logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Janez Detd. - D...
Shame
Ollie Nollet

Ollie Nollet

maandag 10 juni 2013 02:00

Joe Buck Yourself - Hel en verdoemenis

Joe Buck Yourself - Hel en verdoemenis
Joe Buck Yourself, Rachel Brooke, Viva Le Vox
Pit’s
Kortrijk

Drie namen op de affiche en dat is meestal wat teveel van het goede voor de Pit's waar de stekker er om 22u onverbiddelijk uitgaat. Maar blijkbaar hebben ze daar hun discipline teruggevonden en werd er stipt om 19u30 begonnen zodat we drie volwaardige sets voor de kiezen kregen.

Het begon er met Viva Le Vox, een groep uit Lake Worth, Florida met een wisselend personeelsbestand. Hier moest zanger-gitarist Tony Bones het zien te redden met enkel Joe Buck op staande bas. Bones had op een tatoeage meer of minder niet gekeken en en had er wel een heel opvallende op de hals : de letters L.A.M.F. wat moeilijk iets anders kan zijn dan een verwijzing naar de plaat van Johnny Thunders' Heartbreakers. Viva Le Vox bracht een niet meteen voor de hand liggende mix van dixieland en punk. Het ging er bijzonder driftig aan toe en de gitaar deed me zowaar soms aan Django Reinhardt denken. Niets was Bones teveel, die dan ook alle hoeken en kanten van het café opzocht en zelfs een knappe griet zocht (en vond) om rond te gaan met zijn klak. Maar na een tijdje begon zijn geforceerd schorre zang me toch wat op de heupen te werken.

Rachel Brooke
(uit Michigan) wordt wel eens de ‘Queen of the underground country music’ genoemd maar op haar laatste plaat, ‘A killer’s dream’, is ze die titel een beetje ontgroeid want dit schitterende en zeer gevarieerde album, waarin talloze instrumenten zoals de xylofoon, trompet, viool of zingende zaag de revue passeren, bevat zoveel meer dan country. Maar ook zonder die rijke muzikale aankleding hield Rachel Brooke wonderwel stand, zelfs in een ruige keet als de Pit's.
De eerste drie songs bracht ze zelfs helemaal alleen op akoestische gitaar waarna Joe Buck en Tony Bones terug op het podium klommen. Bones bewees veel meer in zijn mars te hebben dan hij had laten zien met Viva Le Vox en deed verdomd aardige dingen op zijn gitaar. Maar het was toch zonder enige twijfel de stem van Rachel Brooke die de hoofdrol opeiste : soms desolaat dan weer gloedvol klinkend, ergens te situeren tussen Billie Holiday en Eilen Jewell. De stuk voor stuk sterke songs vonden hun wortels in lang vervlogen tijden maar klonken toch alsof ze alleen vandaag gebracht konden worden. Balancerend tussen blues, jazz, country, rockabilly en bluegrass was het telkens raak.
Moeilijk om er een hoogtepunt uit te vissen maar als het dan toch moet kies ik voor de strompelende rockabilly van "The Black Bird", met Tony Bones, die trouwens op de plaat ook de gitaar voor zijn rekening neemt, in een glansrol. Alsof de muziek alleen al niet volstond beschikte Rachel Brooke, die zeker niet op haar mondje was gevallen, over een ontwapenende charme.

