logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Deadletter-2026...
Concertreviews

Luka Bloom

Luka Bloom, met of zonder band, altijd even warm en hartih

Geschreven door

Ons Belgenlandje ligt Luka Bloom nauw aan het hart. Speciaal voor zijn Belgische fans is de man voor één dag komen overvliegen vanuit Dublin om in zijn favoriete Belgische zaal voor een uniek concertje te zorgen. Uniek in die zin dat dit het allereerste optreden was dat hij met een band kwam spelen in België. De immer sympathieke Luka Bloom speelde in de AB ook nog eens zijn eigen voorprogramma via een akoestisch halfuurtje. In zijn eentje zorgde hij alweer voor mooie momenten in een muisstille zaal, zoals bij zijn prachtige adaptatie van de Dylan song “Make you feel my love”, of bij het zinderende “The acoustic motorbike”. Op zijn best tijdens het solo gedeelte was Luka Bloom met een hemels “Exploring the blue” waaraan hij een prachtige gitaarintermezzo breidde. Dit was Luka Blom op zijn best, zoals we hem kennen.

Na de pauze kwam hij terug met zijn band. Bedreven maar niet opdringerige muzikanten gaven de songs soms een extra impuls mee. Niet dat die songs dat echt nodig hebben, maar de drums, bas en strijkers zaten nergens in de weg, alles had nog steeds die intieme warme sfeer die we kennen van Bloom zijn solo performances. De warmte en romantiek zaten er met name nog steeds in. Eén keertje mocht de fluitist zich even volledig laten gaan in een opgewekte folk instrumental waarop hij prompt met een daverend applaus werd onthaald, waarop Bloom ludiek repliceerde met “I thaught him everything he knows”. Diezelfde kerel zorgde ook nog voor wat extra schwung bij de klepper “You couldn’t have come at a better time”, één van die zeldzame momenten waaruit bleek dat een band toch enige toegevoegde waarde bleek te zijn voor Luka Bloom.
Verder was de sound  echter even warm en hartig als bij een doorgaans Luka Bloom solo optreden, zodat we hier niet echt van een verassend concert konden spreken, wel van een aangenaam.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

The War On Drugs

The War On Drugs: verfrissende indiefolk

Geschreven door

The War On Drugs komt uit Philly, Pennsylvania. Het trio heeft na de interessante EP ‘Barrel of batteries’ de full cd ‘Wagonwheel Blues’ uit. Ze zetten de lijn van verfrissende indiefolk verder op deze volwaardige debuutplaat en trekken op tournee om aan belangstelling te winnen, waarin ze en verve slagen. We horen in de songs de semi-akoestische aanpak van Dylan, de doorleefde countryrock van Green On Red (met Chris Cacavas nog!), de ‘80’s folkrock van The Waterboys en de psychedelica van zZz. Ook live zijn deze invloeden onmiskenbaar! Want het trio, onder gitarist Adam Granduciel, speelde een goed uur bevallig en aanstekelijk materiaal door de riffs en opzwepende drums, onder de warme, bedwelmende en emotievolle zang van Granduciel.
In de set hoorden we voldoende variatie van het snedige “Arms like boulders”, “Taking the farm” en “Buenos Aires beach” naar het sfeervolle “There is no urgency” en “Show me the coast”. De in dope gedrenkte “A needle in the eye”, in het midden van de set, refereerde door de toetsen aan de groove van Green On Red, zZz en Suicide. En tot slot bekoorden ze met het innemende, akoestisch toongezette “Barrel of batteries”.
War On Drugs: een herkenbaar geluid en  een band met gevoel, die durft eigenwijs te zijn. Het is een charismatisch bandje die mag gehoord worden door een breder publiek en het ontdekken waard was …

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

AC/DC

Springlevende AC/DC na al die jaren!

