logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Hooverphonic
Johan Meurisse

Johan Meurisse

donderdag 30 september 2010 02:00

Goldfrapp op half feestelijke kracht …

We waren benieuwd hoe de gig van Alison Goldfrapp en Will Gregory er aan toe zou gaan. Tussen 2003 en 2007 konden we gegarandeerd rekenen op een stomend sensueel, zwoel en kitsch elektro/disco/pop feestje, door platen als ‘Black Cherry’ en ‘Supernature’. Het variërende ‘7th tree’, de voorlaatste worp, greep deels terug naar het sfeervolle, ijzige debuut ’Felt mountain’ en het recente ‘Head first’ is eerder een inwisselbare tweedehands ‘Black Cherry’/’Supernature’ geworden.

Live liet het ook z’n sporen na en hadden we ook het gevoel ‘het al eerder’ gehoord te hebben, minder aanstekelijk en prikkelend, meer flets en plat, ondanks de hitgevoeligheid, de leuke, catchy, huppelende ritmes, de (licht) swingende lijn en de zalvende, ontspannende tunes.
Inderdaad, haar smachtende, tot de verbeelding sprekende ‘body to body’ (massage) music raakte en beklijfde minder. Maar laat ons niet te diep zakken in teneur, er waren de vier lekker in het gehoor liggende songs “Rocket”, “Believer”, “Alive” en “Dreaming” van het recente album, en de resem classics als “Train”, “Ride a white horse” en “Oh la la”, die door de krachtige beats voldoende inwerkten op de dansspieren en een ideale versmelting vormden van ‘80’s electro en disco. De glamour en kitsch zagen we in de performance, de act, de glitterkledij en de wapperende haren. Een niets-aan-de-hand sfeertje, ondersteund door haar gouden fluwelen stem, die elan en kleur gaf aan de songs.
En in de bis bezorgde ze kippenvel met het fragiele, sfeervolle “Little bird” door de sober gehouden begeleiding en soundscapes; een hemels indringende, breekbare “Lovely head” uit haar debuut, gedragen door haar zuivere, heldere vocals, konden zelfs een glas doen rinkelen of breken. Tot slot trad ze nog in vederpak aan om een broeierig opbouwende, pompende “Strict machine” op ons los te laten en te besluiten met een electrofeestje.

Goldfrapp voelt een forse concurrentie van de huidige rits electro/discochicks aan, en kan er zich niet meer van losmaken en onderscheiden. Ontploffen deed het allemaal niet meer en daar zit het matige songmateriaal van de laatste platen wel voor iets tussen …

De supports waren van Franse makelij, de ene een soort klassiek Wagner in een saloonbar, de andere, een electrotechneut op z’n John Foxx die het publiek warm trachtte te maken voor Goldfrapp …

Organisatie: Agauchedelalune, Lille (ism Aéronef)

donderdag 30 september 2010 02:00

The ghost who walks

De roodharige Engelse Karen Elson, echtgenote van Jack White (The White Stripes/ The Raconteurs / Dead Weather / …), heeft al een succesvolle carrière als topmodel, en muzikaal brengt ze zachtaardige, gevoelige rootrock. Haar debuut ‘The ghost who walks’ is volwassen en klinkt overtuigend.
Invloedrijk was de cabaret van The Citizens band, waarin ze vroeger zong, en de uitstapjes richting traditionele country, folk en gothic. Er valt voldoende afwisseling te noteren in haar sfeervol onderhouden songs, die bezwerend zijn door een instrumentarium van saloonpiano, intrigerende toetsen, steel pedal, akoestische en elektrische gitaar, accordeon en droge drums. Het zijn fijnzinnige, dromerige en emotievolle composities, die een ongepolijst, helder geluid kennen en bepaald worden door haar indringend en zuiver stemgeluid. Luister maar eens naar die variatie in pakkende songs als “The truth is in the dirt”, “Lunasa”, “100 years from now”, “Stolen roses” en de titelsong, de broeierige aanpak van “Pretty babies”, “Cruel summer”, “The birds they circle” of de directe aanpak van “Garden”, “The last laugh” en “Mouths to feel”. Fascinerend debuut!

