logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (8 Items)

Seasick Steve

A Trip A Stumble A Fall Down On Your Knees

Geschreven door

Even de tijd terugdraaien, in 2006 kwam Seasick Steve plots boven het aardoppervlak dankzij een leugentje om bestwil. De vermeende hobo kwam zogezegd rechtstreeks van de straat om als succesvolle bluesmuzikant verder door het leven te gaan, maar in werkelijkheid had de brave man al jaren een knus optrekje ergens in het veilige Noorwegen waar hij rustig op zijn gitaar zat te tokkelen. Het zwerverbestaan was dus compleet uit de duim gezogen van één of andere gewiekste manager die vond dat dergelijk verhaaltje wel goed zou passen bij een ouwe bluesrot. En het werkte, solodebuut ‘Dog House Music’ bracht de laatbloeier Seasick Steve op zijn 55 ste eindelijk erkenning op, en dan nog tot ver buiten de gevestigde blueskringen. Hij was helemaal gelanceerd en mocht met veel bijval menig festival opfleuren met zijn down-to-earth look, zijn ZZ Top baard, zijn gammele zelfgebouwde gitaren en zijn retro blues-act.
Het album was een sterk stukje onversneden en rauwe blues van het soort dat we ook kenden van gelijkgestemde zielen uit de Fat Possum stal als T Model Ford en R.L. Burnside. Vuile, ongekuiste blues dus, niet de designervariant van veel gekostumeerde balorkesten. Steve is daarna verder plaatjes blijven maken binnen hetzelfde concept, de ene plaat al iets scherper en venijniger dan de ander. Maar dat venijn is in de loop der jaren toch wat weggeëbd ten koste van meer gemoedelijke blues, zoals ook het geval is op dit inmiddels al twaalfde album. Het lijkt alsof Seasick Steve er vrede mee genomen heeft dat zijn blues een meer gezapige aanpak verdient. Daar zijn wij minder gelukkig om dan hem.
De inspiratie laat het ook een beetje afweten, de riff van “Move To The Country” is hij schaamteloos gaan jatten bij CCR en verder laat hij zich om de haverklap verleiden tot de de clichés van het genre zonder er veel aan toe te voegen. Dingen als “San Francisco Sound ‘67”, “Let The Music Talk”, “You Don’t Know” en “Funky Blues” mogen dan wel onderhoudend klinken, ze zijn tegelijkertijd ook te vrijblijvend, te gewoontjes, te simpel. Het zijn van die typische bluessongs die weliswaar nooit echt iemand tegen de borst stoten maar waarvan er 13 in een dozijn voorkomen.
Seasick Steve heeft zich er deze keer een beetje te gemakkelijk van af gemaakt, het ganse album klinkt alsof het is opgenomen op automatische piloot, het kabbelt voorbij en nodigt niet echt uit tot meerdere luisterbeurten.
 Beetje jammer, maar we blijven het een sympathieke gast vinden en zijn optredens kunnen ons nog steeds bekoren, zeker omdat we weten dat zijn songs live een stuk rauwer en veel minder opgesmukt voor de dag komen.

Seasick Steve

Can u Cook?

Geschreven door

Steven Gen Wold (geboren als Steven Leach) verzon zijn levensverhaal. Hij bleek niet in 1941 maar in 1951 te zijn geboren en leefde hij naar eigen zeggen sinds zijn 14de als zwerver. Het duurde lang voordat Seasick Steve kon leven van zijn muziek. De doorbraak kwam er voor hem toen Jools Holland in 2006 hem inviteerde voor diens oudejaarsshow op de BBC. De rest is historie en welbekend.
Intussen is hij aan zijn negende album (zijn twee verzamelalbums niet meegerekend). Er lijkt geen sleet op zijn muziek te zitten. Ze klinkt nog steeds integer en gezongen door iemand die een zwaar leven achter de rug heeft. Dat heeft het succes in elk geval niet aan hem veranderd. We vinden een aantal ruigere songs terug zoals opener “Hate Da Winter”. Met een heerlijke bluesy riff en bijhorende zang. Schitterend begin. Ook het titelnummer en “Shady Tree” zit in hetzelfde straatje. Op “Down The Road” krijgen we een heerlijke Mississippi-blues met mooi slide gitaarwerk door Bruce Dickinson. “Chew On Da Blues” gaat traag maar onverbiddelijk onder je huid kruipen. Op “Lay” krijgen we een warme en vrij open gezongen Steve. Net een slaapliedje. Mooi. “Sun On My Face” roept beelden op van zingende negers in een veranda op een warme zomeravond. Kon zo uit begin van de vorige eeuw komen. Afsluiter “Company” is een meer dan vijf minuten uptempo durende track met de gekende Seasick kenmerken.
Seasick Steve is terug en hoe … ‘Can U Cook?” is heel goed. Diepkruipende Amerikaanse blues die soms ruig of rauw klinkt maar ook soms warm en gevoelig.

