logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Janez Detd. - D...
Kim Deal - De R...
Festivalreviews

Leffingeleuren 2008: vrijdag 19 september 2008

Geschreven door

Voor de 32ste editie had de organisatie van Leffingeleuren terug een mooie affiche klaargestoomd. Een gevarieerde affiche van smaakmakers van eigen bodem, internationale bands en enkele beloftevolle ontdekkingen. Leffingeleuren, in het pittoresque Leffinge, trekt een definitieve streep onder de festivalzomer.
De locatie nodigt uit om een kijkje te nemen. Het festival is letterlijk rond de kerktoren gelegen, met langs de ene kant Zaal De Zwerver, en langs de andere kant het festivalterrein, dat naast de concerttent, mooi was opgedeeld met drank- en eetstandjes. En aan de muur van de kerk heb je de Berbertent met doorlopend projecties op groot scherm, de ‘1 Minute Film & Sound Awards’ en concertfragmenten van de ‘Later …with Jools Holland shows’.
Net als vorig jaar was het goede weer van de partij! En een nieuwe recordopkomst van ruim 16000 bezoekers.

Een overzicht
dag 1: vrijdag 19 september 2008
Het dansminnende publiek werd op hun wenken bediend in de grote concerttent met Arsenal, Stereo MC’s en Discobar Galaxie en in De Zwerver kon je terecht voor enkele beloftevolle ontdekkingen, als Gotye, Flobots, Girls In Hawaii en Lady Linn & Her Magnificent Seven. We merkten al een uiterst tevreden organisatie op die vandaag kon rekenen op een 5000 tal bezoekers.

Het rockende danscollectief uit Antwerpen A Brand opende eerst de 32ste editie van het festival. Het kwintet in wit glanzend maatpak en zwart hemd was vanaf de nieuwe cd release ‘Judas’ in augustus op elk festival te zien: een goed geoliede machine, die melodieuze aanstekelijke (ambiance) rocksongs biedt, die snedig klinken of een sfeervolle opbouw hebben. Een mengeling van rock, glamrock, ‘60’s pop, ‘70’s retro, funk en bigbeats. Een mooi afwisselend geheel die te horen was in kleppers als “Hammerhead”, “Time”, “Beauty booty, killer queen”,“Riding your ghost” en in subtieler werk als “You work”en “Mad love sweet love”. Hun inventieve gitaarmedley van “Block rockin’ beats” - “Poison” en hun ‘Rendez Vous’ cover van ACDC’s “Thunderstruck” (in de bis) zorgden voor een sterk onthaal en handgeklap.

Arsenal bouwde het feestje verder uit met hun zuiderse zomerpop van een elektronisch klanktapijt, latino, pulserende beats en een warme samenzang. Ze wisselden het werk van de nieuwe plaat ‘Lotuk’ (“Turn me loose”, “Estupendo” en de titelsong) af  met klassiekers als “Switch”, “Longee”, “Personne ne bouge” en “Saudade”. Arsenal zweepte het publiek op en werden op handen gedragen. Het sfeervolle “Either” benadrukte de gepassioneerde zang tussen Leonie en John Roan. Een uitgesponnen aanstekelijke “A volta” in de bis maakte het Feest en Fun setje compleet!

Stereo MC’s sloegen in de jaren ’90 de brug tussen pop, elektronica, mellow hiphop en funk. De band, rond het duo Birch/Hallam, creëerde aanstekelijke danspop. Ten dele horen we op de recente platen ‘Paradise’ en ‘Double Bubble’ nog die sound. Ook live heeft de band te kampen met dit probleem; aanvullend met twee dansende ‘Gruppo Sportivo’ danseressen en backing vocalistes, speelden ze enkele swingende, goed verteerbare nummers; de beste nieuwe songs (“Here & Now”, “Karaoke” en “Show your light”) met een pompend beatje zaten in het begin van de set. Na de classics “Connected” en “Deep, down & dirty” verrasten ze niet meer. Best aardig en leuk, maar te vertrouwde ‘old school’. De aandacht verscherpte opnieuw met de afsluitende “Step it up” en “Black gold”.

In de grote concerttent kon het dansfeestje worden besloten met het after party gezelschap Discobar Galaxie.

In De Zwerver waren we onder de indruk van Gotye. Het Australisch/Belgisch éénmansproject van Wouter ‘Wally’ De Backer (van origine een Belg uit Brugge, maar al jaren verblijvend in Melbourne, krijgt een verdiende airplay op z’n tweede plaat ‘Drawing like blood’. Onze jonge hyperkineet bespeelde het ene na het andere instrument, van piano, toetsen, drums en dubbele percussie tot de sounds op z’n laptop. Hij ontpopte zich als een jonge ‘do-it-all’ Beck Hansen en Jerboa. Singer/songwriterpop, funk, ‘80’s electro, trippop, r&b en sampling. De projecties op het podium gaven kleur. Makkelijk kreeg hij het publiek aan zijn zijde met “The only way”, “Coming back”, “Hearts a mess” en een in’60’s gedrenkte “Learnalilgivinanlovin’”.

Net als Does it offend you, Yeah op Pukkelpop waren we onder de indruk van het hier onbekende Amerikaanse Flobots uit Denver. Het gezelschap zette de zaal op z’n kop met hun ‘happy together’ materiaal van opzwepende rock, hiphop, punk en folk onder een rappende samenzang. Hotsende eerste rijen en een zwierige sound! Een aangename kennismaking dus met deze uitstekende live band.

We zagen nog een glimp van onze Waalse vrienden Girls In Hawaii. ‘Plan your escape’ betekende hun doorbraak in Vlaanderen. Een enthousiaste menigte zag een standvastige en een zelfverzekerde band, die boeide met hun broeierige, dromerige en frisse gitaarindiepop, die zeggingskracht kreeg door de zalvende zang van Antoine en Lionel. Ze waren te horen in een decor van een knusse huiskamer van tv’s en ‘lampedeires’. Ingenieus bandje!

En tenslotte konden we nacht ingaan met Lady Linn & Her Magnificent Seven. Bezig bijtje Lien Degreef  stond al in de spotlights bij de dancepop van Bolchi en de hiphop van Skeemz. In de huidige hype van sensueel, zwoele funkende jazzsoulpop van de dames Adele, Duffy, Estelle, Gabriella Cilmi en Amy Wanehouse graaft onze Lady Linn nog dieper in het muzikaal archief van‘50’s jumpin’ jive en ballroom jazz. De Zwerver toverde ze met haar swingband om in een rokerige jazzy nightclub. We hoorden pareltjes van songs als “Harlem on parade”, “Here we go”, “Cool down” en “I don’t wanna dance”. Verrukkelijke muziek, een ontwapende glimlach van Lien en een belevenis om aan het werk te zien.

Organisatie: VZW de Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

 

 

 

Outside IV 2008: 10 jaar Brieljant Deinze met Belgian Asociality en Red Zebra

Geschreven door

Kleine festivalletjes, ze zijn zo sympathiek, maar ’t is toch o zo moeilijk om iets uit de grond te stampen en een beetje volk bijeen te krijgen. Bij Brieljant hebben ze nog zo hun best gedaan, maar qua opkomst was het hoegenaamd genen vetten. Jammer, want waar ga je elders nog binnen voor 5  EUR en heb je vier pinten voor 5 EUR (jawel ,Schuer, vier)? Kortom, hier was je binnen en was je bovendien nog eens poepzat voor de prijs waar je in Werchter je parking voor betaalt, voor één dag.

De groepjes waren dan ook nog eens goed op dreef, zoals bijvoorbeeld Fanfaar, een soort Green Day lookalikes met het juiste gevoel voor humor en frisse Nederlandstalige poppunk songs, best wel leuk.