Geschreven door

Het mogen dan al rockers op leeftijd zijn, AC/DC is anno 2009 springlevend. Ze zijn op vandaag populairder dan ooit, ook al is hun sound in al die jaren geen zak veranderd. Bij vele bands is verandering een zegen, bij AC/DC zou het een regelrechte zonde zijn. Hun handelsmerk is keiharde rock’n’roll die schittert in al zijn eenvoud en die zich vertaalt in onsterfelijke hard-rock songs. Natuurlijk is een AC/DC concert voorspelbaar, so what, ons hoorde u vanavond zeker niet klagen, samen met die 18.000 andere fans aanwezig in de zaal. Zij kregen wat ze verwachtten: Harde rock’n’roll, decibels, power, snedige gitaarsolo’s en potige riffs. Alles nog even strak en fenomenaal als vroeger, we hadden ook niet minder verwacht.

Klokslag 21.00u werd de “rock’n’roll trein” op het spoor gezet met die verbluffende eerste single uit dat oerdegelijke laatste album ‘Black ICe’, twee uur later werd de aftocht geblazen met de oorverdovende kanonnen van “For those about to rock”. De show werd gedragen door de scherpe strot van Brian Johnson en, uiteraard, het schitterende gitaarspel en de truukjes van Angus Young die in “Let there be rock”, wat ons betreft nog steeds de ultieme AC/CD song, helemaal loos mocht gaan. De man speelde trouwens zoals steeds het hele concert uit met dezelfde gitaar (effectenpedalen zijn hem helemaal vreemd), gewoon vooruit met de geit. De vuile blues van het onmisbare “She’s got the jack” was alweer geweldig, heel eventjes dachten we hoe dit zou moeten geklonken hebben als Bon Scott nog onder ons zou geweest zijn, maar die Brian Johnson is toch ook een schatje. Natuurlijk waren de andere klassiekers ook van de partij, “Highway to hell”, “Whole lotta Rosie”, “Hells Bells”, “Back in black”, “Thunderstruck”, “Dirty deeds” ,heel de reutemeteut, met zijn allen werden ze er briljant doorgeramd. Een vijftal nieuwe songs werd er netjes tussenin geweven en deze moesten niet blozen tussen hun grote broertjes, ze klonken stevig, gebald en gingen er lekker in bij het uitzinnige publiek.
Natuurlijk hadden wij ook nog graag “High Voltage”, “Jailbreak”, “Riff raff”,  “Rocker”, “Rock’n’roll damnation”  of “Problem child “ gehoord, drie uur AC/DC was nog beter geweest, maar ja, een mens kan niet alles krijgen. Nooit content, zeker ? Maar hetgeen we kregen was verbluffend.

AC/DC is een band die zijn gelijke niet kent, oerdegelijke no-nonsens stampende rock’n’roll van een stelletje geroutineerde ouwe kwajongens die doen waar ze het best in zijn : rocken als de beesten. De clichés namen we er dan ook graag bij.

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Friendly Fires

Feest met Friendly Fires

Geschreven door

Le Grand Mix had voor een gevarieerde affiche gezorgd vanavond: naast de obligate Franse opener, kregen we een mini-festival op ons bord met Twisted Wheel, Secret Machines en Friendly Fires.

Twisted Wheel is een piepjong drietal uit Manchester. Ze spelen punkrock; ergens tussen de Jam en de Arctic Monkeys in, en schopten het daarmee al tot in het voorprogramma van Oasis. Hun debuut komt binnen een maand uit over het kanaal, en we hoorden typische Engelse punk rock uit de working class die met volle overgave gebracht werd. Qua podium présence presteerden Twisted Wheel een stuk sterker dan bijvoorbeeld Arctic Monkeys. Het valt echter nog te bezien of deze jongens het even ver zullen schoppen.

Secret Machines hadden een reuze basdrum meegebracht, maar het was ongeveer het enige wat we vanavond duidelijk zouden zien: het rookkanon werd duchtig ingezet. Secret Machines had dan ook een missie: ons terugbrengen naar de seventies ergens tussen Pink Floyd en Black Mountain in. Met een trage, pulserende groove werden we hun universum binnengezogen. Nummers zoals “Dreaming of dreaming”, “Lightning blue eyes” en “Daddy’s in the dolldrums” begonnen rustig en bouwden geduldig naar een climax op.
De respons van het publiek was gemengd, het jonge publiek was duidelijk voor Friendly Fires gekomen. We kregen dan ook geen bisnummers, zodat “Alone, jealous and stoned” in de kast bleef. Jammer.

