logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Hooverphonic
Sam De Rijcke

Sam De Rijcke

donderdag 13 mei 2021 17:34

Delta Kream

Na de belegen mainstream-rock van hun laatste twee albums ‘Turn Blue’ en ‘Let’s Rock’ hadden wij The Black Keys al bijna bij het grof huisvuil gezet, maar de heren Dan Auerbach en Patrick Carney roepen ons prompt terug met het verrassend frisse ‘Delta Kream’, een plaat waarmee ze teruggrijpen naar hun eerste liefde, de blues.
Met de albums ‘The Big Come Up’ (2002) en onze favoriet ‘Thickfreakness’ (2003) stak het duo destijds de neus aan het venster met de meeste vettige en compromisloze bluesrock die enkel zijn gelijke vond in de eerste platen van The White Stripes. Het is met dit soort blues dat The Black Keys nu terug het mooie weer maken, niet meer zo venijnig en vettig als toen, wel meer relaxed en groovy. Geen eigen werk deze keer, The Black Keys graven in delta-blues originals van John Lee Hooker, RL Burnside en hun all time favorite Junior Kimbrough, die ze ook al prezen met het geweldige ‘Chulahoma’ uit 2006.
John Lee Hooker’s “Crawling King Snake” mag dan al ettelijke keren gecoverd zijn, de Black Keys versie mag er toch maar best wezen met dat heerlijke slide gitaartje die doorheen de song rolt. Een ander prijsbeest is “Going Down South” (van RL Burnside) die bediend wordt van dat hoge soulstemmetje die The Black Keys zich na al die jaren hebben toegeëigend. “Come On And Go With Me” van Junior Kimbrough is ook zo’n soulvolle laidback-blues waarbij wij ons maar al te graag laten doorzakken, whiskeytje binnen bereik.
Niet zelden doen The Black Keys ons denken aan The North Mississippi Allstars, ook al toegewijde bluesadepten uit de entourage van RL Burnside die de blues van een frisse wind voorzien.

Voor Carney en Auerbach, die zich hier trouwens ook laten begeleiden door een stel rasmuzikanten die de stiel rechtstreeks hebben geleerd bij RL Burnside en Junior Kimbrough, is ‘Delta Kream’ maar een corona-tussendoortje. Het heeft hen echter meer dan goed gedaan om even opzij te stappen van hun mega-groep allures, want ze hebben in tijden zo fris en puur niet meer geklonken.
Laat ons hopen dat ze die herwonnen fleur en energie kunnen overzetten op het nieuwe werk dat er nog zit aan te komen.  

donderdag 13 mei 2021 17:28

A Better Dystopia

Doorgaans halen wij onze neus op voor weer eens een coverplaat van een band die zijn helden wil eren. Meestal betreft het dan in het beste geval deugdelijke versies van een resem songs waarop wij niet echt zitten te wachten, omdat veel van die songs al zo goed als platgecovered zijn en uiteindelijk de originele versies toch nooit overtroffen worden.
Maar wat Monster Magnet hier doet kan ons wel bekoren, omdat Dave Wyndorf met zijn bende hulde brengt aan een handvol halfvergeten wilde psych- en garagerockbands uit een ver verleden.  
De Hawkwind klassieker “Born To Go” komt hier meteen de toon zetten, een song die Monster Magnet op het lijf geschreven is, want daarop is immers hun ganse sound gebaseerd. Zonder Hawkwind was Monster Magnet immers nooit uit de bloemkolen ontsproten.
Hawkwind en The Pretty Things (“Death”) zijn zowat de meest bekende bands die hier bejubeld worden. Verder heeft Wyndorf gekozen voor obscure covers van bands die in hun tijd onder de radar gebleven zijn, maar die stuk voor stuk een stel vergeten pareltjes hebben voortgebracht. Seventies bands als Poobah, Dust, Pentagram, Josefus, Jerusalem en Morgen worden hier met branie van onder het stof gehaald, en het blijkt alleen maar een schande dat ze daar de ganse tijd hebben liggen wegteren. Vandaar een dikke pluim voor Wyndorf om de ongekuiste wilde psych-rock van die bands terug onder de levenden te brengen. Monster Magnet doet dat dan nog eens met de furie van hun beste jaren, ze lijken hier de tijd van hun leven te hebben.
Met de primitieve fuzz en garagerock van Fuzztones en Scientists weten ze ook wel raad, ze brengen “Epitapth For A Head” en “Solid Gold Hell” met evenveel vunzigheid en punk-attitude als de garagerockers van weleer. Ook de proto punk van “It’s Trash” (Cavemen) gulpt hier op zijn vuilst uit de rioolbuizen. De enige hedendaagse band die een beurt krijgt is Table Scraps, hun “Motorcycle” is een regelrechte punkrocker die stijf staat van de adrenaline.

