nog steeds urgent, luid en vol zuurstof.

Het publiek kreeg niet zomaar een concert, maar een zeldzame combinatie van ontroering en intensiteit, een blik op de toekomst én een les van de meester zelf.

Neem gerust een kijkje naar de pics
Bob Mould
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/8885-bob-mould-25-11-2025?Itemid=0

Blue Robin
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/8886-blue-robin-25-11-2025?Itemid=0

Organisatie: Depot, Leuven  

Bob Mould

Here We Go Crazy

Geschreven door

Bob Mould heeft een nieuw album. Zijn vorige, ‘Blue Hearts’, verscheen in 2020, op het einde van de eerste ambtstermijn van Donald Trump. “Here We Go Crazy” komt uit bij het begin van Trump’s tweede termijn. Toeval? Misschien. Maar daar ligt misschien een deel van de verklaring voor de woede van Bob Mould op zijn 65ste.

Bij ‘Blue Hearts’ was één van de conclusies dat Mould op zijn oude dag er niet bepaald milder op geworden is. De trefwoorden van de review van 2020 gelden net zo goed voor het nieuwe ‘Here We Go Crazy’: ingekookt gif, lyrics die de schijnheiligheid van de maatschappij aan flarden bijten. De voormalige frontman van Hüsker Dü en Sugar duwt nog steeds met veel enthousiasme op de plekken waar het al pijn doet, met een soundtrack van melodieuze hardcore zoals hij die al decennia met veel precisie op ons afvuurt.

Wij genieten het hardst als Ome Bob het gaspedaal diep induwt en de herinneringen aan Sugar opduiken, zoals op het furieuze “Neanderthal”, “Breathing Room”, “Hard To Get” of nog “Fur Mink Augurs”. Als hij de teugels viert en het ritme zakt krijgen de lyrics meer ruimte, maar daar zitten we als Mould-fan niet echt op te wachten. Het mag schuren en knarsen tot het pijn doet en we ons een beetje gek beginnen voelen.

In november komt Bob Mould naar Het Depot in Leuven.

https://www.youtube.com/watch?v=SWvEDGbdJ54

Bob Mould

Sunshine Rock -single-

Geschreven door

De single “Sunshine Rock” van Bob Mould is de voorloper van het gelijknamige album dat begin volgend jaar uitgebracht wordt. Bob Mould kennen we nog van Hüsker Dü en Sugar en van zijn solowerk. Hij verhuisde in 2015 naar Berlijn en dit is het eerste album sinds de Amerikaan in Duitsland woont.
De nieuwe single sluit aan op dat van Sugar ten tijde van ‘Copper Blue’ en van zijn vorige solo-album ‘Patch The Sky’: veel energie en snelheid en luide gitaren met die typische Mould-sound en -akkoorden. De gitaar overstemt het meeste van de lyrics, maar je weet dat het ondanks de zonnige titel waarschijnlijk niet over bloemetjes en bijtjes zal gaan.
Hoewel … deze single klinkt een stuk minder donker dan de gemiddelde track op ‘Patch The Sky’. Er zitten deze keer wat strijkers in en dat zijn we nog altijd niet gewoon bij Mould’s muziek, maar hier storen ze niet. Ongewoon zomers voor een rabiate treurwilg als Bob Mould. Benieuwd of hij de zon kan laten schijnen over een volledig album.