Blues/Rag n Bones
Can u Cook?
Seasick Steve

 

Seasick Steve

Seasick Steve - De typische maar succesvolle formule

Geschreven door

Seasick Steve - De typische maar succesvolle formule
Seasick Steve - Black Box Revelations

Ancienne Belgique
Brussel
2016-10-17

Cis Vliegen

Een tiental jaar geleden verscheen het iconische figuur Seasick Steve op ‘Later with Jools Holland’. Dankzij deze televisie passage kreeg ‘de oude man met de baard’ erkenning van het grote publiek. Hijzelf dacht een ééndagsvlieg te zijn, maar staat vanavond voor een uitverkochte AB. Met zijn nieuwe album ‘Keeping the Horse Between Me and the Ground’ tourt hij door Europa samen met de fantastische Black Box Revelation als support. Benieuwd wat deze bluesman met ‘wilde sprookjes’ ons vanavond zal brengen.

De Black Box Revelation deden wat ze moesten doen: het publiek opwarmen! Met een goede set, mooie show en vooral veel energie wisten ze het publiek mee te nemen naar een absoluut hoogtepunt. Zelden maak ik mee dat de AB zoveel aandacht heeft voor het voorprogramma.

De lat ligt hoog voor Seasick Steve en ja ik ga al meegeven dat hij liever limbo danst dan aan hoogspringen doet.

Seasick Steve opent de show met een duidelijke mening over politiek: het interesseert hem geen ***! Waarna hij een kwetsbare soloversie brengt van het Dion Dimucci nummer ‘’Abraham, Martin and John’” Een rustige opener voor een set die later zou moeten ontploffen.
Vervolgens verschijnt zijn Zweedse buddy en drummer, Dan Magnusson, op het podium. Vanaf dat moment steken de twee oude knarren het lont aan. Helaas blijft de ontploffing uit tot het einde van de show wanneer de Black Box Revelation hen vergezelt op het podium
Eigenheid
- Het is en blijft een grappig zicht. Twee oude mannen met baarden die elk van jut geven op drum en gitaar. Dat in combinatie met muziek gebaseerd op waargebeurde feiten maken van Seasick Steve niet enkel een artiest maar ook een cultfiguur. Duidelijk is dat Seasick Steve het belangrijk vindt dat mensen weten dat hetgeen waarover hij zingt, ook effectief is gebeurd. Een tijd geleden ontkrachtte journalist Matthew Wright zijn verhaal en hier gaat hij ettelijke keren op in. Zo ratelt hij verschillende nummers af met volgende zin: “If I sing about … it’s because I did!”.
Hoogtepunten - De hoogtepunten zijn zijn grootste onblusbare hits “Walking Man”, “Doghouse Blues” en “Walkin Blues”. Helaas klinkt het vurige “Thunderbird” wat platter ten opzichte van de rest. Maar de absolute topper van de avond is ‘‘Keep that Horse Between You and the Ground” van zijn nieuwe plaat. Hier verschijnt het duo van de Black Box Revelation op het podium waardoor het nummer tien keer meer power krijgt. Dit is het moment dat de bom eindelijk eens ontploft!
Bis - Onder luid gejuich wordt Seasick Steve terug op het podium gesmeekt. Hij begint de bis zoals zijn show, solo en kwetsbaar, maar nu met een cover van het folky nummer “Gentle on My Mind” van Glen Campbell. De song wordt met wolf gehuil onthaald door enkele flauwe grappenmakers in het publiek. Spijtig aangezien dit ‘de sfeer van het moment’ teniet doet. Het volgende “Dog House Blues” maakt het allemaal weer goed.

