Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_18
dEUS - 19/03/20...
Johan Meurisse

Johan Meurisse

donderdag 12 augustus 2010 02:00

Rhinocirrhosis EP

Even aankloppen bij onze Brusselse vrienden? Inderdaad, naast Lucy! Lucy! is er ook de ‘explosive’ rock van Bikinians, een kwartet rond de broers Lontie. Intens broeierige rock die refereert aan de directe stijl van het oude Supergrass. Ze zijn toe aan hun tweede EP ‘Rhinocirrhosis’, waarop vier songs staan die in dezelfde lijn liggen en toch even onze aandacht trekken. Alvast een leuke ontdekking, die het verdient airplay te krijgen in Vlaanderen.

De afsluitende familiedag in Dranouter kon opnieuw rekenen op heel wat belangstelling. 27000 mensen konden genieten van een afwisselende, kleurrijke programmering van pop, soul, afro en folk, waarbij Solomon Burke feat. Joss Stone een set buiten categorie speelden …

Maar er viel al een volle Kayam tent te noteren tijdens het vieruutje van het festival, want Daan, één van de meest geboekte Belgische artiesten tijdens de festivalzomer, gaf een wervelende synthpop en rootsrock setje. Sinds de cd ‘Manhay’ verscheen, vernoemd naar het Waalse dorpje, waar hij frisse lucht opsnoof om inspiratie op te doen, is hij met z’n band onophoudelijk ‘on tour’ en kreeg hij terecht 4 awards mee van de MIA’s 2009. Een ‘new face’ en ‘sound’ presenteerde hij. De band was erg goed op elkaar ingespeeld en na kleppers “Exes”, “Crawling from the wreck” en “Icon” van de laatste cd, speelde de James Dean lookalike een reeks aanstekelijke, dansbare instant klassiekers, refererend aan de eighties als “The player”, “Addicted (to love)”, “Eternity”, “Victory”, “Sweet designer drugs” en het obligate “Housewife”; de gitaren, drums en synths klonken fors door en de leden hotsten heen en weer op het podium, wat aanstekelijk werkte op de dansspieren. De hitmachine Daan was op hol geslagen. De tent stond al vroeg in de namiddag op z’n kop … Moest er nog ‘Daan’ zijn?!

Van het intieme Isbells hebben we maar een glimp kunnen zien … én ze hebben er eigenlijk zelf voor gezorgd, want wat hebben we als bezoeker en fan gevloekt op het gezelschap! De overdreven, enerverende soundcheck van ‘iets hoger’, ‘iets lager’ liep ruim 20 minuten uit, waardoor we enkel de breekbare songs “BB Chevelle”, “Without a doubt” en “Reunite” konden horen. De doorbraaksingle “As long as it takes” zal wel iets verderop gezeten hebben. Het project van Gaëtan Vandewoude is een Belgisch unicum binnen de alt.country/americana, folk en sing/songwriting en brengt een ganse ‘wave’ op gang, waaronder we ook Amatorski kunnen rekenen. Naast een instrumentarium van akoestisch ingehouden gitaren, een licht en sobere elektrische gitaar, mandoline, steelpedal, toetsen en spaarzame jambee-tics, gaat de aandacht naar het stemgenre en –timbre van zachte, zalvende, meerstemmige en hemelse vocals, aangevuld met obligate ‘oohoohs’ en ‘hoohoos’. Pareltjes van songs in een herfstig decor, dromerig en beklijvend allemaal, maar hun eigen stomme stoorzender soundcheck verbrodde het unieke sfeertje van de intimiteit … Isbells, aub, blijf je leest!

De perfecte sensuele tongkus kregen we van het Franse Nouvelle Vague die uitpakten met een keuze van bekend en minder bekend werk van ‘80’s (punk) pop en new wave classics. De coversongs hebben een zwoele, groovy ondertoon en krijgen leuke, frisse, knappe en creatieve impulsen. Het geheel klinkt bevreemdend, sensueel en romantisch, bepaald door de vocals van twee charmante zangeressen, die in navolging van de Cocorosie dames een prominente rol innemen. Met hun broeierige, fluisterende sexy stemmen en verleidelijke danspasjes kregen we een de ideale cocktailparty van ‘Was het nu ’70 of ’80’ - catalogus voorgeschoteld, waaronder “Master & servant”, “Ever fallen in love”, “The guns of Brixton”, “Dancing with myself”, “Making plans for Nigel”, “Blister in the sun” en “I just can’t get enough”. Waverocken konden we met de obscure single “Dance with me” (van Lords of the new church) en de afsluitende pakkende en opbouwende “Love will tear us apart” van Joy Division, waarbij iedereen meeklapte en het refrein meezong. Meer dan noemenswaard was de duivelse versie van Bauhaus “Bela Lugosi’s dead” en de Dead Kennedy’s klassieker “Too drunk to(o) fuck”, die veel aan de verbeelding overliet …

