logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (6 Items)

James Leg

James Leg - Het heilige vuur brandt nog...

Geschreven door

James Leg - Het heilige vuur brandt nog...

Twaalf jaar geleden gooiden Black Diamond Heavies na twee sublieme studioalbums en zeven jaar intens touren de handdoek definitief in de ring. Hoewel ze het toen zelf over een korte onderbreking hadden, bleek de breuk niet meer te lijmen. Drummer Van Campbell modderde eerst nog wat aan in The Cairo Gang van Bonny ‘Prince’ Billy en King Mud om daarna volledig weg te deemsteren.
James Leg koos na een ommetje bij Cut In The Hill Gang voor een solocarrière. En hoewel zijn drie soloplaten bijlange niet kunnen tippen aan ‘Every damn time’ of ‘A touch of someone else’s class’ van Black Diamond Heavies, bleven zijn optredens, op een enkele uitzondering na, telkens knetterende feestjes.
Na een afwezigheid van meer dan twee jaar was James Leg terug in Europa voor een korte tour, tijd dus om eens te checken of het heilige vuur nog brandde. Plaats van de afspraak: de Thiemeloods, een omgebouwde oude werkplaats in het oude stadsgedeelte van Nijmegen. De enige wijk in de stad die in 1944 gespaard bleef van de Amerikaanse bombardementen, wisten enkele lokale bezoekers ons te vertellen. Daar was hij dan, James Leg, nog wat magerder dan voorheen zo leek het. De voorbij twee jaar zullen geen vetpot geweest zijn. Dolgelukkig omdat hij terug was maar helaas was hij net nu zijn stem kwijt. Maar dat viel uiteindelijk best mee, het zingen ging hem goddank beter af dan het praten.
Verder was het nog even uitkijken wie hem zou begeleiden op drums. Daar een vaste band niet haalbaar is, werkt hij met interim drummers (twee in de VS en één in Europa). Hier bleek het opnieuw de Fransman Marlon Saquet te zijn en het was zowaar hun honderdste keer samen! De jongeman deed zijn uiterste best om James Leg bij te benen wat resulteerde in knallend drumwerk waar de vonken en versplinterde sticks vanaf spatten. Dat terwijl onze man uit Chattanooga, Tennessee als vanouds beukte op zijn gehavende Fender Rhodes en zijn gegrom ondanks de stemproblemen behoorlijk onheilspellend klonk.
Zijn weergaloze mix van rock-'n-roll, soul en gospel werd met zoveel begeestering de zaal in gekatapulteerd zodat voor de meeste aanwezigen de heupen stilhouden, zelfs op een zondagnamiddag, geen optie meer was. Wat was het weer genieten van het stompende "Can't stop thinking about it" van The Dirtbombs maar het hoogtepunt vond ik dit keer "All to hell" waarin wat gas teruggenomen werd en hij zijn vingers met een speelse souplesse over de toetsen liet dansen. Toevallig het enige Black Diamond Heavies nummer dat trouwens de titeltrack is van een gloednieuwe BDH verzamelelpee. En dan plotseling uit het niets, kondigde hij met een sardonische grijns op zijn smoel een song aan speciaal voor mij waarna hij "A forest" van The Cure inzette. Hoewel hij absoluut een neus heeft voor goeie covers vond ik deze destijds totaal overbodig. Ik zal het hem vroeger wel eens gezegd hebben (of leest hij mijn recensies?) maar dat hij dit nog wist... Zijn versie overtreft trouwens ruimschoots het origineel.
We mochten ook één nieuw nummer noteren: de single "All but gone" dat hij samen met Marlon Saquet in de Elzas opnam en eigenlijk de voorbode van een nieuwe elpee moest zijn. Covid besliste daar echter anders over.
Tot slot nam hij in schoonheid afscheid met twee, wel raak, gekozen covers: het obscure "Drinking too much" van het Australische The Kill Devil Hills en Link Wray's "Fire & brimstone".
Deze James Leg is nog lang niet afgeschreven!