Met ‘A Better Dystopia’ graaft Monster Magnet op plaatsen die gedurende jaren onberoerd zijn gebleven, maar waar kolkende rock’n’roll blijkt te bruisen. Dit is wat wij noemen een geslaagde coverplaat. Maak er uw werk van om al deze bands te gaan uitspitten, het zal u niet beklagen.

donderdag 06 mei 2021 13:04

Detroit Stories

Voor de release werd alom aangekondigd dat Alice Cooper met zijn nieuwe plaat zou teruggrijpen naar de rauwe beginperiode, naar de wilde jaren waarin zijn band samen met The Stooges en MC5 de straten van hun hometown Detroit onveilig maakten met wilde, onstuimige en ranzige rockmuziek die hard en luid door de motor-city knalde. Klinkt veelbelovend, toch even checken of daar iets van in huis is gekomen.
Alice Cooper neemt helaas een serieuze valse start wanneer hij zich vergrijpt aan de VU klassieker “Rock’n’Roll”. Een erbarmelijke en banale cover, niet bepaald een respectvolle hommage aan de legendarische Velvets. Leefde onze favoriete brompot Lou Reed nog, hij had gegarandeerd Alice Cooper voor de rechter gesleept. Het is ons trouwens een raadsel wat The Velvet Underground, dé New York band bij uitstek, komt doen op een plaat die zich presenteert als een ode aan Detroit.
Over de behandeling die “Sister Anne” van de geweldige MC5 meekrijgt zijn we dan wel weer iets enthousiaster. Alice Cooper komt hier een stuk vinniger uit de hoek, hoewel deze versie niets toevoegt aan het reeds fantastische origineel maar wel fel genoeg klinkt om ons de rebelse rock van MC5 terug voor de geest te halen.
Verder krijgen we een wisselvallige vintage Alice Cooper plaat waar banale meezingers (“Our Love Will Change The World”, “Wonderful World”) afsteken tegenover een stel aardige en potige rockers (“Go Man Go”, “Independence Dave”), waar een poging tot een stomende soulsong op een sisser uitloopt (“$1000 High Heel Shoes”) maar de blues een betere beurt krijgt (“Drunk and In Love”), waar Dictators achtige punk-hardrock knap geëerd wordt (“I Hate You”) terwijl een potsierlijke en waarschijnlijk onbedoelde Weezer persiflage (“Hanging On By A Thread”) dan weer totaal de mist ingaat.
Haal er zelf uw voordeel uit, maar wij grijpen toch liefst terug naar platen als ‘Killer’, ‘School’s Out’ of ‘Billion Dollar Babies’ waar Alice Cooper echt op scherp stond. En stijf van de drugs, dat ook.

