logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (9 Items)

Left Lane Cruiser

Left Lane Cruiser - Meteen een marathonset met de nieuwe drummer

Geschreven door

Left Lane Cruiser - Meteen een marathonset met de nieuwe drummer

Voor deze laatste editie van Stad Onderstroom, een festival dat sinds 2001 onze zomermaanden opvrolijkt met gratis culturele activiteiten, wist de 4AD nog een verleidelijke naam van internationale allure te strikken. Hoewel Left Lane Cruiser nog maar een jaar geleden dit podium in vuur en vlam zette, kwam er ook dit keer een pak volk opdagen. Wat nog maar eens bewijst dat men dit duo uit Fort Wayne, Indiana nooit genoeg gezien kan hebben, maar ook de openingsact had heel wat fans weten te mobiliseren.

Die opener werd aangekondigd als Me, Myself and I maar leek beter gekend als Dries One Man (Blues) Band. Die Dries staat dan weer voor Dries Laveyne, een jongeman uit Gistel die zijn hart duidelijk verpand heeft aan de blues en zich liet inspireren door onder meer Tiny Legs Tim.
Gewapend met een elementair drumstel, een nadrukkelijk aanwezige mondharmonica en een vettige gitaar zong hij met een rauwe, zelfverzekerde strot enkele iconische bluesnummers. Daarbij zocht hij voortdurend contact met het publiek en deed er werkelijk alles aan om de sfeer tot een kookpunt te brengen. Zo eindigde hij een nummer al staand op de basdrum. Opzwepende, door slide gitaar gedreven blues werd afgewisseld met pompende boogie waarbij een innige liefde voor Canned Heat leek door te schemeren. Minstens vier nummers stonden ook op het repertoire van die legendarische band uit Los Angeles: "On the road again", "Going up the country" (Bull Doze Blues van Henry Thomas uit 1929),  "Let's work together" (Wilbert Harrison) en "Rollin' and Tumblin''" (het best gekend in de versie van Muddy Waters).
Het bleek bijzonder moeilijk om daarbij de heupen stil te houden en Dries kon zijn set dan ook niet toepasselijker afsluiten dan met "Shake your hips" van Slim Harpo.
Ik was al aangenaam verrast dat een prille dertiger zich aan dit soort rudimentaire blues waagde, maar wat hij bracht bleek zowaar een revelatie. Iets wat ook Freddie J IV van Left Lane Cruiser niet ontgaan was, want maar liefst vier keer sprak hij lovende woorden over hem uit.

Het was maar de vraag of Left Lane Cruiser me hetzelfde euforische gevoel kon bezorgen als tijdens hun passage vorig jaar, toen hun tour één lange triomftocht leek. Dat bleek de eerste twintig minuten alvast niet het geval te zijn. Daarvoor was ik te veel uit het lood geslagen door de onverwachte, onaangekondigde verschijning van een nieuwe drummer. Het jarenlange gesukkel met verschillende drummers leek in 2022 definitief voorbij toen Brenn Beck, drummer van het eerste uur, terug op het oude nest streek. Maar die heeft dus opnieuw moeten afhaken en daar zullen de moordende tourschema's van Left Lane Cruiser wellicht niet vreemd aan zijn.
Geen in een Appalachian ambiance gedrenkte "Wash it" als opener dus, met Brenn Beck op basdrum, wasbord en koebel. Die minimale stijl leek me ook niks voor deze nieuwkomer die wat nerveus leek en na ieder nummer wel iets moest bijstellen aan zijn, naar Left Lane Cruiser-normen, uitgebreide drumstel.
Rick Kinney -zo heet de man- is een succesrijk ondernemer en zakenman die tevens reeds meer dan 20 jaar de vellen roert bij Moser Woods, een instrumentale progrockband waarvan hij medeoprichter is. Een vreemde keuze, zo lijkt het, maar Kinney was de laatste jaren ook actief bij Pete Dio and The Old & Dirty en die Pete Dio is een ex-drummer van Left Lane Cruiser. Vandaar wellicht dat hij in beeld kwam bij Freddie J IV.
Bij gebrek aan wasbord werd er dan maar afgetrapt met "Wild about you baby" van Hound Dog Taylor, een nummer dat eerder ook al meermaals als opener diende en waarin Freddie meteen uitpakte met zijn verschroeiende slidegitaar.
Verrassend weinig covers dit keer, ik hoorde enkel nog het altijd even mooi klinkende "Mule plow line" van Jimbo Mathus.
Wel veel werk uit de laatste en uitstekende plaat ‘Bayport BBQ Blues’ maar ook de parels uit het verleden werden niet vergeten. Zo passeerden onder meer drie nummers uit hun nog steeds indrukwekkend klinkend debuut op Alive Records uit 2008 , ‘Bring yo' ass to the table’, de revue.
Aan de songkeuze kan het dus zeker niet gelegen hebben dat ik aanvankelijk het gevoel had dat er iets ontbrak. Ook de bezieling waarmee Freddie J IV -die zoals altijd het ene pintje na het andere achterover sloeg- kromgebogen op zijn stoel de snaren van zijn gitaar molesteerde, was als vanouds. Zelfs onder die vele lagen gruis valt trouwens op hoe zijn gitaarspel alsmaar subtieler wordt, zo bleek ook uit de twee nummers van de nieuwe single: "Broke down lines" en "Hit the stone".
Nee, ik had gewoon wat tijd nodig om me aan te passen aan de licht gewijzigde sound die de komst van een nieuwe drummer met zich meebracht. Eenmaal verzoend met de aanpak van Rick Kinney (meer power en explosiviteit dan bij Brenn Beck), leek de magie geleidelijk aan terug te keren. Toen ook de koebel plots weer zijn plaats kreeg viel alles terug in de vertrouwde plooi.
Het werd uiteindelijk een marathonset van maar liefst een uur en drie kwartier, glorieus afgesloten met twee stevige versies van de oude goudklompjes "Mr Johnson" en "Hillgrass Bluebilly".
Zelfs het zoveelste ontslag van een drummer kon Freddie J IV niet uit zijn evenwicht brengen en Left Lane Cruiser lijkt dan ook verre van uitgeteld. Meer nog: als de nieuwe single een voorbode is dan gloort er nog heel wat fraais aan de horizon.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Left Lane Cruiser