James Leg

James Leg - Nog lang niet moegestreden

Geschreven door

James Leg - Nog lang niet moegestreden
James Leg
Paulusplein + Kaffee-Ine
Oostende + Mechelen
2019-08-16 + 2019-08-17
Ollie Nollet

Eerst kreeg ik op de Paulusfeesten nog de kans om Humanga Danga, die ik op Rock Zerkegem net miste, mee te pikken. Vier heren, strak in het zwarte pak, speelden ondanks het miezerige weertje ten dans op het Paulusplein. Aanvankelijk vond ik ze wat braaf maar besefte al snel dat dit wel een beetje eigen is aan het genre. The Ventures, aan wie ze me deden denken, waren ook niet meteen branieschoppers terwijl Dick Dale, van wie ze een cover brachten, zijn muziek pas in de herfst van zijn carrière een venijnige powerinjectie gaf. Deze groep uit Gent bracht vrij authentieke surf waarin ik me steeds beter kon vinden. Af en toe hoorde ik wat exotische invloeden, iets waar de surfbandjes uit de jaren ‘60 ook niet vies van waren. Maar het was toch vooral de inventieve leadgitaar van Stefan Valenbergs die Humanga Danga ver boven de middelmaat uittilde.

Daarna toch maar eens gaan kijken naar Cosmo’s Foger-T. Nochtans moet ik niets hebben van tributebands maar het ging hier om Creedence Clearwater Revival en de bezieler van dit project was ene Frankie Saenen die nog bij The Kids en (vooral) The Scabs zou gespeeld hebben. Zo’n vijf minuten kon dit me boeien tot duidelijk werd dat de stem van John Fogerty moeilijk te imiteren valt. Het leek erop alsof drummer-zanger Saenen voortdurend op zij adem trapte. Toch was het leuk om er nog eens aan herinnerd te worden wat voor een onvoorstelbare hitmachine C.C.R. moet geweest zijn.

Volgend jaar zal het tien jaar geleden zijn dat de Black Diamond Heavies ermee ophielden, het einde van -ik wik mijn woorden- één van de beste livebands ooit. De kans op een reünie is onbestaande dus moeten we verder met frontman James Leg, die na de split gewoon bleef doorgaan. Maar het niveau van de Black Diamond Heavies bereikte hij nooit meer. Niet alleen omdat zijn drie soloplaten (en nog eentje met Left Lane Cruiser) net iets minder waren dan die van Black Diamond Heavies maar vooral omdat hij er nooit in slaagde een vaste drummer te vinden. Een probleem dat zich net voor deze korte tour opnieuw stelde. Amper enkele dagen voor het eerste optreden liet zijn Franse drummer weten ermee op te houden. Hoe hij het voor mekaar kreeg weet ik niet maar toch vond hij nog een vervanger en wat voor ene! Livia Ranalli, drumster bij The End Men, een heavy blues rock band uit Brooklyn, die onlangs naar Leipzig verhuisde. Een goeie drumster (eindelijk eens iemand zonder metal achtergrond) en esthetisch gezien zeker geen slechte zaak. Maar met beperkingen uiteraard, vooraf kende ze de muziek van James Leg totaal niet. Laat ons zeggen dat ze zich schitterend uit de brand wist te slepen.
Mooier kon James Leg zijn set niet beginnen: met twee Black Diamond Heavies klassiekers, “Take a ride” (T-Model Ford) en “Poor brown sugar”. Ondanks de gietende regen bevond ik mij in de zevende hemel maar toen sloeg het noodlot in de vorm van een blokkerende bastoets toe. Dit soort incidenten gebeuren om de haverklap met zijn Fender Rhodes maar dit keer betrof het zijn bas keyboard en dat bleek net iets lastiger om te herstellen. Dat heb je natuurlijk als je werkt met vintage materiaal dat je ergens goedkoop op de kop kon tikken. Maar het volk bleef geduldig (zo’n tien minuten) en doorweekt wachten.
Volkomen terecht want wat na de panne volgde was een James Leg grand cru. Bij een vorige keer dat ik hem zag vroeg ik me nog af of de houdbaarheidsdatum niet stilaan in zicht kwam maar hier werden alle twijfels weggeveegd. Een zichtbaar gelukkige James Leg (een nieuw lief! en nee, niet de drumster) molesteerde als vanouds en met veel souplesse zijn Fender Rhodes terwijl zijn stem opnieuw de juiste dosis rauwheid bevatte. Zijn bezeten mix van blues, soul, gospel, folk en rock-‘n-roll, gebracht met een niet aflatende gedrevenheid, kent nog steeds zijn gelijke niet. James Leg lijkt na al die jaren ook een meester in het naar zijn hand zetten van andermans nummers te zijn geworden. Zo hoorden we niet onmiddellijk herkenbare maar knappe versies van “A forest” (The Cure) en “Can’t stop thinkin’ about it” (The Gories), niet echt voor de hand liggende keuzes. En hoewel hij al enkele jaren de drank heeft afgezworen lijkt “Drinking too much” (van het Australische The Kill Devil Hills, dit jaar nog gezien op Binic Folks Blues Festival) zijn lijflied te zijn geworden. Ondanks de barre weersomstandigheden zal James Leg er in Oostende ongetwijfeld heel wat fans hebben bijgewonnen.