donderdag 25 maart 2021 13:46

Kingdom Of Oblivion

Tradities zijn er om in ere te houden, er gaat geen jaar voorbij zonder minsten één nieuw Motorpsycho album. De fans weten ondertussen al wat hen te wachten staat met het zoveelste nieuwe schijfje van deze hardnekkige Noren. De band gaat inmiddels al een paar decennia onverstoord door met het brouwen van hun gekende prog-rock sound die zich steevast vertaalt in alweer een marathon-album. In vinyl termen gaat het hier zowat altijd over een dubbelaar met daarop gegarandeerd een stel flink uit de kluiten gewassen songs die niet zelden tegen de tien-minutengrens aan schurken. 
Ook met het nieuwe ‘King Of Oblivion’ is het weer van dattum. Niets nieuws onder de zon dus, maar dat hoeft daarom geen slecht nieuws te zijn, integendeel. Motorpsycho doet immers gewoon waar ze zo goed in zijn. Daarom is ‘King Of Oblivion’ geen verrassend album, wel een aangename aanvulling van hun inmiddels indrukwekkende discografie.
Het zijn alweer de langste songs die met de schoonheidsprijzen gaan lopen. Zo klinkt opener “The Waning Pt 1&2” heel vertrouwd in de oren met een bronstige riff waar een resem heerlijke gitaarsolo’s achteraan schuren. Ook “The United Debased” en “At Empire’s End” zijn in die zin parels van het zuiverste formaat, Motorpsycho op zijn best. Absolute topper is “The Transmutation Of Cosmoctopus Lurker”, een uitgebreide psychedelische stonertrip die de verste uiteinden van het heelal verkent.
Motorpsycho flirt wel eens met bombast, maar nooit gaan ze erover, check “Dreamkiller” dat via een akoestische intro overgaat in een orkestrale apotheose maar nergens opgezwollen klinkt.
‘Kingdom Of Oblivion’ ademt de gekende Motorpsycho sound uit alle mogelijke poriën, wij zouden het niet anders willen.

donderdag 25 maart 2021 13:42

Pick A Day To Die

Wie vertrouwd is met de muziek van Sunburned Hand Of The Man mag nu zijn vinger opsteken. Niemand? Troost u, wij ook niet. Even de backcatalogue van deze weirdos checken? Veel plezier ermee, wij tellen meer dan 80 albums in een dikke 20 jaar. Daar kunnen andere halve gekken als John Frusciante, Thee Oh Sees of Ty Segall een puntje aan zuigen.
Als u zich er toch zou aan wagen zou u wel eens na enkele maanden totaal verward uit dit avontuur kunnen komen, want dit is nu niet bepaald het meest toegankelijke of hapklare muzikale voer. Maar het helpt wel als u geregeld een portie Sun Ra, Heliocentrics of CAN achter uw kiezen kapt.
Laten we het hier dus voorlopig houden bij de nieuwste plaat ‘Pick A Day To Die’.
Fijne titel alvast. Als dit maar goed komt. Het is donker, maar nu ook weer niet meteen om een koord om uw nek te binden. De ingehouden krautrock van de titelsong klinkt verslavend als de pest en “Flex” heeft iets van de elektronische rave-post-rock van Maserati, maar dan in een soort van slow-motion modus. “Solved” is JJ Cale die met Fat White Family een met helium geladen opblaasbol binnenwandelt en “Prix Fixe” is ontspoorde noise rock die halverwege plots in een relaxed badje stapt waarin een stukje oude Pink Floyd ligt te garen. Om een geschifte en bedwelmende song als “Initials” tot u te nemen twijfelen we er niet aan dat u dat best doet in combinatie met de nodige geestesverruimende middelen, maar dat heeft u niet van ons gehoord.
Bevreemdende maar spannende plaat. Nog een stuk of tachtig te gaan.

