logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (4668 Items)

Raymond van het Groenewoud

Raymond Van Het Groenewoud - Eeuwig Jong, Eeuwige Jeugd!

Geschreven door

Raymond Van Het Groenewoud - Eeuwig Jong, Eeuwige Jeugd!

Onze jeugdidolen worden ouder, sommige zijn al naar de eeuwige jachtvelden verhuisd. Het is des te opmerkelijker als zelfs de Vlaamse idolen, zeventigers zijn geworden . Neem nu ons Vlaams icoon Raymond Van Het Groenewoud (****).
We herinneren ons de eerste keer dat we de man op het podium nog zagen levendig. Zes augustus 1987 op de Lokerse Feesten, met Elisa Waut, LSP Band en Soulsister. Waar is de tijd? Hoe hij het pleintje van de LF deed meezingen en dansen. Het staat in ons geheugen gegrift.
Nu, bijna veertig jaar later, stond hij in een uitverkochte Capitole in Gent naar aanleiding van  theatertournee ‘Archivaris’. Dit concert stond in het teken van zijn 75ste verjaardag.  Maar toch werd dit geen 'jukebox' of 'best of' concert, eerder een gedurfde avond met enkele verrassende wendingen. ‘Eeuwig Jong’, ‘Eeuwige Jeugd’,  onze Raymond, zoveel is zeker.

Na een instrumentale intro werd de avond ingezet met “Primitivo' en het door iedereen meegezongen “Cha cha cha”. De eerste verrassende wending kwam al vroeg met “Ik ben God niet” en “Dit is mijn verhaal”, twee erg persoonlijke nummers, gebracht in een crooner eerste klas.
Ook bij “Twee meisjes” ontpopt Raymond zich tot een klasse verteller. Hij is ook altijd goed omringd door top muzikanten, Cesar Janssens op drums, percussie en kokosnoten, Wouter Berlaen op basgitaar en zang , Bram Weijters op keyboards, percussie, accordeon en zang Ward Snauwaert op gitaar en zang. Wat een ondersteuning. Hun inbreng zorgt ervoor dat Raymond zichzelf op het podium kan heruitvinden. Het bleek al bij die intro en de eerste songs. Verder die geoliede machine op “Maria Maria ik hou van jou” en “Je veux de l’amour”, door iedereen meegebruld.
Raymond weet z’n publiek te bespelen. Op “Liefde voor muziek” ging iedereen recht staan. Na een kort ingetogen extract uit “Dicht tegen je aan” volgde een pauze.  Na die pauze kwam de crooner in Raymond boven op het 'groovy' klinkende “Brussels By Night”, waarbij hij aan zijn piano iedereen kippenvel bezorgde. Er zouden nog zo’n momenten volgen, zoals op “Gelukkig zijn” of “In mijn hoofd”. Songs die naast 'het feestelijke' ook de gevoelig snaar raken. Als hij met enkel de spots op hem en op pianist Bram gericht zo’n gevoelig moment inlast, moesten we onze tranen bedwingen.
Met knappe songs als “Aan de Meet”, “Machu Picclu (bij u wil ik zijn)” en “Ik zou je man zijn”, bleef hij dit veelzijdige pad bewandelen. ”Meisjes” bleek de apotheose. Op “Ik ben de man' boden zijn muzikanten elektronisch weerwerk, om dan te eindigen met het mooie “Maanlicht”, waarna ze terugkeerden naar de dagdagelijkse realiteit.

Een beetje tussen Vlaamse Chanson, crooner en troubadour, onze Raymond. Sing-soongwriting (gitaar, piano, mondharmonica) en Rock’n’roll met z’n band. In een uitverkocht Capitole deed hij iedereen mee dansen ,mee zingen en soms een traantje wegpinken. Wat een groots artiest, Eeuwig Jong, Eeuwige Jeugd!

Organisatie: Show-Time

Circle Unbroken

Circle Unbroken - Terugkeer door de grote poort

Geschreven door

Circle Unbroken - Terugkeer door de grote poort
Circle Unbroken + Painted Scars

We kwamen nog niet eerder in The Crossover in Gent/Langerbrugge, maar met Painted Scars en Circle Unbroken op één avond, wilden we daar heel graag bij zijn.

The Crossover is sinds enkele jaren een vaste waarde in het clubcircuit. Bands roemen deze muziekpub om zijn degelijke licht en geluid en vanwege het grote, brede podium. En er zijn veel stamgasten die naar zowat elke band komen kijken en luisteren. Voor de twee bands van de voorbije vrijdag waren nog meer fans afgezakt, zodat de organisator het bordje uitverkocht kon ophangen. In het publiek waren heel wat collega-muzikanten vertegenwoordigd.

Painted Scars surft op een gunstige golf. De bezetting is bijna compleet (voorlopig werken ze met sessiedrummers) en er komt een nieuw album aan. Daarvan hebben ze zonet “Higher” uitgebracht als eerste single. Dat nieuwe album zou voor deze band de deuren moeten kunnen openen naar de iets grotere festivals en concertzalen. Sinds ik deze band voor het laatst zag, staan ze met meer maturiteit en met meer grinta op het podium.
De entertainmentfactor is enorm gegroeid en alles oogt een stuk professioneler. Het publiek in de Crossover is helemaal mee en zit enthousiast in de juiste vibe. Bij “Knock Knock” (uit hun debuut-EP ‘Kintsugi’) gaan de vuisten spontaan in de lucht. Zangeres Jassy Blue is uiteraard de grootste aandachtsmagneet, maar ook bassist Jens doet zijn duit in het zakje om het publiek op te zwepen.
Het pas uitgebrachte “Higher” zat achteraan in de set, samen met “Enough is Enough”, wat later de tweede single wordt.
Beide tracks hebben een pittiger tempo dan we tot nu toe van Painted Scars te horen kregen. Laat dat nieuwe album maar komen.

Setlist Painted Scars: Glow In The Dark / Won’t Give Up/ Life And Alive / Knock Knock / Freedom / Familiar Taste Of Poison (cover Halestorm) / On Top Of You / Liquid Gold / Enough Is Enough / Higher

Circle Unbroken werd in 2015 opgericht door toetsenist Franky. Hij maakte naam bij onder meer Iron Mask, Entering Polaris en Rik Priem’s Prime. Met zangeres Marieke had hij de juiste sparringpartner gevonden om zijn bandconcept uit te werken. Met een volledige band erbij volgde in 2016 het album ‘Vincere’ bij het Nederlandse label Painted Bass Records. Dat liep een hele tijd goed en de band speelde volop concerten, maar dan kreeg Marieke een aanbod dat ze maar moeilijk kon weigeren: de nieuwe zangeres worden bij Lords of Acid. Met Lords of Acid nam ze ‘Pretty in Kink’ op en trok ze op tournee door Europa en de Verenigde Staten (van 2018 tot 2022). Nadien zat ze onder meer in Velvet Coven (met Tine van Scavenger) en in de coverband Impact, die het tot op het podium van Alcatraz schopte.
De comeback van Circle Unbroken stond dan ook zowat in de sterren geschreven. Omdat de vroegere bandleden niet langer in de muziek zaten of al in andere bands en projecten speelden, hebben Franky en Marieke een nieuwe band bij elkaar gezocht. Daar zitten toch een paar leuke namen bij, zoals de in België wonende Rus Vassili Moltchanov op bas van onder meer Iron Mask en Magic Kingdom, gitarist Rik Priem van Frozen Rain en Rik Priem’s Prime (waarvan binnenkort nieuw werk verwacht wordt) en drummer Kris Loris. Die laatste is misschien wel het bekendst van de ska-band Edje Ska, maar live liet hij horen dat hij ook in metal zijn mannetje kan staan. En hoe!
Deze 2.0-versie van Circle Unbroken stond er bij zijn comeback meteen als een stevig huis. Strak en foutloos, en met veel enthousiasme. Marieke leidde de ceremonie bij de intro (iets met een kroon, plastic rozen en een sluier) en nam daarna het voltallige publiek op sleeptouw. Wat een overgave, wat een talent, wat een vocale techniek en wat een professionaliteit. Al maakte ze zelf wat voorbehoud bij haar vocale prestatie. Net toen wij dachten dat alles prima verliep, vroeg ze aan de band om een track van de setlist over te slaan, wegens vocaal te uitdagend. En nadien verontschuldigde ze zich bij het publiek omdat ze met haar stem ‘struggelde’, hoewel niemand iets in de gaten had.
De set van Circle Unbroken was mooi opgebouwd met ‘oude’ nummers van ‘Vincere’ en al wat nieuwer werk van het nog uit te brengen volgende album. Er zaten ook drie covers in de set: een pompende metalversie van “Enjoy The Silence” (van Depeche Mode), Radiohead’s “Creep” (met enkel Marieke en Franky, zoals in de eerste versie van Circle Unbroken) en “Bad Romance” van Lady Gaga. Zoveel covers in één set, die tactiek hebben ze al eerder toegepast bij Circle Unbroken. Mogelijk gaan ze ervan uit dat er altijd wel een deel van het publiek is dat geen enkel Circle Unbroken-nummer kent en die zijn dan gecharmeerd door een cover van iets wat ze kennen ‘van op de radio’.
In The Crossover werkte deze tactiek alvast. Jassy Blue van Painted Scars mocht nog “Titanium” komen meezingen en in de bisronde ook nog lijflied “Circle Unbroken”.

Setlist Circle Unbroken: Oddyssey / In The Shadows Of My Bones / Enjoy The Silence (Depeche Mode) / Warrior’s Wife Lament / Damnatio / Salomé / Creep (Radiohead) / Vampire / The Call / Bad Romance (Lady Gaga) / The Incantation / Titanium / Last Goodbye / Black Fire / Circle unbroken / Portrait.
 

Circle Unbroken komt terug door de grote poort. Dit eerste concert in de nieuwe bezetting hebben ze geen ‘try out’ genoemd, maar dat was ook nergens voor nodig.
En het leukste is, op 23 juli doen Circle Unbroken en Painted Scars dit nog eens over op de Gentse Feesten, met namiddagconcerten (om 14 uur en 16 uur op de Korenmarkt, met daarna nog tributeband Magnetica).

Organisatie: The Crossover Music Pub, Gent

The Ex

The Ex - Drie meedogenloze gitaren in de frontlinie

Geschreven door

The Ex - Drie meedogenloze gitaren in de frontlinie

Het werd een heel mooie avond in De Zwerver hoewel ik toch wat meer volk had verwacht voor een monument als The Ex. Maar de groep uit Amsterdam was natuurlijk al enkele keren met exact dezelfde show, waar geen millimeter van wordt afgeweken, in het land te zien geweest.
De zaal werd dan maar geruild voor de foyer en dat bleek de perfecte setting: The Ex klonk er intenser dan ooit.