Friendly Fires mixen alternatieve rock en dance. Referenties: Klaxons, The Rapture en LCD Soundsystem. Waar die bands vooral uit de postpunk en de elektro pikken, haalt Friendly Fires de mosterd bij de Manchester scène en 90’s dance. We kregen dus geprogrammeerde loops, opzwepende percussie, koebellen en sirenes. Enkel de smileys en de fluo armbandjes ontbraken, want de heren hadden in de plaats voor houthakkershemden gekozen. Waarmee dus bewezen werd dat je er niet cool moet uitzien om een feestje te bouwen. En een feestje was het, want het publiek werd volledig meegesleurd door het enthousiasme van de band.
Lang geleden dat we nog zo van de sokken geblazen werden.We gaan er daarom niet veel meer woorden aan vuil maken, en geven u dit mee: gaat dat zien! De heer Germain Schueremans zou stom moeten zijn om deze jongens niet in de Pyramid Marquee te zetten, voor wat nu al een van de hoogtepunten van Werchter 2009 is.

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Beoordeling

Tom Vanstiphout

‘Working Man’ Tom Vanstiphout stelt nieuw soloalbum voor

Geschreven door
De kans is klein dat U Tom Vanstiphout kent als de voetbalster die schitterde als midden-midden bij de junioren van SK Ekeren-Donk. De kans is nog steeds klein dat U Tom Vanstiphout kent van zijn schitterende eerste soloplaat ‘Motion’ uit 2004.
De kans dat U Tom Vanstiphout al eens als gitarist aan het werk hebt gezien tijdens een concert van Clouseau, Jan Leyers of Milow is des te groter.

Tom Vanstiphout is een bezig baasje, een echte ‘Working Man’ en laat dit nu net de titel zijn van zijn nieuwe, tweede studioalbum die hij solo (en niet met band zoals we verkeerdelijk dachten) kwam voorstellen in de kleine zaal van de Antwerpse Arenbergschouwburg.

De avond begon met de introductie van een nieuwe singer-songwriter uit Leuven: Kid Fear. De jonge Kid die zijn sporen als gitaarroadie verdiende bij Milow (en zo ook Tom Vanstiphout diende) bracht korte luisterliedjes. Vocaal te matig om echt te imponeren, maar het publiek bleef wel erg geïnteresseerd naar Kid Fear luisteren.

Vrijwel onmiddellijk erna was het de beurt aan Tom Vanstiphout om zijn nieuwe plaat aan het publiek voor te stellen. Geen begeleidingsband, enkel een microfoon en enkele gitaren ‘bevolkten’ het podium. Tom, spelende voor een groot projectiescherm, opende met “Better Be Ready”, de openingssong uit ‘Working Man’. Een prachtsong zondermeer. In deze openingsfase was Tom erg zenuwachtig. Zo vergat hij zijn setlist, waarop hij deze vlug even ging halen in de coulissen.
Een setlist was echter niet echt nodig want hij speelde gewoon alle liedjes van de nieuwe plaat. Een zeldzame keer greep hij terug naar zijn eerste plaat. “Greyhound” klonk echter iets te zelfzeker en niet steeds toonvast. Het was voor Tom dan ook een erg emotionele week geweest want naast de nieuwe plaat werd hij ook voor een tweede keer vader van een trotse zoon. De zaal reageerde enthousiast op dit heugelijke nieuws en vergaf hem die kleine vocale foutjes.
Bijzonder sterk waren de vertolkingen van enkele songs waarop hij begeleiding kreeg van strijkers en blazers die tot leven kwamen op het projectiescherm. “Blood On Blood” en de nieuwe single “Slept Too Long” kregen zo toch een rijker arrangement. Geen eenvoudige opdracht om dit allemaal mooi synchroon te laten verlopen. Toch blijft Vanstiphout het sterkst wanneer hij de weemoed bezingt met enkel zijn gitaar als ruggesteun. Iets minder gek zijn we als het te aangekleed wordt zoals tijdens het funky “Pretty Girls”. Tijdens “Not The Only One” stuntte Tom door online contact te leggen (‘not really’!) met DJ Regi die de song voorzag van een zeer enerverende beat. Als gimmick wel leuk maar gelukkig keerde de man al even vlug terug naar zijn eenvoudige, intimistische stijl.
De songs van de nieuwe plaat konden mij in die mate boeien dat ik meteen besloot om “Working Man” aan te kopen. Na enkele luisterbeurten blijkt ‘Working Man’ toch wel een mooie opvolger te zijn voor ‘Motion’. De eenvoud van de eerste plaat is wat jammerlijk verdwenen en terwijl ‘Motion’ mij nog steeds van begin tot einde kan boeien heb ik het met deze nieuwe plaat toch iets moeilijker.