In 1992, in volle grunge periode, kwamen de culthorror adepten van White Zombie aanzetten met ‘La Sexorcisto : Devil Music vol 1’, een klassieker wat ons betreft, een hap die met een serieus korreltje zout werd geserveerd, wat een zeer aangename verwelkoming was in een tijd waarin rockmuziek veel te serieus werd genomen. Op ‘La Sexorcisto’ konden horror, metal en humor het perfect met elkaar vinden en werd de fun verpakt in een resem geweldige riffs. White Zombie had eigenlijk zomaar een nieuw genre uitgevonden. Wij zouden het culthorror-comedy-metal durven noemen, iets waarvan je de roots misschien bij Alice Cooper mag gaan zoeken, maar dan in een nineties griezelkleedje gehuld.
White Zombie heeft met hun daaropvolgende releases nooit meer ‘La Sexorcisto’ kunnen evenaren en gaf er in 1998 de brui aan. Frontman Rob Zombie maakte tussendoor een heuse horror-movie maar ging gelukkig ook door met het creëren van gortige metalplaatjes met een vette knipoog, overladen met gortdroge riffs en doorspekt van allerhande horror-uitstapjes.
Met het nieuwe -hou u vast voor alweer een prettig gestoorde albumtitel- ‘The Lunar Injection Kool Aid Eclipse Conspiracy’ heeft Rob Zombie misschien wel zijn allerbeste nekschot in jaren afgevuurd. Waar zijn vorige platen -hoe geestig, straf en wild die ook klonken- een beetje leden aan een gebrek aan variatie, is dit album voorzien van talrijke spitsvondige uitstapjes, verrassende tempowisselingen, gestoorde tussendoortjes, stampende riffs en vlammende songs die al eens diverse richtingen durven uit te gaan. Toch klinkt het allemaal vooral als vintage Rob Zombie, met name knallende metal in een geestige horrormarinade. Er worden wederom een paar gekscherende uitstapjes gemaakt die het spektakel steeds spannend houden. Het is de combinatie van die typische Zombie-akkefietjes met prettig gestoorde metalsongs die van deze plaat een absolute voltreffer maakt.
Met “The Triumph of A King Freak”, “The Ballad Of Sleazy Riders”, “Shadow of The Cemetery Man”, “The Eternal Struggles of The Howling Man” en “Get Loose” deelt Zombie een stel mokerslagen uit die langs alle kanten de pan uit swingen. Zo is “Crow Killer Blues” is een beest van een hardrocker waarvoor Zakk Wylde een moord zou begaan.
Als Rob Zombie zich even buiten zijn comfortzone begeeft is het hek helemaal van de dam,
“18 th Century Cannibals, Excitable Morlocks and a One Way Ticket on the Ghost Train” gaat schaamteloos over van country-hillbilly naar verschroeiende metal en weer terug, “Boom Boom Boom” klinkt als Depeche Mode die zich na een zware acid trip aan de blues waagt en zelfs een onvervalste mijmerende instrumentale ballad als “The Much Talked of Metamorphosis” is hier volledig op zijn plaats.

Rob Zombie is op dreef zoals hij in jaren niet is geweest. Dit is bruisende zombie-fun.

donderdag 11 maart 2021 16:25

Putain Royale

Fijn dat er nog bandjes zijn die de volumeknop genadeloos in het rood draaien en zonder omkijken de gitaren door een bos van noise en distortion jagen. Pink Room zal daarom met het overstuurde ‘Putain Royale’ geen nominatie voor de Mia’s binnenrijven, dat kunnen we u al vertellen. Deze plaat is immers mijlenver verwijderd van de gangbare mainstream bagger. Om maar te zeggen, dit is niet de nieuwe Foo Fighters.
Dit scheurt, bijt en jaagt een gespleten boorhamer door uw hersenpan. ‘Putain Royale’ is het soort album dat je best niet opzet als oma met haar gepimpte poedel op bezoek komt, het arme beest zou wel eens een beroerte kunnen krijgen. Als oma het al niet is voor geweest.