Goeie ouwe Belgian Asociality zijn na al die jaren nog steeds grappig, spelen rechtdoor hardcore en punk en beleven op een podium nog altijd de tijd van hun leven. Vette funpunk om stevige potten bier bij te drinken, wat wij dan ook gedaan hebben.

Red Zebra klinken ook nog best stevig, ook al speelden ze weinig van de gekende ‘oldies’, met uitzondering dan van “The art of conversation” en het onvermijdelijke “Can’t live in a living room”. De Zebras van vandaag hebben een ietwat meer punky sound en minder eighties wave. Vandaar dat ze ook niet gedateerd of belegen klinken en aan hun enthousiasme te zien zullen ze nog wel een tijdje doorgaan.

Organisatie: Brieljant Deinze ism Stadsbestuur, Deinze

Crammerock 2008: zaterdag 6 september 2008

Geschreven door

De organisatoren van Crammerock treden jaar na jaar meer op het voorplan en bieden een mooie afwisseling van internationale bands, een keur aan Belgische Vaandeldragers en ambiancemakers. Dit jaar waren er op vrijdag o.a. De Mens, Arid, Triggerfinger en The Human League en op zaterdag presenteerden ze het neusje van de zalm met Janez Detd., Gorki, The Scene, Zornik en Pennywise.
De organisatie bood een unieke formule: de rockbands in één grote lange tent, aan iedere kant een podium, wat resulteerde in afwisselend onafgebroken optredens, en een aparte clubtent waar de clubDJ’s en jong dansminnend gepeupel zich kon uitleven.
Deze verslaggever was op post op zaterdag met de grote tent als mijn domein.

Ter plaatse zagen we eerst de Black Box Revelation. Eerder zagen we het duo al overtuigen in het voorprogramma van dEUS in de MaZ te Brugge en op de Mainstage te Werchter. Ze zijn de festivalopener bij uitstek. Opnieuw verveelden ze geen seconde met hun fel klinkende rauwe rock’n’roll. De drummer mepte er op los, alsof zijn leven er van af hing en de gitarist speelde wel op twee gitaren tegelijkertijd. Een steengoed, veelbelovend duo!

Na vijf minuten aan de andere kant, de 5 in zwart gehulde mannen van Headphone. Ze speelden een meer uitgesponnen rustige, sfeervolle set. Hoogtepunten: “Ghostwriter” en PJ Harvey’s “Down by the water”. Ze sloten af met een beklijvende ”Moneylender”. Als ze dit niveau aanhouden, staat hen een erg mooie toekomst te wachten.

Daarna was het de beurt aan de pretpunkband Janez Detd. Ook zij ontgoochelden niet. Een uurtje muziek- en dansplezier, refreinmeezingers en zwetende lichamen; dik ambiance van een band met een bedreven ingesteldheid en een frontman die het publiek perfect bespeelde. Stagediven en crowdsurfen werd alom gedaan, wat de waarheidsgetrouwe woorden van zanger Nikolas ontlokte: “In de Schuur zijn tent zou dit niet mogen”! Nikolas en de zijnen blijven top in dit genre in België.

Tim Vanhamel (Millionaire frontman) kreeg de moeilijke taak om op het andere podium een vervolg aan het muziekfeest te breien. En dat lukte maar matig. Een lauwe belangstelling en verkeerd gekozen tussenteksten konden de tent weinig bekoren. Zelfs met wilder en harder te spelen kregen de muzikanten het publiek niet op hun hand. Duidelijk was dat ze nog te weinig bekende nummers hadden bij de toeschouwers. Het ga je goed Tom en Co.

Op Gorki, onder leiding van frontbeest Luk De Vos, zit er nog steeds geen sleet. Voor de gelegenheid had Luc zich een hanenkam laten scheren, wat op gejuich werd onthaald. Ze brachten een soort ‘Best of’ ten berde. Gevolg: een feestje van jewelste. “Joeri”, “Anja”, “Lieve kleine Pirana” en nog vele andere werden uit volle borst meegezongen. Het was de eerste (maar nog niet de laatste keer) dat de tent werkelijk op z’n kop stond. Met daarbij nog de grappige intermezzo’s van Dhr. De Vos was dit toch één van de hoogtepunten van Crammerock. Orgelpunt van het optreden was een beklijvende versie van het afsluitende “Mia”. Nee, deze groep vertoont nog geen ouderdomskwalen.

The Scene was altijd al één van mijn favoriete Nederlanders geweest. De groep, onder zanger/gitarist The Lau en de lieve bassiste Emilie Blom-Van Assendelft, speelde een gedreven setje met hun alom bekende meezingers. Wat in het begin maar op een matige belangstelling kon rekenen (niet meer bekend bij het overwegend jonge publiek?), groeide uit tot een groots concert met als afsluiter “Iedereen is van de wereld”, die minutenlang werd meegezongen. The Lau voelde het aan alsof hij in de Piramide Tent stond te Werchter. Wat toch genoeg zei, hoe het er daar in Stekene aan toe ging.

In een ander muzikaal hokje was er het Britse Kosheen. Hun op drum’n’bass gedrenkte nummers en passende gitaren, toverden de rocktent in één grote dansvloer om. De in zwart gehulde frontvrouw was een echte publieksmenner en kreeg moeiteloos de handen op elkaar. Er werd stevig gedanst. Het optreden ging naar een climax met nummers als “Hungry”, “Suicide”, “Hide U” en het uit volle borst meegezongen “Catch”. Ze ontgoochelden niet en hielden zich prima staande tussen al het rockgeweld.

Hoofdact van de avond was Pennywise. Ze stonden op scherp en speelden een verpletterend motchafxx goed optreden. De majestueuze gitarist (minstens 120kg!) gaf de toon aan. Een uurtje keiharde ambiance! En we hebben het geweten, want er werd zelf op de palen van de tent gekropen en naar beneden gedoken.
“Fuck authority” en “Bro-hymm” waren natuurlijk de hoogtepunten maar ook hun cover van de Ramones “Biltzkrieg Bop” en Nirvana’s “Territorial Pissings” werden ferm gesmaakt. De fans waren uitgeput! Dit concertje had hen veel energie gekost …

Zornik mocht de avond besluiten. De technische problemen aan de PA (tot twee keer toe geluid en licht weg!) brak telkens de goed opgebouwde nummers, wardoor Koen Buyse zelf geïrriteerd raakte en iedereen uitnodigde om in de backstage de kwakkelende technieker van antwoord te dienen. Goede nummers zoals “Scare of yourself”, “Hey girl” en “Goodbye” verloren aan kracht door deze mankementen. Een tegenvaller.
Muzikaal deed deze band teveel hun best om een tweede Muse te zijn. Volgende keer beter?

Ondergetekende was een tevreden man op Crammerock 2008: een uniek concept met twee podia in één tent, die het kruim van de Belgische rock op deze podia kreeg, aangevuld met een gevarieerd aanbod van internationale (ambiance) publiekstrekkers en dé danssensaties van het moment. In Stekene kregen ze het voor elkaar voor een zeer democratische prijs. Een dikke pluim op de hoed van Crammerock. Het eerste weekend van september is in met rood aangestipt in mijn festivalagenda.

Organisatie: Crammerock, Stekene

FeestinhetPark 2008: zaterdag 23 augustus 2008

The Black Box Revelation (Grand Mix) leken wel de vaste opener van de zomerfestivals. Zonder afbreuk aan wie ook, hebben we hen nu een beetje teveel gezien. Ze tekenden voor een nerveuze bedreven rock’n’roll show. Het siert hen te spelen met steeds dezelfde energie en dynamiek.