‘s Anderendaags sloot hij zijn tour af in Mechelen. Kaffee-Ine is een koffiebar in het centrum van Mechelen waar sinds kort ook live muziek gepresenteerd wordt. Op korte tijd konden ze zelfs twee van mijn absolute favorieten strikken: Margaret Airplaneman en nu dus James Leg. Hoog tijd voor een kennismaking. Het knap ingerichte pand leek niet meteen geschikt voor optredens (wat krappe ruimte) maar het warme onthaal maakte veel zo niet alles goed. Dat plaatsgebrek zorgde overigens wel voor een unieke opstelling. Zo stond het orgel frontaal tegen het drumstel opgesteld wat het optreden beslist een stuk intiemer maakte. De set bestond uit dezelfde songs, weliswaar in een andere volgorde geschoffeld, als in Oostende. Het is ooit anders geweest maar wat wil je met twee muzikanten die amper tien dagen geleden voor het eerst samen speelden. Een al vlug in het zweet badende James Leg en een spraakzame Livia Ranalli hadden er duidelijk zin in en maakten er een stomend feestje van in een vol gelopen Kaffee-Ine.
Het enige wat je James Leg zou kunnen verwijten is het gebrek aan nieuwe nummers. Maar achteraf beloofde hij daar werk van te maken. In de loop van dit en volgend jaar zou hij maar liefst vier singles willen uitbrengen, gevolgd door een volwaardige LP. Daarnaast zijn er ook plannen om met The Immortal Lee County Killers nieuw materiaal op te nemen. Aan grootse plannen geen gemis, zoals altijd trouwens, maar of ze ook verwezenlijkt zullen worden valt nog af te wachten …

Organisatie: Paulusfeesten, Oostende + Kaffee-Ine, Mechelen

James Leg

James Leg - Nog steeds in bloedvorm

Geschreven door

James Leg - Nog steeds in bloedvorm
James Leg
Bar Live
Roubaix
2016-01-24
Ollie Nollet

Er diende voor dit optreden in allerijl een nieuwe locatie gezocht te worden daar El Diablo, waar James Leg oorspronkelijk ging spelen, enkele dagen voordien op politiebevel werd gesloten. Gelukkig vond men de Bar Live (voorheen le 301) bereid om hun deuren hiervoor open te stellen. Een zaaltje met een perfecte klank waar ik vroeger al eens Black Diamond Heavies aan het werk zag.