“Losing” zet er meteen stevig de hakbijl in, een motherfucker van een song die uit de startblokken schiet als stomende Viagra Boys. Klinkt alvast veelbelovend. Van dan af wordt het alleen maar sneller en vettiger. “Hail Satan” is een beuker met een ultrasmerige riff die heeft liggen rijpen in een bad van slangenbloed en rattenvergif. Op “Colin” komen Viagra Boys nog eens langs de achterdeur naar binnen en elders dwalen onze gedachten wel eens af naar Pissed Jeans en het prille werk van Fucked Up. En niet zelden neigt Pink Room naar het onvolprezen en fantastische Mclusky, een waanzinnig furieus driftkoptrio dat nooit de aandacht kreeg die het verdiende. Onze grenzeloze bewondering voor Mclusky in acht genomen, mogen die van Pink Room dit als een joekel van een compliment beschouwen.

Lang duurt het allemaal niet, de songs op ‘Putain Royale’ zijn kort, smerig, pisnijdig en ze rammen dat het geen naam heeft. Noem het noise-punk voor ons part, het klinkt alleszins vuil, oprecht en kwaad.
Afsluiter “Stay Black”, een hardcore splinterbommetje, knalt met waarlijkse Black Flag allure nog een keertje dwars door de geluidsmuur en dan is het na amper een dikke twintig minuutjes al gedaan. Een onbetwistbare knock-out na 9 welgemikte muilperen, dat kan tellen.

Pink Room - Losing - YouTube

donderdag 18 februari 2021 10:15

End Of Forever

Samsara Blues Experiment is een Duitse band die zich al sinds hun eerste album ‘Long Distance Trip’ (2010) geen zak aantrekt van de gangbare trends in de rockmuziek. Het maakt hen niet uit dat een ander hun sound oubollig, ouderwets of eindeloos langdradig vindt. Ze doen wat ze willen en smeden hun muziek alsof de seventies, de psychedelica en de papavervelden nooit zijn weggeweest.
Samsara Blues Experiment zweert bij songs die niet zelden boven de 10 minuten uitstijgen, die de verre ruimte intrekken zonder te weten waar ze uiteindelijk zullen uitkomen, songs die zich als slangen voortbewegen doorheen een stelsel van ruimtekokers waar maar geen einde aan komt. Keyboards trekken het mushroom-bos in, gitaren treden gewillig buiten hun oevers. En daar hebben wij nu eens helemaal niets op tegen. Wij zetten met name geregeld ook iets op van Earthless en daar duren de gitaarsolo’s zowat een etmaal. Niet te geloven hoe heerlijk dat zoiets klinkt.
Deze keer lijkt Samsara Blues Eperiment zich wel te hebben verdiept in ‘Meddle’ van Pink Floyd. Opener “Second Birth”, al meteen een joekel van 11 minuten, laat zich immers na 5 minuten vermengen met een goedje dat verdacht veel naar Floyd’s “Echoes” ruikt. Maar geen probleem, het werkt, en hoe. Pink Floyd met Kyuss in een stoombad, moet kunnen.
Ze zijn nog niet helemaal het bad uit en kruipen al met Santana de sauna in, de intro van “Southern Sunset” swaffelt zo wel heel nadrukkelijk tegen “Soul Sacrifice” aan.
Verder is Smasara Blues Experiment vooral zijn eigenste zelf, een trippende stonerband waarbij het op geen kwartiertje steekt. De groep moet het niet zozeer hebben van de loodzware riffs zoals de doombands die ze wel eens tegenkomen op festivals als Roadburn of Desertfest, de Duitsers laten de gitaren en keyboards liever rondzweven op een vliegend Indisch tapijt dat hen naar hogere oorden brengt. Denk aan verwante bands als Weedpecker, Yuri Gagarin, My Sleeping Karma of Monkey3.
De titelsong “End Of Forever” zou niet misstaan op een plaat van All Them Witches en “Orchid Annie” ontpopt zich als een harmonieus bloementapijt met heerlijke gitaren en dito keyboards, maar nergens wordt het klef. Met “Jumbo Mumbo Jumbo” heeft dit album ook een stevige instrumentale afsluiter in huis, kwestie van er nog een monumentale stonerlap op te geven.
Lekker album alweer van deze hallucinerende Duitsers. Komt sterk in de buurt van het ongenaakbare “Long Distance Trip”.
In de buurt, begrijpt u, waarmee we willen zeggen dat die debuutplaat toch nog altijd iets straffer is.