Maar eerst zorgde Frankie Traandruppel voor een gesmaakt aperitief. Frankie Traandruppel (genoemd naar het nummer "Frankie Teardrop" van Suicide) is het alter ego van Lee Swinnen, nog steeds de zoon van Guy. Met de succesvolle groepen Tubelight en Double Veterans haalde Lee Swinnen in de jaren 2010 de Belgische garagerock mee uit het slop.
Na de coronaperiode volgde een drastische koerswijziging  en koos hij voor het slaapkamerproject  Frankie Traandruppel. In zijn eentje maakte hij ondertussen drie albums waarvan ‘Translation is key’ uit 2025 de meest recente is, naast een hele reeks singles en EP's.
Live laat hij zich bijstaan door bassist Bart Weyens (Statue) en drummer Noah Melis ( Bed Rugs, Borokov Borokov, Olden Yolk, Shy Dog en The Porn Bloopers).
Een nonchalant ogende Frankie Traandruppel opende zijn set meteen raak met "It's alright (now)", een single van enkele jaren geleden. Het deed me denken aan The Velvet Underground en dat zou die avond zeker niet de laatste keer zijn.
Met hun drieën brachten ze heerlijk loom rammelende garagerock/pop waarin ik af en toe ook de slackerrock van Pavement hoorde sluimeren. In het van de recentste plaat afkomstige ‘Pop’ leek dan weer de geest van The Beach Boys rond te waren. Een enkele keer werd het gaspedaal wat dieper ingedrukt maar het punky "Working retail" kon toch moeilijk tot de hoogtepunten gerekend worden.
Slotsong "Sad trip" hoorde daar duidelijk wel bij. Als de stelling waar ik vroeger sterk in geloofde - dat een groep staat of valt met de kwaliteit van hun traagste song - enige waarheid bevat, dan zit het meer dan goed voor Frankie Traandruppel.

 Vorig jaar zag ik The Ex nog op Les Nuits Botanique, waar ze zowel Mclusky als The Jesus Lizard het nakijken gaven. Daarvoor hadden ze niet eens een 'best of' nodig. Nee, ze speelden gewoon hun volledige pas uitgekomen plaat van begin tot eind.
Dat kunstje werd in De Zwerver nog eens overgedaan, waar opnieuw bleek hoe sterk ‘If your mirror breaks’ wel is. Deze muziek klinkt zo urgent dat een déjà vu gevoel geen kans krijgt.
Opnieuw werd het van de eerste tot de laatste seconde een feest voor wie houdt van punk, verrijkt met invloeden uit zowel noise, folk, etnische muziek als jazz.
De set werd geopend met "Beat beat drums", een explosie van ritmes met Bo Diddley als leidraad en waarin Terrie Hessels zijn aftandse gitaar te lijf ging met een drumvel. Terrie Hessels, de enige die er van bij het begin bij was en inmiddels de zeventig gepasseerd, dartelde nog steeds als een jong veulen over het podium. De tijd lijkt geen vat op hem te hebben en het aanstekelijke enthousiasme dat hij blijft uitstralen tref je zelfs bij jonge groepen zelden aan.
De rusteloze interactie tussen de drie gitaren was adembenemend. De bizarre, meedogenloos hamerende gitaren van Hessels en Andy Moor in combinatie met het wat conventionelere spel van Arnold de Boer, waarin af en toe wat Afrikaanse invloeden doorsijpelden, vormden een constante bron van vuurwerk. Opvallend daarbij was de afwezigheid van de gebruikelijke effectpedalen. The Ex blijft zweren bij het ambachtelijk creëren van geluidseffecten door de snaren op spectaculaire wijze met allerhande vreemde voorwerpen te manipuleren zoals ook Sonic Youth dat destijds deed. De zang van de Boer mocht dan al wat monotoon klinken, ze bleef mede dankzij de soms verrassende woordkeuzes een dwingende aanwezigheid.
Ten slotte was er nog Katherina Bornefeld, enigszins verscholen in het halfduister achteraan het podium, die met haar stuwende, non-conformistische drumspel de motor soepel draaiende hield. Toen ze haar drumstel even verliet om vooraan "Wheel" te zingen, leverde dat misschien niet het beste nummer van de avond op, maar het was haar van harte gegund en zorgde bovendien voor een welgekomen rustpunt.
Daarna ging het weer crescendo en raakte het publiek steeds meer in de ban, wat vooraan het podium leidde tot uitzinnige danstaferelen. Het kookpunt werd definitief bereikt met "Great", een toepasselijk getiteld en onontkoombaar anthem vol wervelende gitaren en drieste drums. Toen hield een dolenthousiaste Herr Seele het niet langer uit: hij stormde het podium op en hing zijn stropdas om de hals van Katherina Bornefeld.
Uiteraard kon een bisnummer in deze jubelstemming niet ontbreken. Eerst kregen we "The heart conductor", dat na lang aandringen gevolgd werd door "Soon all cities", twee nummers uit hun voorlaatste plaat ‘27 passports’.
Achteraf kon men zich nog vergapen aan een enorme merchandisetafel waarop minstens zestien verschillende platen uitgestald lagen.
The Ex lijkt momenteel werk te maken van een heruitgave van haar volledige catalogus op vinyl. Daardoor drong de vraag zich op waarom er geen nummers uit die heruitgebrachte platen op de setlist stonden. Jammer misschien, maar ook zonder die nummers bleef dit een imposante set. 

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

SCHNTZL

SCHNTZL - Schemerzone tussen improvisatie en experiment

Geschreven door

SCHNTZL - Schemerzone tussen improvisatie en experiment

Het duo SCHNTZL wordt richting 'jazz' geduwd, maar heeft heel wat in z’n mars. De twee weten doorheen de jaren grenzen in het genre te vervagen en horen overal muzikaal thuis. Ze balanceren in de schemerzone tussen improvisatie en experiment.
Hendrik Lasure (piano, elektronica) en Casper Van De Velde (drums, elektronica) hebben een nieuwe plaat uit, 'Fata Morgana' via VierNulVier Records. Op ‘We Are Open’ in de Trix zagen we hen een soort huiskamersfeer creëren en zweepten hun sound op met drums en piano.
In de N9, Eeklo deden het nog eens over, het werd een intieme avond om opnieuw die huiskamersfeer te creëren, trouwens meer en meer de perfecte voor SCHNTZ er te vertoeven.

Om dat plaatje compleet te maken, mocht het trio Nagløed (*****) beginnen. Op een soort vloermat met gitaar, drum en piano. Nog meer intimiteit, die bovendien perfect past bij hun muziek. Het Gentse trio bestaat uit Dillian Fevry (elektrische gitaar en zang), Andreas Lagrou (drums) en Matthias Dewilde (elektronica en toetsen). Recent brachten ze hun tweede plaat uit ''Everything Is In Everything', een pareltje vol intens mooie rustpunten die je tot een gemoedsrust brengen.
Live kregen we een emotioneel beladen klankkleur, sober maar niet somber. De zachte cimbalen en de dromerige piano klank verrasten met enkele pakkende mooie zanglijnen die de gevoelige snaren raakten . Bevreemdend mooi sloten ze af, met een zeker ‘zen’ gevoel. Een
intens, overweldigend gevoel van welbehagen in die intimiteit. Magische start van de avond.

De podium opstelling bij SCHNTZL (*****) was gewoonweg verbluffend. Twee soort reuzegrote nachtlampjes stonden aan elke hoek van het podium met ledverlichting en alles eraan verbonden.  Het deed die huiskamersfeer opborrelen naar een heus feestje in de slaapkamer. Want Schntzl houdt intimiteit en alle registers opentrekken, waar nodig.
door de chaotische brij aan rusteloze piano, elektronica en drum/percussie.
Chaos met een lijn …
Sterk hoe zij elkaar weten aan te voelen en aan te vullen, en binnen die context andere wegen opzoeken. Het leukste is dat de band die grijze zone opzoekt tussen vele uitersten. Heel wat onverwachtse boeiende wendingen die jazz met vele genres verbindt.
Op een klein uurtje - het was een vrij korte set - slaat SCHNTZL ons compleet murw. Elk nummer had zijn muzikaal idee, het maakte er een bijzonder concert van. Wat een magie.

Hoe leuk en spannend was het, continu te kunnen vertoeven in de schemerzone tussen improvisatie en experiment!

Pics homepag @Jurgen Dhont

Organisatie: N9, Eeklo

 

Big Thief

Big Thief - Intimiteit op grote schaal

Geschreven door

Big Thief is al lang geen kleine cultband meer. Na het vertrek van bassist Max Oleartchik leek het in 2024 even onzeker hoe de toekomst van de groep eruit zou zien, maar Adrianne Lenker, Buck Meek en James Krivchenia vonden opnieuw hun evenwicht.
Hun nieuwste plaat ‘Double Infinity’ klonk als een herbronning: vertrouwd, maar tegelijk fris en avontuurlijk. Daarmee trok de band eindelijk opnieuw op tournee, inclusief een passage in Vorst Nationaal. Een interessante uitdaging, want waar Big Thief doorgaans floreert in intimiteit, moest die nu standhouden in een zaal van een heel andere schaal.

Ata Kak mocht de avond openen en bracht samen met zijn band een energieke mix van vroege house, funk en speelse elektronica. De Ghanese artiest kreeg de handen geregeld op elkaar en zorgde ervoor dat het publiek al vroeg uit zijn schulp kroop. Niet elk nummer hield de spanningsboog even strak gespannen, maar de aanstekelijke energie maakte veel goed. Na een sterk slot was de zaal voldoende opgewarmd voor het hoofdprogramma.

Ook Vorst Nationaal zelf was voor de gelegenheid compacter gemaakt. Het podium stak verder de zaal in en de bovenste ring bleef gesloten, waardoor de ruimte verrassend knus aanvoelde.

Big Thief werd hartelijk aangekondigd door Ata Kak en koos vervolgens voor een bijzonder ingetogen begin met “Forgive the Dream”, Adrianne Lenkers “Bright Future” en “Understanding”. De zaal hing vanaf de eerste noot aan hun lippen. De sound was kraakhelder en gaf elk detail de ruimte om te ademen. “Change” zorgde voor de eerste vreugdekreten uit het publiek, terwijl “Los Angeles” en “Shoulders” meer dynamiek in de set brachten.
Hoogtepunt van het eerste deel was “Not”, waarin drummer James Krivchenia de band richting een lange, scheurende climax stuwde die op luid applaus werd onthaald. Ook gastbassist Joshua Crumbly bewees meermaals zijn meerwaarde, onder meer tijdens een prachtige uitvoering van “Mary”, waarbij Lenker haar gitaar even neerzat en het publiek voorzichtig probeerde mee te laten zingen.