Tom’s debuut maakte vooral indruk vanwege zijn puurheid, eenvoud en zijn Country-feel. Ook mis ik de samenzang met een vrouwenstem (Jodie Pijper) die op ‘Motion’ enkele hartverscheurende songs opleverde. ‘Working Man’ mag dan misschien wel geschikter zijn voor een breder publiek, Tommeke komt zo wel in het vaarwater van een Tom Helsen of ‘Mia’ Milow.
Maar laat dit alles U niet beletten de man eens live te gaan bekijken….hopelijk binnenkort mét band…dicht in uw buurt.

LIVE REPORT VIDEO LINKS ON YOU TUBE
Part 1
http://www.youtube.com/watch?v=zhkFiWtv4Lo
Part 2
http://www.youtube.com/watch?v=GF2E5x8vaoU

Organisatie: Arenbergschouwburg, Antwerpen

 

Beoordeling

The Gaslight Anthem

Geslaagde eigen ‘feel and touch’ van het Amerikaanse The Gaslight Anthem

Geschreven door

The Gaslight Anthem, het kwartet uit New Jersey, onder zanger/gitarist Brian Fallon, heeft z’n folky punkroots op hun tweede volwaardige plaat ‘The ‘59’ sound’ een spannende draai gegeven, want naast de vaardige, puntige punkrock wordt hun sound nog meer doorspekt van americana en classic American poprock van Springsteen. De groep laat eenzelfde groei horen als een Against Me!, die ver buiten de geijkte folkpunkpaden durft te treden. Want we horen zelfs hun erkenning voor soul legendes Cooke, Gaye en jazzvirtuoos Miles Davis (er is trouwens een song aan hem gericht!). Hier kan een band als Dropkick Murphys iets van leren.
Vanuit deze invloedssfeer baant The Gaslight Anthem zich een weg tussen ‘de ‘80’s revival The Clash, This Model Army, The Replacements, Big Country en The Men They Couldn’t Hang.