Left Lane Cruiser - Demonische slidegitaar

Geschreven door

Left Lane Cruiser - Demonische slidegitaar

Een heel mooie opkomst voor een groep die eigenlijk veel te lang was weggebleven uit de Belgische zalen. Na de vaste thuisstek in de 4ad, waren ze nog te zien in de Botanique, met dank aan het vroegere Rootsandroses. Left Lane Cruiser is duidelijk nog niet vergeten …

Dat volk was nog maar net aan het binnensijpelen toen de eerste band eraan begon. Till Morninglight uit het Oost-Vlaamse Berlare was oorspronkelijk een duo maar is intussen uitgegroeid tot een trio dat zijn muziek graag laat omschrijven als garagerock met een toefje blues. Nu is garagerock een uiterst rekbaar begrip maar hetgeen ik hier hoorde, deed me toch eerder denken aan classic rock maar die term klinkt uiteraard minder aantrekkelijk voor een jonge groep. De drie, allen getooid in een beeldig streepjesshirt, probeerden ons  te overtuigen met energiek gebrachte rock waarop weinig af te dingen viel. Zanger-gitarist Frederik Vanhoo, die zich geweldig leek te amuseren, beschikt over een forse strot en samen met drummer Lode Haleydt en bassist Daniel Guerrero wist hij een strakke sound te smeden.
Korte, krachtige songs gebracht met de gretigheid van jonge veulens en toch bleef ik wat op mijn honger zitten. Dit klonk net iets te gestroomlijnd om mijn hart wat sneller te laten kloppen terwijl ik tevergeefs wachtte op een nummer dat er bovenuit sprong. Toch blijf ik geloven dat Till Morninglight voldoende potentieel heeft om in de toekomst wat meer potten te breken.

Left Lane Cruiser uit Fort Wayne, Indiana werd in 2004 boven de doopvont gehouden maar het duurde tot 2008 vooraleer ik ze leerde kennen. In dat jaar verscheen hun eerste officiële plaat, het fenomenale "Bring yo' ass to the table" en dat precies een jaar nadat "Every damn time" van dat andere duo, Black Diamond Heavies, op hetzelfde ‘Alive Records’, me ook al een mokerslag bezorgde. De toekomst van de rock-'n-roll zag er toen plots heel rooskleurig uit. Maar mooie liedjes duren doorgaans niet lang. In 2010 gaven Black Diamond Heavies er de brui aan terwijl het voortbestaan van Left Lane Cruiser ook even aan een zijden draadje hing toen drummer Brenn Beck besloot ermee te kappen om zo voor zijn gezin te kiezen. Maar Frederick ‘Joe’ Evans IV is een doorzetter en hij vond in 2014 met Pete Dio een nieuwe drummer en kreeg er zelfs heel even gratis een totaal overbodige bassist (Joe Bent) bij. Vijf jaar geleden keerde Brenn Beck terug op het oude nest en enkele weken terug verscheen er ook een eerste plaat van die hernieuwde oerversie van Left Lane Cruiser: ‘Bayport BBQ Blues’, een eerbetoon aan hun mentor en oprichter van het Deep Blues Fest, Chris Johnson, die vorig jaar overleed.
De set begon met het iconische "Wash it", een nummer uit die eerste plaat dat drijft op het ratelend wasbord, de bonkende basdrum en het droge getik op een koebel van een staande Brenn Beck. Voeg daarbij de gruizige stem en de demonische slidegitaar van Freddie J IV en je hebt vintage Left Lane Cruiser. De avond kon toen al niet meer stuk, hoewel er na de tweede song toch wat twijfel rees toen het geluid plots begon te sputteren. Schuldige bleek een niet volledig gerodeerde nieuwe mengtafel maar dat euvel was snel verholpen zodat het feest opnieuw in alle hevigheid kon losbarsten.
Hoewel Left Lane Cruiser intussen reeds zo'n tiental platen heeft gemaakt die nagenoeg volledig gevuld zijn met eigen werk, blijft het duo ons tijdens hun optredens verrassen met niet altijd even voor de hand liggende covers. Dit keer hoorden we een paar keer RL Burnside, "Wild about you, baby" van Hound Dog Taylor, "Mule plow line" van Jimbo Mathus en een verwoestende versie van Freddie King's "Going down".
Uiteraard diende er ook nieuw werk geïntroduceerd te worden en dat waren stuk voor stuk adembenemende parels: "River Picker" dat kon bogen op een meeslepende proggy gitaar, het uitermate smerige "The desert" of het slidefestijn "Big momma shake" dat alle botten in je lijf door elkaar schudde. Ook wie kwam voor het oude werk werd ruimschoots op zijn wenken bediend. Dat andere "Big momma" uit 2008, "Amy's in the kitchen" dat werd aangekondigd als een song over ‘neuken in de keuken’ (ja, het Nederlands van Freddie gaat erop vooruit) en "Mountain top" dat reeds in 2006 verscheen op een in eigen beheer uitgebrachte cd, ‘Gettin' down with it’, die in 2010 een re-issue kreeg, zijn maar enkele voorbeelden. Bluesrock, garage blues, trash blues, hillbilly punk,...? De muziek van Left Lane Cruiser omschrijven lijkt onbegonnen werk waarbij woorden telkens te kort schieten. Slechts met zijn tweeën creëerden ze een onwaarschijnlijk volle en unieke sound. Het exceptionele gitaarspel van Freddie J IV is nog inventiever geworden, alsof de duivel ermee gemoeid is. Hij geselde waarlijk zijn snaren tot ze er als slappe elastiekjes bij hingen terwijl Brenn Beck zijn drums heerlijk triomfantelijk liet knallen.
Left Lane Cruiser sloot af met een jam geïnspireerd op het werk van John Lee Hooker waarbij een viertal fans het podium op mochten om er percussie-instrumenten te bespelen. Niet iedereen was daar even bedreven in. Vooral de man met het wasbord wist duidelijk niet waarvoor dat ding op zijn borst diende. Zo eindigde een buitengewoon intense set nog met een vrolijke noot.

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Left Lane Cruiser

Left Lane Cruiser - Stomende bluestrash op atoomkracht

Geschreven door

Left Lane Cruiser - Stomende bluestrash op atoomkracht

Zou dit een verdoken vorm van knaldrang kunnen zijn? Samen met een copain de auto instappen om er vijf en een half uur terug uit te stappen voor een optreden van Left Lane Cruiser. Veel te lang verstoken van rock-'n-roll werd de drang te groot en moest ik het duo uit Fort Wayne, Indiana absoluut aan het werk zien. Eerst dacht ik nog aan Rouen (wat een stuk dichter bij huis ligt) maar daar was het nog een zittend evenement zonder bar (laatste dag dat het nog verplicht was in Frankrijk) en dus werd het Nancy.

Het optreden kaderde in ‘Les nuits de l'alligator’, een soort rondtrekkend minifestival dat zes Franse steden aandeed.
Fileleed en parkeerperikelen zorgden ervoor dat we slechts de laatste vier nummers van de openingsact zagen. Théo Charaf is een geschikte kerel uit Lyon, die na acht jaar als barman in concertzalen te hebben gewerkt, in 2019 besloot voortaan zelf op het podium te staan. De eerste songs die ik hoorde lieten vermoeden dat ik niet al te veel  gemist had. Brave, akoestische indiefolk, zeer mooi gezongen, dat wel maar ik kreeg het er niet warm van. Het volgende nummer klonk wat traditioneler, schoof wat op richting Townes Van Zandt, die Théo al eens als één van zijn voorbeelden durft aan te halen, en kon me al wat meer bekoren. Eindigen deed hij op een elektrische gitaar, die verrassend gruizig klonk, met een ijzingwekkende versie van Skip James' "Hard Time Killing Floor".

Daarna verscheen Jerron 'Blind Boy' Paxton op het podium, een 33-jarige reus van een vent uit Los Angeles die intussen naar Queens, New York is verkast. Blind sinds zijn zestiende, waar hij in navolging van bluesgrootheden als Blind Lemon Jefferson of Blind Willie Johnson, graag mee aangesproken wordt, en zelfverklaarde zoon van Robert Johnson's neef. De man wist met zijn ontwapenende eenvoud en zijn heerlijk gevoel voor humor meteen alle harten voor zich te winnen. Even dreigde het mis te gaan toen iemand van de organisatie hem na het eerste nummer totaal onverwacht een glas whiskey kwam aanbieden en hij zich haast een beroerte schrok. Tijdens de daaropvolgende song volgde nog meer ellende toen de brug van zijn banjo plots met een doffe knal neerklapte. Maar de man was niet uit het lood te slaan en hij ontpopte zich als een multi-instrumentalist die van vele markten thuis is.
Naast de banjo speelde hij ook gitaar, piano en fiddle terwijl hij zich lang niet beperkte tot de blues alleen. Ook New Orleans jazz, zydeco, cajun, hokum, ragtime en Appalachian mountain music kwamen in deze erg gevarieerde set aan bod.
Alsof dat nog niet genoeg was begon hij plots een ellenlange lofdicht op de whiskey te debiteren. Het hoogtepunt was ongetwijfeld zijn tamelijk ingetogen versie van "I ain't got nobody", vooral bekend van Louis Prima, wat zorgde voor een spontane publieksparticipatie. Deze bijzonder mooie opwarmer deden de verwachtingen voor Left Lane Cruiser alleen maar stijgen.

En dan waren ze daar, Freddie J IV en Brenn Breck (originele drummer die er na 8 jaar opnieuw bij is) en meteen leek het alsof corona nooit had bestaan. Een zinderende R.L. Burnside cover liet de sfeer meteen verhitten terwijl Brenn Beck tijdens het tweede nummer, "Wash it", duidelijk maakte dat hij en niemand anders (sorry, Pete Dio) dé drummer van Left Lane Cruiser is. Staand, met washboard op de buik en de koebel in ere herstellend. Dit was misschien wel hét beeld van de avond. Wat deed dit mijmeren naar die begindagen waarna we onvermijdelijk op onze nostalgische wenken werden bediend met onder meer "Amy's in the kitchen", "Big Momma" (nadat de meute er maar bleef om huilen) en de, wat mij betreft, misschien wel ultieme Left Lane Cruiser klassieker "Cheyenne".
Zittend op een stoel, de muts diep over het hoofd getrokken geselde Freddie J IV met een ongeziene gretigheid de snaren geaffirmeerd door de glorieus knallende drums van Brenn Beck. Dat geselen mag je vrij letterlijk nemen want na ieder nummer moest de gitaar nodig gestemd worden. Het haalde misschien de vaart wat uit de set maar Freddie is minutieus en het leverde telkens ook een overweldigende en absoluut unieke sound op. Het leek erop alsof de snaren waren ingesmeerd met een mengsel van olie en schurend zand. Dit klonk ontzettend gruizig en smerig maar tegelijk ook mooi en zalvend als balsem voor de ziel. Die scheurende gitaar (veel slide), het schorre gegrom van Freddie en die pompende drums zorgden voor draaikolken waarin je murw gebeukt werd. Blues zoals ik het graag hoor: uitermate rauw, intens en met een hoge rock-'n-rollfactor.
Tijdens de set doken nog meer covers op: een tweede maal R.L. Burnside (“Skinny woman”), Muddy Waters (“Feel like coming home”) en Jimbo Mathus (“Mule plow line”). Niet echt nodig want na veertien jaar en elf albums heeft Left Lane Cruiser echt wel eigen sterke nummers genoeg. Maar die covers blijven natuurlijk een eerlijk en oprecht eerbetoon aan hun muzikale helden.
Hoewel een nieuwe plaat er niet meteen zal komen was er, naar het einde toe, toch ruimte voor enkele nieuwe songs en dat bleken weer echte parels voorzien van monstrueuze riffs. Intussen was de knusse club gemetamorfoseerd in een ziedende moshpit. Wat me enkele blauwe plekken opleverde maar die koester ik als waren het waardevolle relikwieën.
Dit was een herboren Left Lane Cruiser op atoomkracht. Een gig zonder twijfel een 10!

Organisatie: Les nuits de l’alligator

Left Lane Cruiser

Left Lane Cruiser - Alle oude krakers overboord

Geschreven door

Dit was mijn eerste keer in La Cave Aux Poètes. Heel mooie naam en best een aangename club, tenminste als je een plaatsje vooraan weet te bemachtigen. Want dit is echt een kelder met het plafond niet hoger dan twee meter zodat er van een podium nauwelijks sprake is. Positieve punten waren het ruim assortiment aan Belgische bieren waaronder, het door mij niet echt gesmaakte Sas Pils, en de meer dan voldoende gratis parkeergelegenheid, wat niet altijd evident is in dergelijke steden.

Mercure, een drietal uit het nabijgelegen Lille, mocht stipt om 20u30 aftrappen en ze deden dat zeker niet slecht. De overigens uitstekende zanger Geoffrey Gosset droeg een shirtje van Queens Of The Stone Age en dat was ook de hoek waarin we Mercure mochten situeren. Vooral het eerste ellenlang nummer met enkele opmerkelijke tempowisselingen en wat prog invloeden kon op een goedkeurend gegrom van mijnentwege rekenen. Maar ook hetgeen volgde, een paar missers niet te na gesproken, mocht gehoord worden. Dat kwam vooral omdat Mercure zich ver weg hield van het leger stereotiepe en meestal oersaaie stonerbands. De gitaar van Gosset, die veelal de lage regionen frequenteerde, klonk steeds inventief en werd daarbij stevig geflankeerd door de bas van Simon Herbaut en de drums van Nicolas Dogadaski (beiden ook actief bij de post-metalband The Lumberjack Feedback). Fijne opwarmer.

Left Lane Cruiser is actief sinds 2004 maar kreeg pas echt enige bekendheid in 2008, toen ze tekenden bij Alive Records en hun tweede (voordien was er nog ‘Gettin’ down to it’ op het bescheiden Hillgrass Bluebilly Records en nog steeds indrukwekkende plaat, ‘Bring yo’ ass to the table’, verscheen. Ik zag ze toen, nadat ik ze eerst gemist had in het Franse Aulnoye-Aymeries (ze waren er niet geraakt wegens paspoort problemen), twee keer aan het werk (Bar Mondial en The Pit’s) en sindsdien moet ik ze zowat ieder jaar minstens één keer ontmoet hebben.