Halverwege de set bracht Big Thief een ontroerende ode aan Tucker Zimmerman en zijn onlangs overleden vrouw Marie-Claire. Met “Slowin' Down Love” en “The Season” eerde de band een muzikale inspiratiebron van Adrianne Lenker, terwijl Vorst Nationaal muisstil luisterde.
Het was tekenend voor de hele avond: tussen de nummers door heerste een aandacht en respect die je zelden nog in een grote concertzaal aantreft. Vanaf dat moment kwam de band ook wat losser. Lenker maakte enkele bindteksten over het vreemde van mens-zijn en verwees met een glimlach naar het bijna stadionachtige gevoel van de zaal.

Muzikaal schakelde Big Thief een versnelling hoger. “Real House” groeide uit van een ingetogen vertelling naar een explosieve ontlading, terwijl “Vampire Empire” en “Spud Infinity” het publiek volledig meekregen. Bij dat laatste nummer vergat Lenker even een strofe, maar wist ze dat op zo'n charmante manier recht te zetten dat het alleen maar bijdroeg aan de spontaniteit van het optreden. Toen uit verschillende hoeken van de zaal om “Paul” werd geroepen, kon de band moeilijk weigeren. Het geliefde nummer werd uitbundig ontvangen en vormde samen met “Simulation Swarm” een van de absolute hoogtepunten van de avond.

De bisronde bleef beperkt tot “Incomprehensible”, een van de sterkste nummers van ‘Double Infinity’. Voorzichtig ingezet en luid meegezongen door het publiek vormde het een passend einde van een concert dat moeiteloos de verwachtingen inloste. Big Thief bewees dat hun muziek ook op grotere podia overeind blijft. Meer nog: de band slaagde erin om Vorst Nationaal aan te laten voelen als een intieme woonkamer waarin elk detail telde. Door de sterke setlist, het indrukwekkende samenspel en de uitzonderlijke aandacht van het publiek, groeide deze passage uit tot een van die concerten die nog lang blijven nazinderen.

Setlist: Forgive the Dream - Bright Future - Understanding - Change - Los Angeles - Shoulders - Not - Real Love - Mary - Slowin' Down Love (Tucker Zimmerman) - The Season (Tucker Zimmerman) - Real House - Christmas Day - Vampire Empire - Spud Infinity - Paul - Simulation Swarm — Incomprehensible

Lees gerust de review van 2 april in l’Aéronef, Lille: Big Thief – Pareltjes melancholisch hoopvol

Organisatie: Live nation

Aquiles Navarro & Olof Melander

Aquiles Navarro & Olof Melander - Een milde botsing in arrangement, cultuur en muziekstijl

Geschreven door

Aquiles Navarro & Olof Melander - Een milde botsing in arrangement, cultuur en  muziekstijl
Aquiles Navarro & Olof Melander

Je moet het maar voor hebben,  een vliegtuig boeken richting Brussel om er te mogen optreden. Alles tot in de puntjes geregeld, en dan te horen krijgen dat er een staking is uitgebroken in Brussels Airlines waardoor de vlucht wordt omgeleid.
De organisatie had alles in het werk gesteld om Moor Mother, die deze avond in de AB Club zou optreden, pas laat dan zou optreden. Maar ook dat lukte in laatste instantie niet.
We citeren het bericht op de website: ''Door een onaangekondigde staking die vandaag is uitgebroken op Brussels Airport raakt Moor Mother - ondanks verwoede pogingen via omleiding naar Amsterdam - niet in AB. Dit nieuws bereikte ons pas zonet (lees 18u51). Opener van deze double bill - Aquiles Navarro & Olof Melander - zullen wel optreden en een langere set spelen.''

Die set van Aquiles Navarro & Olof Melander (*****) duurde uiteindelijk bijna twee uur en was een lange trip voor wie houdt van een milde botsing tussen culturen, muziekstijlen en de arrangementen. Uitersten vinden elkaar.

Aquiles Navarro maakte gebruik van allerlei blaasinstrumenten , uitgestald op een kleurrijke tafel, zoals een soort Hoorn, of een schelp waar hij door blies en andere traditionele instrumenten, al dan niet gelinkt aan de Afrikaanse cultuur. Of percussie en Afrikaanse trommels, wat zijn talent als een grenzeloos multi-instrumentalist onderstreept.
Olof Melander gebruikte samples ervan, om die dan te mengen met een elektronische klankkleur.
Het klonk niet koud of clean, nee, je voelde de warmte over de hoofden waaien. Een intens gevoel van welbehagen overviel ons. Aan zijn mengpaneel, was hij dan ook een klankenwizard .
Het mooie was hoe beiden elkander voortdurend aanporden, ze hielden het publiek bij de leest in de bijna twee uur durende set. Een formidabele prestatie.
We kregen verschillende culturen en muziekstijlen op ingenieuze wijze over ons heen . De verbinding was er eentje van een 'groovy' improvisatie en  experimenteerdrift.
Oeverloos, zonder enige pauze, bleef het duo maar doorgaan, tot een verstilde climax was bereikt die ons totaal verweesd achterliet.
Sommigen hadden zich ondertussen op de grond plaats genomen, om het intense gevoel nog meer te ervaren.
De Afrikaanse klanken kwamen er door een soort 'veldopnames'  en werden gemixt tot een aanstekelijk geheel. Navarro & Melander hadden alvast een heel fijn alternatief klaar; de avond was hoedanook meer dan geslaagd, een milde botsing in arrangement, cultuur en  muziekstijl. Uitersten die elkaar vonden!

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel (ifv BRDCST)

Mattias De Craene

Mattias De Craene & Black Koyo – Een magische cultuurbeleving, binnen de typische Gnawa traditie

Geschreven door

Mattias De Craene & Black Koyo – Een magische cultuurbeleving, binnen de typische Gnawa traditie
Mattias De Craene & Black Koyo

Muzikanten die hun comfortzone aftasten en durven verlaten. We houden daarvan. En sommigen voegen er andere culturen aan toe. Neem nu saxofonist Mattias De Craene, gekend als saxofonist bij o.a. MDCIII en Nordmann. Met zijn nieuwste project zocht hij het buiten de grenzen. Hij kwam in de wereld van traditionele gnawa-muziek. Het bracht hem bij de formatie Black Koyo, grootmeesters in Afrikaanse muziek en rituelen.
Het resultaat is een best spannende plaat 'Makatan'. Met deze plaat trad hij op in de N9. Mattias De Craene & Black Koyo zorgden voor een avontuurlijke avond vol rituelen en Afrikaanse ritmes die ons deden zweven en wegdromen.

DJ Back To Mono (****) vergaste ons bij aankomst met aanstekelijke vinyl muziek. Met een knipoog naar de Afro-jazz stijl, pikte hij perfect in op de trip van deze muzikale avond.
Tussen de twee sets door, én na de hoofd act, bleef hij in diezelfde sfeer hangen. Mooi.

In het voorprogramma kregen we Imane Guemssy (****). Spelend op haar guembri en met haar fluwelen, emotioneel beladen vocals, wist ze iedereen diep te ontroeren. In de bio staat het volgende: ''In haar teksten viert ze eenheid, en brengt ze een boodschap van vrede en wijsheid.''
Wat ze zingt, voel je letterlijk aan. Het komt vanuit haar hart en het raakt iedereen dus. De zaal werd er stil van. Ze kon hoog uithalen. Die muzikale intimiteit over het leven van elke dag in een puur Afrikaans tintje, wist ons uitermate te boeien.

Het concert van Mattias De Craene & Black Koyo  (*****) start met weelderige tunes van  Mattias’ sax. Een mooie start van het nakende ritueel. Er op volgend komt Black Koyo met klagerige gezangen. De combinatie van bevreemdende instrumenten en traditionele tekenden een soort zachtmoedige cultuurschok.
Het muzikaal ritueel zet zich nog verder door met soort 'tam-tam' geluid, Guembri klanken en vocals die thuishoren bij Afrikaanse stammen. We hadden op het podium een soort Afrikaanse pot zien staan, en later in de set werd een vuurtje ontstoken; de walmen hadden een bedwelmende invloed op alles en iedereen om het potje heen. In dit ritueel werden de registers soms opengetrokken, wat de apotheose compleet maakte.
Het totaal pakket in de sax van Mattias en de sound van Black Koyo maakte deze performance bijzonder. De zes nummers van de plaat passeerden in een uitgesponnen versie de revue. Kleurrijke landschappen zagen we in de background, die we hier in onze Westers wereldje niet elke dag tegen komen.
In de walmen van rook, kwamen we prompt in een bijzondere wereld terecht, vrij onbekend voor wij in onze Westerse wereld, maar wie de Afrikaanse cultuur genegen is, kon hier zeker en vast zijn gading vinden.

We kregen een zachtmoedige botsing tussen een mystiek klinkende sax, elektronica en de typische Gnawa traditie in een kleurrijke, dansbare basis. Het was een bijzondere beleving, een magische cultuur beleving, zonder meer!. .

Pics homepag @Jurgen Dhont

Organisatie: N9, Eeklo

16 Horsepower

16 Horsepower – Een unieke, bezwerende, mystieke set met een zegen van een goddelijke stem van Dave Eugene Edwards

Geschreven door

16 Horsepower – Een unieke, bezwerende, mystieke set met een zegen van een goddelijke stem van Dave Eugene Edwards
31 mei + 1 juni 2026

Na meer dan twintig jaar stilte is 16 Horsepower eindelijk terug. De legendarische Amerikaanse band, die een hele generatie heeft beïnvloed met hun duistere, meeslepende muziek waarin rock, folk en alt-country versmelten, keert terug op het podium in een bijna mystieke uitstraling.