Bob Mould

Patch the sky

Geschreven door

Bob Mould – Hij is één van de iconen van de Amerikaanse gitaarunderground . Als zanger/gitarist van Hüsker Dü, een trio dat hij in de prille jaren ’80 vormde met Grant Hart en Greg Norton vanuit thuisbasis Minneapolis, lag hij mee aan de basis van wat een decennium later grunge of indie zou gaan heten. Hüsker Dü werd door een select publiek onthaald, en brak niet echt door. Mould kreeg later de verdiende respons als onbetwiste frontman van het powertrio Sugar dat in ’92 de klassieker ‘Copper Blue’ uitbracht.
In die muzikale spirit kun je alvast zijn solowerk plaatsen. De laatste ‘Patch the sky’ zit verdomd goed in elkaar . Hij slaagt erin en overtuigt met een rits overrompelende, verslavende , subtiele melodieuze nummers en weet een gitaarmuur op te bouwen. De  compacte nummers zijn hoekig, snedig, energiek, strak en beukend. Ze behouden die gruizige sound en die snijdende Hüsker Dü achtige riffs; ze zijn nauw gelinkt aan die EP ‘Beaster’ van Sugar.
Ondanks de extravertie zoekt Mould de perfecte balans van heldere melodieën en donkere verhalen . Verlieservaringen in de familie , vriendenkring raken en ontroeren . Hij zet dit om in een reeks kernachtige songs. De intens broeierige , compacte uptempo songs als “The end of things” , “You say you” , “Daddy’s favorite” en “Hands are tied” knopen letterlijk de gitaarvest toe.
Opener “Voices in my head” , de single van de plaat, biedt wat meer ademruimte net als “Hold on lucifer” and “God” . Samen met het poprockende “Losing sleep” en het sfeervolle “Monument”, die de cd besluit , zorgen  zij voor een mooi evenwicht .
Mould de 55 voorbij intussen , blijft gepassioneerd in dit gitaargenre en samen met een Dinosaur Jr, horen we nog steeds iets unieks en opwindend , waarin emotie en gevoeligheid schuilt .

Bob Mould

Silver Age

Geschreven door

Sorry voor Mijnheer Dave Grohl, maar wij hebben op de afgelopen Pukkelpop meer genoten van de legendarische Bob Mould die het twintig jaar oude ‘Copper Blue’ van Sugar integraal kwam voorstellen. Het vonkte op het podium nog even gretig als destijds, alleen zag Mould er een dagje ouder uit (deze grondlegger van de Amerikaanse hardcore punk heeft dezer dagen meer de look van een gezette advocaat dan van het punkicoon die hij wel degelijk is). Na zijn uiterst potige vertolking van die klassieker kwam hij in Pukkelpop met een tweetal nieuwe songs op de proppen die even snedig klonken als ‘Copper Blue’ en die onze verwachtingen naar diens nieuwe plaat meteen de hoogte in stuwden.
Voila, hier is die plaat nu en het is een schot in de roos. De spirit die Mould wist neer te zetten op het podium van Pukkelpop heeft hij nu ook te pakken op deze krachtige ‘Silver Age’, meteen de beste plaat uit zijn reeds goed gevulde solocarrière. Het kan geen toeval zijn dat midden in de periode waarin Mould met het almachtige ‘Copper Blue’ rond de wereld toert, hij op hetzelfde moment een al even energiek nagelnieuw album uit zijn hoed tovert.  
Opener “Star Machine” is het ijzersterke begin en toont meteen waarvoor Mould nog steeds staat, een vurige ‘wall of sound’ met een stevige melodie erachter en een laag snijdende vocals er bovenop. Zonder tussenpauze beukt daarna de titelsong op hetzelfde tempo door. Pas vanaf track 5, de sleper “Steam of Hercules” mag de voet lichtjes van het gaspedaal, maar de decibelmeter blijft wel op koers.
‘Silver age’ stoomt zo lekker 10 songs lang door, het typische harmonieuze lawaai van Bob Mould heeft duidelijk niet aan kracht ingeboet. Als de man snedige punkrockers als “Keep believing” blijft maken, mag hij van ons nog enkele jaren doorgaan.
Copper Blue heeft na 20 jaar zijn waardige opvolger.

Bob Mould

Bob Mould - Tomeloze energie van een dolle vijftiger

Geschreven door

 

“Three is the magic number” was het vaste devies van de Amerikaanse underground held Bob Mould telkens hij op het punt stond om in de loop van de muziekgeschiedenis een band uit de grond te stampen. Als zanger/gitarist van Hüsker Dü, een trio dat hij in de prille jaren ’80 vormde met Grant Hart en Greg Norton vanuit thuisbasis Minneapolis, lag hij mee aan de basis van wat een decennium later grunge of indie zou gaan heten. Na het imploderen van het commercieel weinig potten brekende Hüsker Dü haalde Mould een paar jaar later alsnog zijn gram, dit keer als onbetwiste frontman van het powertrio Sugar dat in ’92 de klassieker ‘Copper Blue’ hoog in de eindejaarslijstjes deed belanden. Ter gelegenheid van de 20ste verjaardag van deze mijlpaal uit de catalogus van het ooit toonaangevende gitaarlabel Creation gaat Mould dit jaar alweer de boer op als trio.