Ons eigen Headphone (Bar Bizar) uit Gent mogen we komende maanden goed in het oog houden. Hun subtiel uitgewerkte dromerige songs hadden een zalvend ritme en een zweverige melodie. Ze kregen kleur door toetsen en flirtten met Notwist en Radiohead. “Ghostwriter”, “Moneylender” en “She’s electric”konden rekenen op herkenningsapplaus en met PJ Harvey’s “Down by the water” leverden ze een originele cover af.

De rauw rammelende gitaarrock/bluesrock van het Engelse Archie Bronson Outfit kwam niet helemaal tot zijn recht in de Grand Mix, daarvoor was de tent iets te groot. Het fel rockende trio trok het zich niet aan en serveerde bezwerende en rudimentaire songs van hun albums 'Fur' (04) en 'Derdang derdang' ('06). Daarbij zorgden "Cherry lips", "Dart for my sweetheart" en "Dead funny" voor een bescheiden applausje. Spijtig van de matige opkomst. Echo's van The Gun Club, 16 Horsepower, Jon Spencer, Captain Beefheart en Kings of Leon zaten verweven in hun totaalgeluid.
Toch een dikke voldoende voor deze energieke en opzwepende garagerockers! De afwezigen hadden ongelijk!

Motek (Bar Bizar) plaatste de postrock op ‘Port Sunshine” in een breder concept door hemelse melodieën , aanzwellende partijen en de Mogwai/65daysofstatic geluidsstormen op het eind. Hun klanklandschap was mooi, heel mooi en gevarieerd, met “Immerblei” en “Tryer” als hoogtepunten: van slepend, dromerig tot rauw, direct en snedig.

Het Deense dance rock gezelschap WhoMadeWho (Grand Mix) kon ook al op weinig interesse rekenen. Toch was hun speelse en springerige mix van beats en rock het beluisteren en bekijken waard. Hun eclectische nummers bevatte elementen van dance/disco, funk, (post)punk en rock.
De drie heren uitgedost in een spannende zwart/wit outfit hadden maar één doel voor ogen: hun toeschouwers doen dansen. Daar slaagden ze grotendeels in. Het was moeilijk om stil te staan op hun funky en frivole songs van hun gelijknamige debuut ('06): "Space for rent", "Happy girl", Johnny lucky", "Hello, empty room" en de hilarische cover van de dancehit "Satisfaction"('02) van Benny Benassi. Voornaamste referenties waren Frank Zappa (zanger/gitarist Tomas Hoefling leek wel zijn dubbelganger), The Sparks, Devo, Primus, Gang of Four en P.I.L., niet van de minsten dus. Toch was er sprake van een eigen sound, daarvoor waren hun nummers inventief en origineel genoeg. WhoMadeWho entertainde en bracht een leuke show! Nu nog wat meer publiek a.u.b.!

De organisatie strikte het alternatieve, rockende hiphopcollectief The Roots uit Philadelphia, USA, (Grand Mix)voor een éénmalig festivalconcert. Ze bewezen op FihP waarom ze tot de beste en meest gerespecteerde live-acts horen.
Hun set was één lange jamsessie waarin elementen van rap, rock, soul, funk en jazz zaten. Hier dus niet enkel één of twee MC's en een DJ, maar een hele live-band: een gitarist, bassist, keyboardspeler, drummer, percussionist, een trombone-/trompetspeler en natuurlijk MC Black Thought die met zijn politieke, sociale en maatschappelijke lyrics/thema's bewijst dat het anders en origineel kan.
"Rising up" (van hun laatste worp ‘Rising down’) opende hun show, gevolgd door het uptempo "Star" en het donkere "Long time". Bij deze songs was het nog een beetje zoeken naar een evenwichtig geluid. Het oudje "Mellow my man" en het hevige "Criminal" volgden. Bij doorbraaksingle "You got me" ('99) begon het feest pas echt. Deze klepper werd verlengd tot een heuse medley met fragmenten van "Sweet child of mine" (Guns n' Roses), "Loverman" (Shabba Ranks), "Bad to the bone" (George Thorogood) en "Who do you love?" (The Doors). Gitarist Kirk Douglas (niet die van Star Trek) speelde zichzelf in de kijker met zijn opzwepende en intense solo's Ook de andere muzikanten mochten een staaltje van hun kunnen demonstreren. Allemaal zeer knap en indrukwekkend!
Het laatste deel was gereserveerd voor het 'echte' hiphop werk middels het funky "Get busy", het rhymefest "The next movement" en hun meest gekende track "The seed" (met een stukje "Men @ work").
The Roots leverden een kolkende en intense prestatie. Een hoogtepunt voor velen!

Afsluiter in de Grand Mix op zaterdag was Hooverphonic. De band rond bassist Alex Callier, gitarist Raymond Geerts en zangeres Geike Arnaeret serveerden een mooie en afwisselende dwarsdoorsnede van hun oeuvre. Live werden ze bijgestaan door een extra keyboard- en mellotronspeler en drummer Steven van Havere (Arid). De sobere setting en ingenieuze lichtshow maakten het plaatje compleet.
Ze begonnen met enkele songs van hun laatste fullength 'The president of the LSD golf club'. We hoorden de donkere opener "Stranger", het psychedelische "50 Watt", het rockende "Expedition impossible", het poppy "Circles" en de meezinger "Gentle storm". De intieme cover van "Cry" (Godley and Creme) zetten knappe vertolkingen van een ‘Best of’ op getouw: het happy "Club Montepulciano", het snedige "No more sweet music" en de reeks singles "The magnificent tree", "Jackie Kane", "The world is mine" en het prachtige "Eden"(met een scherp, krachtig gitaarspel en distortion!).
In de uitgebreide bisronde hoorden we strakker gespeelde versies van "Eclipse", het nog steeds fantastische "Mad about you", het dramatische "Vinegar and salt" en het happy "Sometimes" (gelinkt aan de “Imagine” tune van John Lennon!).
Toch had het enthousiaste publiek er nog niet genoeg van en verscheen de groep nog eens ten tonele voor het onheilsspellende en dreigende "Bohemian laughter".
Een overtuigende en uitgekiende set. Geike Arnaert stal de show met haar hemelse vocals: ze nam afstand van haar coole uitstraling en ontpopte zich als een sensuele popdiva op het podium . Echt top!

En in de Bar Bizar konden we intussen genieten van de pompende beats, trance en dancehall van The Subs en Dada Life; hun instant club klassiekers “Kiss my trance” en “Funfunfun” gingen erin als zoetenbroodjes voor het dansminnende publiek!