De oorspronkelijke muzikanten, David Eugene Edwards, Jean-Yves Tola en Pascal Humbert, worden vergezeld door Chuck French (Wovenhand) op gitaar. Hoewel de band in Denver, Colorado, gevestigd is, bevat de band twee Franse muzikanten, wat nogal ongebruikelijk is!
Twee jaar geleden bewees Edwards al solo, in dezelfde zaal, het publiek diep te raken. Het is geen wonder dat de twee concerten op 31 mei en 1 juni in een recordtijd waren uitverkocht.
Een onvergetelijk concert trouwens. De sfeer is zwaar, bijna verstikkend. Je waant je in de ‘Great Sand Dunes’-woestijn. Op het scherm verschijnt het logo van de band met een eenvoudige welkomstboodschap.
Vanaf de eerste tonen op "I Seen What I Saw" wordt de stemming bepaald, die van een wazig Amerika, waar Edwards zijn innerlijke demonen bestrijdt en de Almachtige aanroept. Zijn concerten zijn veel meer dan concerten; het zijn rituelen. Een unieke, bezwerende stem met een bijna mystieke ondertoon. Een zegen van een goddelijke stem, ‘The voice of God’, zou je bijna kunnen zeggen.
De muziek is iets unieks, met invloeden van de inheemse Amerikanen. Geen wonder, want Cherokee-bloed stroomt door zijn aderen. Zittend op zijn stoel, met zijn altijd aanwezige fedora op, lijkt hij bezeten. "Brimstone Rock" en "Straw Foot" krijgen live een nog meer onheilspellende dimensie mee, voortgestuwd door de contrabas van Pascal Humbert. Op het scherm flitsen beelden van slangen, paarden en witte vogels voorbij, ahw een soort verschijning in een sjamanistische droom.
De band wisselt van instrumenten en beweegt naadloos van lap steel naar accordeon, van banjo naar solid-body gitaar. De soundscapes zijn prachtig betoverend.
Klassiekers als "American Wheeze", "Haw", "Heel On The Shovel" en vooral "Splinters" en "Black Soul Choir" galmen door de zaal. Het geluid is kolossaal, krachtig en helder. Indrukwekkend Oorverblindend!
Soms zingt Edwards intro's waarin hij Engels en inheemse Amerikaanse talen combineert. Hij weet het publiek volledig mee te trekken in zijn verhaal, beheerst door zijn gebaren en vocals.
Tijdens de 'encore', behielden "Hutterite Mile" en "Blessed Persistence" een gotische spanning tot de laatste klap werd uitgedeeld met "For Heaven's Sake".

Twintig jaar later is16 Horsepower nog steeds iets unieks. We hebben opnieuw een onvergetelijk concert en moment beleefd, een schitterende ceremonie in een zeldzame intensiteit... Wat een bezwerende, mystieke set met Dave Eugene Edwards, een zegen van een goddelijke stem.

Setlist: I Seen What I Saw – Haw - Dead Run - Brimstone Rock - Straw Foot – Splinters - American Wheeze - Heel on the Shovel - Horse Head - South Pennsylvania Waltz - Sac of Religion - Strong Man - Black Soul Choir - Black Bush - Phyllis Ruth - Harm’s Way – Clogger - Poor Mouth
Encore: Hutterite Mile - Blessed Persistence - For Heaven’s Sake


(vertaling Phil Blackmarquis – Johan Meurisse)
Fr review
Un retour en grâce, avec la bénédiction de la voix divine de David Eugene Edwards...

Neem gerust een kijkje naar de pics @Wim Heirbaut
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9605-16-horsepower-01-06-2026?Itemid=0
Organisatie: de Roma, Antwerpen

Nebula

Nebula - Stoner-rock protagonisten zijn nog niets van hun pluimen verloren

Geschreven door

Nebula - Stoner-rock protagonisten zijn nog niets van hun pluimen verloren
Nebula , Johnny Nasty Boots

De Mexicaan Johnny Nasty Boots, die zich al een tijdje in LA heeft gevestigd, profileerde zich als een explosieve rockgitarist met een uitmuntende ritmesectie achter zich, een powertrio zoals je die dezer dagen niet zoveel meer tegenkomt. Johnny Nasty Boots deed wel eens aan de jonge Leslie West van Mountain deed denken, zowel qua uiterlijk als qua speelstijl.
De man schitterde meermaals met splijtende en bij momenten freaky solo’s. Het trio maakte ruimte vrij voor psychedelische jams en daarin bleek meermaals dat hier een bijzonder sterke drummer aan het werk was. Het lange “Whiskey and Reeferblues” groeide uit tot een hoogtepunt, met een geestdriftig uit zijn voegen barstend middenstuk, een monsterlijke bluesriff en een stel striemende solo’s.
Johnny Nasty Boots, hou die naam alvast in de gaten, iets wat wij ook zeker gaan doen.

Nebula zijn survivors die hun neus al eind jaren negentig aan het stonervenster kwamen steken, hun legendarische debuutalbum ‘To The Center’ staat in onze platenkast nog steeds fier te pronken tussen ‘Welcome to Sky Valley”’ (Kyuss), ‘The Action Is Go’ (Fu Manchu) en ‘Dopes To Infinity’ (Monster Magnet). De band is het geesteskind van Eddie Glass die destijds uit Fu Manchu stapte om zijn eigen ding te doen. Na diverse personeelswisselingen is hij op vandaag nog de enige constante in Nebula.
Nebula overtuigde in het Wintercircus met in fuzz gedrenkte stoner-rock en psych-rock die voortdreef op Glass’ gruizige gitaarpartijen en een pompende ritmesectie.
Een sound die uiteraard gestoeld is op Sabbath- en Kyussfundamenten, maar die wel een eigen karakter heeft en ons bij momenten deed denken aan de wilde fuzz-rock van Ty Segall. Een zompige bluesy ondertoon vormde de fundering voor machtige slepers als “Aphrodite”, “Anything From You”, “To the Center” en “Wilted Flowers”. Snedige fuzzrock domineerde in de energieke stonerrockers “Giant”, “Highwired” en “Fall of Icarus”.
Nebula had nog een splijtende bisronde in huis met het wervelende “Let’s get Lost” en het kloeke space-rockmonster “Transmission From Mothership Earth”.

De band heeft ons een dik uur zonder oponthoud in een viriele stonermodus gewikkeld, het was zo voorbij, maar het was geweldig. Na al die jaren zijn ze nog geen greintje van hun slagkracht verloren en spelen ze nog steeds aan de top van een drukbezocht genre waarin men ondertussen bijna het bos tussen de bomen niet meer ziet.

Organisatie: Democrazy, Gent

Emmy d’Arc

Emmy d’Arc en TEUN Veroveren de Grote Zaal - Magische Hoogtepunten in de AB

Geschreven door

Emmy d’Arc en TEUN Veroveren de Grote Zaal - Magische Hoogtepunten in de AB

Het was een avond die al maanden met stip in de agenda van menig fan stond genoteerd: de headline-show van Emmy d’Arc in de Brusselse Ancienne Belgique. Aanvankelijk stond de singer-songwriter geprogrammeerd in de intieme Club (de kleine zaal), maar nadat die tickets in een mum van tijd de deur uitvlogen, werd beslist om de show te verhuizen naar de Grote Zaal. Hoewel het net niet helemaal was uitverkocht, stond de zaal wel zo goed als vol. Tussen de enthousiaste menigte waren bovendien opvallend veel bekende gezichten te spotten, die allemaal getuige wilden zijn van dit concert.

Als support act mocht TEUN (het alter ego van de in Maastricht getogen en in Antwerpen neergestreken Teun Truijen) de spits afbijten. De zangeres, songwriter, producer en multi-instrumentaliste die in 2024 nog de zilveren medaille wegkaapte tijdens Humo’s Rock Rally, bewees meteen waarom haar ster snel rijzende is.
Gewapend met nummers van haar pas uitgebrachte debuut-EP ‘Home is growing on me’, bracht ze een mix van dromerige indiepop en kwetsbare emoties. Haar achtergrond als professioneel danseres en haar ervaring bij Eefje de Visser waren duidelijk merkbaar in haar gracieuze podiumaanwezigheid. Het AB-publiek liet zich gewillig meeslepen in haar unieke universum van euforie en melancholie. Een ijzersterke opener.

Wat volgde was een masterclass in hoe je in je eentje een grote zaal volledig naar je hand zet. Emmy d”Arc heeft geen bombastische band nodig, gewapend met enkel een akoestische gitaar, mondharmonica, piano en een loopstation bouwde ze ter plekke gelaagde, dynamische arrangementen op.
Het publiek werd getrakteerd op een gebalanceerde set waarin publieksfavorieten en tracks van haar debuutalbum zoals het ijzersterke "Words", "Hit me", "The day", "Wish I'd never met you" en het breekbare "Frontline" luidkeels werden meegezongen.
Tussen de bekende songs door dropte Emmy ook een handvol gloednieuwe nummers. Wat daar meteen aan opviel, was de muzikale evolutie die ze doormaakt. De nieuwe composities klinken rijper, gelaagder en snijden thematisch dieper en matuurder in het vlees. De toekomst belooft heel veel goeds.
Een absolute kippenvelmoment van de reguliere set vond plaats toen niemand minder dan Admiral Freebee het podium opstapte. Samen brachten ze een bloedmooie uitvoering van diens klassieker "Rags 'n' Run", waarbij Emmy de backing vocals voor haar rekening nam, prachtig ondersteund door de melancholische klanken van een cellist.
Maar het slotakkoord moest toen nog komen. Als afsluiter bracht Emmy "Troy" van Sinead O’Connor. Een aartsmoeilijk nummer, maar ze bracht het met zoveel bezieling en emotie dat de grote zaal muisstil werd. Het was geen klinische, perfecte kopie, maar een eigen, doorleefde interpretatie die recht door de ziel sneed en menig toeschouwer (en BV) ontroerd achterliet.

Met deze succesvolle verhuizing naar de grote zaal van de AB bewijst Emmy d’Arc dat ze klaar is voor het hele grote werk. Wie er in Brussel niet bij kon zijn (of wie gewoon dringend nood heeft aan een herhaling), krijgt deze zomer gelukkig nog genoeg kansen om haar live te bewonderen op een aantal van de mooiste podia van het land zoals Werchter Boutique, Lokerse Feesten en Dranouter.

