logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (4 Items)

The Cure

The Cure - Nog net zo relevant als populair

Geschreven door

The Cure - Nog net zo relevant als populair

Voor zover dat nog nodig was voor een populaire band als The Cure is er geen makkelijker manier voor een internationale artiest om het hart van de Belgen te veroveren dan om enkele uren voor je concert een frietje met stoofvlees te gaan eten in de plaatselijke frituur. Dat nieuwtje deed al snel de ronde in het Sportpaleis, maar de kenners wisten meteen beter. Voor zo’n stunt is Robert Smith net iets te mensenschuw en bovendien vegetariër. De Smith-in-de-frituur was een lookalike van een Vlaamse The Cure-tributeband en het was Radio Willy die op die ietwat doorzichtige manier wat aandacht zocht voor zijn New Wave Top 100, een populariteitspoll waarin The Cure dit jaar slechts op nummer 2 staat, van de troon gestoten door Anne Clark. Maar voor een deel van het publiek leek het die avond toch ‘echt gebeurd’ en was dat het sein om de postpunkband uit de UK nog wat harder dood te knuffelen.

The Cure had The Twilight Sad mee als support, dezelfde Schotse band die ook reeds in 2016 – het vorige zaalconcert van The Cure in België – het voorprogramma mocht spelen. Mochten we dat niet opgezocht hebben, we zouden het niet meer geweten hebben. Zoveel indruk hebben ze toen gemaakt. En dat is ook bij deze passage de hoofdconclusie. Waar ligt dat aan? Misschien is de postpunk van deze band wel degelijk, maar tegelijk net iets te middelmatig? Misschien lag het aan de hyperkinetische/hoofdpijn lichtshow van kijk eens in hoe weinig milliseconden ik elke spot aan en uit kan laten gaan – alsof de zaal met een absolute zekerheid moest gezuiverd worden van epilepsiepatiënten? Misschien is het omdat zanger James Graham geen moeite doet om zijn Schotse tongval te verbergen, waardoor de lyrics net iets moeilijker te volgen zijn? Misschien door het gebrek aan sympathieke bindteksten? Wie zal het zeggen? Feit is dat met een set van The Cure die vaak vlot over de 2 uur gaat, die band eigenlijk geen opwarm-band nodig heeft. 
The Twilight Sad begon voor een nog zo goed als lege zaal en eindigde met een redelijk gevulde zaal, het was dus zeker niet ronduit slecht wat ze brachten. Ze krijgen punten voor doorzettingsvermogen en we hopen hen eens aan het werk te kunnen zien in een intiemere sfeer, misschien maakt dat al een wereld van verschil.

Uiteraard waren alle ticketkopers enkel voor The Cure naar het Sportpaleis afgezakt. De band combineert doorgaans een hele reeks hits met een voor vele fans soms weinig bekend werk, zoals in 2016. Dat geldt voor de jongste passage in Antwerpen opnieuw. The Cure brengt binnenkort een nieuw album uit. Doorgaans zorgen band en label ervoor dat de release samenvalt met de tournee, maar ergens moet iets misgelopen zijn in de agenda. Van dat nieuwe album kregen we alvast “And Nothing Is Forever”, “A Fragile Thing”, “Endsong” en “I Can Never Say Goodbye” te horen. De nieuwe nummers bewijzen dat de bende van Robert Smith nog niet uitverteld is. Muzikaal sluit het nieuwe werk aan op hun recentste (nou ja) albums als ‘Wish’, ‘Wild Mood Swings’ en ‘Bloodflowers’. In de lyrics gebeurt weinig opbeurends, het gemiddelde tempo ligt laag en inzake sfeerzetting lopen ze – opnieuw – over van melancholie. “Endsong” was de afsluiter van de reguliere set en dat is ook de nieuwe song die live het beste uit de verf kwam.