Organisatie: FihP, Oudenaarde

FeestinhetPark 2008 : vrijdag 22 augustus 2008

De dertiende editie van Feest in het Park aan de oevers van de Oudenaardse Donkvijvers zijn een groot succes geworden. Met ruim 32.000 bezoekers over de 3 dagen (zeker 10000 meer dan vorig jaar nota bene!) stevende FihP af op een record. Dit was vooral te danken aan het sterke en gevarieerde programma: pop, alternatieve rock, reggae/ragga, postrock, funk, hiphop, drum 'n' bass en de huidige dancetrendsetters.
Grootste kleppers van dienst waren George Clinton (feat Parliament), The Roots, Front 242, Hooverphonic, Goose, Shameboy en Arno.
De muzikale smeltkroes, het sfeerrijke decor, de partysfeer, de ontspannen vibe en de herschikking van het terrein (gezelliger en compacter!) en (al bij al ) het goede weer waren de troeven van deze succesvolste editie. Niks anders dan lachende gezichten van de uiterst tevreden organisatie, die er probleemloos nog een tandje konden bijsteken. Verdiend!

dag1: vrijdag 22 augustus 2008

Het Antwerpse rockcollectief A Brand (Grand Mix) kwam hun nieuwe, derde album 'Judas' voorstellen op FihP. Ze konden op redelijk wat belangstelling rekenen. De vijf heren die keurig in een wit glanzend maatpak waren gestoken, openden met hun grootste hit "Hammerhead". De sfeer zat er meteen in. "Time", de nieuwe single en Afrekeningshit, volgde. Daarna nam de vaart wat af en was er plaats voor het ingetogen, sfeervolle "Where's your heart?", het groovy "Beauty booty killer queen" en het opzwepende "Judas". Het speelse "Lesser God" bevatte inventieve gitaarpartijen. De heavy cover/medley van "Block rockin' beats"(The Chemical Brothers) en "Poison"(The Prodigy) werd net als het frivole "Mad love, sweet love" fel gesmaakt..Afgesloten werd er met de leuke uitgelaten AC/DC-cover "Thunderstruck". Een sterke en overtuigende set van een kwintet dat opvalt met een meerstemmige zang en een variërende sound.

Het Franse Peuple de l’Herbe (Bar Bizar) vermaakten met hun melt van rock, hiphop, dub, reggae en electro. Ze hitsten het publiek op met hun snedige raps. Knappe dance , dreunende beats en een boeiende show.

De golf van electro, trance, techno en breakbeats onder pulserende pompende beats van het Antwerpse Shameboy (Grand Mix) wordt sterk ontvangen door de jonge (techno) danslustigen. Ondanks de maatstaaf van een ‘oohooh’ meezinggehalte en crowdsurf is hun ‘Heartcore’ tour wel een beetje teveel van hetzelfde geworden. “Sunday Punk” , “Monofour”, “Timeskipper”, “Splendit”, “Heartcore” en de traditionals “Rechoque” en “Strobot” zorgden voor een dampend feestje.


De 'Electronic Body Music'-pioniers Front 242 (Grand Mix) beklommen daarna het podium. De invloedrijke en baanbrekende band, opgericht in '81(!), in Brussel, zijn één van de voorlopers van de huidige dance-, electro/techno- en wave/industrialscene. De vier heren, allemaal in zwarte, futuristische (combat) outfit konden rekenen op hun trouwe fanschare, die grotendeels bestonden uit dertig en veertigers. De band bestaande uit Jean-Luc De Meyer (vocals), Richard 23 (vocals, keyboards), Patrick Codenys (keyboards/programming/mixing) en Tim Kroken (live drums) bewezen dat ze nog altijd een act zijn om rekening mee te houden en dat ze nog maar weinig van hun goede live reputatie verloren hebben.
Na de intro "98", ging men van start met het duistere "Together", het pompende "Take one" en het militante "In rhythmus bleiben". Daarna volgden het luid meegezongen "Welcome to paradise", het dreigende "Loud" en het rustige "Until death". Vervolgens werd het tempo terug opgeschroefd met "Funkhadafi" en "Moldavia".Het dak ging er bijna af met het gekende materiaal: een stuwende "Religion" en "Headhunter" en het vette' "Punish your machine".
Een degelijk uitgebalanceerd concert dus, maar jammer dat er een paar klassiekers als “no shuffle”, “body to body”, “commando (mix)” en “quiet unusual” in de koelkast bleven en dat het iets jongere publiek maar weinig interesse toonde voor de verrichtingen van deze 'veteranen'! Het waren de oude wave liefhebbers die genoten of pogoë-den op deze electronic’ trance’ body music.

De Kortrijkse electro-rockers van Goose (Grand Mix) waren duidelijk de publieksfavorieten op deze eerste festivaldag. Hun energieke mix van dance/electro en rock werkte zeer aanstekelijk op de dansspieren. Hun set bestond uit songs van het inmiddels twee jaar oude 'Bring it on'; we herkenden de singles "British mode", "Black gloves" en "Low mode". Het overige songmateriaal hoefde daar zeker niet voor onder te doen, getuige daarvan de uitstekende intense nummers "Audience", "Human resource", "Girl", "Everybody" en "Modern times".
De mannen van Goose verkeerden in topvorm en zorgden voor een feestje met hun opzwepende synths, pompende beats, vette gitaren en strakke drums! Een goed geoliede machine en absolute topper!

De Bar Bizar bleek veel te klein voor Andy C., de drum 'n' bass-grootmeester en 'zwaargewicht' van het eerste uur. Deze Engelse DJ die al sinds '92 actief is, bevestigde moeiteloos zijn status als beste jungle-DJ ter wereld met zijn snoeiharde, maar sfeervolle, zalvende en dansbare drum 'n' bass die ook elementen bevatte van soul, reggae/ragga, hiphop en zelfs jazz. Originaliteit troef dus!
Live werd hij bijgestaan door een MC/volksmenner die het al uitzinnige publiek ophitste met zijn militante kreten en oneliners. Stilstaan was dan ook onmogelijk. Andy C. demonstreerde een knap staaltje van zijn kunnen! Indrukwekkend!

Afsluiter in de Grand Mix was Discobar Galaxie. Hun recept van dance/beats, hiphop, rock en popnummers in een grappig en speels jasje was dan ook bekend. Jammer genoeg konden ze op weinig bijval rekenen en was de tent dan ook maar voor de helft gevuld. Toch lieten DJ Lars Capaldi, DJ Bobby Ewing en MC Loveboat het niet aan hun hartje komen en maakten ze er het beste van. Tevergeefs zo bleek, de Grand Mix bleef matig gevuld.
Misschien lag het aan de moegefeeste jongeren of aan het feit dat hun trukendoos bij de meesten bekend was. Ook het feit dat dit hun zoveelste passage was op FihP had er waarschijnlijk wel iets mee te maken. Een lichte teleurstelling!

Organisatie: FihP, Oudenaarde

FeestinhetPark 2008: zondag 24 augustus 2008

Het rockende geweld van het Gentse The Germans , de potige, zompige garage rock’n’roll van Triggerfinger en de onschuldige, snedige melodieuze rock van Tim Vanhamel openden gemoedelijk de afsluitende dag vóór de George Clintons/Parliament craziest freaky funk show en de Oostendse nachtburgemeester Arno.

Maar eerst Beenie Man, de man komt uit het verre Jamaica en was daar voor ons part beter gebleven. De man en zijn band spelen dancehall-ragga, een genre speciaal uitgevonden voor hyperkinetische bavianen die aan de prozac zitten. Er bleek in Oudenaarde toch een publiek te bestaan die vatbaar is voor deze opgefokte pokkeherrrie, maar wij kregen er barstende koppijn van. Beenie Man heeft maar één song , speelde die tot vervelens toe dan ook nog 15 keer en het werkte al van de eerste minuten danig op onze zenuwen. Dit is het soort artiest die ervoor zorgt dat Dafalgan en Aspro eeuwig zullen blijven bestaan.

