logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
avatar_ab_05
CD Reviews

The Dead Weather

Sea Of Cowards

Geschreven door

Je mag van Jack White denken wat je wil maar de man is een bezig bijtje want deze ‘Sea Of Cowards’ is ondertussen de tweede cd van zijn derde groep (naast White Stripes en The Raconteurs) geworden. Naast White vind je er ook schoon volk als Jack Lawrence (The Raconteurs), Dean Fertitia (Queens Of The Stone Age) en Alison Mosshart (The Kills). Met zulke line-up heb je alle redenen om terecht te kunnen spreken van een supergroep maar in plaats van de luisteraar te overdonderen met een over geproduceerde plaat krijg je hier wat je best kan omschrijven als een lekker vuil garagerockplaatje dat zijn ziel ontleed heeft aan de psychedelische rock van de jaren ’60.
Alle nummers klinken spontaan en stralen een sfeer uit die je tegenwoordig enkel nog terug vindt bij groepen als Grinderman en natuurlijk Jon Spencer Blues Explosion, of in een ietsje verder verleden The Make Up. Deze prachtplaat werd uitgebracht op Jack White’s eigen label Third Man Records en ondanks het feit dat je hier met leden zit van vier verschillende megagroepen is er geen enkel nummer op deze cd die ook maar een beetje refereert naar deze bands.  
Het is overduidelijk dat deze groep zich liet inspireren door groepen als Jefferson Airplane, MC5 of zelfs The Doors maar door rauw, vies en vooral vitaal te klinken is deze plaat één van de betere aanraders van deze maand.

Paul Weller

Wake up the nation

Geschreven door

Weller, een klasbak van alle tijden en stijlen, heeft nog maar eens een puike plaat afgeleverd in de goeie ouwe traditie van wijlen The Jam, althans wat de duur van de nummers betreft, die zijn kort en spits. Niet dat we daarom het geluid van The Jam moeten verwachten -ook al mag bassist Bruxe Foxton een keertje meedoen op het fijne rockertje “Fast car, slow traffic”-, het is gewoon terug zo een typische Weller plaat die verschillende richtingen uit gaat maar nergens de weg kwijtraakt.
Veel variatie en verscheidenheid dus op dit album. Er is splijtende rock in “Moonshine”, knappe soul in “No tears left to cry” (waarin Weller wel heel dicht bij de betreurde Willy Deville aanleunt), onvervalste seventies funk in “Find the torch, burn the plans” (pure Curtis Mayfield), psychedelica in “7 & 3 is the strikers name” en stevige punkpop in “Two fat ladies”. In het buitenbeentje “Trees” zijn al die verschillende stijlen dan nog eens in één song gepropt, een mini rock-musical zeg maar (bij Pete Townshend op bezoek geweest, Paul ?).
Na de vette kluif die voorganger ’22 dreams’ toch wel was is dit alweer een boeiend en bruisend Weller album. Zo mag hij nog lang doorgaan.

Delphic

Acolyte

Geschreven door

Delphic is een beloftevolle Britse band. Ze hebben op hun debuut aanstekelijke, dromerig en soms dansbare songs klaar. In de tien nummers brengen ze popelektronica, rock, punkfunk, postpunk en ‘80’s synthpop samen, en er flitsen beelden van Pet Shop Boys, Bloc Party, Hot Chip, The Klaxons, LCD Soundsystem en Friendly Fires voor de ogen. Inderdaad, ze creëren een mooie, broeierige muzikale formule die een hoge graad van hitpotentie heeft, waaronder songs als “Doubt” en “This momentary”. Ook de drie lange tracks op de cd, “Counterpoint”, “Remain” en de instrumentale titelsong hebben een variërende, intrigerende opbouw, betoverende, bezwerende ritmes en klinken uiterst boeiend door de rijke invloedssferen. De synths en soundeffects nemen een prominente plaats in. Knap, leuk en goed is het debuutalbum.

Magnapop

Chase Park

Geschreven door

Voor de iets oudere muziekliefhebber doet Magnapop ongetwijfeld een fijn belletje rinkelen. De band rond zangers Linda Hopper en gitariste Ruthie Morris bestaat al sinds begin jaren negentig. De band uit Atlanta won eerst aan populariteit in de Benelux waarna de rest van Europa en nadien ook de VS voor de bijl gingen.
De eerste twee realeases van de band werden  geproduced door ene Michael Stipe, midden jaren negentig zou hij de band zelfs meenemen naar Europa met de ‘Monster’-tournee van zijn eigen band. Magnapop scoorde vooral met de albums ‘Magnapop’ (1992) en ‘Hot boxing’ (1994) en met de nummers “Slowly Slowly”, “Open the door” en de onvervalste klassieker “Lay it Down”.
De band kende nadien wat personeelswissels en verzeilde in de anonimiteit. In 2005 verscheen de band even terug op het toneel met het weinig succesvolle ‘Mouthfeel’.
Anno 2010 doen ze opnieuw een poging om op de voorgrond te treden en brengen ze het album ‘Chase Park’ uit. De band speelde onlangs op het nieuwe ‘Masters of Rock’-festival in Torhout en later deze maand hebben ze nog een aantal andere optredens in België en Nederland.
Het leek ons daarom de moeite om de nieuwe plaat van naderbij te bekijken. Het valt meteen op dat Magnapop na al die jaren als twee druppels op de band uit de begindagen lijkt. De stem van Linda Hopper is nog steeds dezelfde en ook het gitaarwerk van Morris is amper veranderd. De band speelt nog altijd up-tempo nummers  en staat voor pop met een klein punkrandje. Jammer genoeg zijn er op deze nieuwe cd geen nummers te vinden die ook maar een beetje in de buurt komen van de vroegere hits, geen enkel nummer komt zelfs maar even boven de middelmaat. Misschien dat nostalgische fans van het eerste uur hier iets aan zullen hebben, voor ondergetekende is dit album een zware tegenvaller.