De groep ging anderhalf uur lang met een eenzelfde oprechte energie, dynamiek en vitaliteit te werk. Melodieus gestroomlijnd materiaal, aanstekelijke refreinen, snedige gitaarpartijen en opzwepende drums. Muziek ‘straight from the heart’! Goed onderbouwde songs en prachtig sentiment, die muzikaal, vocaal als qua uitstraling Bruce ‘the boss’ niet kunnen wegsteken.
Leadzanger Fallon en bassist Alex Levin leken de verpersoonlijking wel van sixtie rock’n’roller James Dean, krachtpatsers met een body vol tatoeages. Ook de twee andere, drummer Benny Horowitz en gitarist Alex Rosamila, moesten niet onderdoen qua tatoeages, maar leken eerder uit een rockende garagescène te zijn ontsnapt.
Het sympathieke kwartet speelde bijna integraal hun recentste cd, de ene nummers wat strakker, openers “Great expectations” en “High lonesome”, de andere wat meer opbouwend en broeierig: “Old white Lincoln” (eerste single van de cd), “Cowgirls get the blues”, “Film noir” en tot slot “Where fore art thou, Elvis”, ingeleid door “It’s a mans mans mans world” van James Brown. Of ze klonken rauwer als op “Boomboxes & dictionairies”, één van de drie oudere songs in de set.
De snedige rockers “We came to dance”, “Drive” en afsluiter “The backseat” behielden het aardige, geestdriftige tempo van de band. Het zat allemaal goed in elkaar! En dat ze ook subtiele, poppy droomsongs kunnen spelen, hoorden we op het bloedmooie “Here’s looking at you, kid”.
The Gaslight Anthem bracht ijzersterk materiaal waarvan ik me kan voorstellen dat de doorsnee hardcore/punkrockliefhebber eerder wat terughoudend kan zijn door de subtiele switchs van de band, maar wetende dat de songs recht vanuit het hart komen, moet hen wel over de streep trekken.
De sterke respons deed het kwartet daadwerkelijk deugd, na hun drie man en een paardenkop optreden in de Frontline, nog vóór de cd midden vorig jaar uitkwam, wat zorgde voor een uitgebreide bis; in de paar sfeervolle songs refereerden ze aan Bruce Cockburn’s “Rocket Launcher” en het filmische ‘Wild at heart’. De rock’n ‘rollers onder ons waren zeker te vinden voor de puike versies van “I’d called you Woody, Joe” en “Cassanova Baby”. Een messcherpe versie van Billy Bragg’s “A new England” tussen bard Frank Turner en Fallon besloot definitief de set van het leuke, zonder enige stoerdoenerij, The Gaslight Anthem.
 
Zonder in te boeten aan die unieke punkrock/hardcore sloeg het kwartet aan met hun flirt naar andere stijlen; een gepaste, gevatte en geslaagde eigen ‘feel’ om uit diverse vaatjes te tappen!

Ook de supports mochten er duidelijk zijn. The Polar Bear Club, uit NY, hield het bij de strakke en krachtige melodieuze hardcore, die richting punkrock durfde in te slaan , onder een fantastisch brullende, charismatische zanger.

Maar het was vooral de tweede act, singer/songwriter Frank Turner, die iedereen met verstomming sloeg. Hij beschikte over een heldere, angry gouden stem, geselde z’n gitaarsnaren en plaatste de power in een song centraal. Deze jonge bard uit Z-Londen palmde solo probleemloos het publiek in en onderscheidde zich binnen de twee krachtige bands van de avond.
Een ‘man van de barricaden’ stond hier enthousiast, bezield en overtuigend te spelen. Een jonge Billy Bragg zonder veel gezeur (!) vormde met z’n publiek één team. Solidariteit en samenhorigheid, zoals we het in jaren niet meer gehoord hadden op een podium. En hij hield het leuk en plezierig en brabbelde zelfs à l’improviste een kort nummer in ‘t Frans. Hij bezorgde ons kippenvel door enkel met z’n indringende stem een song te brengen. We kijken er alvast naar uit als hij in november terug langskomt …

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Frank Turner

Een nieuwe Engelse bard is opgestaan onder Frank Turner

Geschreven door

The Gaslight Anthem, het kwartet uit New Jersey, onder zanger/gitarist Brian Fallon, heeft z’n folky punkroots op hun tweede volwaardige plaat ‘The ‘59’ sound’ een spannende draai gegeven, want naast de vaardige, puntige punkrock wordt hun sound nog meer doorspekt van americana en classic American poprock van Springsteen. De groep laat eenzelfde groei horen als een Against Me!, die ver buiten de geijkte folkpunkpaden durft te treden. Want we horen zelfs hun erkenning voor soul legendes Cooke, Gaye en jazzvirtuoos Miles Davis (er is trouwens een song aan hem gericht!). Hier kan een band als Dropkick Murphys iets van leren.
Vanuit deze invloedssfeer baant The Gaslight Anthem zich een weg tussen ‘de ‘80’s revival The Clash, This Model Army, The Replacements, Big Country en The Men They Couldn’t Hang.