Warmduscher - Prettiest Eyes - Life - Opwindende triple affiche

Prettiest Eyes is een gitaarloos trio uit California met Puerto-Ricaanse roots die onderdak gevonden heeft bij Castle Face Records, het label van Johnny Dwyer van Thee Oh Sees. En we mogen hun sound gerust in die richting gaan zoeken, opgehitste garage rock met een psych randje. De opzet is al even uniek als geslaagd. Een zingende drummer, een bassist en een keyboardspeler. De keyboards worden zo naarstig door de reverb-molen gedraaid dat we nergens een gitaarsound missen, een beetje zoals bij de fantastische James Leg. Met de nadruk op het fijne laatste album ‘Vol 3’ heeft het hitsige trio een stel potige en driftige songs in de aanbieding, check “Johnny Come Home”, “It Costs To Be Austere” en het opvliegende punkbommetje “The Shame”. Een klein uurtje geslaagd Californisch entertainment met een hoek af. Top.

Over naar de UK dan, waar we LIFE gerust een plaatsje mogen geven binnen de nieuwe lichting opzwepende bands als Shame, Idles, Slaves en The Murder Capital. Een oer-Britse sound met een ferme scheut punk in de aderen. Met ‘A Picture Of Good Health’ heeft LIFE een knap tweede album uitgebracht die mag wedijveren met de al even vinnige recente plaatjes van voornoemde bands. Frontman Mez is duidelijk de stuwende kracht achter dit bandje, hij voelt zich op het podium als een visje in wild water en gutst er met tonnen energie stomende songs uit als “Good Health”, “Moral Fibre”, “Bum Hour”, “It’s A Con” en “Popular Music”. Een sterk staaltje van de meest opwindende  gitaarrock die er dezer dagen op Brits grondgebied te vinden is.

Britser dan LIFE kan het niet klinken, maar zotter wel. Enter Warmduscher, een bont allegaartje die een eigen sound heeft gecreëerd met wat overschotjes disco, punk en funk. Het klinkt allemaal best wat rommelig, maar bij wijlen ook bijzonder funky en uiterst opwindend. Warmduscher heeft een stel bijzonder aanstekelijke songs, waaronder het uiterst dansbare “Midnight Dipper” dat onlangs nog door Soulwax met verve in een nog strakker danskleedje werd gestoken.
De Britten zitten ook niet verlegen om een portie onbeschaamde disco in “Disco Peanuts” of een vleug levendige hip-hop in “Burner”. Het stomende “Fill It, Don’t Spill It” neigt dan weer naar de vette seventies funk van Funkadelic en Betty Davis. Op de meest rommelige momenten heeft alles een onvervalste punkspirit, Warmduscher raast er ook alles aan een sneltempo door, vaak overschrijden hun songs de één-minuut grens niet. Check regelrechte punkertjes als “Big Wilma, “The Chimp”, “Tainted Lunch” of “Grape Face” waarin de geest van The Fall schuilt.
Je moet het allemaal met een korreltje zout nemen, maar Warmduscher heeft humor, pit en attitude.

Organisatie: Aéronef, Lille

A.A. Williams weet onze aandacht te trekken met haar verstilde post-rock in de richting van Emma Ruth Rundle, Chelsea Wolfe en Esben & The Witch. Best knap. Vraag is of ze haar streng zal kunnen trekken in een genre waar het echt wel dringen wordt. Geef haar nog wat tijd, A.A. Williams.