Wat kan ik nog schrijven over James Leg? Ik ben intussen al lang de tel kwijt geraakt hoeveel keer ik hem zag. Dat de Black Diamond Heavies nu toch tot een wel zeer ver verleden behoren? Slechts één song bleef er nog over : “Fever in my blood”, dat pas als allerlaatste bis werd prijsgegeven. Dat ook de gezondheidsproblemen definitief van de baan zijn? Onze held bleek in uitstekende conditie ondanks het eindeloze touren. Net als zijn ‘nieuwe’ Fender Rhodes piano trouwens, wat ooit anders is geweest. Of dat Mat Gaz, van nature uit een hardrock drummer, zich steeds beter weet in te leven in deze unieke mix van garagerock, gospel, blues en country?
De set bestond voor de helft uit nummers van de nieuwe plaat, ‘Blood on the keys’, en die klonken verrassend stuk voor stuk behoorlijk straf. Veel beter dan op de plaat, die ik trouwens erg teleurstellend vind. En dan zijn ze die songs nog ten volle aan het leren, aldus de man zelf, wat mijn vermoeden bevestigt dat ze veel te vroeg op plaat zijn gekwakt. Hier klonk alles zoveel strakker en meer vintage James Leg terwijl het op vinyl rammelt langs alle kanten.
Naast dat nieuwe geweld hoorden we onder andere nog het geweldig stompende “Do how you wanna” (te vinden op zijn eerste soloplaat) en gesmaakte covers van The Gories (“Can’t stop thinking about it”) en The Cure (“A forest). Ja, zelfs met dat laatste kon ik me verzoenen. Maar het hoogtepunt van de avond vond ik “Drink it away”, een feestelijk klinkende countryrocker, oorspronkelijk van ene Larry Doug Bales. Na wat gegoogle kwam ik te weten dat het hier gaat om een nummer van het mij totaal onbekende Uncle Lightnin’ (Bales is de drummer), een band uit Chattanooga, Tennessee, tevens de thuisstad van James Leg. Beiden werkten overigens ooit wel eens samen terwijl die Bales ook nog eens bijkluste bij Mark ‘Porkshop’ Holder van wie er één dezer dagen een plaat (‘Let it slide’) op Alive Naturalsound Records verschijnt en dat is echt iets om naar uit te zien.

Maar ik had het over James Leg in Roubaix. Wel, hij ‘stond’ er, net als in zijn hoogdagen en dat voor een uitgebreide, dolenthousiaste schare fans!

James Leg

James Leg - Ondanks een sputterende piano in grootse doen

Geschreven door

Ik herinner me het eerste concert van de Black Diamond Heavies in de 4AD anno 2007 nog als de dag van gisteren. Wat een explosieve kracht school er in dat duo! Later zag ik ze nog talloze keren terug want ze toerden als gekken (drie Europese tournees per jaar was geen uitzondering, eerder de regel) en telkens hing er magie in de lucht.
Tot er eind 2010 een einde aan het sprookje kwam toen de superbe drummer Van Campbell vond dat het genoeg geweest was. Maar organist-zanger James Leg bleef koppig doorgaan met telkens een andere occasionele drummer, zij het wat zwalpend. Net toen ik het ergste vreesde, zag ik in 2013 een herboren James Leg, die de drank en alle andere gevaarlijke genotmiddelen had afgezworen, terug in Middelburg. Dit jaar verscheen dan zijn tweede soloplaat, ‘Below the belt’, die er best mag zijn. Ik verwacht telkens een meesterwerk als die eerste Black Diamond Heavies-plaat, “Every damn time”, mijn wat onredelijke eis werd evenwel niet ingewilligd. Maar James Leg is iemand die je vooral live moet zien, dus trok ik naar Brussel.