Neem gerust een kijkje naar de pics
TEUN
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9603-teun-29-05-2026?Itemid=0
Emmy d’Arc
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9604-emmy-d-arc-29-05-2026?Itemid=0

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel  

Surf Trash

Surf Trash - Surf noch trash

Geschreven door

Surf Trash - Surf noch trash 

De schrale zandgrond van de Kempen blijkt een vruchtbare voedingsbodem voor rock-'n-roll. In de schaduw van het onvergankelijke Sjockfestival schieten garagepunkbandjes als paddenstoelen uit de grond.
Zo ook Itches uit Vorselaar dat in 2020 de wereld kwam verblijden met 'carapunk'. Ik zag ze een paar jaar geleden in het voorprogramma van River City Tanlines in The Pit's maar toen konden ze me nog niet helemaal over de streep trekken.
Nu leek de band alleen maar gegroeid. Met ‘House animal included’, tegelijk verschenen bij het Nederlandse Wap Shoo Wap Records en Belly Button Records, hadden ze bovendien een fraaie tweede plaat onder de arm.
Itches opende meteen met mijn favoriete nummer van die plaat, "Indians", waarin de geest van de vroege The Kinks rondwaart. De toon was meteen gezet. Wat volgde was een ceremonie, zoals zanger-gitarist Philippe Aguilar Peeters het verwoordde, van eigentijdse fuzzy garagepunk met onmiskenbaar diepe wortels in de sixties.
Korte, onafgewerkte garagerockdiamantjes die onverbiddelijk op de heupen mikten waarbij ik een tevreden grijns op mijn gezicht onmogelijk kon verbergen.
Met de (nieuwe) bassist Hendrik Vanden Berk (Koala Disco) en drummer Arno Sels (Mitraille) aan zijn zijde vond Peeters de perfecte balans tussen de primitieve garagepunk van de 'Back from the grave'-bandjes en de psychedelische fuzz van Ty Segall en consorten. Hoogtepunt was voor mij zonder twijfel het oudere "Blur vision" dat opgeleukt werd met een dubieuze metalsolo waarna alle remmen werden losgegooid in een psychedelische freak-out. Dit was eigenlijk de perfecte afsluiter geweest, want de twee resterende nummers daarna konden plots heel wat minder boeien. Dat neemt echter niet weg dat dit een geweldige set was.

Surf Trash is een groep uit het Australische Lake Macquarie die in 2017 werd opgericht door de broers Andrew (zang/drums) en Nick (bas) Scott. Verder bestaat de band uit de twee gitaristen Lachlan ‘Jacko’ Jackson en Patrick Russell. Hun debuut, "The only place I know", bereikte in 2024 de hoogste plaats in de Australian Aria Charts, de belangrijkste charts down under.
Surf Trash is eigenlijk een wat misleidende bandnaam. Met surf zoals we die kennen van Dick Dale of The Ventures had de groep weinig gemeen maar misschien belichaamden de bandleden zelf het stereotype van de Australische surfer. Van 'trash' was al helemaal geen sprake, gelikter kon het nauwelijks.
Na een vluchtige beluistering vooraf had ik wel het vermoeden dat dit eens kon tegenvallen, maar ik vertrouwde op de doorgaans betrouwbare keuzes van De Zwerver. Bovendien hoopte ik op een Babe Rainbow-effect, ook dat is een Australische band die me op plaat niet echt weet te overtuigen, maar die op Leffingeleuren al twee keer de sterren van de hemel speelde.
Surf Trash opende zijn set, die grotendeels bestond uit nieuwe nummers van hun binnenkort te verschijnen tweede plaat, met een van hun allereerste nummers: "Over my shoulder". Meteen werd de oorzaak duidelijk waarom dit me niet volledig wist mee te slepen: de zang.  Als zingende drummer begin je sowieso met een handicap: je zit achteraan op het podium en vanuit mijn positie was hij bovendien zowat tachtig procent van de tijd verborgen achter de rug van de bassist. Maar dat bleek niet eens het probleem. Het was simpelweg de zang zelf die me niet beviel. Andrew Scott klonk als een in galm gedrenkte, glad gepolijste versie van Tom Petty die bovendien geen boodschap had aan variatie. Een stem die geknipt leek voor grote stadions maar waar ik persoonlijk niet op zat te wachten.
De muziek dan maar? Daar had ik gelukkig minder problemen mee. Zorgeloze, zonovergoten gitaarrock waaraan ze zich nauwelijks een buil konden vallen. Surf Trash wordt meestal geklasseerd bij indie of alternatieve rock maar veel alternatiefs heb ik niet gehoord.
Eenmaal kwamen ze in de buurt van rock-'n-roll, tijdens het oudere "Wave M8", maar voor de rest bleef het bij veilige, zij het best genietbare, classic rock.
Toen bleek dat het applaus na het laatste nummer niet meteen oorverdovend zou worden, gooiden ze hun bis er meteen achteraan. "Friends" bleek zowaar een romantische uitsmijter mede dankzij de oproep van de bassist om je maat eens stevig vast te pakken of samen een dansje te wagen, een suggestie die minstens door twee meisjes werd opgevolgd. Die twee waren daar trouwens zeker niet alleen.
Tijdens de set van Surf Trash stond het vooraan plots vol jonge meisjes die me tijdens het voorprogramma niet waren opgevallen. Zij zullen hier ongetwijfeld met volle teugen van hebben genoten. Wie ben ik dan om te oordelen.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

La Jungle

LA Jungle en Ronker Zetten Cactus Club in Lichterlaaie - Verschroeiend Dubbelgoud in Brugge

Geschreven door

LA Jungle en Ronker Zetten Cactus Club in Lichterlaaie - Verschroeiend Dubbelgoud in Brugge
LA Jungle - Ronker

Het kwik steeg naar zomerse hoogten buiten de Cactus Club in Brugge. Zo warm zelfs, dat de concertzaal vlak voor aanvang nog angstwekkend leeg oogde. Het publiek stelde het betreden van de ‘sauna’ zo lang mogelijk uit en genoot buiten van de koelte. Maar zodra de lichten doofden, stroomde de zaal vol voor wat een memorabele, loeihete double bill zou worden.

Wie LA Jungle al eerder live aan het werk zag, weet dat het Waalse duo garant staat voor een sonische pletwals. Normaal gesproken klaren Rémy Venant (aka Roxie Rookie op drums) en Mathieu Flasse (aka Jim Frisko Binwette op gitaar/vocals) de klus met hun tweetjes. Deze avond brachten stonden ze als trio op het podium, geflankeerd door een gloednieuwe, tweede drummer genaamd Da.
Dit bleek een meesterzet. Het dubbele drumstel zorgde voor een waanzinnig stereo-effect dat door de zaal denderde. De synergie tussen de twee drummers was voelbaar; alsof ze elkaars gedachten konden lezen, stuurden ze elkaar met een enkele blik feilloos bij. Hoewel het Brugse publiek aanvankelijk nog een ietwat afwachtende houding aannam, was er al snel geen houden meer aan. Iedereen werd onverbiddelijk meegezogen in de hypnotische, repetitieve ritmes. Het resultaat? Een kolkende massa en een band die aan het einde van de set letterlijk druipnat van het zweet stond.

Na deze uppercut vluchtte het publiek massaal weer naar buiten om naar adem te happen. De organisatie van de Cactus Club had een uitstekende reflex door de grote poorten achteraan het podium wijd open te zetten, zodat er wat frisse lucht door de zaal kon waaien tijdens de podiumwissel.

De lat lag aartshoog, maar het Denderleeuwse Ronker liet zich niet intimideren. Onder de tonen van Justin Timberlake’s “Sexyback” bestegen ze het podium. Wie dacht dat de Cactus Club na LA Jungle verzadigd was, kreeg direct ongelijk. Ronker vloog erin als een duivel uit een doosje.
De sfeer explodeerde onmiddellijk: crowdsurfers, stagedivers (volop aangemoedigd door de band zelf) en een circle pit transformeerden de zaal in een georganiseerde chaos. Het zweet gutste opnieuw van het plafond. De muren van de Cactus Club leken zélf wel te transpireren. Het absolute toppunt van ironie was dan ook het moment dat de band de ronkende track “No Sweat” inzette, een titel die op dat moment werkelijk haaks op de realiteit stond.
De set kende bovendien een paar bijzondere wendingen. Achter de drumkit zat niet de vaste drummer, maar de last-minute vervanger Tommy Tommy. Hij deed dat met zoveel verve en brute kracht dat je het verschil amper merkte.
Alsof dat nog niet genoeg was, kreeg de band voor twee nummers versterking van niemand minder dan Cis Deman (gitarist van STAKE), wat de intensiteit naar een nog hoger niveau tilde.

Wat deze avond, naast de verschroeiende muziek, écht afmaakte, was de sfeer na de show. Geen gehaaste aftocht naar de tourbus voor deze bands. Zowel de heren van LA Jungle als Ronker namen uitgebreid de tijd om tussen hun fans te duiken. Er werd duchtig nagebabbeld, selfies werden genomen, handtekeningen gezet en de merchtafel deed gouden zaken. Een perfect, sympathiek slot van een loeihete avond topnotch Belgische herrie.

Neem gerust een kijkje naar de pics

Ronker
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9602-ronker-28-05-2026?Itemid=0

LA Jungle
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9601-la-jungle-28-05-2026?Itemid=0

Organisatie: Cactus Club, Brugge

Channel Zero

Channel Zero - Fucking hell, what a ride it was!

Geschreven door

Channel Zero - Fucking hell, what a ride it was!

De fakkel van populairste zware jongens van eigen bodem mag dan al geruime tijd zijn doorgegeven aan Amenra, overal waar Channel Zero opduikt vliegen de metalen gensters nog altijd stevig in het rond. Met de aankondiging van hun ‘End of an Era Tour’ beslisten de veteranen twee jaar geleden zelf waar en wanneer ze definitief de stekker uit hun versterkers zouden trekken.
Afgelopen donderdag hield ’s lands metaltrots halt in de Gentse Ha Concerts, een zaal die met haar reputatie van muzikale verstilling en etherische schoonheid wellicht de meest opmerkelijke halte van deze afscheidstour vormt.

Twee overleden groepsleden en de exit van een derde wegens gehoorschade: weinig andere bands weten beter wat vallen en opstaan betekent dan Channel Zero. Voor sentiment over dat bewogen verleden is in Gent echter nauwelijks plaats. Het kerntrio Franky De Smet-Van Damme, Tino De Martino en Mikey Doling — aangevuld met twee sessiemuzikanten — oogt zichtbaar ontspannen en lijkt vooral dankbaar dat het de fans van het eerste uur nog een laatste keer kan laten meebrullen met een tsunami aan groove-metal classics. Sterker nog, in de levendige herinnering van de immer sympathieke Franky DSVD heeft hij zijn muzikale leven voor een groot stuk te danken aan het Gentse publiek. Een uitverkochte show in de Vooruit in 1995 maakte destijds indruk op de juiste boekers en bleek enkele maanden later dé springplank naar een openingsslot van Torhout/Werchter. De rest is geschiedenis.
Dat doorbraakjaar 1995 blijft onlosmakelijk verbonden met ‘Unsafe’, Channel Zero’s derde album waar vanavond gretig op wordt teruggeblikt. Prijsbeesten als “Heroin”, “Help” en “Bad to the Bone” hebben nog niets van hun glans verloren. Hun tijdloze weerklank zit verankerd op een metalen fundering, met extra smeedwerk uit grunge en cross-over punk, de genres waarmee respectievelijk Alice in Chains en Biohazard destijds letterlijk en figuurlijk een zware stempel op de mid-90ies drukten.
‘Komaan Gent, ‘t is de laatste keer!’; als een volleerd marktkramer zweepte Franky DSVD tijdens “Suck My Energy” de wat ingedommelde veertigers en vijftigers weer op. Met zijn zwoele, wat onheilspellende spoken word intro en monolithische Black Sabbath-riff blijft dit festival anthem wellicht dé onbetwiste evergreen uit de Channel Zero catalogus.
In de periode vóór hun succesvolle transitie naar groove-metal masters werd Channel Zero wel eens in één adem genoemd met hun Brusselse hardcore vrienden van Deviate. Het siert de band dat brutale mash-ups van hardcore en thrash als “No Light (At The End of Their Tunnel”, “Tales Of Worship” en “Succeed Or Bleed” uit prille beginjaren waarin de debuterende groep vrede moest nemen met het onveilig maken van jeugdhuizen en parochiezalen, ook hun afscheidstour hebben gehaald. Heerlijk om te zien hoe sessiedrummer Seven Antonopoulos hier zijn kans schoon zag om zijn virtuoze capriolen te etaleren.
Materiaal uit de reünie albums die Channel Zero 2.0 sinds 2011 met mondjesmaat ophoestte, vormde vanavond niet meer dan een voetnoot. “Hot Summer” en “Dead Passenger” blinken vooral uit in radiovriendelijkheid en bezorgden de band destijds een tweede leven, maar verraden ook de eerste symptomen van creatieve bloedarmoede. Het contrast tussen die wat gladjes ingelepelde singles en het uit een ruwe blok graniet gehouwen “Black Fuel” kon moeilijk groter zijn. Tijdens die ultieme afsluiter vroeg en kreeg Franky DSVD de waardering waarvoor hij en zijn maats zich anderhalf uur lang in het zweet hadden gewerkt. Een “Wall of Deat”h in de statige Ha Concerts? Yes, die kunnen we ook weer van onze bucket list schrappen.

Channel Zero maakte vanavond een moedig statement waar veel bands een voorbeeld aan kunnen nemen. Voor fysieke aftakeling of artistieke meningsverschillen blijvende reputatieschade kunnen aanrichten, doet de groep binnenkort zelf het licht uit. Het laatste woord kwam uit het strot van Franky DSVD : ‘Fucking hell, what a ride it was!

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set in Fabriekspand, Roeselare op 31 mei 2026 met volgende bands Cobra The Impaler en Sign Of Algorithm
@Geert De Dapper (Org: Btfly)

Channel Zero
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9611-channel-zero-31-05-2026?Itemid=0
Cobra The Impaler
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9612-cobra-the-impaler-31-05-2026?Itemid=0
Sign Of Algorithm
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/9613-sign-of-algorithm-31-05-2026?Itemid=0

Organisatie: Democrazy ism Ha Concerts, Gent

Not Mandatory

Not Mandatory – Heerlijk feestelijk divers

Geschreven door

Not Mandatory – Heerlijk feestelijk divers

Onder 'Sin City Burning' organiseerde De Casino enkele optredens in het Café op woensdagavond. Voorheen stonden er al o.a. Rosemary, Lawijtstrijd winnares Finn, Daniel  Hard, Titans en Vision.

Afgelopen woensdag was het de buurt aan Not Mandatory (*****) die al lang geen onbekende meer zijn voor ons.
De formatie ontstond in 2019 en bestaat uit doorwinterde muzikanten, die binnen dit project hun gezamenlijk ei kwijt kunnen. 'Progressive Alternative Dance Music' omschrijven  ze zichzelf. In een interview dat we met hen hadden in 2021 (midden de COVID tijden) vertelden ze reeds hun verhaal. Lees gerust https://www.musiczine.net/index.php/nl/item/79677-not-mandatory-sex-drugs-and-rock-n-roll-zoals-ian-dury-het-ons-al-voorzong 
In hun muziek horen we zelf flarden punk, post-punk, new wave en jaren '80 dance met een  knipoog naar de synthpop . Een diverse aanpak die live sterk tot uiting kwam.

In het begin moest Not Matadory nog wat op toerental komen. “Antartica” en “Planet Claire” klonken aanstekelijk. Het publiek op het terras genoot ervan tijdens deze zomerse avond. Met mondjesmaat ging het publiek naar binnen en kroop het wat dichter bij het podium aan op een “Public Image”. Op het formidabele “Transmission” en “Travel” was de band warmgedraaid en kreeg het de verdiende respons.
Een eerste echte mokerslag bleek de eigenzinnige cover van 'Vienna' van Ultravox, waarbij sinecure de vocals van Midge Ure benaderd werden. De song kreeg de nodige adrenalinestoten en energie-boosts; het refrein werd door iedereen meegebruld.
Not Mantadory voelde prompt aan dat ze het publiek voor zich hadden gewonnen.
De lat legden ze hoger. “Bella Lugosi” , “Gutta Cavat” en “I can't escape myself” deden de temperatuur stijgen. “I wanne Be your Dog” van Iggy Pop werd de absolute apotheose. De song klonk messcherp. Ook “Blitzkrieg Bop” zorgde voor een meebrul moment.
Er werden nog enkele energiebommetjes toegevoegd. Met “Bro Hymn” en in de bis - die eigenlijk geen echte bis was - kregen  we nog ''Living Pretty Vacant' , waarbij zanger Tom Simoen iedereen opriep om  nog één keer compleet uit de bol te gaan. Hij ging het publiek opzoeken, en ook bassist Thomas Van Iseghem en gitarist Ward Van Iseghem deden dat, met een compleet dansfeestje tot gevolg.
Not Mandatory klonk heerlijk feestelijk divers. Ze grijpen puur muzikaal terug naar de alternatieve dance en post-punk, die refereert aan de wilde jaren '80.
Nee , het was geen pure nostalgie trip. Hun speelsheid siert in de gebrachte covers, die in een eigenwijs, eigentijds en eigenzinnig jasje werd gestopt. Eens op toeren ging dit combo fors door, met een vet alternatief dansfeestje!

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Vive La Fête

Vive La Fête - Vrolijk huppelen op soms donkere synthwave

Geschreven door

Vive La Fête - Vrolijk huppelen op soms donkere synthwave

De electroclash-iconen Vive La Fête hebben zopas een fotoboek uitgebracht over de geschiedenis van de band. Om dat boek aan de man te brengen, is de band op tournee. Later dit jaar staan ze op de Lokerse Feesten en in Spanje, maar wij gingen kijken en luisteren in de Schakelbox (CC De Schakel) in Waregem.

Een voorprogramma was er niet. Dat opende mogelijkheden voor een extra lange set van Vive La Fête en daar hebben ze op ingespeeld met een set van ruim anderhalf uur en zowat 20 nummers. De zaal was niet uitverkocht, wel goed gevuld. Enkele fans hadden net zo’n zwarte balk als de bandleden op hun gezicht ‘geschilderd’.
Van deze band rond Els Pynoo en Danny Mommens verscheen vorig jaar de EP ‘Les Sauvages’. Dat was het eerste nieuwe studiowerk sinds jaren. Wie hoopte dat de EP integraal gespeeld zou worden, die was eraan voor de moeite. Sinds enkele jaren zit Vive La Fête in een soort van ‘Greatest Hits’-modus als het over concerten gaat. Van ‘Les Sauvages’ speelden ze enkel “Notre Planète” en niet de single/titeltrack “Sauvage”. Een beetje jammer is dat toch wel, want zo zit er maar weinig variatie in de set voor wie deze band regelmatig gaat zien.
Singles en hits bij de vleet. Dat dan weer wel. In de reguliere set was er plaats voor onder meer “Tokyo”, “Schwarzkopf”, “Hot Shot”, “Touche Pas”, “Mots Bleus”, “Liberté”, “La Verité” en “Jaloux”. Enkel “Je Ne Veux Pas” ontbrak misschien, naast enkele van hun bekende covers, maar achteraf kon je geen ontevreden fan bespeuren. Heel wat nummers werden op herkenningsapplaus onthaald en voor het podium werd volop gedanst en meegezongen.
Iedereen in de band gaf zich voor het volle pond. De eeuwig lachende en dansende frontvrouw nam de hele zaal op sleeptouw vanaf de eerste noot die gespeeld werd.
De toegift was zo mogelijk nog leuker, met superhit “Maquillage”, hun lijflied “Nuit Blanche”, een medley met “Noir Desir” en “Attaque Surprise”, hun cover van de Moog-klassieker “Popcorn” en “2005”.

Setlist: Tokyo / Schwarzkopf / Hot Shot / Mon Dieu / Machine Sublime / Touche Pas / A Paris / Exactement / Pousse Pas / Mots Bleus / Notre Planète / Liberté / La Verité / AC / Jaloux / Nuit Blanche / Maquillage / Noir Desir-Attaque Surprise / Popcorn / 2005

Reviews
https://musiczine.net/index.php/nl/item/99314-vive-la-fete-great-gigs-in-the-park-2025-balancerend-tussen-pop-elektro-wave-en-alternatief
https://musiczine.net/index.php/nl/item/96973-sauvage-single
https://musiczine.net/index.php/nl/item/94298-vive-la-fete-vive-la-fete-mag-nooit-met-pensioen-gaan
https://musiczine.net/index.php/nl/item/93777-vive-la-fete-al-25-jaar-explosief-in-feestjes

Organisatie: CC De Schakel, Waregem

Tarmak

Tarmak - Tarmak houdt een confronterende spiegel voor op de wereld waarin we leven

Geschreven door

Tarmak - Tarmak houdt een confronterende spiegel voor op de wereld waarin we leven

Er zit wel iets in het Gentse water, gezien er steevast bands te vinden die de moeite zijn en ons weten te overtuigen ... Interessant is Tarmak (****1/2), een post-rock/post-metal formatie die hun muziek bouwt rond een narratieve flow.
Hun nieuwste album ‘Delete to Proceed' is geschreven als één doorlopend verhaal, opgebouwd uit zes met elkaar verweven hoofdstukken. De band  bereidt een reeks shows voor waarin het volledige album van begin tot eind op het podium tot leven komt. In een goed gevuld Café Charlatan speelden ze een heuse thuismatch.

Lees gerust het interview net voor het optreden Tarmak - We zijn een band die thuishoort in een donkere scene, en als we opgepikt worden binnen een eventueel breder kadering, zou het al heel mooi zijn

We waren net te laat om de formatie YKO aan het werk te zien. Tweede band was Stories From the Lost (****), die al sinds 2011 bezig is. Ze intrigeren door hun logge riffs, verstikkende mooie elektronica en puike vocals. Alles kwam goed samen in snedigheid en gemoedsrust en we werden door hun sound ideaal voorbereid op de closing act Tarmak.