We beleefden ‘a fine time’ met het immer sympathieke gezelschap Kid Creole rond de oorspronkelijke leden August Darnell (zang/performer)en Bongo Eddi (percussie), die geflankeerd werden door drie tot de verbeelding sprekende dames, The Coconuts, in (Tarzan &) Jane plunje. Darnell is een entertainer eerste klas die als geen ander het publiek naar z’n hand krijgt, weet warm te maken en de menigte aan het dansen brengt.

Op het podium zagen we wel dertien leden, want naast Kid Creole en z’n drie Coconuts, hadden we een toetsenist, gitarist, bassist, een Vlaamse drummer, aangevuld met een blazersectie (sax/trompet/trombone) en Christina Channee, de bevallige backing vocaliste met Indianenbloed.
Beïnvloed door members als Earth, Wind & Fire, James Brown en Chic, droop de funk, disco en clubdance er van af. In ’82 bereikte de band z’n hoogtepunt met de plaat ‘Tropical gangsters’; de latin van salsa, samba, limbo, rumba, merengue, conga, chacha en afro drongen door.
Op die manier genoten we van de feestelijke, erotiserende cocktailparty. De sensuele, exotische synchrone danspassen van de dames riepen een ‘Lekker Live’ gevoel op. Een uiterst leuke, genietbare, zorgeloze en ontspannende avond dus, die wel onreine en onkuise gedachten deed opborrelen …
Op de ophitsende en aanstekelijke tunes van “Caroline was a drop out” kwamen de bandleden één voor één op, Bongo Eddie voorop, zagen we de opmerkelijke aan Prince refererende outfit van Darnell, en klap op de vuurpijl - niet te ontbreken - de drie deernes in schaars geklede tijgerplunje. Wat een onthaal. Wat volgde was een wervelende show van sprankelende, zwoele uitgesponnen versies van “I’m a wonderful thing”, “No fish today” en “Stool pigeon”. Een perfect op elkaar ingespeelde band en een samenhorigheidsgevoel noteerden we. Soms leek het erop dat het OLT Rivierenhof was omgetoverd tot een gospel kerkje, die de zondagmis inleidde …
Het dipje zat middenin de set toen de knappe Indiase – voor de gelegenheid gekleed als een ‘Heidi-aus-Tirol’ schoolkind -, zelf een nummer mocht zingen, “My Boy Lollipop”, die muzikaal nergens naartoe ging. Maar zoals het bij een mis kan horen, waren we vergevingsgezind en kon ze in vrede gaan. Darnell gaf de zegen van “If you don’t love yourself, love someone else”. Wat op z’n beurt “Annie, I’m not your daddy” inleidde, voor alle ‘Annies’ die vanavond nog wilden doorfuiven. Alle mogelijke Zonnige en Zuiderse stijlen werden op een hoopje gegooid, en door de opbouwende, vollere instrumentatie ging het naar een climax; “Welcome to the lifeboat party” was de gelijke die de party nog meer aanwakkerde.
The Coconuts, in vele gedaantes te zien, kwamen tot slot in de spotlights op “Don’t take my Coconut”. De bijhorende, ingestudeerde act van aantrekken en afstoten en de ‘Egyptian walks’ vormden een speelse afsluiter.
We misten kleppers als “Endicott” en “The sex of it” niet echt, want in de anderhalf uur durende set bleef de glimlach behouden, zorgde voor ‘body heats’ en zette aan tot vingertics, handclaps, heupwiegen en dansen.

Leki And The Sweet Minds warmden de party op en dat deden ze meer dan verdienstelijk. De dame knipoogt naar de Motown stal en geeft een groovy tik aan haar soulfunkypop. We hoorden een onweerstaanbare streling voor oog en oor en ze straalde een ‘positive vibe’ uit. Vooraan het podium was er sprake van een familiehappening met huppelende kids, die zich rot amuseerden. De multi-getalenteerde singer/songschrijfster met Kongolese roots heeft ook een boodschap te vertellen en komt op voor de zwaksten door ‘Goede Doel’ projecten. Niet alle nummers waren sterk, maar wat ze met haar band speelde, was meer dan de moeite waard!