Een vlakke show - Echte uitschieters zijn er niet. De formule van de show blijft hetzelfde als tien jaar geleden: vrouwelijk schoon op het podium voor “Walking Man”, introductie praatjes bij iedere song, … Maar toch weet Seasick Steve het publiek hiermee te ‘blijven’ boeien. Daarvoor in mijn ogen een dikke pluim! Het publiek laat horen dat die typisch formule de reden is waarvoor ze komen. Ikzelf daarentegen ga voor stevige bluesrock en die komt slechts enkele keren aanbod.

Besluit
- Seasick Steve bracht een gezellig optreden met een huiselijke sfeer. Speelde zijn nummers zoals het hoort en gaf veel liefde aan het publiek. Voor sfeer en gezelligheid een dikke tien, maar voor de echte knallende blues die we gewoon zijn van deze knar slechts een zes.

Setlist - Abraham Martin and John (cover), Hell, Gypsy Blood, Bulls Eye, That’s All, Walkin Man, Thunderbird, Walkin Blues, Chiggers, Summer Time Boy, Don’t take it away, Keep that Horse Between You and the Ground; BISS: Gentle on my mind (cover), Dog House Blues

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/seasick-steve-17-10-2016/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/black-box-revelation-17-10-2016/
Organisatie: Live Nation

Seasick Steve

Sonic Soul surfer

Geschreven door

Sedert de doorbraak op zijn ouwe dag blijft Seasick Steve met de regelmaat van de klok nieuwe platen maken. Zijn laatste wapenfeit heet ‘Sonic Soul Surfer’ en de 74 jarige ouwe makker surft er verder op de gekende formule, rauwe blues en boogie gebouwd op de erven van John Lee Hooker en met af en toe een tedere ballad er tussenin.
Dat er weinig evolutie zit in de sound is in zijn geval alleen maar goed nieuws. Hij heeft hoegenaamd geen pogingen ondernomen om zijn blues op te schonen en blijft spelen op rammelbakken van gitaren die hij zelf met een hoop schroot in elkaar heeft geflanst. Aan de spontaniteit die uit deze plaat sprenkelt merken we dat Seasick Steve er nog heel wat plezier aan om de blues te verkondigen. Ons zal hij er in ieder geval niet mee vervelen, want hoezeer deze sympathieke baardmens ook blijft wandelen op de geijkte bluespaden, zijn songs komen steeds fris en potig voor de dag. Dat komt omdat die in zijn geval altijd rechtstreeks vanuit de onderbuik komen en niet uit één of ander berekend brein.
Wij zouden zelfs durven stellen dat deze ‘Sonic Soul Surfer’ één van zijn sterkste werkjes is, omdat er een handvol venijnige en straffe boogierockers opstaan (“Roy’s Gang”, “Sonic Soul Boogie”, “Barracuda ‘68”,…) waarin Steve zijn gitaar lekker smerig laat rammelen. Daarnaast kan de rustige swamp-blues van “We Be Moving” en vooral “Your Name” zich meten met het beste van Tony Joe White. Steve kan ook het op zijn akoestische eentje, het album eindigt heel stilletjes met een fraaie ballad, het veelbetekenende “Heart Full Of Scars”.
Seasick Steve is nog zo een trouwe kerel die de blues in de vingers, het hart en de nieren heeft en hij heeft geen virtuoze gitaaruitspattingen nodig heeft om dat aan de wereld te bewijzen. Moge hij nog lang plaatjes als deze ‘Sonic Soul Surfer’ maken.

Seasick Steve

You can’t teach an old dog new tricks

Geschreven door

Wie valt er nu niet voor een oersympathieke oude zwerver als Seasick Steve. Op festivals verovert hij steevast de harten van piepjonge fans die zijn kleinkinderen konden zijn. En dat met ongekuiste primitieve blues gespeeld op verhakkelde gitaren en omgebouwde sigarendozen. Geef de man een cola blikje, een borstelsteel en de elastiek van uw versleten onderbroek, en hij maakt er wel een gitaar van waaruit hij de meest wonderlijke blues tovert.
Ook op ‘You can’t teach on old dog new tricks’ (met die titel heeft hij zijn eigen plaat in één zin besproken) bewijst hij dat hij een songwriter van het puurste soort is. Country, blues en folk zijn de ingrediënten, prachtsongs zijn het resultaat. De naakte akoestische schoonheid van opener “Treasures” is daar meteen het mooiste bewijs van.
Op zijn vetst klinkt Seasick Steve met de elektrische kopstoten als “You can’t teach an old dog new triks”, “Back in the doghouse”, “Party” en “Days gone”, maar ook als de man de banjo ter hand neemt is hij tot mooie dingen in staat als “Whiskey ballad” en “Underneath a blue and colourness sky”.