Flying Lotus

Cosmogramma

Geschreven door

Binnen de elektronica hebben we er een nieuwe weird bij, Flying Lotus aka FlyLo alias Steven Ellison, Usa. Hij is een elektronicabricoleur, in de voetsporen van Aphex Twin, Squarepusher, Venetian Snares en Mouse On Mars. Geen hapklare songs dus, maar een ingenieus avontuurlijk en broeierig brouwsel van underground elektronica, klassiek, hiphop en dance. De muzieklagen boxen niet tegen elkaar op en gaan niet over elkaar, maar de overgangen zijn er om sfeer te creëren. Een soort ‘I can do all things princip’. We horen alvast een vlammende start van korte gejaagde, verontrustende songs en kunnen even op adem komen op “…And the world laughs with you”, een song met Thom Yorke. Hij neemt wat gas terug en de klemtoon komt op sferische stukken met spacy sounds, jazz en triphop. Een closing final horen we alvast met “Sance op the pseudo nymph” en “Table tennis”, kunststukjes door weergaloze handclaps en pingpongballs.
‘Cosmogramma’ is mans werkstuk genaamd…een nieuw elektronica wonder is opgestaan … Hou er maar rekening mee …

The Black Heart Procession

6

Geschreven door

The Black Heart Procession, de band uit San Diego rond de tandem Paul Jenkins en Tobias Nathaniel, zijn toe aan hun zesde cd, simpelweg ‘6’ genaamd. De cd hoes is sprekend met twee tegenover elkaar staande kruisen. Het weinig vrolijke gezelschap brengt muzikaal een intens pakkende, doorleefde tristesse met verhalen over dood, verderf, hel, verdoemenis, zelfmoord en drugs. Het kwintet is gegroeid uit 3 Mile Pilot ‘( btw dit jaar wordt de langverwachte reünieplaat verwacht!). De songs worden bepaald door een monotoon declamerende voordracht in een ware Cave-iaanse stijl, een dreunende gevoelige pianotune, sfeervolle toetsen, vioolpartijen, gevoelig gitaargetokkel en een zingende zaag. Ook hier grijpen binnen die sombere stemming de songs bij het nekvel en hebben ze een verslavende werking. Ondanks de zware littekens die de songs uitstralen, klinkt het geheel op de laatste plaat aantrekkelijker, breder, intenser en krachtiger. Muzikaal zijn zij duidelijk naar Cave & The Bad Seeds en Twilight Singers opgeschoven, wat een donkere intimiteit in een breder rockend concept betekent. Rootsamericana durft het zelfs te gaan, zoals op “Witching stone”, “Forget my heart” en “Suicide”.
Sfeerdragers binnen hun doom zijn dan “Wasteland”, “Heaven & hell” en “In sulu” zijn dan pareltjes door Jenkins’ klaagzang en het gitaargetokkel, de pianotune en de zingende zaag, die zorgen voor de subtiliteit en klankkleur.
Op ‘6’ komt de band er alvast beter uit dan op vorige platen …

Bear In Heaven

Beast rest forth mouth

Geschreven door

Tja, die psyche roch heeft toch wel iets na de muzikale uitspattingen van Animal Collective, Fuck Buttoms en Yeasayer in de voetsporen van een Flaming Lips en Spacemen 3. Of het nu wat rauwer, dynamischer, lieflijker, dromerig of avontuurlijk klinkt, verrassend blijft het wel. Bear In Heaven uit Brooklyn, NY past probleemloos in het rijtje. Ze hebben op hun doorbraakplaat ‘Beast rest forth mouth’ een boeiende, bezwerende en broeierige luistertrip klaar onder de ruimtelijk zalvende zang van Jon Philpot. Popelektronica, ijle keyboards, indiewave, krautrock en classic rock uitstapjes sieren de plaat. Het zijn niet alledaagse maar onweerstaanbare popsongs, die vernuftig in elkaar zitten en een fraaie, aanstekelijke, groovende sound hebben. We zijn onder de indruk van die pulserende, opzwepende, spannende en minimalistisch opbouwende ritmes. Per beluistering winnen de songs aan zeggingskracht. “Wholehearted mess”, “You do you”, “Lovesick teenagers”, “Dust cloud” en “Casual goodkbye” tonen aan tot wat moois de band in staat is! Laat gerust je fantasie er maar op los, want deze band slaagt erin je mee te drijven in hun zweverige (synth)trips …