Complimenten voor Robert Smith dat hij op zijn gezegende leeftijd van 63 en na een leven vol concerten nog zo goed bij stem is. De lichtshow was ouderwets goed. Naast het podium hingen twee videoschermen waarvan de functie niet geheel duidelijk was. De camera’s bleven zo ver weg van Smith en de muzikanten dat je hen op de videoschermen maar net een klein beetje groter zag als ‘in het echt’. Het duurde tot het symbolische “Close To Me” in de tweede bisronde tot Smith het zichzelf veroorloofde om eens deftig voor een camera te gaan staan. Misschien vond hij dat zijn haar niet in de plooi lag die avond?
De reguliere set startte sterk met stevige versies van “Alone”, “Pictures Of You”, “A Night Like This en “Lovesong” en daarna zakte de spanningsboog wat in met vooral trage en minder bekende nummers als “Burn”, “The Last Day Of Summer”, “Cold” en “At Night”.
Net toen het publiek bijna in slaap gewiegd was, kwam dan plots de adrenalinerush van “Push” en “Play For Today” om iedereen opnieuw bij de les te brengen. Daarna nog een bijna-hardrock-versie van “Shake Dog Shake” om dan uit te bollen met “From The Edge Of The Deep Green Sea” naar het magistrale “Endsong”.
De eerste bisronde nam een halve valse start met het nieuwe “I Can Never Say Goodbye”, maar dat werd goedgemaakt met “Faith” en vooral “A Forest”.
De tweede bisronde was dan een greep uit de hits: “Lullaby”, “The Walk”, “Let’s Go To Bed”, “Friday I’m In Love”, “Close To Me”, “In Between Days”, “Just Like Heaven” en “Boys Don’t Cry”. Deze tweede bisronde kon op het meeste enthousiaste applaus rekenen, al werden die songs meestal een beetje routinematig en op een drafje afgehaspeld.

The Cure bewees in Antwerpen dat ze niet alleen nog steeds bijzonder geliefd zijn, maar bovendien nog steeds bijzonder relevant. Hun nieuwe materiaal zal misschien moeite hebben om net zo’n wereldwijd radiohit te worden als in de jaren ’80, maar het treft nog steeds doel bij een ruim publiek. Op deze manier mag The Cure van mijn part elk jaar wel eens het Sportpaleis vullen.

Organisatie: Live Nation

The Cure

The Cure - Verrassende wendingen, spontaniteit tot hemelse nostalgie

Geschreven door

Acht jaar, zo lang was het geleden dat we onze eeuwige Helden uit de jaren '80 The Cure nog eens aan het werk hadden gezien. Toen, met in het voorprogramma 65daysofstatic, kwam de band hun laatste plaat ‘4:13 Dream’ voorstellen. Ondertussen is er nog steeds geen nieuwe plaat uitgekomen, maar de heren spelen wel nog concerten. In onze regio hielden ze o.a. halt op Rock Werchter in 2012, waar hun passage op toch heel wat recensies kon rekenen. We geven het toe, we vertrokken sceptisch naar het Sportpaleis. Want vele van mijn grote helden van toen zijn helaas afgezwakt naar flauwe afkooksels die - we onderdrukken een geeuw - routineuze sets brengen waar geen beetje vuur meer inzit. Echter speelden The Cure op deze zaterdagavond een set van ruimschoots twee uur, boordevol aangename tot verrassende wendingen. Met een dosis spontaniteit van jonge wolven die nog alles moeten bewijzen.

Het is toch iets met voorprogramma's in het Sportpaleis. Doorgaans staat die band daar gewoon als opwarmertje, en kan amper op applaus rekenen. Ze worden ook afgedaan als ''het trok op niets'' of ''we zijn naar de bar een pint gaan drinken''. Echter is dit die betreffende bands tekort doen. Neem nu The Twilight Sad. Deze band grasduint gewillig door het postpunk tot indie aanbod, en deden mede dankzij een heel bewegelijke frontman - met bovendien een heel aangename stem - wat denken aan bijvoorbeeld Joy Division. Dankzij het typische Schotse accent van zanger James Graham, en zijn charismatische uitstraling op het podium. Kregen we bovendien wel degelijk een concert te zien en horen dat aan de ribben blijft kleven. Helaas, in een grote zaal als Sportpaleis leken de songs wat over de hoofden heen te drijven.  Echter speelt The Twilight Sad heel beklijvende postpunk - met zelfs een streepje shoegaze - dat in kleine zalen of clubs zeker zou zorgen voor het nodige vuurwerk. Origineel klinkt het allemaal niet, maar dit is dus het soort hoogstaande postpunk en aanverwante waarvoor we uit onze zetel zouden komen moesten The Twilight Sad eens afzakken naar de Botanique of AB's in ons landje.

Openen met een klepper van formaat – “Shake Dog Shake” - en daar prompt een andere aan toevoegen – “Fascination Street” . Dit was een ultieme droomstart van The Cure in het Sportpaleis. Met de deur in huis vallen, noemt men zoiets. Opvallend, reeds vanaf de eerste noten, was dat Robert Smith nog goed bij stem was, en ook dat hij het publiek aansprak stemde ons vrolijk. Want als Robert er zin in heeft, sleept hij zowel zijn band als het publiek naar het ene tot het andere hoogtepunt, stelden we in het verleden vast. Met een set van circa 2u30 je publiek blijven bekoren van begin tot einde - met enkel een paar rustmomenten. We zien het nog weinig bands doen dezer dagen.