Op dit album doet Seasick Steve dus gewoon waar ie goed in is, maar dan ook verduiveld goed. Geen stijlbreuk met zijn vorige platen dus, maar dat zou pas zonde geweest zijn.

Seasick Steve

Heerlijke non nonsens blues met Seasick Steve

Geschreven door

Seasick Steve blijft niet bij de pakken zitten en maakt gretig gebruik van het onverhoopte succes dat hem nu al twee jaar te beurt valt. In februari zagen we hem nog aan het werk in de Brusselse AB in het kader van de promotie van zijn vorig album ‘I started out with nothing and still got most of it left’, een tournee die hem later op het jaar ook naar de grote festivals, waaronder Rock Werchter, zou brengen. Nu is er alweer een nieuwe overigens prima plaat ‘Man from another time’ waarmee Steve terug de hort optrekt.

Blijkbaar is in Frankrijk de hype rond zijn persoontje nog niet zo hoog opgelaaid, te merken aan de eerder matige opkomst in le Grand Mix in Tourcoing. Steve liet het niet aan zijn hart komen, integendeel. Nu hij het gewoon is om voor uitverkochte zalen te spelen, vond hij het toch bijzonder interessant om nog eens als vanouds in een kleinere club, die dan nog maar halfvol was, zijn duivels te ontbinden. Hier kon hij zich tenminste nog eens volledig uitleven en hij maakte dan ook van de gelegenheid gebruik om zich even tussen het publiek te begeven en aldaar een lekker potje boogie te spelen.
Tourcoing ging dan ook volledig door de knieën voor deze onweerstaanbaar sympathieke ouwe man die onwaarschijnlijke klanken haalde uit de meest primitieve gitaren. Nou ja, gitaren, een sigarenkist en een houten plank met maar één snaar zullen we voor ’t gemak ook maar gitaren noemen. Uit dat laatste ding puurde hij trouwens op geniale wijze de uiterst stomende boogie “Diddley Bo”.
Steve had ook twee trouwe vrienden meegebracht. De eerste was een krachtige en bij momenten wilde drummer die de ideale aanvulling was voor diens rauwe sound, de tweede een goeie ouwe fles Jack Daniels. Een mens moet zo zijn vrienden weten te kiezen.
Heerlijk ook hoe Steve zijn bluessongs telkens inleidde met fijne, uit het leven gegrepen, verhalen. Naast een opmerkelijke gitaarspeler (misschien wel beperkt, maar wel uniek) en een begenadigd blueszanger, is hij vooral ook een zeer entertainende storyteller. Zijn verhaal die “Chiggers” aankondigde, een song over ellendige motherfuckers van beestjes die vreselijke jeuk veroorzaken, was verdomd geestig en de song zelf was werkelijk fenomenaal en rolde als de beesten. Ook de boogie krakers “Thunderbird” en “Never go west” rockten als opgefokte dekstieren, maar Steve kwam ook met een paar wondermooie rustpunten op de proppen. Voor het pareltje “Walking man” nodige hij een dame uit om op het podium naast hem van die heerlijke song mee te genieten (de vrouw in kwestie was trouwens speciaal voor Steve helemaal van het verre Newcastle overgekomen) en samen met de wonderlijke verschijning Amy Laverge (ze lurkte eerst even flink aan de whiskey en kwam daarna met een hemelse stem tevoorschijn) speelde hij een bloedmooie versie van de Hank Williams klassieker “I’m so lonesome I could cry”. Prachtig.
Steve eindigde als verwacht zijn set met een spetterend “Dog house boogie” waarbij hij, na een alweer aangrijpend verhaal midden in de song, op het einde gans de zaal aan het zingen kreeg.

Dit was een onvergetelijk concert waarmee een uiterst goedlachse Seasick Steve zich letterlijk terug onder de mensen begaf. Fantastische man.

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Seasick Steve

It’s all good met Seasick Steve

Geschreven door

Seasick Steve, een laatbloeier en bluesman in hart en nieren, geniet nu met volle teugen van het succes dat hem te beurt valt na zijn legendarische passage bij Jools Holland, zo’n kleine twee jaar geleden. De man maakt handig gebruik van de aloude idee dat de blues moet verkondigd worden door lui die met niks op zak het hele land hebben doorgereisd en daarbij een hoop ellende hebben meegemaakt. In Steve zijn geval is dat ook geen beetje overdreven, hij verliet het ouderlijke huis toen hij veertien was, trok de wilde wereld in en verdiende de kost met allerhande vuile jobs en met gitaar spelen. De titel van zijn laatste plaat luidt niet voor niks ‘Started out with nothing and still got most of it left’. Maar het geluk is aan zijn kant komen staan op zijn ouwe dag. Vroeger speelde hij voor twee man en een paardenkop, nu voor uitverkochte concertzalen. Het kan verkeren. Nochtans is zijn sound geen moer veranderd en speelt hij nog steeds op tot op de draad versleten gitaren. Gewoon geluk gehad. We gunnen het hem.

Naar de AB was ook nog een drummer mee afgezakt die de doorleefde blues en boogie van Steve voorzag van een stevige onderbouw. Seasick Steve begon al direct met vuurwerk in “Thunderbird”, prijsbeest van de laatste plaat, en zette zo de toon voor anderhalf uur potige blues, tot hij eindigde in een climax met de absolute kraker “Dog house boogie”, de motherfucker van een song waarmee de hele hype rond zijn persoon in gang werd gestoken. Wat daar tussenin zat was een aaneenschakeling van venijnige en primitieve roots- en bluessongs met een ziel en met de nodige brokken emotie. Seasick Steve ontpopte zich op het podium tot een ware entertainer die zijn publiek wist te vermaken met tragi-komische verhalen over zijn hond en zijn asshole van een vader.
De man is tevens voorzien van een doorleefde bluesstem en zijn sound leunt nog het dichtst aan bij John Lee Hooker, maar dan iets feller en meer verbeten. Steve’s gitaren (de ene was het inmiddels gekende vehikel met amper drie snaren, de ander een omgebouwde sigarenkist) mochten net iets meer huilen en janken. Met een prachtige lovesong “Walking man” wist Seasick Steve tevens de gevoelige snaar te beroeren, een bevallige jonge dame mocht zelfs even het podium op om vlak naast Steve te komen genieten van deze mooie song.

Anderhalf uur was het publiek, dat lang niet alleen uit bluesliefhebbers bestond, in de ban van deze rasperformer. Of hoe simpele, eerlijke en primitieve rootsmuziek zo een kracht kan uitstralen. Thank you, Steve.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Seasick Steve

Doghouse music

Geschreven door

Géén mens die al gehoord had van Seasick Steve, tot hij plots op een avond op BBC in Jools Hollands muziekprogramma mocht aantreden. Hij stond geprogrammeerd tussen groten als Paul Weller en Kaiser Chiefs in, speelde er de geweldige boogie blues “Dog house boogie” op een gammele gitaar voorzien van drie snaren en met een zeepkist als drumstel. Met zijn allen stonden ze er met open mond naar te kijken, zo iets puur en heftig hadden ze nog nooit gezien. Sedertdien is het voor de man, die reeds de pensioengerechtigde leeftijd voorbij is, allemaal in een stroomversnelling gegaan. Zijn agenda bulkt over van de concerten en zelf begrijpt hij er helemaal niks meer van. Zijn straffe stoot van die bewuste avond “Dog house boogie” staat hier natuurlijk ook op en is ook hier de uitschieter van het geheel. De rest is doorleefde blues zoals men die graag pleegt te horen bij Fat Possum artiesten als RL Burnside, Junior Kimbrough en T- Model Ford, rechtstreeks uit het moeras geplukt en waar nog vette modderkluiven aanhangen. Meestal akoestische mijmeringen van een eenzame zwerver on the road met hier en daar een elektrische gitaar die gemeen uithaalt. Seasick Steve treedt op deze “Dog house music” in het voetspoor van grote voorbeelden John Lee Hooker en Lightnin’ Hopkins. Kortom, de echte blues zonder franjes, maatpakken of gladgestreken gitaarsolos. Een baard, een gitaar, een vracht songs die uit het niet altijd romantische straatleven komen, meer heb je niet nodig om de authentieke blues in je lijf te hebben. Seasick Steve heeft het.