Balthazar

Applause (2)

Geschreven door

’Applause’, de eerste plaat van de Belgen van Balthazar is een absolute voltreffer. De band rond Maarten Devoldere en Jinte Deprez is natuurlijk ook niet de eerste de beste. Begonnen in 2004 won Balthazar  al snel Westtalent, het rockconcours van de provincie West-Vlaanderen. In 2006 stond de groep samen met The Hickey Underworld en The Black Box Revelation in de finale van Humo’s Rock Rally. Won Balthazar niet, dan kaapte ze wel mooi de publieksprijs mee. Daarna scoorde de band in diverse hitlijstjes met de eerste twee singles “This is a flirt” en “Bathroom lovin’ situations”. Balthazar speelde al diverse keren in het buitenland én op verschillende grote festivals als Dour, Marktrock en Dranouter.
Nu komen ze eindelijk met hun debuutalbum en die weet ons duidelijk te bekoren. Wie de catchy single “Fifteen Floors” ondertussen niet kent, leefde de voorbije maanden op een andere planeet: een leuk pianodeuntje, een zeer meezingbaar refrein en een dreigende bas. De hele plaat is trouwens opgebouwd rond de (groovy) basgitaar die gecombineerd wordt  met heerlijke melodielijnen en nonchalante en vaak meerstemmige zangpartijen. Op gepaste tijdstippen voegt men er nog wat vioolklanken bij en zo komt men tot elf heerlijke popnummers die stuk voor stuk zeer radiovriendelijk zijn. Hoewel de band beïnvloed is door groepen als Artic Monkeys, Das Pop, Gorillaz, The Streets heeft men onmiskenbaar een eigen geluid.
Iedere luisteraar en fan van de band zal bij het beluisteren van deze plaat zijn favoriete nummers hebben, maar als wij er enkele moeten uithalen zijn dat naast de genoemde single ook het puntige “Morning”, het tegendraadse en Millionaire-achtige “Hunger at the door” en “Blues for Rosann” waarbij de intro nogal aan Portishead doet gelijken. Ook “Throwing a ball” is een fantastisch nummer dat heel lang in je hoofd blijft hangen. Een luid applaus dus voor de debuutplaat van Balthazar!

International Hyper Rhythmique

Uncity Nation

Geschreven door

Bij vele Franse indiepopgroepjes heb je na het beluisteren nogal vaak het ‘net niet’-gevoel en dat is grotendeels te wijten aan het feit dat de Fransen zich wel eens durven bezondigen aan het zich blind staren op buitenlandse kopieën wat hun vaak niet meer maakt dan een flauw afkooksel.
Deze nieuwe band International Hyper Rhytmique zijn echter een uitzondering op de regel en dat merk je meteen al bij de eerste tonen van hun debuutcd, gewoonweg omdat het veel origineler  is dan de rest ook al hebben ze goed begrepen dat shoegaze weer in is. Dit trio kan je ook omschrijven als het familiebedrijf Martial-Guilhem want die zijn broers en zussen (we kunnen moeilijk geloven dat je niet ontroerd zal geraken door de vrouwelijke zang van Laurence) en het is duidelijk dat deze drie perfect op elkaar ingespeeld zijn, ook al lijkt deze plaat soms een beetje op een zoektocht naar welk geluid nu het best bij hun past.
Zo is “Six AM” niet ver af van een poppy Magnapop terwijl een nummer als pakweg “Carry Out” verwijst naar Mazzy Star of is “Fucked Up” iets als Granddaddy met vrouwelijke vocals (en dus geniaal prachtig).
We kunnen inderdaad over ieder nummer wel iets anders schrijven en dat maakt het misschien bij momenten een beetje een onsamenhangend geheel maar het is beslist een groepje die wat aandacht verdient. Volgens de laatste webberichten zou dit Frans trio weldra in de States spelen, als ze dus ooit groot zullen worden dan weet u meteen waar u het eerst over ze gelezen hebt …

The City

The City

Geschreven door

De Antwerpse zwaar getatoeëerde rockers van The City komen met een pittig album op de proppen. We horen vooral Guns ‘n’ Roses, maar de meligheid van die band hebben ze gelukkig niet overgenomen. In plaats daarvan heeft The City wat rauwe punk opgenomen in hun sound, en dat levert knappe brokken punkrock op als “Hate to love you”  en “Ghostship”.
Echt origineel is het allemaal niet, maar de band produceert overtuigend een vettig en stomend hard rock geluid met een punky edge. Pretentieloze straight edge rock, zeg maar. Het klinkt alleszins lekker.

Check op www.myspace.com/thecity13 of
www.faktorecords.be

Pagina 336 van 396