Zoals een beetje verwacht bleek het sympathieke Magasin 4 een paar maten te groot voor James Leg. Vooral The Freeborn Brothers hadden hier last van en kregen het her en der verspreide volk moeilijk aan hun kant. Uiteindelijk trok Matt Plesniak dan maar zelf al dansend de zaal rond wat een aardig zicht opleverde met die stompfoot tamboerijn aan zijn ene voet. Het drietal uit Polen omschrijft hun muziek zelf als ‘gypsy hobo trash grass punk-‘n-roll’ en dat zal wel ongeveer hetgene geweest zijn wat we op ons bord kregen. De stevig voortjakkerende songs met een losgeslagen banjo, een ratelend washboard of een pompende accordeon konden alvast de kilte uit mijn stramme ledematen verdrijven. Enkel wanneer er wat gas teruggenomen werd, wat gelukkig niet al te veel gebeurde, kwamen hun beperkingen bovendrijven. Niettemin een aangename opwarmer.
James Leg stoof er als vanouds furieus in en lokte het volk meteen naar voor maar tijdens het eerste nummer al gaf zijn oude Fender Rhodes piano, die zo te zien beide wereldoorlogen nog van nabij heeft meegemaakt, de geest.
Na wat oplapwerk kreeg een duidelijk geïrriteerde James Leg het ding toch weer aan de praat maar tijdens het eerste half uur bleef de klank geregeld wat haperen. Dat vervelende probleem maakte hem bijzonder nijdig - een paar keer had hij duidelijk zin om zijn piano tegen de vlakte te stampen – maar zelfs dat kon geen rem zetten op een gedreven, pittige set.
Samen met zijn tegenwoordig vaste partner in Europa, drummer Mat Gaz uit het Franse Angoulême, die onlangs nog met zijn andere band Mars Red Sky op het Desert Fest in Trix speelde, produceerde hij een stevige bezielde sound waarvan de wortels diep in de soul, gospel en country verankerd waren. De nieuwe songs moesten niet onderdoen voor de talrijke Black Diamond Heavies parels als “White bitch”, Leave it in the road” of “Poor brown sugar”. Vooral “Dirty south” kon zo weggeplukt zijn uit een BDH elpee en was met zijn “Sympathy for the devil” oe-oe’s na “Fever in my blood” met zijn “Gimme shelter” passage de tweede song die verwees naar de Rolling Stones.

Een zich herhaaldelijk voor het slechte materiaal excuserende James Leg zal wellicht niet tevreden geweest zijn, toch haalde hij tijdens de bis nog eens alles uit de kast in een werkelijk fenomenale versie van “Ain’t talking about love” (Van Halen).

Organisatie: Magasin 4, Brussel

James Leg

Delaney Davidson + James Leg - Zelfs een overdaad aan pech kan James Leg niet nekken

Geschreven door

Delaney Davidson + James Leg - Zelfs een overdaad aan pech kan James Leg niet nekken
Delaney Davidson + James Leg

Delaney Davidson uit Christchurch, Nieuw-Zeeland, leek op het eerste zicht, zo weggelopen uit een film van Quentin Tarantino. Net het stof van het pak geklopt en vreselijke geheimen torsend achter dat onbewogen, staalharde gelaat. Hij toonde ook enige gelijkenissen met die andere kerel van Down Under, C.W. Stoneking. Maar terwijl Stoneking zich vastklampt aan die authentieke sound uit het verleden lijkt Davidson meer van deze tijd en was hij steeds druk in de weer met loops.
En dat je daar tegenwoordig veel mee kan bewees hij toen hij een ‘dance contest’ organiseerde. Hij speelde enkele loops in waarop het walsje gewoon verder speelde terwijl hijzelf de dans ging inleiden in het publiek. Tja, waarom zou je dan nog dure muzikanten moeten inhuren? Davidson bracht zijn songs, waarvoor hij inspiratie vond in zowel folk-, blues- als countrymiddens, met een wat benepen stem (zand tussen de tanden?) en in een lome sfeer waarin ook een Calexico zich kan wentelen. Naast de vele sterke eigen nummers bracht hij ook enkele gesmaakte covers: Leadbelly's “In the pines” (waar de versie van Nirvana blijkbaar aanleiding toe was), een hilarisch (wat dacht je?) nummer van Lightning Beat-Man (Davidson brengt trouwens zijn platen uit op diens label ‘Voodoo Rhythm’), Willie Dixon's “Spoonful” (hoorde ik enkele dagen geleden ook al van The Crooked Brothers) en Hank Williams' “Ramblin' man” (dat ietwat gebukt ging onder een overvloed van gemanipuleerde loops). Of de man tevreden was na afloop van zijn set viel niet op te maken uit zijn ijzige gelaatsuitdrukking, wij waren dat alvast wel.