De Bob Mould performs ‘Copper Blue’ tour hield afgelopen zondag halt in de Brusselse AB. Aanvankelijk zou Mould in de grote zaal met de 100 dB geluidslimiet flirten, maar vanwege een tegenvallende voorverkoop werd het uiteindelijk slechts de AB Box die trouwens ook nog flink wat benenruimte op overschot had. Conform de traditie van de rewind formule passeerde ‘Copper Blue’ integraal en volgens de oorspronkelijke tracklist de revue, te beginnen met de uit staal en beton intro van het gruizige “The Act We Act”. Hoe hard zijn jongere kompanen Jason Narducy (bas) en Jon Wurster (drums) ook hun best deden, toch torende de gebiedende stem van een duidelijk goedgemutste Mould al meteen netjes boven hun ‘wall of sound’ uit. Ook met zijn gitaarspel leek alles van meet af aan snor te zitten: hoekig, energiek, beukend, strak maar altijd melodieus zoals in ‘s mans hoogdagen. De set kwam al heel vroeg in een stroomversnelling terecht met “A Good Idea”, ingeleid door een baslijntje dat Kim Deal niet verkocht kreeg bij de Pixies, en het majestueuze “Changes” dat ook zonder de urgente intro het beste nummer uit ‘Copper Blue’ en bij uitbreiding de volledige Sugar catalogus is en blijft.
Sommige nummers op ‘Copper Blue’ kan je bijna bestempelen als pure poprock, maar daar lijken Mould & co twee decennia later maar weinig boodschap aan te hebben.
Zo werd de synth intro van “Hooverdam” al vlug opgeslorpt door een orkaan van snarengeweld, maar door de puike samenzang van Mould en Narducy bleven de decibels toch verteerbaar. Mould wisselde een eerste keer van gitaar bij het relatieve rustpunt “The Slim”. De frontman bewees tijdens dit nummer dat hij na bijna 51 lentes nog steeds tot vocaal hartverscheurende dingen in staat is, en ja, heel even moesten we zelfs aan Hüsker Dü’s “Diane” terugdenken.
Hoe “If I Can’t Change Your Mind” ooit op ‘Copper Blue’ is terecht gekomen is ons nog altijd een raadsel. Een luchtig folkrock riedeltje waar The Byrds in hun tijd nog konden mee wegkomen, dat wel, en niet toevallig heeft deze vreemde eend in de bijt het tot Sugar’s bekendste radiohit geschopt. In de AB kreeg het nummer de Hüsker Dü injectie waar het al die jaren al recht op had, dus ons hoor je niet klagen. Het strakke “Fortune Teller”, nog zo’n uppercut die op een album van Mould’s eerste groep had kunnen staan, en de broeierige bombast van “Slick” en “Man On The Moon” besloten de herontdekking van ‘Copper Blue’.

In tegenstelling tot veel van zijn generatiegenoten teert Mould niet enkel op oude successen, maar levert hij met de regelmaat van de klok nog nieuwe albums af. Het publiek kreeg in de AB een voorproefje van Mould’s volgende solo schijf die komende herfst zal verschijnen. “Star Machine”, “Dissent” en “Round the City Square” klonken vintage Hüsker Dü en Sugar, en werden met de nodige gretigheid de zaal in geslingerd alsof ze al jaren op de setlist van de groep pronken.
Voor de oudere fans die trouwens in behoorlijke getale de weg naar de AB hadden gevonden was het echte orgelpunt van de avond aangebroken toen Mould tot vier keer toe in de catalogus van Hüsker Dü ging grasduinen. We waanden ons heel even terug in de onrustige tienerjaren anno 1985 toen “I Apologize” en “Celebrated Summer” uit het legendarische ‘New Day Rising’ album werden opgediept. Mould & co lieten nagenoeg alle remmen los tijdens de manische brok emocore geschiedenis “Chartered Trips” uit het één jaar eerder verschenen ‘Zen Arcade’. Met de finale encore “Makes No Sense At All” serveerde Mould zijn come-back match uit met een ace.

Elke set die gedurende een klein anderhalf uur geen enkel dieptepunt kent, bulkt van de energie en zijn afspraak met de muziekgeschiedenis niet heeft gemist krijgt van ons steevast het etiket ‘memorabel’ opgespeld. Wie deze afspraak om welke drogreden dan ook toch heeft gemist krijgt straks van Chokri een herkansing. De Amerikaanse indie held gaf te kennen om er dan opnieuw met volle goesting in te vliegen, we hopen van U hetzelfde.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/bob-mould-03-06-2012/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel