logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (3 Items)

Don Caballero

It’s all about the drums (link The Ting Tings) voor Don Caballero

Geschreven door

De Antwerpse ring zat weer eens vol op vrijdagavond: De Kreuners en Regi traden namelijk op in de Lotto Arena en het Sportpaleis. Daarvoor waren we echter niet naar Antwerpen gekomen. Nee, de bestemming was Scheld’apen, een nieuwe club, net naast de Petrol, met de allure van een alternatief jeugdhuis. Veel alternatief volk, een oude tegelvloer in de café, banken gemaakt uit zetels van autobussen, zware alternatieve punk waarvan het van de Radio Scorpio fuiven in Leuven geleden was dat ik dat nog gehoord had, en naar het schijnt een goeie keuken. Ideaal dus voor een vrijdagavondje alternatieve rock.

Kazuamsumaki zijn een viertal uit Mol, (het is de laatste keer dat ik die groepsnaam uitschrijf!), en brengen instrumentale punkrock waar de groove centraal staat. De drummer had duidelijk de tics van Ben Crabbé overgenomen, maar het geluid stond als een huis: Fugazi & Shellac zijn duidelijk referenties zodat we ons terug in de eind jaren tachtig, begin jaren negentig waanden. Overtuigende set van K!

Don Caballero heeft ook een frontman op drums (en wat een knoert van een drumstel!), maar bij dit drietal zijn gitaar en een tweede gitaarklinkende bas minstens even belangrijk in hun complexe composities. Don Caballero bestaat al 15 jaar, was een aantal jaren gesplit, ligt aan de basis van de math-rock (zie Battles, en in mindere mate Foals) en bracht dit jaar een nieuw album uit met ‘Punkgasm’, dat maar matig beoordeeld wordt. In tegenstelling tot het concert in ‘t STUK de avond voordien, zat hier alles goed. Er volgde een uitgebreide set, waarbij soms van instrumenten gewisseld werd en het publiek ging een heel eind mee in de groove. Na ruim anderhalf uur werd Don Caballero dan ook door het publiek teruggeroepen voor een bisrondje. Sterke revanche voor de misser in ‘t STUK de avond daarvoor in een nieuw alternatief zaaltje waar we zeker nog sterke club optredens zullen meemaken.

Playlist Don Caballero
Shop, Dick, Bulk, Shit kids, Groove, Acting, Wicked, Palm, Dirty, Gasm, DC3/Afro, Jive Skip
Bis: Slaugh, Barges, Puddin

Organisatie: Scheld’Apen, Antwerpen

Don Caballero

Don Caballero lost hoge verwachtingen niet in

Geschreven door

Maps & Atlases is een kwartet uit Chicago dat zich uitstekend toeleende om deze avond het podium met hun voorbeeld helden te delen. Ze pasten dan ook naadloos in het straatje van de experimentele mathrock en zouden tijdens hun buurtfeest gemakkelijk met bands als Don Caballero, Hella en Battles de boel in vuur en vlam kunnen steken. Na hun debuut EP 'Tree, Swallows, Houses' uit 2006 teerden ze ook uit hun recentste EP 'You And Me And The Mountain'. Ondanks het nog weinige uitgegeven werk bekoorde Maps & Atlases als een volleerde band en namen ze, zoals hun naam omschrijft, het publiek mee in een reis doorheen een landschap van dynamische gebergten, gelaagde stromingen van wijdse rivieren, exotische en melodieuze nachtgeluiden van een nog uit te vinden fauna, en dit aan tempowissels waar Superman alleen maar jaloers kon van zijn. Niet enkel het polyritmische drum-percussie-en (op kousen!) voetenwerk van Chris Hainey maakte indruk, ook de kunst om dit muzikale avontuur in de structuur van een vier minuten popsong te steken, geflankeerd door de catchy zangpartijen van Dave Davison, die met zijn honkvaste stem klonk als Nick Drake in de reïncarnatie van brilsmurf, maakten van deze vijftig minuten durende show een hoogstaand samenhangend geheel. Mits wat extra groeischeuten uit Popeye's groentenblik kon Maps & Atlases deze avond gerust van plaats in de line-up wisselen. Een band om in de gaten te houden.

Het Amerikaanse Don Caballero uit Pittsburg rond Damon Che dat in 1991 het levenslicht zag en de term mathrock aan de wereld introduceerde stelde in de kleine en gezellige Labozaal van het STUK te Leuven hun recentste langspeler 'Punkgasm' voor. Buiten de toevoeging van zang bij enkele songs als “Celestial Dusty Groove” bleef Don Caballero met deze meest rustige plaat van hun oeuvre trouw aan hun vaste formule en klonk het werk als een logisch vervolg op 'World Class Listening Problem' uit 2006, zonder het vermoeden van grote staatshervormingen te wekken. Niets was echter minder waar. Jason Jouver ruilde voor deze live set zijn eclectische basvingers in voor een plectrum en gitaar. Ik hoor uw hersenen al pruttelen, en met een simpele math-telling komt u nu uit op de berekening dat Damon zich bij deze show liet omringen door twee puzzelende gitaristen. Live boette de band soundgewijs hier absoluut niet in door een kleine ingenieuze ingreep waarbij Jason met behulp van een disto en octaver effect zijn gitaar als een noisy bas deed klinken. Dat Damon als frontman even sociaal en vlotjes overkomt als de schildpad van uw buurmeisje is algemeen wereldbekend, en met deze kwalificaties kan men dan ook nooit voorspellen wat een DC show brengen zal.
Zo ook deze avond. De sfeer in het STUK zat al ietwat raar van in het begin door de, jammer genoeg, magere opkomst van een kleine honderd man, waarvan het merendeel vóór de show op de grond ging zitten al was het een klein Woodstock voor de Leuvense studentenverenigingen. De konten liften zich op bij de inzet van “Who's a Pupy Cat” als intro-sample. Op de set stonden voornamelijk werk uit het recente 'Punkgasm' en voorganger 'WCLP'. Ook de sfeer op het podium zat wat vreemd door onder andere een Damon Che, in ontbloot Cola-papperig bovenlijf en knalrode short, die na het eerste “Awe Man That's Jive Skip” prompt van het podium stapte om zijn oordoppen in te pluggen en zich bij te tanken met Vodka Cola, alsof er geen publiek was om mee rekening te houden. Met een droog “Thank you for coming, you won't regret it” volgden “Bulk Eye”, “Skit Kids Galore”, ”Celestial Dusty Groove” en “Hmm Acting [...]” elkaar probleemloos op. Bij “I Agree ... No! ... I Disagree” liep het echter volledig mis als Gene Doyle met zijn gitaar loops zodanig in de knoop raakte, en hierdoor het nummer opnieuw ingezet werd. Zowel “Acting” als “I Agree”
klonken door de twee gitaren bezetting stukken ruwer en steviger dan het originele met bas. Verder werden onder meer “Wicked”, “Punkgasm” en het fantastische “Loudest Shop Vac In The World” door de speakers geblazen en klonk Don Cab bij momenten echt geniaal, terwijl de totale set een nogal rommelige indruk naliet. Wanneer Damon plots door zijn microfoon “How many minutes do we have to play??” riep, en zeer geïrriteerd raakte als niemand hem een deftig antwoord gaf, besloot hij na amper vijfenveertig minuten met een “No, I'm fucking serious! How many minutes do we have??” te eindigen met “Okey, this is our last song!”.

Was het de magere opkomst en weinige respons, een vergeten drum micro of het slordig spelen dat de meester zodanig irriteerde? We hadden er alleen het raden naar. Wat we wel met zekerheid konden besluiten was dat Don Cab in het sfeervolle STUK jammerlijk teleurstelde en de hoge verwachting van een vlekkeloos en virtuoos ritmefeest NIET kon inlossen.

Organisatie: STUK, Leuven

Don Caballero

Punkgasm

Geschreven door

Het Amerikaanse Don Cabellero is al van ‘93 bezig, maar onderging een ‘tabula rasa’ na 2000, waarbij enkel de virtuoze drummer Damon Che overbleef; hij hield de touwtjes in handen. De andere spil, gitarist Ian Williams, maakt momenteel het mooie weer bij Battles.
De groep klonk toen innoverend met hun ‘mathrock’, gegroeid uit bands als Slint, van hoekige, complexe of aanstekelijke, groovende en subtiel in elkaar gestoken ritmes; de goed op elkaar ingespeelde band bracht instrumentale songs, die diverse tempowisselingen en onverwachtse wendingen ondergingen.
Don Caballero kronkelde tussen een Jane’s Addiction, Barkmarket, Tool, Porno for Pyros, Battles en oudjes The Fall en PIL.
De groep heeft onder de vernieuwde bezetting een tweede cd uit, ‘Punkgasm’ die regelmatig refereert aan het oude werk, (waaronder de sterke opener “Loudest shop vac in the world” die overgaat in “The irrespective dick area”, “Bulk eye”, “Pour you into the rug” en “Who’s a puppy cat”).
Er is sprake van een rustiger en meer licht verteerbaar geluid, waarbij de songs hun rauwe toon en donkere inslag behouden binnen een postrock landschap (“Slaughbaughs’ ought not own dog data”, “Awe man that’s jive skip” en “Why is the couch always wet?”).
Op een paar songs werkt Don Caballero zelfs met stemmen: “Celestial dusty groove”, “Dirty looks” en de titelsong, wat een half geslaagd resultaat oplevert.
De groep onderscheidt zich nog steeds in z’n instrumentale avantgarde sound, maar klinkt braver. En … ze zijn nog steeds geniaal in het vinden van songtitels.