De groep ging anderhalf uur lang met een eenzelfde oprechte energie, dynamiek en vitaliteit te werk. Melodieus gestroomlijnd materiaal, aanstekelijke refreinen, snedige gitaarpartijen en opzwepende drums. Muziek ‘straight from the heart’! Goed onderbouwde songs en prachtig sentiment, die muzikaal, vocaal als qua uitstraling Bruce ‘the boss’ niet kunnen wegsteken.
Leadzanger Fallon en bassist Alex Levin leken de verpersoonlijking wel van sixtie rock’n’roller James Dean, krachtpatsers met een body vol tatoeages. Ook de twee andere, drummer Benny Horowitz en gitarist Alex Rosamila, moesten niet onderdoen qua tatoeages, maar leken eerder uit een rockende garagescène te zijn ontsnapt.
Het sympathieke kwartet speelde bijna integraal hun recentste cd, de ene nummers wat strakker, openers “Great expectations” en “High lonesome”, de andere wat meer opbouwend en broeierig: “Old white Lincoln” (eerste single van de cd), “Cowgirls get the blues”, “Film noir” en tot slot “Where fore art thou, Elvis”, ingeleid door “It’s a mans mans mans world” van James Brown. Of ze klonken rauwer als op “Boomboxes & dictionairies”, één van de drie oudere songs in de set.
De snedige rockers “We came to dance”, “Drive” en afsluiter “The backseat” behielden het aardige, geestdriftige tempo van de band. Het zat allemaal goed in elkaar! En dat ze ook subtiele, poppy droomsongs kunnen spelen, hoorden we op het bloedmooie “Here’s looking at you, kid”.
The Gaslight Anthem bracht ijzersterk materiaal waarvan ik me kan voorstellen dat de doorsnee hardcore/punkrockliefhebber eerder wat terughoudend kan zijn door de subtiele switchs van de band, maar wetende dat de songs recht vanuit het hart komen, moet hen wel over de streep trekken.
De sterke respons deed het kwartet daadwerkelijk deugd, na hun drie man en een paardenkop optreden in de Frontline, nog vóór de cd midden vorig jaar uitkwam, wat zorgde voor een uitgebreide bis; in de paar sfeervolle songs refereerden ze aan Bruce Cockburn’s “Rocket Launcher” en het filmische ‘Wild at heart’. De rock’n ‘rollers onder ons waren zeker te vinden voor de puike versies van “I’d called you Woody, Joe” en “Cassanova Baby”. Een messcherpe versie van Billy Bragg’s “A new England” tussen bard Frank Turner en Fallon besloot definitief de set van het leuke, zonder enige stoerdoenerij, The Gaslight Anthem.
 
Zonder in te boeten aan die unieke punkrock/hardcore sloeg het kwartet aan met hun flirt naar andere stijlen; een gepaste, gevatte en geslaagde eigen ‘feel’ om uit diverse vaatjes te tappen!

Ook de supports mochten er duidelijk zijn. The Polar Bear Club, uit NY, hield het bij de strakke en krachtige melodieuze hardcore, die richting punkrock durfde in te slaan , onder een fantastisch brullende, charismatische zanger.

Maar het was vooral de tweede act, singer/songwriter Frank Turner, die iedereen met verstomming sloeg. Hij beschikte over een heldere, angry gouden stem, geselde z’n gitaarsnaren en plaatste de power in een song centraal. Deze jonge bard uit Z-Londen palmde solo probleemloos het publiek in en onderscheidde zich binnen de twee krachtige bands van de avond.
Een ‘man van de barricaden’ stond hier enthousiast, bezield en overtuigend te spelen. Een jonge Billy Bragg zonder veel gezeur (!) vormde met z’n publiek één team. Solidariteit en samenhorigheid, zoals we het in jaren niet meer gehoord hadden op een podium. En hij hield het leuk en plezierig en brabbelde zelfs à l’improviste een kort nummer in ‘t Frans. Hij bezorgde ons kippenvel door enkel met z’n indringende stem een song te brengen. We kijken er alvast naar uit als hij in november terug langskomt …

Organisatie: Botanique, Brussel

Beoordeling

Black Diamond Heavies

Black Diamond Heavies: De hemel bevond zich even in Wattrelos

Geschreven door
Precies 14 dagen na hun verpletterende doortocht in de 4AD zag ik de Black Diamond Heavies terug in Wattrelos (voorstad van Lille). La Boîte à Musiques is best een leuke zaal maar er zijn toch een paar serieuze mankementen. Zo is het podium wat aan de lage kant maar vooral het ontbreken van een bar, een oud Frans zeer, was een bron van ergernis. Er was wel iets geïmproviseerd in de kelder maar het vooraf uitgeschonken bier bleek nogal aan de lauwe kant.