Na die wat verstilde schoonheid van Rachel Brooke was het contrast met het brute geweld van Joe Buck Yourself groot maar storen deed het verrassend genoeg niet. Joe Buck, die hier dus driemaal op het podium stond (!), was een tijdje gitarist bij Th' Legendary Shack Shakers en speelde bas bij Hank III. Het zijn referenties die kunnen tellen maar hier stond hij er, enkel voorzien van een gitaar en een basdrum, alleen voor. Maar meteen veegde hij alle twijfel van tafel met een verpletterend "Planet Seeth", dat me toch even naar adem deed happen.
Wat volgde was een reeks ruwe, dreigende songs over hel en verdoemenis. Joe Buck leek wel door de duivel bezeten met zijn ogen als vlammenwerpers en hij croonde zijn teksten rechtstreeks uit de riool. Zijn gitaar klonk vooral luid en primitief, soms gooide hij er een countryriedeltje tussen waarop de meute zich meteen aan het dansen zette.
Nijdige 'hellbilly', badend in een dreigende atmosfeer die vreemd genoeg telkens na het einde van de song verdween omdat Joe zijn imago dan liet varen, overrompeld als hij was door de ongemeen hevige aanmoedigingen van het opgehitste volk.
We werden voortdurend uitvoerig bedankt en 'reeds na vijf seconden had ik door dat de Pit's een heel speciale plaats is', wist hij ons nog te vertellen. Ze zullen het daar graag gehoord hebben, vermoed ik.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/joe-buck-yourself-08-06-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/rachel-brooke-08-06-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/viva-le-vox-08-06-2013/
Organisatie: Pit’s, Kortrijk

 


In 2007 werd ik in de Pit's zowaar omver geblazen door een toen nog piepjonge Miss Alex White uit Chicago. Wat een power had die krullenbol! Zes jaar later was ze nu opnieuw in Kortrijk en bleek ze The Red Orchestra overboord gekieperd te hebben om te touren in duovorm als White Mystery met haar jongere broer Francis Scott Key White. Ook muzikaal werd het roer drastisch omgegooid. De volle vettige rocksound heeft plaats moeten ruimen voor een veel primitiever en gruiziger geluid waarin soms wat glamrockinvloeden te bespeuren waren. Gebleven zijn de tomeloze energie en die krachtige, helle stem van Alex hoewel ze een paar keer de leadvocals aan broerlief overliet.
In een razendsnel tempo joegen ze hun set erdoor, er was nauwelijks tijd voor een adempauze. Hun songs waren telkens kort en uitermate explosief, een beetje zoals bij The Hussy, die ik onlangs aan het werk zag. Pas naar het einde toe zakte het tempo even voor een oud nummer, ging het stof wat liggen en kwam ik tot het besluit dat ik Miss Alex White vroeger met The Red Orchestra net iets beter vond.

Drie van de vier Allah-Las werkten bij de platenzaak Amoeba Records in Los Angeles waar ze honderden stokoude elpees beluisterden en uiteindelijk besloten om zelf iets dergelijks op te nemen. Dat resulteerde vorig jaar in hun door Nick Waterhouse geproducete debuut. Eén van de beste platen van 2012 vond ik en ik was duidelijk niet alleen met die mening want er was behoorlijk wat volk (zowel jong als oud) komen opdagen.

De Allah-Las klinken niet alleen zoals in de sixties, ze deden verdomd hard hun best om er ook zoals toen uit te zien. Hun kledij, hun kapsels en zelfs hun houding op het podium (nogal stijf en vastgeroest op dezelfde plek) leken perfect gekopieerd uit het gouden decennium. Maar het was uiteraard eerst en vooral de sound die zwolg in nostalgie en als een zwoele zeebries ons kwam toegewaaid. De mooie, licht hese stem van Miles Michaud, de breekbare vintage gitaar van Pedrum Siadatian, de bijzonder soepele baslijnen van Spencer Dunham en de accurate drums van Matthew Correia klonken steeds erg laid back terwijl de hemelse samenzang voor de kers op de taart zorgde. Dichter bij The Ventures kan je niet geraken(vooral in de instrumentals werd dat heel duidelijk) alhoewel er ook echo's van The Beach Boys en The Zombies te horen waren.
Alles klonk uiterst verzorgd, als honing voor de oren maar ook wel wat voorspelbaar. Nooit werd afgeweken van het vaste patroon buiten dan tijdens dat laatste nummer waarin de zanger en de drummer van plaats wisselden. Nooit ging de nochtans steeds schitterende Pedrum Siadatian eens voluit op zijn gitaar, al had je dat toch zo graag gewild.
Nee, onverstoorbaar hielden ze vast aan hun perfectionistische sound. "Black Lips-light" zou je het oneerbiedig kunnen noemen. En ook in de talrijk aanwezige nieuwe nummers wees niets erop dat er voor een volgende plaat van de koers zal afgeweken worden.
Hoogtepunten eruit pikken blijkt evenzeer moeilijk daar de songs nogal inwisselbaar leken tenzij misschien "Busmans holiday" waarvan je zou zweren dat het een hit was uit pakweg 1967. Ondanks die kritische noten bleef dit een heerlijk concert en kwamen de sixties (zij het niet die van bijvoorbeeld The Sonics of The Stooges) voor even terug tot leven.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/allah-las-24-05-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/white-mystery/