Organisatie: OLT Rivierenhof, Deurne (ism Arenberg) 

donderdag 23 september 2010 18:17

Shadows

Het Schotse Teenage Fanclub neemt de laatste tien jaar rustig de tijd te werken aan hun platen. Zo zijn ze nog maar aan de vierde plaat toe sinds 2000. Dat ze nu maar om de vijf jaar aan iets nieuws werken, heeft te maken dat de drie songschrijvers Norman Blake, Gerard Love en Raymond McGinley uitgeweken zijn naar verschillende landen. Twintig jaar zijn ze al bezig en putten muzikale energie van groepen als Big Star (een great old favorite van Teenage Fanclub!), The Byrds en The Beach Boys. Zelf lagen ze begin jaren ’90 mee aan de basis van de huidige indiescene.
Fraaie popsongs zonder al te veel weerhaken en schokkende wendingen, weemoedig, dromerig, ingehouden en sfeervol, met finesse en subtiliteit gespeeld. De subtiele samenzang en het gitaarspel geven kleur. Rustig voortkabbelende songs dus voor heerlijke, lome zomeravonden …

donderdag 09 september 2010 02:00

Pigeons

Terechte belangstelling is er voor het uit NY, Brooklyn opererende Here we go magic van Luke Temple, die verdraaid iets mee heeft van Finn Andrews van The Veils. De band brengt spannend meeslepende zweverige poppsychedelica en indiefolk door de veelheid aan zalvende melodieën en een gelaagd kleurenpalet van synths, gitaarriedels, drums, bleeps en belletjes, gedragen door warme onvaste vocals. Het siert de repetitief opbouwende tracks, die dromerig als springerig , opzwepend kunnen zijn. “Hibernation”, “Collector”, “Bottom feeder” en “F.f.a.p.” intrigeren, maar niet alle songs zijn sterk. Nee, Zo gaan “Moon” en de afsluitende “Vegetable or native” en “Herbie I love you, now I know” de mist in en verzuipen ze in een psychedelische brij …
Live staat het ensemble er overduidelijk en geven ze hun songs een broeierige opbouw en een krachtige (noise) injectie, wat hun naam alle eer aandoet …

donderdag 26 augustus 2010 02:00

Ik, Steven H

Danig zijn we onder de indruk van de EP van Steven H(eyse) uit Kaster. Hij rapt er op giftige wijze op los in een West-Vlaams dialect en geeft z’n aanstekelijke hiphopsounds vervaarlijke, dreigende dynamisch creatieve wendingen, zoals we dit in ver verleden hoorden van de Beastie Boys, Gangstarr en Coldcut.
Als we in eigen boezem kijken, refereert Steven H aan de ‘90s van Prophets Of Finance (pré-’t Hof) die even fel en verbeten te werk gingen. Toegegeven, de eerste songs (de single “’t Zit tegen”, “Ne saaien beat”) van de EP hebben een frisse, speelse, opzwepende melodie. In de andere drie, “Avvekeurd”, “Ik zoeke vuert” en “Te late” neemt hij wat gas terug; ze zijn meer richting r&b en klinken zalvender.
De man heeft al een goed cv op zak als finale Westtalent, finaleplaatsen in rockconcours en het Groot Geweld en verdient met de EP die fikse stap voorwaarts … Een groots entertainer-in-spé! “Ein voar onder j’un konte te geven, zouden ze bij ons zeggen …

Ohja, de plaat bevat een insert met uitknipbaar Steven H-masker, microfoon en mini-pancarte waarmee de fans zelf een Steven H-imitatie ten beste kunnen geven …

Info op http://www.stevenh.be

donderdag 02 september 2010 02:00

July Flame

Binnen de vrouwelijke sing/songwriterpop schuiven we de jonge Laura Veirs niet opzij. De folkycountry lady met het onschuldige ronde kleine brilletje had in 2004 een bescheiden doorbraak met de plaat ‘Carbon Glacier’. Een goede zes jaar later brengt ze op even bescheiden wijze staaltjes sfeervol, sober semi-akoestische materiaal, die de pop, de folk en de americana traditie hoog in het vaandel houden. Regelmatig kunnen de songs breder zijn, wat kleur, elan en een groove geeft aan de ingehouden songs. Op die manier wordt haar akoestische gitaarspel en fluwelen stem ondersteund door viool, blazers, steelpedal, soundscapes en miminale drums; ook een prachtig koortje hoort erbij.
Kortom, op de nieuwe plaat horen we songs met een onderhuidse spanning, met de titelsong op kop …