Van een verrassingseffect kan er dus al lang geen sprake meer zijn en toch wisten ze me te verblijden met een onverwachte songkeuze. Er was nog meer veranderd: drummachine Pete Dio was er niet meer bij. In de States tourt Freddy J IV opnieuw met Brenn Beck, drummer extra-ordinaire van het eerste uur, maar die zag de oversteek naar Europa niet zitten. Zo zat onze Freddie met hetzelfde probleem als James Leg en nu ook Margaret Airplaneman: afhakende drummers. Toch vond hij er één. In zijn eigen Fort Wayne, Indiana dan nog, een echte bluesman die hij al heel lang kent. Dan vroeg ik me af waarom hij hem niet eerder recruteerde maar dat werd wel heel snel duidelijk. Goeie drummer, niets op aan te merken, en een meer dan behoorlijk zanger, tig maal beter dan Freddy zelf en dat geeft die laatste ook grif toe, maar er zijn op zijn minst gezegd wat kosten aan. Hyperkinetisch is waarschijnlijk geen afdoende term voor wat we hier zagen. Johnny Revers, zo heet hij, leek wel een bonobo op speed. Achteraf poogde ik hem iets te vragen maar een zinnig gesprek met hem leek onmogelijk. Dat doet niets af van zijn muzikale kwaliteiten maar met zo iemand touren moet toch bijzonder lastig zijn. Was dit optreden een fiasco geweest dan had ik het Freddy nooit kwalijk genomen. Maar dat werd het allerminst!
Nochtans begon de set wat in mineur met twee nieuwe songs waarvan ik dacht: typisch Left Lane Cruiser maar zo heb ik er al net iets te veel gehoord. Daarna mocht Revers een nummer (van Taj Mahal) zingen en ik werd meteen weer alert. Knap gedaan en later mocht hij het nog twee keer proberen, “Hound Dog Taylor” en “I can’t be satisfied” van Muddy Waters, telkens met succes. Maar ook de eigen nieuwe nummers waarin we al eens een verdwaalde Stones of Led Zeppelin riff konden ontwaren , kwamen nu beter uit de verf. Een stuk steviger en beter ook dan op plaat, Left Lane Cruiser blijft een groep die je vooral live moet meemaken.   
Freddy’s stem bleek totaal aan flarden gereten en klonk eerder als het schurend geluid van versleten remmen maar dat werd ruimschoots gecompenseerd door zijn fenomenaal gitaarspel. Hij had trouwens een sneer over voor de verzamelaars die hun gitaren aan de muur hangen. Gitaren zijn er om gebruikt te worden, in zijn geval moeten ze zelfs afzien. Overstuurd en bedolven onder tonnen gruis maar altijd met een perfect gevoel voor nuance. Een perfectionist die tussen de nummers zijn gitaar telkens uitgebreid moest stemmen maar dat nam ik er graag bij. Ook werd nog maar eens duidelijk dat Freddy een meester is in het naar zijn hand zetten van andermans nummers. Zo haalde hij “Grand Funk Railroad” moeiteloos door de trash bluesmolen en voegde er haast achteloos nog een indrukwekkende gitaaroutro aan toe.
Het kippenvelmoment van de avond werd “Baby please don’t leave me”, waarin Left Lane Cruiser wel slaagde waar Cedric Burnside enkele weken eerder niet lukte: de geest van Junior Kimbrough laten herleven. Het werd een ijzingwekkend scheurende versie die me een delirium bezorgde.

Dit was zeker niet de allerbeste Left Lane Cruiser (dat blijft tot nader order de editie met Brenn Beck) maar met deze set waarin alle oude krakers overboord gekieperd werden, kwamen ze toch aardig dicht in de buurt. Toen ik achteraf het pand verliet , zag ik een schichtige rat onder een geparkeerde wagen verdwijnen: een passend beeld om een avondje intense trash blues mee af te sluiten.

Organisatie: La Cave Aux Poètes (ism Les Bains de Minuit)

Left Lane Cruiser

Left Lane Cruiser - Zinderende trash blues

Geschreven door

Left Lane Cruiser - Zinderende trash blues
Left Lane Cruiser
café De Zwerver
Leffinge
2017-11-06
Ollie Nollet

Het café van De Zwerver liep helemaal vol voor dit duo uit Fort Wayne, Indiana. Op een maandag en dat na reeds op drie andere plekken in België (Luik, Brussel en Zwalm) en het toch niet zó veraf gelegen Lille gespeeld te hebben. Deze jongens zijn hier duidelijk populair! En terecht want we werden opnieuw op een pot zinderende trash blues getrakteerd. Precies vier weken na de aftrap van deze tour in Lille waren we, maar enige tekenen van vermoeidheid vielen er niet te bespeuren. Nog steeds even gretig terwijl het spelplezier er zo vanaf spatte.

Bij een Left Lane Cruiser optreden heb je twee zekerheden : er wordt begonnen met “Wild about you” van Hound Dog Taylor en geëindigd met “Hillgrass Bluebilly” (een ode aan het gelijknamige label van de Dirty Foot Family in Austin). Wat daartussen gebeurt hangt af van de inspiratie van het moment. Oude krakers als “Pork ‘n beans”, “Mr. Johnson” of “Big Momma” (hier met een korte maar hevige drumsolo) uit de doorbraakplaat ‘Bring yo’ ass to the table’ uit 2008 ontbreken haast nooit, ook hier niet.
Wel nieuw in Leffinge : “TV Eye”, een cover van The Stooges en het heropgeviste en nog steeds even fenomenaal klinkende “Cheyenne”, één van hun allereerste songs. Verder hoorden we naar goede gewoonte enkele heerlijke covers, die we op hun platen moeten missen, als “Black Betty” ‘'(Lead Belly/ Ram Jam), “Mule plow line” (Jimbo Mathus), “Feel like going home” (Muddy Waters) en het geweldige “Rock ‘n’ roll outlaw” (Rose Tattoo). Uiteraard ook enkele nummers uit hun nieuwe plaat die zich zeker konden meten met het oudere werk : “Claw Machine Wizard”, “The point is overflowing” en “Booga Shaka”. Terwijl drummer Pete Dio één keer zijn raptalenten mocht demonsteren, perfect gecombineerd met de meeslepende gitaar van Freddy J IV die hiervoor de riff leende bij Endless Boogie (The manly vibe). Puristen zullen hier wellicht van gruwen maar zo hoor ik de blues het liefst : rauw, onversneden en met een flinke neut rock-‘n-roll!
Left Lane Cruiser, tot volgend jaar!

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge  

Left Lane Cruiser

Left Lane Cruiser - Dirty Skate Board Blues !

Geschreven door

De blues heb je in verschillende maten en gewichten. Zo kan die uit de design winkel komen (check de nieuwe van Gary Clark Jr en stel vast dat er meer rock’n’roll zit in een pot vernis), maar ook uit een vunzige rioolput. Bij Left Lane Cruiser komt de blues rechtstreeks uit de riool, alwaar die gespeeld wordt door een stel schofterige ratten die de tijd van hun leven hebben.

Amper vier dagen geleden stond LLF al van jetje te geven in de Magasin 4 in het geteisterde Brussel. Onze man lapte zijn West-Vlaamse laars aan elke vorm van terreurdreiging en trok resoluut richting hoofdstad om daarna nogal enthousiast terug te komen. We kunnen hem in zijn lovend verslagje alleen maar volgen. Het feit dat hij in de 4AD al terug op de eerste rij stond zegt ook al genoeg. In Diksmuide is de kust natuurlijk ook wat veiliger, ’t is geleden van WO I dat ze daar nog eens een knal gehoord hebben. Hoewel, dat was dan buiten Left Lane Cruiser gerekend, want hier spatte knetterend vuur uit.

Freddy J IV, de drijvende kracht achter dit zootje ongeregeld, kondigde het zelf aan, “We’ve got some dirty blues for ya”. We hadden het geweten, de blues werd ons ongewassen en ‘dirty as hell’ in het gezicht geslingerd.
Left Lane Cruiser haalde de mosterd bij Hound Dog Taylor en Muddy Waters en voegde daar nog een guitige klodder vet aan toe. De twee bluesgrootheden werden hier allebei rauw gecoverd met de distortion knop diep in het rood. Ook de Leadbelly klassieker “Black Betty” werd in zijn strakste en meest gemene vorm opgevoerd, maar het was vooral een andere cover die op zijn zachtst gezegd nogal verrassend was. Left Lane Cruiser rotzooide met het eighties vehikel “Money For Nothing” van Dire Straits en maakte er de meest smerige modderblues van. We hebben het nooit gehoord in die song maar zoals LLC die hier door de bluesgehaktmolen draaide was dolle pret, iemand moet als de bliksem een demo hiervan naar Mark Knopfler sturen zodat die slapende dinosaurus eens goed wordt wakker geschud.
Freddy J IV ging heftig en met volle overgave tekeer, wat kon die kerel een aardig potje slide gitaar spelen. Zelden hebben wij iemand aan het werk gezien die de blues zo gortig en energiek aan de man wist te brengen, hij zweette dan ook als een rund. Freddy injecteerde de blues met een shot napalm (‘I’m smoking napalm with the bamboo skin’, luidde het in een geweldig “Tangled Up In Bush”), het bruiste en zinderde langs alle kanten. £
Hij had al flink het laken naar zich toe getrokken tot hij even de hoofdrol overliet aan Joe Bent, die met zijn skateboard-gitaar de show kwam stelen. Geen idee of hij het ding zelf had gebouwd of daarvoor specialist Seasick Steve had ingehuurd, maar er kwam een verdomd vettige klank uit dat primitieve gevaarte. Hiermee introduceerde LLC eigenhandig de Skate Board Blues, een begrip waar ze voor ons part een patent mogen op krijgen. Joe Bent was misschien niet voorzien van die rauwe stem van Freddy J IV, maar de Alex Agnew lookalike wist dankzij die rudimentaire snarenplank en een paar snedige songs de temperatuur op kookpunt te houden.
 
Anderhalf uur penetreerde dit bonte trio ons met de meest gore en hondse blues, en zo lusten wij die nog het liefst van al.


Organisatie: 4AD, Diksmuide

Left Lane Cruiser

Left Lane Cruiser - Blues zoals je ze nog zelden hoort!

Geschreven door

Blues lijkt tegenwoordig wel een synoniem voor verveling en klinkt meestal al even gladgestreken als de maatpakken van haar zelfingenomen uitvoerders. Het lijkt wel alsof alle emotie eruit verbannen is en vervangen door gladde virtuositeit. Voor wie zijn blues, net als ik, liever rauw en opwindend geserveerd krijgt n komt Left Lane Cruiser uit Fort Wayne, Indiana als een geschenk uit de hemel. Geen voer voor puristen, maar zijn net zij het niet die de blues eigenhandig de nek omwrongen?

Voor een verrassend goed gevulde Magasin 4 liet Left Lane Cruiser meteen zien waar het op stond met een zinderende versie van “Wild about you baby” van Hound Dog Taylor waarin Freddie J IV verzengend tekeer ging op slidegitaar. Daarna werd het tempo opgedreven met het stompende “Pork n’ beans” uit ‘Bring yo’ ass to the table’, hun eerste plaat op ‘Alive Records’ en tot nader order nog steeds hun beste. Later volgden nog twee songs uit dat meesterwerkje : “Big Momma”, nadat iemand uit het publiek erom geroepen had, en het nog steeds verpletterende “Mr. Johnson”.
Maar de nieuwe songs uit de onverhoopt sterke nieuwe plaat, ‘Dirty spliff blues’, waarop Freddie J IV wel zijn tweede adem lijkt gevonden te hebben, moesten zeker niet onderdoen voor die oudjes. Tussendoor werden er ook nog enkele raak gekozen covers de set in gesmokkeld : “I feel like going home” van Muddy Waters, “Thunderbird” van ZZ Top en een nummer van Junior Kimbrough waarin diens geest haast tastbaar werd. Wat mij betreft was dat laatste hét hoogtepunt van de avond.
Left Lane Cruiser wist de temperatuur in Magasin 4 danig de hoogte in te jagen met op het einde zowaar een moshpit als gevolg. Werd dit dan een vlekkeloze set zonder zwakke momenten? Graag had ik nu volmondig “ja” geroepen maar toen Freddie het had over ‘time for skateboard blues vreesde ik al dat het antwoord negatief zou worden.
Toen een paar jaar terug de superbe Brenn Beck zich terugtrok werd hij vervangen door een nieuwe drummer en meteen ook een bassist, zijnde het voltallige White Trash Blues Revival. Nu kan Pete Dio zeker aardig overweg met de sticks terwijl Joe Bent zich perfect wist te integreren, hoewel ik een bas bij LLC nog steeds overbodig blijf vinden. Sedert hun komst krijgen de twee ook telkens hun moment in de show waarbij Joe Bent dan zijn skiddely-bo (een skateplank met daarop een fles en twee snaren gemonteerd) bovenhaalt. Het doet wat denken aan Seasick Steve en het onconventionele instrument klinkt verbazingwekkend goed, alleen gaat het zingen hem heel wat minder af. Vooral dat eerste nummer, waarbij Freddie J IV zich afzijdig hield terwijl hij zijn gitaar van een nieuwe snaar voorzag, raakte kant noch wal.

Ach, ik wil het niet eens een kleine smet noemen op een vijf kwartier durende set waarin we alles hadden gekregen wat we van Left Lane Cruiser konden verwachten. En het was trouwens enkel de plaatselijke avondklok die een bijzonder goed op dreef zijnde Freddie J IV het zwijgen kon opleggen. Komende vrijdag nog te zien in de 4AD!

Organisatie: Magasin 4, Brussel

Left Lane Cruiser

Left Lane Cruiser - Nog niets aan kracht ingeboet

Geschreven door

 

Net als in La Chocolaterie in Brussel enkele dagen eerder kwam er ook in de 4AD behoorlijk wat volk opdagen voor Left Lane Cruiser, die ik tot dan enkel in cafés (en een festival) had zien spelen.

Vooraf mochten de Chains Of Love uit het Canadese Vancouver de zaal op temperatuur brengen, wat slechts gedeeltelijk lukte. Nochtans mocht hun 'garagesoul', die me deed denken aan The Supremes en aan recentere groepen als The Come Ons en Shannon and Thee Clams, bij momenten best gehoord worden. Nathalia Pizarro bleek een geboren frontvrouw en een lust voor het oog, dit toch wat in tegenstelling met de tweede zangeres, van wie ik nooit achterhaalde of haar houterige bewegingen een poging tot dansen waren. Het zestal creëerde een mooie sixties-sound waarin het orgel van Henry Beckwith naar het einde toe steeds prominenter aanwezig werd. Toch bleef de motor wat sputteren en daarvoor zag ik twee redenen. Nathalia Pizarro zat wat door haar stem (dit soort muziek staat of valt met de stem) en het gapende zwarte gat voor het podium (alle, nochtans reeds talrijke, aanwezigen hadden zich helemaal achteraan teruggetrokken).