Levende legende George Clinton, peetvader van de P-Funk, had een vrolijke bende meegebracht. Vier gitaristen waarvan er eentje in een pamper was gehuld, backing vocals waaronder een bevallige deerne op rollerskates, een rapper, een geschifte atletische neger die zich meermaals dubbel plooide en een stel blazers waarvan de dikste ruim de 150 kilo overschreed. Ze moeten daar zowat met zijn zestienen op dat podium gestaan hebben en met z’n allen maakten ze er een knettergek kolkend funk-feestje van. Vette funk beats wisselden af met verbluffende gitaarsolo’s. Ouwe knar Clinton zelf betrad het podium pas nadat zijn band met een drietal nummers de tent op stoom had gebracht, ondermeer met een lekker vet “Cosmic slop”.
Het optreden was één lange geweldige funky-jam van een stel prettig gestoorde klassemuzikanten met de zotte Clinton als opperhoofd. In de gloeiende stoofpot die het bonte gezelschap brouwde herkenden we ouwe kleppers als “Free your mind and your ass will follow” (beste songtitel ooit als je ’t ons vraagt), “I got a thing” en “Get off your ass and jam”, zelfs een flard “I am the slime” van die andere geniale weirdo Zappa was in de set geslopen (paste perfect in deze gekte).
Clinton staat er voor gekend dat ie eindeloos kan doorgaan eenmaal hij goed op dreef is, hier hadden we niet anders gewild, maar het strenge uurschema bracht helaas veel te vroeg een einde aan dit bruisend funkpotje.

Arno heeft al iets te veel op de podia van de Belgische festivals gestaan om het Vlaamse volkje nog echt te verrassen, maar toch weet hij nog steeds een uur lang te boeien, ook al is zijn set zeer voorspelbaar geworden (“Oh la la la” en “Les filles du bord de mer” netjes op het einde, vanwege tijdsgebrek kon “Putain putain” er deze keer niet meer bij). Het concert van Arno was lekker strak en stevig en de vervanger van Geoffrey Burton op gitaar doet zijn voorganger helemaal vergeten, en dat wil wat zeggen. Arno heeft een neus voor goeie muzikanten, zijn nieuwe gitarist bracht nog wat meer dynamiet in Arno’s sound en dat zorgde ervoor dat deze set alweer een aardig brokje onvervalste rock’n’roll was en dat Arno zijn liedje nog lang niet is uitgezongen.


Organisatie: FihP, Oudenaarde

Pukkelpop 2008: weekendverslag van 14 – 16 augustus 2008

Geschreven door

Pukkelpop door de ogen en oren van …

dag 1: donderdag 14 augustus 2008

Santi White aka Santogold zorgde voor één van de vroege hoogtepunten in de Dance Hall. Haar originele mix van electronica, indierock, dub/reggae, new wave en punkrock zorgde voor één van de sterkste debuutplaten van 2008. Live werd ze bijgestaan door een volledige band waarbij vooral de twee synchroon handelende backingvocalistes/danseressen opvielen. Uit haar knappe en bejubelde debuutplaat hoorden we de singles “L.E.S. Artistes”, “Creator” en “Lights out”. We herkenden ook sterke songs als”'I'm a lady”, “Say aha”, “You'll find a way” en “Unstoppable”. Eén minpuntje was het nogal onevenwichtige geluid tijdens het begin van het optreden. Verder hoor je mij niet klagen, dit was van grote klasse!

Serj Tankian, ex-frontman van de metalband System of a Down, speelde een degelijke maar ietwat theatrale show op de Main Stage. Vooral de singles “Empty walls”, “The sky is over” en “Lie lie lie” uit zijn debuut ‘Elect the dead’ werden enthousiast onthaald door het grotendeels jonge publiek. Andere songs konden op minder respons rekenen.  Dit was vooral te wijten aan het songmateriaal: inwisselbaar en te matig. Ook het gepreek van Serj inzake politieke en sociale thema's deden de bombastische performance niet goed. Lichte teleurstelling, spijtig!

Het fenomeen/genie Tricky is terug. Zoveel is zeker na zijn passage in de Dance Hall. Samen met een knappe vocaliste en een goed geoliede band bracht hij vooral materiaal van zijn meesterwerk 'Maxinquaye' en zijn laatste album 'Knowle west boy'. We hoorden classics zoals “Black steel” en “Pumpkin” afgewisseld met nieuw werk zoals “Council estate”, “Puppy toy” en “History lesson”. Spijtig dat hij van Chokri maar een schamele 45 minuten toebedeeld kreeg. Dit had gerust wat langer mogen duren. Knappe en intense show!

De spoken word performance van Henry Rollins (ex-frontman Rollins Band, Black Flag) in de Chateau was zeer de moeite waard. De kleine tent was de ideale locatie voor de leuke en hilarische verhalen over zijn reizen door Zuid-Afrika, Pakistan, Thailand en Laos. Beroemdheden zoals Ted Nugent, Cat Stevens en Dave Lee Roth passeerden ook de revue middels grappige anekdoten. Veel waardering en respect voor iemand die zijn publiek moeiteloos honderd minuten lang kan boeien en doen lachen en dit zonder pauze en zonder tekstblad. See you next year Henry!

Het optreden van Thrice in The Shelter was teleurstellend.  De complexe en progressieve songs van hun laatste platen 'The alchemy index' (toegespitst op de vier natuurelementen) werden afgewisseld met de snelle punknummers van hun eerdere albums 'Vheissu' en 'The artist in the ambulance'. Dit zorgde voor matige publieksreacties en weinig vaart tijdens de show. Bovendien had ik de indruk dat ze er weinig zin in hadden en nogal inspiratieloos en geforceerd hun set aframmelden. Duidelijk een gemiste kans!

De eerste festivaldag in de Chateau werd knallend afgesloten door het Canadese electronica-kwartet Holy Fuck. De band die dicht bij elkaar stond opgesteld, bracht een quasi instrumentale set met inventieve, ritmische en aanstekelijke 'songs'. Raakvlakken met bands als Battles, Trans Am, !!! en LCD Soundsystem waren herkenbaar maar stoorden niet, ze gaven er hun eigen draai aan. De diepe bassound en de opwindende en speelse geluidjes en effecten maakten dit tot een absoluut hoogtepunt!

dag 2: vrijdag 15 augustus 2008

Het trio Year Long Disaster uit Los Angeles mocht The Shelter openen op vrijdag. De band rond zanger/gitarist Daniel Davies (zoon van Kinks-gitarist Dave Davies), bassist Rich Mullins (ex-Karma to Burn) en voormalig Third Eye Blind-drummer Brad Hargeaves serveerden ons een felgesmaakte mix van seventies hardrock, bluesrock en een vleugje southern rock. We hoorden echo's van Led Zeppelin, Cream, ZZ Top en Wolfmoter. Storen deed dit niet, wel werden de songs uit hun titelloze debuut met veel inzet en intensiteit de zaal ingeslingerd. Centraal stonden de vette grooves en de opzwepende gitaarsolo's. Dit was een knappe en solide show, spijtig van de matige opkomst en respons.

Het Zweedse kwartet Witchcraft (The Shelter) kon op meer bijval rekenen. Ze brachten een mengeling van doom, klassieke heavy metal en hardrock. Retro dus. Black Sabbath, Candlemass, Pentagram, The Obsessed en Blue Cheer zijn enkele van de invloeden van deze jonge knapen. De veelal midtempo songs uit hun drie fullenghts (waarvan hun laatste 'The alchemist' een klein meesterwerkje is) werden verpletterend en loepzuiver gespeeld. We hoorden massieve songs als “Walk between the lines”, “Queen of bees”, “No angel or demon” en zelfs een nummer in het Zweeds gezongen. Een uiterst geslaagde set!

De eveneens Zweedse postmetal-formatie Cult of Luna (The Shelter) imponeerde door hun massieve gitaarmuur (drie gitaristen) en lange knap opgebouwde songs. Orgineel of vernieuwend was het niet, we hadden het o.a. Neurosis, Isis, Pelican al eerder horen doen. Uit hun recentste wapenfeit 'Eternal kingdom' hoorden we “Ghost trail”, “The great migration” en het titelnummer. Uit hun overige vier albums hoorden we een kleine selectie (“Leave me here”, “Back to chapel town” en “Adrift”).
Een degelijke performance, maar redelijk voorspelbaar en saai. Een gemiste kans!