Minder vaart liep het bij Hope Sandoval & The Warm Inventions. De intimistische, broeierige, dreunende pop is een stijl apart. We weten onderhand wel dat Hope Sandoval niet de meest ‘happy’ muziek maakt. Na haar werk met de Mazzy Star en het gezinsleven, was ze sporadisch nog te horen als guestvocaliste; ze heeft met de nieuw geformeerde band twee platen uit, die in het verlengde liggen van haar vroegere band. Traag slepende melodieën, repeterende, dreunende tunes hebben een donkere ondertoon en bepalen samen met haar hemels dreigende stem de sfeer. Het sober ingehouden materiaal, spaarzaam begeleid, kreeg warmte door de haar bespeelde toetsen en xylo. Een beklemmend sfeertje, waarvan de dramatiek aan het hart van het publiek sloeg. Daarenboven is ze niet de meest praatlustige lady en was er de koele uitstraling en statische opstelling van de band, waardoor de finesse en subtiliteit van haar songmateriaal wat aan het publiek voorbij ging …

Een totaal ander sfeertje snoven we op bij het Congolese Staff Benda Bilili. Hun muziek zit binnen de afroworld van Congolese rumba, soukous, reggae en funk. We hadden nog niet alles gezien na Amadou & Mariam, Tinariwen en Toumani Diabéke, me dunkt, want de kern van de band, 4 polio-patiënten, zanger-gitaristen, die, alhoewel ze aan hun rolstoel gekluisterd zijn, in een funkende James Brown stijl letterlijk freewheelden op het podium, bijgestaan door een heuse ritmesectie. Intrigerende, opzwepende, dansbare nummers, ongelofelijk knap in elkaar gestoken door de afwisselende en door elkaar lopende stijlen. De vier heren ‘in a wheelchair’ zorgden voor een leuk feestje, dat niks anders dan respect afdwong van.

Peggy Sue uit Brighton … We zagen ze nog als support van Archie Bronson Outfit tijdens Les Nuits Bota 2010; ze spelen dramatiek met een rauw randje en hellen daarmee over naar de vrouwelijke songwriterpop van Feist, Cat Power en Joan as Policewoman, houden van de dromerige folkpop van Indigo Girls en Tegan & Sara en durven wel eens in de richting gaan van de ruwe bolsterrock van Sleater-Kinney en van de begindagen van PJ Harvey …. Zachte strelingen en ruwe partijen dus …

Maar niks op het ganse festivalweekend kon tippen aan de zalige muziek van Solomon Burke – Joss Stone, of beter gezegd Solomon Burke & The Soul Alive Orchestra with Joss Stone. De twee grootheden vonden elkaar en trekken voor een paar concerten op tournee. En wie erbij was keek en luisterde ernaar … Solomon Burke, een man van formaat, letterlijk en figuurlijk, preacher en ‘godfather of soul’, op zijn met goud bezette troon, werd geëscorteerd door enkele bevallige soulzangeressen en een heuse begeleidingsband, grossierde in z’n rijkelijk gevulde oeuvre, entertainde het publiek alsof hij de zondagsmis in de kerk van Dranouter aan het doen was, strooide met complimentjes en deelde roosjes uit, en … had nog een surprise achter de hand … de blanke soulzangeres Joss Stone … en dan voelde je doodgewoon de vonken spatten van een heerlijke, frisse, speelse en beheerste Motown combinatie van pop, (Memphis)soul, blues en gospel. Dit klikte zondermeer! Joss dartelde rond Burke, flirtte met het publiek en zorgde door haar charisma dat een romantische avondzon neerdaalde. De soulprinses kreeg van de Master himself ruimte om een paar eigen nummers te zingen als “Tell me what we’re gonna do now”, een “Don’t give up on me” - duet en een ‘jamming version’ van “Super duper love”. Bloemetjes en bijtjes waren er in overvloed op covers “Wonderful world”, “Rolling on a river” en “Everybody needs somebody to love”. Tot slot was er nog een medley rond “The saints go marching in”. Hier ontbrak enkel die The Wedding Chapel nog … Verbluffende gig!

Het kroonstuk van het festival moesten de folkrockpunkers van het eerste uur, The Pogues feat shane MacGowan zijn. The Pogues waren één van de bepalende bands, die de folk medio de jaren ’80 een vooraanstaande plaats gaven in de poprock. ‘Rum, Sodomy & The Lash’, ‘If I should fall from grace with God’ en ‘Hell’s ditch’ waren drie puike platen van het Londense collectief. Creatieve spil Shane kon met z’n doorleefde, grauwe, melancholische Engelse dialectvocals de songs elan geven. Maar door de overmatige ‘streams of whiskey’ en cocktails slaagde hij er met de jaren onvoldoende in nog een oerdegelijke set af te leveren en te beëindigen. Op die manier ontstonden mythes rond de ladderzatte figuur van … A. komt hij nog af en B. haalt hij de eindmeet in de set. Nu, hij slaagde vanavond in beiden, maar nuchter zullen we hem wel nooit op het podium zien.
Ze speelden een ‘Best of’, waar de klemtoon natuurlijk kwam op de zwierige en speelse folkpop, en waarbij Shane op en van het podium strompelde, als een Lanegan zich vastklampte aan z’n microstatief, af en toe nipte aan een glas (gin), wat brabbelde tot z’n publiek en zo goed mogelijk probeerde de nummers tekstvast te zingen. De toon werd gezet door ”Streams of whiskey”, “If I should fall from grace with God” en “Broad Majestic Shannon”. De banjo, accordeon en tin whistle gaven kleur. De band speelde strak, wat mogelijk maakte dat Shane niet uit z’n rol viel. Verder hoorden we alvast fijne versies van “Kitty”, “Sunnyside of the street”, “Thousands are sailing”, een rockende “Tuesday mornings” (vocaal door Spider Stacey (?)) en een aangrijpende “Rainy night in Soho”. Er zaten een paar mindere momenten in, die Shane ook meesleurden. “Dirty old town”, “Sickbed of Cuchulainn” en de feestelijke afsluiter “Fiesta!” waren goed geprogrammeerd om de zwakkere plekken op te vangen.
De succesvolle Dranoutereditie kon besloten worden door de drinkemansliederen van een matig tot goede de Pogues. Prosit! CU Next Year!

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Festival Dranouter, Dranouter

Het lijkt erop dat Dranouter een vierdaags festival is geworden , want op de vooravond was de grote Kayam tent al meteen gevuld om onze Belgische artiesten Absynthe Minded en Gorki aan het werk te zien. 15000 bezoekers noteerde de organisatie. In het festivaltafereel van Dranouter vergeten we de komiek/mentalist Gili (bekend van De Laatste Show) niet. Hij vervangt Friedl’ Lesage, die jaren aan een stuk de optredende groepen aan elkaar praatte. Kort, krachtig, nuchter en ludiek trok hij de aandacht en kondigde hij de artiesten aan, met een vleugje zelfrelativering. De aftrap van het Festival Dranouter is gegeven, die naast de naamsverandering een frisse popwind inslaat, met oog voor (familie) tradities en nieuwigheden (Low Impact Zone, Jesus Miracle Lab, Wedding Chapel, Radio Dranouter live, zweefmolens, theatervoorstellingen, enz …) ,die het festival warmer en aparter maken van de andere grote festivals.

Prédag 5 augustus 2010
James Walsch, spil van Starsailor, mocht na de Australisch sfeervolle indiepop van Expatriate definitief het festival voor geopend verklaren. Hij last een sabbatjaar in en is momenteel op solopad, waarbij hij een duik nam in de vier Starsailor platen, stilstond bij het onovertroffen debuut ‘Love is here’ en een tipje van de sluier liet horen van komend werk. Hij eigende zich een plaatsje toe naast Coldplay, Travis, Elbow, Keane, Air Traffic en het oude Muse. De songs werden bepaald door akoestische gitaar, waarbij de snaren krachtig tokkelden. Alsof Luka Bloom achter de Britse sing/songwriter stond. “Silence is easy” en “Alcoholic” vatten de set aan en werden sober, elegant en emotievol op toetsen gespeeld. Hij wisselde het af met ingetogen, ingehouden songs als “Poor misguided fools”, “Lullaby“ en “The good souls” die middenin en op het eind van het nummer het begeesterende gitaarspel van Walsch benadrukten en zelfs een elektrische swing kregen. “Tell me it’s not over” was directer en toonde de rockkant van Walsch. Het refrein van “4 to the floor” werd luidkeels meegezongen en een paar nieuwe songs hield hij uiterst intiem en innemend. Danig waren we onder de indruk van het duet “In that way”met de Vlaamse artiest van Andes, die het Nederlands perfect op de Engelse vocals van Walsch inpaste. Chique! Meteen het hoogte punt van de set …
Walsch bevestigde als rasecht muzikant en performer; moeiteloos palmde hij z’n publiek in; hij boeide solo enorm en de sober gehouden songs overtuigden!

Abstynthe Minded is ‘hot’ en vanavond was hier het meeste volk voor gekomen. De band rond Bert Ostyn heeft al vier platen uit en is nimmer zo populair als nu. Dik verdiend, want ze leverden één van de beste platen af vorig jaar; de warme, sfeervolle en speelse sound en de gevarieerde aanpak van gevoelige, frisse pop en rootsrock met jazzy-, blues-, swing en Balkan capriolen, gedragen door Ostyns emotievolle melancholische stem, slaan aan.
De band was in topvorm. Begrijpelijk want na de talrijke clubconcerten en hun programmaring op bijna elk festival zorgden voor een goed (af)getrainde, ge-oliede band die hun songs een stevig rockkleedje toestopte, zonder aan emotionaliteit, muzikale subtiliteit, veelzijdigheid en grilligheid in te boeten. Ze grossierden in hun oeuvre. Schitterend hoe de (huidige) singles als “Moodswing baby”, “Papillon”, “Envoi” en “Plane song”de stevige scheut verdroegen en sterk onthaald werden. Of hoe het bezwerende geluid, de Oost-Europese invloeden, de contrabas, viool- en toetsenpartijen en de verrassende wendingen intrigeerden van een “There is nothing”, “People of the pavement”, “Stuck in reverse”, “Dead on my feet” en “I am a fan”. Stevig rockten “Mercury”, Weekend in Bombay” en “Substitute” en op het eind konden we niet omheen de classic “My heroics, part one”. Duidelijk is dat ze nog meer zieltjes hebben gewonnen. Wie nu nog twijfelt omtrent de muzikale kwaliteit van de band …

Tot slot gaf Luc de Vos met Gorki in Dranouter het enige optreden van het jaar. Ook hij kan al terugblikken op een lange carrière en spreekt de kleine, de tiener, de rijpere jeugd en de ouderdomsdekens aan met z’n eenvoudige, mooie meeslepende, broeierige Vlaamstalige gitaarpoprock. Ook hij wist handig in te spelen op het nieuwe Dranouter concept en wou de folktraditie niet aan zich voorbij laten gaan .. .Samen met 2 volleerde accordeonisten, Wim en Didier, kreeg “Billy lag te slapen” en “Beste Bill” de juiste folky injectie, swing en emotie. Eén voor één kwamen de eigen bandleden op het podium om “Beste Bill” verder te zetten in de gekende Gorkipop vs hoempapa. Het gaf de song nogal wat identiteit! Ook middenin de set op “Hij leeft” en “Monstertje”, werkte deze formule aanstekelijk. Voor de rest hoorden we het broeierige, meeslepende materiaal zoals we van Gorki gewend zijn de laatste jaren met “Schaduw in de schemering”, “Joeri”, “Ik doe mee”, “Xtc” en “Stotteraars aller landen” onder de luchtige, vrolijke, melancholische tonen en Devos’stokpaardjes “Sexy bitches” en “Yeah baby”. Het laatste half uur kon de tent volledig uit z’n dak gaan met meezingers van het eerste uur “Anja”, “Lieve kleine piranha”, “Soms vraagt een mens zich af” en het leuke “Veronica komt naar je toe”. Een uitgesponnen, uit volle borst meegezongen, intieme “Mia” (na al die jaren nog steeds beklemmend door het pakkende pianospel) mocht de succesvolle, officiële eerste festivalavond besluiten. ‘Rock’n’roll rules’ volgens de regels en de kunst van Devos … Nog tem in het voorjaar van 2011 zien we hem op solopad …

Ondertussen konden we nog lekker uitwaaien op de de beats’n’pieces van de DJ’s Desperado en Buscemi die de Palace omtoverden in een danstent en de Biertent van de vroegere dagen deed herleven …

Organisatie: Festival Dranouter, Dranouter

Op dag 3 kwam de klemtoon op het rockluik. Vandaag geraakte het festival uitverkocht voor de eerste keer in z’n 36e editie. 30000 bezoekers … en daar zal het éénmalig optreden van dEUS wel voor iets tussen hebben gezeten.

De scharen waren al vlijmscherp toen Meuris het festival opende in de Kayam. Hij trok de voorbije maanden in het clubcircuit om geselecteerde songs van Noordkaap en Monza het nieuwe decennium in aangepaste, frisse, pittig versies te spelen, wat het album ‘Spectrum’ opleverde. Een ‘director’s cut’ heet dat volgens Meuris. En inderdaad, een goed op elkaar afgestemde band gaf het materiaal een stevige injectie, de toetsen klonken goed door en Meuris beleefde een nieuwe jeugd als zanger en performer. Broeierig en slepend krachtvoer speelden ze met “Panamarenko”, “Gigant”, “Druk in Leuven”, “Een heel klein beetje oorlog”, “Wat een fijne dag/het zou niet mogen zijn”en “Hoopvol”. Op “Satelliet Suzy” kon band als publiek even op adem komen. Tot slot werd Will Tura in de bloemetjes gezet met de versie van “Arme Joe” die een leuke synthtune kreeg op z’n Editors “Papillon”.

De sfeervolle, ingehouden rootsrock van Joan Wasser aka Joan as Policewoman klonk flets in de te hoog gegrepen Kayam tent. Begin volgend jaar verschijnt een nieuwe cd en daarvan kregen we enkele nummers van te horen waaronder het rustig voortkabbelende “Flash” en het heupwiegende “The magic”. Ook Public Enemy’s “She watch Channel Zero” dompelde ze onder in een laidbackversion. De songs worden bepaald door een semi –akoestische gitaar, piano/toetsen en een spaarzame drums, naast haar indringende, emotievolle stem. Maar haar innemende droompop beschikt ook over te weinig ‘jus’ na haar debuut om de aandacht van het publiek te houden. Het waren vooral de aanstekelijke en gevoelige oudjes van ‘Real life’ als “Eternal flame”, “Save me” en de titelsong van haar debuut die konden prikkelen. Het lijkt erop dat JAPW een stille dood tegemoet gaat, ondanks de enthousiaste ingesteldheid. Benieuwd dus wat die nieuwe plaat zal zijn in z’n totaliteit …

Blij dat we dan op zo’n moment Electric Celi konden zien, één van de komende bands binnen de traditionele scène in Ierland. De groep gaf het materiaal een uptempo swing door gitaar,toetsen, flutes en viool. Aangenaam, ontspannend, leuk en kleurrijk!

De Engelse sing/songwriter Tom McRae mag al tien jaar worstelen met droefgeestige songs, steeds weet hij te boeien, door de gevarieerde inbreng en de gigs al of niet met band. Op het recente ‘The alfabet of hurricane’ priemden de zonnestralen door. Eerder overtuigde hij al in het clubcircuit en ook vanavond kon hij veel meer dan JAPW het publiek houden. Hij ontpopte zich als een charismatische zanger, en ontlaadde de spanning door z’n weemoedige muziek enkele bezwerende en opzwepende stroomstoten te geven. Een sterke band ondersteunde hem. “Me and Stenton”, “End of the world news” stonden naast “I still loves you”, “A & B song” en de absolute kraker “Boy with the bubblegum”, die venijn in de staart had. Deprimerende songs die lieflijk, dromerig, aangrijpend als uitgelaten en dynamisch klonken. We kregen het allemaal. Zo zie je maar tot wat dit talent in staat was …

In afwachting dat Tindersticks kon postvatten, dwarrelde troubadour Harper Simon op de Mainstage rond. Vliegtuigproblemen gooide voor beiden roet in het eten: Tindersticks die een deel van hun materiaal miste in Zavemtem en Simon die er in de namiddag niet geraakte. Harper is nog niet zo bekend als z’n papa Paul, maar vuurde toch enkele bedwelmende akoestische gitaarliedjes op ons af. Een half uur lang konden we fijne songs horen van z’n pas verschenen debuut.

Tindersticks luidde hun reünie een paar jaar terug in met ‘The hungry saw’. ‘Falling down a mountain’ is de opvolger en Tindersticks klinkt nog als Tindersticks van in z’n eerste dagen – sfeervolle, romantische, melancholische (k)luisterpop, onder de typische ‘crooner’, raspende, zalvende stem van Stuart Stapels. De Tindersticks nummers blijven gedrenkt in smachtende soul en retro en krijgen diepgang en kleur door de toevoeging van piano, toetsen, blazers, xylo en strijkers.
Soms is de getormenteerde zielenpop wat zwaar om te dragen; we waren dus verheugd dat er zowel op plaat als live oog is voor een Cave-iaans krachtiger aanpak als op “Harmony around my table” en “Black smoke”. Spijtig genoeg hebben ze door de problemen de set moeten verkorten, waardoor de extravertie onvoldoende kon uitgespeeld worden. Een tweede kans is hen zeker gegund …

Een andere exclusiviteit op Dranouter was de programmering van dEUS. In de nieuwe optiek van het festival was het éénmalig concert dat dEUS dit jaar (buiten de ‘last instant’ in OLT Rivierenhof) alvast de kers op de taart voor de organisatie. In afwachting van de nieuwe cd die volgend jaar komt te verschijnen, zijn er een paar muzikale trainingen in Europa. Op Pukkelpop 2009 concerteerden ze nog voor 2 gigs en hoorden we al twee nieuwe nummers. Vandaag werd er 1tje toegevoegd “Second nature”, die middenin de set was en een doorsnee dEUS song was met een broeierig sfeervolle opbouw. Verder speelden ze net als Meuris een messcherpe set. Ontspannen, goedgeluimd maar uiterst beheerst en geconcentreerd ging het kwintet te werk. Sterk op elkaar ingespeeld kon elk wel z’n eigen ding doen, Janzoons op viool/xylo maar vooral op toetsen, die een meer prominente rol innamen en Mauro door z’n prikkelende gitaarwendingen en z’n raspende, schreeuwende backingvocals.
We stonden tegen elkaar gedrumd op openers “Little aritmetics die naar het einde explodeerde, een funky en dansbare “Fell of the floor, man” en een rockende “The architect”. Het gaspedaal werd met o.a. “Real sugar” en “Nothing really ends” niet steeds even fel ingedrukt. De sobere maar strakke lightshow zorgde voor bijkomende sfeerschepping. Na een snedige “Slow” en het meeslepende “Favourite game” konden we ons hartje ophalen op een uitmuntende heftige “Theme from Turnpike”. En ze hielden het tempo strak, na dit nummer met “Bad timing” en “Don’t get what you want”. Tot slot kon een uitgesponnen en afwisselende versie van “Roses” niet ontbreken om iedereen mee te krijgen. En ze hadden er zin in om de bedreven set nog meer elan te geven: een op Mauro’s lijf geschreven “Mortichair”, “Suds & soda” en een intieme “Serpentine” kon de pittige, sierlijke set definitief besluiten. Geen “Hotellounge”, maar dat hoefde ook niet meer na wat dEUS ons had voorgeschoteld. In dat jaartje toonden ze aan dat ze niet hebben stilgezeten in hun ‘Vantage Point studio’s’ …

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Festival Dranouter, Dranouter

donderdag 29 juli 2010 02:00

Soldier of love

Het Britse model Sade Adu (Afrikaanse roots, Nigeria) bracht medio de jaren ‘80 drie pakkende, smachtende laidback r&b souljazzy platen uit, ‘Diamond Life’ – ‘Promise’ – ‘Stronger than pride’. Van haar debuut onthouden we alvast volgende spraakmakende singles “Smooth operator”, “Your love is king”, “Hang on to your love” en de gekende cover “Why can’t we live together” . Verder hadden we nog “Is it a crime” en “The sweetest taboo” uit de tweede cd en tot slot “Paradise” en de titelsong “(love is) Stronger than pride”. Het daaropvolgend materiaal had weinig meer om het lijf. Invloedrijk voor haar werk waren Ray Charles, Al Green, Stevie Wonder, Aretha Franklin, Nina Simone, Billie Holiday, Dianne Warwick, Diana Ross en Grace Jones. Samen met Everything but the girl en Swing Out Sister gaf ze die souljazz een poppier gezicht …
Na tien jaar stilte komt ze met een nieuwe cd af, ‘Soldier of love’ .Even leek het er op dat ze met de titelsong nieuwe wegen zou inslaan door de trippende beats en ritmes, maar aan haar muzikale formule van heerlijk (weg)dromende en ingetogen soulpop is weinig veranderd. De eerste songs boeien nog “The moon & the sky”, “Babyfather” en “Long hard road”, er is de toevoeging van strijkers, blazers en piano, maar dan zinkt ze weg en zijn de songs een herhalingstoets, mooi maar onopvallend door de weinige varianten. Kortom de songs klinken als Sade … en niks anders …

donderdag 29 juli 2010 02:00

The Fortunate Few

Het kwintet The Fortunate Few debuteert met gevarieerde sing/songwriterpop op hun EP. De vijf songs hebben een broeierige spanning, een zwoele groove en klinken innemend als bevreemdend mysterieus … Klankkleur door de puike arrangementen. De vocals van Jan-Pieter Delcour zijn nauw verwant aan Piet Goddaer van Ozark Henry en ook de bijdrages van zus Joke hebben hun meerwaarde.
Een afwisselende EP horen we van de band; ze trekken meteen de aandacht met de ritmes en de vibes van “Marillon” en “Sudden void”, zijn sfeervoller en gevoeliger op de subtiele “Saint-Peter’s Avenue” en “Scribble” en besluiten met een relaxte, luchtige en frisse versie van Bob Marley’s “High tide, low tide” die sing/songwriting en reggae kruist …
The Fortunate Few smaakt naar meer en kan een mooie toekomst tegemoet gaan. Duimen maar …

Info http://www.myspace.com/thefortunatefewspace 

donderdag 15 juli 2010 02:00

I and Love and You

Al enkele jaren zijn de broers Scott en Seth Avett uit North Carolina bezig. Ze hadden vijf platen uit, die in Europa geen voet aan de grond kregen. Ze graven in de americana, folk, bluegrass en country en het lijkt er nu toch op dat ze een logische verderzetting vormen van The Jayhawks en The Counting Crows door de gedoseerde aanpak van hun rootsmusic. Op de nieuwe plaat, ‘I and Love and You’, btw geproduceerd door Rick Rubin, horen we de zingende broers op akoestische gitaar en banjo, halen ze er Bob Crawford bij op contrabas en een breed arsenaal aan instrumenten naast drums en percussie sieren de sound, orgel, piano harmonium, viool, cello, mandoline en tuba.
De americana van Bonnie ‘Prince’ Billy en Wilco klinken op de recente cd goed door en hun dertien sfeervolle gevarieerde midtempo songs overtuigen. Van de rootswereld van de Avett Brothers kun je niet genoeg krijgen …

donderdag 15 juli 2010 02:00

And so it is morning dew

The Bear That Wasn’t …De naam is afkomstig uit een kinderboek van Frank Tashlin. Man achter het muzikale project is de uit Genk afkomstige singer/songwriter Nils Verresen. Hij brengt aangenaam weemoedige muziek van een zelf gecreëerde sprookjeswereld, twaalf leuke (fictieve) droomverhaaltjes, gedragen door z’n zachte breekbare stem.
Op het debuut horen we lieve songwriterpop op gitaar, die soms wat breder omlijst kan zijn, vooral in de eerste helft van de plaat. Artiesten als Elliott Smith, Bon Iver, Damien Rice, Sufjan Stevens, Sparklehorse en bands van eigen bodem als The Bony King Of Nowhere en Isbells zijn niet vreemd. Zonder afbreuk aan mans invloedrijke oeuvre, speelt hij heerlijke pareltjes.
Primeur van Nils is dat hij op de fiets een tocht van 365 dagen onderneemt door België, die hem zelfs nu langs Nederland, Duitsland en Denemarken leidt. Voor de mensen die onderdak bieden, brengt hij solo op summiere wijze z’n luister/fluistersongs. Een hachelijk avontuur, dat onnoemelijk gewaardeerd wordt.

 

 

donderdag 15 juli 2010 02:00

A chorus of storytellers

The Album Leaf is duidelijk geëvolueerd van droompop ‘met complexe constructies’ naar droompop ‘met toegankelijke melodieën’. De uit San Diego afkomstige band is gecentraliseerd rond Jimmy Lavelle, hier bandleider en in een ander muzikaal leven deel uitmakend als toetsenist van The Black Heart Procession.
Het vijfde album Aa choruis of storytellers’ blijkt het meest complete album door het dromerige gitaarspel, de subtiel warme en knisperende elektronische geluidstapijten, de licht prikkelende ritmes, de rijkelijke arrangementen door de klassiek aandoende strijker en de prachtige, rustgevende soundscapes. Postrock à la Explosions in the sky en Mogwai worden toegevoegd.
De grotendeels instrumentale sound wordt door de mooie woorden en zang van Matt Resovich gekruist. Elf sfeervolle songs met erg toepasselijke songtitels als “There is a wind”, “Within dreams”, “Fallin from the sun” en “Summer fog”, die het Album Leaf geluid onderstrepen. Te koesteren, dit plaatje!

De 29ste editie van het Cactusfestival was er terug eentje om van te snoepen. Bijna 27000 bezoekers konden genieten van het brede muzikale recept in een tropisch Minnewater. ’Hear, See, Feel the world’ luidt hun credo, wat de versmelting betekent van verschillende culturen en muziek én wat de variëteit onderstreept. De formule bleef ongewijzigd: één podium, diverse stijlen van muziek, heerlijke spijzen, animatie, sfeer, gemoedelijkheid en … kindvriendelijk. Terecht werd het festival tot het beste kleine festival en het properste door OVAM gerekend. Het zal de crew van Cactus een hart onder de riem zijn …

dag 1: vrijdag 9 juli 2010

Op de eerste avond werd de taalgrens vervaagd door Ghinzu vs Absynthe Minded en was er de ingetogen pracht en emotionaliteit van Spektor vs Gray. En op lieflijke wijze opende, ondanks de groepsnaam, I Am Kloot.

Het Britse trio I Am Kloot, rond zanger/gitarist John Bramwell, al een kleine tien jaar actief, beet de spits af. Samen met een Kings Of Convenience en Turin Brakes zorgden zij voor (rockende) popsongs pur sang, ontdaan van enige franjes, binnen de new acoustic movement. Op de nieuwe cd ‘Sky at night’ kregen hun popsongs wat meer diepgang door orgel en strijkers, zonder echt over te hellen naar bombast.
We hielden een goed gevoel aan de set over, want het trio speelde een afwisselende set van ingetogen pracht en wat meer uptempo materiaal, live met een rauwer randje. Bramwell’s vocals konden in whiskey gedrenkt zijn of hij zong letterlijk de kikker uit z’n keel en kon hoog uithalen.
Optimaal genot voor de liefhebbers van het genre, dat nog meer in een overdekte Cactus Club (MaZ) tot z’n recht komt. Voor de anderen was I Am Kloot een gezapige aanzet als ontmoeting van het 3 daags festival.