Maar met Left Lane Cruiser (Fort Wayne, Indiana) vond iedereen plots wel de weg naar het podium en het duo zette er dan ook meteen de beuk in met een Hound Dog Taylor-song. Meteen gevolgd door het drieste "Mr Johnson", een song die ze zelden live spelen maar hier openbarste als een etterbuil. Derde nummer was het wat tragere maar niet minder fantastische "Cheyenne" en met dit magische openingstrio kon mijn avond alvast niet meer stuk.
Freddie J IV bracht zijn ‘blues’ (met duidelijke punk- en zelfs hardrockinvloeden) heel verbeten en op een ziedende slidegitaar. Daarbij werd hij in het gareel gehouden door een strak meppende Brenn "Sausage Paw" Beck, die een enkele keer ook zijn washboard bovenhaalde. Maar het waren dus vooral de aftandse gitaren van Freddie die indrukwekkend klonken.
Eén probleem : alle drie hadden ze hun beste tijd gehad en moesten ze voortdurend gestemd worden. Dat haalde uiteraard de vaart wat uit de set maar de man beloofde dat hij zich voor een volgende keer een set nieuwe gitaren ging aan aanschaffen. ‘Wat te veel covers’ hoorde ik ook iemand kritisch wezen. Tja, driemaal RL Burnside kan misschien veel zijn maar wanneer hij een vermufte dinosauriër als Ted Nugent (Stranglehold) leven weet in te blazen, dan doe ik daar mijn hoed voor af.En wat ze deden met ZZ Top's "Thunderbird" was ook lovenswaardig terwijl ze met Leadbelly's " Black Betty" toch één hit speelden. Mij hoor je dus niet klagen, temeer daar ze met "Black lung" en "Represent", helemaal op het einde, mijn rijtje favoriete Left Lane Cruiser nummers compleet maakten.
Maar het beste van de avond was, net als in Brussel, een totaal nieuwe song, waarvan ik u de titel schuldig moet blijven. Na anderhalf uur labeur sprong Freddie J IV uiteindelijk van het podium om zijn publiek uitgebreid te gaan knuffelen.

Left Lane Cruiser was weer eens indrukwekkend en achteraf vernam ik nog heuglijk nieuws : The Painkillers, het monsterverbond tussen Left Lane Cruiser, James Leg (Black Diamond Heavies) en Jim Diamond (ex Dirtbombs) komen samen met Marc 'Porkchop' Holder (ipv Harmonica Sham) volgende zomer naar Binic!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/left-lane-cruiser-5-10-2012/

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Left Lane Cruiser

Left Lane Cruiser: rauw en intens!

Geschreven door

Was er dan werkelijk niemand onder de concertorganisatoren geïnteresseerd in Left Lane Cruiser (Fort Wayne, Indiana) waardoor het duo uiteindelijk in JH 'T Schipke in Lauwe belandde? Niet meteen de meest geschikte locatie, ook al omdat zanger-gitarist Freddy J IV zijn set al zittend afwerkt, waar slechts enkele gelukkigen iets konden zien.

Even vreesde ik dat de magie van vorig jaar verdwenen was toen Left Lane Cruiser zó voorspelbaar begon met een nogal makke versie van Muddy Waters' "Rollin' and tumblin' ". Toen na het tweede nummer ook nog eens technische problemen opdoken groeide die vrees nog, maar eenmaal die panne verholpen begon het concert pas echt. Met een stem die stilaan Beefheart-dimensies begint te krijgen gromde Freddy zich door een bijzonder lekkere pot "high voltage" blues. Als een bezetene geselde hij zijn snaren (veel slide) en met drummer Brenn "Sausage Paw" Back (ook op mondharmonica, washboard en koebellen) produceerde hij een muur van geluid waarbij ik me meerdere keren afvroeg of er soms niet stiekem een derde man meespeelde. Heel wat covers passeerden de revue : een tweede maal Muddy Waters, Leadbelly (Black Betty), R.L. Burnside, Robert Johnson, Hound Dog Taylor en zelfs Elton John werd even door de mangel gehaald.
Maar uiteindelijk moesten die het allemaal afleggen voor hun eigen songs die ik toch nog een stuk hoger inschatte. Alle frustraties (ze waren per vergissing eerst naar Amiens gereden; iemand uit het publiek riep de zanger gemene verwensingen toe) werden met liters bier op een elektrificerende manier onder tafel gespeeld. Blues zoals ze hoort te klinken : rauw en intens. Na een behoorlijk lange set zag de drummer geen extra bisnummers meer zitten en besloot Freddy J IV dan maar om zelf achter de drum kit te kruipen en als een one-man-band verder te spelen. Na reeds een paar keer naar de groep verwezen te hebben volgde haast onvermijdelijk nog een AC/DC-cover (“Hells bells”) en werd er afgesloten met "Whipping post" (Allman Brothers). Zo veel stelden die laatste nummers niet meer voor maar de man had letterlijk alles gegeven en na afloop verliet hij strompelend het podium.

Dit was één van die optredens die nog dagenlang in mijn hersenpan zal nazinderen. En omdat ik hier nooit genoeg van krijg ga ik ze vrijdag nog eens zien in Amiens, hopelijk rijden ze dan niet eerst naar Lauwe.

Organisatie: JH ’t Schipke, Lauwe