Organisatie: Kreun , Kortrijk

 

Het blijft een vreemd kereltje, die Tav Falco. Een ijdeltuit ook : strak in het pak, halverwege de set toch maar eens de kam door de stijf gespoten haardos halen en met een perkamenten huid die me aan die andere kwast, Berlusconi, deed denken. Maar Tav Falco is ook de man die met zijn Panther Burns begin jaren '80 oude vergeten songs recycleerde tot een mix van rockabilly en blues en zo samen met The Cramps toch voor wat rock-'n-roll zorgde in dat akelige decennium. Met o.a. Jim Dickinson en Alex Chilton in zijn groep maakte hij in die tijd enkele schitterende platen om in 2000 nog eens verschroeiend uit te halen met ‘Panther Phobia’ waarop ene Jack Oblivian op bas en orgel speelde. Sindsdien lukt het op plaat niet zo best meer en ook zijn laatste ‘Conjurations: séance for deranged lovers’ van vorig jaar klinkt wat halfslachtig. Ik had dus op zijn minst wat reserves toen ik me naar het Franse Wattrelos begaf.

Het begon al goed: aangekondigd om 18u en de deuren pas openen om 19u20! Maar geen mens die daarom morde. Openers van dienst waren het Frans-Belgische Blindhorses dat opgericht werd in Halluin maar tegenwoordig Lille als uitvalsbasis heeft. Lome woestijnrock die me deed denken aan Calexico en Giant Sand werd ons deel met een trompet die voor een serieuze meerwaarde zorgde. Halverwege wisselde de zanger zijn gitaar voor een banjo en switchte de band naar springerige folkrock. Niet meteen hun beste zet.

Drumster Giovanna Pizzorno bracht eerst nog een halve striptease vooraleer Tav Falco and The Unapproachable Panther Burns schitterend met een gemuteerde blues van start gingen. Daarna volgden al snel de gekende covers "Funnel of love" (Wanda Jackson) en "Tobacco road" (John D Loudermilk). Het ene moment klonken ze als een nijdige rock-'n-rollband om even later als een heerlijk decadent zwalpend balorkest uit de hoek te komen. Hoewel dat laatste niet altijd slaagde met als pijnlijk dieptepunt een verschrikkelijke cover van het Bond-nummer "Goldfinger", inclusief het misselijk makende bombast dat de toetsenman uit zijn nochtans klein instrument wist te halen. Maar op zo'n dooie momenten kon ik me nog altijd concentreren op het steeds te voorschijn priemende slipje van Giovanna Pizzorno.
Die uitstapjes naar meer exotische dansmuziek (wat hij al altijd heeft gedaan) bleken meestal de mindere momenten behalve dan die zinderende tango waarin er een danspartner voor Tav op het podium verscheen. En de man kan dansen! Alsof we daaraan hadden getwijfeld. Maar het liefst hoor ik toch de vuige rock-'n-rollnummers waarin hij soms behoorlijk tekeer ging op gitaar.
Hoogtepunten waren het lange "Gentlemen in black" van de laatste plaat en ‘Tina the go-go queen’ waarin het liefje van bassist Laurent Lamouziére mocht komen meekwelen. Maar het moment van de avond was evenwel het tweede en laatste bisnummer waarin Tav Falco en zijn overigens steeds superbe gitarist, Grégoire Cat, helemaal op het randje vooraan van het podium ellenlang verzengend uithaalden op gitaar en iedereen met een kamerbrede grijns achterlieten. Alleen dat ene nummer was al mijn verplaatsing waard.