Volbeat uit Denemarken zorgde voor een absoluut hoogtepunt in The Shelter. Hun mix van rock'n'roll en metal sloeg in als een bom bij het uitzinnige publiek. We herkenden “The gardens tale”, “Soulweeper”, “Pool of booze”, “Danny and Lucy” en “Caroline leaving”. Ook werd er een nieuwe song gebracht van hun komende derde album 'Guitar gangsters and cadillac blood'. Vergelijkingen met Misfits, Social Distortion, Metallica en Life of Agony waren hoorbaar in hun sound, toch gaven ze er hun eigen draai aan.
Zanger/gitarist Michael Poulsen verontschuldigde zich voor het missen van Graspop (zijn vader overleed enkele dagen voordien), maar maakte dit ruimschoots goed met een opwindende en explosieve performance. Zeer knap! In oktober komen ze terug naar Hof Ter Lo in Antwerpen, mis dit niet!

De Zweedse Robyn bewees meer te zijn dan een ééndagsvlieg. Ze zorgde voor een feestje in de Dance Hall met haar aanstekelijke dance-pop-nummers. Live werd ze bijgestaan door twee drummers (die af en toe ook een gitaarpartijtje verzorgden) en een keyboardspeler.
Centraal stond de mooie, soulvolle stem van Robyn en de onweerstaanbare refreinen en melodien van songs uit haar titelloze vierde plaat. We hoorden knappe versies van “Crash and burn girl”, “Cobrastyle”, “Konichiwa bitches”, “Handle me” en “Bum like you”. Ook haar oude hit “Show me love” passeerde de revue. Er was ook plaats voor een korte, grappige medley: “Buffalo stance” (Neneh Cherry), “Push it” (Salt 'n' Pepa) en “Sexual eruption” van Snoop Dogg.
”With every heartbeat” mocht dit puike, maar veel te korte concert in stijl afsluiten. Zeer opwindende performance van deze popdiva!

Meshuggah kreeg de eer om The Shelter af te sluiten op vrijdag. De Zweedse pioniers van de avantgarde- en experimentele metal deden dat met verve. Hun fusie van death-, trash en jazz/fusion maakt al vijftien jaar deel uit van hun originele sound.
Van hun recentste alom bejubelde werkstuk 'ObZen' hoorden we “Bleed”, “Electric red” en ePravuse. Van 'Nothing' kwamen “Stengah” en “Rational gaze” aan bod. Oudere songs zoals “Suffer in truth”, “New millennium cyanide christ” en de alltime classic “Future breed machine” werden niet vergeten.
Vooral leadgitarist Fredrik Thordendal stal de show met zijn bijna 'buitenaardse' en jazzy solo's. Een fenomeen dat uit duizenden herkenbaar is.
Spijtig dat een ander zwaargewicht, Metallica genoemd, op ongeveer hetzelfde moment het hoofdpodium betrad. Daardoor waren er hooguit enkele honderden toeschouwers aanwezig. Jammer voor deze innovatieve en avontuurlijke metalformatie die een goede en degelijke show neerzette.

Absolute headliners en grootste publiekstrekker van Pukkelpop 2008 waren Metallica. Daar bestond geen twijfel over, getuige de ontelbare zwarte Metallica shirts.
James Hetfield en kompanen hadden er duidelijk zin in en serveerden ons een mooie dwarsdoorsnede van hun inmiddels vijfentwintig jaar durende carrière.
Na de inmiddels bekende “Ecstacy of gold”-intro werd er meteen fel afgetrapt met “Creeping death” en “Fuel” (uit ‘Reload’). Daarna hoorden we “Wherever I may roam”, “Harvester of sorrow” (kleine verrassing) en “The unforgiven'”. Middels “Cyanide” kregen we een voorproefje van 'Death magnetic', hun nieuwe langverwachte album dat in september verschijnt. Het was een lange song met veel tempoveranderingen en gitaarsolo's die teruggreep naar 'And justice for all...', die daarna aan de beurt kwam. Dit werd gevolgd door oude krakers zoals eNo remorsee, “Fade to black”, “Master of puppets” en “Damage inc.”.
Meezingers “Nothing else matters” en “Sad but true” ontbraken ook niet. Bij “One” en “Enter Sandman” kwam het vuurwerk en de pyrotechnics in actie. Beetje voorspelbaar natuurlijk, maar toch mistte het zijn effect niet bij het uitzinnige en enthousiaste publiek.
Afgesloten werd er met “Die die my darling” (van The Misfits), het stokoude “Motorbreath” en “Seek and destroy”.
Nummers van de fel bekritiseerde albums 'St. Anger', 'Load' en 'Reload' werden volledig links gelaten. Dit was een kleine aderlating , ze werden niet echt gemist.
Metallica stond ruim twee uur op de planken en voerde een prima, solide show op en was een waardige afsluiter op vrijdag. Much respect!!

dag 3: zaterdag 16 augustus 2008

De Duitse 6-koppige sludge band The Ocean (The Shelter) opende de laatste festivaldag knallend met een korte maar intense set. Met kleine meesterwerkjes als 'Precambrian' en 'Aeolian' op hun naam toonden ze aan dat 'postmetal' niet voorspelbaar en clichématig hoeft te zijn. Dit waren avontuurlijke en epische mokerslagen met samples van violen, cello en piano. Ook enkele ambient-elementen ontbraken niet. De sterke wisselwerking tussen de twee vocalisten en het de goede totaalsound waren ook positief te noemen. Dit was meteen een wake up call van jewelste!

De Limburgse formatie The Rones gaven de aftrap op de Main Stage op zaterdag. Het was hun tweede passage op Pukkelpop (na '06). Hun net verschenen debuut 'Sinner songs' bevat een fijne mix van stoner rock en industrial (denk aan de vette riffs en grooves van Queens of The Stone Age met de sfeervolle electronica van NIN). Zanger Lenn van Meeuwen had ook wel wat weg van de jonge versie van Josh Homme.
Het songmateriaal was niet allemaal even boeiend  en soms verzwakte onze aandacht, maar toch een ruime voldoende.

This is Menace (The Shelter) is een Engelse metalband  rond voormalig Pitch Shifter-bassist Mark Clayden en drummer Jason Bowld. Live werden ze bijgestaan door vier gastzangers. Elke vocalist nam twee songs voor zijn rekening, dit zorgde voor een opwindende en unieke mix van metal, hardcore/screamo , industrial en punk. Wie van diversiteit houdt, moet zeker hun albums 'The scene is dead' en 'No end in sight' eens uitchecken, echt de moeite waard. Een gevarieerde en onderhoudende performance.

Amenra (The Shelter) uit Kortrijk zijn zowat de vaandeldragers van de Belgische sludge/postmetal. We zagen een perfect op elkaar ingespeelde band die de songs van 'MassIII' en 'Mass IV' overtuigend en strak de tent in slingerde. Op de setlist stonden verpletterende en duistere songs als “Razoreater”, ”Silver needle, golden nail”, “Die Strafe.am kreuz” en “Le gardien des reves”. Zanger Colin Vaneeckhout stond gedurende het hele optreden met zijn rug naar de aanwezigen. Hij wisselde zijn oerschreeuw soms af met fraaie clean gezongen stukken, indrukwekkend. De donkere en apocalyptische projecties op de achtergrond maakten het plaatje compleet.
Dit is muziek die het zonlicht weert. Een intense en overdonderende ervaring!!