Tarmak is vooral een band die je live eens moet ervaren. Het album 'Delete to Proceed' is een gitzwarte trip, maar valt op door z’n subtiliteit en enkele fijne melodieuze kantjes.
Hoop op betere tijden staat voorop, met de boodschap dat je de toekomst zelf in handen hebt.  Fantasie prikkelend materiaal die aan de verbeelding overliet.
Live klonk het intens. Beelden op het scherm hielden het midden tussen de angst en de rauwheid van het bestaan. Toekomstperspectieven die op de helling staan. Maar er zijn ook mooie kantjes. De instrumentatie binnen die postrock/postmetal deed de rest.
Hopelijk worden ze opgepikt door een festival als Dunk!festival, met hun donkere muziek en beeldmateriaal in de setting van een donker bos.
Tarmak hield ons een confronterende spiegel voor,  op de wereld waarin we leven

Organisatie: Café Charlatan, Gent

Automatic Lovers

Automatic Lovers - Punk 'n roll uit Madrid

Geschreven door

Automatic Lovers - Punk 'n roll uit Madrid

Keeper Volant uit Brussel werd aangekondigd als een punktrio maar veel punk heb ik niet gehoord en ze oogden al helemaal niet als een punkband. Dit zou ik eerder catalogiseren als vuile (pub) rock. Voor hun Franstalige nummers vonden ze inspiratie bij vooral vrouwen, auto's en voetbal.
Tijdens het nummer "Erling", ongetwijfeld een ode aan Erling Haaland, sterspeler van Manchester City, bleek de band ook een mondje Duits meester te zijn. Hoogstaand zal het niet geweest zijn en ook muzikaal bleef het een wat rommelige bric-à-brac. Soms klonk het als een zwijmelende Jacques Dutronc na een stevig nachtje stappen en dat mag gerust als een compliment worden opgevat. Ik hou wel van dit soort kaduke rock-'n-roll die elk ogenblik lijkt te kunnen ontsporen. Die slordige aanpak, gecombineerd met de weinig toonvaste zang van Samuel Durt deed me tijdens een traag nummer zelfs even denken aan Cheater Slicks, toch een van mijn favoriete groepen. Bassist Wilfrid Morin, met een sardonische grijns op het gezicht gebeiteld, deed er alles aan om de schwung erin te houden maar na een tijdje begon Keeper Volant toch tekenen van metaalmoeheid te vertonen.
In een te lange set werden de mooie momenten te vaak afgewisseld met onuitgewerkte probeersels. Met wat snoeiwerk had dit een boeiende set kunnen zijn, nu werd het vooral slepen richting eindmeet.

Het verschil met Automatic Lovers was immens. Hoewel de Madrilenen heel wat jonger waren, leken ze over tonnen meer ervaring te beschikken. Dit was pure dynamiet verpakt in strakke songs vol pakkende melodieën.
Het openingsnummer was de B-kant van hun debuutsingle: een cover van "Who cares if tomorrow never comes" van Kirk and The Jerks, een mij totaal onbekende groep uit Pennsylvania uit de jaren '80.
Daarna volgde zowat het volledige pas verschenen debuutalbum in exact dezelfde volgorde als op de plaat. Daarmee stonden meteen ook de enige twee covers en toevallig ook de beste nummers van die plaat, zonder het eigen werk tekort te willen doen, helemaal vooraan in de set.
Eerst "High degree", dat zo mogelijk nóg obscuurder was dan die eerste song. Het nummer verscheen in 1977 op de B-kant van de enige single, met op het hoesje in grote letters 'English rock 'n roll', die Next, een Britse groep die in het Franse Toulouse resideerde, ooit uitbracht. Het blijft me een raadsel hoe een stel jongelingen uit Madrid hier ooit op is uitgekomen maar het is verdomd een fantastische song. Het nummer wordt op gang geknald met een uitgesproken Chuck Berry-lick waarna het ergens tussen Dr. Feelgood en The Flamin' Groovies voortdendert.
De tweede cover klonk een stuk vertrouwder: "Pushin' too hard" in de versie van The Vibrators, die het op hun beurt haalden bij de Amerikaanse sixties oergarageband The Seeds. Automatic Lovers lijken trouwens iets te hebben met The Vibrators, want hun groepsnaam haalden ze naar alle waarschijnlijkheid ook bij een single van die Britse punkband uit de jaren zeventig.
Britse seventiespunk, gemixt met Amerikaanse garagepunk, vormde het recept voor hun van rauwe energie barstende sound.
De bijzonder snedige gitarist Arthurr Crash (né Arturo Rodriguez) absorbeerde subtiel invloeden uit andere genres waarbij soms een zweem Angus Young opdook.
Zanger Passedout Kid had een gemene snauw die aanvankelijk nauwelijks hoorbaar was maar dat werd gelukkig snel rechtgezet. Een geboren frontman van wie ik vermoed dat hij nogal wat jonge meisjesharten wat sneller kan doen slaan. Deze keer stond wel wat vrouwvolk vooraan, al waren het eerder dames van rijpere leeftijd maar dansen deden ze in ieder geval vol overgave.
Ondertussen hielden bassist Whisky David en drummer Juan Sinovas het tempo ongenadig hoog.
Tijdens het eindoffensief dook de zanger, terwijl zijn lijf parelde van het zweet, het publiek in, waarna de gemoederen met een Spaanstalig nummer nog verder werden verhit.
Na die zinderende finale sloot Auromatic Lovers stijlvol af met een instrumentale outro die duidelijk schatplichtig leek aan "Purple Haze" van Jimi Hendrix.
Het was weer al een tijdje geleden dat een jonge debuterende band me nog zo bij de kladden greep.

Organisatie: Pit’s, Kortrijk

The Green Mean Machine

The Green Mean Machine - De grenzen van jazz opzoeken

Geschreven door

The Green Mean Machine - De grenzen van jazz opzoeken

The Green Mean Machine (****) is  en jazzfusion kwartet, opgericht in 2019 door oud-studenten van het Conservatorium van Gent. Bekend om hun speelse energie en onverschrokken improvisatie, zijn ze vooral bezig met zichzelf live te tonen in uiteenlopende clubs.
Hun vorige plaat 'The Engine' kon op heel wat bijval rekenen, mede door de voortdurende muzikale dialogen die ontstaan. De band brengt in september een plaat uit, ook iets om naar uit te zien. Ze kwamen op zondagnamiddag in zeer goed gevulde de Casino en toonden wat ze echt in hun mars hadden.

Werend Van Den Bossche (alt saxofoon), Warre Van de Putte (tenor saxofoon), Marcos Della Rocha (drums) en Zjef Van Steenbergen (contrabas) halen hun inspiratie bij Miles Davis Quintet, Keith Jarrett & The Bad Plus. Bands die, net als zijzelf, graag die grenzen van wat jazz betekent, opzoeken.  Het kwartet gaat in oogpunt daarvan, zeer ingenieus tewerk. Uiteraard zijn het één voor één talenten. De versmelting tussen tenor saxofoon en alt saxofoon, zorgt in het begin van de set al voor magie. Eens alle instrumenten samen komen, genieten we van de diversiteit in aanpak. De improviserende wijze siert.
We kregen een tipje van de sluier in de toekomst. Hoewel het op bepaalde momenten wat  neigt naar hapklare jazz, waar niets mis mee is, zijn het die groovy momenten die zorgen voor enig soelaas. Op het einde van de set brengen ze één voor één een aanstekelijke, groovy solo en eens de drums, al even intens aansluit, gaan plots alle registers compleet open. Een wervelstorm van hun jazz virtuositeit krijgen we, die smaakt naar meer van dat.
Er volgt nog een bisnummer, in het verlengde van hun boeiende sound.
The Green Mean Machine doet de jazz liefhebber watertanden, en durft ook wel eens buiten de lijntjes te kleuren voor de avontuurlijke liefhebber. Waardoor iedereen op zijn wenken wordt bediend.
Hun sterkste punt? een explosieve energie creëren , waarbij de strakke jazztradities  in ere worden gehouden, gecombineerd met die speelse, vrij vloeiende improvisatie-elementen die het publiek geboeid houden.

'De grenzen van jazz opzoeken', ze slagen er met met brio in . Er zitten zelfs nog groei mogelijkheden in, waardoor we nog meer uitzien wat de nieuwe plaat te bieden  zal hebben.
Binnen de jazz scene klinken ze kleurrijk en zijn ze een pareltje om te koesteren.

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Phosphorescent

Phosphorescent - Een versleten stem zonder missers

Geschreven door

Phosphorescent mag dan al jaren meedraaien binnen de indie-folk en americana, toch blijft Matthew Houck een artiest die vooral op gevoel lijkt te varen. Zijn laatste plaat ‘Revelator’ uit 2024 laveerde opnieuw tussen dromerige melancholie, persoonlijke twijfels en warme arrangementen. Sindsdien werkte hij ook aan een soundtrack, maar in Trix leek het vooral een avond te worden waarin hij rijkelijk uit zijn eigen repertoire kon putten. Geen grote verrassingen dus, wel een nieuwe liveband en hopelijk opnieuw die typische warme sfeer waar Phosphorescent ondertussen om bekendstaat.

De opwarming werd verzorgd door Rich Ruth, die later op de avond ook mee op het podium zou staan bij Phosphorescent. Alleen tussen een indrukwekkende verzameling pedalen, elektronica en gitaren bouwde hij drie lange nummers op die balanceerden tussen ambient, jazz en psychedelische elektronica. Soms deed het denken aan Caribou of Tycho, al bleef het geheel wat abstracter en experimenteler. Onder dikke rookwolken en subtiel licht werkte hij met loops, samples en repetitieve gitaarlijnen naar sferische hoogtes toe.
Niet elk moment was even meeslepend, maar Ruth hield duidelijk strak controle over zijn soundscapes. Het publiek reageerde eerder voorzichtig enthousiast, al groeide het respect zichtbaar naarmate zijn set vorderde.

Phosphorescent zelf begon bijzonder sterk. Vanaf “C’est La Vie No. 2” viel meteen op hoe helder de soundmix zat en hoe goed de nieuwe liveband op elkaar was ingespeeld. De subtiele synths, gelaagde gitaren en losse ritmes gaven nummers als “Revelator” en “Wide as Heaven” extra ademruimte.

Houck bleek wel ziek te zijn: zijn stem kraakte geregeld en leek soms op de rand van instorten te balanceren. Toch gaf die extra korrel de songs vreemd genoeg nog meer doorleefdheid. Bovendien stonden er met de tweede gitarist, bassist en drummer bijzonder vaardige muzikanten op het podium, wat nummers als “At Death, a Proclamation” en “Around the Horn” een stevige psychedelische punch gaf.