donderdag 02 september 2010 02:00

Nerve Up

’Nerve Up’ is een fijne, overtuigende debuutplaat van de uit Manchester afkomstige Julie Campbell aka Lonelady. Tien stijlvolle, onderkoelde songs, die op puike wijze indie, electropop en postpunk vermengen, catchy, fris en onbevangen. Lonelady grossiert doorheen deze stijlen op een niet storende wijze.
De songs intrigeren door de rauwe melodieën, de hoekige riffs, de nerveuze ritmes, een rinkelende gitaarriedel en ‘80s wavesynths. Ze weet heel goed om te springen met haar invloeden en refereert vocaal aan Kristin Hersch’s Throwing Muses vs Tanya Donelly’s Belly.
Al meteen trekt ze de aandacht met “If not now” en “Intuition”, die de basis vormen van het materiaal; variaties horen we met de dreunende, repeterende ritmes horen van “Marble” en de titelsong. Terecht werd “Immaterial” als single gekozen door z’n toegankelijkheid. En tot slot daalt de gemoedsrust over de plaat met het afsluitende ingehouden “Fear no more”. Wat ervoor zorgt dat alles prima in balans is en een wondermooi debuut oplevert!

donderdag 02 september 2010 02:00

Head first

Na het beluisteren van de nieuwe cd van Alison Goldfrapp – Will Gregory moeten we besluiten dat haar electrokitschdiscopop nu voldoende is uitgemolken en/of er nog verder behoefte aan is. Eenvormigheid sluipt om de hoek, ‘Head first’ is een verderzetting van ‘Black cherry’ en ‘Supernature’. Maar hier ontbreken échte hits en ze zijn zo inwisselbaar, ondanks het feit dat de eerste vier songs “Rocket”, “Believer”, “Alive” en “Dreaming” wat blijven hangen. Inderdaad, Goldfrapp behoudt een dromerig, sensueel, licht swingende lijn en hitgevoeligheid met een huppelend, zalvend niets-aan-de-hand- sfeertje maar minder pakkend en beklijvend dan vroeger. We horen de invloedssfeer van Giorgi Moroder, Olivia Newton- John en Madonna natuurlijk, doch ze kan zich niet meer onderscheiden van de andere discopopdames Little Boots, La Roux, Ellie Goulding of een Lady Gaga.
Van de frisse afwisseling van de vorige plaat ‘Seventh tree’, die deels teruggreep naar haar hemels debuut ‘Felt mountain’ is bitter weinig te horen. Een fragiele popsong van weleer is er met het afsluitende “Voicething”. Allemaal best wel leuk, catchy en ontspannend, maar beetje flets en plat. Ze zal van een creatiever vaatje moeten tappen om nog te kunnen boeien …

vrijdag 13 augustus 2010 02:00

Beirut: onderhouden Balkanfeestje

Beirut, rond de talentvolle singer/songwriter Zach Condon uit Albuquerque, New Mexico, debuteerde in 2007 en bracht op een goed jaar tijd twee belangvolle cd’s uit ‘Gulag Orkestar’ en ‘The flying club cup’. Met een zevenkoppige band slaagt de charismatische Zach erin verschillende culturen samen te brengen van Balkan, zigeunerpop, wereldse ritmes en melodieën, indiefolk, americana en pop, gedragen door z’n melancholisch zweverige, dwarrelende stem, die nauw durft te leunen aan Jeff Buckley.
Vorig jaar verscheen dan de dubbele EP ‘March of the Zapotec’, die door de blazersectie de zigeunerBalkan richting hoempapa trapte en ‘Realpeople Holland’, die elektronica uitstapjes introduceerde. De plaat prikkelde minder en werd matig ontvangen. De heren werken aan nieuwe songs, voor een groot deel in Mexico opgenomen als inspirerende trigger; In het pittoreske Rivierenhof konden we er al iets van horen.
En Zach heeft alvast iets met Frankrijk, luister maar naar de talrijke verwijzingen aan Franse chansonniers (Charles Aznavour, Françoise Hardy en ons eigen Jacques Brel). Hij loofde alvast onze J. Brel, neuriede “Marieke”en hield met z’n band van ‘the Belgian beers’.