Het New Yorkse trio A Storm of Light (Chateau) is de band rond Josh Graham, huidig visual artist en keyboardspeler bij Neurosis. Op Pukkelpop kwamen ze hun debuut 'And we wept the black ocean within' voorstellen. De lange, loodzware nummers riepen vergelijkingen op met Neurosis, Red Sparrowes en Isis, postmetal/sludge dus.  Spijtig genoeg waren de songs minder sterk dan voornoemde groepen voorspelbaar en ook ééntoniger. De projecties van desolate sneeuwlandschappen en onstuimige rivieren waren wel sfeervol. Eveneens als de broeierige en donkere keyboardpartijen en samples. Toch kon het geheel ons niet helemaal overtuigen, net een voldoende dus.

The Manic Street Preachers (Main Stage) speelden een greatest hits-set. Het vijftal (met extra gitarist en keyboardspeler) opende de set met hun grootste hit “Motorcycle emptiness”. Daarna volgden de klassesongs in sneltempo: “You stole the sun from my heart”, het oudje “Masses against the classes” en “Your love alone is not enough”. Dat The Manics ook in waren voor een geintje, bewees de rockende cover van Rihanna's “Umbrella”. Vervolgens hoorden we “Ocean spray” (met knappe saxofoonsolo), het punky “You love us” en “Send away the tigers” (titelnummer van hun laatste album). De ietwat overbodige cover van “Pennyroyal tea” (Nirvana) werd opgedragen aan hun verdwenen gitarist Richey James Edwards. Afgesloten werd er met het bombastische “A design for life”, de livefavoriet “Motown junk” en het ijzersterke “If you tolerate this, you're children will be next”. Puike show van deze Britpop veteranen!

Het duo The Dresden Dolls uit Boston zetten de Marquee in vuur en vlam met hun energieke en gedreven 'punkcabaret'. Zangeres/pianiste Amanda Palmer en drummer/occasioneel gitarist Brian Viglione waren in topvorm en hadden er duidelijk zin in. Ze speelden knappe, intense songs als “Mrs. O”, “Girl anachronism”, “Coin-operated boy”, ”Backstabber” en “Half Jack”. De dramatische cover van “Amsterdam” (Jacques Brel) ontbrak ook niet. Het nog steeds relevante “War pigs” van Black Sabbath besloot de veel te korte set. Dit smaakte duidelijk naar meer en was voor velen een absoluut hoogtepunt! Trouwens, in oktober komt Amanda Palmer haar solo-album voorstellen in de Handelsbeurs in Gent, don't miss it!

Godfathers/pioniers van de post-, sludge en experimentele metal, Neurosis, fungeerden als laatste act in The Shelter. Het vijftal uit Oakland, USA, opgericht in '85 (!), heeft reeds tien albums op hun naam staan. Hun unieke sound bevat elementen van doom metal, sludge metal, industrial, ambient en folk. Belangrijkste invloeden zijn Black Sabbath, Swans, Melvins, Pink Floyd en King Crimson, niet de minsten dus.
Steve von Till, Scott Kelly en kompanen brachten vooral materiaal van hun vorig jaar verschenen 'Given to the rising'. Ze speelden daaruit de titeltrack, “To the wind”, “Distill” en “Fear and sickness”. Verder hoorden we lang uitgesponnen en indrukwekkende songs uit ‘The eye of every storm’ en 'A sun that never sets'. De duistere soundscapes/samples en bijhorende visuals van Josh Graham versterkten hun totaalsound. Van contact met het publiek was er geen sprake, de muziek sprak voor zich. Deze grootmeesters bezorgden ons een intense en bijna wereldvreemde ervaring!!

Het Briste Elbow sloot de Marquee in stijl af. Hun subtiele en fraai gearrangeerde pop kon wel op weinig belangstelling rekenen , daarvoor zat Soulwax er voor iets tussen (zij stonden net op het hoofdpodium). Toch lieten ze het niet aan hun hart komen en speelden ze vooral songs van hun laatste fullength 'The seldom seen kid'. We hoorden mooie versies van “Starlings”, “Mirrorball”, “Grounds for divorce”, “One day like this” en “The bones of you”. Ook “Forget myself”, “Newborn” en “Leaders of the free world” passeerden de revue. Laatste song die ze brachten was het prachtige “Scattered black en whites”. Spijtig genoeg dus geen “Red”, ”Powder blue”,“Fugitive motel” of  “Not a job”, daarvoor kregen ze te weinig speeltijd toebedeeld. Toch noteerden we alweer een muzikaal hoogtepunt!

* Persoonlijke favorieten (in willekeurige volgorde) Pukkelpop:
- dag 1: Henry Rollins, Tricky, Santogold
- dag 2: Metallica, Volbeat, Robyn, The Gutter Twins, Witchcraft
- dag 3: Neurosis, Amenra, Elbow, The Dreden Dolls, Sigur Ros
* Ook sterk: Manic Street Preachers, Mercury Rev, Meshuggah, Does it Offend you, yeah?....

* Gemist (door allerlei redenen): Black Mountain, Tindersticks, Bloc Party, Soulfly, Killswitch Engage, Crystal Castles, Fuck Buttons, Creature with the Atom Brain, Jamie Lidell etc.
* Non-muzikaal hoogtepunten: een praatje kunnen slaan met Luc De Vos (Gorki) en stand-up comedian Alex Agnew. Altijd mooi meegenomen!

Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Pukkelpop 2008: zaterdag 16 augustus 2008

Geschreven door

The Black Box Revalation zijn een beetje als The Van Jets vorig jaar … overal wel ergens te zien! Ze slaagden in een frisse, opwindende set van rauwe, vettige en retestrakke garage rock’n’roll blues. Het jonge duo overweldigde op ongedwongen, speelse wijze en diende kopstootjes toe aan andere duo bands en zouden een Jon Spencer doen vergapen. Vakkundig hielden ze een nokvolle marquee dicht bij zich op songs als “Gravity blues”, “Love is on my mind”, “I think I like you”, “I don’t want it”, “Set your heart on fire” en een beklijvende “Never alone/always together”. The Black Box Revelation zijn altijd goed voor een tien op tien!

Hadden The Rones (main stage) beter niet gewisseld met Black Box Revelation, want we hadden een serieuze ommezwaai qua belangstelling voor dit jonge Belgische bandje die na het Pukkelpopweekend z’n debuut ging uitbrengen. The Rones leken als twee druppels water op The Queens of The Stone Age; ook de zanger leek wel een jonge Josh Homme. Slecht klonk hun intense stonerrock zeker niet, enkel bleef variatie uit . Opvallend was hun versie van “Voodoo people” van Prodigy, die ze lekker onderdompelden in stevige gitaren.

The Black Kids in de marquee toonden aan dat ze meer in hun mars hadden dan de instant klassieker “I’m not gonna teach your boyfriend how to dance  with you”. Hun toegankelijk huppelende en dansbare gitaar’skool’rock viel al bij al mee. Het kwintet uit Florida had twee goed uit de kluiten gewassen dames mee, die muzikaal niet moesten onderdoen aan hun mannelijke collega’s . Tof bandje die een paar leuke songs uit hun gitaren en elektronica apparatuur toverden.

Het stoorzender geluid van Fuck Buttons (chateau) uit Bristol lokte aanvankelijk een pak volk. Ze speelden een combinatie van dronesoundscapes, psychedelica, noise en avantgarde op hun synths die dikwijls overstuurd klonken en van effects waren voorzien; de vocoderzang klonk door een telefoonmodule. Intrinsieke schoonheid voor de ene, voor de andere herrie, terreur en ongepast elektronicagedreun.