Voor iedereen goed doen is onmogelijk, maar als je een setlist samensteld met “The Walk”, “In between Days”, “Pictures of You”, ”Lovesong”, “One Hundred Years” en verrassende wendingen aanneemt met “High”, “Sinking”, “From the Edge of the Deep Green Sea”. En bovendien die songs brengt met veel liefde voor je fans, en voor de songs zelf. Dan kan je in onze ogen weinig verkeerd doen. Sceptisch als we waren, stelden we telkens vast dat we die songs meebrulden met vaak tranen in de ogen bij bijvoorbeeld eerder genoemde “Pictures of You” of de eeuwige 'liefdesong' “Lovesong”. En dan waren we pas aan het eerste deel van de set begonnen.
Binnen die set was er ook plaats voor enkele nieuwe songs. Zo werd “I Can Never be the same” , met een prachtig beeld van een brandende kaars op het scherm, opgedragen aan de recent overleden Leonard Cohen. Daarbij pinkten we een traan weg, en kregen een krop in de keel. “A Forest”, wellicht dé ultieme Cure song, ook na al die jaren: werd gebracht op een zodanig doorleefde manier, dat we ons prompt weer die zestienjarige knul voelden. Die op zijn kamertje, met de koptelefoon, de song meebrulde met diezelfde tranen in de ogen. Ook in het Sportpaleis zorgde dat voor een emotioneel moment. Maar het was nog niet gedaan. “Lullaby” - waardoor sommige, mede door de daarbij gaande video clip, een angst heeft opgedaan voor spinnen. Zorgde voor een donkere, koude rilling doorheen het Sportpaleis. “Friday I'm In Love” - like it or not - blijft een klepper die van begin tot einde, ook door de criticaster - worden meegezongen.  “Boys Don’t cry”, “Close to me”, “Why can't I Be You?” waren dan ook gedroomde afsluiters van meer dan twee uur puur innerlijk genot.

Kortom: The Cure brachten in het Sportpaleis voor ieder wat wils. Met enkele toch wel heel verrassende wendingen, en daarbovenop een hoge dosis spontaniteit. Met een mooie combinatie tussen hun lichtvoetige tot eerdere duistere songs, kunnen we stellen dat de passage van The Cure anno 2016, eentje zal zijn die nog lang aan onze ribben zal blijven kleven. Daaraan kunnen eerder genoemde bands uit diezelfde periode, die het niet kunnen laten om saaie tot zelfs teleurstellende concerten te geven, een punt aan zuigen.

Setlist
Shake Dog Shake  //Fascination Street //A Night Like This //All I Want //The Walk //Push //In Between Days //Sinking //Pictures of You //High //Lovesong //Just Like Heaven //Jupiter Crash //From the Edge of the Deep Green Sea //One Hundred Years //Give Me It ///Encore:///It Can Never Be the Same  (Dedicated to Leonard Cohen) //Burn //A Forest ///Encore 2:///Step Into the Light //Want //Never Enough //Wrong Number ///Encore 3:///The Lovecats //Lullaby //Hot Hot Hot!!! //Friday I'm in Love //Boys Don't Cry //Close to Me //Why Can't I Be You?

Pics homepag David Brendan Hall/thecure.com

Met dank aan Snoozecontrol
- Erik Vandamme  - http://www.snoozecontrol.be

Organisatie: Live Nation

The Cure

4:13 dream

Geschreven door

We hoorden al een voorsmaakje van enkele nieuwe songs toen The Cure in het kader van hun 30 jarig bestaan in het voorjaar op toer was. De indruk was dat hun atmosferisch, sfeervol slepende treursound op het achterplan was geraakt. En inderdaad, na beluistering van ‘4:13 dream’ zijn het enkel “This, here and now with you” en opener “Underneath the stars” die beantwoorden aan die eigen unieke stijl; want hun donkere poel wordt overtrokken door funky, freakende directe poprock, die terugblikt naar de drive en uitbundigheid van ‘Head on the door’ en ‘Kiss me kiss me kiss me’, medio de jaren ’80. En daar wringt net het schoentje … ook al klinkt de plaat luchtiger, frisser en energieker dan de laatste rits ‘Bloodflowers’ en ‘The Cure’, het merendeel van de songs (incluis de single “Freak show”) missen richting, swing en aanstekelijke ritmes. Het zijn enkel “The only one”, “The reasons why” en de snedige noisier rockende “Sleep when I’m dead” en “The scream” die overtuigen.
Na het ijzersterke materiaal en de puike set, begin het jaar hadden we van deze nieuwe plaat iets meer verwacht.
’4:13 dream’ is één van hun mindere platen … of houden we nu écht iets te veel van hun ‘80’s wave traag slepende sound …