Er leeft wat in ons landje van artiesten en bands. Belangrijk is even te checken bij onze Franstalige vrienden. We hoorden al overtuigend werk van Girls In Hawaii, Showstar, The Experimental Tropic Blues Band, The Tellers, Malibu Stacy en Hollywood Porn Stars, maar Ghinzu is momenteel de meest hotte band. Vorig jaar verscheen de tweede cd ‘Mirror mirror’, een plaat vol intense broeierige gitaarrock, gevoed door elektro, bombast en kitsch. Het uitgebreide gezelschap kwam soms snedig en scherp uit de hoek. Live bouwden ze de songs heel goed op, mochten exploderen en gaven ze spannende, verrassende wendingen en springerige ritmes. Zanger John Stargasm gaf elan aan de songs en liet zich soms volledig gaan. “Cold love”, “Take it easy” en “Mother Allegra” klonken stormachtig en ijzersterk. Ghinzu lijkt over de taalgrens waarschijnlijk wel de live band bij uitstek, hier namen we alvast hun sterkte mee, ergens tussen dEUS en The Veils.

En na Ghinzu stond dan Absynthe Minded, die in Vlaanderen hoge ogen scoort. Inderdaad, Absynthe Minded van Bert Ostyn leverde vorig jaar één van de platen van het jaar af, en speelde met z’n band een gevarieerde, brede setlist van gevoelige, frisse pop en rootsrock met jazzy-, blues-, swing en balkan capriolen. Een warme, sfeervolle en speelse sound, gedragen door Ostyns emotievolle melancholische stem. Hier was vanavond het meeste volk voor gekomen. De popsongs “Plane song”, “Moodswing baby”, “Substitute”, “My heroics pt one”, “Papillon” en “Envoi” zaten mooi verdeeld. “People of the pavement”, “I am a fan” en de live niet te ontbreken krachtige en felle “Stuck in reverse” onderstreepten de muzikale veelzijdigheid en diversiteit van grillige verwevenheden. Absynthe Minded is een ‘must to see’ en komt dit jaar op praktisch elk festival om nog meer zieltjes in te palmen…

Het zat Regina Spektor niet mee vanavond. Ze had trouwens een zware dobber te verwerken, want een paar dagen voordien was cellist & goede vriend van de band Daniel Cho overleden. Vóór het optreden op het Zwitserse Montreux festival is hij ’s namiddags in het Meer van Genève verdronken. Prevelend vertelde ze wat er was gebeurd en barstte ze in tranen uit. Maar het publiek verderop de PA wist écht niet wat er was gebeurd en dacht dat de sober gehouden songs haar zo intens raakten.
Terecht werd tav de passage op Rock Werchter vorig jaar, toen ze haar materiaal een rauw, rudimentair tintje gaf, plaats gemaakt voor ingetogenheid en intimiteit. Spektor speelde geen single materiaal, maar de favoriete pianosongs, lichtelijk en spaarzaam begeleid, van haar bandlid. Op het podium stond z’n cello opgesteld. Allemaal aangrijpend dus en soms huilend achter de piano probeerde ze zo goed mogelijk het eerbetoon te spelen. Het warme onthaal hield de moed erin en onderstreepte de schoonheid … bangelijk sober, maar full respect …

In februari ll was David Gray met z’n band nog te zien in de AB en trakteerde op een vroege Valentijn. Dat is dan ook het recept van Gray: mooi uitgekiende, subtiele, fijne melodieën, die door het gitaarspel, toetsen en piano kleur krijgen, gedragen door z’n warme stem. Live kregen ze een ietwat strakker rockmaatje en bombast aangekleed. “Fugitive”, “Now & always” en “This years love” klonken bijzonder goed, maar door het feit dat Gray zich sterk concentreerde op z’n popsongs en de perfectie wenste te benaderen, bleef interactie uit en bleven we bij deze closing act wat op onze honger zitten. “Babylon”, “Morning of my life” en het prachtige “Please forgive me” zorgden ervoor dat hij zich even liet gaan …Geen gebrek aan professionaliteit, maar de muzikale verleidingen op het eind mochten meer om de ‘perfecte’ afsluiter te zijn op de eerste festivaldag!

Organisatie: Cactus Club, Brugge

Pagina 281 van 339