Neem gerust een kijkje naar de pics van Tav Falco (support act Jon Spencer Blues Explosion op 3 mei 2013 – Trix, Antwerpen)
http://www.musiczine.net/nl/fotos/tav-falco-03-05-2013/

Organisatie: Boîte à Musiques, Wattrelos

 

maandag 13 mei 2013 02:00

The Hussy - kort en hevig

The Hussy - kort en hevig
Thee Marvin Gays, The Beards, The Hussy
4AD
Diksmuide

Een zeer bescheiden opkomst voor wat zich nochtans aankondigde om een mooie avond te worden, wat het ook werd. 25 jaar dwarsheid blijkt nog geen garantie om wat meer mensen naar de 4AD te lokken wanneer daar wat meer obscure namen op de affiche prijken. Of was het feestprogramma misschien wat te overladen, velen waren immers nog niet bekomen van het sublieme concert van Chelsea Wolfe enkele dagen eerder.

Thee Marvin Gays, Doorniks trots, mochten de spits afbijten en ze deden dat met verve. Nonchalant en pretentieloos brachten ze erg aanstekelijk rammelende garagerock die me zowat omver blies. De twee gitaren jengelden eclatant en ook de stemmen klonken steeds bekoorlijk. De vorige keer dat ik ze zag vond ik ze vooral als de Black Lips en een enkele keer als The Monks klinken terwijl ik deze keer sporen van Violent Femmes en Thee Oh Sees meende te ontwaren. Maar deze Marvin Gays hebben zich vooral een tamelijk unieke en moeilijk vast te pinnen sound weten eigen te maken. Met deze set werd de lat meteen zeer hoog gelegd!

De enige groep waarvan ik vooraf vreesde dat ze zou kunnen tegenvallen was The Beards uit het Australische Adelaide. Vier mannen gezegend met een indrukwekkende kinbegroeiing die het enkel over baarden zouden hebben. Het sprak niet meteen tot mijn verbeelding maar wie ben ik? Onder de weinige aanwezigen was er één iemand die maar liefst 300 kilometer had gereden om deze Europese première te mogen meemaken. Ik vond het miserabel beginnen met wel erg belegen folkrock en de moppen (over baarden, wat dacht je) hadden steevast een lange baard (ik kan het ook niet helpen) terwijl ze voor de choreografie blijkbaar bij Kabouter Plop in de leer waren geweest. Maar gaandeweg wisten ze ook mij in te palmen en werd hun humor steeds gevatter met songs als "If your dad doesn't have a beard, you've got two mums". Ook de muziek kon ik steeds meer smaken met onder andere een blues, zo over de top cliché, dat het weer mooi werd terwijl de afsluitende Van Halen-pastiche er eveneens best mocht zijn.
Hun optreden was geslaagd wanneer er achteraf één iemand zijn baard zou laten groeien, wisten ze ons te vertellen. Dat terwijl hun roadie, die de saxofoon of het draagbare klavier om de hals van de zanger moest hangen, nog over een gladde kin beschikte. Er is nog werk aan de winkel, heren!

Na dit hilarische spektakel mochten The Hussy uit Madison, Wisconsin de avond afsluiten. Bobby & Heather Hussy worden wel eens Madison's King & Queen of trash rock genoemd en trashy werd het! Hun nummers waren net splinter bommen : hevig, venijnig en meestal onder de minuut afklokkend. Vergelijkingen met andere duo's zijn natuurlijk snel gemaakt : vroege White Stripes maar dan twee versnellingen hoger en ontdaan van de blues. Japandroids, maar dan een stuk smeriger of een wat minder kille versie van The Kills.
Bobby, die wat op John Lennon leek, schudde de ene na de andere messcherpe riff uit zijn mouw waarbij hij zichzelf een paar keer in de lucht katapulteerde. Beiden zongen niet onaardig en hun samenzang gaf hun songs wel een eigen draai. Na 25 minuten ging deze wervelwind liggen. Misschien wat aan de korte kant maar intens was het zeker geweest en het is altijd beter wat op je honger te blijven zitten dan met een opgeblazen gevoel naar huis te moeten.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Pagina 25 van 25