Halverwege de set werd het iets losser en intiemer. Houck wandelde tijdens “There From Here” over het podium zonder gitaar en zocht zichtbaar het contact met het publiek op. “The Quotidian Beasts” was ondanks zijn bijna volledig versleten stem nog steeds indrukwekkend, mede dankzij een muisstille tussenpassage en een strak lichtspel. Uiteraard bleef “Song for Zula” hét emotionele ankerpunt van de avond, ook al miste de afwezigheid van viool ergens een extra laag magie.
In de bisronde bracht Houck met “Wolves” en “Endless Pt. 1” twee breekbare solomomenten, waarbij hij tussen bindteksten door even zijn draad leek kwijt te raken. Vermoeid, ziek of misschien gewoon wat loom: het maakte hem alleen maar menselijker.
Veel verrassingen bracht Phosphorescent uiteindelijk niet naar Trix, maar dat hoefde ook niet. De warme sfeer, het sterke samenspel en de broze schoonheid van Houcks songs bleven moeiteloos overeind. Zelfs met een stem die zichtbaar afzag, wist hij zijn publiek volledig mee te nemen in zijn melancholische universum.

Geen perfect concert misschien, wel een bijzonder innemende avond die zachtjes bleef nazinderen.

Setlist

C'est la vie no.2 - Revelator - Wide as Heaven - Terror in the Canyons (The Wounded Master) - New Birth in New England -  There From Here - At Death, a Proclamation - Around the Horn - Muchacho's Tune - The Quotidian Beasts - Song for Zula — Wolves - Endless, Pt. 1 - Tell Me Baby (Have You Had Enough) - Down To Go

Organisatie: Trix, Antwerpen

The Spanks

The Spanks - Local Punkheroes - Tijdloze garagerock vol passie

Geschreven door

Local Punkheroes - The Spanks - Tijdloze garagerock vol passie

Rock-'n-roll brengt een mens nog eens ergens. Zoals in een godvergeten gat als Schuiferskapelle, deelgemeente van Tielt. Dirty Pik, voorman van The Dirty Scums, organiseert er af en toe, wanneer het hem uitkomt, een festivalletje in zaal Club 77. De release (de 31ste!) van de nieuwe Dirty Scums cd, ‘Before we die!’, vormde de perfecte aanleiding om nog eens enkele lokale punkgroepen op te trommelen.

De eerste twee bands liet ik aan me voorbijgaan en dat had ik met de derde groep net zo goed kunnen doen. Street Rock Rebels uit Maldegem bracht streetpunk, een variant van oi!, en dat is niet meteen het soort punk waar ik warm van loop. Maar met bassist UxJx - alias Jan Vandekerckhove, bekend van onder meer Liar en Congress - had de groep toch een prominent figuur in de rangen, wat mijn interesse wekte.
Hoewel het niet echt mijn ding was, kon ik deze simpele, strak gebrachte, meebrulbare punk best wat smaken. Soms kreeg ik wel de indruk telkens naar hetzelfde nummer te luisteren, iets wat bij "Ghosts & demons" zelfs letterlijk gebeurde. Daar viel nog mee te leven, in tegenstelling tot het oeverloze gezwam tussen de nummers door van Fred Van Opstal, die nochtans als zanger niet onverdienstelijk was, maar met zijn geleuter alle geloofwaardigheid te grabbel gooide.

Daarna liep het zaaltje plots helemaal vol voor The Dirty Scums, de langst onafgebroken spelende punkband van België en wellicht zelfs van West-Europa. Zanger-gitarist Dirty Pik, drummer Dirty Zjantie en bassist Dirty Keez werden als helden onthaald en de sfeer zat er meteen goed in.
Ik keek er wat verweesd naar want de gammele punk van de Tieltse sterren wist me nooit echt te raken. Nieuwe nummers als "Debbie Harry" leken kant noch wal te raken terwijl ik de oudere nummers vroeger zeker al beter gehoord had. Toen de groep de carnavaleske toer opging met nummers als "Rit'n zat te skit'n" en "Bob De Brouwer" haakte ik helemaal af. Ik had toch veel meer verwacht van een groep die al 45 jaar actief is.

Dat smaken verschillen werd duidelijk toen meer dan de helft van het publiek al vertrokken was voordat The Spanks aan hun set begonnen. Vooral de diehard punkers waren met de noorderzon verdwenen. The Spanks zijn dan ook geen punkband.
De groep uit Merchtem zag in 1984 het levenslicht nadat zanger Rik Tielemans en gitarist Jan Van Den Bergh The Nomads aan het werk hadden gezien. Samen met The Paranoiacs en The Mudgang vormden ze het hart van de toen bloeiende Belgische garagerockscene. The Spanks maakten drie albums waarvan ‘In your face’ uit 1990, verscheen op het befaamde Get Hip Records, het label van Gregg Kostelich, gitarist van The Cynics.
In 1992 houden ze er noodgedwongen mee op nadat de gitarist voor zijn job naar Madrid verhuist. Nadat zanger Rik Tielemans ernstig ziek wordt en bassist Willy Annaert sterft, lijkt het einde definitief. Maar wanneer Jan Van Den Bergh terugkeert uit Spanje, worden The Spanks in 2022 nieuw leven ingeblazen. Naast Van Den Bergh maakten ook drummer van het eerste uur Bart Teugels en de nieuwkomers Mike Du Bois (zang) en Willy Douterloigne (bas) hun opwachting.
The Spanks namen een wat aarzelende start en "Keep on hidin'" klonk zelfs wat braaf, al kan een half leeggelopen zaal die indruk versterkt hebben. Heel wild werd het nooit, maar gaandeweg werd het vuur toch steeds meer opgepookt. Wat kon ik mijn hart ophalen aan die met zorg gekozen covers van obscure nummers uit lang vervlogen tijden: "Good guys don't wear white" van The Standells, "Night of the phantom" van Larry & The Blue Notes, "Picture my face" van Teenage Head, "Dateless night" van Allen Page with The Deltones, "Long gone" van The Customs.
Tussen al dat moois verbleekten de eigen nummers zeker niet. Integendeel, "Baby please come back", de gloednieuwe single die net zo goed in de sixties gemaakt had kunnen zijn, zou zeker niet misstaan in dat rijtje. De bevlogen zang en de immer smaakvolle gitaar zorgden voor pretentieloze, tijdloze garagerock die me steeds meer in haar ban kreeg. Zeker toen klassiekers als "Strychnine" van The Sonics en "You're gonna miss me" van The 13th Floor Elevators de zaal in werden gevuurd.
Een enkele keer sloegen ze wat mij betreft toch de bal mis. "(What's so funny 'bout) peace, love and understanding" van Nick Lowe vind ik best een aardig nummer maar het aangemeten garagejasje zat niet echt als gegoten.
Ondanks het fel uitgedunde publiek en het feit dat ze eerder die avond al een set in Gent hadden gespeeld, maakten The Spanks nog tijd voor een uitgebreide bisronde met drie songs die voor eeuwig in mijn denkbeeldige jukebox gestationeerd blijven.
Nadat Mike Du Bois tevergeefs naar zijn mondharmonica had gezocht volgde alsnog een excellente cover van "It's all over now, baby blue" van Bob Dylan, die me deed denken aan de versie van Thee Cha Cha Chas, het duo uit Melbourne, van enkele jaren geleden.
Om het feest compleet te maken volgden nog "Have love will travel" van Richard Berry, vooral bekend in de versie van The Sonics, en "Teenage kicks" van The Undertones. Misschien wat veel covers, maar garagerockbands hebben eigenlijk nooit anders gedaan.
Met een energieke set waar de passie van afdroop, bewezen The Spanks dat ze er weer helemaal staan.

Organisatie: The Dirty Scums

Nashville Pussy

Nashville Pussy - De betere ram-rock

Geschreven door

Nashville Pussy - De betere ram-rock

Het Luikse Acid Talk stak de vlam in de pan met een potje ophitsende psychrock à la Osees, Frankie & The Witch Fingers en Psychedelic Porn Crumpets. Zij deden dat wel op hun eigenste manier met lange songs voorzien van geflipte tempowisselingen en hallucinerende gitaren die al eens uit de bocht durfden te vliegen. Fijne band. Hier zat pit in.

Speedozer had hoegenaamd zijn naam ook niet gestolen, hier zat verdomme vaart achter. Het trio raasde doorheen een stel supersnelle, retestrakke en hondsdolle punk’n’roll songs. De volumemeter ging constant over de rooie, de splinterbommen van songs volgden elkaar in ijltempo op, tussenpauzes waren volledig uit den boze. Op het moment dat een normale mens zou denken ‘harder en sneller kan het echt niet meer’, stak Speedozer doodleuk nog een tandje bij. Geniale geëlektrocuteerde pokkenherrie, dat was het.

De teneur van ‘have fun, play fast and en drink beer’ werd fijntjes verdergezet door Nashville Pussy. Want voor geraffineerde of poëtische teksten was je uiteraard ook bij hen niet aan het juiste adres. Voor toogpraat over pussy, whisky, hell en fucking des te meer. Natuurlijk is de soundtrack die daarbij hoort een portie kolkende, vuile en harde rock’n’roll. En die kregen we met volle teugen in splijtende hard-rock songs die naar goede gewoonte gespeeld werden in een no-nonsens punkmodus, zoals in de tracks met fijngevoelige titels “Shoot First and Run Like Hell”, “Go Home and Die”, “Struttin’ Cock” en “Piece of Ass”.
Ook aan ontspoorde southern-rock en dirty-ass blues ontbrak het niet, getuige “Hate and Whiskey” en “Till the Meet Falls of the Bone” dat hier voor de gelegenheid een uitgestrekte versie meekreeg en voorzien was van een guitige klomp boogie-rock.
Nashville Pussy heeft in 8 jaar geen studio album uitgebracht, nieuw werk was er dus niet te bespeuren, wel 2 niet eerder gereleaste songs “Jacking Of and Taking Names en “King Shit of Fucking Mountain”. Daarop geen stijlbreuken, en dat is altijd goed nieuws voor een band als Nashville Pussy.
Dit is immers het soort band waarvan de fans verwachten dat elke nieuwe plaat exact klinkt als de vorige. En daar is niks mis mee, want zo zijn The Ramones, Motorhead en AC/DC groot geworden.

Geen verassingen dus, Nashville Pussy deed wat het al jaren doet en waarin het één van de besten is, namelijk onvervalste, wilde, bronstige en vettige rock’n’roll er op ramkoers doorjagen. Dikke fun.

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Pagina 1 van 151