Blijkbaar had zijn verwoestende passage (bijna letterlijk) op het Bretoense Folks&Blues Festival in Binic, vorig jaar, geen sporen nagelaten bij James Leg. Opnieuw met een andere drummer (de derde al sinds Black Diamond Heavies op non-actief staan), dit keer ene Andrew uit het Franse Angoulême. Een goeie drummer, dat zeker, met de nodige zin voor wat show ook, maar toch niet van die aard om de herinnering aan de onwaarschijnlijke Van Campbell, die zelfs geen halve oogopslag nodig had om te weten waar James Leg naartoe wilde, te doen vervagen.
Dat verleden met de Black Diamond Heavies werd trouwens absoluut niet verloochend en de set begon dan ook meteen verschroeiend met de oude en onverwoestbare stomper “Poor brown sugar”. James Leg staat nog steeds garant voor een avond dampende blues, country, soul en gospel die hij zeer eigenzinnig interpreteert met zijn door whiskey en sigaretten geschuurde stem en zijn overstuurde Fender Rhodes. Maar ook in het subtielere werk blijft de man verbazing wekken. Zoals hij in “Oh sinnerman” van Nina Simone zijn vingers over de toetsen laat glijden blijft tot de verbeelding spreken.
En toch bleef dat sprankeltje magie, dat de Black Diamond Heavies zo superieur maakte, uit. Nu moet ik er meteen bij zeggen dat de twee niet van de nodige pech gespaard bleven. Zo was er eerst een mechanisch defect aan de piano. Het mag dan voor de toeschouwers bijzonder spectaculair ogen hoe James in record tempo met schroevendraaier en kniptang dit euvel herstelt, de man zelf haalt het uit de grond van zijn hart en het haalt onvermijdelijk toch de vaart uit de show. Tot overmaat van ramp brak de drummer ook nog zijn snare waardoor de set toch een halfuurtje werd ingekort, wist James Leg achteraf te vertellen.

Ondanks al die pech en het feit dat dit één van de laatste optredens was uit een bijzonder lange en slopende tour kregen we een indringende set te zien van twee muzikanten die van geen wijken wilden weten.

Na zowat een half jaar touren wil James Leg de tweede helft van dit jaar de studio induiken om maar liefst twee platen op te nemen: eentje onder zijn eigen naam en een tweede onder de vlag van de Black Diamond Heavies, met Van Campbell! Als dat geen goed nieuws is!

Organisatie : de Zwerver, Leffinge (Leffingeleuren)

James Leg

James Leg - Echt vuurwerk pas na de pauze

Geschreven door

Nadat de tour van de Soledad Brothers samen met James Leg jammerlijk niet door ging werd ter elfder ure nog een nieuwe Europese tour voor James Leg alleen in elkaar geflanst waarbij ons land over het hoofd werd gezien. Dan maar de grens over naar Kaffee 't Hof in Middelburg, een aangename kroeg waar de patron een goeie muzikale smaak heeft. Alleen moest je er wat tijd hebben want het optreden, dat uit twee delen bestond, begon pas rond 22u30.