Uit beleefdheid toch een paar woorden over de twee eerste bands, hoewel hun prestatie in het niets verdwijnt na het zien van de Black Diamond Heavies.
Boogie Balagan combineerde Arabisch geïnspireerde zanglijnen met stevig gitaarwerk maar behalve de juiste line-up (2 gitaren en drums) valt hier niet veel positiefs over te vertellen.
Het Belgisch-Franse Stinky Lou & The Goon Mat is eigenlijk een one-man band met twee extra leden (zelfgemaakte éénsnarige bas en mondharmonica) die blues brengt in pure Fat Possum-stijl. Ze begonnen heel sterk maar na een tijdje begon het wel erg overstuurde geluid in hun nadeel te werken. Aan enthousiasme hadden ze evenwel geen gebrek.

Maar we waren hier voor de Black Diamond Heavies en we wilden zo graag eens weten of ze die glansprestatie van in Diksmuide nog eens konden overdoen. Want was dat geen toevalstreffer of hadden ze die avond misschien een verdachte banaan gegeten? Blijkbaar niet want dit optreden was weer een fameuze mokerslag waarvan ik na een paar dagen nog niet bekomen was. Wat dit duo aan intensiteit op een podium etaleert grenst aan het onwaarschijnlijke. Zanger John Wesley Myers, die zich tegenwoordig als Reverend James Leg laat aanspreken, is naast het podium een ietwat verlegen man die zelf nooit iemand zal aanspreken maar eenmaal erop verandert hij in een bezeten performer van een soort waarvan er op deze wereld niet veel rondlopen. Naast zijn indrukwekkende schorre strot die zich met die van Tom Waits kan meten beschikt hij ook over twee gouden handen waarmee hij zijn Fender Rhodes martelt en tegelijk met de bastoetsen hun sound een ongelooflijke drive geeft. Daarbij wordt hij geholpen door de superbe drummer Van Campbell, die de ene stick na de andere aan flarden mepte. Het optreden begon net als in Diksmuide met "Nutbush city limits" (Ike &Tina) maar daarna was de volgorde kompleet anders en doken er ook een paar andere nummers op. Een setlist hebben ze trouwens niet. Absoluut hoogtepunt vond ik het hypnotiserende "Baby please don't leave me", oorspronkelijk van Junior Kimbrough, dat ze opdiepten uit hun prille beginperiode toen gitarist Mark ‘Porkchop’ Holder nog de zanger was. Maar die werd afgevoerd toen bleek dat hij niet wou toeren en gingen ze noodgedwongen met zijn tweeën door. Zijn vertrek bleek achteraf een zegen.
De heren spelen nogal wat covers : Nina Simone, T-Model Ford, Van Halen en AC/DC (het onvermijdelijke "It's a long way to the top if you wanna rock ’n roll” en hoe uiteenlopend die nummers ook zijn, eenmaal in de Black Diamond Heavies-blender worden het allemaal pareltjes die perfect passen in het geheel.

Black Diamond Heavies zijn dan ook veel meer dan zomaar een garagebandje: soul, blues, gospel, ze hebben het allemaal in de vingers. Dit is -ik wik mijn woorden- één van de beste live-bands, zoniet dé beste, van de laatste tien jaar. Pompend en zuigend sleuren ze je, op een nog ambachtelijke wijze, onverbiddelijk mee naar een muzikaal universum, ver weg van deze sombere wereld, waar ik eeuwig zou willen toeven. Ik heb nu al heimwee maar gelukkig komen ze in juni al terug naar Europa. Of ze België aandoen is nog niet geweten maar er zijn al een drietal optredens in Nederland gepland.
Een nog steeds duizelige Ollie

Beoordeling

Pagina 353 van 386