Bij Brutus gaat er het al heel wat heviger aan toe. Het trio is nog maar net terug van een Amerikaanse toernee maar er zit nog genoeg adrenaline en power in hun stomende mix van metal en post-rock om de Trix plat te spelen. Stefanie Mannaerts schreeuwt en timmert het er met volle teugen uit en de gitaar klinkt wederom furieus en barstend. Wat een band ! wat een sound ! en wat een songs !
“Cemetery”, “Horde II”, “Drive”, “War”, “Justice De Julia” beuken dat het geen naam heeft. En wat is afsluiter “Sugar Dragon” wederom fantastisch. Een kanjer ! Brutus is van het meest opwindende wat ons Belgenlandje op heden op een podium te bieden heeft.
Dit is maar een tussenstap, ze zijn al weer vertrokken naar Engeland. Maar nog eventjes eerst in de AB, Brussel op 14 december! De wereld veroveren, zo hoort het.

Ieder kind moet een naam hebben. Vandaar dat ook ooit post-metal is geboren. Een genre dat, hoewel het zich doorgaans in een daglicht-schuwende ondergrond voortbeweegt, ondertussen toch wat oververzadigd is geraakt. Wanneer te veel bands in hetzelfde donkere water gaan vissen, dan gaan die stilaan ook op mekaar beginnen lijken en zien wij het bos door de bomen niet meer.
Ons lijkt het altijd interessanter om dan terug te grijpen naar de bron waaruit al dat gevaarte is ontsproten. Bij de bron zijn immers de ruwste parels te vinden.
Dan denken wij bijvoorbeeld aan het geweldige Neurosis, maar die komen helaas maar sporadisch nog eens uit hun donkere hol. Of aan Isis, helaas zijn die dan weer al enkele jaren geleden ten grave gedragen (gelukkig is uit hun as het onheilspellende Sumac opgerezen, een zowaar nog ruiger en zwaarder vehikel).
Dan komen we uit bij het Zweedse combo Cult Of Luna, een band die vanaf het eerste album anno 2001 gestaag doorgroeide tot vaandeldragers van de post-metal. Hun recentste monsteralbum ‘A Dawn To Fear’ lijkt een nieuwe mijlpaal te gaan worden in hun repertoire, een geweldige brok onheil die wij op hetzelfde schavotje durven zetten als het meesterwerk ‘Vertikal’ uit 2013.
Met vier knoerten van songs uit ‘A Dawn To Fear’ en drie uit ‘Vertikal’ zit het dus wel goed vanavond. De band zet een sound neer die staat als een bunker. Cult Of Luna is dan ook een omvangrijke bende, een half leger zeg maar. Drie gitaristen, twee drummers, een bassist en een keyboard speler zorgen voor de meest pompende, ruige, massieve, rauwe en verzengde post-metal die wij in jaren gehoord en gezien hebben. Ze doen ons terugdenken aan het al even geweldige Isis die wij hier nog in diezelfde zaal van jetje hebben zien geven, het moet zowat een decennium geleden zijn.
Een Cult Of Luna gig is er weer zo eentje die je ondergaat, waar je volledig wordt in meegezogen. Ze pompen, ze barsten open, maar ze kunnen ook op tijd en stond de gevoelige snaar raken zoals in het verstilde “And With Her Came The Birds” of het zwevende “Passing Through”. De intro van “Lights On The Hill” is hemels en bloedmooi, de songs stevent vervolgens af op een allesvernietigende moordende climax. Briljante herrie ! Cult Of Luna ontploft zo wel meermaals met een apocalyptische knal. Check “Nightwalkers”, “In Awe Of” of de allesverslindende afsluiter “The Fall”. Allemaal ferm uit de kluiten gewassen bloedzuigers van songs die zich in ons nekvel vastzetten en er de eerste dagen niet meer zullen uit geraken.
Een bommenwerper van een concert, een helse belevenis. Miljaardedju, hier zijn we efkes niet goed van.

Organisatie: Trix, Antwerpen

Pagina 18 van 112