James Leg (echte naam John Wesley Myers) is de zanger-pianist van de Black Diamond Heavies, één van de indrukwekkendste live-sensaties van de jongste jaren, die momenteel noodgedwongen onder eigen naam opereert nu zijn partner in crime, drummer Van Campbell, het wat rustiger aan wil doen na zijn huwelijk. Sinds het (voorlopige) verscheiden van de Black Diamond Heavies was de eeuwig tourende Myers al eens in Europa met Cut In The Hill Gang, maar dat was eerlijk gezegd toch een halve ontgoocheling. Er viel dus nog wat goed te maken en we waren dus benieuwd wat hij er met zijn nieuwe drummer en oude vriend, Andy Jet Jody, van zou bakken. "Gewoon Black Diamond Heavies met een andere drummer" had hij me na het optreden van Cut In The Hill Gang beloofd maar dat pakte toch enigszins anders uit.
Aanvankelijk kon James Leg het optreden in Middelburg met de beste wil van de wereld niet van de grond krijgen. Er waren wat problemen met de klank die niet meteen opgelost raakten maar dat was echt niet de enige reden. Op zijn nieuwe plaat ‘Solitary pleasure’ vaart Leg toch een wat andere koers en precies die meest afwijkende (i.v.m. Black Diamond Heavies) songs zaten in het eerste deel van de show. Nummers waarin het distortionpedaal met rust werd gelaten en zijn Fender Rhodes zowaar klonk als een New Orleans piano. Mogen "Nobody's fault" (kon zo geplukt zijn uit Tom Waits' ‘Closing time’, "No license (song for the caged bird) of "Whatever it takes" op plaat beslist overtuigend klinken, live vielen ze nogal slapjes uit en konden zeker niet beklijven.
Voor het eerst kreeg ik het gevoel dat ik dit niet meteen terug moest zien, dat terwijl ik BDH minstens tien maal aan het werk zag en nog steeds naar meer snakte. Maar was het geen Nederlander die ooit zei "'t kan verkeren"? Met de gospelstamper "Georgia", dat klonk alsof ik het mijn hele leven al kende maar toch gewoon van de nieuwe plaat afkomstig is, sloeg het vuur uiteindelijk toch in de pan. Eindelijk hadden beide heren de juiste drive te pakken en net nu de stomende trein goed op de rails stond werd er een break ingelast en kwam de twijfel weer de kop op steken. Misten we dan toch die fantastische Van Campbell op drums?
Blijkbaar had James Leg onze gedachten gelezen want het tweede deel van de avond was van een compleet andere wereld. De ‘Fender Rhodes fingerfucker’ snauwde zich met die indrukwekkende growl van hem en druipend van het zweet als vanouds door zijn songs, hierbij zijn piano en basorgel voortdurend molesterend. Dit terwijl Andy Jody onze twijfels de deur uit mepte en één blok zinderende rock-n'-roll bleek. Heeft waarschijnlijk niet voor niets ooit bij Barrence Whitfield & The Savages gespeeld. Een groot zanger is hij niet maar de door hem gezongen cover, "Oh sweet nuthin' " van de Velvet Underground, was verdomd één van de hoogtepunten van de avond. En zo waren er nog bij de vleet : het onverslijtbare " Poor brown sugar", de Link Wray-cover " Fire and Brimstone" en "Drinking too much" waarbij James de daad bij het woord voegde en zijn whisky met een biertje doorspoelde.
Met een zelden geziene gretigheid raasde dit duo door die tweede set, geen seconde verslappend en o, zo fel contrasterend met het eerste deel van de avond. Je wou dat er nooit een einde aan kwam maar met een koppel bluessongs gebeurde het onvermijdelijke toch : het nog steeds hypnotiserende "Take a ride" van T-Model Ford en "Got my mojo workin' ", bekend van Muddy Waters en waarbij James zijn drummer op de proef stelde want dit hadden ze nog nooit eerder gespeeld.

Nog één keer kwamen ze terug om alles en iedereen (de Stones incluis) te verpletteren met een razende versie van "Jumpin' Jack Flash". Daarna konden we enkel naar adem happend de frisse buitenlucht opzoeken.
Achteraf vernam ik dat James Leg dit jaar opnieuw komt naar het Folks Blues Festival in Binic, Bretagne (eerste weekend van augustus, net als Left Lane Cruiser (!!!), Radio Moscow, Bloodshot Bill en Mark Porkchop Holder (in het prille begin derde lid van BDH).

Organisatie: Kaffee ’t Hof, Middelburg