Het Britse trio The Wombats (main stage) heeft een goed debuut uit ‘ A guide to love &desperation’. Is het op plaat opzwepende vaardige, strakke gitaarpoprock, live klonk het rauw, rommelig en rammelde het meer, onder de schreeuwzang van Matthew Murphy: “Kill the director”, “Party in the forest/where’s Laura”, “Here comes the anxiety”ven “Backfire at the disco”. Bizar genoeg paste het bij het concept van de groep, die tussen de nummers met alle plezier grapte en moeiteloos de technische panne kon omzeilen, om er dan flink tegen aan te gaan. De gevraagde kangoeroedans op “Let’s dance to Joy Division” was aardig meegenomen.

Ook de aparte zompige bluesrock van Two Gallants (club) wist te raken. Hun doorleefd songmateriaal op indringende gitaarakkoorden, opzwepende drums en een grauwe stem klonk even gepassioneerd en treffend als Dave Eugene Edwards van Wovenhand. Ze bouwden in 45 minuten een intens broeierige spanning op, met pareltjes van songs waaronder “Cruces jail” en “Steady rollin’”.

Coem (wablief)is een goed bewaard Limburgs geheim, die al jaren bezig is, maar met het recente ‘We’ve got speakers on the outside of our spacecraft’ wat meer airplay verkrijgt. De songs zitten doordacht en subtiel in elkaar, ondergaan onverwachtse wendingen en hebben een dromerige zang. Een rijk gelaagd geluid dus. Het kwintet was aangevuld met een blazersectie om hun moeilijk definieerbaar geluid elan te geven. Ze slaagden optimaal in hun opzet: muziek voor doorzetters…

Dan Le Sac vs Scroobius Pip (chateau) debuteerde onlangs met de plaat ‘Angles’. Het duo tast de grenzen af van hiphop en elektronica. Live stonden ze garant voor een frisse en energieke act, pompende beats, bleeps en hippe snedige raps. Ze waren onder de indruk van de respons voor hun allereerste optreden op Belgische grond. Toegankelijke en aangename streetdance.

De marquee was al tien minuten vóór het concert volgelopen om het New Yorkse Management ‘MGMT’ aan het werk te zien. MGMT wordt bepaald door het weirde duo Goldwasser/Vanwyngaerden. Love, peace en geestesverruimende muziek is hun motto en ze omschrijven zichzelf als een band uit de toekomst die ‘70’s psychedelica speelt. Soms moeilijk te vatten, wat ze willen uitdrukken.
Hun dromerige, psychedelische danceptrip op het debuut ‘Oracular spectacular’ (invloeden van Hawkwind, Pink Floyd, Polyphonic Spree, Flaming Lips en Black Mountain) ging erin als zoeten koek. Hun kleurrijke poppsychedelica klonk rommelig en slordig. Laaiend enthousiast werden hun hits “Weekend wars”, “The youth”, Time to pretend” en “Electric feel” onthaald. Maar de ontnuchtering viel toen de band, eerder dan voorzien, na het stomende “Kids” het plots voor bekeken hield. Terecht verdeelde reacties voor dit ‘hippe’ collectief.

Het Canadese Black Mountain overweldigde in de club met hun melt van retrorock, stoner, ‘70’s psychedelica, americana en postrock. We hoorden in de langgerekte hypnotiserende stukken begeesterende gitaarsoli en percussie, een bezwerende, zweverige zang en bedwelmende toetsen. “Wucan”, “Queens will play” en “Tyrants” klonken slepend, opbouwend en dynamisch; ze dompelden ons onder in hun niet-van-deze-wereld muziek. Een hippe alternatieve live band!

Het sympathieke Bloc Party (main stage), onder zanger Kele Okereke, staat scherp …messcherp! Ze speelden net als in Lotto Arena een overtuigend en genadeloos optreden. Twee cd’s hebben ze pas uit en het was net dat ze op een totaal ontspannen, relaxte manier een ‘Best of’ brachten. Een ongekende spontaniteit van een goed op elkaar afgestemde band. De groep amuseerde zich en gaf het beste van zichzelf. Een prominente rol was weggelegd voor drummer Matt Tong (onnavolgbare drumritmes) en Okereke. Hij zong de longen uit z’n lijf, betrok het uitzinnige publiek telkens in de set, schudde handjes en ontroerde met een geboortekaartje van een Belgisch koppel dat hun zoontje naar hem had genoemd.
Een in te lijsten concert dat met “Hunting for witches”, “Banquet”, “Two more years”, “This modern love”, “The prayer”, “So here we are”, “Like eating glass” en “Helicopter” ons steeds verraste. Ook de stuwende electronica van nieuwtjes “Mercury” en “Flux” stonden ‘er’.En tenslotte gooiden ze er een bis “She’s hearing voices” tegen aan. Oorstrelend, Onweerstaanbaar en Op handen gedragen … Terecht!

Godfathers/pioniers van de post-, sludge en experimentele metal, Neurosis (shelter), fungeerden als laatste act in The Shelter. Het vijftal uit Oakland, USA, opgericht in '85 (!), heeft reeds tien albums op hun naam staan. Hun unieke sound bevat elementen van doom metal, sludge metal, industrial, ambient en folk. Belangrijkste invloeden zijn Black Sabbath, Swans, Melvins, Pink Floyd en King Crimson, niet de minsten dus.
Steve von Till, Scott Kelly en kompanen brachten vooral materiaal van hun vorig jaar verschenen 'Given to the rising'. Ze speelden daaruit de titeltrack, “To the wind”, “Distill” en “Fear and sickness”. Verder hoorden we lang uitgesponnen en indrukwekkende songs uit ‘The eye of every storm’ en 'A sun that never sets'. De duistere soundscapes/samples en bijhorende visuals van Josh Graham versterkten hun totaalsound. Van contact met het publiek was er geen sprake, de muziek sprak voor zich. Deze grootmeesters bezorgden ons een intense en bijna wereldvreemde ervaring!! (met dank aan Frank Verwee)

Voor wie Sigur Ros (main stage) miste op Werchter , was dit de herkansing. De leden waren mooi uitgedost en omringd door een blazersectie en het Amiina string kwartet, in een lightshow van lichtballen, confetti en papiersnippers. Het was genieten van hun wondermooie en ijzingwekkende elegante schoonheidsbombast. Het IJslandse gezelschap kon rekenen op een volle wei, die genoot van hun unieke sprookjesachtige en mysterieuze sound. Ze speelden aanzwellende partijen, orkestraties en geselden hun gitaarsnaren met strijkstok op ”Glosoli” en “Saeglopur, klonken direct op “Inni mer syngur”, poppy op “Vid spilum endalaust”, en lieten de fanfare aanrukken op “Gobbledigook”. Wat een gevarieerd droomgeluid.

Het New Yorkse We Are Scientists besloot Pukkelpop in de club. Een gebald, rechttoe- rechtaan geluid en een energieke strakke set. De nieuwe songs van hun eerder tegenvallende tweede plaat ‘Brain thrust mastery’ kregen een stevige adrenalinestoot. Als een tornado raasden ze over ons heen met “Scene is dead”, “Cash cow” en “It’s a hit” als rode draad. Puike prestatie!

De fans van Soulwax (main stage) waren in de loop van de avond voldoende opgewarmd met een 2 Many DJ’s set (boiler room) en een Nite Versions live at Fabric and 120 other places.(dance hall). Het sierde de broertjes Dewaele wat ze vandaag konden presteren. Punkfunk, electronica gefreak en pompende beats koppelden ze aan hun mixes van o.a. Robbie Williams en Daft Punk.. Niet direct my cup tea , maar respect wat de Dewaele Brothers aan die knoppen uitvoerden, vóór het vuurwerk kon worden afgeschoten.

Een geslaagde Pukkelpopeditie werd besloten …

Organisatie: Pukkelpop, Hasselt-Kiewit

Pagina 135 van 143