The Cure

Grasduinen in The Cure’s 4 Tour

Geschreven door
The Cure van zanger/gitarist Robert Smith is al 30 jaar bezig, wat wordt gevierd met de ‘Cure 4 Tour’. Dit jaar mogen we zelfs nieuw werk verwachten; een voorsmaakje liet het kwartet horen met o.a. ”Please project”, ” A boy I never knew” en “Freak Show”, een The Cure van verschillende muzikale gedaantes.

The Cure hield het publiek drie uur lang in hun waveklauwen en het was genieten van hun knap in elkaar gestoken, spannende, gevarieerde set: de atmosferische, sfeervolle slepende treursongs, het strakke soms swingende materiaal, invloedrijk voor jonge bandjes als Interpol en Editors, en een gevarieerde ‘Best of’, waarbij The Cure gretig teruggreep naar hun ‘80’s debuutperiode. Kortom, in de evolutie van hun muzikale aanpak was het grasduinen in de Curehistorie.
Bij de vroegere concerten waren we er al van overtuigd (remember twee keer Rock Werchter en de Lokerse Feesten) dat de band sterk kon uithalen.
Hun optreden in het Sportpaleis bevestigde dat ze na dertig jaar nog niks hebben ingeboet: een intrigerend, meeslepend gitaarspel en –getokkel van Smiths schoonbroer (die zelfs de toetsenpartijen deed vergeten), een bedreven, diep basspel van man-van-het-eerste-uur Simon Gallup en de onderbouwde drumslagen, afhankelijk van het tempo van het nummer, gedragen door Smiths’ onderkoelde, standvastige weemoedige vocals.
De ‘Disintegration’ plaat uit ’89 is duidelijk een mijlplaat in het oeuvre. “Plainsong” opende, gevolgd met dezelfde lijnsongs als “Prayers for rain” en “The end of the world”; af en toe klonk het gitaarspel iets krachtiger en snedig als in “Strange day”. Sfeerschepping alom dus in het eerste deel van de set met “Lovesong”, “To wish impossible things”, een mooi uitgesponnen zalvende “Pictures of you” en een intens meeslepende “From the egde of the deep green sea”. Smith maakte een eerste danspas op “Lullabuy”, wat de voorzet was naar de strakkere pop van “The walk”, “Push” en “Never enough”, gecombineerd met de  swing van “Friday I’m in love”, “In between days” en “Just like heaven”.
Een broeierig “One Hundred years” en een meeslepend, doomy opgebouwde “Disintegration” zorgden na twee uur voor een eerste grootse finale.
In de bis kwam het jaartal 1980 centraal te staan van de platen ‘Seventeen seconds’ en ‘Boys don’t cry’; voor de jongere fans was het kennismaken met de dreigende ‘80’s wavepop, en voor de veertigers onder ons was het plots pure nostalgie: “At Night”, “M”, “Play for today” en “A Forest (juist gedoseerd uitgesponnen, trouwens!) en in de tweede bis “Jumpin’ Someone’s else train”, “Grinding halt”, “10:15 Saturday Night” en de killers “Boys don’t cry” en “Killing an arab” (doch subtiel aangepast!). Met een reeks van vrolijke, poppy uptempo nummertjes besloot The Cure en verve na drie uur: “Freak show”, “Close to me” en “Why can’t I be you”.
Het pogoën uit de vroegere jaren herleefde zelfs ten dele!

The Cure moet niks meer bewijzen; ze boeiden het publiek met een spannende, afwisselende setlist (met klemtoon op een paar baanbrekende platen!) en beschikten nog steeds over een ijzersterke live reputatie!

Het Britse 65daysofstatic ving al vroeg hun set aan; de cultband binnen het postrockgenre hoorden we spijtig genoeg op het achterplan toen we het Sportpaleis binnenkwamen. Hun filmisch dreigende sound galmde in de zaal, en ging van lieflijk tot verbeten explosief; muzikale botsingen die uiteindelijk een gecoördineerd geheel waren. Voor wie hen miste, de groep komt terug voor een clubconert in de Bota!

Organisatie: Live Nation