De band moet over een garde hondstrouwe fans beschikken, want het optreden was al vroeg uitverkocht en het bekendste materiaal is al ruim twee jaar oud en. De concerten van Beirut hebben een sympathieke, subtiele rommeligheid en chaos; ook vanavond leek het er niet beter op … het is altijd een oefenronde om alle instrumenten en melodieën op elkaar afgestemd te krijgen. Het onderhouden, beheerste spel klinkt heerlijk, ontspannend, dromerig, fris en uitgelaten. Beirut balanceerde tussen zwier, melancholie en ontroering. Het balorkest met z’n orkestleider had een breed assortiment aan blazers (trompetten, trombone, tuba, …), gitaren (akoestische gitaar, ukelele, mandoline en banjo), accordeon, piano, toetsen, (contra) bas en drums mee, riep beelden op van een tuinfeest en refereerde nauw aan Kaizers Orkestra, Goran Bregovic, de ‘Balkan Banquets’ van Orchestra Vetex en Les Negresses Vertes.
Binnen de noemer van hun Balkan pop trokken ze een wolkendek op in het zalvende “The concubine” en het meeslepende “Elephant gun”, gingen we prat op de aanstekelijke ritmes van “Nantes” en het ingetogen ”The shrew”, waarop zelfs een tapdansje van af kon.
Maar overwegend hoorden we doorsnee evenwichtige Balkanpop met sfeervolle en huppelende ritmes, waaronder  “Scenic world”, “Cherbourg”, “Sunday smile” en nieuwkomers “East Harlem” (gevoelige pianotune!) en de afsluitende “Untitled/closing song”. “Postcards from Italy” sierde door het trompetgeschal. En spaghetti western fragmenten waren niet vreemd op “The akara” en het instrumentale “Cocek”.
In de bis prikkelden en klonken de Sergio Leone tunes enthousiaster. Op een nummer als “Carousels” was de band duidelijk op dreef want ook “Mt. Wroclai” en “Gulag Orkestar” overtuigden sterk door de zwierige aanpak. Onder de indruk waren we tot slot van het broeierige “Penalty”, dat eerst solo werd ingezet op ukelele.

Op het Beirut-feestje ontbraken enkel de zigeuners van ‘la vie & la lumière’ nog om het blazergarnizoen en de hoempapa krachtig door te trekken, wat maakte dat het vanavond wat onderhouden bleef …

Ook de support, het uit Oxford afkomstige Stornoway, was hier op z’n plaats met hun onschuldige neo-romantische folkpop. Het dromerige, pakkende materiaal, gedragen door de heldere vocale pracht van zanger/tekstschrijver Brian Biggs en de meerstemmige backing vocals, waanden ons niet in het Rivierenhof, maar in een verlicht binnenhof van een goed versterkte burcht als in Bouillon: kaarsjes en lampjes zijn de sfeermakers. Tja, niet voor niks klinkt de Britfolk van Fairport Convention en Steeleye Span door, en voelen we de adem van  de fijne, subtiele, beeldschone pop van James en Belle & Sebastian. Stornoway plaveit zich een weg tussen The Decemberists, The Unthanks en Megafaun. En onderhuids is er de sfeervolle country inslag van Fleet Foxes en Mumford & Sons. Hun boeiende, hemelse, lieflijke luistertrip vormde het ideale aperitiefconcert en nodigde uit voor een avondje keuvelen en mijmeren aan het kampvuur. Op die manier waren ze een geslaagde opener, met songs als “The coldharbour road”, “Boats & trains”, “Here comes the blackout”, “Watching bars”, “I saw you blink” en een stevige “On the rocks”; En met “Zoring” speelden ze de meest belangvolle song van de plaat ‘Beachcomber’s windowmill’.

Organisatie: OLT Rivierenhof, Deurne (ism Arenberg, Antwerpen)

Pagina 280 van 339